CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

Zienswijze Natuur en Milieu Gelderland ontwerpbp Helfterkamp camping gemeente Epe, geanonimiseerd

Gemeenteraad 15 december 2022, gemeente EpeBij agendapunt: Vaststelling Lijst ingekomen stukken1.566 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad Epe Zaaknummer 86204 Postbus 600 8160 AP Epe

Datum: 21 november 2022 Kenmerk: VM.220124 Onderwerp: ontwerp bestemmingsplan Camping Helfterkamp Behandeld door:

Geachte leden van de gemeenteraad, Mede namens stichting Geldersch Landschap & Kasteelen dienen wij deze zienswijze in. Met verwijzing naar onze reactie op het voorontwerp bestemmingsplan voor camping de Helfterkamp (zie bijlage), willen wij graag opnieuw van de gelegenheid gebruik maken om een zienswijze in te dienen. In onze vorige reactie hebben wij diverse punten naar voren gebracht. Helaas moeten wij constateren dat het nu voorliggende ontwerp bestemmingsplan maar op een heel beperkt deel van die punten een antwoord geeft. Daarom willen wij de reactie zoals deze als bijlage bij deze brief is toegevoegd opnieuw indienen, maar nu als zienswijze bij het ontwerp bestemmingsplan. Wij lopen volledigheidshalve de verschillende punten in onze vorige reactie nog eens kort na: 1. Regionale restcapaciteit Het voorliggende bestemmingsplan maakt nog steeds een grote toename van het bebouwd oppervlak mogelijk. De noodzaak van het uitbreiden van de camping wordt volgens u aangetoond met de bijgevoegde ‘laddertoets’. Deze toets is wat ons betreft vooral een onderbouwing van de commerciële noodzaak die de campingeigenaar ziet voor de uitbreiding van de camping. Dat is in onze ogen echter iets anders dan maatschappelijke noodzaak.

Het maatschappelijk belang is in onze ogen óók gediend met het aantrekkelijk houden van het landschap, het behouden en versterken van natuurwaarden, het voorkomen van een té grote toeristendruk in het gebied en het zorgdragen voor een duurzaam hydrologisch systeem. Voorliggend uitbreidingsplan draagt in onze ogen niet bij aan laatstgenoemde maatschappelijke belangen. Het is aan u als raad om daarin uiteindelijk een besluit te nemen, maar wij vragen u dringend om daar nog eens heel kritisch naar te kijken.

2. Groene Ontwikkelzone en Gelders Natuurnetwerk In het vorige bestemmingsplan was een deel van het centraal op de camping gelegen bosgedeelte bestemd tot recreatie, terwijl dat bos deel uitmaakte van het Gelders Natuurnetwerk. In het voorliggende bestemmingsplan heeft deze driehoek wél de bestemming ‘natuur’ gekregen, maar mag het gebied tegelijkertijd gebruikt worden voor een flinke parkeerplaats en voor opslag. Wij vinden dat gebruik onverenigbaar met de functie ‘natuur’. Wij vragen u daarom de bestemming terug te brengen tot ‘natuur’ zonder andere gebruiksmogelijkheden en daar ook op te handhaven. Sinds het ter inzage leggen van het voorontwerp bestemmingsplan is er nog aanvullend ecologisch onderzoek gedaan. Dit onderzoek voldoet echter nog steeds niet aan de standaardvereisten die daarvoor gelden. Het plangebied is in totaal slechts twee keer bezocht, nl. 2017 en 2020. Beide keren in het najaar en op de middag. Dat is niet wat wij verstaan onder onderzoek dat zich uitstrekt over meerdere dagen in verschillende perioden van het jaar en op verschillende momenten van de dag. 3. Das Wij constateren op basis van het voorliggende ontwerp bestemmingsplan dat er zeer weinig aandacht is geweest voor de gevolgen van dit plan voor het leefgebied van de das.

