CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

A. Bijlage 1 - Langetermijnplanning (Q2 2026)

Gemeenteraad 21 mei 2026, gemeente EpeBij agendapunt: Vaststelling lijst ingekomen stukken d.d. 21 mei 20262.458 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1 – Langetermijnplanning In deze bijlage wordt een overzicht gegeven van alle belangrijke trajecten en de daarbij behorende processen die momenteel lopen in de Regio Stedendriehoek. De processen zijn aan verandering onderhevig en dus een momentopname. Daarnaast zullen er in de loop van de tijd nieuwe processen gestart worden. Het overzicht wordt per kwartaal of per halfjaar geactualiseerd. In de onderstaande tekst wordt gebruik gemaakt van de termen uit de raadsladder (zie hiernaast). Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat bij bijvoorbeeld besluitvorming door de raad u uw eigen raadscyclus doorloopt die gebruikelijk is in uw gemeente en daar dus opiniërende of beeldvormende vergaderingen in voor kunnen komen.

1. Begrotingscyclus Met de beleidscyclus wordt het proces bedoeld om te komen tot een begroting, het uitvoeren van de begroting en de verantwoording over de uitvoering van de begroting (jaarstukken). Begroting Het begrotingsproces start met het opstellen van een kaderbrief waarin de financiële en inhoudelijke kaders op hoofdlijnen worden verwoord. De Kaderbrief 2027 hebben de raden eind december 2026 ter informatie ontvangen. In het eerste kwartaal 2026 wordt de begroting voor het volgende jaar opgesteld. De conceptbegroting wordt door het algemeen bestuur en daarna formeel door het dagelijks bestuur uiterlijk 30 april vastgesteld. De raden worden daarna in de gelegenheid gesteld een oordeel te geven door een zienswijze op de begroting in te dienen (vanaf 30 april tot en met 31 juli), waarna de begroting door het algemeen bestuur uiterlijk 14 september definitief wordt vastgesteld. In januari 2027 start dan de uitvoering van de vastgestelde begroting. Wij verwachten eind 2026 voor de eerste keer aan de raden de vierjaarlijkse Ontwerp Meerjarenkadernota voor te kunnen leggen (gelijktijdig met de jaarlijkse Kadernota). Begin 2027 krijgen de raden de gelegenheid om oordeelsvormend hierop te reageren, waarna het algemeen bestuur de Meerjarenkadernota definitief vaststelt.

Zie link voor Begroting 2025 Zie link voor Begroting 2026 Jaarstukken Wanneer het begrotingsjaar (bijna) is geëindigd start het opstellen van de jaarstukken (jaarverslag en -rekening) eind december en het eerste kwartaal na het begrotingsjaar. De voorlopige jaarrekening wordt vóór 30 april door het dagelijks bestuur aan de gemeenteraden ter informatie verzonden. De jaarstukken (jaarverslag en jaarrekening) worden vastgesteld door het algemeen bestuur en door het dagelijks bestuur binnen twee weken na vaststelling, maar vóór 15 juli, aan Gedeputeerde Staten verzonden en gaan ter informatie naar de gemeenteraden.

2. Ontwikkelperspectief 2050 Nota Ruimte In het ontwerp Nota Ruimte, die 26 september 2025 is gepubliceerd (zie link), bevestigt het Rijk de samenwerking met de Regio Stedendriehoek om te komen tot een Ontwikkelperspectief (Verstedelijkingsstrategie). Deze samenwerking tussen Rijk en regio1 is formeel gestart op 7 november 2024 in het Bestuurlijke Overleg Leefomgeving 2024 (zie link voor de kamerbrief). Het gaat daarbij om de hele regio in balans te ontwikkelen. We willen de kwaliteit van de voorzieningen behouden en de brede welvaart versterken. Het is een gezamenlijk proces van alle betrokken partijen in de regio (gemeenten, provincies, waterschappen, Rijk). Voor dit proces is het Bestuurlijk Overleg Rijk-regio ingericht, waarin alle partijen vertegenwoordigd zijn.

1

Provincies Gelderland en Overijssel, waterschappen Drents Overijsselse Delta, Vallei en Veluwe, Rijn en IJssel, gemeenten Apeldoorn, Brummen, Deventer, Epe, Heerde, Lochem, Voorst en Zutphen. Samenkomend in het Bestuurlijk Overleg Rijk-regio.

