CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

916427 Programmabegroting VNOG 2024-2027

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente EpeBij agendapunt: Vaststelling Lijst ingekomen stukken d.d. 14 december 202332.181 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Programmabegroting 2024-2027

20 juni 2023

Inhoudsopgave Voorwoord

3

1. Inleiding

5

2. Missie, visie, opgaven

8

3. Programma’s

15

Programma 1. Risico- en Crisisbeheersing Programma 2. Brandweerzorg Programma 3. GHOR Programma 4. Meldkamer Oost-Nederland – Meldkamer Brandweer Multi (MKON-MKBM) Programma 5. Directie en Control Programma 6. Bedrijfsvoering Programma 7. Algemene dekkingsmiddelen Programma 8. Kazernes en overgangsrecht (individuele gemeenten)

4. Overzicht baten & lasten en uitgangspunten

38

5. Paragrafen

43

5.1. Beleidsregels en uitgangspunten reserves 5.2. Weerstandsvermogen en risicomanagement 5.3. Onderhoud kapitaalgoederen 5.4. Financiering / treasury 5.5. Bedrijfsvoering 5.6. Verbonden partijen 5.7. Openbaarheidsparagraaf 5.8. Versterking crisisbeheersing en informatievoorziening (inzet BDUR-ophoging)

Bijlagen

66

Bijlage 1. Kerngegevens Bijlage 2. Gemeentelijke bijdrage 2024 Bijlage 3. Overzicht programma 8 Bijlage 4. Overzicht reserves en voorzieningen Bijlage 5. Overzicht taakvelden en Beleidsindicatoren Bijlage 6. Geprognotiseerde meerjarenbalans Bijlage 7. Meerjarenoverzicht gemeentelijke bijdrage (prognose) Bijlage 8. Kredieten 2024-2027 Bijlage 9. Overzicht van de gekwantificeerde- en niet-gekwantificeerde risico’s

Pagina 2 van 78

Voorwoord Voor u ligt de meerjaren programmabegroting 2024-2027 van Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG). Ook in 2024 geeft VNOG antwoord op de vragen die de samenleving aan haar stelt. Dit doet VNOG via de vijf Opgaven in deze begroting, te weten: Incidentbestrijding en crisisorganisatie, Zelfredzaam en risicobewust, Vakbekwaam en deskundig, Sterke informatiepositie, Gezonde bedrijfsvoering (mensen en middelen). We lanceren op deze Opgaven nieuwe initiatieven en geven vervolg aan, of versnellen, eerder gestarte activiteiten en pilots. Daarbij houden we rekening met ontwikkelingen in de samenleving en kansen voor innovatie. Incidentbestrijding en crisisorganisatie Brandweer, GHOR en de (multidisciplinaire) crisisorganisatie staan ook in 2024 altijd paraat. We bereiden ons, in intensieve samenwerking met onze partners, voor op verschillende typen incidenten en crises. We zijn flexibel en creatief. Onze brandweer is compact en slagvaardig georganiseerd, beschikt over voldoende materiaal en is vakbekwaam. Onze GHOR is een netwerkorganisatie met sterke verbindingen en blijft daarin investeren. De crisisorganisatie wordt de komende jaren verder versterkt, onder andere door een extra structurele bijdrage vanuit het Rijk.

Zelfredzaam en risicobewust Om ervoor te zorgen dat iedereen in onze regio veilig kan wonen, werken en recreëren is de uitvoering van onze activiteiten gebaseerd op de regionale risico’s en de (mogelijke) effecten daarvan. We gaan uit van risicogericht voorlichten, adviseren en oefenen. Hierdoor kunnen burgers, bedrijven, overheden en instellingen zelf verantwoordelijkheid nemen en aan de slag gaan en bieden we direct handelingsperspectief. We gebruiken daarbij innovatieve middelen en gedragswetenschap, die we in 2024 verder uitbouwen. Ook kunnen onze brandweermedewerkers heel gericht oefenen op de meest voorkomende risico’s. Het gezamenlijke doel bij dit alles is: minder branden, incidenten, slachtoffers en schade. Vakbekwaam en deskundig VNOG investeert via opleidingen, oefeningen en trainingen in haar medewerkers, zodat zij vakbekwaam en deskundig blijven. Nieuwe methoden en werkwijzen voeren we in. We zorgen voor aansluiting op de praktijk. Duurzame inzetbaarheid, vitaliteit, leiderschapsontwikkeling, persoonlijke ontwikkeling en de ‘juiste mens op de juiste plek’ hebben een vaste plaats gekregen in het personeelsbeleid van VNOG. Sterke informatiepositie Nieuwe kansen en ontwikkelingen, zoals rondom (technische) innovatie en informatietechnologie, worden door VNOG aangegrepen. Daarbij heeft het onderwerp informatieveiligheid veel en blijvende aandacht.

De informatiepositie wordt de komende jaren verder versterkt, onder door een extra structurele bijdrage vanuit het Rijk. Gezonde bedrijfsvoering Onze taken zijn alleen uit te voeren als VNOG financieel gezond is en blijft en kan beschikken over voldoende betrokken medewerkers. De ondersteunende diensten voor de primaire taken moeten goed georganiseerd zijn, zoals personeelszaken, financiën, inkoop, communicatie, beleid, administratie, informatievoorziening, archief en huisvesting. VNOG zorgt er ook in en na 2024 voor dat deze ondersteunende diensten optimaal leveren.

Pagina 3 van 78

Samenwerking VNOG kan haar Opgaven niet uitvoeren zonder haar partners, zoals gemeenten, GGD, politie, OM, defensie, waterschappen, omgevingsdiensten, zorgpartijen en Duitse overheden. We werken intensief samen met veel verschillende partijen en bouwen aan partnerships; regionaal, interregionaal, nationaal en internationaal; met mede-overheden en het bedrijfsleven. We dragen actief bij in overleggen en zorgen dat wij dé veiligheidsexpert zijn voor netwerkpartners en brancheorganisaties in onze regio, zoals de recreatiesector en de agrarische sector. Het is daarbij cruciaal om aan te (blijven) sluiten op wat onze inwoners, gemeenten en veiligheidspartners nodig hebben. Duurzaamheid Een belangrijk thema dat wereldwijd speelt, is duurzaamheid. VNOG voldoet aan de minimale vereisten en heeft de ambitie om waar mogelijk verdere stappen te zetten. We stimuleren duurzaam gebruik van middelen en materialen. Dit doen we in onze advisering en onze operationele inzet. Ook houden we hiermee rekening bij bijvoorbeeld de bouw van nieuwe kazernes / verbouw van bestaande kazernes en het gebruik van de kazernes (dat alles in overleg met de gemeenten die gebouweigenaar zijn). Verder realiseren we op het onderwerp ‘mobiliteit’ verduurzaming met een positief ecologisch, maar mogelijk ook financieel effect.

Realiseren en bijsturen waar nodig Via de reguliere periodieke rapportages volgen we de voortgang op onze Opgaven. De groeiende onzekerheid in de wereld op allerlei vlakken, zoals grondstoffen, energiekosten, stijgende prijzen en rente, klimaatverandering, cybercriminaliteit, (geopolitieke) instabiliteit, etc. heeft en zal grote effecten hebben op de taakuitvoering van VNOG en op de realisatie en de kostenontwikkeling van de begroting en komende begrotingen, die niemand op dit moment exact kan overzien of voorspellen. Wij volgen deze ontwikkelingen nauwgezet en sturen bij indien nodig. Tenslotte zal er in 2024, net als in voorgaande jaren, weer nauw contact zijn met de raden, als belangrijkste dragers van onze organisatie. Er spelen in 2024 bovendien twee trajecten die extra betrokkenheid van de raden zullen vragen. Ten eerste moet de gemeenschappelijke regeling van VNOG worden bijgewerkt naar aanleiding van de aangepaste Wet gemeenschappelijke regelingen. Ten tweede loopt het huidige regionaal beleidsplan in 2024 af. In 2024 zullen we dan ook in nauw overleg met de raden aan een nieuw beleidsplan gaan werken dat per 2025 zal ingaan. In deze begroting 2024 worden alvast ontwikkelingen en trends geschetst die in het traject van het nieuwe beleidsplan worden meegenomen. Namens het dagelijks bestuur VNOG, H.J. van Schaik portefeuillehouder Middelen

Medewerkers van VNOG staan dag en nacht klaar om te kunnen optreden bij noodsituaties. Bij heftige incidenten, ongevallen, branden en protestacties. Daarbij laten de collega’s van de brandweer, de crisisorganisatie en GHOR zich van hun professionele kant zien. Ook leveren we een stevige bijdrage aan langdurige crises. Daarbij vervullen we steeds vaker een centrale en verbindende rol. In het online magazine Voorop in Veiligheid lees je hoe we samen werken aan veiligheid! Scan de QR code om het magazine te lezen.

