CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen 2022-03-10 getekend

Gemeenteraad 12 mei 2022, gemeente EpeBij agendapunt: Vaststelling notulen of besluitenlijst van de raadsvergaderingen van 28 maart, 30 maart en 20 april 2022.31.856 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

12 alinea's met “vreemd”: 12 13 22 29 61 105 145 153 179 180 192 197

15

De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog. De heer Van der Baan: Zorgen van mensen over de gevolgen van hun leefomgeving, het onbetaalbaar zijn van fossiele energiebronnen en afhankelijk van schurkenstaten zijn in sommige gevallen zeer reëel. We zullen dus moeten doorpakken met de opwekking van duurzame energie en sommige projecten of maatregelen behoeven en echter wel wat verbetering. Dat betekent dat bezwaren inhoudelijk moeten worden onderbouwd en opgebouwd vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid voor een reële klimaatopgave. Niets doen heeft ook zeker gevolgen voor de leefomgeving van mensen. Denk aan overstromingen de afgelopen zomer in Limburg, het verlagen van de druk op ons waterleidingnet bij droge en warme zomers, mogelijk problemen wat betreft de drinkwatervoorziening, maar vergeet ook niet de enorme impact die het voor de inwoners van Dat Groningen heeft in relatie tot de gaswinning en de waarschuwing in het onlangs verschenen zegt dat de was dus ook al het verhaal dat mijnheer Van der Vlies net zei, dat het VN rapport klimaatverandering steeds sneller gaat. Daarnaast bestaan ook grote zorgen al over de genoemde afhankelijkheid van de import van energie. Zelfs als we de uitstoot in 2030 met de helft weten te verminderen zal de andere helft moeilijker te realiseren zijn vanwege ruimtegebrek.

We kunnen na 2030 nog veel afhankelijker worden van de import van energie en hoe minder we nu zelf doen, hoe afhankelijker worden van anderen. ...

De voorzitter: Mijnheer Van der Baan, er is een interruptie van de heer Van Limburg, GemeenteBelangen. De heer Van Limburg: Ja, dank u wel voorzitter. Even een vraagje aan de heer Van der Baan. Is het dan de bedoeling dat we de boeren stoppen, landbouwgrond beschikbaar stellen voor zon nepanelen en zo 2030 halen? Dank u wel. De voorzitter: De heer Van der Baan, laten we proberen een beetje on topic te blijven, maar de heer Van der Baan, er is een vraag gesteld. De heer Van der Baan: Ik denk dat boeren op zich niet hoeven te stoppen en als we zo doorgaan, kunnen we met zijn allen wel stoppen, want dan is hier ook geen normaal leven meer mogelijk. En ik ben geen doemdenker, ik wil juist heel optimistisch zijn, dus daarom moeten we ook een andere manier van leven en een andere manier van energieopwekking en een andere manier van consumeren hebben en boeren zullen daar ook last van hebben. Dat geloof ik graag, maar ik denk dat er nog heel veel toekomst voor boeren is. De voorzitter: Gaat u door met uw betoog. De heer Van der Baan: Oké, dank u. Het Zonnepark de Horst vinden wij dan ook een eerste stap in de goede richting. Natuurlijk zijn er de afgelopen periode zaken geweest die beter hadden gemoeten. Laten we er vooral van leren en bij volgende projecten daar alert op zijn. De fractie van GroenLinks vindt dan ook dat directe omwonenden mee moeten profiteren.

We hebben de afgelopen periode Statkraft daar een flinke stap in zien maken en zijn blij dat dit door dertien huishoudens in ieder geval positief is omarmd. Vijftig procent lokaal eigendom zoals afgesproken in de RES staat nu niet spijkerhard in die anterieure overeenkomst, maar wordt wel schriftelijk bevestigd in de aanvullende informatie die we deze week van Statkraft hebben gekregen. Bij volgende projecten zal dit wat onze fractie betreft bij de open inschrijving als voorwaarde gesteld moeten worden. Mocht blijken dat Epe energiecoöperatie de financiering van dit project niet kan rondkrijgen, dan vragen wij eigenlijk om een garantstelling van de gemeente en, nou ja, goed, dan zullen wij dat in ieder geval gaan steunen. Dank.

16

De voorzitter: Dank voor uw bijdrage. De heer Boon, SGP-ChristenUnie, voor een interruptie neem ik aan. De heer Boon: Voorzitter, excuus dat ik u in de war breng, maar ik was zelf ook een beetje in de war. Ik dacht dat u net bedoelde een interruptie, maar ik bedoelde gewoon mijn eerste termijn. Dat is wel even een kleine communicatiestoornis tussen ons, dus als u het toestaat, zal ik nu graag de eerste termijn doen. De voorzitter: Ik vind het wel zo netjes om mevrouw Boer eerst het woord te geven. Dan kom ik bij u terug. De heer Boon: Ja, goed. Prima. De voorzitter: Mevrouw Boer, PvdA. Mevrouw Boer: Dank u wel voorzitter. Zonnevelden zijn nodig om onze klimaatdoelen te behalen. Dat vindt de PvdA ook heel belangrijk, maar dat moet ook kunnen. Steeds duidelijker wordt dat de capaciteit om aan te kunnen sluiten op het elektriciteitsnet onvoldoende is. Het is druk op het hoogspanningsnet. TenneT, beheerder van het hoogspanningsnet in Nederland heeft aangegeven dat in Gelderland de maximale capaciteit voor teruglevering is bereikt. Liander is voor transport van regionaal opgewekte duurzame energie afhankelijk van TenneT. Gevolg is dat er ook bij Liander geen ruimte van bijvoorbeeld de wind- of zonneparken of grote zonnedaken meer is voor nieuwe aanvragen voor het transport van groene stroom. Daar houden we in de fractie van de PvdA rekening mee.

We kiezen voor kleinschalige projecten zolang de capaciteit op het net onvoldoende is. Hiervoor is meer draagvlak bij inwoners, zijn meer mogelijkheden voor lokale mede-eigenaarschap en wordt onze schaarse ruimte beter benut. Grootschalige zonneparken op agrarische grond vinden wij alleen acceptabel als er niet meer voldoende mogelijkheden zijn van zonnepanelen op daken of op onbenutte grond langs bijvoorbeeld de snelweg. De voorzitter: Mevrouw Boer, er is een interruptie van mevrouw Hendriks, CDA. Mevrouw Hendriks: Dank u wel. Ja, mevrouw Boer, u geeft aan dat er meer draagvlak is voor zon in ieder geval niet op land en op daken, maar kunt u dat onderbouwen? Want ik vraag me wel af of dat zo is. Het tweede is, u geeft aan dat u graag zon nepanelen wilt op plekken langs de snelweg die niet benut zijn. Volgens mij is Zonnepark de Horst een plek langs de snelweg die nu niet benut wordt, dus ik snap niet zo heel goed waarom u dat argument nu gebruikt. Kunt u dat uitleggen? De voorzitter: Mevrouw Boer, kunt u dat uitleggen? Mevrouw Boer: Nou, ik kan het wel uitleggen. Bijvoorbeeld in de RES staat dat wij onze prioriteit stellen op eerst zon op daken. Landbouwgrond benutten, ook dat zou voor het CDA heel erg belangrijk moeten zijn. Landbouwgrond moeten we gebruiken voor landbouw en niet voor zonnepanelen, vooral als er nog ergens anders mogelijkheden voldoende zijn.

