B NL IMRO 0232 VAA032OosthofzUitw-OBP1 tb9
Tekst van het document
Riolerings- en waterhuishoudkundigplan
Plan Oosterhof te Vaassen 1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)
Colofon Rapport Titel
Riolerings- en waterhuishoudkundigplan
Projectnaam
Plan Oosterhof te Vaassen
Projectnummer
1201114
Opdrachtgever
Nikkels projecten B.V.
Basisovereenkomst WBS-code SBS-code Document ter Besteksnummer Kenmerk
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)
Status Datum
04 mei 2021
Auteur
H. Tuitert
Gecontroleerd door
J.L.B. van Dalfzen
Ondertekening
J.L.B. van Dalfzen Tekenaar
01 A(CONCEPT) ……………………………… NTP B.V.
De Netelhorst 2
8051 KE HATTEM
NTP Hattem
T. 038 444 1681
hattem@ntp.nl
www.ntp.nl
Inhoudsopgave 1
Inleiding
1
1.1
Doel
2
1.2
Documenten
2
1.3
Opbouw rapportage
2
2
Bestaande situatie
3
2.1
Inrichting
3
2.2
Maaiveldhoogten en bodemopbouw
3
2.3
Waterhuishouding en geohydrologische gesteldheid
3
2.4
Bestaand rioolstelsel
4
3
Uitgangspunten
5
3.1
Ontwerprichtlijnen
5
3.2
Duurzaamheidthema’s
5
3.3
Uitgangspunten t.a.v. ontwerp watersysteem
5
4
Ontwerp hemelwatersysteem
8
4.1
Toelichting ontwerp
8
4.2
Toetsing watersysteem: 60 mm (Bui100 +10%) berging
9
4.3
Toetsing watersysteem: HWA leidingen
12
5
Ontwerp VWA-stelsel
13
5.1
Toelichting ontwerp
13
5.2
Uitgangspunten
13
5.3
Toetsing VWA-systeem
13
Bijlagen Bijlage 1.
Rioolontwerp
Bijlage 2.
Toetsing T = 100%+10%
1
Inleiding
In opdracht van Nikkels projecten B.V. is een waterhuishoudkundig plan opgesteld t.b.v. het project ‘Plan Oosterhof te Vaassen’. Dit project betreft de ontwikkeling van een nieuwbouwwijk op landbouwgrond en voormalig terrein van Loonbedrijf van Schoonhoven. Het bestaat uit een woningbouwplan voor circa 87 grondgebonden woningen. De oppervlakte van het plangebied bedraagt circa 4 ha. Het plangebied is gelegen ten zuidoosten van de kern van Vaassen. Ten noorden van het plangebied bevindt zich de Wanstede, ten westen de zichtstede, ten zuiden bevindt zich de Eierstreekweg en aan de oostzijde van het plangebied bevindt zich landbouwgrond. De ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1.
Figuur 1: luchtfoto met de globale ligging van het plangebied (blauw omkaderd). bron: https://www.pdok.nl/viewer/
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 1 van 13
1.1
Doel
Doel van het waterhuishoudingplan is bepalen op welke wijze met de waterhuishouding in het plangebied wordt omgegaan. Hierbij wordt gestreefd naar een duurzaam en klimaatbestendig watersysteem.
1.2
Documenten
Onderstaand een overzicht van documenten die betrekking hebben op dit project: Stedenbouwkundig plan d.d. 08-12-2020, SAB. Handboek Inrichting Openbare Ruimte, Gemeente Epe d.d. 20 maart 2013 Waterschapsbeleid: ‘Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013’, ‘Algemene Regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe’ en ‘Beleidsregels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013’.
1.3
Opbouw rapportage
Allereerst wordt de huidige waterhuishoudkundige situatie van het terrein in beeld gebracht. Vervolgens worden de uitgangspunten beschreven welke gelden vanuit het vigerende beleid. Op basis van deze uitgangspunten en het stedenbouwkundig ontwerp is de benodigde retentie van hemelwater en de wijze van afvoer van hemel- en vuilwater uitgewerkt.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 2 van 13
2
Bestaande situatie
2.1
Inrichting
Het plangebied bestaat voornamelijk uit landbouwgrond en voor een deel uit erf van Loonbedrijf van Schoonhoven. De aanwezige panden worden gesloopt en het gehele terrein wordt ontwikkeld naar een woonwijk.
