Advies afwijzing opheffen geheimhouding (geanonimiseerd)
Tekst van het document
rÀ
harderwijk
gemeente
ES
AN
Zeewolde
Geschil Het op 7 augustus 2024 ingekomen bezwaarschrift gericht tegen het besluit besloten om een verzoek tot opheffing van geheimhouding af te wijzen.
Zaaknr.
99990000041984
Documentnr. Hoorzitting
99990000212034 31 december
Bezwaarde
waarbij
is
2024
(geanonimiseerd) nn
Bestuursorgaan Advies
2 mei 2024
van
uitgebracht
|
door
De
gemeenteraad
De
heer
mr.
drs. H. Maaijen
De
heer
mr.
J.F. Penning
Mevrouw
van
Ermelo
de Vries
B. Nota
Advies bezwaarschriftencommissie Inleiding Op 19 december 2023 heeft bezwaarde van
2 mei 2024 heeft de
van
gemeenteraad
een
verzoek
van
Ermelo
ingediend tot opheffing van geheimhouding. Bij brief (verder: de raad) besloten het verzoek af te wijzen. Bij e-
7 augustus 2024 heeft de raad hiertegen bezwaarschrift ontvangen 2024 heeft bezwaarde het bezwaarschrift aangevuld.
bezwaarde.
van
Per e-mail
2
van
september
Ontvankelijkheid Het bezwaarschrift is tijdig
ingediend
en
voldoet ook
voor
het overige
aan
de
ontvankelijkheidsvereisten.
Hoorzitting Het bezwaarschrift is door de commissie verschenen.
De
raad heeft zich laten
Vissers. Van de voren
is
ter
zitting
vertegenwoordigen
behandeld
door
e
van
31
oktober 2024,
mevrouw
hoorzitting geluidsopname gemaakt. Hetgeen gebracht, is betrokken bij dit advies.
Gronden
is een
van
mr.
LE.
door partijen
waar
bezwaarde is
Duuren
tijdens
de
mevrouw
J.L.
hoorzitting
naar
en
bezwaar
_Bezwaarde vraagt zich af of de documenten
plaats
van
onder de
reikwijdte van
de gemeentewet
Er ontbreekt
e
_Bezwaarde
e
_Bezwaarde
betwijfelt of weigeringsgronden juist zijn toegepast.
document
vallen in
onder de Wet open overheid;
inventarisatielijst waarop per document is aangegeven openbaar gemaakt kan worden; betwijfelt of een goede belangenafweging is gemaakt;
©
van
een
waarom
dat
specifieke
niet
Relevante
bepalingen
Artikel 5.1
van
de Wet
wet-
Artikel 5.2
van
de Woo
Artikel 8.8
van
de Woo
Artikel 87
van
de Gemeentewet
en
regelgeving (Woo)
open overheid
Pagina 1/4 Zaaknummer 99990000041984 / 99990000212034
Meerinzicht >/
Sj
{
/
Artikel 89 van de Gemeentewet Overwegingen De commissie staat voor de vraag of het besluit tot het weigeren van een verzoek om opheffing van geheimhouding op goede gronden is genomen. ,
,
Bevoegdheid van de raad De commissie stelt vast dat bezwaarde op 19 december 2023 een Woo-verzoek heeft ingediend bij het college. Bezwaarde heeft hiermee verzocht om de informatie waarop het college bij besluit van 12 december 2023 geheimhouding heeft opgelegd openbaar te maken. Het college heeft bezwaarde op 8 januari 2024 geïnformeerd dat het Woo-verzoek opgevat wordt als een verzoek om de geheimhouding op te heffen. Bezwaarde heeft gesteld niet zeker te zijn van het feit dat de Gemeentewet van toepassing is in plaats van de Woo. De commissie overweegt met betrekking tot deze bezwaargrond het volgende. In artikel 8. 8 van de Woo gelezen in samenhang met bijbehorende bijlage is bepaald dat onder andere artikel 4. 1 van de Woo (de grondslag voor het indienen van een Woo-verzoek) niet van toepassing is op informatie waarop geheimhouding op grond van de Gemeentewet is gelegd. Het is vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (verder: de Afdeling) dat een Woo-verzoek met betrekking tot geheime documenten moet worden opgevat als een verzoek om opheffing van die geheimhouding (zie bijvoorbeeld de uitspraak van 15 oktober 2024 ECLI:NL:RBGEL:2024:6965). De commissie concludeert dan ook dat het Woo-verzoek terecht als verzoek om opheffing van opgelegde geheimhouding is doorgestuurd naar de raad. ,
,
,
,
