CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

750532 Beslisnota beleidskader Herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis

Gemeenteraad 6 juli 2023, gemeente EpeBij agendapunt: (Hamerstuk) Beleidskader Herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis1.687 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beslisnota voor de raad Onderwerp

Beleidskader Herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis

Programma

2 - Actief in Epe 7 - Duurzaamheid 9 - Bedrijvigheid

Portefeuillehouder

Dhr. mr. drs. M.B. Heere

Zaaknummer

750532

Adviseur

Nienhuis

Afdeling

Samenleving

E-mail adres

ivo.nienhuis@epe.nl

TE BESLUITEN OM 1. Het beleidskader 'Herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis' vast te stellen. 2. De vrijvallende middelen uit de reserve herstel- en stimuleringsagenda (corona) beschikbaar te stellen voor incidentele uitgaven in 2023 ten behoeve van de uitvoering van het beleidskader ‘herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis’ .

INLEIDING De energiecrisis in combinatie met de hoge inflatie heeft een grote impact op de (Eper) samenleving. Temeer omdat we net uit een periode komen waarin onze gezondheid, ons welzijn en de kwaliteit van leven al sterk onder druk stond (covid-19).Voor inwoners en huishoudens hebben we aanvullend op de regelingen vanuit het Rijk inmiddels al diverse maatregelen genomen, maar verwachten we nog enkele maatregelen te moeten nemen. Hiervoor volgen nog aparte voorstellen. De gevolgen van de energiecrisis gaan echter verder dan inwoners en huishoudens. Uit een ambtelijke uitvraag (januari 2023) – de periode dat de energieprijzen extreem hoog waren – onder ondernemers en het maatschappelijk middenveld kwam naar voren dat de Rijksregelingen onvoldoende zijn om het huidige niveau van leefbaarheid in onze dorpen in stand te houden. Ondernemers hebben stevige zorgen over hun bestaansrecht in de toekomst, met op den duur negatieve gevolgen voor de bezetting van het centrum, afnemende werkgelegenheid en de aantrekkelijke uitstraling voor onze inwoners en toeristen. Ook verenigingen en stichtingen op het gebied van welzijn, sport, kunst en cultuur ondervinden bijna allemaal negatieve gevolgen van de gestegen energieprijzen.

Hoewel de meeste verenigingen / stichtingen – met uitzondering van de dorpshuizen en de Koekoek – het vooralsnog redden, hadden ze vrijwel allemaal onderbouwde zorgen over 2024 en verder. Voor beide groepen geldt dat de dalende energieprijzen op dit moment zorgen voor enige verlichting. Dit biedt echter geen garanties voor de toekomst. De verwachting in de markt is dat de stroom- en gasprijzen de komende jaren hoog blijven en sterk fluctueren. Bovendien is onzeker of de compensatiemaatregelen vanuit het Rijk in 2024 worden voortgezet. Naast zorgen over de gevolgen van de hoge energieprijzen, hebben we ook een opgave om in 2050 energieneutraal te zijn (transitievisie energie en warmte, zaak 361231), waarbij er onder andere in 2030 reeds een CO2-reductie van 49% is gerealiseerd in de gebouwde omgeving en vanaf dit jaar kantoren en maatschappelijk vastgoed minimaal energielabel C hebben. Hiertoe worden in het programma energie en warmte diverse plannen en maatregelen uitgewerkt en uitgevoerd. Dit leidt niet alleen tot verduurzaming maar uiteindelijk ook tot lagere energiekosten.

BEOOGD EFFECT Een vastgesteld beleidskader met de hoofdlijnen van de gemeentelijke inzet om de lokale negatieve effecten van de energiecrisis te dempen en zodoende de leefbaarheid in onze dorpen in stand te houden.