Contourenschets Het najaar 2024 stond in het teken van de Contourenschets, het handvat om het gesprek in de regio te voeren over de ruimtelijke toekomst, voorafgaand aan het opstellen van een ruimtelijke lange termijnvisie en strategie. In de acht gemeenteraden zijn opiniërende gesprekken gevoerd, zodat de raden input konden meegeven voor het vervolgproces (zie link). Tussenproducten Afwegingskader, gebiedsbiografie en variantenstudie In 2025 zijn drie tussenproducten opgeleverd, die input vormen voor het maken van de afwegingen en keuzes in het Ontwikkelperspectief. Het eerste product is het Afwegingskader. Het is een hulpmiddel om op basis van een aantal aspecten voor brede welvaart2 de ruimtelijke en maatschappelijke effecten van mogelijke keuzes in beeld te brengen. Het tweede product is een ‘Gebiedsbiografie’ dat inzicht geeft in de historie én het heden van het ruimtelijk gebruik van de regio Stedendriehoek. Het derde product is een variantenstudie, inclusief dashboard, waarin een aantal varianten voor de ruimtelijk-economische ontwikkeling van de regio worden beschreven. Hierin zijn ook de gesprekken over de Contourenschets meegenomen. Onder ander op basis deze drie producten wordt in 2026 het (ontwerp) Ontwikkelperspectief 2050 opgesteld.

Planning proces Het proces om te komen tot een Ontwikkelperspectief is dynamisch en afhankelijk van op voorhand moeilijk te voorspellen in- en externe factoren. De verwachting op dit moment is dat het concept ontwerp Ontwikkelperspectief 2050 zomer/najaar 2026 en het definitieve Ontwikkelperspectief 2050 begin 2027 gereed is. Een duidelijkere planning volgt in de loop van het voorjaar. Rol raden Tijdens de raadsconferentie op 13 mei 2025 zijn de raden informerend/beeldvormend meegenomen in het thema brede welvaart en het afwegingskader (zie link). Alle acht gemeenteraden zijn tot 1 december 2025 in de gelegenheid gesteld om hun oordeel te geven over het afwegingskader, om inhoudelijk richting te geven aan het verdere proces. In een reactienota is de reactie op de zienswijzen vanuit alle partijen, waaronder de gemeenteraden, gegeven waarna het bestuurlijk overleg Rijk-regio het afwegingskader definitief heeft vastgesteld. Tijdens de raadsconferentie van 18 november 2025 zijn de raadsleden informerend/beeldvormend meegenomen in de variantenstudie. De variantenstudie is eind 2025 naar alle gemeenteraden gestuurd. De gemeenteraden konden hierop opiniërend reageren tot en met februari 2026.

De gemeenteraden ontvingen hiermee de mogelijkheid om te bepalen of de punten die zij eerder hebben meegegeven in het proces voldoende zijn meegenomen en een ‘bruidsschat’ mee te geven aan de nieuwe raden na de verkiezingen. Het algemeen bestuur heeft hiermee het advies van de raadsadviescommissie overgenomen. De reacties op de variantenstudie en de effectenstudies worden betrokken in het ontwerp Ontwikkelperspectief. Daarmee is het proces voor de ‘oude’ raden afgerond. Met de nieuwe raadsadviescommissie en de griffiers wordt besproken op welke manier de nieuwe gemeenteraden in de loop van 2026 worden meegenomen worden in het proces en de inhoud van het Ontwikkelperspectief. Daarbij is het van belang om de nieuwe raden niet alleen mee te nemen in de actualiteit, maar ook in de achtergronden en historie van de stappen die zijn gezet. In de eerdere planning zou dit plaatsvinden rond de zomer 2026 tot eind 2026. Wij verwachten nu dat dit in de planning opschuift, zodat de nieuwe raden naar verwachting niet eerder dan in het najaar van 2026 spreken over het (ontwerp) Ontwikkelperspectief. Wel willen we in elke gemeenteraad in juni een presentatie geven over de regio. Naast de algemene presentatie over de regio, nemen we daarin het Ontwikkelperspectief uiteraard mee. De momenten hiervoor worden momenteel ingepland in overleg met de griffies.

Voor zover we nu kunnen overzien zal op basis van het Ontwikkelperspectief een concretiseringsslag plaatsvinden in de vorm van een Uitvoeringsagenda met Regionale Investeringsagenda (RIA). Hierover worden de raden in een later stadium geïnformeerd. Door de brede samenwerking met veel verschillende partijen en de complexiteit van het onderwerp kan het zijn dat het bovenstaande proces ergens vertraging oploopt. In dat geval gaan we in gesprek met de raadsadviescommissie over een alternatief proces.

2

Brede welvaart is een maatstaf voor alles dat mensen van waarde vinden. Naast materiële welvaart gaat het om zaken als gezondheid, onderwijs, milieu en leefomgeving, sociale cohesie, persoonlijke ontplooiing en (on)veiligheid. Zie ook link.

