CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

410833 bijlage 2 Concept begroting 2023-2026 PlusOV (1)

Commissie Maatschappij en Bestuur 19 mei 2022, gemeente EpeBij agendapunt: Begroting 2023-2026 PlusOV10.313 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

1 alinea's met “maatschappij”: 136

Begroting Vervoerscentrale Stedendriehoek 2023-2026

2

Inhoudsopgave 1. Inleiding .............................................................................................................................................4 2. Financiële uitgangspunten .................................................................................................................5 2.1 Samenvatting kadernotitie ..........................................................................................................5 2.2 Effecten jaarrekening 2021 ..........................................................................................................7 3. Organisatiekosten ..............................................................................................................................8 3.1 Personeelskosten .........................................................................................................................9 3.2 Bedrijfsvoering .......................................................................................................................... 10 3.3 Direct materiële kosten ............................................................................................................ 11 3.4 Facilitaire diensten....................................................................................................................

12 3.5 Bestuurskosten ......................................................................................................................... 13 3.6 Verdeling organisatiekosten naar vervoerssoorten en programma’s ...................................... 14 4. Programma’s ................................................................................................................................... 16 4.1 Programma 1: Vraagafhankelijk vervoer (maatwerkdienstverlening 18+) .............................. 17 4.2 Programma 2: Leerlingenvervoer (onderwijsbeleid en leerlingzaken)..................................... 18 4.3 Programma 3: Wmo-dagbesteding (maatwerkdienstverlening 18+) ....................................... 19 4.4 Programma 4: Jeugdwetvervoer (maatwerkdienstverlening 18-)............................................ 20 4.5 VERVALLEN Programma 5: Aanvullend OV (Samenkracht & burgerparticipatie) .................... 21 4.6 Reserves .................................................................................................................................... 22 5.Overzicht van baten en lasten ......................................................................................................... 24 6. Paragrafen.......................................................................................................................................

25 6.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................................................................. 25 6.2 Financiering............................................................................................................................... 28 6.3 Bedrijfsvoering .......................................................................................................................... 29 6.4 Verbonden partijen................................................................................................................... 31 Bijlage 1: Bijdrage per gemeente 2023 ............................................................................................... 32 Bijlage 2: Bijdrage per gemeente 2023-2026 ..................................................................................... 33 Bijlage 3: Kostenverdeelsystematiek .................................................................................................. 34 Bijlage 4: Geprognosticeerde balans .................................................................................................. 36

3

1. Inleiding Voor u ligt de meerjarenbegroting Vervoerscentrale Stedendriehoek 2023-2026. De begroting is ambitieus als het gaat om de voorgenomen kostenverlaging in de organisatiekosten. De begroting maakt zichtbaar dat de fase van kostenverlaging over gaat naar de fase van kostenbeheersing. De jaarlijks toe te passen inflatiecorrectie, de NEA-index, de CAO-stijgingen en de afbouw van de subsidie door de provincie werken kostenverhogend op de autonome kostenontwikkeling. Door geopolitieke spanningen (oorlog in Oekraïne) en de invloed op brandstofprijzen inflatie is het opstellen van een begroting niet eenvoudig. Daarnaast is er ook de onzekerheid van corona op de ontwikkeling van het vervoersvolume en de impact op de vervoerskosten. In 2022 wordt zichtbaar wat de eerste effecten zijn van de investeringen in software voor het vraagafhankelijk en het routegebonden vervoer. Ik heb vertrouwen in de positieve effecten van deze investeringen op de stabiliteit van de organisatie, de kwaliteit van het vervoer, de service aan de reizigers en de begrote kostenverlaging. We hopen dat we dit terug zullen zien in de klanttevredenheidsonderzoeken. Komende jaren zetten we in op een cultuur waarin medewerkers actief betrokken zijn bij de verdere ontwikkeling van PlusOV. Het is aan de leiding om hen te inspireren een bijdrage te leveren tot continu verbeteren en vernieuwen.