2.2
Maaiveldhoogten en bodemopbouw
De maaiveldhoogte van het terrein varieert van ca. NAP +11.90 m (noordoostzijde) tot ca. NAP +9.75 m (zuidzijde). De aansluitende straathoogte van Zichtstede bedraagt ca. NAP +10.50 m. Vanaf maaiveld tot de maximaal verkende diepte van 3,70 m –maaiveld. De bodem bestaat tot 3,60 m-mv uit matig fijn tot fijn zand. Vanaf 3,60 m-mv bestaat de bodem uit veen. Zoals te zien in figuur 2 (bron: Verkennend bodemonderzoek NEN5740 Eierstreekweg 37 te Vaassen, d.d. 17 december 2020).
Figuur 2: globale bodemopbouw
2.3
Waterhuishouding en geohydrologische gesteldheid
Uit de enige representatieve peilbuis van het gemeentelijke monitoringsnetwerk (Bron: vitens.lizard.net) volgt dat de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) in het Peilbuis GHG GLG plangebied zich op circa NAP +9,32 m bevindt. De gemiddeld laagste 9,32 8,47 B27E0562 grondwaterstand (GLG) bevindt zich op NAP +8,47 m.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 3 van 13
Plan Oosterhof
Figuur 3: Grondwaterstation B27D0338
De grondwaterstanden in het plangebied zijn relatief laag, hierdoor is infiltratie middels IT-riool in dit gebied mogelijk. Daarnaast is de voorkeur is uitgesproken voor het toepassen van wadi’s.
2.4
Bestaand rioolstelsel
Aan de noordzijde van het plan bevind zich in de Wanstede een gemengd riool, de afmetingen en ligging hiervan is nog niet bekend. Aan de zuidwestzijde van het plan ligt een gemengd riool in de Zichtstede welke deels over uitgeefbaar terrein richting de Eierstreekweg verloopt naar een pompput. Ook hiervan zijn de exacte afmetingen en liggingen niet bekend. De wens is om dit stelsel op te nemen in het nieuwe plan en om hier het nieuwe vuilwaterriool op aan te sluiten. Bestaande hemelwaterafvoeren rondom het plangebied zijn niet bekend.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 4 van 13
3
Uitgangspunten
3.1
Ontwerprichtlijnen
De uitgangspunten zoals deze in dit rapport genoemd zijn, zijn afkomstig uit: Rijksbeleid: ‘Nationaal waterplan 2009’, ‘Waterbeleid in de 21e eeuw (WB21)’ en ‘Nationaal Bestuursakkoord Water’. Provinciaal beleid: ‘Omgevingsplan Gelderland’. Handboek Inrichting Openbare Ruimte, Gemeente Epe d.d. 20 maart 2013 Waterschapsbeleid: ‘Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013’, ‘Algemene Regels Keur Waterschap Vallei en Veluwe’ en ‘Beleidsregels Keur Waterschap Vallei en Veluwe 2013’.
3.2
Duurzaamheidthema’s
In dit plan zullen de mogelijkheden worden bekeken om op een duurzame wijze met het water om te gaan. De ambitie voor het omgaan met het hemelwater binnen het plangebied is om het hemelwater binnen het plangebied vast te houden en te infiltreren.