Pagina 4 van 78

1. Inleiding Ook in 2024 zal VNOG antwoord geven op de beide vragen die de samenleving aan haar stelt: hulp bieden bij nood en (helpen bij) voorkomen van gevaar. Daarvoor voert VNOG haar wettelijke taken uit, namelijk brandweerzorg, rampenbestrijding, risico- en crisisbeheersing, bevolkingszorg en geneeskundige hulpverlening. Om deze taken te kunnen uitvoeren verricht VNOG ook alle voorbereidende en administratieve werkzaamheden die hierbij horen. Daarbij zal VNOG, indachtig haar missie (‘Samen werken aan veiligheid’), de samenwerking met de vele partners opzoeken. Rode draad in deze begroting 2024-2027 zijn de Opgaven van VNOG uit het regionaal beleidsplan 2021-2024 en de hieronder liggende Toekomstvisie 2020-2026. De Opgaven vormen het concrete antwoord van VNOG op de vragen van de samenleving. Deze Opgaven zijn: 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises (maatschappelijke opdracht) (Incidentbestrijding en crisisorganisatie) 1. Zelfredzaam & risicobewust 2. Vakbekwaam & deskundig 3. Sterke informatiepositie 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers (randvoorwaarde) (gezonde bedrijfsvoering) De afgelopen jaren hebben grote uitdagingen met zich meegebracht voor de hele wereld en dus ook voor VNOG. Na de coronajaren volgden nieuwe crises, zoals de oorlog in Oekraïne, de asielcrises, etc.

De veiligheidsregio’s hebben hierbij een steeds grotere rol gekregen en zijn op allerlei fronten ingezet. Deels kwam het reguliere werk daardoor in de knel. Inmiddels zijn achterstanden waar mogelijk ingelopen. VNOG werd overigens, naast haar directe taakuitvoering, ook op andere manieren door de crises geraakt. Prijzen stegen en door grondstoffentekorten namen levertijden van leveranciers toe. Planningen moesten worden bijgesteld en voor gestegen kosten moesten oplossingen worden gevonden. De onrust in de wereld houdt aan. Er zijn vele onzekerheden, snelle ontwikkelingen en uitdagingen op allerlei vlakken, zoals klimaat, energie, prijzen, polarisatie en (wereldwijde) instabiliteit. Niemand kan overzien of voorspellen waar deze ontwikkelingen toe zullen leiden; voorstelbaar is dat deze een effect gaan hebben op de veiligheid. De ontwikkelingen zullen hoe dan ook effect hebben op de uitvoering en kostenontwikkeling van deze en nog komende begrotingen. Het is lastig om de risico’s en gevolgen exact in te schatten, omdat zaken elkaar snel opvolgen. Het Rijk voorziet dat komende crises langduriger zullen zijn, met een grote maatschappelijke impact en dat de veiligheidsregio’s hierbij een belangrijke rol gaan spelen. Dit wordt op termijn ook meegenomen in de aangepaste Wet veiligheidsregio’s.

Het Rijk wil daarom de crisisbeheersing en informatiepositie van de veiligheidsregio’s versterken en hun flexibiliteit om in te spelen op actuele crises. In de periode 2023 t/m 2026 verhoogt het Rijk daarom stapsgewijs structureel haar bijdrage aan de veiligheidsregio’s (de BDUR, Brede Doeluitkering Rampenbestrijding). VNOG heeft in 2023 de besteding van de eerste tranche ingezet op basis van een meerjarig bestedingsplan om zo te voldoen aan de verwachtingen van het Rijk en de nieuwe vragen waar de samenleving mee komt. In deze begroting 2024 wordt de besteding van de tweede tranche in een separate paragraaf toegelicht.

Pagina 5 van 78

Overige belangrijke thema’s voor 2024 vormen: − Het regionaal beleidsplan 2021-2024 loopt af. Per 2025 moet er een nieuw vierjarig regionaal beleidsplan zijn. In 2024 zal VNOG met de gemeenten het traject voor het nieuwe beleidsplan doorlopen, waaronder ook de wettelijke consultatie van de raden; − Naar aanleiding van de aangepaste Wet gemeenschappelijke regelingen moet de gemeenschappelijke regeling van VNOG worden bijgewerkt en in 2024 worden vastgesteld. De raden moeten de colleges toestemming geven om de bijgewerkte regeling aan te gaan; − VNOG moet voldoen aan overige veranderende wetgeving en goede aansluiting daarop regelen (bijvoorbeeld Omgevingswet, inrichting vrijwillig brandweerbestel, etc.); − De samenwerking en verbinding met partners en stakeholders worden versterkt, dichtbij (zoals met de deelnemende gemeenten als dragers van de organisatie), maar ook verder weg (regionaal, interregionaal, landelijk, internationaal); − VNOG gaat verdere stappen zetten op het gebied van duurzaamheid en energietransitie; − Innovatie staat op de agenda: verder onderzoeken, uittesten en invoeren van nieuwe innovatieve mogelijkheden, ter ondersteuning van de uitvoering van de Opgaven; − VNOG blijft het eigen personeel door ontwikkelen, zowel repressief als ondersteunend, qua kennis en vaardigheden, opdat VNOG de vragen van de samenleving blijvend kan beantwoorden en duurzame

inzetbaarheid, met oog voor vitaliteit voor medewerkers, wordt gerealiseerd; − VNOG voert de, als gevolg van de wereldmarktsituatie, bijgestelde planningen uit voor de aanschaf van materieel en materiaal, opdat het eindbeeld van de Toekomstvisie in 2026 wordt gehaald; − VNOG heeft blijvende aandacht voor veiligheidsvraagstukken omtrent informatie, gegevensbeheer en privacy om zo te voldoen aan wettelijke vereisten en verder door te groeien naar een hoger volwassenheidsniveau op dit terrein. Financieel beeld op hoofdlijnen Het financiële effect van de op 15 december 2022 door het AB vastgestelde Kadernota 2024-2027 (waaronder de toegepaste ramingsgrondslagen en loon- en prijsindex), alsmede het effect van de toen separaat vastgestelde begrotingswijziging ‘demarcatie’ is verwerkt in deze begroting. In hoofdstuk 4 wordt dit uitgebreid toegelicht. In voorgaande kadernota’s en begrotingen is reeds aangegeven dat de kapitaallasten dusdanig zullen stijgen dat deze op enig moment niet meer gedekt kunnen worden door een onttrekking aan de beschikbare egalisatiereserve1. Hierdoor wordt een verhoging van de gemeentelijke bijdrage op termijn noodzakelijk. In voorgaande kadernota’s kon hiervan al een voorlopige berekening gepresenteerd worden.

In de Kadernota 2024 is de voorlopige berekening verder doorgerekend, waarbij de resultaten van recent succesvol doorlopen aanbestedingen zijn meegenomen. Prijzen zijn en blijven naar verwachting wereldwijd sterk in beweging. Bovendien krijgt VNOG te maken met een stijgende rente. Dit heeft een groot effect en werkt door in hogere kapitaallasten, een snellere uitputting van de egalisatiereserve en dus in een eerdere en hogere stijging van de gemeentelijke bijdrage. Deze stijging van de bijdrage als gevolg van de kapitaallasten wordt nu voorzien in 2026 en 2027. Voor 2026 en 2027 wordt een reële stijging van de gemeentelijke bijdrage met 3 respectievelijk 2 miljoen (cumulatief 5 miljoen structureel) voorzien.

1 Uiteraard is het afhankelijk van (het tempo van) de voorgenomen investeringen en van de verkoop van af te stoten mate-

rieel, wanneer de reserve daadwerkelijk zal zijn uitgeput.

