20240127 PUB Bijlage Pamflet molenbiotoop
Tekst van het document
Stop de achteruitgang van de omgeving van molens
Zonder ingrijpen staan veel molens straks stil De Hollandsche Molen roept alle betrokkenen op zich met kracht in te zetten voor een betere omgeving van historische wind- en watermolens in Nederland. Uit onderzoek van De Hollandsche Molen blijkt dat 60% van de windmolens in ons land te maken heeft met een verslechtering van de windvang en daardoor niet of minder kunnen draaien. Dit wordt veroorzaakt door bouw van woningen en bedrijven en door te hoge Van Tienhovenmolen, Bemelen | Foto: Rob Pols
beplanting/bomen. Bij veel van de ruim 100 watermolens is de omgeving aangetast door onder andere verlaging van het waterpeil; ook hier dreigt stilstand en verval. De schrikbarende achteruitgang van de molenbiotoop is reden voor de landelijke molenvereniging om 2025 uit te roepen tot het Jaar van de Molenbiotoop. Met als centrale boodschap dat de molenbiotoop van wind- en watermolens minimaal niet verder mag verslechteren. Alle betrokkenen moeten daarin hun rol en verantwoordelijkheid nemen. Vooral gemeenten en ook waterschappen en provincies kunnen hierbij het verschil maken. Daarnaast kan de bouw- en advieswereld zorgen voor innovatieve en creatieve oplossingen. En natuurlijk rekenen we op de niet-aflatende inzet van het molenveld.
De Hollandsche Molen roept 2025 uit tot Jaar van de Molenbiotoop
Verslechtering bij windmolens Bij 60% van de windmolens is de afgelopen 10 tot 15 jaar de omgeving verslechterd, zo blijkt uit het onderzoek van De Hollandsche Molen. In 19% van de gevallen komt dat door bebouwing binnen een cirkel van 400 meter van de molen. Bij 40% van de onderzochte molens is er sprake van toenemende begroeiing. Hierdoor kunnen molens niet meer in alle windrichtingen draaien, lopen ze schade op door turbulenties en kunnen per maand minder draaidagen worden gemaakt. Ook de zichtbaarheid en de beleefbaarheid van de molen gaan hard achteruit. 76% van de molenaars en moleneigenaren verwacht de komende jaren verdere bedreigingen van de biotoop door woning- en bedrijvenbouw en toenemende begroeiing rondom de molen. Aan de molenbiotoop wordt sinds het einde van de vorige eeuw ook een zogenaamd biotoopcijfer toegekend van 1 (slecht) tot 5 (goed). Maar liefst 40% van de wind- en watermolens heeft een score van 1, 2 of 3. Dat betekent dus dat zij ernstig in hun draai- en maalcapaciteit worden belemmerd. Voor werktuigen betekent stilstand uiteindelijk verval en daarmee het einde van deze historische parels in het Nederlandse landschap.
De circa 1.200 molens in Nederland verkeren grotendeels in goede staat. Er wordt veel geld besteed aan restauratie en onderhoud. Ook hebben de meeste wind- en watermolens één of meer molenaars om ze regelmatig te laten draaien en malen. Met de derde poot van het molenbehoud – de molenbiotoop – gaat het echter steeds meer bergafwaarts. Een slechte molenbiotoop leidt tot meer stilstand, een dalende motivatie bij molenaars en uiteindelijk tot sneller verval van de onderhoudsgevoelige molen. Er dreigt een negatieve spiraal die resultaten in de afgelopen decennia weer teniet doet. Een vernietiging van menselijk en financieel kapitaal en van ons erfgoed!
