Zienswijze wijziging bestemmingsplan ARO zaaknr (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Gemeente Epe
t.a.v. Gemeenteraad gemeente Epe
Zienswijze namens ca. 70 inwoners van de gemeente Epe over wijziging bestemmingsplan “Uitbreiding parkeerterrein en nieuwbouw woning ARO” gepubliceerd in het gemeenteblad zaaknr @NDop 22-12-2023.
OE
e
264
(geanonimiseerd)
(NL IMRO. 0232. OENE005Parkeert-OBP3).
Correspondentieadres:
Inhoud
1
Zienswijze e
2.
3.
Bezwaren
Nadere uitwerking van de bezwaren ° Beleidsmatige bezwaren e Deverkeerstechnische onderbouwing e
Verkeerseffecten
e °
De landschappelijke inbedding Floraenfauna aspecten
Lijst van ondertekenaars
Zienswijze
Hierbij verzoeken wij het college van B&W en de Gemeenteraad van Epe de wijziging bestemmingsplan
“Uitbreiding parkeerterrein en nieuwbouw woning ARO” gepubliceerd in het gemeenteblad 554393 op2212-2023, af te wijzen, omdat er een onjuiste belangenafweging heeft plaatsgevonden tussen het bedrijf ARO en de omwonenden en dat de motivering van het herzieningsplan op meerdere gronden niet of onvoldoende is gemotiveerd. Bezwaren
Met deze herziening wordt de fundamentele basis van het bestemmingsplan uit 2017 geweld aangedaan aangezien, zowel in de structuurvisie Epe, als in voornoemd bestemmingsplan het uitgangspunt is: “behoud van het agrarische c.q. landelijke kerakter van dit gebied”.
Pag.1van10
Hier gaat het dan ook niet om een kleine wijziging maar om een substantiële ingreep, enkel en alleen om
de (speculatieve)groei van een groeiend bedrijfte accommoderen en te faciliteren. Uit de toelichting van de Wijziging Bestemmingsplan blijkt dat het gaat om een uitbreiding van het bedrijfsterrein van 9.785m? met ruwweg 35.900 m2. Daarnaast verwacht ARO de komende 5 jaar 60% te zullen groeien qua omzet en bezoekersaantal t.o.v. het ijkjaar 2022, gepaard gaande met ook een groei in voertuigen van 60%. Dit
overschrijdt de genormeerde capaciteit van de bestaande wegen op een aantal momenten. De gevraagde uitbreiding van het aantal parkeerplaatsen is dan ook drie en een half keer! de huidige capaciteit (van 190 naar 750 plaatsen), hetgeen niet in verhouding staat tot de huidige piekbehoefte. Hier wordt een
uitbreiding gevraagd die ver boven gespeculeerde behoefte, en met geen ander doel dan het verder kunnen groeien, op een plek die daarvoor niet geschikt is. Zie ook uw eigen Structuurvisie en Bestemmingsplan.
Deze herziening is dan ook buiten proportie en laat de omwonenden in de kou staan. Onze bezwaren worden mede ondersteund door het onderstaande:
* De motivering in de Wijziging bestemmingsplan, die de uitbreiding beschrijft (de verwachte groei voor de komende 5 jaren) wordt niet onderbouwd door de data van het CBS over de krimp in de kleding retail (CBS 2022) zoals in Wijziging Bestemmingsplan aangehaald, noch door de nietgeciteerde data van CBS over 2023. De groei is niet autonoom maar uitsluitend het gevolg van een stevig marketingbeleid van ARO; (adverteren tot in de verste uithoeken van Nederland, van Groningen/Friesland t/m de Noordoostpolder)
* De berekeningen over de te verwachten verkeersintensiteit zijn onvoldoende en onjuist, in de rapporten wordt gebruikgemaakt van verouderde gegevens en incorrecte data. Zij gaan uit van
een gelijke spreiding van het aantal voertuigen over de dag. In de praktijk blijkt dat 80-90% van het bezoek zich afspeelt tussen 10.30 uur en 1700 uur. Daardoor zal in de praktijk, bij de voorziene en speculatieve groei van het bedrijf,
een veel grotere verkeersintensiteit ontstaan, die
de doorgang in Oene en Markluiden zullen hinderen. En wordt de verwachte hinderlijke overschrijding van de wegcapaciteit, die voorzien is, veel eerder bereikt.