3.3
Uitgangspunten t.a.v. ontwerp watersysteem
Voor de waterhuishouding van het plangebied is uitgegaan van de uitgangspunten zoals benoemd in deze paragraaf. Deze uitgangspunten zijn afkomstig uit de HIOR van de gemeente Epe en het waterschapsbeleid. De uitgangspunten zijn opgedeeld in de volgende categorieën: Algemeen Ontwatering en drooglegging Vuilwaterafvoer Hemelwaterafvoer Infiltratievoorzieningen Algemeen Er moet een gescheiden hemelwaterafvoer (HWA) en vuilwaterafvoer (VWA) worden aangebracht. Riolen liggen in openbaar gebied, zijn voldoende bereikbaar en liggen op voldoende afstand van bebouwingen om in de toekomst te onderhouden, c.q. te vervangen. Aanleg riolering afstemmen op bomen, kabels en leidingen en verlichting. Zorg voor voldoende be- en ontluchting in het aan te leggen rioolstelsel. Verhang hoofdriool 1:diameter in mm, met een max. van 1:150 en een min. 1:1000. Overige hoogteverschillen d.m.v. vervalputten. Hart op hartafstand tussen rioolbuizen is minimaal 1,50 m. Materiaal rioolbuizen: o VWA riool: tot Ø400 (PVC bruin RAL 8023), > Ø400 mm beton; o HWA riool: tot Ø400 (PVC groen RAL 6024), > Ø400 mm beton; Betonbuizen moeten voldoen aan BRL 9201 en NEN 7126 en KOMO productcertificaat. Voor PVC-riolen dient men uit te gaan van buitendiameters (bevorderen uniformiteit en uitwisselbaarheid hulpstukken). Gangbare maten zijn Ø125, Ø160, Ø200, Ø250,Ø315, Ø400 en Ø500. Druksterkte minimaal SN8.
Gronddekking hoofdriool (met huisaansluitingen) minimaal 1,40 m, zonder huisaansluitingen minimaal 1,30 m en 0,80 m op uitleggers.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 5 van 13
Kruisingen met overige leidingen moet minimaal 0,20 m zijn. Putten moeten worden voorzien van een stroomprofiel. Putten moeten zijn vervaardigd van prefabbeton. Minimale inwendige afmetingen van betonnen inspectieputten: 1000 x 1000 mm met kegelstuk. Putten niet situeren in rijsporen. Putafstand maximaal 50,00 m. Rondom put moet minimaal 1,00 m vrije werkruimte aanwezig zijn. Inspectieschachten moeten voldoen aan BRL 9202 en NEN 7035 en KOMO productcertificaat. Putafdekking door putrand met deksel: TBS-Soest RB 3223 VR-VEPRO, randhoogte 240 mm, dagmaat 520 mm. Putrand op hoogte brengen met stelringen, afmetingen 900x900 mm. Op de deksel moet worden vermeld: VW of HW of IT. Het gietijzer voor de randen en deksels moet zijn grijs gietijzer van tenminste kwaliteit GG 25 volgens NEN 6002. De rubberlaag tussen rand en deksel moet zijn van neopreen-, nytril- of styreenbutadieenrubber Zandvang in putten t.b.v. IT-riool te allen tijde 0,50 m. Het maximale verval in een put is 0,50 m. Ontwatering en drooglegging Gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG): circa NAP +9,32 m. Gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG): circa NAP + 8,47 m. Te hanteren ontwateringsdiepte: o 1,00 m voor woningen met kruipruimten (bouwpeil t.o.v. GHG); o 0,60 m voor woningen zonder kruipruimten (bouwpeil t.o.v.
GHG); o 0,50 m voor tuinen en openbare groenvoorzieningen; o 0,90-1,10 m voor primaire wegen; o 0,70 m voor secundaire wegen. Te hanteren drooglegging: 1,20 m-mv. Beperk bij de aanleg en gebruik van werken de verstoring van oppervlaktewater en de natuurlijke stand, verloop en kwaliteit van het grondwater(systeem). Voorkom barrièrewerking voor fauna bij aanleg van werken. Bouwpeilen liggen minimaal 20 cm hoger dan omliggende openbare ruimte. Vuilwaterafvoer Minimale diameter riolering: Ø250 mm. Minimaal toe te passen verhang: o 0 – 100 m: 4‰; o 100 – 300 m: 3‰; o > 300 m: 2‰. Maximaal toe te passen verhang: o 6,7‰ (1:150); o Overige hoogteverschillen d.m.v. vervalputten. De vuilwaterafvoer bedraagt 120 l/p.etmaal, verdeeld over 10 uur. Gerekend wordt dus met een ontwerpdebiet van 12 l/p.h. De vuilwaterafvoer wordt indien mogelijk zonder pompen of gemalen aangesloten op de gemeentelijke riolering. Hemelwater Hemelwater zoveel mogelijk oppervlakkig afvoeren naar de aan te leggen waterpartijen/wadi’s. Minimale diameter riolering: Ø315 mm.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 6 van 13