3. Regio Deal Op 9 februari 2024 maakte het kabinet bekend dat de ingediende aanvraag van de Regio Stedendriehoek voor een Regio Deal is toegekend. De Regio Stedendriehoek ontvangt € 20 miljoen van het Rijk om samen verder te werken aan de brede welvaart in de regio. Met de toekenning is het proces om te komen tot een convenant met het Rijk gestart, de dealmakingsfase. Dit heeft in 2024 plaatsgevonden. Hierover zijn de gemeenteraden geïnformeerd met een raadsinformatiebrief (zie link). Op 24 januari 2025 is bekend gemaakt welke projecten zijn toegekend (zie link). Hiermee is de uitvoering van de Regio Deal gestart. De nieuwe projecten hebben zich gepresenteerd tijdens het Regio Deal Festival op 19 september, gelijktijdig met de feestelijke afsluiting van de Cleantech Regio Deal (zie link voor een impressie). Het gehele proces wordt bestuurlijk begeleid door het Partneroverleg waarin de verschillende partners in de regio (overheden, onderwijs, bedrijfsleven) zijn vertegenwoordigd. Twee projecten hebben bezwaar gemaakt tegen het (deels) niet honoreren van hun aanvraag. De bezwaarprocedure is eind december 2025 afgerond, waarbij de ingediende bezwaren ongegrond zijn verklaard. Daarmee kon het Partneroverleg een besluit nemen over de resterende middelen van de Regio Deal.

Het Partneroverleg heeft besloten om op dezelfde wijze als in de eerste ronde de resterende middelen (ruim € 1,1 mln.) toe te kennen, waarbij de Onafhankelijk Adviescommissie adviseert over de ingediende projectvoorstellen. Het proces van opstellen van projectvoorstellen en toekenning van aanvragen is in het eerste kwartaal van 2026 gestart, waarna de projecten naar verwachting nog voor de zomer kunnen starten. De nieuwe projecten moeten zoveel mogelijk van de thema’s uit de Regio Deal waarvoor nog geen project is dekken (de ‘witte vlekken’). Dit gaat om het thema Circulair bouwen, maken en voedselketens, het thema Innovatie in landbouw en groenblauwe dooradering en het thema Regionale (kennis)ontwikkeling. De einddatum voor de projecten binnen de Regio Deal is 31 december 2028. Informatie over het verloop van de Regio Deal projecten en de toekenning van de resterende middelen is te vinden op de website en via de nieuwsbrief.

4. Urgentieverordening en -regeling In 2024 zijn de samenwerkende gemeenten van de Stedendriehoek gestart met het opstellen van een regionaal afgestemde Urgentieverordening. Deze gezamenlijke urgentieverordening komt voort uit de verandering in regelgeving die vanuit het rijk in gang is gezet rondom volkshuisvesting (Wet versterking regie volkshuisvesting, Wvrv). Eén van de onderwerpen die in de wet wordt geregeld is het voorrang geven aan bepaalde urgente aandachtsgroepen bij de toewijzing van een sociale huurwoning. De voorrang voor de aandachtsgroepen wordt op het niveau van de woningmarktregio geregeld, in ons geval de regio Stedendriehoek. Vanwege de wettelijke aanpassingen moeten deze verschillende regelingen omgezet worden naar een huisvestingsverordening met daarin een urgentieverordening. De concept Urgentieverordening, gebaseerd op een modelverordening van de VNG, is inmiddels gereed en besproken met de gemeenten en corporaties. Definitieve bestuurlijke vaststelling van de conceptverordening is in afwachting van de definitieve vaststelling van de Wvrv door de Eerste Kamer, naar verwachting dit voorjaar (oorspronkelijk najaar 2025). De Wvrv zal dan op 1 juli 2026 inwerkingtreden (oorspronkelijk 1 januari 2026). De vertraging van vaststelling en inwerkingtreding van de Wvrv heeft gevolgen voor de het proces richting de gemeenteraden.

Oorspronkelijk zou in de eerste helft van 2026 behandeling plaatsvinden. Dit schuift nu in elk geval een halfjaar op. We verwachten de concept Urgentieverordening rond de zomer, na vaststelling van de Wvrv, aan de gemeenteraden te sturen, waarna de raden deze na de zomer oordeelsvormend kunnen bespreken. Aan de hand van de eventuele reacties wordt het concept aangepast tot de definitieve verordening. Het vaststellen van een urgentieverordening is een bevoegdheid van de gemeenteraad. Daarom wordt de verordening ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraden, naar verwachting najaar 2026. De uitvoering van de Urgentieverordening is een samenwerking tussen de gemeenten en corporaties. Om deze uitvoering goed te kunnen regelen, wordt een urgentieregeling opgesteld. De vaststelling van de urgentieregeling is een bevoegdheid van de colleges van B&W, met instemming van de corporaties. Daarnaast is een Afsprakenkader huisvesting aandachtsgroepen vastgesteld. Hierover zijn de gemeenteraden separaat geïnformeerd. In de raadsinformatiebrief Urgentieverordening en -regeling van 30 april 2025 staat meer informatie over de achtergronden van de verordening (zie link)