‘De zichtbaarheid en de beleefbaar heid van de molen gaan hard achteruit’
Houd molens in beweging Het beste behoud van molens is ze in beweging te houden: molens moeten draaien en malen. Stilstand is verval en zonder gebruik wordt er ook niet voor de molen gezorgd. Een stilstaande molen is niet alleen minder interessant voor molenaars, maar ook voor de omwonenden en het publiek. De beleving neemt af, evenals kansen voor educatie, duurzaamheid en inzicht in de geschiedenis. Bij watermolens verliest een grotere omgeving – het watermolenlandschap – haar waarde als de molen niet meer draait. Het cultuurlandschap dat juist is ontstaan vanwege de watermolen zal dan verdwijnen en de watermolen kwijnt weg in dorp en land. Dankzij de inzet van organisaties als De Hollandsche Molen, molenaars en moleneigenaren is al het nodige
‘Dankzij de inzet van organisaties als De Hollandsche Molen, molenaars en moleneigenaren is al het nodige bereikt’
bereikt. Nieuwe bebouwing is aangepast aan de molenbiotoop, bomen zijn gekapt en struikgewas is gesnoeid. Door lobby zijn bestemmingsplannen aangepast en zogenaamde molenbeschermingszones opgenomen. Molenaars hebben erkenning gekregen door het ambacht van molenaar op Representatieve Lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid van UNESCO te plaatsen. En er bestaat inmiddels een goed onderhoudsregime voor molens.
Onvoldoende ruimtelijke bescherming Helaas is dat niet voldoende. Windmolenbiotopen verslechteren door bouwplannen voor woningen en bedrijven en groen wordt hoger en dichter. Particulieren maar ook de overheid planten nog steeds (hoge) bomen binnen de molenbiotoop en molenaars worden vaak niet als belanghebbenden bij ruimtelijke plannen gezien. De molenwereld sluit niet de ogen voor de grote maatschappelijke opgaven van woningbouw, verduurzaming en klimaatadaptatie. Met meer, vroegtijdig en beter overleg kan de molenbiotoop een belangrijkere plek krijgen in de ruimtelijke ontwikkeling van ons land en met goed nadenken van te voren, kunnen veel problemen worden voorkomen.
Erkenning van watermolens en het watermolenlandschap Watermolens en het watermolenlandschap kennen hun eigen problemen, zo blijkt uit onderzoek. Ze hebben te maken met stilstand door een te laag waterpeil, minder toevoer van water door aanleg van een vistrap, overstromingen door klimaatverandering en bedreiging van het cultuurlandschap door woningbouw. In algemene zin hebben watermolens last van gebrek aan kennis bij de overheden die beslissingen moeten nemen die het belang van de watermolens raken. Problemen met de biotoop van watermolens vragen dan ook een nog bredere aanpak dan windmolens.
Dit begint met erkenning van de watermolen als erfgoed en als monument en van het watermolenlandschap als waardevol en te behouden cultuurlandschap.
‘Problemen met de biotoop van water molens vragen een nog bredere aanpak dan windmolens.’
Venbergse Watermolen, Valkenswaard | Foto: Wim Giebels
Oproep aan bestuurders, ambtenaren en adviesbureaus Om de verslechtering van de molenbiotoop tot staan te brengen is actie nodig. In de eerste plaats door bestuurders en ambtenaren van gemeenten en daarnaast ook door adviesbureaus en ontwikkelaars. In de te maken omgevingsplannen moet en kan veel meer rekening gehouden worden met de omgeving van molens. In de Omgevingswet staan concrete handvatten.
Leg de beschermingszone vast Voor de inrichting van de omgeving van windmolens zijn diverse rekenmethodes. Binnen de eerste 100 meter rond de molen is bebouwing of beplanting ongewenst, obstakels veroorzaken hier namelijk ernstige turbulenties. Daarbuiten gelden formules, zoals de molenbiotoop-
formule van De Hollandsche Molen of de 1:100-regel. De biotoopformule geeft een eerste objectief criterium voor wat hoe hoog gebouwen en groen mogen zijn in de directe omgeving van de molen. Dit geldt voor de zogenaamde molenbeschermingszone, die vastgelegd moet worden in het omgevingsplan. De Omgevingswet verlangt van gemeenten dat ze vastleggen hoe ze met erfgoed omgaan in de ruimtelijke ordening. Specifiek wordt dan ook gewezen op de molenbiotoop. Provincies kunnen in de omgevingsverordening een instructieregel opnemen die aangeeft hoe gemeente de beschermingszone moeten regelen.