Minimaal toe te passen verhang: 1‰. Aansluiting van hemelwater op het toekomstige vwa-riool is niet toegestaan. Als uitgangspunt geldt dat het nieuw verhard oppervlak niet wordt aangekoppeld maar duurzaam gescheiden zal worden. Het vasthouden en bergen van opgevangen hemelwater dient in eerste instantie binnen de planlocatie ingepast te worden. Hemelwater van wegen en parkeerplaatsen stroomt bij voorkeur niet direct af op oppervlaktewater, maar wordt eerst voorgezuiverd door een berm, wadi of bodempassage. Indien overtollig water of de basisafvoer naar een watergang wordt afgevoerd stelt het Waterschap Vallei en Veluwe hier eisen aan. De bergingseis, gesteld door het waterschap, voor het plangebied bedraagt 60 mm (T=100+10%) over het nieuw verhard oppervlak (percelen en openbaar gebied). Uitgangspunt is dat van de uitgeefbare kavels de volgende m² verhard zullen worden: o Tussen- en hoekwoningen zonder garage: dakoppervlak + terras 20m². o Vrijstaande, 2 kappers en hoekwoningen met garage: dakoppervlak + garage + terras 20m² + oprit 40m². Uitgangspunt is dat hemelwaterwater afkomstig van particuliere terreinen bovengronds afstroomt richting wadi’s en/of infiltratiegreppels. Voor achterpaden geldt dat een goede ontwatering en afwatering gewaarborgd moet zijn. Bladscheiders en zandvangputten toepassen bij iedere dakafvoer.
Overstortputten minimaal 125/125 cm inwendig (indien nodig groter, maximale overstortende straal ca. 30 cm), voorzien van 2 toegangen. Infiltratievoorzieningen Afkoppelen HWA en zorgdragen voor infiltratie binnen het plangebied. Infiltratie mag geschieden door infiltratieriolen (beton of PVC/PP met PP vezel 700) of oppervlakkige afvoer en infiltratie via maaiveld (doorlatendheid minimaal k = 0,50 m/dag). Een wadi is een bovengrondse infiltratievoorziening bestaande uit een infiltratiegreppel/ -bodem. Hemelwater stroomt via afvoergoten en/of hellend vlak naar de wadi. Vanuit de greppel/bodem infiltreert het hemelwater door de goed doorlatende toplaag naar de ondergrond. Het toepassen van een drain onder de greppel heeft als voordeel dat deze het hemelwater verdeeld en dat verschillende wadi segmenten hydraulisch met elkaar verbonden kunnen worden. De volgende eisen worden gesteld aan een Wadi en infiltratiegreppel: o Ondiepe infiltratiezone begroeid met (kort gemaaid) gras. De taluds zijn flauw. De wadi is tijdens droog weer goed toegankelijk en te gebruiken als groenzone. Na een forse bui is het water snel weer weg. o de maximale waterstand in een wadi mag niet meer bedragen dan 0,30 m. o Een ledigingstijd van 24 uur. o Taluds minimaal 1:3. o Bij het toepassen van wadi’s dient de toplaag te bestaan uit een zandbed verrijkt met organisch materiaal en lutum.
De toplaag heeft een dikte van 0,30 - 0,50 m en een infiltratiecapaciteit van 1,0-1,5 m/dag. Dit kan bestaan uit 300 mm zand en 200 mm teelaarde met elkaar vermengd. o Voorkomen dient te worden dat de grond door opslag of bouwverkeer “dicht” word gereden. Ook het afstromen van grote hoeveelheden zand en slib naar de wadi in de bouwfase dient voorkomen te worden. De wadi dient dus of zo laat mogelijk in het proces te worden aangelegd of tijdens de bouwfase voldoende te worden beschermd.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 7 van 13
4
Ontwerp hemelwatersysteem
In dit hoofdstuk wordt het ontwerp van het hemelwatersysteem toegelicht. Verder wordt met behulp van berekeningen aangetoond dat het ontwerp voldoet aan de gestelde uitgangspunten. Het rioolontwerp is opgenomen in bijlage 1. Om de wijk toekomst bestendig, klimaatrobuust, aan te leggen houden wij in dit plan rekening met de huidige beleidsregels van het waterschap en wordt het plan zoveel mogelijk in overeenstemming met deze regels aangelegd.