Pagina 6 van 78

Tenslotte zijn in deze begroting de risico's herijkt in vervolg op hetgeen daaromtrent is opgenomen in de jaarrekening 2022. Het weerstandsvermogen van VNOG bevindt zich binnen de hiertoe door het AB vastgestelde bandbreedte. VNOG moet, met alle ontwikkelingen om haar heen, de gezondheid van haar bedrijfsvoering bewaken en ervoor zorgen dat zij haar Opgaven kan blijven uitvoeren. Hiervoor heeft VNOG ook de gemeenten nodig. Gemeenten staan echter ook voor grote, deels dezelfde, (financiële) uitdagingen die naar verwachting ook komende jaren verdere invloed gaan krijgen. VNOG wil hier oog voor hebben. In onderling overleg en met begrip voor elkaars positie wil VNOG hierin samen met de gemeenten optrekken. Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft de koers van de VNOG, vertaald in de missie, (Toekomst)visie en Opgaven. In hoofdstuk 3 staan de programma’s en welke activiteiten in 2024 worden uitgevoerd met welke middelen, alsook de indicatoren waarmee de voortgang op de Opgaven periodiek wordt gemeten. Hoofdstuk 4 bevat het overzicht van baten en lasten en de toegepaste ramingsgrondslagen uit de Kadernota 2024. Hierin is de Kadernota 2024 e.v. verwerkt. Vervolgens wordt in hoofdstuk 5 ingegaan op de verplichte paragrafen. Daarna volgen bijlagen met diverse (onder andere financiële) overzichten.

Pagina 7 van 78

2. Missie, visie, opgaven Vragen van de samenleving en Missie De samenleving stelt grofweg twee vragen aan VNOG: • Ik heb hulp nodig (bij brand, ongevallen, rampen, crises). • Leer mij gevaar te voorkomen (veilig wonen, werken en recreëren). Burgers, bedrijven, instellingen en andere overheden stellen deze vragen aan VNOG. VNOG moet, op grond van haar wettelijke taken en verantwoordelijkheden uit de Wet veiligheidsregio’s, deze vragen beantwoorden. De missie van VNOG daarbij is: “Samen werken aan veiligheid”. Visie en Opgaven Op 15 januari 2020 heeft het algemeen bestuur van VNOG in de Toekomstvisie vastgelegd hoe VNOG de vragen van de samenleving beantwoordt en haar missie gestalte geeft, namelijk: − VNOG is dé organisatie in de regio voor samenwerking aan veiligheid. Het is een operationele organisatie, die bij een crisissituatie of ramp nu en in de toekomst garant staat voor professionele hulpverlening aan de inwoners en bezoekers van de regio. − Noord- en Oost-Gelderland is een regio waar veilig en gezond gewoond, gewerkt en gerecreëerd kan worden. VNOG speelt in op demografische, technologische en maatschappelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op hedendaagse en toekomstige veiligheidsrisico’s. VNOG is een toekomstbestendige veiligheidsregio. − VNOG heeft de volgende Opgaven, als antwoord op de beide vragen van de samenleving: o o o o o − − −

Opgave 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises (maatschappelijke opdracht) Opgave 1. Zelfredzaam & risicobewust Opgave 2. Vakbekwaam & deskundig Opgave 3. Sterke informatiepositie Opgave 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers (randvoorwaarde)

VNOG werkt met compacte en slagvaardige posten met goed getrainde vrijwilligers vanuit een versterkte informatiepositie. Dit alles moet leiden tot een solide veiligheidsregio voor de lange termijn. De Toekomstvisie loopt tot en met 2026. Het bestuur monitort periodiek de voortgang van de bij de Toekomstvisie behorende Opdrachten tijdens de reguliere P&C-cyclus. De Toekomstvisie vormt de basis van elke komende begroting en is daarin integraal verwerkt.

Beleidsplan De Toekomstvisie is verder uitgewerkt in het regionaal beleidsplan; dit is het strategisch beleidskader van VNOG. Het beleidsplan is vastgesteld in december 2020 en beschrijft de koers voor een periode van vier jaar (2021-2024). In het regionaal beleidsplan is de ambitie per Opgave nader beschreven. In de nu voorliggende programmabegroting staat wat VNOG in 2024 doet om deze ambities te realiseren en welke middelen hiervoor beschikbaar zijn. De Opgaven komen als rode draad telkens weer in deze programmabegroting terug. Er is nagedacht over de periode nà het aflopen van de Toekomstvisie in 2026. Er is gekeken naar maatschappelijke ontwikkelingen en trends. Eerste ideeën over met welke (nieuwe) uitdagingen VNOG te maken krijgt, wat de samenleving gaat verwachten en hoe VNOG zich hierbij kan positioneren, zijn verkend (zie hierna). De uitkomsten uit deze verkenning worden in 2024 meegenomen in het traject van het nieuwe regionaal beleidsplan. Immers, eind 2024 dient er een nieuw regionaal Pagina 8 van 78

beleidsplan te verschijnen voor de periode 2025-2028. Als onderdeel van dit traject naar het nieuwe beleidsplan zullen in 2024 conform de Wet de raden ook eerst weer worden geconsulteerd. Trends en ontwikkelingen komende jaren Algemeen − Het risicoprofiel verandert door klimaatverandering, schaarste aan grondstoffen/energie en de noodzakelijke energietransitie, etc. De wereld is instabiel: politiek, sociaal, economisch. Nieuwe risico’s en nieuwe typen crisis vragen om een nieuwe/andere inzet van VNOG als brandweer, GHOR en crisisorganisatie. − Technologische ontwikkelingen en innovaties bieden hierbij kansen. De afhankelijkheid van (informatie) technologie is echter evenzeer een risico (storingen, crimineel gebruik of terrorisme). − De uitkomsten van alle ontwikkelingen zijn moeilijk voorspelbaar. Naar verwachting zullen toekomstige crises langduriger zijn, met een grote impact voor de maatschappij. − Er wordt steeds meer naar veiligheidsregio’s gekeken bij deze langduriger crises. Zo faciliteert het Rijk de komende jaren een versterking van de crisisbeheersing en informatiepositie door een stapsgewijze substantiële ophoging van de rijksbijdrage (BDUR) aan de veiligheidsregio’s. De veiligheidsregio’s moeten dan wel aan nieuwe verwachtingen vanuit het Rijk gaan voldoen. − Het veranderend risicoprofiel vraagt dat de organisatie zich voorbereidt op langduriger multi crises.

Getrainde medewerkers, bredere functies en flexibele organisatievormen en werkwijzen zijn de sleutel. Doelstelling is dat VNOG nu en in de toekomst de medewerkers een helder handelingsperspectief blijft bieden. VNOG kiest binnen de veiligheid één of meer thema's, waarin het op kop gaat en een breed erkende expert-regio is. − Het versterken van de democratische legitimatie voor het optreden van veiligheidsregio's tijdens crises is daarbij ook belangrijk. Dit geldt eens te meer, nu in algemene zin het vertrouwen van de burger in de overheid onder druk staat. VNOG wil daarom de verbinding met de raden / gemeenten en andere stakeholders verder versterken. Medewerkers − Om in te kunnen spelen op bovenstaande ontwikkelingen zal VNOG als organisatie zich op een goede manier moeten laten zien op de krappe arbeidsmarkt, om zo (nieuw) talent binnen te halen / te behouden. Dit geldt in het bijzonder voor professionals in de (informatie)technologie. − Duurzame inzetbaarheid van medewerkers wordt tevens blijvend bevorderd; VNOG zoekt naar passende en nieuwe manieren om medewerkers hierin te stimuleren. − VNOG heeft nadrukkelijk aandacht voor de vakbekwaamheid van al haar medewerkers, met accent op persoonlijke ontwikkeling en mogelijkheden voor scholing, training en opleiding. − Informatietechnologie zal zich in snel tempo ontwikkelen.

Voor het benutten van de mogelijkheden is permanente scholing essentieel. Advisering en voorlichting − VNOG stimuleert burgers, instellingen en bedrijven tot zelf- en samenredzaamheid en het nemen van eigen verantwoordelijkheid bij incidenten, rampen en crisis en het voorkomen daarvan. − VNOG wil een betrouwbare leverancier van kwalitatief hoogwaardige adviesdiensten en voorlichting zijn voor burgers, bedrijven, ketenpartners en gemeenten, op basis van gemaakte afspraken over de dienstverlening. VNOG ambieert hierin een positie als koploper en expert, onder andere door allianties te sluiten met het bedrijfsleven en maatschappelijke partners. − Er is sprake van een aantal maatschappelijke ontwikkelingen die de aandacht voor (brand)veiligheid zeer noodzakelijk maken, zoals verarming, vergrijzing, het toenemen van het aantal andere talen, de terugtredende overheid, etc. Er worden nieuwe adviesvaardigheden en bekwaamheden gevraagd van VNOG medewerkers. VNOG zal haar medewerkers hierop scholen en trainen.

