CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

Inzage blz 1-39

Gemeenteraad 10 maart 2022, gemeente EpeBij agendapunt: 4. Vaststelling Lijst ingekomen stukken13.071 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Een babyveilige router is een router die zichzelf uitschakelt als hij niet wordt gebruikt, en inschakelt als hij wel wordt gebruikt. En inderdaad, er is een vertraging van komma twee vijf seconden: een kwart seconde. Nou zeg. We zijn zo ongelooflijk verwend geraakt, en geconditioneerd, om al deze zaken te hebben. Maar weet je, we realiseren ons niet welke prijs we betalen voor die ogenblikkelijke verbondenheid.

De digitale kloof Josh: De verzekeringsbranche is wel degelijk op de hoogte. Lloyds of London, Swiss RE, de Fortune 500-verzekeringsmaatschappijen, die verzekeren in het geheel niets dat met draadloos te maken heeft. Ze plaatsen het in de hoogste lange termijn: de hoogste risicocategorie voor verzekering. Dus het lijkt wel of die megabedrijven, of dan toch degenen die erachter zitten, dat die gewoon... Het lijkt wel een razernij, een soort pakken-wat-je-pakken-kan, een kolk waar ze allemaal in tuimelen. Ze zetten doodeenvoudig alles in, en doen dat zo snel ze maar kunnen. Het is haast of ze weten dat als het tijd genoeg krijgt – als er voldoende onderzoek en bewustheid komt, en als ze werkelijk onderzoek hadden gedaan – dat er dan een moment komt waarop ze het niet meer zoals nu kunnen blijven doen. Zie jij die bubbel barsten? Dr. Davis: Weet je, ze hebben ook kinderen. Ik ben daar wel geweest. Mensen uit de branche nemen inmiddels contact met me op en ze vragen om nog net een beetje meer te doen. Dan zeg ik: ‘Kom op, zeg, jongens. Jullie weten best wat je moet doen.’ Ik heb allerlei mensen gesproken. 31

Google biedt nu aan gemeenten glasvezel aan. In St. Louis hebben ze kabel liggen. En in Chattanooga hebben ze ook kabel. Die steden hebben de hoogste internetsnelheden in de Verenigde Staten, omdat ze bekabeld zijn. Je kunt mobiel breedband in de steden hebben: steden kunnen al hun inwoners breedband bieden. En doe je het zo, dan verdwijnt de digitale kloof, als je dat maar doortrekt naar en in de huizen. Maar met wat we nu aan het doen zijn, leg je een fundament voor draadloosheid. Dat zal echter, zoals ook diverse bekende mensen waarschuwen, een ramp zijn. We willen geen fundament voor nog meer draadloze communicatie. Wat we willen is breedband-internet via een kabel naar en in onze scholen en huizen. We weten dat er veel verzet is onder leraren en ouders op scholen. De kinderen leren niet goed als ze de hele dag achter een computer zitten; dat werkt niet. Steeds meer ouders sturen hun kinderen – net zoals veel mensen in Silicon Valley – naar Vrije Scholen, waar computers pas vanaf twaalf jaar zijn toegestaan. Steeds meer ouders begrijpen dat je het gebruik door kinderen moet beperken. Je wilt best dat kinderen digitale burgers worden. Dat ze leren coderen, dat ze leren iets te maken, iets met techniek te doen. Maar niet met uitsluiting van hun vermogen om naar buiten toe te gaan en te spelen en te rennen en voetballen.

Want die dingen zijn ook een belangrijk onderdeel van het kind zijn. Momenteel is het zo, dat onze kinderen dat aan het verliezen zijn. We zien allerlei problemen die verband houden met dat kinderen niet mobieler zijn; bijvoorbeeld obesitas. Dat heeft natuurlijk te maken met industrieel bewerkt voedsel en nog een hele hoop andere zaken. Maar apparaten zijn beslist ook een van de factoren. Als we dit begrijpen, dan kunnen schoolbestuurders ook begrijpen dat ze belazerd zijn. Ze zijn doodgewoon belazerd door Betsy DeVos en haar kompanen, die jarenlang niet anders hebben gedaan dan openbare scholen te beschouwen als een markt waar ze computers konden pushen. Leraren zouden uiteindelijk vervangen kunnen worden door computers. Toen er schoolstakingen waren in Los Angeles, beweerden ze dat de kinderen toch konden leren, want ze hadden immers computers. Maar kinderen leren niet van computers. Kinderen leren van leraren met computers. Ouders zouden nooit voor langere tijd hun kinderen alleen achter een computer moeten laten. Ze zouden moeten zorgen erbij te zijn. Als je niet bij je kind bent wanneer het bezig is op een computer, dan is er een probleem voor jullie beiden.

