Mail aan raad - Verzoek af te zien van verdere afdoening aankondigingen feitcode R406 Vaassen
Tekst van het document
Onderwerp: Verzoek af te zien van verdere afdoening aankondigingen feitcode R406 Vaassen Openbaar gemaakt op: https://www.ebenezer-advies.nl/dure-hemelvaartsdag-in-vaassen/ Geacht college (via contactformulier), geachte gemeenteraad (via e-mail), Hierbij verzoek ik u af te zien van verdere afdoening van de op Hemelvaartsdag 14 mei 2026 uitgereikte aankondigingen van beschikking met feitcode R406 bij en nabij de kruising Jan Mulderstraat/Stationsstraat te Vaassen. Op Hemelvaartsdag 2026 vond opnieuw een drukbezochte editie van Vaasaqua plaats in Vaassen. Voor tientallen bezoekers heeft deze dag echter een vervelende nasmaak gekregen doordat zij een aankondiging van beschikking ontvingen. Zelf trof ik eveneens een dergelijke aankondiging onder mijn ruitenwisser aan, niet als bezoeker van het evenement, maar als klant van Albert Heijn. Na geruime tijd vergeefs te hebben gezocht naar een reguliere parkeerplaats bij de supermarkt, heb ik vanwege persoonlijke omstandigheden uiteindelijk geparkeerd op een veldje/groenstrook nabij de kruising Jan Mulderstraat/Stationsstraat. Thuis ligt mijn moeder op sterven en als 24-uurs mantelzorger kon ik niet langdurig van huis blijven. Na meerdere rondjes te hebben gereden, zag ik dat op genoemde locatie tientallen voertuigen geparkeerd stonden en nog één plek beschikbaar was.
In de veronderstelling dat parkeren daar kennelijk werd gedoogd, heb ik mijn voertuig daar neergezet. Bij terugkomst, ongeveer een half uur later, trof ik een aankondiging van beschikking aan. Tevens zag ik dat ook de overige voertuigen van eenzelfde aankondiging waren voorzien, terwijl twee handhavers nog bezig waren met het uitschrijven daarvan. Indien uiteindelijk een beschikking wordt opgelegd, zal ik daartegen bezwaar maken. Vooruitlopend daarop verzoek ik het college reeds nu om een moment van bezinning en om af te zien van verdere sanctionering. Daarbij geef ik het volgende ter overweging. De locatie waar geparkeerd werd oogt niet als een reguliere parkeerplaats, maar evenmin als een plaats waarvan onmiddellijk duidelijk is dat parkeren verboden is. Dat maakt de situatie relevant vanuit het oogpunt van kenbaarheid, rechtszekerheid en behoorlijk bestuur. Voor bepaalde parkeerverboden is geen afzonderlijke bebording vereist, omdat deze rechtstreeks voortvloeien uit het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Dat neemt echter niet weg dat voor burgers voldoende kenbaar moet zijn dat sprake is van een verboden situatie.
In dit geval is relevant dat: • tientallen voertuigen reeds op de locatie geparkeerd stonden; • geen afzetting aanwezig was; • geen duidelijk zichtbaar verbodsbord aanwezig was; • en de gemeente kennelijk niet direct heeft voorkomen dat voertuigen het terrein opreden. Onder dergelijke omstandigheden kan bij weggebruikers redelijkerwijs de indruk ontstaan dat het parkeren aldaar werd gedoogd, zeker tijdens een druk bezocht evenement waarbij parkeerdruk voorzienbaar is. Daarnaast roept de situatie de vraag op in hoeverre de gemeente reeds bekend was met de kwetsbaarheid van deze locatie tijdens drukke evenementen. In een gesprek met een direct omwonende bewoner begreep ik dat zich daar vaker vergelijkbare situaties voordoen. Indien dat juist is, dan was voor de gemeente voorzienbaar dat bezoekers vanwege de parkeerdruk geneigd zouden zijn hun voertuig op deze locatie te parkeren. Juist onder die omstandigheden had het op de weg van de gemeente gelegen om tijdig preventieve maatregelen te treffen, bijvoorbeeld door tijdelijke afzettingen, waarschuwingsborden of actieve verkeersbegeleiding. Het achterwege laten daarvan, gevolgd door grootschalige sanctionering achteraf, roept de vraag op of in deze situatie voldoende prioriteit is gegeven aan preventie en gedragsbeïnvloeding.
De gang van zaken wekt bij betrokken burgers al snel de indruk dat niet zozeer is ingezet op het voorkomen of corrigeren van ongewenst parkeergedrag, maar vooral op het achteraf sanctioneren van een voorzienbare situatie. Dat risico op schijn van oneigenlijke handhaving had naar mijn mening voorkomen moeten worden. Ik realiseer mij uiteraard dat handhaving onderdeel is van de publieke taak van de gemeente. Van een behoorlijk handelende overheid mag echter worden verwacht dat handhaving primair gericht is op normhandhaving en gedragsbeïnvloeding, en niet de indruk wekt dat gebruik wordt gemaakt van een voorzienbare situatie om eenvoudig grote aantallen sancties op te leggen. De situatie lijkt bovendien niet incidenteel te zijn geweest. Kennelijk hebben vele bezoekers dezelfde interpretatie van de locatie gehad. Dat wijst erop dat de feitelijke situatie ter plaatse onvoldoende duidelijk was ingericht om misverstanden te voorkomen.
In een eventuele bezwaarprocedure zal onder meer aandacht worden besteed aan: • het ontbreken van duidelijke bebording of fysieke afsluiting; • het massale gebruik van de locatie door bezoekers; • het ontbreken van waarschuwingen vooraf; • de gerechtvaardigde indruk dat parkeren werd gedoogd; • de voorzienbaarheid van de situatie voor de gemeente; • en de proportionaliteit van onmiddellijke massale sanctionering tijdens een evenement met voorzienbare parkeerdruk. De door mij gemaakte foto’s geven een representatief beeld van de feitelijke situatie ter plaatse en zullen zo nodig in een bezwaarprocedure worden ingebracht. Met vriendelijke groet, Ray Heijder (jurist) Ebenezer Advies