Pagina 9 van 78

Informatie − Gegeven het veranderende risicoprofiel is de doelstelling dat er voor en tijdens crises een continu en actueel risicobeeld bestaat, dat geduid wordt ten behoeve van bestuurlijke besluitvorming en operationeel handelen. − Besluitvorming o.a. tijdens crises moet steunen op een goede informatiepositie; de noodzaak van landelijke standaarden en uniformiteit wordt onderkend, terwijl binnen en tussen regio's investeringen in mensen en middelen nodig zijn. − VNOG ontwikkelt een Veiligheidsinformatie en coördinatiecentrum (VICC). Het hebben van een dergelijk knooppunt is een landelijke verplichting, alsook de aansluiting op de landelijke voorziening KCR-2 (Knooppunt Coördinatie Regio’s-Rijk). De genoemde ophoging van de rijksbijdrage (BDUR) is mede bestemd om de informatievoorziening en -aansluiting te versterken. − Om als VNOG een betrouwbare leverancier van data te zijn is de informatieveiligheid en goede interne informatie over de bedrijfsvoering en het gebruik van business intelligence cruciaal. Binnen dit vakgebied wordt bezien of VNOG een volgende of een meer leidende positie inneemt. − Veiligheidsregio’s gaan opgenomen worden in de vitale infrastructuur. Dit vergt extra inspanningen op het gebied van Privacy en Security om aan de daarbij horende eisen te voldoen.

Overig: innovatie, duurzaamheid, veranderende wetgeving en samenwerking − Innovatie is een belangrijk thema. Overal in VNOG vinden innovaties plaats zoals rondom dashboarding, scenario denken, informatie, samenwerkingen (bijv. met startups en bedrijfsleven), meer inzet van gedragswetenschap, nieuw materieel en inzettechnieken (bijv. drones), etc. − De wereld staat voor een grote opgave voor de leefbaarheid op onze planeet. De ambitie van VNOG is om de landelijke eisen te volgen en daar waar zich kansen voordoen, nog een stap verder te zetten, mits de (financiële) mogelijkheden dat toestaan en VNOG haar wettelijke kerntaken kan blijven uitvoeren. De hoofdbestanddelen in de duurzaamheidsstrategie zijn: vastgoed, inkoop, mobiliteit, bewustwording en gedrag. VNOG trekt voor dit onderwerp nauw samen op met haar partners. Voor bepaalde belangrijke onderdelen is VNOG afhankelijk van keuzes van anderen, bijvoorbeeld van de gebouweigenaren (de gemeenten) wat betreft duurzaamheidsmaatregelen in de panden. − Belangrijke wetgeving gaat veranderen. VNOG heeft zaken in beeld en neemt waar nodig actie: Wet veiligheidsregio’s (n.a.v.

wetsevaluatie), Omgevingswet, Energiewet, Herziening staatsnoodrecht, Wijziging Wet publieke gezondheid, Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (WNRA), Nieuwe inrichting vrijwillig brandweerbestel, Aanpassing wet gemeenschappelijke regelingen (uiterlijk 1 juli 2024 moet er een geactualiseerde gemeenschappelijke regeling VNOG zijn), veranderende financiële wetgeving (rechtmatigheidsverklaring door DB), Verzamelwet gegevensbescherming, diverse uitwerkingen van de Wet digitale overheid, Invoering e-privacy verordening. − Vanuit het bestaande vertrouwen bij de deelnemende gemeenten en bij ketenpartners in en om onze regio, werkt VNOG lokaal met haar gemeenten, bovenregionaal (Oost-5 (vijf veiligheidsregio’s in het oosten van het land), landelijk (NIPV, Nederlands Instituut Publieke Veiligheid) en internationaal (Duitsland) samen. Crises beperkten zich immers nooit vanzelfsprekend tot bestuurlijke grenzen en zullen dat in een veranderend risicoprofiel in nog mindere mate doen.

Pagina 10 van 78

Samenvatting VNOG in 2024 De vragen van de samenleving en het antwoord van VNOG daarop:

Opgaven - VNOG: • • •

Beperkt en bestrijdt (Opgave 0.) Is vakbekwaam en deskundig (Opgave 2.) Werkt vanuit een sterke informatiepositie (Opgave 3.)

• • • •

Voorkomt risico’s (Opgave 0.) Stimuleert zelfredzaamheid en risicobewustzijn (Opgave 1.) Is deskundig (Opgave 2.) Werkt vanuit een sterke informatiepositie (Opgave 3)

VNOG levert: Brandweer

GHOR

Crisisbeheersing

VNOG heeft: • Een compacte en slagvaardige brandweer, GHOR en multidisciplinaire crisisorganisatie. • Passend materieel met bijbehorend goed opgeleide en getrainde medewerkers. • Duidelijke informatie, die VNOG verzamelt, duidt en verspreidt waardoor zorg en hulp verbeteren.

Voorlichting

Risico-analyse /-duiding

Advisering

Informatie en systemen

VNOG: • Informeert en stimuleert inwoners, bedrijven en organisaties. • Biedt handelingsperspectief (wat kan ik zelf doen). • Verzamelt, duidt en verspreidt informatie.

Missie: Samen werken aan veiligheid | Kernwaarden: Daadkrachtig – Deskundig - Gepassioneerd

Pagina 11 van 78

Opgavegericht Deze begroting 2024 is, zoals aangegeven, opgavegericht opgebouwd, dus conform de Opgaven van VNOG. Op de volgende pagina’s is een samenvattend totaaloverzicht opgenomen van de beleidsdoelen voor 2024 per Opgave. Per beleidsdoel is tevens te zien welk programma (welke afdeling) verantwoordelijk is voor de uitvoering van de doelstelling. Hoofdstuk 3 is vervolgens ingedeeld volgens de programma’s. De beleidsdoelen per Opgave uit het totaaloverzicht komen hierin weer terug (de vraag: “wat willen we bereiken”) en worden verder uitgewerkt, door per beleidsdoel de concrete activiteiten van het programma voor 2024 te beschrijven (vraag: “wat gaan we ervoor doen”). Vervolgens zijn er per Opgave indicatoren (vraag: “hoe gaan we dat meten”). Tenslotte zijn per programma de beschikbare middelen weergegeven (vraag: “welke middelen hebben we daarvoor beschikbaar”). Door opgavegericht te werken, wordt beoogd doelgerichter keuzes te kunnen maken en (bij) te kunnen sturen. De organisatiestructuur (de programma’s en afdelingen) blijft leidend bij het opstellen van de begroting. Voor verantwoording zijn per Opgave indicatoren opgenomen. Met de indicatoren wordt periodiek de voortgang gemeten. Daarnaast zijn in de diverse paragrafen van deze begroting ook kengetallen, ratio’s, toelichtingen op berekeningsmethoden en (ramings)grondslagen opgenomen: − paragraaf 5.2.

‘Weerstandvermogen en risicomanagement’: ratio weerstandsvermogen, netto schuldquote, solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte; − paragraaf 5.4. ‘Financiering & treasury’: kasgeldlimiet, renterisiconorm; Tenslotte zijn, als gebruikelijk, ook de verplichte beleidsindicatoren vanuit het BBV opgenomen: − Bijlage 5 ‘Beleidsindicatoren’: formatie en bezetting (in aantal fte per 1.000 inwoners), apparaatskosten per 1.000 inwoners, externe inhuur en overhead als percentage van de totale lasten. Met behulp van de indicatoren, kengetallen, ratio’s en grondslagen kan doelgerichter worden gerapporteerd en gestuurd.

Pagina 12 van 78

Samenvattend totaaloverzicht van de beleidsdoelen voor 2024 per Opgave, gerelateerd aan de programma’s Opgave: 0. Voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 1 RCB In samenwerking met partners voorkomen, beperken, bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige crises) door informatiegestuurd en risicogericht te werken; slagvaardig en flexibel optreden.