* Aangezien ook de geluidsbelasting gebaseerd is op verkeerde aannames, namelijk een gelijke spreiding van het verkeer over de dag en niet van reële gegevens waarin 80-90% van het verkeer zich afwikkelt tussen 20.30 uur en 17.00 uur, wordt niet zichtbaar dat de overschrijding van de geluidsbelasting sneller wordt bereikt. De conclusie uit de Aanvraag Bestemmingsplan wijziging
dat “Omdat er op jaarbasis maar een beperkt aantal piekdagen is, achten wij deze overschrijding
acceptabel, ” is hiermee incorrect. Daar de werkelijke verkeersintensiteit hoger is, dan de gemiddelde waarden tonen, wordt de overschrijding van het maximale geluidsniveau 0.3. op Houtweg 54 veel eerder bereikt. Zeker omdat daar ook de “toekomstige” uitrit vlakbij is gelegen en optrekkende auto's een hoger geluidsniveau produceren. Hierbij opgemerkt dat in de recente Aanvraag bestemmingsplan Houtweg41, IMRO -in NLÍMRO.02328G1207 Houtweg 41-OBP21 geconstateerd wordt dat; “De (te realiseren) bedrijfsgebouwen zijn geen gevoelige objecten in het
kader van de Wet geluidhinder. De nieuw te bouwen bedrijfswoning is dit echter wel. In dat kader is een akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai noodzakelijk.” Deze bedrijfswoning is op 20 m van de weg gesitueerd. Houtweg 54 0.a. staat dichterbij en zal dus ook binnen de geluidscontour van de weg een te hoge geluidsbelasting scoren, die verhoogd zal worden door toename van de Pag.2van10
verkeersintensiteit en de plaatsing van de uitrit van het parkeerterrein (85 m van Houtweg 54 straks 40m), die tot verhoogd geluidsproductie zal leiden. De in de toelichting Aanvraag
bestemmingsplan genoemde geluidsniveau waarden zijn niet ter plaatse gemeten en dus incorrect.
° De Flora en Fauna aspecten zijn onvoldoende onderzocht, dus kan van dit aspect geen oordeel van “geen bezwaar” worden afgeleid;
* De uitbreiding van het bezoek aan de winkel leidt tot overbelasting van de verkeerssituatie op piekdagen, zowel gegeven de capaciteit van de Houtweg, van de kern van Oene en in de bottleneck in Markluiden; * Uitbreiding van deze weidewinkel leidt tot verlies van kwaliteit van het winkelaanbod in
Hoofdstraat en Poort van de Veluwe, resulterend in leegstand en verpaupering van de eigen binnenstad in Epe zelf;
* De verdere uitbreiding, in combinatie met andere niet-agrarische bedrijfsactiviteiten langs de Houtweg, zet aan tot de ontwikkeling van een niet-wenselijke economische ontwikkelingsas; Structuurvisie Epe geeft niet voor niets aan dat bij uitbreiding van bedrijvigheid in het
buitengebied aansluiting wordt gezocht bij de bestaande terreinen en rekening gehouden wordt met de belangen en waarden van de omgeving. Daar is in dit geval dus geen sprake van en Ís de Wijziging Bestemmingsplan in strijd met het eigen beleid geformuleerd n 2021. © Het slopen van een woning ten behoeve van parkeergelegenheid is in tijden van woningnood verbazingwekkend. Het zou geen voorwaarde mogen zijn voor het bouwen van een woning op het terrein tegenover het huidige parkeerterrein. Dat de te slopen, te amoveren woning in slechte staat is, zou een aansporing moeten zijn, mede gegeven de daarvoor beschikbare subsidies, de woning op kwalitatief voldoende niveau te brengen. De gevraagde bestemmingswijziging van agrarisch naar bouw- dan wel bedrijventerrein op het perceel aan de Oostzijde van de
Houtweg is dan ook ongewenst en strijdig met eigen opvattingen van de gemeente.
Nadere uitwerking van de bezwaren Beleidsmatige bezwaren Het bestemmingsplan buitengebied 2017 beschrijft de ontwikkelingsmogelijkheden als volgt: o _ Het beleid voor bedrijven richt zich op het normaal verder kunnen functioneren van de
bestaande bedrijven. Dit houdt n dat er een beperkte uitbreidingsmogelijkheid wordt meegegeven.
o
De gemeente biedt voornoemde bedrijven voorts de mogelijkheid om te schakelen naar andere bedrijfsactiviteiten, mits dit niet ten koste gaat van een goed woon- en leefklimaat.