Met deze begroting zijn onze ambities, na zorgvuldige afweging, vertaalt in concrete plannen met het hiervoor benodigde budget. Elke medewerker van PlusOV heeft doelstellingen en ontwikkeldoelen op competenties gekregen. Zo dragen wij gezamenlijk bij aan het realiseren van de begroting en het verhogen van de klanttevredenheid. In de bedrijfsvoering komt nadruk te liggen op het besturingsproces om de doelstellingen te realiseren. PlusOV streeft naar ‘operational excellence’. Een hoge betrouwbaarheid naar de klant en de dienstverlening in één keer goed; op tijd en tegen acceptabele kosten. De beschikbaarheid van voldoende personeel bij de vervoerders is hiervoor een belangrijke randvoorwaarde. Dit sluit aan bij onze missie: Mensen prettig, betaalbaar en efficiënt vervoeren wanneer er geen vervoersalternatief is.

Henk Meijer Directeur

4

2. Financiële uitgangspunten

2.1 Samenvatting kadernotitie Algemeen: De kadernotitie is door het bestuur vastgesteld op 27 januari jl. De beschreven ontwikkelingen over de toekomstige NEA-index en de inflatie zijn een afspiegeling van de kennis en verwachtingen op dat moment. We weten dat de situatie nadien sterk veranderd is door geopolitieke ontwikkelingen (oorlog Oekraïne), stijgende brandstofkosten en inflatie. We kiezen op dit moment voor een bestendige gedragslijn en houden ons vooreerst aan de onderstaande uitgangspunten van de kadernotitie. Voordat de begroting 2023-2026 in juli door het bestuur wordt vastgesteld zal opnieuw beoordeeld worden hoe de (prijs)ontwikkeling is geweest en wat de verwachting is ten aanzien van de structurele invloed op de begroting. Indien nodig zal er een wijziging plaatsvinden. Indexering Inflatiepercentage Het inflatiepercentage baseren we op de gegevens uit de gemeentefondscirculaire van september 2021. Het verwachte percentage voor onze exploitatie in 2023 is 1,7%. Dit percentage passen we toe op de organisatiekosten exclusief de loonkosten. Loonkosten In het CAO principe akkoord 2021-2022 is opgenomen dat de lonen per 1 december 2021 met 1,5% stijgen en vanaf 1 april 2022 met 2,4%. Daarnaast wordt per 1 januari 2022 het minimumloon € 14 per uur. De wijzigingen uit het CAO principe akkoord worden verwerkt in het budget loonkosten in de begroting 2023.

Vervoer De kosten voor het vervoer indexeren we op basis van de NEA-index. De NEA-index voor 2022 bedraagt 3,5 %. Dit percentage passen we toe op de vervoersbudgetten in de begroting 2023-2026. Kostenverdeelsystematiek In deze begroting zijn twee soorten kosten opgenomen; organisatiekosten en vervoerskosten. Deze kosten worden verdeeld naar de vervoerstromen en naar de gemeenten op basis van de gemaakte afspraken. In bijlage 2 is de kostenverdeelsystematiek uitgewerkt. Plan van aanpak kostenreductie Het Plan van Aanpak Kostenreductie wordt jaarlijks geactualiseerd en vastgesteld door het Bestuur. Dit wordt verder toegelicht in hoofdstuk 6.3 bedrijfsvoering. Initieel zijn 11 punten opgenomen die geoptimaliseerd worden. Hiervan zijn er eind 2021 inmiddels 5 gerealiseerd. De overige 6 punten staan in de tijd gepland en zijn de volgende: 1. Koppeling tussen Mybility (RGV) en planningspakket of vervanging Mybility door het regieportaal 2. Vervanging Cabman-centrale door planautomaat voor RGV

5

3. 4. 5. 6.

Internetboekingen verhogen Vervanging Cabman-centrale voor VAV Route-app RGV Onderzoek naar mogelijkheden van optimalisatie processen en producten doelgroepenvervoer Dit was eerder opgenomen als “Openingstijden PlusOV”.

Investeringen In 2021 heeft het bestuur een viertal investeringen ten laste van de optimalisatiereserve (2022 en 2023) goedgekeurd voor € 175.000. Voor 2023 zal opnieuw een investeringsplan worden ingediend bij het bestuur. De bovenstaande investeringen worden in hoofdstuk 6.3 bedrijfsvoering beschreven.