De voorzitter: Er komt nog een interruptie van de heer Van der Baan, GroenLinks. De heer Van der Baan: Ja, dank u voorzitter, Ik gaf net in mijn betoog al aan dat we gewoon door moeten pakken en dat de alternatieven van zon op dak en dat soort dingen dat dat niet voldoende is. Wat heeft u dan als alternatief om op korte termijn toch aan die energieopwekking te komen als u afwijst dat zon op land zoals dat nu grootschalig is? En ik vind het probleem van de netcapaciteit, dat is een probleem waar wij persoonlijk hier als gemeenteraad niet veel aan kunnen doen. Ik vind dat

17

een landelijk probleem en ik denk dat daar hard aan gewerkt moet worden, maar de vraag is eigenlijk: wat is het alternatief om op korte termijn toch aan die energievraag te kunnen voldoen? De voorzitter: Mevrouw Boer, kunt u daar toelichting op geven? Mevrouw Boer: Op korte termijn kan ik daar helaas ook niets aan veranderen, want ik heb een paar jaar geleden al gezegd dat ik het heel erg belangrijk vindt als je grootste plannen hebt dat je ervoor moet zorgen dat je je infrastructuur op orde hebt en helaas is daar te laat aan begonnen en daarom als er dan toch nog wat dingen mogelijk zijn, zie ik op korte termijn meer mogelijkheden voor kleinere projecten die wel aangesloten kunnen worden waar de energie gewoon in de regio gebruikt kan worden wat wellicht opgeslagen kan worden in batterijen of in andere vormen of op woonwijken zoals D66 net ook al verkondigde en dan kun je sneller iets realiseren en zorg je voor minder pieken op het elektriciteitsnet, want dat wordt, dat is al een groot probleem op een deel van de Veluwe en dat wordt nog veel groter probleem. De voorzitter: Gaat u door met uw betoog of de heer Van der Baan wil nog iets toevoegen. De heer Van der Baan. De heer Van der Baan: Mevrouw Boer heeft het, dank u voorzitter, heeft het over opslag. Nou, opslag is ook nog steeds geen alternatief, dus we zitten met een gigantisch probleem als we zo doorgaan.

Dan komen we gewoon te laat en dan hebben we geen energie meer en dan moeten we straks het bos gaan omhakken omdat we hout nodig hebben om de kachel te stoken en de bossen hier in Epe kaal te maken. Ja, ik vind dat we gewoon echt iets meer moeten doorpakken en niet alleen maar moeten zeuren wat niet kan. We moeten kijken wat er wel kan. De voorzitter: Uw punt is duidelijk. Mevrouw Boer, gaat u door met uw betoog. Mevrouw Boer: Ik denk dat we dezelfde idealen hebben, maar een beetje een andere vorm van realiteit. Bij kanttekeningen in de beslisnota geeft het college aan: het ruimtelijke beleid specifiek voor grootschalige duurzame opwekking is in ontwikkeling. Gemeente Epe kent geen vastgesteld ruimtelijk beleid specifiek voor grootschalige duurzame opwekking door zon en wind. Dit plan is ter hand genomen als een pilot project voor deze ontwikkelingen in de gemeente. Daarbij is nauw aangesloten bij de principes van het ontwerp RES1 en de gemeentelijke omgevingsvisie Natuurlijk Goed Wonen. De PvdA vindt echter dat er eerst een ruimtelijk beleid moet worden vastgesteld voor onze gemeente waarbij problemen op elektriciteit meegenomen worden in de prioritering. Graag horen wij wanneer dit aan de raad wordt voorgelegd. Dank u voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu naar de heer Boon, SGP-ChristenUnie. Aan u het woord. De heer Boon: Dank u wel voorzitter.

Ja, voor ons ligt het bestemmingsplan wijziging voor het Zonnepark de Horst in Epe, een forst plan van twaalf hectare maar liefst wat ruim 12 Megawatt piek kan opleveren en wat vergelijkbaar is met ongeveer vier grote windmolens, wat vier grote windmolens aan energie kunnen opwekken. Er is al veel over gezegd, ook een aantal dingen waar ik echt wel bij kan aansluiten, waar onze fractie bij kan aansluiten, onder andere over het beleid. In de beslisnota daar staat bij 2.1 dat het bestemmingsplan past in het beleid, Nou, er worden een aantal beleidsstukken genoemd, maar die zijn meer regionaal en landelijk en het grote bezwaar is natuurlijk toch wel dat het plaatselijke beleid nog niet zover is, dus een lokaal energiebeleidskader voor zon en wind dat is er nog niet en ondanks ons herhaalde aandringen is dat helaas niet gelukt omdat eind 2021 voor elkaar te krijgen, maar dat wordt nu eind 2022. Voorzitter, dat betreurt onze fractie en misschien kan de wethouder straks nog even een reactie erop geven. Op dit moment zitten we inderdaad met dit plan en wij snappen ook wel als het een pilot is dat je op enig moment moet zeggen van: nou, doen we er wel in mee of doen we er niet in mee? Er ligt natuurlijk een enorme 18

opgave en met zo een groot plan kun je natuurlijk wel in een keer letterlijk en figuurlijk meters maken en dat is het positieve. De participatie, mevrouw de Vries die noemde het ook al, die vond dat niet goed geregeld en u zult misschien verbaasd zijn, maar ik snap dat wel. Dus mevrouw de Vries, ik ben het ook nog wel een beetje met u eens dat het beter had gekund. Er zijn informatiebijeenkomsten geweest en na de eerste die al vrij vroeg was in een vrij vroeg stadium hebben inwoners een hele tijd niks meer gehoord, dus dat had zeker ook wel beter gekund, dus wij hopen ook inderdaad dat uiteindelijk het was een beetje een soort, moet je zeggen in de participatie misschien aan het einde dat er nog met de inwoners gesproken is, met name door Statkraft, maar ook door de gemeente, dat dat toch aan het einde nog een beetje goed gemaakt is, maar een schoonheidsprijs verdiende het ook niet. Dat moeten we ook eerlijk zeggen. Energieopslag, die tip willen we ook nog wel graag aan Statkraft meegeven, maar dat hoeven we eigenlijk niet te doen, want die mensen hebben natuurlijk heel veel verstand ervan, maar het zou natuurlijk wel heel slim zijn om bij zo een groot park toch enige vorm van energieomslag te doen.

Je hoeft niet het hele park de energie te laten opslaan, al doe je alleen maar de pieken, dat kan voor het bedrijf ook heel handig zijn en dat gaat zeker als die elektriciteit prijzen blijven stijgen zoals we nu gaan, dan gaat dat zeker rendement opleveren, dus ik hoop ook dat ze zeg maar binnen nu en vijf jaar, mocht het park aangelegd worden, dat ze inderdaad ook overgaan tot een vorm van energieopslag. Al met al blijft het voor onze fractie, de fractie SGP ChristenUnie wel een lastige afweging. Wij hebben ook liever geen zonnepanelen op landbouwgrond. Daar zijn we eerlijk in. In dit geval is het wel zo, de agrariër die stopt, dus dat maakt het wel iets anders, die wil vrijwillig stoppen. En als we kijken naar de plek waar het is langs de snelweg, landschappelijk toch best goed ingepast, hoewel dat niet voor alle bewoners, moeten we ook eerlijk zeggen, even netjes is. Dat kan misschien nog iets beter. Ik geloof dat een van de collega-partijen straks ook nog met een motie komt, dus dat wachten we wel af dan om te kijken of dat nog iets beter kan. Dan kunnen we misschien ook nog even meedoen, maar dat blijft een hele lastige. En dat betekent ook niet dat mochten wij er vanavond mee instemmen als de wethouder een goed verhaal hier houdt, dat wij een volgende aanvraag dat automatisch tekenen bij het kruisje.

Dus het is absoluut niet zo dat wij die landbouwgronden heel vol willen hebben met zonnepanelen. Wij willen het liefst onvruchtbare onrendabele grond hoe je het ook wil noemen, langs de snelwegen bijvoorbeeld. Er zijn best nog heel veel stukken grond die beschikbaar zijn. Die willen we liever eerst hebben. De voorzitter: De heer Boon, ik wacht op een punt, maar het duurde nog eventjes. Mevrouw Van Loon, D66, heeft een interruptie. Mevrouw Van Loon: Ja, dank voorzitter. Ja, ik heb twee vragen aan de heer Boon. De eerste is de kostbare landbouwgrond die verloren gaat. Dan wil ik de heer Boon van harte uitnodigen, en ik denk dat hij die uitnodiging ook met beide handen zal aangrijpen, om dan ook alle kerstbomenakkers in onze gemeente aan te gaan pakken, want daar wordt vruchtbare landbouwgrond gebruikt om een steriele teelt op te voeren. De volgende ligt iets dichter bij het onderwerp. Participatie, ik bespeur in de afgelopen jaren toch een grote spraakverwisseling over participatie binnen deze raad en ook bij het college, want wat verstaat de heer Boon onder participatie? Is dat het aantal informatiebijeenkomsten wat voor de omwonenden is georganiseerd of zien we bij deze aanpak voor de energietransitie participatie ook nog iets breder? De voorzitter: De heer Boon.