De voorgenomen herziening maakt van deze gedachte gehakt en is hier ook nadrukkelijk mee in
strijd. Hier is sprake van exceptionele groei van een bedrijf! Ten koste van omgeving en Pag.3 van 10
omwonenden! Ook is er sprake van een niet-autonome groef, maar van opzettelijk uitgelokte groei in een (landelijk)gebied waar het niet (thuis)hoort!
De uitbreiding van parkeergelegenheid gaat van 190 plaatsen nu, naar 380 (op Pz plus P2) plus 170 half verharde parkeerplaatsen (op P3). (Zie kaartje aan eind van deze zienswijze). Daarnaast kunnen er op de piekdagen nog 200 auto's extra parkeren in het grasland ten westen van P3. Totaal van 190 naar 750 plaatsen: dat is een grote ingreep in dit gebied. En veel groter om het
incidenteel (een paar dagen per jaar) optredende parkeerprobleem op te vangen. Het gaat ook om het toevoegen van ongeveer 35.g00 m?industrie grond, waarvan 20.000 m? parkeerterrein aan een bestaand industrieterrein van 20.000 m?,waarvan 3000 m? door de winkel ingenomen wordt. Zo ontstaat een terrein van ruim 45.000 m? waarvan ongeveer 37.500 m?
bebouwd of verhard is. Verstedelijking start bij verstening en staat op gespannen voet met de, ook in de Aanvraag, alom uitgesproken behoefte tot behoud van het karakter en de kwaliteit van het buitengebied.
Het gaat hier niet alleen om vergroting van het parkeerterrein: De Wijziging bestemmingsplan omvat ook het terrein aan de overkant van het huidige winkelterrein waar ruimte wordt geclaimd voor een bedrijfswoning. Het terrein wordt daarmee bedrijfsterrein. Een deel van het huidige bedrijfsterrein wordt vergroend, maar krijgt de bestemming bedrijfsterrein. De uitbreiding van het parkeergebied leidt tot verlies van de agrarische bestemming, die momenteel het gebruik als parkeerterrein terecht verbiedt.
Waarom buiten-stedelijk de groei bevorderen als behoud van het landelijk karakter voorop staat? Eris ook geen sprake van een regionale behoefte. Hier wordt bovenregionale vraag gegenereerd: niet vanuit de vraagkant, maar vanuit de aanbodkant door grootschalige advertentiecampagnes.
Aan de eis van multimodale bereikbaarheid uit "de ladder van duurzame verstedelijking ” wordt hier eveneens niet voldaan.
Een laatste bezwaar is de potentiële dreiging die een groot bedrijventerrein oplevert voor de
omgeving in de toekomst. Het ARO terrein, dat zou ontstaan door deze “Wijziging bestemmingsplan” leidt tot een terrein dat weinig kleineris dan de uitbreiding Eekterveld IV, een kleine 4 hectare en een interessant object voor verdere vestiging van mogelijke bedrijfsactiviteiten. Dat zouje niet mogelijk moeten willen maken op deze plek.
Il De verkeerstechnische onderbouwing. Het uitgangspunt van de Wijziging bestemmingsplan is een verwachte groei van 60% in 5 jaar. Inderdaad de aantallen van de hier weergegeven tabel uit de Wijziging bestemmingsplan geven getallen, die voor 2028 60% hoger zijn dan voor 2022. Het enige concrete getal in de reeks, is de 16% toename van ‘22 naar '23. De rest is op hoop of gebakken lucht gebaseerd. De verwijzing naar de groeiprognose voor de detailhandel van het CBS (2020) in de Toelichting bij Wijziging bestemmingsplan is 4% per jaar, maar laat specifiek voor de kledingsector een krimp van maar liefst- 21 % zien in 2020. De niet in die toelichting geciteerde cijfers voor de kledingbranche van het CBS 2023 zijn ook negatief. Zo krimpt bijvoorbeeld het derde kwartaal 2023 13% ten opzichte van
2022 en in november alleen al 6%, ten opzichte van november 2022 in 2023 13%; Daar kan geen enkele prognose van de groei van ARO uit worden afgeleid. Pag. 4van 10
De geprojecteerde uitbreiding is dus geen gevolg van de ontwikkeling van de kleding detailhandel, maar van een marketing en verkoopbeleid van het bedrijf zelf. Het is ook geen toevallige,
natuurlijke ontwikkeling, die uit zichzelf optreedt. Dat is ook het punt waar het ondernemen gaat schuren met de omgeving waarbinnen zij werkt. Dat geldt voor elk bedrijf dat uitbreidt ten koste van de omgeving en de vraag die hier gesteld behoort te worden is: of de overlast die het bedrijf met zijn marketing oproept in verhouding staat tot de verstoring van de kwaliteit van de leefomgeving . Er wordt een veel grotere verkeersbehoefte gevraagd dan volgens de huidige cijfers is benodigd.