Organisatieomvang Per 31-12-2021 is de bezetting 26,81 fte. De geplande formatie sluit aan bij de begrote personeelskosten voor komende jaren en daarmee worden de doelstellingen gerealiseerd. De formatie voor komende jaren (jaarultimo) is weergegeven in onderstaande tabel. Jaarultimo formatie 2022 2023 2024 2025

FTE 26,25 23,29 22,89 22,49

Btw In deze begroting hebben we alle kosten opgenomen exclusief btw. De gemeenten moeten er in hun eigen begroting rekening mee houden dat de kosten voor het routegebonden vervoer verhoogd worden met het lage btw-percentage van 9%.

6

2.2 Effecten jaarrekening 2021 Vanuit de jaarrekening 2021 hebben we een aantal ontwikkelingen in de organisatie- en vervoerskosten in de begroting 2023-2026 opgenomen: 1. Juridische kosten. De afgelopen jaren zijn de juridische kosten structureel hoger dan begroot. PlusOV opereert in een markt, waarin het noodzakelijk is om professioneel te acteren op het niet nakomen van contractuele afspraken en (het voorkomen van) mogelijke geschillen. Inschatting is dat het begrote budget voldoende is. 2. Vervoerskosten vraagafhankelijk vervoer. Corona zal naar verwachting de komende jaren een lager vervoersvolume geven in het vraagafhankelijk vervoer. Het vervoersvolume van het vraagafhankelijk vervoer in heel 2021 was ca. 55% van het volume in 2019. Pas na de tweede vaccinatieronde in 2021 steeg het vervoersvolume in het tweede halfjaar tot 65% ten opzichte van dezelfde periode in 2019. We zijn ons ervan bewust dat elke berekening voor het toekomstig volume voor discussie vatbaar is. Als we het vervoersvolume van 2019 blijven aanhouden betekent dit een onnodig groot beslag op de begrotingen van gemeenten door een vervoersbudget dat niet-realistisch hoog is. Uitgangspunt voor de vervoerskosten in 2023 is dat de vervoerskosten 80% zijn van de geïndexeerde kosten van 2019 (dus incl.

stijgingen NEA-index en hogere kosten door de nieuwe aanbesteding) verhoogd met een stijging van 5% per jaar vanaf 2023. Daarnaast is de aanname dat de kosten elk jaar stijgen met een NEA-index van 2%. Het contract met vervoerders in het VAV voorziet in een compensatie bij een onverwachte daling in de omzet door bijvoorbeeld een lockdown. Een eventuele tegemoetkoming op basis van het contract of een continuïteitsbijdrage past binnen de begrote omzet. 3. Vervoerskosten routegebonden vervoer. Voor het routegebonden vervoer schatten we in dat de impact van corona op de vervoerskosten beperkt zal zijn. Stopt het reguliere vervoer dan moet er noodvervoer worden opgestart voor kinderen van ouders met cruciale beroepen. Dit compenseert het weggevallen volume gedeeltelijk. In de begroting houden we voor de vervoerskosten RGV geen rekening met de impact van corona. Het aantal leerlingen en de vervoerskosten in het vervoersjaar 2021/2022 is als basis genomen en vermeerderd met een stijging door de NEA-index met 3,5% voor 2022 en de aanname van een stijging met 2,0% per jaar vanaf 2023. Een eventuele tegemoetkoming in de vorm van een continuïteitsbijdrage past binnen de begrote omzet. 4. De ICT kosten Met de ingebruikname van het nieuwe softwarepakket Opt1Route voor het vraagafhankelijk vervoer stijgen de kosten tot € 233.000,-.

De kosten voor het nieuwe pakket zijn afhankelijk van het vervoersvolume maar op basis van historisch vervoersvolume is € 200.000,- per jaar begroot. De softwarekosten voor het routegebonden vervoer stijgen met € 23.000,- door de aanschaf van het nieuwe pakket. De kosten voor de licentie van het nieuwe pakket, het gebruik van de app en de kosten voor het mobiliteitspunt in de ziekenhuizen bedragen € 42.000 per jaar. 5. Het Klanttevredenheidsonderzoek De klanttevredenheidsonderzoeken werden eens per 2 jaar uitgevoerd voor een bedrag van € 7.300 per jaar. Er is gekozen voor een andere opzet van het onderzoek waarbij er voor het VAV actuele informatie over de klantbeleving van het vervoer wordt ontvangen. Het RGV wordt eens per jaar onderzocht. De totale kosten bedragen € 33.700,- per jaar en kunnen lager worden door de eigen medewerkers de telefonische enquêtes te laten uitvoeren.