De conclusie in de ecologische quickscan dat de voorgenomen activiteiten het foerageer- en leefgebied van de das niet aantasten vinden wij erg mager onderbouwd. Wij vragen u daarom om daar in het definitieve bestemmingsplan alsnog aandacht aan te besteden aan de hand van de punten in de eerder ingediende reactie (zie bijlage). 4. Natuurontwikkeling Wij kunnen uit de voorliggende stukken nog steeds niet afleiden of de voorgestelde inrichting van de groene zone bij de camping aansluit op de natuurdoelen van de provincie Gelderland. De doelen worden opgesomd in de quickscan Flora en Fauna, maar er wordt vervolgens geen navolgbare relatie gelegd tussen die doelen en de voorgestelde inrichting. Graag krijgen wij alsnog antwoord van u op deze vraag, evenals op de andere vragen die wij stellen onder punt vier van bijgevoegde reactie op het voorontwerp bestemmingsplan. Daarnaast zien wij dat de groene zone in principe wordt ingericht als uitloopgebied van de camping. Wij vragen ons dan ook af of de recreatiedruk op het relatief kleine gebied niet te groot wordt om de daar voorgestelde natuur goed tot ontwikkeling te laten komen. 5. Natura 2000 De Hartense Molenbeek maakt deel uit van het Natura2000-gebied Veluwe.

In de ‘aanmeldnotitie vormvrije M.E.R.-beoordeling’ wordt op pagina 10 gesteld dat het opnemen van een aanvullend beschermingsregime niet nodig is, omdat de bruine kleur van het water de beek niet aantrekkelijk maakt voor recreatief gebruik. Bovendien zou de instandhouding van de beek geborgd zijn door het inrichtingsplan. Dit inrichtingsplan richt zich echter alleen op de uitbreiding van de camping en zegt niets over de inrichting ten noorden en zuiden van de beek. Inrichting en gebruik van die gronden zijn echter wel medebepalend voor de kwaliteit van eventueel afstromend water richting beek. Daarom vragen wij u opnieuw om parallel aan beide zijden van de Hartense Molenbeek een bufferzone te bestemmen als ‘natuur’.

Pagina 2 van 4

U heeft de verwijzing naar een zwembad uit de toelichting van het bestemmingsplan gehaald. De regels van het bestemmingsplan maken de aanleg van een zwembad echter nog altijd mogelijk, niet in de laatste plaats op grond van artikel 11 dat ondergronds bouwen tot 3,5 meter onder peil mogelijk maakt. 6. Overige beken Wij verzoeken u om voor het op bijgaande afbeelding aangegeven beekdeel een natuurbestemming op te nemen. Het verwijzen naar het inrichting- en beheerplan is wat ons betreft onvoldoende om de aanwezige natuurwaarden en het water te beschermen. Het gaat daarbij namelijk niet alleen om inrichting en beheer, maar ook om het gebruik van de gronden. Bij een bestemming ‘natuur’ is het recreatief gebruik in principe ondergeschikt aan de bestemming en kan daar zo nodig ook op gehandhaafd worden. Wanneer de hoofdbestemming ‘recreatie’ blijft, is de natuurwaarde in principe ondergeschikt daaraan. Sterker nog: in de bestemmingsomschrijving voor ‘recreatie’ worden het behoud van natuurwaarden en de waterkwaliteit van de aanwezige wateren niet eens genoemd. Voor de achterliggende motivatie verwijzen wij u naar onze eerdere reactie.