1. Zelfredzaam & Risicobewust

Mssie: "Samen werken aan veiligheid" 2. Vakbekwaam & deskundig

Met behulp van (innovatieve) risico- en crisiscommunicatie en advisering de zelfredzaamheid en het zelforganiserend vermogen van inwoners, bedrijven en instellingen vergroten.

Als netwerkpartner toegerust zijn om tijdig Risico's en potentiële veiligheidswinst (integrale) veiligheidsadvisering te verlenen aan identificeren en duiden, aan de hand van het de gemeenten en andere partners. verzame-len, koppelen en analyseren van gegevens. Dit dient als basis voor risicogerichte advisering

1 RCB

3. Sterke informatiepositie

Deelnemers aan de multidisciplinaire crisisorganisatie zijn adequaat opgeleid, getraind en geoefend

VNOG acteert zowel in de voorbereiding op als gedurende inzetten op basis van een actueel informatiebeeld en scenario’s

2 BWZ

Het zo snel mogelijk bieden van hulp aan burgers, dieren, bedrijven en instellingen door het leveren van effectieve en kwalitatieve brandweerzorg, die is afgestemd op de risico’s in het gebied van VNOG.

Personeel is vakbekwaam om operationeel op te treden.

Inzicht in gegevens door te onderzoeken, verzamelen, koppelen en analyseren.

2 BWZ

Materieel en materiaal is functioneel en doelmatig en is 24/7 beschikbaar voor uitruk en vakbekwaam worden én blijven conform het dekkings- en spreidingsplan.

Processen en procedures zijn afgestemd op de aanwezige risico’s in het gebied.

Verbinding in gegevens.

Adequate nazorg wordt geleverd aan de repressieve medewerkers.

Achteraf evalueren en bijstellen van het functioneren.

De GHOR heeft 24/7 een crisisorganisatie beschikbaar bestaande uit opgeleide en getrainde functionarissen (OVDG, ACGZ, Hin en DPG) die samenwerken met de netwerkpartners.

Verder versterken van de netcentrische werkwijze binnen de witte kolom.

2 BWZ

3 GHOR

Het zoveel mogelijk voorkomen van slachtoffers en indien er toch slachtoffers zijn, hen de best beschikbare geneeskundige en psychosociale zorg te (laten) bieden

Volgen van ontwikkelingen en bij elkaar brengen van diverse organisaties en actoren (binnen en buiten veiligheid en zorg) rondom zelfredzaamheid, met als doel gezamenlijk voorbereid te zijn op dit maatschappelijke thema.

3 GHOR

Voorzien in (structurele) advisering over veiligheid en gezondheid

Starten met invulling geven aan burgerhulpverlening bij crises, rampen en incidentbestrijding, ter versterking van de slagkracht van de geneeskundige crisisorganisatie, samen met keten-, kolom- en zorgpartners.

3 GHOR

Het borgen van keten continuïteit in de zorg.

Implementeren van verbeterpunten vanuit het regionaal zorgrisicoprofiel.

De GHOR groeit naar een strategisch/ tactische rol als informatieknooppunt.

Pagina 13 van 78

4. Gezonde financiële basis en betrokken medewerkers

Overkoepelend / Overig

Opgave: 0. Voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 4 MKON- De wettelijke kerntaak is leidend: het 24/7 MKBM aannemen, verwerken en begeleiden van noodmeldingen uiteenlopend van kleine incidenten tot rampen en crises. 4 MKON- De keten van melding, alarmering en MKBM begeleiding is snel en betrouwbaar en de continuïteit is gegarandeerd. 4 MKON- De beschikbaarheid 24/7 van de operationele MKBM taak van Calamiteitencoördinator (Caco) is gegarandeerd.

1. Zelfredzaam & Risicobewust

2. Vakbekwaam & deskundig

3. Sterke informatiepositie

Vergroting van de kennis en vaardigheden van de medewerkers MKBM.

Hoogwaardige informatievoorziening vanuit de meldkamer om de inzet van de hulpdiensten op straat zo goed mogelijk te laten verlopen.

4. Gezonde financiële basis en betrokken medewerkers

Een actieve bijdrage leveren aan de totstandkomng van de nieuwe MKON; het centrale werkgeverschap voor de brandweeren multicentralisten uitvoeren.

Een bijdrage leveren aan het actuele veiligheidsbeeld van de veiligheidsregio’s. Inspelen op de landelijke ontwikkeling van de meldkamers naar informatieknooppunten, door het ontwikkelen en verbeteren van (nieuwe) informatiestromen.

5 DC&S

Het behalen, behouden en monitoren van het in de Toekomstvisie-Opdrachten vastgestelde dienstverleningsniveau binnen de daarvoor beschikbaar gestelde middelen. Het informeren van het bestuur, de directeur en het management over de mate van besturing en beheersing in de organisatie. In control blijven stimuleren door middel van visitaties, het uitvoeren van audits, het toetsen van voorstellen resp. besluiten op uitvoerbaarheid resp. uitvoering en het adviseren van directie en bestuur.

5 DC&S

5 DC&S

6 BV

Een goede informatiepositie van alle Een solide financiële positie en een rechtmatige belanghebbenden (intern, bestuur, en transparante financiële huishouding. samenleving). De informatievoorziening is betrouwbaar, weerbaar en ‘bij de tijd’ ingericht.

6 BV

Optimale facilitering van organisatie en medewerkers op gebied van huisvesting, services en projecten.

6 BV

Onze mensen richting, ruimte, vertrouwen geven om zich te ontwikkelen en resultaten te behalen, die burgers, bestuur en partners van de VNOG vragen.

BDUR: RCB GHOR BV

VNOG is beter in staat om zich voor te bereiden op toekomstige (langdurige) rampen en crises en om deze te managen als ze zich voordoen, doordat de betrokken teams op sterkte zijn ge-bracht.

BDUR: RCB GHOR BV

Burgers, bedrijven, mede-overheden en partners krijgen een handelingsperspectief voor, tijdens en na (langdurige) rampen en crises.

BDUR: RCB GHOR BV

Overkoepelend / Overig

Vergroten van de zelfredzaamheid en het zelforganiserend vermogen van inwoners, bedrijven en instellingen met behulp van (innovatieve) risico- en crisiscommunicatie.

Vergroten van de kennis en vaardigheden van de betrokken medewerkers, door te investeren in capaciteiten, opleiden, trainen en oefenen.

Inrichten van een gegarandeerd Veiligheids Informatie en Coördinatiecentrum (VICC) met 24/7 inzicht in een dynamisch risicobeeld dat de besluitvorming voor en tijdens crises ondersteunt en informatie uitwisselt met netwerkpartners (zowel bemensing VICC, als bemensing (technische) ondersteuning daarvan, als de onderliggende informatiesystemen). Bijdragen aan de landelijke gezamenlijke informatiepositie, waarvan de inrichting is neergelegd bij het NIPV (Nederlands Instituut Publieke Veiligheid) en het Rijk. Bijdragen aan de inrichting van 24/7 landelijke ondersteuning in coördinatie en informatiemanagement tussen veiligheidsregio’s, Rijk en crisispartners, waarvan de inrichting is belegd bij het landelijke Knooppunt Coördinatie Regio’s Rijk (KCR-2).

Pagina 14 van 78

3. Programma’s Programma:

1. Risico- en Crisisbeheersing

Programmahouder:

mevr. A.H. Bronsvoort

Welke Opgaven voert Risico- en Crisisbeheersing primair uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises 1. Zelfredzaam en risicobewust 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie De afdeling Risico- en Crisisbeheersing (RCB) heeft een breed takenpakket en is betrokken in verschillende fasen van ‘plan tot plof’. Daarbij gaat het onder andere over het analyseren van risico’s, het adviseren op omgevingsvisie, -plannen en -vergunningen, het adviseren van inwoners in het kader van zelfredzaamheid en risicobewustwording, het onderhouden van het netwerk van crisispartners, het voorbereiden van de crisisorganisatie op mogelijke incidenten, rampen en (langdurige)crises en het bieden van operationele informatie voor de operationele functionarissen. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per Opgave? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises a. In samenwerking met partners voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises door informatiegestuurd en risicogericht te werken. Bij incidenten, rampen en (langdurige) crises is VNOG in staat om flexibel en slagvaardig op te treden. b.