5. Publieke mobiliteit De komende jaren is één van de opgaven in de regio om de regio voor iedereen bereikbaar te houden. Binnen de regionale samenwerking wordt daarom gewerkt aan een ‘Regionale intentieovereenkomst publieke mobiliteit’. In de intentieovereenkomst staan vier sporen centraal: flexibilisering van het openbaar vervoer, wmo- en ander doelgroepenvervoer, vrijwilligersvervoer en deelmobiliteit. Met concrete projecten werken gemeenten (incl. gemeente Hattem), provincie, PlusOV en andere partners samen toe naar een samenhangend systeem van publieke mobiliteit. Zodat de regio voor iedereen bereikbaar blijft, passend bij opgaven als vergrijzing, woningbouw en mobiliteitstransitie en het bereikbaar houden van dorpen en buurten. De intentieovereenkomst is een uitvoeringsbevoegdheid van de colleges. De gemeenteraden zijn in maart via een raadsinformatiebrief geïnformeerd (zie link) Daarnaast worden de individuele raden via hun eigen colleges over het vervolgproces en de specifieke situatie voor hun gemeenten geïnformeerd, naar verwachting begin 2027.

6. Afgeronde processen 6.1. Regionaal Programma Energievoorziening (RPE) 3 De RES 1.0 van de Regio Stedendriehoek is eind 2021 vastgesteld door alle betrokken gemeenteraden, Provinciale Staten en de algemeen besturen van de waterschappen Vallei en Veluwe en Rijn en IJssel. Na het indienen van onze RES Voortgangsrapportage bij het Nationaal Programma RES op 1 juli 2023, is de fase gestart waarin wordt toegewerkt naar de herijking van de RES 1.0 naar de eerste versie van het Regionaal Programma Energievoorziening (RPE), voorheen RES 2.04. In maart 2024 is het Plan van Aanpak voor de herijking vastgesteld, wat de gemeenteraden in juni 2024 ter informatie hebben ontvangen. In januari 2025 zijn er twee webinars georganiseerd om raadsleden te informeren over het RPE (toen nog RES 2.0, zie link). Tussen half februari en begin april 2025 zijn de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld om opiniërend te spreken over het RPE (toen nog RES 2.0). Vanaf eind mei tot en met begin juli ligt het ontwerp RPE voor een ieder ter inzage. In deze zelfde periode zijn de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld om oordeelsvormend te reageren op de ontwerpversie RPE. Op 7 oktober wordt een informele informatiebijeenkomst georganiseerd, waar raadsleden vragen kunnen stellen over het RPE en in gesprek kunnen met partners uit de energiesector (zie link voor de presentatie).

In de periode oktober tot en met december 2025 vond de definitieve besluitvorming in de gemeenteraden (en staten en waterschapsbestuur) plaats. Iedere gemeenteraad heeft ingestemd met het RPE. Hiermee is het proces om te komen tot een Regionaal Programma Energievoorziening (RPE) afgerond.

6.2. In de raadsperiode 2022-2026 afgeronde processen •

Ruimtelijk Economische Bouwsteen & | zie link Regionaal Programma Werklocatie

•

Regionale Fietsvisie

| zie link

•

Woondeal (incl. woon-zorg)

| zie link

•

Regioarrangement

| zie link (§ 8.2, pg. 6)

•

Regionaal Programma

| zie onder 5.1

Energievoorziening (RPE)

3

Het programma Energiesysteem heeft een aparte structuur binnen de regio met een eigen Stuurgroep en valt buiten de regionale begroting. De gemeente Deventer is onderdeel van de RES-regio West-Overijssel. 4 Er is voor de naam RPE gekozen, omdat dit de lading van het document beter dekt, we hiermee vooruitlopen op de nationale ontwikkelingen waarin drie programma’s (NPRES, NPLW en Integraal Programmeren) één programma gaan wor den (het Nationaal Programma Energiesysteem) en dit aansluit bij de verplichting van de provincie om een provinciaal programma energiesysteem op te stellen.

Overzicht: Wanneer hebben de gemeenteraden welke rol?

/ RPE

/ RPE

= proces voor de raden afgerond

Totaaloverzicht: alle processen in beeld

/ RPE

/ RPE

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16870607/1