7

3. Organisatiekosten In dit hoofdstuk lichten we de totale organisatiekosten toe. Ten opzichte van de begroting 2022 zijn de kosten geïndexeerd. Er hebben enkele technische verschuivingen plaatsgevonden en de kosten van een aantal contracten zijn geactualiseerd. Ook zijn de effecten uit de jaarrekening verwerkt. De opgenomen taakstellingen zijn ongewijzigd. De organisatiekosten verdelen we over de verschillende programma’s en overhead. Bij de toelichting geven we aan hoe de kosten over de programma’s worden verdeeld. In de tabel hieronder vindt u de totale organisatiekosten. Hierna geven we per onderdeel een specificatie en toelichting. Jaarrekening Jaarrekening 2020 2021 Organisatiekosten 1. Personeelskosten 2. Bedrijfsvoering 3. Direct materiële kosten 4. Facilitaire diensten 5. Bestuurskosten Subtotaal organisatiekosten

€ € € € € €

1.721.514 € 167.013 € 116.373 € 117.792 € 140.923 € 2.263.615 €

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

1.664.370 € 1.664.007 € 1.600.863 € 1.582.960 € 1.537.238 € 1.537.665 173.751 € 183.781 € 186.906 € 186.906 € 186.906 € 186.906 133.948 € 175.431 € 342.693 € 342.693 € 342.693 € 342.693 87.071 € 88.737 € 92.099 € 92.099 € 92.099 € 92.099 87.873 € 195.932 € 185.563 € 185.563 € 185.563 € 185.563 2.147.013 € 2.307.889 € 2.408.123 € 2.390.220 € 2.344.498 € 2.344.926

8

3.1 Personeelskosten

Loonkosten Externe inhuur Uiterking uit vroegere dienstbetrekking Opleiding / training Algemene personeelskosten Totaal Perosneelskosten

Jaarrekening Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 € 1.364.272 € 1.539.805 € 1.564.391 € 1.440.242 € 1.450.701 € 1.433.753 € 1.462.272 € 315.271 € 96.588 € 52.329 € 114.790 € 86.271 € 57.751 € 29.232 € 18.000 € -172 € 11.730 € 4.212 € 23.466 € 21.604 € 21.761 € 21.506 € 21.934 € 12.241 € 23.937 € 23.822 € 24.227 € 24.227 € 24.227 € 24.227 € 1.721.514 € 1.664.370 € 1.664.007 € 1.600.863 € 1.582.960 € 1.537.238 € 1.537.665

Loonkosten (incl. externe inhuur) De totale personeelskosten liggen in lijn met de door het bestuur in 2019 vastgestelde taakstelling. De aanschaf van de software voor het vraagafhankelijk vervoer brengt forse kosten met zich mee. Uiteindelijk ontstaat een besparing op de kosten door lagere personeelskosten, hogere licentiekosten én lagere vervoerskosten. Daarnaast wordt de kwaliteit van het vervoer hoger. Voor de klant ontstaat er een betere service via een klantvriendelijk boekingsportaal. Met de aanschaf kunnen we de ambitieuze taakstellingen in de begroting realiseren. De ontstane besparingsmogelijkheden op personeelskosten zijn als extra taakstelling opgenomen in de begroting. De formatie is eveneens naar beneden bijgesteld. Het loonkostenbudget in 2023 daalt van 1,616 naar 1,555 miljoen. Door de verwachte afname van het vervoersvolume, de eerdergenoemde effecten van de automatisering en integratie van systemen wordt er een reductie in formatie doorgevoerd bij de planners en bij de front office. Het verloop van de formatie is bovenstaand beschreven. Overige personeelskosten (opleiding/training en alg. personeelskosten) Voor opleiding en training hebben we een budget opgenomen van 1,5% van de loonkosten.