De heer Boon: Nou, die kerstbomen daar heb ik wel eens vaker wat over gezegd, daar waren wij niet zo een voorstander van, maar goed, daar hebben wij ook niet heel veel invloed op denk ik, maar daar heeft u wel een punt. En wat de participatie betreft, ja, ik denk natuurlijk qua participatie moet helder zijn naar de inwoners van welke trede van de participatieladder doe je? Is dat alleen informeren of meebeslissen? In dit geval zal ik het gewoon heel simpel willen zeggen: neem zo goed mogelijk de inwoners mee, vertel wat de plannen zijn, wat de last is, wat de compensatie is. Nou, dat is inderdaad 19

ik denk behoorlijk samengedrongen een beetje aan het einde van dit traject en dat had natuurlijk wel wat anders gekund. Dank u. De voorzitter: Dank. Mevrouw Van Loon nog even. Mevrouw Van Loon: Ja, dank. Toch nog even voor de duidelijkheid, hoor ik de heer Boon zeggen dat participeren vooral het informeren van de direct omwonenden is? De voorzitter: De heer Boon. De heer Boon: Dank u wel voorzitter. Daar begint het natuurlijk wel mee, maar het is ook meedenken en uiteindelijk, ik zeg al, ik weet niet of je zover kunt gaan van ook meebeslissen. Uiteindelijk moet natuurlijk de raad een besluit hierover nemen en meedenken als inwoners een goed plan hebben over bijvoorbeeld hoe iets landschappelijk beter kan ingepast worden, dan moet je als ontwikkelaar en als gemeente moet je daar zeker naar luisteren en dan moet je proberen om je plannen daarop aan te passen en je zult het nooit honderd procent mensen naar de zin kunnen maken, maar het is wel goed om inderdaad die input mee te nemen en daar ook zeker iets mee te doen voor zover dat mogelijk is. De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog, de heer Boon. De heer Boon: Dus wij vinden het positief, voorzitter, dat de landschappelijke inpassing dat daar aandacht voor is.

Er zitten nog wel een paar knelpunten, daar kan misschien de wethouder zo meteen nog wel even zeggen, bijvoorbeeld de inwoners bij de Drachterweg die krijgen daar dan een ingang. Er wordt natuurlijk een stuk groen gemaakt, maar waar die ingang komt daar zit geen groen, dus met andere woorden: die mensen die hebben daar een probleem. Misschien kan je een mooie houten hek maken zodat je de zonnepanelen aan het zicht kan onttrekken. Dat weet ik ook niet. Dat is maar iets wat ik bedacht heb, maar ik zou zeggen: luister ook naar die mensen en misschien hebben ze ook een oplossing die inderdaad beter past dan tot nu toe het geval is. Nou, we zijn blij dat de compensatie met de omwonenden dat dat een redelijke vorm heeft gekregen en wat wij ook wel positief vinden, en dat is wel een beetje voor de lange termijn, maar dat er een vergunning is voor een bepaalde tijd. En dan kan je zeggen: ja, dertig jaar is heel lang. Dat is ook zeker zo, maar uiteindelijk stopt het wel een keer en dan hopen we dat de bestuurders die op dat moment het voor het zeggen hebben ook de wijsheid hebben om te zeggen van: nou, moet je met zoiets verder gaan of moet je het niet doen? Hoe zit de situatie dan met de landbouw? We weten het niet. Dat kunnen we nu ook niet voorspellen.

Wat wij zelf wel positief vinden dat de energie die je hiermee opwerkt, die elektriciteit die je daarmee opwerkt, daar hoef je geen gas meer voor te verstoken om elektriciteit op te wekken, dus dat is ook wel heel actueel in deze tijd. Je kunt ermee heel wat gas besparen en daar hebben denk ik ook de inwoners voordeel van, want de vraag is enorm hoog en het aanbod is laag en we zien wat er gebeurt, de gasprijzen zijn verdubbeld en dat schroef je niet een, twee, drie weer terug waarschijnlijk, maar dat zal zo een park als dit zal daar ook aan kunnen bijdragen dat ook de verminderde vraag naar gas dat daaraan bijgedragen wordt. De voorzitter: Mijnheer Boon, er is een interruptie van mevrouw De Vries, VVD. Mevrouw De Vries: Ja, voorzitter, dank u wel. Goed om te horen, voorzitter, dat de SGP ChristenUnie-fractie inderdaad ook van mening is dat Statkraft wel degelijk stappen de goede richting heeft gezet richting het compenseren van bewoners. De VVD-fractie is dan wel benieuwd naar het oordeel van de heer Boon rond het feit dat de contracten die dan vastgelegd worden maar een duur hebben van een jaar met een opzegtermijn of met een verlengingsmogelijkheid van een jaar terwijl we weten met zijn allen dat dit zonneveld als de raad ermee akkoord gaat dertig jaar ligt. Vindt u dat

20

een reëel risico wat op dit moment op de schouders van de directe omwonenden, de dertien omwonenden rust? Wat is uw oordeel daarover? De voorzitter: De heer Boon, SGP-ChristenUnie. De heer Boon: Voorzitter, dat vind ik een vrij technische vraag. Ik moet eerlijk zeggen, dat vind ik ook wat lastig, dus misschien kan de wethouder zo nog iets over zeggen om mij een beetje te helpen daar even een goede richting op te komen, want die heb ik zo even niet helemaal scherp. Ik ben maar gewoon even eerlijk, mevrouw De Vries. De voorzitter: Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Voorzitter, dan wil ik de fractie van de SGP-ChristenUnie eigenlijk wel helpen. Als je een vergoeding krijgt en die vergoeding die geldt maar een jaar, terwijl de last in potentie dertig jaar duurt, wat is dan uw oordeel? De voorzitter: De heer Boon, en anders gaan we het straks aan het college vragen, want dat heeft de heer Boon al voorgesteld. De heer Boon: Nee, maar nu begrijp ik hem ook wat beter nu mevrouw De Vries het toelicht. Dat is inderdaad ook wel een vraag die wij hebben, want dat was in de stukken ook misschien wel wat verwarrend omdat er aan de ene kant sprake was er een jaarlijkse bijdrage en later begreep ik dat het meer een eenmalige was, maar ik zou toch graag willen dat de wethouder dat even toelicht en dat we dat even goed helder en scherp hebben. De voorzitter: Dank u wel.

Dit punt komt terug bij de antwoorden van het college. Mijnheer Boon, gaat u door met uw betoog. De heer Boon: Ik zit even te kijken naar het einde inderdaad, ik was bijna aan het einde. Wij willen dus het liefst dat de zonneladder zoveel mogelijk wordt toegepast, maar dat betekent niet dat er een moment kan zijn dat je toch zegt van: nou, er is een moment dat je meters maakt en wij denken dat dit zo een moment is. Het plan heeft al heel lang, een looptijd die echt heel lang is. We hebben zelf nog redelijk weinig ervaring als je kijkt naar andere gemeentes met grote zonneparken, dus op enig moment zou je toch een keerde stap moeten zetten. Dat gaat wat ons betreft niet ongelimiteerd, dat heb ik net ook al gezegd. Wij willen het liefst ook dat gronden gebruikt worden in de toekomst, en we hopen dan ook dat het beleid zo snel mogelijk klaar is, die onrendabel zijn, die niet voor landbouw geschikt zijn. En inderdaad, zon op dak, mevrouw Boer, dat is ook waar, maar nog lang niet alle daken zijn geschikt en met zon op dak gaan we het gewoon simpelweg niet redden, dus we moeten wel iets doen. Tot slot nog een vraag aan de wethouder. Wij vroegen ons even af in de fractie van dit is natuurlijk een groot project.