4.1
Toelichting ontwerp
Het hemelwater, afkomstig van daken, wegen, parkeervakken en trottoirs wordt zoveel mogelijk bovengronds getransporteerd richting de in het ontwerp opgenomen wadi’s en infiltratiegreppels. Op locaties waar oppervlakkige afvoer niet mogelijk is worden HWA-leidingen opgenomen die afvoeren richting één van de wadi’s. De achterpaden die niet oppervlakkig tot afstroming kunnen komen, lozen middels een kolk op één van de wadi’s, infiltratiegreppels of HWA-leidingen. De in het ontwerp opgenomen wadi’s zijn voorzien van een slokop of roosterput op 0,20 m onder de insteek van de wadi. De infiltratiegreppels zijn voorzien van een slokop of roosterput op 0,10m onder de insteek van de greppel. De voorgestelde bodemopbouw van de wadi’s is weergegeven in tabel 1. Onderdeel
Laagdikte (m)
Toplaag (“schrale teelaarde”)
0,30
Onderbouw
0,30
Samenstelling Matig fijn tot matig grof zand M50: ca. 200 μm lutumgehalte: < 1 à 2 % os: ca. 2 à 3 % Grof zand M50: 300 à 2000 μm
Eigenschappen Voeding gras kv>1,0 m/etm kv>5,0 m/etm voeding gras
Tabel 1: Bodemopbouw wadi’s en infiltratiegreppels
Om het ledigen van de wadi’s en infiltratiegreppels te optimaliseren, kan overwogen worden een drain onder bodem aan te brengen. Om te voorkomen dat het HWA stelsel vervuilt/dichtslibt, dienen in de regenpijpen van de woningen bladafscheiders te worden opgenomen. Daarnaast dienen in de kolken bladvangers alsmede voldoende zandvang (>0,3 m) te worden toegepast. De aanlegpeilen van de woningen en wegen in het ontwerp zijn afgestemd op de volgende uitgangspunten: Het benodigde afschot voor oppervlakkige afvoer: min. 4 ‰. Het uitgangspunt dat woningen minimaal 20 cm boven de as van de rijbaan dienen te liggen. De uitgangspunten betreffende de drooglegging en ontwatering. De aansluithoogtes van de omliggende infra. Door het waterschap wordt er een berging geëist van 60 mm (T=100 + 10%), om zo een toekomstbestendig watersysteem te hebben. De wadi’s hebben voldoende capaciteit om minimaal 60 mm neerslag, afvloeiend van openbaar en uitgeefbaar terrein (dak en verharding) te bergen. Doordat de woningen minimaal 20 cm boven de as van de rijbaan liggen, zal het hemelwater eerder afstromen richting het HWA-riool en de watergangen dan dat het de woningen instroomt. Na afloop van de
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 8 van 13
regenbui kan water dat geborgen is in de openbare ruimte via de wadi’s en infiltratiegreppels infiltreren naar de ondergrond.
4.2
Toetsing watersysteem: 60 mm (Bui100 +10%) berging
In deze paragraaf wordt het ontworpen watersysteem getoetst aan de eis dat er 60 mm afvloeiend vanaf het oppervlak van openbare terrein, bebouwing en kavels geborgen kan worden in de wadi’s.