ARGUMENTEN 1.1. Het geeft richting aan de uitwerking naar concrete maatregelen. In deze nota doen we een voorstel om de lokale effecten van de energiecrisis te dempen. Hierbij laten we niet de fluctuerende energieprijzen leidend zijn, maar kiezen we een strategie om zowel organisaties bij te staan die dreigen om te vallen als maatregelen te treffen om het energieverbruik om (middel)lange termijn structureel te verminderen zodat financiële steun op termijn niet meer nodig is en de energietransitie wordt versneld. Deze strategie is vastgelegd in het beleidskader ‘herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis’ (zie bijlage). Met het doel en de uitgangspunten vindt de afbakening plaats van de gemeentelijke inzet. Dat is nodig omdat de effecten van de energiecrisis omvangrijk zijn, van langdurige aard en ook het lokale niveau ontstijgen. Het Rijk en de provincie zetten dan ook diverse compensatiemaatregelen in. Het zal niet mogelijk zijn om als gemeente in te gaan op alle effecten van deze crisis. Daarom zijn keuzes noodzakelijk. De inzet is om ongewenste maatschappelijke effecten te beperken dan wel tegen te gaan.

In het beleidskader staan een aantal uitgangspunten geformuleerd als basis voor verdere uitwerking, zoals dat gemeentelijke maatregelen aanvullend zijn op andere regelingen van onder andere het Rijk, dat de maatregelen direct uitvoerbaar zijn en gericht op specifieke doelgroepen en organisaties, en dat de maatregelen zoveel als mogelijk aansluiten op de speerpunten uit het raadsakkoord, het collegeprogramma en actueel bestaand beleid. 1.2. Het bevat beleidskeuzes voor de korte en (middel)lange termijn. In deze crisis zijn twee fasen te onderscheiden: (1) acuut en overbrugging, en (2) herstel en stimulering. De twee fasen hebben qua tijd enige volgordelijkheid maar tegelijkertijd ook overlap. De eerste fase betreft directe financiële ondersteuning aan maatschappelijke organisaties die als gevolg van de gestegen energiekosten in de financiële problemen komen, maar ook het proactief aanbieden van gratis energiecoaches aan ondernemers en maatschappelijke organisaties, waardoor minder energie wordt verbruikt en dus de kosten dalen. De tweede fase betreft het structureel verlagen van het energieverbruik door ondernemers en maatschappelijke organisaties. Hiervoor bieden we proactief gratis energiescans aan om de energieprestatie van het desbetreffende pand in kaart te brengen, waarmee inzichtelijk wordt welke maatregelen kunnen worden genomen om energie te besparen.

Om deze maatregelen te bekostigen willen we de duurzaamheidslening verhogen en uitbreiden, zodat ondernemers en maatschappelijke organisaties tegen nul procent rente kunnen lenen. 2.1. Een deel van deze reserve kan vrijvallen en met deze middelen kan een aantal uitgaven en investeringen worden bekostigd. We knippen de besluitvorming over de financiële dekking op in twee delen: het eerste deel (dit voorstel) betreft incidentele uitgaven op basis van incidentele middelen voor dit jaar (dit voorstel). Het tweede deel vindt plaats middels voorstellen voor de meerjarenbegroting 2024-2027 en betreft incidentele en structurele uitgaven op basis van incidentele en/of structurele middelen, zodat een integrale afweging kan plaatsvinden. In de meerjarenbegroting 2023-2026 (pagina’s 6, 11 en 93) is aangegeven dat de reserve ‘herstel- en stimuleringsagenda’ (corona) wordt afgebouwd en dat een deel van de reserve (binnen de begroting) vrij valt als gevolg van het aflopen van het beleidskader einde 2022. Deze vrijvallende middelen zijn binnen de begroting 2023 ingezet.

Rekening houdend met deze vrijval en inzet, met de inzet van de reserve in 2022 en een inschatting van verwachte uitgaven die in 2023 nog uit de reserve moeten worden gedekt (inclusief een voorziening voor onverwachte uitgaven op deze aangegane verplichtingen), blijkt dat naar verwachting een bedrag van rond € 525.000 niet meer voor dit doel hoeft te worden ingezet. Door de resterende middelen in te zetten voor de uitvoering van het beleidskader Herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis is het mogelijk om in 2023 waar nodig maatschappelijke organisaties financieel te ondersteunen en tegelijkertijd maatschappelijke organisaties en ondernemers een energiecoach en energiescan aanbieden, zodat financiële steun op termijn niet meer nodig is.