Gaat het in de toekomst ook zo zijn, en dan vraag ik eigenlijk al een beetje naar het beleid, dat zeg maar grote projecten langs de raad gaan of komt dat straks bij het college te liggen? Kortom, is dit een soort blauwdruk hoe dit zal gaan bij grote projecten in de toekomst of kunnen we zeggen van: nou, als het beleid er is, ligt het straks bij het college. Dat is nog graag iets waar we graag antwoord op zouden willen hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, Op die vraag zal straks antwoord gegeven worden. Wie mag ik in de eerste termijn nog het woord geven? Mevrouw Hendriks, CDA, aan u het woord. Mevrouw Hendriks: Ja, dank u wel voorzitter. Vorige maand stond dit bestemmingsplan ook al op de agenda. Toen hebben wij gevraagd of het een maand uitgesteld kon worden omdat er nog veel te leren viel. Nu staat het weer op de agenda, een klein zijstapje, maar wij hadden het wel netjes gevonden als het college in ieder geval de omwonenden te kennen had gegeven dat het weer op de 21

agenda stond, want die moesten het ook via via horen. Dat vonden wij niet zo netjes, maar goed, dat is een klein uitstapje. Het staat er nu weer op en we hebben inderdaad wel de afgelopen maand gebruikt om ons nog verder erin te verdiepen en inderdaad goede gesprekken ook te voeren met Statkraft en natuurlijk met alle inwoners, of niet met alle, maar een groot deel van de inwoners rond het gebied. Naar aanleiding daarvan, ja, heel open en eerlijk, twijfelen wij nog steeds, want dan sluit ik me aan bij wat mevrouw Van Loon zegt, energie, groene energie en zeker zelfvoorzienend bevoegdheid in deze tijd is echt belangrijk, maar zijn er niet andere zaken nog belangrijker? Want het moet natuurlijk wel heel goed gebeuren op onze grond in onze gemeente. Naar aanleiding daarvan hebben we twee punten. De eerste is, kijk, er ligt hier nu een ruimtelijk plan voor ons, een ruimtelijke keuze die we gaan maken en zoals ik het begrepen heb, en college, corrigeer ons alstublieft als het niet klopt, en het sluit ook een beetje aan bij de vragen over de coördinatieregeling, op het moment dat wij als raad ja hebben gezegd, of stel dat wij ja zeggen straks tegen het bestemmingsplan, hebben we daarmee alle sturingsinstrumenten uit handen gegeven? Het is eigenlijk een heel concrete vraag, want er zijn best nog wat puntjes die open liggen, dus dat is eigenlijk heel concreet.

Zijn we dan als raad ligt ons lot dan in handen van de welwillendheid van Statkraft? Die absoluut welwillend is volgens ons, maar het is wel een behoorlijk risico. Dus dat is de eerste concrete vraag. De tweede is wat politieker en dat gaat eigenlijk om dat wij als lokale CDA-fractie toch wel weer het idee hebben gekregen dat het college nogal achterover geleund heeft in dit dossier, dat er inderdaad zoals ik net al zei heel veel open eindjes nog zijn, dat wij als raad, in ieder geval een aantal actieve raadsleden ons de afgelopen dagen weer flink hebben een gelezen, veel met elkaar gebeld en geappt en gedaan hebben om te kijken van: waar zitten de open eindjes? Wat moet er nog opgelost worden wat volgens ons beter door het college had moeten opgelost worden? Maar dat is niet gebeurd, dus laten wij het dan maar als raadsleden gaan doen. Naar aanleiding daarvan zijn er ook twee moties door de WD ingediend en zullen wij ook nog een motie indienen en dat doen wij nou niet omdat we zo ontzettend graag moties in willen dienen, maar dat is echt het gevoel dat ons bekruipt en dat zagen we ook al bij de omgevingsvisie en nu ook weer. Wat ons betreft mag het college veel scherper zitten op dit soort zaken om de open einden te sluiten en niet te verwachten dat de raad de open einden sluit.

Dus vandaar dat wij ook een motie zullen indienen straks waarbij wat ik al zei het voor ons wel heel belangrijk is wat het antwoord is van de wethouder op deze moties en ik zou ook wel heel graag misschien al wel een soort van toezegging willen hebben van de wethouder, want het liefst had ik eerst de stemming over de moties gedaan en daarna de stemming over het plan. Dat geeft ook wel aan hoe nauw het luistert bij ons. Procedureel kan dat niet. Het zou ons wel heel erg helpen als we iets van toezegging zouden krijgen in het antwoord van het college om op die manier een betere afweging te kunnen maken straks bij het besluit. Mag ik dan nu de motie voordragen? De voorzitter: Ja hoor. Gaat uw gang. Mevrouw Hendriks: Als ik hem kan vinden. Dank je. ik zal het dictum doen en even het stukje daarvoor, want het is natuurlijk wel de enorme maatschappelijke noodzaak dat die er is, we zien een maatschappelijke noodzaak en het draagvlak in de omgeving van het zonnepark die is heel mogelijk en heel wenselijk en er is een risico op het verliezen van draagvlak door onenigheid over de inrichting, daar had mijnheer Boon het ook over, aan de Drachterweg.

Het verlies aan draagvlak is natuurlijk ongewenst en daarom, daar komt het dictum, verzoeken wij het college te verzekeren dat de hoofdingang aan de Oenerweg toegankelijk blijft na de aanleg en punt twee, bij het opstellen van de uitwerkingsplannen een oplossing te vinden voor een minimaal gebruik zonder overlast voor de buurt van de ingang van de Drachterweg en waar nodig deze te verplaatsten. Dat was het voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: U gaat ongetwijfeld over tot de orde van de dag.

22

Mevrouw Hendriks: Oh ja, laten we dat doen. Ja, dank u. De voorzitter: Heel fijn. Dan is deze motie ook ingediend en die noem ik maar even 7C, dan hebben we daar ook een kleine ordening in. De moties die ingediend zijn, zijn ook openbaar leesbaar in Notubiz en op de website. De heer Vos, Nieuwe Lijn, aan u het woord. De heer Vos: Ja, dank u wel voorzitter, eerst even mijn geluid iets anders hebben, want zo gaat het beter. Dank u wel. Kan de wethouder ons uitleggen, de buurt is het eens met overeenkomst die hun aangeboden wordt en wij waren ervan uitgegaan dat het dertig jaar zou duren, maar blijkbaar uit de stukken blijkt dat het maar een jaar is en ieder jaar verlengd zou moeten worden. Is de buurt daarmee akkoord gegaan? Dank u wel. De voorzitter: Dank. Dan kijk ik nog een keer of er iemand is in de eerste termijn. Zo niet, dan ga ik in de eerste termijn namens het college de heer Aalbers. Aan u het woord. De heer Aalbers: Dank u wel voorzitter. U heeft mij veel zien schrijven, verschillende plekken, dus dat moet ik even ordenen, want het is een complexe reeks aan betogen die ik heb gehoord en die wil ik graag allemaal heel serieus nemen.

Maar ik wil graag starten met de essentie die er voor het college in zit, namelijk dat wij met het vaststellen van dit bestemmingsplan een kans kunnen benutten om de energietransitie in onze gemeente een hele flinke stap voorwaarts te brengen. Met de te verwachten energieopbrengst van dit zonnepark kunnen we ook 3500 huishoudens van energie voorzien en we hebben er een heleboel in de gemeente Epe, veel meer dan 3500 en er is nog heel veel meer energie die gebruikt wordt voor mobiliteit, voor bedrijven, dus de opgave om uiteindelijk af te raken van fossiele brandstoffen en op duurzame energie over te gaan, die opgave is gigantisch. De eerste stap daarin, dat wil ik graag voorop zetten, dat is heel belangrijk. Verder is het zo dat de reacties die ik gehoord heb van de raadsleden diverse terreinen beslaan. Dat gaat over het plan zelf, dat gaat over de participatieprocessen. Mevrouw De Vries is daar zeer terecht over begonnen. Het gaat over participatie en dan gaat het over de opbrengst en het delen van de opbrengst via lokaal eigenaarschap met inwoners. Het is complex omdat wij eigenlijk nu ook een stuk energievoorziening discussie doen vanavond en het is complex vanwege de beleidsvorming die we aangekondigd hebben waarin dit project als een pilotproject geldt en waar we dus een ontwikkeling in te maken hebben.