Het bestreden besluit De commissie stelt verder vast dat verzoek gericht is op alle documenten waarop geheimhouding is opgelegd. Concreet gaat het om een samenvoegbestand van concepten en e-mails inzake de letter on intent met Tomassen Duck-To B. V. waarop gelet op het belang van het goed functioneren van de gemeente geheimhouding is opgelegd. Daarnaast gaat het om een overzicht van data van gesprekken tussen de gemeente en Tomassen Duck-To B. V. en de namen van aanwezigen waarop gelet op het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer geheimhouding is opgelegd. Met het bestreden besluit van 2 mei 2024 is opheffing van de opgelegde geheimhouding geweigerd. De data waarop de gesprekken inzake de letter of intent hebben plaatsgevonden heeft de raad wel openbaar gemaakt. Beoordeling bezwaargronden Bezwaarde heeft gesteld dat de raad een inventarisatielijst had moeten maken van de documenten waarvoor opheffing van geheimhouding geweigerd is. Verder ontbreekt ook een motivering per afzonderlijk document. De commissie overweegt dat het vervaardigen van een inventarisatielijst in het kader van de Woo maar ook de Gemeentewet niet verplicht is. De commissie is echter van mening dat een inventarisatie met daarin per afzonderlijk document een aangegeven weigeringsgrond bij kan dragen aan een duidelijke motivering.
De commissie overweegt dat de systematiek van de Woo die ook geldt als het gaat om het opleggen van geheimhouding in het algemeen een belangenafweging op documentniveau vergt waarbij de term “voor zover” in de aanhef van artikel 5.1 tweede lid van de Woo betekent dat binnen een document moet worden beoordeeld in hoeverre de uitzonderingsgronden aan de orde zijn (zie de uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 21 oktober 2024 ECLI:NL:RBGEL:2024:6965). Hoewel de raad met het bestreden besluit per type document (e-mails concepten van de letter of intent en het overzicht van namen en data) heeft gemotiveerd waarom geheimhouding niet opgeheven kan worden constateert de commissie dat een motivering op documentniveau ontbreekt. Dit gebrek dient in de beslissing op bezwaar te worden hersteld waarbij de commissie opmerkt dat het opmaken van een inventarisatielijst ondersteunend kan zijn voor een zorgvuldige motivering. ,
,
,
,
,
,
,
,
De commissie overweegt met betrekking tot de door de raad naar voren gebrachte weigeringsgronden het volgende. De raad heeft ten eerste gesteld dat de concepten van de intentieverklaring niet openbaar gemaakt kunnen worden omdat openbaarmaking zou leiden tot een situatie die niet werkbaar is omdat betrokken ambtenaren en adviseurs niet vrij hun argumenten en standpunten naar voren zullen brengen
Pagina 2/4 Zaaknummer 99990000041984 / 99990000212034
(artikel 5.1 tweede lid onder i van de Woo). De commissie overweegt dat ambtelijke adviezen en ook argumenten van externe partijen relevant zijn in een besluitvormingsproces. Openbaarheid van deze argumenten en standpunten dragen bij aan een transparant besluitvormingsproces. Het is begrijpelijk dat betrokken personen de vrijheid moeten hebben om hun persoonlijke opvattingen over een kwestie te kunnen delen zonder bang te hoeven zijn hierop in de openbaarheid aangesproken te worden. De commissie overweegt dat artikel 5. 2 van de Woo de mogelijkheid biedt om informatie over persoonlijke beleidsopvattingen niet te delen op het moment dat deze opvattingen herleidbaar zijn naar betrokken personen. De informatie kan wel worden verstrekt in niet tot personen herleidbare vorm. De commissie merkt op dat de motivering van de raad passend is bij de weigeringsgrond van artikel 5. 2 van de Woo maar dat dit artikel niet ten grondslag gelegd kan worden aan het opleggen van geheimhouding of het weigeren van opheffing daarvan. Artikel 5.1 tweede lid onder i van de Woo kan naar het oordeel van de commissie niet als alternatief worden gebruikt. ,