De afdeling werkt, naar aanleiding van landelijke afspraken, samen met andere afdelingen aan de versterking van crisisbeheersing, versterking van informatievoorziening en versterking samenwerking tussen regio en Rijk. Deze versterkingsopgaven worden bekostigd uit een ophoging van de rijksbijdrage BDUR. Zie hiervoor de separate paragraaf hierover. 1. Zelfredzaam en risicobewust Met behulp van (innovatieve) risico- en crisiscommunicatie en advisering de zelfredzaamheid en het zelforganiserend vermogen van inwoners, bedrijven en instellingen vergroten. 2. Vakbekwaam en deskundig a. Als netwerkpartner toegerust zijn om tijdig (integrale) veiligheidsadvisering te verlenen aan de gemeenten en andere partners. b. Deelnemers aan de multidisciplinaire crisisorganisatie zijn adequaat opgeleid, getraind en geoefend. 3. Sterke informatiepositie a. Risico's en potentiële veiligheidswinst identificeren en duiden, aan de hand van het verzamelen, koppelen en analyseren van gegevens. Dit dient als basis voor risicogerichte advisering. b. VNOG acteert zowel in de voorbereiding op als gedurende inzetten op basis van een actueel informatiebeeld en scenario’s. Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en (langdurige) crises.

RCB: − geeft uitvoering aan het regionaal crisisplan, beleidsplan en regionaal risicoprofiel; − begeleidt het proces om te komen tot een nieuw regionaal risicoprofiel dat per 2025 ingaat;

Pagina 15 van 78

−

− −

− − −

werkt, naar aanleiding van landelijke afspraken, aan versterking van crisisbeheersing, versterking van informatievoorziening en versterking samenwerking tussen regio en Rijk. Deze versterkingsopgaven worden bekostigd uit een ophoging van de rijksbijdrage BDUR. Zie hiervoor de separate paragraaf hierover; faciliteert en regisseert een breed regionaal platform waar kennis vanuit de samenleving op specifieke terreinen wordt samengebracht en crisispartners bijeenkomen ter bevordering van het zelf-organiserend vermogen; bouwt verder aan goede samenwerkingsrelaties met onze 22 gemeenten, de omgevingsdiensten, GGD en het samenwerkingsverband van veiligheidsregio’s “Oost-5” en werkt aan nieuwe allianties om daarmee een basis te leggen voor integrale veiligheidsadvisering (o.a. gezondheid-, water-, milieu-, evenementen- en brandveiligheid) aan gemeenten; beheert de afsprakenlijsten bij de convenanten en onderhoudt de verbinding met het netwerk aan crisispartners; ondersteunt de VNOG gemeenten in hun crisistaken op het gebied van bevolkingszorg en crisiscommunicatie; versterkt de samenwerking in Oost Nederland, met het Rijk en Duitsland op het gebied van onder andere onze gezamenlijke informatiepositie en vakbekwaamheid.

1. Zelfredzaam en risicobewust. RCB: − draagt zorg voor een afgebakende rol- en taakverdeling op risico- en crisiscommunicatie; − verstevigt het netwerk rondom gedrag en veiligheid en benut kansen om meer partners aan te laten haken in campagnes; − implementeert het nieuwe dienstverleningsconcept binnen en in samenwerking met de gemeenten; − versterkt het proces gedrag en veilige leefomgeving, passend bij de ambitie van de VNOG; − analyseert risico- en doelgroepen en organiseert (publieks)campagnes op basis van de regionale gedragstrategie; − ondersteunt en bevordert innovatieve projecten in het kader van veilig wonen; − levert een bijdrage aan het risicobewustzijn van stakeholders in de natuurlijke omgeving in het kader van de gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing; − adviseert risicogericht vanuit de overtuiging dat dit bijdraagt aan een veiligere leefomgeving − past bij bedrijfsbezoeken het principe van het risicogericht werken toe. Op basis van de risico’s kan praktisch worden nagedacht over de aspecten waar de veiligheidsregio zich proactief op voor kan bereiden en welke handelingsperspectieven er geboden kunnen worden. 2. Vakbekwaam en deskundig a. Als netwerkpartner toegerust zijn om tijdig (integrale) veiligheidsadvisering te verlenen.

RCB: − geeft uitvoering aan het in 2023 opgestelde opleidingsplan RCB ‘vakbekwaam worden en blijven’; − ontwikkelt het risicogericht werken aan de hand van de herijkte routekaart; − blijft investeren in het versterken van de vaardigheden van adviseurs, gericht op het toepassen van de risicogerichte advisering; − levert een bijdrage aan het proces ‘Lerend vermogen’ van VNOG; − implementeert het in 2023 ontwikkelde beleidskader nieuwe risico’s (waaronder klimaatadaptatie en veilige energietransitie); − waarborgt de kwaliteit van advisering externe- en industriële veiligheid door intern voldoende continuïteit te organiseren. b. Deelnemers multidisciplinaire crisisorganisatie zijn adequaat opgeleid, getraind en geoefend. RCB: − implementeert de in 2023 afgebakende rol- en taakverdeling op Bevolkingszorg; − werkt aan de herziening van het Regionaal Risicoprofiel en het Regionaal Beleidsplan 2025-2028; Pagina 16 van 78

− − − −

implementeert het in 2023 herziene Regionaal Crisisplan; werkt verder aan de doorontwikkeling naar een moderne MOTO-organisatie; ontwikkelt een multidisciplinaire kennisbank ter ondersteuning van de diverse operationele crisisfunctionarissen; onderhoudt regionale poules voor operationele informatievoorziening (informatiemanagers, beleidsondersteuners, loggers, plotters en andere ontkleurde functionarissen) en de faciliteiten die hiervoor nodig zijn.

3. Sterke informatiepositie a. Risicogerichte advisering. RCB: − gebruikt de Risico Analyse Monitor – Kenmerkenschema (RAM), binnen de kaders van de VNOG Routekaart Risicogericht werken, als hulpmiddel bij de advisering en het risicogesprek met burgers, instellingen en bedrijven; − levert een bijdrage aan het opstellen van de functionele eisen voor het zaaksysteem waarmee de aansluiting op het Digitaal Stelsel Omgevingswet geborgd blijft; − brengt gevraagd en ongevraagd advies uit op basis van de risico’s uit de periodiek herijkte risicoprofielen, zowel in de ontwerp- als de gebruiksfase van de publieke/fysieke leefomgeving. b. VNOG acteert op basis van een actueel informatiebeeld. RCB: − verzamelt, koppelt, analyseert en gebruikt gegevens t.b.v.

regionaal risicoprofiel en werkt aan (en met) een dynamisch en actueel risicobeeld (Veiligheidsinformatie en Coördinatiecentrum, VICC); − zorgt ervoor dat de risico’s en dreigingen continu gemonitord en dynamisch beschikbaar gesteld worden aan de operationele organisatie (inclusief de netwerkpartners); − past het scenariodenken, in lijn met de daartoe ontworpen methodiek, toe bij (dreigende) crisis/crises; − onderhoudt de crisisruimten en vervangt tijdig de technische hulpmiddelen om aan te blijven sluiten bij interregionale en nationale standaarden en het informatiegestuurd werken; − realiseert dat object- en omgevingsinformatie vanuit verschillende databronnen beschikbaar is in een informatieplatform (R!SQ) en gebruikt kan worden voor adviseren, informeren en operationele voorbereiding. Indicatoren: hoe gaan we dat meten? Op de prestatiekaart worden twee keer per jaar een aantal geleverde prestaties van de afdeling via indicatoren toegelicht. De prestatiekaart is een onderdeel van de halfjaarrapportage en de jaarrekening. De kaart is ingedeeld volgens de Opgaven van VNOG, die ook de grondslag van deze begroting vormen.