Dus dat maakt ook mijn antwoord wat complex en ik zal proberen daar toch een goede lijn in te houden en daarmee ook alle inbreng recht te doen. De aanloop naar deze raadsvergadering, de commissievergadering is geweest en het was duidelijk dat er nog heel veel vragen te beantwoorden waren na die commissievergadering en daar is vervolgens hard aan gewerkt, niet alleen door u als raad, daar is ook door de ambtelijke staf hard aan gewerkt, door Statkraft aan gewerkt en door het college aan gewerkt. Een heleboel antwoorden over bestemmingsplan, techniek en de ruimtelijke aspecten die konden we zelf natuurlijk opstellen en datzelfde geldt voor het verslag waar terecht om gevraagd werd in de commissie van de procesparticipatie. Maar het lag wat lastiger bij de vragen over financiële compensatie en eigendomsparticipatie en daarvoor lag er duidelijk een taak bij die initiatiefnemer. Vanuit de gemeente is er heel nadrukkelijk aangegeven richting die initiatiefnemer dat er meer duidelijkheid nodig was om onzekerheid over de uitvoering van die afspraken die in de anterieure overeenkomst waren opgeschreven, om die onduidelijkheid daarover weg te nemen. Er is duidelijkheid nodig zowel voor de omwonenden, maar ook voor de potentiële partners vanuit de lokale participatie voor eigendom via een coöperatie dan wel via afzonderlijke inwoners.

Er zijn daarop gesprekken geweest met een aantal fracties, maar niet met alle. Wat ik daarvan weet, is dat er in die gesprekken wel veel duidelijkheid is gebracht, maar dat geldt dus niet voor alle fracties. Als reactie daarop is zeker aan het begin van deze week om en zeg maar rond het weekend, is er opnieuw een signaal gegaan naar de initiatiefnemer om een duidelijke verklaring daarvoor op te stellen en dat is de laatste verstrekte informatie die u bereikt heeft en ik hoop dat die informatie ook heel veel duidelijkheid heeft gegeven. Het doel ervan was, van de actie die van ons uit gedaan is, om 23

ervoor te zorgen dat de informatiepositie van de raad dat die gelijkgeschakeld werd om een correcte raadsbehandeling vanavond te kunnen laten plaatsvinden. Er is een begin gemaakt met het proces al geruime tijd geleden en er is een verzoek gekomen om de coördinatieregeling toe te passen en dat is op 18juni 2020 in deze raad behandeld. Dat heeft de raad goed gevonden en vervolgens is er gediscussieerd via een motie vreemd aan de orde van de dag of we op dat moment besluiten om gericht beleid voor het opwekken van duurzame energie met zon en wind op land grootschalig om dat bij voorhand vast te gaan stellen. Die motie is niet aangenomen en dat betekent dat op dat moment de raad dus gezegd heeft van met de huidige beleidskaders op dat moment en met de te verwachten ontwikkeling van beleid operaties die er dan komen, om dat als basis te nemen bij dit project en tevens als pilot te nemen om veel van te leren. De voorzitter: Mijnheer Aalbers, er is een interruptie van mevrouw Van Loon, D66. Mevrouw Van Loon: Ja, dank u voorzitter. De wethouder die geeft aan dat de raad die motie niet heeft ondersteund.

Dat was een motie van de VVD inderdaad en de Dorpspartij, maar het college heeft de motie ook ontraden, dus nu begrijp ik niet, het lijkt als een verwijt naar de raad dat wij niet actief wilden inzetten op het snel vormen van beleid terwijl dat we in heel veel bijeenkomsten over de energietransitie dat de raad heel veel kaders en randvoorwaarden heeft aangedragen waaraan het beleid zou moeten voldoen en toen het college toen ook is geantwoord van: nou, daar wordt op ingezet. En ik weet ook dat er heel hard wordt gewerkt aan het beleid, ik weet niet of, en dat heeft het college destijds ook aangegeven, dat dat niet zozeer versneld kon worden, dus toch graag: had dat dan versneld kunnen worden? Ligt het aan de raad dat er nog geen beraad is en dat het college alleen heeft kunnen toetsen op de wet ruimtelijke ordening? De voorzitter: De heer Aalbers namens het college. De heer Aalbers: Dank u voorzitter. Voorzitter, mijn opmerking was geen verwijt richting de raad van: Enzovoort. Het college had op dat moment het had u toen maar doorgezet, dan hadden we vertrouwen dat de voorliggende aanvraag met de beschikbare beleidskaders en de te ontwikkelen beleidskaders inderdaad een goed verloop zou kunnen hebben.

Maar het neemt niet weg dat er dus, en er is door een aantal van u naar gevraagd, een beleidsbasis ligt die nogal uiteenlopend is en die niet en stuk betreft met de titel ‘beleidskader opwekking duurzame energie grootschalig zon en wind op land’ of iets dergelijks. We hebben natuurlijk de regelgeving van de wet ruimtelijke ordening, de omgevingsverordening van de provincie Gelderland en het klimaatakkoord waarin als tussendoel voor 2030 die 49 procent reductie C02-productie staat. Het Gelderse energieakkoord waar onze gemeente aan deelneemt, is nadrukkelijk benoemd in het coalitieakkoord en ook in de agenda van de Cleantech Regio daar ligt een basis voor een prestatieafspraken die in het coalitieakkoord zijn terechtgekomen om uiteindelijk een energieneutrale regio te willen zijn. Gemeente Epe heeft een eigen duurzaamheidsnota en daar heb je nieuw beleid. We hebben een omgevingsvisie vastgesteld, Natuurlijk Goed Leven recent en we hebben een regionale energiestrategie 1.0 recent vastgesteld en daarin, in die regionale energievisie, strategie, wordt de zonneladder krijgt daar duidelijk een plek en ook de eis om de versterking van natuur en biodiversiteit te gaan realiseren staat daarin en heeft uitwerking gekregen in het voorliggende plan.

Tenslotte, de transitie visie energie en warmte die zeer recent door de raad is vastgesteld, maar omdat dat zeer recent was, is die dus niet ten grondslag gelegd aan dit plan, maar de inhoud is wel degelijk belangrijk en dan ga ik dus daarmee even in op een aantal vragen over: waar leg je nou je prioriteit? Wil je het alleen maar zoeken in zon op land grootschalig met zonneparken of heb je het ook over andere initiatieven? En juist in die transitievisie energie en warmte daar wordt de focus gelegd, de topfocus gelegd bij uiteraard energiebesparing. Wat je niet gebruikt hoef je niet op te wekken. Er wordt focus gelegd bij zon op dak en er wordt focus gelegd op het collectief warmtenet, maar er is wel degelijk het besef dat we er daarmee niet zijn. Wij zullen ook moeten inzetten op andere manieren van duurzame opwekking en daar hoort dus zon op ...

24

land bij, dus in die transitievisie zijn wel degelijk windmolens en zonneparken onderdeel van die energietransitie. Gemeente Epe, zo staat ook in die recente visie, is geen eigen initiatiefnemer voor grootschalige opwekking. Daar hebben wij geen grond voor en ook niet dus de middelen voor. Wij willen wel faciliteren zijn en het is ook nog even van belang om te noemen, dat is even een zijpaadje, voorzitter, we hebben recent ook een uitnodiging naar uw raad gedaan om mee te doen in de volgende stap die we aan die transitievisie energie en warmte koppelen, namelijk het uitwerken van het beleidskader, dus de oproep om mee te doen aan de beoordeling van de pitches die daarvoor door potentiële opdrachtnemers worden gehouden binnenkort. Voorzitter, het is zo dat de opdracht voor de participatie die in de anterieure overeenkomst staat, dat die inderdaad een bundeling is, een combinatie van zowel wat de gemeente daar als taak in heeft en wat de initiatiefnemer daar als taak in heeft en ik heb uit het betoog van mevrouw De Vries Mevrouw De Vries, ik nam uw betoog dat u in het begin gehouden heeft uiteraard zeer serieus over, want u hebt daar toch wel rake dingen in gezegd, maar ik wil er wel even op wijzen dat met de discussie die wij hebben gehad over hoe de gemeente optreedt in participatieprocessen, dat we daar al naar gekeken hebben en ook conclusies uit getrokken hebben.