Daarnaast is er een budget voor algemene personeelskosten; dit zijn kosten voor secundaire arbeidsvoorwaarden (reiskosten, werving en selectie, individuele beloningen etc.). Tevens is hier een bedrag opgenomen voor personeelsbijeenkomsten en kerstattenties en dergelijke. Verhouding directe loonkosten vraagafhankelijk en routegebonden vervoer Een groot gedeelte van de personeelskosten is direct toe te rekenen aan het vraagafhankelijk of routegebonden vervoer. De medewerkers front office werken volledig voor het vraagafhankelijk vervoer. De planners werken of voor het vraagafhankelijk, of voor het routegebonden vervoer. We gebruiken de verhouding tussen directe loonkosten vraagafhankelijk vervoer en directe loonkosten routegebonden vervoer, om de organisatiekosten te verdelen die niet direct aan een vervoerssoort toe te rekenen zijn. Deze verhouding is in 2023: - 85,34% vraagafhankelijk vervoer - 14,66% routegebonden vervoer. Deze verhouding wordt jaarlijks opnieuw berekend. Verdeelsleutel De organisatiekosten verdelen we naar de verschillende programma’s. Een deel van de kosten kunnen we rechtstreeks toerekenen aan het vraagafhankelijk of routegebonden vervoer. De overige kosten worden verdeeld op basis van de verhouding directe loonkosten. De loonkosten voor directie en staf worden op basis van deze verhouding verdeeld over het vraagafhankelijk en routegebonden vervoer.

9

3.2 Bedrijfsvoering Jaarrekening Jaarrekening 2020 2021

HRM Financiën (incl. inkoop) Control ICT Communicatie Bankkosten Verzekeringen Totaal kosten bedrijfsvoering

€ € € € € € € €

24.292 € 79.199 € 10.164 € 8.181 € 37.838 € 3.388 € 3.951 € 167.013 €

23.255 € 95.804 € 8.440 € 8.552 € 31.600 € 3.354 € 2.748 € 173.751 €

Begroting 2022

Begroting 2023

29.609 € 96.817 € 9.613 € 4.791 € 27.236 € 5.239 € 10.477 € 183.781 €

Begroting Begroting Begroting 2024 2025 2026

30.112 € 30.112 € 30.112 € 30.112 98.463 € 98.463 € 98.463 € 98.463 9.776 € 9.776 € 9.776 € 9.776 4.873 € 4.873 € 4.873 € 4.873 27.699 € 27.699 € 27.699 € 27.699 5.328 € 5.328 € 5.328 € 5.328 10.655 € 10.655 € 10.655 € 10.655 186.906 € 186.906 € 186.906 € 186.906

De kosten voor HRM, financiën, control, ICT en communicatie betreffen uren die gemaakt worden voor de organisatieondersteuning van PlusOV. De uren nemen we af van de gemeente Lochem. De overeenkomst over de afname van de diensten is begin 2021 geactualiseerd. Verdeelsleutel De kosten voor bedrijfsvoering worden op basis van de verhouding directe loonkosten verdeeld over het vraagafhankelijk en routegebonden vervoer.

10

3.3 Direct materiële kosten Jaarrekening Jaarrekening 2020 2021

Vervoerspassen VAV Klanttevredenheidsonderzoek VAV Klanttevredenheidsonderzoek RGV ICT-Software VAV ICT-Software RGV ICT-Infra Communicatie Kapitaallasten planningspakket Planningspakket/Managementinfo Totaal direct materiële kosten