4.2.1
Deelgebieden
In het plangebied zijn 87 grondgebonden woningen voorzien. Het plangebied is verdeeld in 2 deelgebieden, zie tabel 2 en is visueel gemaakt in figuur 4. Deelgebied
Afvoer verhardoppervlak
I (Westelijk deel)
Afvoer op Wadi A en infiltratiegreppel A, B en D
II (Oostelijk deel)
Afvoer op Wadi B en infiltratiegreppel C
Tabel 2: Indeling deelgebieden
Figuur 4: Indeling deelgebieden
Voor de deelgebieden is een inventarisatie gemaakt van de hoeveelheid verhard oppervlak(afvloeiende oppervlakte) en onverhard oppervlak binnen het plangebied. Deze zijn aangegeven in tabel 3.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 9 van 13
Deelgebied I (Wadi A) Type oppervlak
Afvloeiend oppervlakte (m²)
Bebouw ing Kavels tussen- en hoekw oningen zonder garage Kavels vrijstaand, 2 kapper en hoekw oningen met garage
Onverhard oppervlak (m²)
Deelgebied II (Wadi B)
3362 980
1392
(49 w oningen)
220
(11 w oningen)
660
(11 w oningen)
7041 960
(16 w oningen)
2884
Achterpaden
490
85
Rijbaan (nieuw )
3757
1360
Voetpad
1704
258
Parkeerplaatsen
1485
411
Openbaar groen
4755
Waterpartij Wadi's + infiltratiegreppels Subtotaal
Onverhard oppervlak (m²)
Afvloeiend oppervlakte (m²)
2702
2263 12738
Totaal
14059
1191 4386
26797
6777 11163
Tabel 3: Overzicht afvoerende oppervlaktes
Voor de berekening van de benodigde kwantitatieve berging is het totaal afvloeiend oppervlak dat afstroomt naar de wadi’s en infiltratiegreppels opgedeeld in 2 deelgebieden die afvoeren naar de wadi’s. Deze opdeling is gemaakt omdat niet alleen de hoeveelheid berging, maar ook de mogelijkheid van het vullen van deze berging van belang is. Het afvloeiend oppervlak komt in eerste instantie van het verharde oppervlak van openbare terrein, bebouwing en het verhardoppervlak op de kavels. Bij een bui T=100 +10% zal naar verwachting naast het verharde oppervlak, ook onverhard (tuinen en openbaargroen) tot afstroming komen. Verwachting is dat alles boven 36 mm tot afstroming komt, dus 24 mm. In tabel 4 is het afvloeiend oppervlak per deelgebied en de benodigde berging weergegeven. Totaal oppervlak (m²)
Afvloeiend oppervlak 60mm verhardingen en bebouwing (m²)
Afvloeiend oppervlak 24mm tuinen en openbaargroen (m²)
Benodigde berging Bui100+10% 60mm neerslag (m³)
I (w adi A, greppel A, B, D)
26797
12738
11796
1048
II (w adi B, greppel C)
11163
4386
5586
398
17124
17382
1446
Deelgebied
Totaal
Tabel 4: Afvloeiend oppervlak en benodigde berging per deelgebied
Uitgangspunt is dat bij een bui met een herhalingstijd T = 100 +10% geen schade aan de gebouwen op mag treden. Daarnaast mag de hemelwaterafvoer vanuit het plangebied niet leiden tot extra overlast buiten het plangebied. Om aan deze uitgangspunten te voldoen is het ontwerp dusdanig gedimensioneerd en vormgegeven dat bij een bui T = 100 +10% al het hemelwater binnen het plangebied wordt verwerkt bij een maximale landelijke afvoer van 1,5 l/s.ha. Een deel van het afvloeiend hemelwater zal via de wadi’s en infiltratiegreppels infiltreren naar de ondergrond. Het overige hemelwater wordt geborgen in de wadi’s en in de openbare ruimte. Wanneer de berging van de wadi’s volledig is benut, zal hemelwater op het openbaar terrein geborgen worden. In bijlage 3 is de toetsing van het watersysteem bij een bui T = 100 +10% opgenomen. Bij deze toetsing is gebruik gemaakt van de methode van Buishands en Velds. Voor het bepalen van de infiltratiecapaciteit is gerekend met en k-waarde van 1,00 m/d. Gerekend is met een veiligheidsfactor 2, wat resulteert in een k-waarde van 0,50 m/d.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 10 van 13
Zoals beschreven, worden er in het ontwerp wadi’s, infiltratiegreppels en infiltratieleidingen opgenomen om het hemelwater te kunnen bergen. In tabel 5, 6 en 7 is respectievelijk per wadi, infiltratiegreppel en voor de leidingen de hoeveelheid berging weergegeven. Bij het bepalen van de hoeveelheid berging is in eerste instantie rekening gehouden met 10 cm waking. Oppervlakte berging wadi (m²)