Pagina 17 van 78

Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Product

L/B

Realisatie 2022

Personele kosten

Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo

38.598 260.000 6.675.724 6.777.400 7.076.200 6.927.200 6.887.200 6.857.200 -6.637.127 -6.517.400 -7.076.200 -6.927.200 -6.887.200 -6.857.200 1.327.747 0 0 0 0 0 944.322 0 0 0 0 0 383.424 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 859.849 1.602.400 1.730.700 2.270.800 2.506.500 2.506.500 -859.849 -1.602.400 -1.730.700 -2.270.800 -2.506.500 -2.506.500

Regionaal Brandmeldsysteem

Overig

Rente en afschrijving

Mutatie(s) reserve(s)

Totaal saldo baten en lasten

32.616 -32.616

Raming 2023

41.000 -41.000

Raming 2024

27.300 -27.300

Raming 2025

26.900 -26.900

Raming 2026

29.100 -29.100

Raming 2027

58.800 -58.800

-7.146.167 -8.160.800 -8.834.200 -9.224.900 -9.422.800 -9.422.500

Mutaties reserves 1.0 Risico- en crisisbeheersing

Saldo reserves Resultaat

Baten Lasten Saldo

541.573 15.384 526.189 526.189

152.000

125.000

152.000 152.000

125.000 125.000

-6.710.795 -8.008.800 -8.709.200 -9.224.900 -9.422.800 -9.422.500

Pagina 18 van 78

Programma:

2. Brandweerzorg

Programmahouder:

dhr. M. Boumans

Welke Opgaven voert Brandweerzorg primair uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie De afdeling Brandweerzorg (BWZ) staat 24 uur per dag, 7 dagen in de week paraat om incidenten af te handelen. Deze taak wordt op een doeltreffende en veilige wijze voorbereid en ondersteund door aandacht te hebben voor Materieel & Logistiek, Vakbekwaamheid en Nazorg. Tevens heeft BWZ de juiste informatie op de juiste wijze en op het juiste moment beschikbaar, zodat voorafgaand en ten tijde van een incident adequaat kan worden opgetreden. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per Opgave? 0. Het beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises a. Het zo snel mogelijk bieden van hulp aan burgers, dieren, bedrijven en instellingen door het leveren van effectieve en kwalitatieve brandweerzorg die is afgestemd op de risico’s in het gebied van VNOG; b. Materieel en materiaal is functioneel en doelmatig en is 24/7 beschikbaar voor uitruk en vakbekwaam worden én blijven conform het dekkings- en spreidingsplan. 2. Vakbekwaam en deskundig a. Personeel is vakbekwaam om operationeel op te treden; b. Processen en procedures zijn afgestemd op de aanwezige risico’s in het gebied; c. Adequate nazorg wordt geleverd aan de repressieve medewerkers. 3. Sterke informatiepositie a.

Inzicht in gegevens door te onderzoeken, verzamelen, koppelen en analyseren; b. Verbinding in gegevens; c. Achteraf evalueren en bijstellen van het functioneren. Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? 0. Het beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises a. Bieden van zo snel mogelijke hulp. De afdeling BWZ: − levert brandweerzorg vanuit een compact, slagvaardig en fijnmazig netwerk van brandweerposten met repressieve medewerkers die veilig en doeltreffend (bekwaam) optreden, waarbij het optimum wordt gevonden aan de hand van het slagkrachtmodel en de spreiding (risicogericht werken). Hierbij worden innovaties zoals dynamisch alarmeren meegenomen en waar mogelijk geïmplementeerd en wordt Uitruk op Maat (TS-Flex) verder uitgerold; − maakt een eerste tussenevaluatie van de nieuwe Regeling Kazerne dagdiensten voor de posten Doetinchem en Zutphen; − investeert verder in een toekomstbestendig duikteam en uniform uitgeruste oppervlakteredders; − zet verdere stappen in de samenwerking Gendringen – Silvolde (opvolgen van onderzoeken naar de toekomstige bedrijfszekerheid in het verzorgingsgebied), het samenvoegen van de posten in het stedelijk gebied Apeldoorn en bij grensoverstijgende samenwerking (zoals Crossfire).

Pagina 19 van 78

b. Materieel en materiaal. De afdeling BWZ: − zorgt dat het materieel om incidenten te bestrijden – en om op te leiden en te oefenen – beschikbaar is en dat daarmee doeltreffend en veilig kan worden gewerkt; − werkt aan de aanschaf van 145 nieuwe eenheden en draagt zorg voor het afstoten van bestaande voertuigen conform een transparant levering- en afstootschema; − start op werklocaties met een aantal dienstbussen en -auto’s op alternatieve brandstoffen; − werkt aan de aanschaf van nieuwe bepakking volgens de laatste inzichten waaronder innovatieve blusmiddelen voor een groter en effectiever koelend vermogen; − werkt aan de verdere uitrol van het Operationeel uniform. 2. Vakbekwaam en deskundig a. Opgeleid en geoefend personeel. De afdeling BWZ: − voert een oefenprogramma uit conform het beleidsplan Vakbekwaamheid waarin verbeterpunten en nieuwe ontwikkelingen zijn verwerkt.

Hierbij is extra aandacht voor grote projecten (blusvoertuigen & bepakking) en specifieke oefenthema’s per post (maatwerk) op basis van risico’s in het eigen verzorgingsgebied; − gaat door op de ingeslagen weg van het meten van de huidige kwaliteit van repressieve medewerkers; − gaat starten met de uitvoering van een nieuwe cyclus van het realistisch oefenprogramma waarbij de scenario’s (meer) aansluiten bij landelijke ontwikkelingen; − investeert in de ontwikkeling van postcommandanten (toekomstbestendig); − organiseert oefeningen in het publieke domein. b. Processen en procedures. De afdeling BWZ zorgt ervoor dat: − processen en procedures actueel zijn en aansluiten op het risicoprofiel en op elkaar; − procedures zodanig zijn ingericht dat zij informatie verstrekken tijdens het bestrijden van incidenten en zorgen voor verbinding met externe partners; − belangrijke informatie middels een briefing app wordt gedeeld met de operationele organisatie. c. Nazorg. De afdeling BWZ: − ondersteunt eigen personeel bij o.a. traumatische ervaringen die zijn opgedaan tijdens het bestrijden van incidenten; − voert evaluaties van incidenten uit in het kader van leren van incidenten; − geeft uitvoering aan de blauwdruk Nazorg wat aansluit bij de wensen en ervaringen uit eerdere trainingen en bijeenkomsten. 3. Sterke informatiepositie.

De afdeling BWZ: − draagt informatie uit onderzoek aan voor risicobewustwording, ter bevordering van het lerend vermogen en voor verdere data-analyse. Hierbij is brandonderzoek verbreed tot incident-onderzoek waarbij er ook aandacht is voor Veilige Energietransitie en gevaarlijke stoffen; − gebruikt innovatieve Business-Intelligence (BI)-tools die aansluiten bij landelijke databases. Deze en andere gegevens uit de eigen organisatie en van netwerkpartners worden onderzocht, verzameld, gekoppeld en geanalyseerd en zichtbaar gemaakt in dashboards voor leidinggevenden; − participeert in diverse landelijke- en regionale werkgroepen, onder andere op actuele thema’s, zoals energietransitie, het netwerk vrijwilligheid, de bouwsteen Verplichtend karakter en natuurbrandbeheersing. Indicatoren: hoe gaan we dat meten? Op de prestatiekaart worden twee keer per jaar een aantal geleverde prestaties van de afdeling via indicatoren toegelicht. De prestatiekaart is een onderdeel van de halfjaarrapportage en de Pagina 20 van 78

jaarrekening. De kaart is ingedeeld volgens de Opgaven van de VNOG, die ook de grondslag van deze begroting vormen. Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Product

L/B

Baten Lasten Saldo Vrijwilligers vergoedingen Baten Lasten Saldo Vrijwilligers overig Baten Lasten Saldo Operationele voorbereiding Baten Lasten Saldo Materieel en logistiek Baten Lasten Saldo Vakbekwaam worden en blijven Baten Lasten Saldo Overig Baten Lasten Saldo Rente en afschrijving Baten Lasten Saldo Mutatie(s) reserve(s) Baten Lasten Saldo Totaal saldo baten en lasten