Maar als we die conclusies getrokken hebben ver nadat het proces voor deze planvorming is gestart, dan past dat niet goed op elkaar om dan te zeggen: het had beter gemoeten, want we hebben geconcludeerd dat het niet goed liep en anders had gemoeten. Er zijn dus wel degelijk dingen aan te merken op het participatieproces, maar het is niet zo dat het niet gebeurd is. Er lag een taak en die taak was gecombineerd van gemeente en initiatiefnemer. Die is ook uitgevoerd en die kunt u terugvinden in het participatieverslag hoe die is uitgevoerd. Dat is dus niet een pro forma bijeenkomst geweest voor inwoners, dat is een breed opgezet participatietraject geweest en u kunt dat op bladzijde drie van het participatieverslag terugvinden. Daar staat een keurig schema hoe dat verlopen is. Mevrouw De Vries, voorzitter, ik wil graag aan mevrouw De Vries aangeven dat ik het niet als een welles nietes betoog wil brengen. Ik herhaal dat zij rake dingen heeft gezegd, maar dat het uiteindelijke resultaat, zeker nadat de eerste keer het voorstel door de raad van de agenda gehaald is, dat er nog wel degelijk wat informatievoorziening betreft die eindsprint is geweest en dat heb ik zojuist geschetst.

Dan is het zo dat het college, de raad ook dit als een pilotproject graag wil beschouwen en in die zin, een pilotproject omdat wij de ervaringen met dit project graag willen gebruiken voor het opstellen van dat nieuwe beleidskader grootschalig opwekken duurzame energie op land. Een heel belangrijk punt dat we hier dus leren, is dat die borging van de financiële participatie dat die belangrijk is. Hoe zit het met lokaal eigendom en hoe zit het met een compensatieregeling voor omwonenden? En een heel belangrijk leerpunt is dus dat wij een goede procesgang moeten ontwerpen waar we wel een poging voor hadden gedaan in de anterieure overeenkomst, maar dat dat beter kan. Dat moeten we doen zowel voor de ruimtelijke ordening, maar ook voor de participatie van inwoners en van belanghebbenden en ook voor het realiseren van lokaal eigenaarschap. Ik heb het in eerdere discussies wel eens genoemd van: wij moeten in die ruimtelijke processen de klantreis in ogenschouw nemen, maar wij moeten ook zorgen dat we zorgen voor een klantreisleider die niet alleen maar het proces zelf bekijkt, maar ook juist de belangen van de andere partijen die in de participatie betrokken moeten zijn, dat die die in de gaten kan houden. ...

De voorzitter: Mijnheer Aalbers, er is een interruptie van de heer Van der Vlies, Dorpspartij. De heer Van der Vlies: Voorzitter, dank u wel. Aanhorende het antwoord van onze wethouder geeft hij aan dat het beleidskader vastgesteld moet worden voor grootschalige energie opwekken op land, maar daarvoor hoor ik de wethouder zeggen van: we hebben daar helemaal de ruimte niet voor, dus hoe moet ik dat nu plaatsen dan? De voorzitter: Mijnheer Aalbers. De heer Aalbers: Voorzitter, dan is er toch enige ruis op de lijn geweest, want dat heb ik niet gezegd. Ik heb gezegd dat de gemeente Epe zelf geen een initiatiefnemer is voor grootschalige energie 25

opwekprojecten, maar ik heb niet gezegd dat wij geen beleidskader gaan ontwikkelen. Wij gaan wel degelijk een beleidskader ontwikkelen en dat is wat ik gezegd heb. Dus wat dat betreft hoop ik u gerust te stellen. De voorzitter: Dat ga ik even toetsen bij de heer Van der Vlies. De heer Van der Vlies: Nou ja, goed, u geeft aan: we hebben geen ruimte. Dat heeft u net gezegd. We hebben geen ruimte voor grootschalig energie opwekken en dat er dan wel een beleidskader moet komen dat vond ik dan een beetje raar dat we toch een beleidskader gaan maken, maar we hebben de ruimte er niet voor. Maar goed, dat is even een opmerking. We kunnen het later nog even terug horen denk ik. Dank u wel. De voorzitter: Ik denk dat er een misverstand is, dus de heer Aalbers, kunt u dat nog een keer proberen uit de weg te helpen? De heer Aalbers: Dank u voorzitter, dat zal ik doen. Wij hebben als gemeente geen grondeigendom van voldoende omvang om zelf initiatiefnemer te kunnen zijn om die grondeigendom die we niet hebben dus ook niet in te kunnen zetten. Het klinkt wat ingewikkelder als ik mijzelf hoor praten, maar u begrijpt heel goed wat ik bedoel denk ik. Als wij geen grond hebben, kunnen wij niet op onze eigen grond die initiatieven ter hand nemen. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Aalbers: Ja, dank u voorzitter.

De mogelijkheden voor regie, en daar gaat het om, dat is het grote leerpunt van dit proces, die liggen bij het vervolg voor komende projecten en de kans daarvoor die heet met een mooi woord een maatschappelijke tender en dat is een instrument waarvoor ook in de RES 1 .0 de nodige opmerkingen zijn gemaakt en waarvan aangegeven is dat dat een goed instrument zou kunnen zijn. Wat het college betreft gaan we daar nadrukkelijk naar kijken hoe de gemeente op allerlei criteria regie kan voeren zoals de mate van lokaal eigendom en de participatie van omwonenden. Daar kan je actieve regie op voeren als je zegt van: nou, ik heb hier een gebied en ik stel uitgangspunten en randvoorwaarden vast voor de productie, de manier ook van de productie van die hoeveelheid energie en je doet dan een uitnodiging aan mogelijke ontwikkelaars om een projectvoorstel daarvoor in te dienen. Dan ga je vervolgens die projectvoorstellen beoordelen met een lijst van criteria waar je een puntensysteem aan kunt toekennen, dat is een bekend systeem in de aanbestedingswereld en uiteindelijk selecteerje dan de projectontwikkelaar die het plan kan gaan opzetten. Dan kun je dus in die voorwaarden allerlei dingen mee koppelen, allerlei beleidsdoelen realisering geven, zoals wat ik straks noemde die voorwaarden voor de biodiversiteit, voor meervoudige ruimtegebruik, voor inpassing landschappelijk.

Hoe ga je zaken opruimen als de exploitatieperiode voorbij is? Hoe ga je om met de procesparticipatie van inwoners? En hoe ga je om met de financiële participatie? Al die zaken zijn via dat instrument maatschappelijke tender te realiseren en dat leerpunt dat zullen we nadrukkelijk betrekken bij het opstellen van het beleidskader dat we hebben te doen. De voorzitter: Mijnheer Aalbers, u moet even uitkijken dat we niet allemaal toekomstig beleid hier gaan proberen te formuleren, maar ik merk dat er een vraag is van mevrouw Van Loon, D66. Mevrouw Van Loon: Ja, dank u wel voorzitter, Ik was al heel blij, want de spanningsboog werd heel groot moet ik bekennen, maar dat het woord maatschappelijke tender viel inderdaad, want ik was al bang dat het naar een reguliere aanbesteding zou gaan, maar maatschappelijke tender dat klinkt goed, daar zijn al heel veel mooie voorbeelden van, maar ik was nog getriggerd door wat de wethouder eerder aangehaalde: een klantreis. Nou, dat klonk enorm lean wat er ging gebeuren, maar ik ben wel benieuwd wie de wethouder als klant ziet in een project als deze? 26

De voorzitter: Een mooie vraag. Meneer Aalbers, wie ziet u als klant? Wethouder Aalbers: Dat zijn wij in feite allemaal, als het gaat om een algemeen belang. En specifiek voor dit soort projecten gaat het natuurlijk in eerste instantie om de omwonenden van een plek waar een grootschalige opwek gerealiseerd moet worden. Maar ook om de maatschappelijke partners, bijvoorbeeld een energiecorporatie, he, ik heb het zelf dacht ik in het betoog aangegeven en, ja, we hebben er nu één in de gemeente, maar er zouden er best nog meer kunnen ontstaan. Dat kan ik niet voorspellen. Maar ik zal de woorden van de voorzitter in acht nemen dat we toekomstig beleid inderdaad met u gaan ontwerpen en dat ik dat niet nu hierbij met een betoog even vast kan stellen. Dus samenvattend, maatschappelijke tender biedt ruimte voor het realiseren van maatschappelijke wensen en de ruimtelijke wensen en het is dus eigenlijk de uitnodigingsplanologie karakter die ook bij de omgevingswet prima past. Goed, voorzitter. Dat zijn denk ik de algemene lijnen, de hoofdlijnen die ik had willen benoemen. Dan zijn er vanuit de diverse fracties opmerkingen gemaakt, vragen gesteld en ook moties ingediend. En daar wil ik ook graag even goed de tijd voor nemen om die allemaal te behandelen. De voorzitter: Probeert u het wel een beetje beperkt te houden.