Begroting 2022

€ €

11.874 € €

10.052 € 7.372 €

€ € € € € € €

€ € € 1.325 € 103.174 116.373 €

71.353 € 28.938 € 11.571 € 4.664 € € € 133.948 €

15.087 € 6.502 € € 114.426 € 20.965 € 12.734 € 5.716 € € € 175.431 €

Begroting 2023

12.344 € 28.987 € 5.085 € 235.140 € 42.374 € 12.951 € 5.813 € € € 342.693 €

Begroting 2024

12.344 € 28.987 € 5.085 € 235.140 € 42.374 € 12.951 € 5.813 € € € 342.693 €

Begroting 2025

Begroting 2026

12.344 € 28.987 € 5.085 € 235.140 € 42.374 € 12.951 € 5.813 € € € 342.693 €

12.344 28.987 5.085 235.140 42.374 12.951 5.813 342.693

Vervoerspassen VAV; De begroting is met € 3.000 naar beneden bijgesteld omdat er een opschoningsactie is geweest. Klanttevredenheidsonderzoek VAV/RGV De andere opzet van het onderzoek voor het RGV en het VAV kost € 34.000 per jaar. Onderverdeeld voor het VAV € 29.000,- en voor het RGV € 5.000. Voor het VAV kunnen de kosten lager worden door de medewerkers Frontoffice de telefonische enquêtes te laten uitvoeren. Op deze manier kunnen we door het frequent meten van de klantbeleving sneller en gerichter bijsturen in de operatie. Hiermee kunnen we de interne organisatie en de dienstverlening verbeteren. ICT-Software VAV Met de ingebruikname van het nieuwe softwarepakket Opt1Route voor het vraagafhankelijk vervoer stijgen de kosten tot € 233.000,-. ICT-software RGV De ICT-kosten voor het routegebonden vervoer bestaan uit kosten voor de licentie en het gebruik van de app en bedragen € 42.000,- per jaar. ICT-Infra Deze kosten van bijna € 13.000 hebben betrekking op alle hardware-kosten die nodig zijn om de cloud-applicaties te bereiken (firewalls, switches, lijnverbindingen en routers). In 2021 is er een nieuw contract afgesloten voor een eigen fallback-lijn om, in geval van storingen, de continuïteit te waarborgen.

Verdeelsleutel De kosten voor ICT-infra en communicatie (drukwerk, website en dergelijke) worden op basis van de verhouding directe loonkosten verdeeld over het vraagafhankelijk en routegebonden vervoer. De overige direct materiële kosten zijn rechtstreeks toe te rekenen aan VAV of RGV.

11

3.4 Facilitaire diensten Jaarrekening Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 Huisvestingskosten € 55.552 € 57.275 € 57.102 € 58.072 € 58.072 € 58.072 € 58.072 Kantoormiddelen € 2.565 € 6.756 € 10.477 € 10.655 € 10.655 € 10.655 € 10.655 ICT-werkplek € 43.574 € 23.040 € 21.158 € 23.371 € 23.371 € 23.371 € 23.371 Telefoonkosten € 16.101 Totaal kosten fac. diensten € 117.792 € 87.071 € 88.737 € 92.099 € 92.099 € 92.099 € 92.099

Kantoormiddelen In 2022 zijn 10 nieuwe bureaustoelen aangeschaft. In 2023 worden naar verwachting nog 15 stoelen aangeschaft. Daarnaast zullen er in 2022 nog een aantal zit/sta bureaus worden aangeschaft. De kapitaallasten komen ten laste van het budget kantoormiddelen. Meubilair wordt in 10 jaar afgeschreven. Binnen het budget is de ruimte om deze kosten te dekken. ICT werkplek; In het budget ICT werkplek hebben een aantal mutaties plaatsgevonden. Aan de ene kant is het budget verlaagd door een goedkoper contract (-/- € 7.800) voor het gebruik van Office 365. Aan de andere kan hebben we het budget verhoogd voor de kapitaallasten (+9.000). De verwachting is dat we in 2022 laptops en schermen aanschaffen ter waarde van € 50.000. De kapitaallasten hebben we verwerkt conform de vastgestelde nota activering- en afschrijvingsbeleid 2022. Hardware wordt in 5 jaar afgeschreven, jaarlijkse kosten zijn € 10.000. Verdeelsleutel De kosten voor facilitaire diensten worden op basis van de verhouding directe loonkosten verdeeld over het vraagafhankelijk en routegebonden vervoer.

12

3.5 Bestuurskosten Jaarrekening Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 Representatie/advies € 1.186 € 2.133 € 5.455 € 3.547 € 3.547 € 3.547 € 3.547 Accountantskosten € 25.800 € 27.000 € 30.000 € 30.510 € 30.510 € 30.510 € 30.510 Juridische ondersteuning € 92.637 € 43.740 € 60.477 € 51.505 € 51.505 € 51.505 € 51.505 Onvoorzien € 21.300 € 15.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 Totaal bestuurskosten € 140.923 € 87.873 € 195.932 € 185.563 € 185.563 € 185.563 € 185.563

Representatie/advies De begroting is verlaagd en in lijn gebracht met de voorgaande werkelijke kosten. Juridische ondersteuning; De afgelopen jaren zijn de juridische kosten structureel hoger dan begroot. Op basis van ervaringen is de inschatting is dat het begrote budget van € 51.500,- voldoende is. Accountantskosten De accountantskosten zijn €30.500,- en daarmee in overeenstemming met het contract. Verdeelsleutel De bestuurskosten worden op basis van de verhouding directe loonkosten verdeeld over het vraagafhankelijk en routegebonden vervoer.