Diepte berging wadi (m)
Berging beschikbaar (m³)
A
1359
0,30
408
B
684
0,30
206
Wadi
Totaal
614
Tabel 5: Berging wadi bij 10cm waking
Berging greppel per meter
Lengte greppel (m)
Berging beschikbaar (m³)
A
0,57
60
35
B
0,38
96
37
C
0,32
100
32
D
0,60
47
29
Infiltratiegreppel
Totaal
133
Tabel 6: Berging infiltratiegreppel bij 10cm waking
Deelgebied
Lengte IT riool (m) Diameter (mm)
Berging in IT-riool (m³)
I
554
315
43
II
87
315
7
Totaal
50
Tabel 7: Berging in IT riool per deelgebied
Uit bovenstaande tabellen (4, 5, 6 en 7) blijkt dat er 1446m³ berging benodigd is en dat er 797m³ berging aanwezig is bij 10 cm waking. Er is dus onvoldoende berging om 60 mm neerslag afstromend vanuit het verhard openbaar- en uitgeefbaar gebied te bergen. Echter worden bij een hevige bui de wadi’s en infiltratiegreppels gevuld tot de insteek, omdat het water op dat moment niet direct kan worden afgevoerd. In tabel 8 en 9 is de berging voor de wadi’s en de greppels bij volledige vulling weergegeven. Oppervlakte berging wadi (m²)
Diepte berging wadi (m)
Berging beschikbaar (m³)
A
1466
0,50
733
B
770
0,50
Wadi
385
Totaal
1118
Tabel 8: Berging wadi bij volledige vulling
Berging greppel per meter
Lengte greppel (m)
Berging beschikbaar (m³)
A
1,90
60
114
B
0,57
96
55
C
0,58
100
58
D
4,90
47
231
Infiltratiegreppel
Totaal
458
Tabel 9: Berging infiltratiegreppels bij volledige vulling
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 11 van 13
Er blijkt dus bij volledige vulling van de wadi’s en infiltratiegreppels 1521m³ berging aanwezig te zijn, en er is 1446m³ berging benodigd. Er is dus voldoende berging om 60 mm neerslag afstromend vanuit het verhard openbaar- en uitgeefbaar gebied te bergen bij volledige vulling. Hiermee wordt voldaan aan de aanvullende wens van het waterschap. De overcapaciteit per deelgebied is in onderstaande tabel 10 samengevat. Maatgevende Bui T= 100 (60mm, berging tot bovenkant w adi)
Benodigde berging (m³)
Beschikbare berging (m³)
Verschil (m³) overcapaciteit
1446
1521
75
Tabel 10: Vergelijking aanwezige en benodigde berging
Ledigingstijd Wadi’s De geaccepteerde ledigingstijd van de wadi’s is 24 uur. Uit de toetsing komt naar voren dat de wadi’s bij volledige vulling (732,40 m³) na 15,7 uur zijn geledigd. Hiermee wordt ruim voldaan aan de eis van 24 uur. Parameter
Waarde
Infiltratiecapaciteit
46,6 m³/h
Maximaal benodigde berging
732,4 m³
Aanw ezige berging (Wadi's en greppels) Extra benodigde berging Ledigingstijd w adi's
878,0 m³ -145,6 m³ 15,7 uur
Tabel 11 Berekening ledigingstijd wadi-systeem
4.3
Toetsing watersysteem: HWA leidingen
Zodra het hemelwatersysteem verder is uitgewerkt zal deze getoetst worden.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 12 van 13
5
Ontwerp VWA-stelsel
5.1
Toelichting ontwerp
Toelichting op het vuilwatersysteem volgt zodra het ontwerp gereed is.
5.2
Uitgangspunten
In hoofdstuk 3 zijn de uitgangspunten voor het afvoeren van het afvalwater benoemd. Deze uitgangspunten zijn, samen met een aantal aanvullende uitgangspunten, opgenomen in tabel 11. Onderdeel
Parameters
Putafstand maximaal Minimaal toe te passen verhang:
75 m 0 -100m: 100 – 300 m: > 300 m:
Minimale dekking op buizen
1,4 m
Minimale leidingdiameter Ontw erpdebiet droogw eerafvoer
4‰ 3‰ 2‰
250 mm 12 l/p.u; 10 uur per dag.
Minimale h.o.h. afstand tot ander riool of nutsvoorzieningen
1,5 m
Minimale ruimte tussen kruisingen riolen
200 mm
Maximaal hoogteverschil in- en uitgaande leidingen in valput:
0,50 m
Aantal inw oners per w oning:
3
Maximale vulling leiding Voor de bepaling van de diameter is uitgegaan van:
50% Energieverhang=bodemverhang
Tabel 12: uitgangspunten VWA
5.3
Toetsing VWA-systeem
Toetsing van het vuilwatersysteem volgt zodra het ontwerp gereed is.