Een veilige wereld Josh: Heb je eventueel nog laatste tips, voordat we dit besluiten? Waarom of hoe denk je dat we veilige technologie kunnen afdwingen? En is het mogelijk om een ander tempo aan te brengen – of misschien kun je zeggen: een positievere richting aan de toekomst geven? Dr. Davis: Wij hebben veiligheidskaarten ontwikkeld. Die staan beschikbaar op 32

onze website, zodat je deze informatie kunt delen. Als je iemand ziet met een baby of een peuter die op een telefoon kauwt, dan kun je wat informatie geven, zodat mensen begrijpen waarom dat geen goed idee is. We willen niet zorgen dat mensen in deze geplaagde wereld van vandaag zich schuldig voelen over wat ze doen. We willen ze informatie geven, zodat ze verstandige keuzes kunnen maken. Zodat we gezonde gezinnen en gezonde keuzes in een veiliger wereld kunnen hebben. Om dat mogelijk te maken, moeten we beter geïnformeerd worden over wat deze technologie inhoudt. Wat die kan doen; wat die niet zou mogen doen. We moeten veilige ruimtes en veilige plaatsen instellen. De gezinseettafel zou absoluut een plek moeten zijn waar niemand een digitaal apparaat bij zich heeft, behalve als mama of papa bereikbaar moet zijn voor de brandweer of het ziekenhuis. Het is heel belangrijk om in het gezinsleven bepaalde tijden en ruimtes zonder apparaat te hebben. Ga naar buiten, hang een beetje rond, doe dingen die gezinnen vroeger samen deden voordat we zo verstrikt raakten in al die technologie. Ik vind het inspirerend dat jij er bent, Josh. Ik voel me bemoedigd door het succes dat je tot nu toe hebt gehad. Ik denk dat wat je doet heel belangrijk is.

Vergeet nooit wat Margaret Mead heeft gezegd: ‘Het enige dat de wereld ooit heeft veranderd, is een kleine groep nadenkende burgers die samenwerken.’ Dat is waar we hier mee beginnen. We zijn al onderweg. Er zijn veel mensen geweest die er leiding aan hebben gegeven, en ik ben blij een van hen te zijn.

33

ENIGE VROEGE RAPPORTAGE

Erwin Schliephake, ‘Kurzwellen-therapie: Die medizinische Anwendung kurzer elektrischer Wellen’ (1929-32). ¶ Harold J. Cook e.a., ‘Early Research on the Biological Effects of Microwave Radiation: 1940-1960’, University of Michigan (1979). J.R. Lester & D.F. Moore, ‘Cancer Mortality and Air Force Bases’, Journal of Bioelectricity 1 (1982): over de periode 1950-1969. John T. McLaughlin, ‘A Survey of Possible Health Hazards from Exposure to Microwave Radiation’, Hughes Aircraft Corporation (1953). Kuo-Chiew Quan, ‘Hazards of Microwave Radiation: A Review’, Industr. Med. Surg. 29 (1960). E.A. Harrison, ‘Biological Effects of Microwaves: A Bibliography and Abstracts, Report on 1964-1979’. Yu.A. Osipov, ‘Labor hygiene and the effect of radiofrequency electromagnetic fields on workers’, Leningrad (1965). W. Bergman, ‘The Effect of Microwaves on the Central Nervous System’, vert. Ford Motor Company (1965). Nicholas H. Steneck e.a., ‘The Origins of U.S. Safety Standards for Microwave Radiation’, Science 208 (1980): over de blootstellingslimiet waartoe in 1966 werd besloten. Yu.A. Kholodov, ‘The Effect of Electromagnetic and Magnetic Fields on the Central Nervous System’ (1966). H. Pollack & J. Healer, ‘Review of the Information on Hazards to Personnel from High-Frequency Electromagnetic 34

Radiation’, Institute for Defense Analyses (1967). Alexandr Samuilovich Presman, ‘Electromagnetic Fields and Life’ (1968). ¶ Stephen F. Cleary, ‘Biological Effects and Health Implications of Microwave Radiation: Symposium Proceedings’, Richmond (1969). Leo Birenbaum e.a., ‘Effects of Microwaves on the Eye’, IEEE, BME-16 (1969). William Ross Adey, ‘Neurophysiological Effects of Radiofrequency and Microwave Radiation’ (1969). R.J. MacGregor, ‘A Brief Survey of Literature Relating to the Influence of Low Intensity Microwaves on Nervous Function’, The Rand Corporation (1970). Leo P. Inglis, ‘Why the Double Standard? – A Critical Review of Russian Work on Hazards of Microwave Radiation’, IEEE Symposium (1970). Zorach R. Glaser, ‘Bibliography of Reported Biological Phenomena (‘’Effects’’) and Clinical Manifestations Attributed to Microwave and RadioFrequency Radiation’, Naval Medical Research Institute (1971-1977): in begin vermelding van ruim 2000 onderzoeken naar biologische effecten van EMV’s. Karel Marha, ‘Electromagnetic Fields and the Life Environment’ (1971). John D. LaMothe, ‘Controlled Offensive Behavior – USSR (U)’, Defense Intelligence Agency (1972). J. Healer, ‘Program for Control of