De meerjarenraming voor de verkeersgroei is gebaseerd op de verwachte, maar niet onderbouwde
groei van 60% tussen 2022 en 2028 en maakt de indruk uit de lucht gegrepen te zijn om tot 60% uitbreiding parkeerplaatsen te komen.
2022
-
96
213
307
420
2023
16%
111
247
356
487
zoz4
13%
126
279
402
551
2025 2026
9% 6%
137 145
304 323
439 465
600 636
2027
4%
151
335
484
662
2028
2%
154
342
493
675
Tabel uit toelichting aanvraag. Aantal geparkeerde auto's op diverse dagen Zelfs wanneer de groei op piekdagen 60% over de komende jaren is halen we niet de maximale 750 plaatsen waarvoor vergunning gezocht wordt. Dus ook niet voor een bovengemiddelde Zaterdag. De conclusie die het bedrijf hoort te trekken is, dat ze niet groter moeten willen worden dan ze parkeer- en verkeerstechnisch aankunnen.
Gegeven de krimp van de kledingbranche, die het CBS voor 2023 constateert is het bijna aanmatigend om een groot groeiscenario uit te werken. Investeren is een ondernemersrisico, Het
claimen en herbestemmen van ruimte is een ontwikkeling waar alle bewoners mee te maken hebben en bij gebrek aan een solide onderbouwing is dit laatste niette rechtvaardigen. II Verkeerseffecten
bezoekers ARO van/naar Oene
1017
1613
2076
3.552
doorgaand verkeer Houtweg
1315
920
920
920°
3.000
3.000
3.000
3.000
totaal (afgerond)
maximaal wenselijke intensiteit
Hierbij is ervan uitgegaan dat er op een piekdag evenveel doorgaand verkeer is als op een gemiddelde zaterdag. Pag.5van10
Tabel uit toelichting Wijziging bestemmingsplan
De toelichting geeft aan dat 35% van de auto's uit richting Heerde komt en 65% komt via dorpskern van Oene.
De hierboven gegeven tabel over verkeersbewegingen is een eenvoudige extrapolatie van het aantal verkeersbewegingen van 2022 met een factor 1,6 (=60% toename). Het gewenste groeiscenario is dus al geslaagd. Maar waerop zo'n rechtlijnige lineaire doorrekening gebaseerd is, wordt niet beargumenteerd.
Voor lokale-wegen als de Houtweg en de Bremersallee geldt een maximumcapaciteit van 3000 auto's per dag. Voor het reguliere verkeer een constante waarde van 920 bewegingen gehanteerd. Het onderzoek van Goudappel neemt daarvoor waarden aan die in 2019-2020 zijn vastgesteld op camera onderzoek van de ARO zelf
In de gegeven tabel wordt voor het reguliere verkeer een constant aantal auto's van 920 voor de zaterdagen gehanteerd. Voor 2023 zou dit getal rond de 950 moeten zijn gegeven de groei van het auto bezit tussen 1 en 2 % per jaar. Voor 2028 zal nog hoger Ïiggen. Bij 1% groei per jaar nog hoger en rond de 1000. Dit verandert de uitkomst van de bovenstaande tabel.
Nu wordt alleen op een piekzaterdag de grens van 3000 auto's overschreden. Met 1400 extra voertuigen. Echter, we moeten hier corrigeren voor de groei van het reguliere doorgaande verkeer. Nu gesteld op 920 auto's per dag. Bij een groei van 1- 2% wordt die grens op een bovengemiddelde zaterdag in 2027 bereikt, bij 3% alin 2024
3000 auto's per dag betekent voor Oene zelf: uitgaande dat go% van het verkeer afgewikkeld
wordt tussen 10 uur en 17 uur = 2700 auto's, dat levert dat 2700/6= 450 auto's per uur = 7:5 auto's per minuut door het centrum van Oene. Dat is voor Oene erg hoog. Voor een normale werkdag zijn dat go% van 2230 /6 =334 auto's per uur dus gemiddeld 5,7 auto's per minuut. Ook dat is al druk. Maar met een piekdag is dat veel hoger. De hogere waarde, 3552 bezoekers voor de ARO + 920 doorgaande auto's = 4472 auto's door Oene van 10-17 uur. go% hiervan is 4024 auto's. Die in 6 uur door Oene moeten. Dat zijn er 670 per uur.