1201114-RAP-01-vA(CONCEPT)Riolerings- en waterhuishoudkundigplan | Plan Oosterhof te Vaassen
Pagina 13 van 13
Bijlage 1.
Rioolontwerp
Bijlage 2.
Toetsing T = 100%+10%
Methode Buishand en Velds Methode Buishand en Velds Opdrachtgever Nikkels Project Plan Oosterhof
Projectnummer 1201114 Datum 20 januari 2021
Herhalingstijd bui
100 jaar + 10%
Afvoernorm (landelijk gebied) Bruto oppervlakte plangebied Afvloeiende oppervlakte Berging Wadi Infiltratieoppervlakte Wadi K-w aarde ondergrond Veiligheidsfactor Geaccepteerde ledigingstijd
1,5 l/s.ha 3,80 ha 1,71 ha 878 m³ 2238 m² 1 m/etm 2 24 uur
Parameter
Waarde
Infiltratiecapaciteit
46,6 m³/h
Maximaal benodigde berging
732,4 m³
Aanw ezige berging (Wadi's en greppels) Extra benodigde berging Ledigingstijd w adi's
878,0 m³ -145,6 m³ 15,7 uur
T=100 +10%
Duur (min)
Q regen (l/s.ha)
Q aanvoer (m³)
VOLDOET VOLDOET
Afvoernorm in m³
Q infiltratie in (m³)
Benodigde berging (m³)
16,11
5
537,13
275,93
1,71
3,89
270,34
29,53 38,08 42,11 44,59 48,00 49,82 54,53 57,66 59,60 60,83 63,99 66,53 67,95 70,41 72,23 73,42 75,24 77,93 80,94 82,37 85,54 87,12 90,60 93,14 97,57 101,38 105,49 109,77 117,85 0,00 0,00
15 30 45 60 90 120 180 240 300 360 480 600 720 840 960 1080 1200 1440 1680 1920 2160 2400 2640 2880 3360 3840 4320 5040 5760 7200 8640
328,13 211,53 155,98 123,86 88,88 69,19 50,49 40,04 33,11 28,16 22,22 18,48 15,73 13,97 12,54 11,33 10,45 9,02 8,03 7,15 6,60 6,05 5,72 5,39 4,84 4,40 4,07 3,63 3,41 0,00 0,00
505,70 652,00 721,17 763,55 821,87 853,06 933,76 987,33 1020,56 1041,58 1095,83 1139,23 1163,64 1205,68 1236,87 1257,22 1288,41 1334,52 1386,06 1410,47 1464,72 1491,84 1551,52 1594,92 1670,86 1735,96 1806,49 1879,72 2018,06 0,00 0,00
5,12 10,25 15,37 20,50 30,75 41,00 61,50 81,99 102,49 122,99 163,99 204,98 245,98 286,98 327,97 368,97 409,97 491,96 573,96 655,95 737,94 819,94 901,93 983,92 1147,91 1311,90 1475,88 1721,87 1967,85 2459,81 2951,77
11,66 23,31 34,97 46,63 69,94 93,25 139,88 186,50 233,13 279,75 373,00 466,25 559,50 652,75 746,00 839,25 932,50 1119,00 1305,50 1492,00 1678,50 1865,00 2051,50 2238,00 2611,00 2984,00 3357,00 3916,50 4476,00 5595,00 6714,00
488,92 618,44 670,83 696,43 721,18 718,82 732,39 718,84 684,94 638,84 558,84 467,99 358,16 265,95 162,90 49,00 -54,06 -276,44 -493,40 -737,48 -951,72 -1193,09 -1401,91 -1627,01 -2088,05 -2559,93 -3026,40 -3758,64 -4425,79 -8054,81 -9665,77
0,00
10080
0,00
0,00
3443,73
7833,00
-11276,73
0,00
11520
0,00
0,00
3935,69
8952,00
-12887,69
0,00
12960
0,00
0,00
4427,65
10071,00
-14498,65
0,00
14400
0,00
0,00
4919,62
11190,00
-16109,62