Grondzeiler Maaiveld 0 m Toegestane hoogte 16 meter 14 12 10 8
gesloten
ruw
6 4
open 2 0 400 meter
300
200
100
0 Hart van de molen
Stimuleer plannenmakers Ontwikkelaars, aannemers, stedenbouwkundigen, architecten en ook burgers en bedrijven maken plannen voor de bouw van woningen en bedrijven en planten struiken en bomen. Passend binnen de Omgevingswet is het goed als zij zo vroeg mogelijk op de hoogte zijn van de molenbiotoop zodat ze daar in hun plannen rekening mee kunnen houden. Samen werken aan plannen in een zo vroeg mogelijk stadium leidt tot draagvlak en een kwalitatief beter plan. Vaak zijn er voldoende mogelijkheden om op een slimme manier te bouwen of te planten binnen de biotoop. Molenorganisaties, moleneigenaren en molenaars weten als geen ander hoe de wind werkt en welk effect obstakels hebben. Betrek hen zo vroeg mogelijk bij ontwikkelingen, plannen en visies en stimuleer initiatiefnemers dat ook te doen.
Werk samen aan watermolens Anders dan bij windmolens – waar met de biotoopformule een enigszins eenduidige aanpak mogelijk is – is bij watermolens sprake van een specifieke problematiek die altijd vraagt om maatwerk. Er is een grote diversiteit aan landschappen waardoor geen algemeen geldende formule mogelijk is. Ook het palet aan eigenaren en
betrokkenen is diverser. Behoud én herstel van watermolens en bescherming van het watermolenlandschap vragen dan ook om een gezamenlijke aanpak. Samenwerking tussen eigenaren, overheden, water technische bureaus en landschaps beheerders is van het grootste belang. Partijen moeten daarbij gelijkwaardig om tafel zitten. Dat is bijvoorbeeld tussen moleneigenaar en waterschap nu vaak niet het geval.
Doe mee aan het Jaar van de Molenbiotoop Het Jaar van de Molenbiotoop 2025 is bij uitstek een moment waarop een gemeente per molen kan bekijken hoe het nu staat met de molenbiotoop en actie te ondernemen om verdere verslechtering van de molenbiotoop te voorkomen. Ook het verankeren van de biotoop in het omgevingsplan is van groot belang. Bestuurders en ambtenaren ruimtelijke ordening en erfgoed kunnen veel aan een betere molenbiotoop bijdragen. Maar ook raadsleden, initiatiefnemers, advies bureaus en omwonenden van de molen zijn van belang. De molenwereld – bestaande uit molenorganisaties, moleneigenaren en molenaars – kan en wil graag haar expertise daarbij inbrengen.
Koninklijke vereniging De Hollandsche Molen zet zich sinds 1923 in voor het behoud van windmolens en watermolens in Nederland.
De Hollandsche Molen Zeeburgerdijk 139 1095 AA Amsterdam (020) 623 87 03 molenbiotoop@molens.nl
Help mee onze molens te behouden Bescherm en verbeter de molenbiotoop en het watermolenlandschap!
Wat De Hollandsche Molen in 2025 doet Deze brochure die bij overheden, plannenmakers en adviseurs aandacht vraagt voor de molenbiotoop.
Een gereedschapskist met veelgestelde vragen en antwoor den, een voorbeeld bank met goede voorbeelden en aandacht voor lopende zaken.
Een standaardrichtlijn voor het toetsen van ruimtelijke plannen (gebouwen en beplanting) aan de molenbiotoop.
> Kijk op molens.nl/jaarvandemolenbiotoop of scan de QR-code hierboven.
Het molenpaspoort dat inzicht geeft in alle belangrijke en te behouden erfgoedwaarden van molens, van molen techische waarden tot immateriële waarden, zoals verhalen.