Op dat punt zouje dan niet moeten willen komen en dus ook nu niet faciliteren door de
ijziging goed te keuren. Voor Oene geldt een 30km snelheid die een rustige verkeersstroom vraagt. Dat levert ook een tragere afhandeling van het verkeer op. Dat zal op de kruising Houtweg, Keizerstraat, Klaterstraat tot onwenselijke situaties leiden, en daar komt ook het verkeer vanaf het zuiden en van meubelwinkel B&G er nog bij. Een scenario datje niet wikt. Naast een bottleneck in Oene, is er zeker zo’n grote bottieneck in Markluiden, waar normaal verkeer nu al moeilijk door kan. Intensivering is hier zeker niet gewenst.
Conclusie: De verkeersanalyse neemt het dagelijks aanwezige verkeer in de berekeningen als een constante stroom over de jaren mee waardoor het verkeersaanbod op zaterdag en drukke dagen te laag uitvalt en veel sneller de grens van 3000 auto's per dag voor een B-weg wordt bereikt. Ook hanteert de argumentatie een periode van 7 tot 19 uur voor de verkeershandeling, terwijl 90% van het verkeer tussen 10.30 uur en 17.00 uur wordt gerealiseerd. Dit vanuit observatie van het verkeer vanaf Houtweg 54. Het afwerken van de verkeersstroom tijdens zaterdagen en (koop)piekdagen Pag. 6 van 10
zal de verkeersituatie zowel in Oene en bij de bottleneck in Markluiden overbelasten. En is een reden voor afwijzing van de Bestemmingsplan wijziging.
IV. Kritiek vanuit Flora en fauna wet
De QuickScan is inderdaad niet meer dan dat. Er is bureauwerk gedaan waaruit bleek dat belangrijke data over waarnemingen op het ARO terrein zelf ontbraken in de nationale databases. Aangezien het terrein niet vrij toegankelijk is, wordt ook niet verwacht dat uit openbare
databanken gegevens over aanwezigheid van planten en dieren gevonden kunnen worden. De openbare databank is voor een analyse in geval van het ARO terrein een onjuiste. Daarnaast is door 2 onderzoekers op 1 dag een bezoek gebracht op 12 september 2023. Niet direct een optimale dag om lente en zomerbloeiers en broedvogels waar te nemen.
De opmerkingen ter zake in het rapport van bureau Ecoeffect geven dus een onvolledig en onjuist beeld.
° Het voorstel van Ecoeffect voor nader onderzoek naar Gierzwaluw, Steenuil en vleermuizen is
broodnodig; daarbij moet ook onderzoek worden verricht naar de actieradius van de Steenuilen; ° Erzijn drie zekere meerjarige broedgevallen van steenuilen in de directe omgeving: twee op de Ooster Oenerweg 28en 33 en éen op de Houtweg 62. Rond Houtweg 45 wordt heel regelmatig roepende Steenuilen gehoord.
* Het huidige terrein is foerageergebied van Steenuil, Buizerd, Groene specht, Sperwer en recent Grote zilverreiger. De eerste vier worden hier zeer frequent gehoord en hebben op en om het terrein meerdere nesten. Je kunt ervan uitgaan dat bij de verstening van het geplande parkeerterrein en de woningbouw, foerageergebied voor de Steenuilen, Groene specht en Buizerd verdwijnt;
* Het is noodzakelijk om in 2024 nader fauna onderzoek uit te laten voeren volgens de SOVON en RAVON-methodieken. Dit betekent in ieder geval tot en met juli onderzoeken in verband met het laat arriveren van de gierzwaluwen;
* De stikstof uitstoot bij de aanleg is niet berekend en zou in de Wijziging bestemmingsplan meegenomen moeten worden;
+ De aanwezigheid van vleermuizen is zeker en wordt niet behandeld;
* Ersstaat een gezichtsbepalend grote hoogstam Kerseboom. Die zou beschermd moeten blijven; * Het niet waarnemen met fotovallen van kleine zoogdieren als marterachtigen is geen bewijs dat ze er niet zijn. Steenmarters worden zeer freguent met het oog op de Houtweg waargenomen en leven in meerdere gebouwen in dit gebied.
Dit commentaar is op basis van SOVON-vogelteller A. Hottinga te Vorchten en indiener K. Planauê, bioloog.