Electromagnetic Pollution of the Environment: The Assessment of Biological Hazards of Nonionizing Electromagnetic Radiation’, Office of Telecommunications Policy/NITA (1972-1979). Przemysław Czerski e.a., ‘Biologic Effects and Health Hazards of Microwave Radiation: Proceedings of an International Symposium’, Poland Ministerstwo Zdrowia i Opieki Społecznej Rada Naukowa/WHO/ FDA/HEW, Warschau (1973). P. Polson e.a., ‘Mortality in Rats Exposed to CW Microwave Radiation at 0.95, 2.45, 4.56, and 7.44 Ghz: Final Technical Report’, US Army (1974). H. Huizenga, ‘Advies inzake de gevaren van microgolfstraling en de daaruit afgeleide aanvaardbare stralingsniveaus’, Gezondheidsraad (1975). CIA, ‘Translations on USSR Science and Technology/Biomedical Sciences: Effects of Nonionizing Electromagnetic Radiation’ (1977).

Nancy Wertheimer & Ed Leeper, ‘Electrical Wiring Configurations and Childhood Cancer’ (1978). James Kinn & Elliot Postow, ‘Index of Publications on Biological Effects of Electromagnetic Radiation (0-100 GHz)’, EPA (1980): vermelding van 3627 internationale publicaties over biologische effecten van EMV’s. Jeremy K. Raines, ‘Electromagnetic Field Interactions With the Human Body: Observed Effects and Theories’, NASA (1981). NCRP, ‘Biological Effects and Exposure Criteria for Radiofrequency Electromagnetic Fields: Recommendations of the National Council on Radiation Protection and Measurements, Report No. 86’ (1986). Scott M. Bolen, ‘Radiofrequency/ Microwave Radiation Biological Effects and Safety Standards: A Review’, US Air Force Materiel Command (1988).

[Vrijwel elke publicatie is te vinden op internet of (¶) microondes.wordpress.com]

35

2. BIOLOGISCHE EFFECTEN VAN ELEKTROMAGNETISCHE VELDEN DR. MAGDA HAVAS

Dr. Magda Havas behaalde haar Ph.D. aan de Universiteit van Toronto en deed postdoctoraal onderzoek aan de Cornell-universiteit. Inmiddels is ze emeritus professor van de instituten voor milieu en gezondheid van de Trent-universiteit in Peterborough, Ontario. Magda Havas doet onderzoek naar de biologische effecten van niet-ioniserende elektromagnetische velden (EMV’s). Ze heeft een belangrijke hoeveelheid historisch onderzoek onder haar beheer, het archief van Dr. Zory Glaser, en doet daarvan verslag op haar website, magdahavas.com. Er staan meer dan 180 publicaties op haar naam en ze is mederedacteur/auteur van vier boeken, waaronder ‘Public Health SOS: The Shadow Side of the Wireless Revolution’. Magda Havas kreeg internationale erkenning voor zowel vroeger werk betreffende zure regen en verontreiniging door metalen als huidig onderzoek naar elektrosmog en elektromagnetische therapie. Ze gaf meer dan 360 lezingen in 30 landen en op 24 universiteiten of colleges. Josh: Vandaag heeft Dr. Magda Havas zich bij ons gevoegd. Zij is al vele jaren toonaangevend in het onderzoek naar elektromagnetische velden en gezondheid. Dr. Havas, dank dat u hier vandaag bij ons bent. Dr. Havas: Tot genoegen. Josh: Ik wil me eerst graag bezighouden met uw geschiedenis en ook met essentiële informatie over de wetenschappelijke kennis die er is.

Dan verder met wat we kunnen doen via de oplossingen die u aandraagt in dit gesprek. Ik kijk ernaar uit om er met u in te duiken. Dit is in feite pas ons eerste gesprek, hoewel ik uw werk al vele jaren volg. Dus erg fijn om u nu te kunnen spreken. 36

Hoe kwam het dat u betrokken raakte in het gebied waarin u onderzoek heeft gedaan?