Wethouder Aalbers: Dat doe ik, voorzitter, Ik zal dan beginnen met de eerste motie die door de fractie van de WD is ingediend. Dat is de motie die u straks 7a hebt genoemd, waarin het college wordt opgeroepen met spoed de beleidskaders op te stellen voor de bewonersregelingen vijftig procent eigenaarschap en dat voor te leggen aan de raad. De reactie daarop, dat gaat zeker snel gebeuren. Er wordt met ingang van het tweede kwartaal van dit jaar de opdracht uitgegeven om dat uitwerkingsbeleid vorm te gaan geven. En dat is al snel. Het tweede kwartaal. Het tweede is, en dat gaat precies over die dertien omwonenden en de dertig jaar, daar moet ik toch iets meer over zeggen, want er waren in aanvang twee regelingen die mogelijk zouden kunnen worden ingezet voor de compensatie van omwonenden. Er is de eerste die ik zou willen noemen, is het vormen van een omgevingsfonds waarin jaar na jaar een deel van de opbrengst gestort zou kunnen worden om daarmee initiatieven die in de buurt belangrijk zijn voor het welzijn van de inwoners te kunnen bekostigen. En de andere was de omwonende regeling waarbij het vooral ging om aanpassingen van bijvoorbeeld de woningen wat betreft de energiehuishouding en energiebesparende maatregelen. De eerste die ik noemde, dat is een wat meer algemene, die blijkt niet de voorkeur te hebben van de omwonenden.

En die is dus ook verder niet uitgewerkt, u heeft dat kunnen lezen in de informatie die door de initiatiefnemer aan u gestuurd is en dan blijft dus de andere regeling over. En die andere regeling, die omwonendenregeling, die is als volgt ingezet: er is voor de verwachte exploitatieperiode een deel van de opbrengst geraamd en daarvan is teruggerekend naar de contante waarde van het startmoment en dat bedrag wordt dan via die overeenkomst besteed volgens die verdeeldsleutel die erbij gezegd is voor de aanpassing van de woningen van de omwonenden. En dat is in de vorm van een contract vastgelegd waarvan inderdaad staat, het heeft de looptijd van een jaar, maar wordt vervolgens jaarlijks verlengd totdat zich opzeggingsgronden voordoen en die staan dan in dat artikel wat even iets verder staat. Even kijken, dat is 42 en 43. Dat wanneer aan alle verplichtingen voldaan is, dat is die opbrengst, die contante waarde ingezet is, dan is het contract verder niet meer nodig. En ook vervalt het contract wanneer de realisering van het zonnepark überhaupt niet tot stand komt. En dat is dan verder een vrij logische. Dus wat betreft het tweede deel van uw motie, mevrouw De Vries. Sorry, voorzitter.

Ik zou mevrouw De Vries graag willen zeggen dat het tweede deel van haar motie dus betreft de omwonendenregelingen met een contante waarde, het bedrag is in één keer beschikbaar voor de duurzaamheidsmaatregelen en er is dus geen situatie die zich van jaar tot jaar in kleine stukjes over een periode van dertig jaar begeeft. En daarmee is mijn conclusie dat ik hoop dat mevrouw De Vries voldoende heeft aan dit antwoord en haar motie verder niet meer nodig vindt en die zo meteen zal intrekken. De tweede motie van de fractie van de VVD, dat is de motie die u straks 7b hebt genoemd, voorzitter en dat gaat over de geluidsbescherming. En u roept op om in de 27

opvolgende omgevingsvergunning voor het Zonnepark de geluidsoverlast nadrukkelijk te reguleren, te zorgen dat er geen significante effecten optreden zodat die met geluidsvoorschriften. Het is zo dat via het bestemmingsplan een aanpassing is geregeld. En u hebt daar een kwalificatie van gegeven, maar die gaat wat mij betreft toch een beetje mank, want het gaat er wel degelijk om dat er een bestaand geluidsniveau is van de snelweg, wat via de harde oppervlakte van de zonnepanelen mogelijk weerkaatst wordt in een richting waardoor het ook bij de woningen terechtkomt en dat het erom gaat om die extra geluidsdruk, om dat te verspreiden, te verminderen, te laten absorberen. Daarvoor is een voorziening bedacht, dat is die landschappelijke inpassing ook gelijk, dat is het aanleggen van die groenstrook en daarvan gaan wij in de omgevingsvergunning opnemen, dringend opnemen, dat die klaar moet zijn en functioneel moet zijn, voordat de bouw van het park gerealiseerd wordt. En we gaan daarin, zo is het voornemen heb ik me laten verzekeren, ook het formaat van de aan te planten woonstruiken en dergelijke gaan wij voorschrijven en ook de plantperiode. Opdat voordat het Zonnepark gerealiseerd wordt, die geluidsbelasting op de woningen voldoende gerealiseerd is. De voorzitter: Meneer Aalbers, dat roept een vraag op van mevrouw De Vries, in ieder geval een interruptie.

Mevrouw De Vries: Voorzitter, het klinkt een beetje als wensdenken van het college. Ja, de A50 produceert moeilijk veel geluid. 67 dB(A). Dat is twee dB(A) boven de saneringsgrens. Dus Rijkswaterstaat, het ministerie van Verkeer en Waterstaat, gaat met haar register, haar plannen, aan de slag met de A50. Ze gaan daar voorzieningen treffen, want daartoe is ook het ministerie wettelijk toe verplicht, om die saneringsgrens van 65 dB(A) in acht te nemen. Door de vernieuwing in de omgeving door de plaatsing van het zonneveld is aangetoond, door de transparantie overigens van Statkraft, want dat was niet wettelijk verplicht dat ze een geluidrapport bij dit bestemmingsplan zouden bijvoegen, dus dat is wel een waardering waard, wat mijn fractie betreft. Maar is in ieder geval duidelijk geworden dat voor twee woningen significante geluidproblemen zullen gaan voordoen door de realisatie van het zon neveld. Dat zijn feiten, voorzitter. Als je dan zegt, dat ga ik oplossen, op pagina twintig in de toelichting, met een maatschappelijke inpassing, dan had het toch ook op de weg van het college gelegen, voorzitter? Om dat met een geluidrapport aan te tonen, wat je daar dan in verbetert. Want wij als gemeente hebben nu eenmaal een zorgplicht naar onze inwoners, om dat stukje, niet van de snelweg, maar wel het extra wat ontstaat door de plaatsing van het zonneveld, om dat weg te nemen.

En daar ontbreekt simpelweg data. En ik snap de goeie bedoelingen wel, maar voorzitter het kan toch niet zo zijn dat wij een manschappelijke inpassing prachtig realiseren, maar het effect wat noodzakelijk is voor de gezondheid van twee locaties, daarbij niet in het oog hebben en het had op het college toch op zijn minst op het contra van het college gelegen om daar in ieder geval het resultaat van te laten zien wat het effect is van die inpassing van die groenstrook. Want daar zit een zorg bij mijn fractie, voorzitter. Dus ik nodig het college uit om daar nog extra toelichting over te geven. De voorzitter: Dank. Laten we proberen ook de interruptie een beetje kort te houden, dan kan ik ook de wethouder vragen om het kort te houden en niet al te technisch te worden, want anders wordt het niet meer te volgen. De heer Aalbers, namens het college. Wethouder Aalbers: Dank u, voorzitter. Mevrouw De Vries wijst op twee woningen waar de effecten het grootst zijn. Dat klopt. Het effect is becijferd, zo heb ik mij laten informeren, op 1,6 dB(A) toevoeging aan het huidige geluidsniveau. Daarvoor heb ik aangegeven dat we via de omgevingsvergunning daar een aanpassing voor nodig vinden en ik heb zojuist het middel daarvan genoemd, dat is die beplanting, maar we zullen ook het effect daarvan benoemen.