KANTTEKENINGEN 1.1. / 2.1. Voor de toekomst zijn de ontwikkelingen nog ongewis. De impact van de energiecrisis blijft nog geruime tijd met daarbij waarschijnlijk nog onvoorspelbare ontwikkelingen. Hoewel de energieprijzen op dit moment dalen, verwachten experts dat deze prijzen niet dan wel niet binnen afzienbare tijd op het oude (lage) niveau komen. Daarnaast is de verwachting dat de prijzen in aanloop naar de winter uiteindelijk weer gaan stijgen en de geopolitieke situatie is nog ongewis. Het vraagt van ons een flexibele opstelling en het anticiperen op ontwikkelingen. Het kan leiden tot bijstelling van plannen, zowel op inhoud als financiën. 2.2. Het bedrag van de vrijval uit de reserve is pas duidelijk na vaststelling van de jaarstukken 2022.

In de jaarrekening 2022 wordt opgenomen welk bedrag aan de reserve herstel- en stimuleringsagenda (corona) wordt onttrokken ter dekking van de corona uitgaven in 2022. Het samenstellen van de jaarrekening is nog gaande en de accountant voert de controle uit op de jaarrekening. Nadat vervolgens de raad de jaarstukken (incl. jaarrekening) 2022 heeft vastgesteld is duidelijk – rekening houdend met nog te verwachten uitgaven in 2023 – welk bedrag uit de reserve kan vrijvallen. Op dit moment wordt uitgegaan van de concept cijfers (inzet van de reserve) over 2022, aangevuld met een indicatie van nog te verwachten inzet in 2023. Als definitief duidelijk is welk bedrag kan vrijvallen, weten we welk bedrag kan worden ingezet voor het beleidskader herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis. 2.3. Een integrale afweging over de inzet van de vrijvallende middelen is op deze wijze niet mogelijk. De gebruikelijke en afgesproken werkwijze is dat in het kader van de opstelling van de gemeentebegroting (jaarlijks) de reserves van de gemeente worden doorgelicht om te bepalen welke vrije ruimte aanwezig is of welke aanvullingen in reserves nodig zijn. Vrije ruimte die ontstaat, wordt bij de integrale afweging ingezet binnen de nieuwe begroting (voor bijvoorbeeld nieuw beleid).

Door nu al te besluiten over de inzet van de vrije ruimte in de reserve herstel- en stimuleringsagenda (corona) wordt hierop een voorschot genomen en is dus een integrale afweging over de inzet van deze middelen niet meer mogelijk.

FINANCIËN Voor 2023 verwachten we ongeveer € 670.000,- aan uitgaven voor de uitvoering van beleidskader, waarvan € 368.750,- voor maatschappelijke organisaties, € 255.000,- voor ondernemers en € 50.000,uitvoeringskosten (zie bijlage pagina 10 voor een specificatie). Deze uitgaven kunnen worden gedekt uit eenmalige middelen: • Winterfonds Provincie Gelderland: eenmalig € 156.571,- (toegekend); • Vrijvallen middelen uit de coronareserve: naar schatting € 525.000,- voor 2023 (besluitpunt 2). Voor de uitgaven vanaf 2024 is nog geen financiële dekking. Bij de integrale afweging in het kader van de nieuwe (meerjaren)begroting 2024-2027 kan worden bepaald in hoeverre beschikbare incidentele en structurele middelen worden ingezet voor uitvoering van het beleidskader 'Herstel- en stimuleringsagenda energiecrisis'.

COMMUNICATIE Ondernemers en maatschappelijke organisaties zijn middels een korte vragenlijst bevraagd over de gevolgen van de energieprijzen. Daarnaast is dit vaak onderwerp van gesprek bij de accountgesprekken met maatschappelijke organisaties en vanuit de accountmanagers bedrijven met ondernemers. Na besluitvorming van uw raad wordt over het beleidskader gecommuniceerd naar de samenleving. Dit geldt ook over de verdere aanpak naar concrete maatregelen, waarbij we proactief maatschappelijke organisaties en ondernemers gaan benaderen. Uw raad wordt middels de planning- en control cyclus geïnformeerd over de voortgang van de maatregelen. Indien noodzakelijk wordt u tussentijds geïnformeerd.

UITVOERING Na vaststelling van het beleidskader werkt het college deze uit naar een uitwerkingsplan met concrete maatregelen. Dit uitwerkingsplan valt onder het programma energie en warmte en het college informeert uw raad over (de voortgang van) het uitwerkingsplan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12870823/1