Van zure regen naar microgolven Dr. Havas: Ik heb onderzoek gedaan naar zure regen en verontreiniging door metalen. Dat was mijn oorspronkelijke achtergrond als Ph.D.-student; en daarover ging ook het eerste onderzoek dat ik deed na mijn afstuderen aan de Universiteit van Toronto. Ik raakte daar ongeveer in 1975 bij betrokken. Midden jaren ‘90 kregen we de Wet schone lucht en dat was waar we uiteindelijk naar hadden gestreefd. Het doel van zoveel wetenschappelijk onderzoek was om uiteindelijk het beleid te veranderen, zodat het verzuren van de meren zou stoppen en de gezondheid van de mensen zou verbeteren. Toen we eenmaal de Wet schone lucht hadden, raakte ik eigenlijk mijn belangstelling kwijt om nog verder te gaan met onderzoek naar zure regen. We hielden een aantal jaren het herstel van de meren in de gaten. Schone lucht maakte echt een groot verschil voor het milieu. Want het milieu reageerde een stuk sneller dan wetenschappers geloofden dat het zou doen, en dat was heel veelbelovend. Ik realiseerde me evenwel op dat punt in de tijd dat ik plezier had in onderzoek op een gebied dat wetenschappelijk controversieel is. Dat houdt in essentie in dat wetenschappers het er niet met elkaar eens zijn. Dus zoiets als: de ene kant heeft gelijk, dus dan heeft de andere kant het mis. Als er zoveel controverse bestaat, weet je nooit waar het heen kan gaan.

Ik hou er dus overduidelijk van als het allemaal nog onbekend is in de wetenschap. Daarnaast wilde ik ook iets doen dat echt een belangrijke impact kon hebben op het milieu en de menselijke gezondheid. In die tijd doceerde ik een vak dat Verontreinigingsecologie heette, waarbij we ons bezighielden met een heleboel verschillende soorten van vervuiling in het milieu. De meeste chemisch; maar niet allemaal. Ik dacht, ik wil bijdragen door in mijn lessen elektrosmog te introduceren; welk effect dat op kinderen heeft, bijvoorbeeld meer gevallen van leukemie. Dat was een van de vroegste onderzoeksgebieden. Zo raakte ik er helemaal in betrokken, vanuit nieuwsgierigheid, en omdat ik er les over wilde geven. Het kostte me ongeveer drie jaar om de bestaande literatuur door te nemen, alvorens er een eigen persoonlijke mening over te kunnen hebben. Want het was relatief nieuw gebied voor me. Ik was meer in chemische toxines thuis dan in elektromagnetische. Dus ik had een hoop te leren. In die tijd zag je hetgeen ik las overal. Er waren mensen die zeiden dat kinderen die bij hoogspanningslijnen wonen een grotere kans hebben om leukemie te krijgen. Weer anderen zeiden dat de onderzoeken niet correct waren uitgevoerd en dat daar niets van waar was.

Maar na drie jaar raakte ik ervan overtuigd dat er niet alleen een verband was met kinderleukemie, maar dat mensen die beroepshalve blootgesteld zijn ook een groter risico lopen om diverse typen kanker te krijgen. 37

Vervolgens veranderde ik van uitsluitend kijken naar laagfrequente EMV’s in verband met elektriciteit naar aandacht voor de zogeheten vuile elektriciteit. En uiteindelijk ging ik door naar de hogere frequenties: radiofrequentie en microgolfstraling. Dus ik doorliep in mijn onderzoek het volledige spectrum: vanaf extreemlaagfrequent en dan helemaal omhoog naar de microgolven.

Een beetje een missie Josh: U zei midden jaren ‘70 betrokken te zijn geraakt in het onderzoek naar zure regen en de hele discussie eromheen. En midden jaren ‘90 kwam er die wetgeving. Dat heeft dus een periode van 20 jaar gekost. Waar zitten we momenteel wat betreft de draadloze discussie? In hoeverre zijn dezelfde zaken van toepassing en zitten we in een zelfde situatie? En wanneer komt het kantelpunt dat we gewoon veilige technologieën eisen, en die zelfs afdwingen? Dr. Havas: Wat betreft zure regen, daar raakte ik vrij vroeg bij betrokken, toen het nog maar net internationaal herkend werd. Wat betreft elektromagnetische vervuiling hangt het ervan af waar je begint te kijken. Als je teruggaat naar bepaalde historische literatuur over bijvoorbeeld microgolfstraling, dan kom je bij de jaren ‘40 en ‘50 uit. Dat gaat dus veel langer terug. Mijn betrokkenheid daarmee dateert van het jaar 2000. Dat was feitelijk het eerste jaar dat ik erover publiceerde. Maar ik begon al in 1995. Het kostte me vijf jaar voor ik voelde genoeg op dit gebied te weten om te publiceren. Dus nu ben ik hier zo’n twintig jaar mee bezig; maar het begon al voor ik er daadwerkelijk bij betrokken raakte. We lopen dus wat achter op zure regen. Ik denk dat de reden daarvan is, dat zure regen in vergelijking relatief eenvoudig is.