Pag.7van10
V. Landschappelijke inbedding, cultuurhistorisch perspectief en bijdrage biodiversiteit De hele Wijziging bestemmingsplan wordt verkocht met aankleding, vergroening en herstel van de Oener Enk. Het plan beschrijft:
1
Herstel van de binding bij de oorspronkelijkheid van de plek, namelijk een boerderij aan de Ooster Oenerweg;
2
Herkenbare opbouw en terreininrichting: dat wil zeggen een patroon met een voor- en achterzijde;
3.
Herkenbare verkaveling: verdichting langs de wegen (erf), open in het middengebied (enk);
4
Bedrijfsgebouwen met een verwijzing naar hedendaagse, functionele agrarische ontwikkelingen
5.
Terugbrengen van historisch agrarische elementen, zoals erfinrichtingen, kleinschalige landschapselementen zoals knotbomen en andere inheemse beplantingsvormen, houten hekwerken, hagen en hoogstamfruit (IJsselboomgaard).
Ad 1. Er is aan die kant van de Ooster Oenerweg geen boerderij, wel een woonhuis gelegen achter een struikenrij. Welke binding is dan mogelijk, en waarmee?
Ad 2 Ook nu is een duidelijke voorkant en achterkant zichtbaar: Ingang aan de Houtweg, de winkel aan het eind; Ad3. Ook nu is een duidelijke verkaveling zichtbaar: Grijs waar bestrating ligt, groen waar gras ingezaaid is
Ad 4. De uitstraling van de winkel of van het 16-tal containers dat daar aan weerszijde is geplaatst geven beslist geen agrarische uitstraling. Nu niet en straks ook niet_ De elektrische prikkeldraadomheining is een onvriendelijke begroeting. De nachtverlichting is een ergernis voor de buurt en voor de nachtvogels en vleermuizen
Ad 5. Wie de historische topografische kaarten van Nederland bekijkt, zal zien dat er vanaf 1870 geen begroeide grenzen aan de percelen, waar het hier om gaat, voorkwamen. Vanaf 2866 tot 1950 staat het gebied tussen Molenstraat, Houtweg, Ooster-Oenerweg en Kerkweg als akkeriand aangegeven. Geriefhout bos is niet te zien,
noch zijn heggen aangegeven en zijn boomgaarden bij de boerderijen langs de weg te zien. Het landschap is open. Wanneer je de Ooster Oener Enk wilt terugbrengen dan moet je het terrein openlaten. Er valt vanuit
cultuurhistorisch oogpunt niet ietste herstellen, door van grasland (agrarisch) parkeerterren (industrie) te maken.
De aankleding met een parkachtige structuur is tegenstrijdig met de historische feiten van het terrein. De Rudbeckia's op de foto in de toelichting op de “wijziging bestemmingsplan” is een Amerikaanse tuinplant en hoort in een tuin en biodiversiteit is hier ver te zoeken.
Het voorstel van de aankleding lijkt op greenwashing. "Maak het groen, dan is het zowel milieuvriendelijk en cultuurhistorisch weer de oude enk”. Inhoudelijk slaan de plannen nergens op en is een doekje voor het bloeden. Temeer daar de groei-ambities forse milieueffecten hebben.
Op basis van de in de Wijziging bestemmingsplan verstrekte gegevens over bezoekersaantallen zou een gemiddelde werkweek (5x 508) +807= 3347 bezoekers opleveren. Komen die van gemiddeld 40 km weg, dan Pag. 8van 10
worden daar n een week ruwweg 270.000 km voor g
den. Dat is misschien te veel. Ongeveer de afstand van Oene tot Zeewolde, Meppel, Arnhem of Lochem. Dus neem de helft d20 km. Dat 35.009km. Over 52
weken is dat 7 miljoen kilometer.
Dat zal de in de Wijziging bestemmingsplan geschetste verbetering van de b
t ten goede komen: De bloemrijke randen van het parkeerterrein zullen de gevolgen van he t toegenomen verkeer helaas op geen enkele wijze compenseren.
Al het bovenstaande in aanmerking genomen zijn hier, ons inziens, voldoende redenen om de herziening af te wijzen, in te trekken en dat is dan ook ons verzoek.
VI. Kosten bezwaarprocedure Indien het indienen van dit bezwaarschrift leidt tot het maken van onkosten door de indiener, dan worden die in rekening gebracht cf. de Algemene wet bestuursrecht art7
Bijlage: handtekeningen directe omwonenden en andere direct belanghebbende ARO terrein
Pag.gvan10
Figuur 1: Schets van de voorgestelde uitbreiding
Pag. 20van 10