7. Water overig Voor dit onderdeel vragen we u nogmaals te sturen op het actief beperken van de hoeveelheid verhard oppervlak. Daarnaast is het in dit gebied van belang om het gebruik van uitlogende bouwmaterialen te verbieden. Gebruik van deze materialen kan namelijk de kwaliteit van grondwater en afstromend regenwater negatief beïnvloeden. Om dezelfde reden vroegen wij u in onze vorige reactie om geen grondwerkzaamheden en activiteiten toe te staan die negatieve gevolgen kunnen hebben voor de kwaliteit en kwantiteit van het grondwater en voor de kwaliteit van het oppervlaktewater van de verschillende beeksystemen. Ook bij dit punt geldt wat ons betreft dat het opnemen van een voorwaardelijke verplichting met verwijzing naar het inrichtings- en beheerplan onvoldoende is. Ten eerste geldt dat plan alleen voor de uitbreiding van de camping. Ten tweede zegt dit plan wel iets over het onderhoud van het terrein, maar dat is in onze ogen iets fundamenteel ander dan het (dagelijks) gebruik van het terrein. 8. Natuurinclusief bouwen Wij vragen u om natuurinclusief bouwen als uitgangspunt te nemen voor de regels in het bestemmingsplan en de daarover te maken afspraken met de campingeigenaar. Voor de aandachtspunten daarbij verwijzen wij u naar onze vorige reactie (zie bijlage).

Pagina 3 van 4

Daarnaast vragen wij u veel gerichter te sturen op andere duurzaamheidscriteria, zoals energiezuinigheid en circulariteit. U verwijst daarvoor naar de ‘notitie verhuuraccommodatie’. In die notitie wordt inderdaad gezegd dat de eigenaar innovatief en duurzaam wil bouwen, maar vervolgens wordt dat op geen enkele manier kwantitatief of kwalitatief toetsbaar gemaakt. Wij dringen erop aan dat wél te doen. 9. Planregels In onze eerdere inspraakreactie hebben wij verzocht om een vergunningsplicht voor andere werken of werkzaamheden die gevolgen kunnen hebben voor natuurwaarden of voor het hydrologisch systeem. In reactie daarop verwijst u naar de voorwaardelijke verplichting opgenomen in artikel 18.1 en naar de in artikel 17 opgenomen omgevingsvergunningplicht. Zoals wij al eerder hebben aangegeven vinden wij de verwijzing naar het inrichtings- en beheerplan onvoldoende waarborgen bieden voor het beschermen van natuurwaarden en (grond)waterkwaliteit. Daarnaast valt het ons in artikel 17 op dat binnen de bestemmingen ‘bos’ en ‘natuur’ geen omgevingsvergunningen nodig zijn voor het vellen of rooien van houtsingels of houtwallen en het aanleggen van ondergrondse infrastructuur.

Ook binnen de bestemmingen ‘water’ en ‘recreatie’ wordt er een aantal activiteiten vrijgesteld van vergunningplicht, die in onze ogen juist wél vergunningplichtig zouden moeten zijn met het oog op het borgen van waterkwaliteit en behoud van het hydrologisch systeem. Tot slot Net als in onze vorige reactie, concluderen wij dat het voorliggende ontwerp bestemmingsplan niet voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. Het natuuronderzoek en het wateronderzoek zijn in onze ogen nog steeds onvoldoende. Vanwege de aanwezigheid van de das staat uitbreiding van de recreatiebestemming (noordelijke percelen) op gespannen voet met de Wet Natuurbescherming en met de Omgevingsverordening Gelderland. We zetten ook nog steeds vraagtekens bij de toegevoegde waarde van de te treffen natuurmaatregelen op gronden die al onderdeel uitmaken van de Groene Ontwikkelzone en waar al hooilandbeheer wordt toegepast. Tot slot vinden wij de conclusie in de ‘aanmeldnotitie vormvrije M.E.R.-beoordeling’ dat de milieueffecten van de voorgenomen ontwikkeling zó beperkt zijn dat er geen planMER noodzakelijk is zeer twijfelachtig. Zoals wij eerder aangaven, voldoet het ecologisch onderzoek waarop deze notitie zich baseert niet aan de standaardvereisten. Ook bij de stikstofberekening en het daarbij toegepaste ‘intern salderen’ in de aanmeldnotitie zetten wij onze vraagtekens.

Wij zijn graag bereid deze brief mondeling toe te lichten. Met vriendelijke groet, Mede namens stichting Geldersch Landschap & Kasteelen

Directeur Vereniging Natuur en Milieufederatie Gelderland

Pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12085638/1