Realisatie 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

10.300.886 -10.300.886 9.077 7.911.376 -7.902.299

9.503.700 -9.503.700

9.732.100 -9.732.100

9.732.100 -9.732.100

9.732.100 -9.732.100

9.732.100 -9.732.100

7.824.000 -7.824.000

8.077.600 -8.077.600

8.075.600 -8.075.600

8.069.600 -8.069.600

8.069.600 -8.069.600

226.496 -226.496

230.000 -230.000

226.800 -226.800

226.800 -226.800

226.800 -226.800

226.800 -226.800

8.329 -8.329 1.263 2.727.924 -2.726.660

30.000 -30.000

30.000 -30.000

30.000 -30.000

30.000 -30.000

30.000 -30.000

2.773.905 -2.773.905

2.873.905 -2.873.905

2.773.905 -2.773.905

2.744.005 -2.744.005

2.744.005 -2.744.005

2.828.592 -2.828.592 195.868 183.710 12.159

3.081.960 -3.081.960 14.000 110.040 -96.040

3.109.160 -3.109.160 14.000 125.240 -111.240

3.125.160 -3.125.160 14.000 125.240 -111.240

3.349.410 -3.349.410 14.000 125.240 -111.240

3.349.410 -3.349.410 14.000 125.240 -111.240

4.195.609 -4.195.609

4.840.155 -4.840.155

6.283.200 -6.283.200

7.516.300 -7.516.300

9.334.800 -9.334.800

10.813.700 -10.813.700

-28.176.714

-28.379.760

-30.444.005

-31.591.105

-33.597.955

-35.076.855

-28.379.760

-30.444.005

-31.591.105

-33.597.955

-35.076.855

Personele kosten

Mutaties reserves 2.0 Brandweerzorg

Saldo reserves Resultaat

Baten Lasten Saldo

733.818 1.292.394 -558.575 -558.575 -28.735.289

Pagina 21 van 78

Programma:

3. Geneeskundige Hulpverlenings-Organisatie in de Regio (GHOR)

Programmahouder:

mevr. M. Besselink

Welke Opgaven voert de GHOR primair uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 1. Zelfredzaam en risicobewust 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) coördineert - op basis van de Wet publieke gezondheid en de Wet veiligheidsregio’s - de geneeskundige zorg bij incidenten, crises en rampen. Het doel is om zoveel mogelijk slachtoffers te voorkomen en indien er toch slachtoffers zijn, hen de best beschikbare zorg te bieden. Dit gebeurt door de hulpverlening tijdens incidenten te laten functioneren als één (witte) keten. De GHOR draagt bij aan de voorbereiding van deze geneeskundige hulpverleningsorganisatie. Dit vereist veel afstemming met ketenpartners uit de zorgsector, zoals ambulancedienst, de GGD, ziekenhuizen en huisartsen. Onder regie van het openbaar bestuur werkt de GHOR ook nauw samen met gemeenten en andere diensten en zorginstellingen. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per Opgave? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises a. Het zoveel mogelijk voorkomen van slachtoffers en indien er toch slachtoffers zijn, hen de best beschikbare geneeskundige en psychosociale zorg te (laten) bieden. b. Voorzien in (structurele) advisering over veiligheid en gezondheid. c. Het borgen van keten continuïteit in de zorg. d.

De GHOR werkt, naar aanleiding van landelijke afspraken, samen met andere afdelingen aan de versterking van crisisbeheersing, versterking van informatievoorziening en versterking samenwerking tussen regio en Rijk. Deze versterkingsopgaven worden bekostigd uit een ophoging van de rijksbijdrage BDUR. Zie hiervoor de separate paragraaf hierover. 1. Zelfredzaam en risicobewust a. Volgen van ontwikkelingen en bij elkaar brengen van diverse organisaties en actoren (binnen en buiten veiligheid en zorg) rondom zelfredzaamheid en risicobeheersing, met als doel gezamenlijk voorbereid te zijn op dit maatschappelijke thema. b. Starten met invulling geven aan burgerhulpverlening bij crises, rampen en incidentbestrijding, ter versterking van de slagkracht van de geneeskundige crisisorganisatie, samen met keten-, kolomen zorgpartners. c. Implementeren van verbeterpunten vanuit het regionaal zorgrisicoprofiel. 2. Vakbekwaam en deskundig De GHOR heeft 24/7 een crisisorganisatie beschikbaar bestaande uit opgeleide en getrainde functionarissen (OVDG, ACGZ, Hin en DPG) die samenwerken met de netwerkpartners. 3. Sterke informatiepositie a. Verder versterken van de netcentrische werkwijze binnen de witte kolom. b. De GHOR groeit naar een strategisch/ tactische rol als informatieknooppunt.

Pagina 22 van 78

Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises a. Voorkomen slachtoffers/bieden van zorg. De GHOR: − voorziet in een flexibele operationele organisatie (24/7); − werkt samen met zorgorganisaties en multidisciplinaire partners; − voorziet, samen met GGD/netwerkpartners, in psychosociale hulp na incidenten. b. Advisering. De GHOR: − adviseert onder andere bij (grote) evenementen, omgevingsveiligheid, zorgcontinuïteit, ingrijpende gebeurtenissen en sociale veiligheid; − geeft uitvoering aan het in 2019 vastgestelde beleidsplan advisering GHOR. c. Het borgen van keten continuïteit in de zorg. De GHOR: − monitort en duidt de regionale drukte in de zorg; − initieert en faciliteert het (sub-) regionaal overleg in de zorg. 1. Zelfredzaam en risicobewust a. Volgen ontwikkelingen en bij elkaar brengen actoren. De GHOR geeft uitvoering aan haar beleidsplan (‘help uzelf en anderen’) over zelfredzaamheid en burgerparticipatie. b. Invulling geven aan burgerhulpverlening. De GHOR inventariseert en volgt initiatieven t.b.v. burgerhulpverlening, samen met partners worden competenties, handelingsperspectieven en inzetscenario’s ontwikkeld. c. Het regionaal zorgrisicoprofiel. In samenwerking met ketenpartners wordt een vervolgproject gestart voor de implementatie van verbeterpunten. 2.

Vakbekwaam en deskundig − De GHOR investeert samen met de regionale ambulancevoorziening (RAV) en het Nederlandse Rode Kruis in het opleiden, trainen en oefenen van alle functionarissen in hun rol binnen de GGB (Grootschalige Geneeskundige Bijstand). − Er wordt ingezet op de doorontwikkeling van digitale, innovatieve werkvormen zoals het actief delen van kennis met de operationele functionarissen in b.v. kennissessies. − Door het aanbieden van individuele leertrajecten, inzetevaluatie en registratie van oefeningen en trainingen wordt de vakbekwaamheid van operationele functionarissen en teams bevorderd en geborgd. − Er wordt ingezet op activiteiten gericht op zelfredzaamheid en burgerparticipatie. − Participatie en samenwerking met partners in de witte keten en de veiligheidsregio’s op Oost 5 niveau vinden plaats. − Het volgen van ontwikkelingen voor de crisisorganisatie van de meldkamer MKON. − Het ontwikkelen en implementeren van een nieuw model voor de OVDG functie. 3. Sterke informatiepositie.

De GHOR: − volgt de positionering en inrichting van de witte meldkamer(s) in de Landelijke Meldkamer (LMS) op de voet, vanwege de invloed daarvan op de aansturing, opschaling en informatievoorziening binnen de witte kolom; − draagt bij aan de verdere versterking van de netcentrische werkwijze binnen de witte kolom door middel van opleiden, trainen en oefenen met ketenpartners in het gebruik van LCMS-GZ; Pagina 23 van 78

− − − − −

neemt deel aan het project Witte Informatiebron Oost-5, waarmee permanente monitoring van het geneeskundig beeld en van de actuele beschikbaarheid van acute zorg mogelijk wordt; sluit aan bij andere regionale initiatieven van ketenpartners rondom informatievoorziening ten behoeve van een sterke informatiepositie; werkt samen met GHOR afdelingen en Acute Zorgregio’s aan de doorontwikkeling op schaalgrootte Oost-5; draagt bij aan de doorontwikkeling van het VICC (Veiligheids Informatie en Coördinatiecentrum) binnen VNOG; Implementatie Toekomstvisie: De GHOR faciliteert het op incidentlocatie beschikbaar hebben van informatie uit de witte kolom en zoekt daarbij de samenwerking binnen de VNOG.

Indicatoren: hoe gaan we dat meten? Op de prestatiekaart worden twee keer per jaar een aantal geleverde prestaties van de afdeling via indicatoren toegelicht. De prestatiekaart is een onderdeel van de halfjaarrapportage en de jaarrekening. De kaart is ingedeeld volgens de Opgaven van de VNOG, die ook de grondslag van deze begroting vormen. Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Product

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13450792/1