Maar als je het hebt over elektromagnetische vervuiling, daar zijn veel meer bronnen van, het is veel gecompliceerder. Je krijgt ook meer tegenwind, in die zin dat we niet aan het proberen zijn zoiets als het aantal schoorstenen verminderd te krijgen. Weet je, het is een beetje een missie; waarbij we in wezen mensen vragen hun gebruik van bepaalde draadloze technologie te verminderen. Maar mensen zijn dol op hun speeltjes. Dus er is heel veel weerstand. We vragen niet alleen aan de industrie om te veranderen; wat in feite was wat we deden bij zure regen. We proberen nu echt mensen te stimuleren om veranderingen aan te brengen in de manier waarop ze leven en wat ze doen in hun huizen, ten einde de blootstelling te minimaliseren en zich ertegen te beschermen. Dat is een stuk lastiger om te doen.

Soorten straling en licht Josh: Wat zijn de verschillende soorten elektromagnetische vervuiling en welke effecten hebben die? Dr. Havas: Als we het hebben over niet-ioniserende straling, dan valt die naar mijn idee uiteen in vier categorieën. De eerste categorie is extreemlage frequenties. 38

Dat behelst zowel elektrische als magnetische velden. De tweede is iets dat vuile elektriciteit heet: elektriciteit van slechte kwaliteit. Dat is in het kilohertzgebied; je hebt het over duizenden cycli per seconde. Het is radiofrequentie, maar het komt via de kabel en straalt van de kabel uit. We hebben ook zoiets als grondstroom. Dat is een combinatie van lage frequentie en radiofrequentie. Het vloeit via de grond, dus het treft mensen op een andere manier. En dan is er natuurlijk de microgolfstraling. Die heeft veel hogere frequenties, maar valt nog steeds binnen de radiofrequentie. We kunnen nog verder doorgaan naar infrarood en zichtbaar licht. Die zijn nog altijd onderdeel van het niet-ioniserende deel van het elektromagnetische spectrum. Ik doe ook onderzoek met licht, vaak vanuit therapeutisch perspectief: hoe het kan helpen om te genezen, in plaats van dat het schade toebrengt. Josh: Licht: inclusief rood licht, infrarood-therapie, waar we vooraf wat over hebben gepraat? Dr. Havas: Juist. En blauw licht ook. Blauw licht, inclusief ultraviolet, is heel goed voor alle soorten huidproblemen die mensen hebben; bijvoorbeeld psoriasis. Ultraviolet heeft een slechte naam gekregen. Maar er zijn een paar heel goede therapeutische aspecten aan UV, indien je het spaarzaam gebruikt. Dus ik doe onderzoek binnen al deze gebieden.

Effecten van elektrosmog Josh: Wat zijn in uw onderzoek en het totaal van de wetenschap de belangrijkste biologische effecten van elektromagnetische vervuiling, ofwel EMV’s of radiofrequente straling? Die termen zijn uiteraard allemaal synoniem. Dr. Havas: Om alles onder een noemer te hebben, noem ik het elektrosmog. Weet je, elektrosmog is alle vormen van niet-natuurlijke niet-ioniserende straling. Dat is hoe ik het gebruik. De gevolgen voor de gezondheid vallen in drie categorieën. Eén is uiteraard kanker. Twee is problemen in de voortplanting; met name aantasting van het sperma, daar hebben we veel gegevens over. Maar je ziet ook miskramen, problemen bij het nageslacht – na blootstelling in de baarmoeder aan elektromagnetische straling. Een groot aantal daarvan heeft neurologische aandoeningen, leerstoornissen, dat soort zaken. Voor mij valt dat allemaal onder voortplantingsproblemen. Dan een derde gebied. Dat is nogal groot en veranderlijk, het heeft geen echt goede vorm. Het betreft vooral neurologische maar ook hormonale problemen. We neigen ertoe ze bijeen te voegen onder de term elektrohypersensitiviteit, wat een verzamelnaam is voor alle overige zaken. Dus die drie categorieën: kanker, de voortplanting, elektrohypersensitiviteit. Daar vind je de belangrijkste biologische responsen op elektrosmog. 39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11198039/1