,
,
,
De commissie stelt verder vast dat de raad deze weigeringsgrond ook van toepassing acht op de e-mails inzake de intentieverklaring. De raad stelt dat de correspondentie tussen partijen verondersteld werd vertrouwelijk te zijn. Met die wetenschap is vrijelijk gecommuniceerd. Het is volgens de raad niet werkbaar als deze communicatie openbaar gemaakt wordt. Bedrijven zullen in de toekomst (te) terughoudend zijn om vrijelijk te communiceren met de gemeente. Dit belemmert het goed functioneren hiervan. De commissie volgt deze algemene motivering niet. Ondanks het vertrouwelijke karakter is naar de mening van de commissie niet voldoende gemotiveerd waarom de volledige communicatie met het betreffende bedrijf niet openbaar gemaakt kan worden ongeacht wat er precies in specifieke e-mails staat. De commissie overweegt in dit geval echter ook dat de informatie waarom het gaat betrekking heeft op een langslepende kwestie die ingewikkeld en gevoelig is. Dit gegeven is door de raad naar voren gebracht maar is de commissie ambtshalve ook bekend. De geheime informatie heeft betrekking op correspondentie over en concepten van een intentieverklaring. De gemeente en de betrokken partij proberen hiermee stappen te zetten naar een oplossing in de langlopende kwestie.
Naar het oordeel van de commissie kan deze specifieke situatie rechtvaardigen om in de aanloop naar besluitvorming minder transparantie te geven dan in het algemeen van de gemeente verwacht kan worden. De verhandelde informatie tezamen met de gevoeligheid van het dossier kan namelijk het onderhandel- en besluitvormingsproces frustreren indien dit proces in de openbaarheid plaatsvindt. De commissie is echter van mening dat de weigeringsgrond van artikel 5.1 tweede lid onder i van de Woo met een dergelijke motivering slechts van toepassing kan zijn op de concepten van de intentieverklaring en de mailwisselingen voor zover het informatie betreft die gevoelig is in het kader van het onderhandel- en besluitvormingsproces. Zoals eerder overwogen dient dit op documentniveau te worden gemotiveerd. ,
,
,
,
,
,
,
Tot slot heeft de raad gemotiveerd dat gelet op artikel 5.1 tweede lid onder e van de Woo geheimhouding is opgelegd op het overzicht van data van de gesprekken tussen de gemeente en Tomassen Duck-To B. V. en de namen van de aanwezigen. De raad heeft opheffing van de geheimhouding geweigerd ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van externen en ambtenaren die uit hoofde van hun functie niet naar buiten treden. De commissie overweegt dat voor zover het document namen bevat van personen die wel uit hoofde van hun functie in de openbaarheid treden niet gemotiveerd is waarom die namen niet met een gedeeltelijke opheffing van de geheimhouding openbaar gemaakt kunnen worden. De commissie is van mening dat dit in de beslissing op bezwaar hersteld kan worden. ,
,
Conclusie Gelet op het voorgaande is de commissie van oordeel dat het bestreden besluit nader gemotiveerd dient te worden op de in dit advies genoemde punten. Het bestreden besluit kan met de beslissing op bezwaar in stand blijven mits nader gemotiveerd wordt dat deze specifieke situatie opheffing van geheimhouding in de weg staat. Voor zover een aanvulling van de motivering daartoe aanleiding geeft adviseert het de commissie het bestreden besluit gedeeltelijk te herroepen. ,
,
Pagina 3/4 Zaaknummer 99990000041984 / 99990000212034