Met andere woorden, als het effect niet gehaald wordt, dan zullen aanvullende maatregelen nodig zijn. We

28

hebben het vertrouwen dat met de opzet zoals nu voorgenomen, dat effect bereikt wordt. Als dat niet zo is, dan zullen aanvullende maatregelen nodig zijn. De voorzitter: Mevrouw De Vries, bent u daar tevreden mee? Mevrouw De Vries: Nee, daar ben ik niet tevreden mee, voorzitter. Simpelweg omdat daar de inwoners eigenlijk helemaal niks aan hebben. Die willen aan de voorkant bescherming hebben, die willen aan de voorkant een transparant maatregelenpakket. En wat ik het college hoor zeggen is, nou, we denken wel dat het goed gaat en als het niet goed gaat, dat zien we dan wel weer. Voorzitter, dat is nou precies de houding waar mijn fractie toch echt wel heel veel zorgen over heeft. Dus nogmaals de uitnodiging. Kan het college daarin concreter zijn? De voorzitter: Meneer Aalbers, kunt u daar nog concreter over zijn? Wethouder Aalbers: Voorzitter, ik ben zojuist maximaal concreet geweest naar mijn idee en ik hoop dat het toch bij mevrouw De Vries blijft hangen wat ik zei, dat het gaat om het effect en dat we vertrouwen hebben in de maatregelen zoals voorgesteld. De voorzitter: Gaat u verder met uw betoog. Wethouder Aalbers: Ja, dank u, voorzitter. Even kijken. De volgende opmerkingen die ook een voorstel van de raad heeft opgeleverd, die gingen over de situering van de inrit voor onderhoud.

Meneer Boon heeft daar bij interruptie nog in zijn eigen termijn op gewezen en ook bij D66 is dat genoemd, mevrouw Van Loon heeft het genoemd. En uiteraard ook de fractie van het CDA. En wat betreft dat zou ik willen aangeven, de motie verzoekt om te verzekeren dat de hoofdingang aan de Oenerweg toegankelijk blijft na aanleg. Dat blijft ie. De hoofdingang blijft op het terrein van de grondeigenaar. En dus het eerste punt van, ik zie mevrouw Hendriks eigenlijk niet meer. Ah, u bent er wel. Het eerste punt wat betreft die motie, daarop is dus de verzekering: ja. En het tweede punt verzoekt het college om bij het opstellen van uitwerkingsplannen een oplossing te vinden voor een minimaal gebruik zonder overlast van de buurt van die ingang aan de Drachterweg en waar nodig die te verplaatsen en ook daarop is het antwoord: ja, dat zullen we doen. Daar hebben we al overleg over. En ook het aspect dat door één van de raadsleden genoemd is, van, het is precies een soort zichtsituatie dat je kijkt op die onderhoudsweg. Dat heeft te maken met die verplaatsing waar dus rekening mee gehouden kan worden. Dus wat dat betreft, de inhoud van die motie, die is akkoord. U kunt dit als een toezegging beschouwen, voorzitter. En als de motie verder in stemming wordt gebracht, dan is daar het advies positief over. Dus dat kan gerealiseerd worden.

Voorzitter, ik denk dat ik dan echt de, het eind van mijn betoog nu voor eerste termijn bereikt heb. Dank u wel voor het geduld. En ook het geduld van de raadsleden. Dank u. De voorzitter: Dank. Dan is er nog een interruptie van mevrouw Van Loon, D66 en daarna de heer Van der Vlies, Dorpspartij. Mevrouw Van Loon: Ja, toch, want ik had een aantal vragen gesteld en één vind ik toch wel erg belangrijk en ik weet niet of ik hem heb gemist, maar is die vijftig procent, minimaal vijftig procent eigenaarschap, nu gegarandeerd of is daar nog een vorige stap van een derde partij of van het college voor nodig om dat weer? Want het lijkt alsof er een voorbehoud in het besluit staat. Dus graag nog een duidelijke reactie daarop. De voorzitter: De heer Van der Vlies, Dorpspartij. Uw interruptie graag. De heer Van der Vlies: Dank u wel, voorzitter, Ik heb de wethouder horen zeggen dat deze twaalf hectare aan zonnepanelenpark aan 3500 gezinnen of huishoudens energie zou gaan leveren. Daar is 29

onderzoek naar gedaan door de Universiteit van Wageningen en die geeft aan dat er per hectare 150 gezinnen gebruik zouden kunnen maken van de elektriciteitsvoorziening, dus dan kom ik uit, in plaats van 3500 zoals de wethouder zegt, kom ik uit op 1800. Maar misschien dat de wethouder daar nog een aanvulling op kan geven. De voorzitter: Laten we uitkijken niet mekaar te veel met getallen te bestoken, want dan wordt het ingewikkeld. Maar de wethouder, namens het college, beide vragen. Wethouder Aalbers: Dank u, voorzitter. Wat betreft de vragen van mevrouw Van Loon over de vijftig procent lokaal eigenaarschap. U hebt de informatie, aanvullende informatie van de initiatiefnemer, die hebt u gekregen. En u zult zien dat daar ook een aantal stappen in staan die achtereenvolgens worden belopen, he, dat pad wordt belopen. Op enig moment komt daar een mogelijkheid uit dat dat lokaal eigenaarschap via lokale energiecoörporatie gerealiseerd zal kunnen worden. Maar daar is uiteraard een investeringsbedrag voor nodig.

En als blijkt dat de energiecoörporatie dat niet kan realiseren op eigen kracht met deelnemers met een participatieproject, dan rest natuurlijk de optie dat de initiatiefnemer dat alsnog probeert, of dat de energiecoörporatie zich wendt tot Gemeente Epe en zegt van, kunt u behulpzaam zijn bij het realiseren van die investering? Maar dan loop ik wel erg op de processen vooruit en dan kom ik echt wel op het terrein van collega-wethouder Visser, want dan gaat het om financiën en dan gaat het echt om het energiebeleid, hoe we dat vormgeven. Maar alle inspanningen zijn er dus op gericht, dat staat ook in de informatie, om die vijftig procent lokaal eigendom echt te koesteren, dat is niet voor niks, het uitgangspunt van het klimaatakkoord en ook van onze beleidslijnen. De voorzitter: Ik denk dat daar nog een aanvullende vraag over is. Mevrouw Van Loon, D66. Mevrouw Van Loon: Dank, voorzitter. Dus het is nog niet zeker, het is een uitgangspunt wat weliswaar zeer goed is uitgewerkt, maar het is nog niet zeker. De voorzitter: Meneer Aalbers, klopt dat? Wethouder Aalbers: Ja, als, voorzitter, als mevrouw Van Loon daar nu een ja of een nee op wil, en dat begrijp ik een beetje, dat vraagt ze wel vaker. Nee. Op dit moment is dat nog niet gerealiseerd. Maar alle inspanningen zijn erop gericht om dat wel te realiseren.

En dat is ook één van die leerpunten die ik straks benoemd heb, als je die maatschappelijke tender in de toekomst gaat inzetten, dan is die makkelijker af te dwingen via die tendervoorwaarden. En dat is één van de leerpunten van dit proces. En om op de vraag van meneer Van der Vlies nog een keer in te gaan, voorzitter, Ik heb de getallen genoemd zoals ik die via mijn informatiekanalen, de ambtelijk medewerkers en de initiatiefnemers, aangereikt heb gekregen. Dus die geef ik u door. De voorzitter: Goed. Ik zie dat mevrouw Van Loon toch nog even het laatste. Mevrouw Van Loon: Ja, dank u voorzitter, Ik vind hem echt heel erg belangrijk, want waar wij enorm over dubben, is van als we nu toch eens niet akkoord gaan en opnieuw deze procedure aangaan, dan kunnen we gebruik maken van een maatschappelijke tender en dan kunnen we het dus wel goed doen. Dus wethouder die haalt heel vaak aan wat we in de toekomst zouden willen gaan doen, maar dat heeft allemaal geen betrekking op dit project en op dit besluit. De voorzitter: Ja, dank u. Ik wijs u als voorzitter erop dat u hier gevraagd wordt om een ruimtelijk besluit te nemen. Dus dat daar natuurlijk ook consequenties aan zitten als u die om welke reden dan ook afwijst op niet ruimtelijke gronden. Dus dat is geheel aan u, maar dat is natuurlijk ook iets wat in de gerechtelijke gang die daar wellicht op volgt, ook meegewogen zou worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13512274/1