13

3.6 Verdeling organisatiekosten naar vervoerssoorten en programma’s Alle organisatiekosten worden verdeeld over de vier programma’s die u vindt in het volgende hoofdstuk. De directe kosten kunnen direct naar de programma’s worden verdeeld, andere kosten verdelen we via de overhead. Begroting 2023 Organisatiekosten 1. Personeelskosten 2. Bedrijfsvoering 3. Direct materiele kosten 4. Facilitaire diensten 5. Bestuurskosten

Overhead naar programma's;

€ € € € € €

Programma 1: Programma 2: VAV LLV 1.600.863 € 1.048.302 € 122.196 € 186.906 342.693 € 276.470 € 32.095 € 92.099 185.563 2.408.123 € 1.324.772 € 154.290 € €

729.839 €

84.778 €

Programma 3: Programma 4: DB JW 46.630 € 11.866 € € 12.247 € 3.117 € € € 58.877 € 14.982 € 32.352 €

Overhead

8.232 €

Personeelskosten Alle personeelskosten van de Frontoffice medewerkers en de planners zijn onder te verdelen in RGV en VAV kosten. Alle personeelskosten vraagafhankelijk vervoer worden toegerekend aan programma 1 Vraagafhankelijk vervoer. Alle personeelskosten routegebonden vervoer worden verdeeld over de programma’s 2, 3 en 4 op basis van het aantal unieke reizigers per vervoersoort in 2021. Alle personeelskosten die niet direct zijn toe te rekenen aan de vervoerssoorten (VAV of RGV) worden aan de overhead toegerekend. De overhead verdelen we vervolgens over de programma’s met behulp van de verdeelsleutel directe personele kosten (zie paragraaf 3.1). Bedrijfsvoering Op het gebied van de bedrijfsvoering krijgt PlusOV ondersteuning van de gemeente Lochem. Het gaat hierbij om ondersteuning op de PIOFACH taken: HRM, financiën, control, ICT, communicatie en inkoop. Ook de bankkosten en kosten voor verzekeringen vallen onder bedrijfsvoering. De kosten voor bedrijfsvoering worden aan de overhead toegerekend. De overhead wordt vervolgens over de programma’s verdeeld met behulp van de verdeelsleutel directe personele kosten (zie paragraaf 3.1). Direct materiële kosten De kosten voor ICT infra en communicatie (drukwerk, website en dergelijke) vallen onder overhead. De overige direct materiële kosten rekenen we direct toe aan VAV of RGV.

De directe kosten voor RGV worden verdeeld over de programma’s 2, 3 en 4 op basis van het aantal unieke reizigers in 2020. De overhead wordt vervolgens over de programma’s verdeeld met behulp van de verdeelsleutel directe personele kosten (zie paragraaf 3.1). Facilitaire diensten Onder facilitaire diensten nemen we de jaarlijkse huisvestingskosten mee. Ook de kantoormiddelen en de ICT-kosten voor de werkplekken van de medewerkers van PlusOV vallen hieronder. De kosten voor facilitaire diensten rekenen we toe aan de overhead. De overhead wordt vervolgens over de programma’s verdeeld met behulp van de verdeelsleutel directe personele kosten (zie paragraaf 3.1).

14

371.870 186.906 18.764 92.099 185.563 855.201 855.201

Bestuurskosten Onder bestuurskosten zijn ramingen opgenomen voor uitgaven van het bestuur, bijvoorbeeld als in incidentele gevallen externe ondersteuning noodzakelijk is en voor accountantskosten. Tevens is er bij bestuurskosten een post onvoorzien opgenomen. De bestuurskosten worden aan de overhead toegerekend. De overhead wordt vervolgens over de programma’s verdeeld met behulp van de verdeelsleutel indirecte personele kosten (zie paragraaf 3.1).

15

4. Programma’s Deze begroting bestaat uit vijf programma’s: 1. Vraagafhankelijk vervoer (maatwerkdienstverlening 18+) 2. Leerlingenvervoer (onderwijsbeleid en leerlingzaken) 3. Dagbestedingsvervoer (maatwerkdienstverlening 18+) 4. Jeugdwetvervoer (maatwerkdienstverlening 18-) 5. VERVALLEN (voorheen Aanvullend OV). De organisatiekosten en vervoerskosten zijn over de verschillende programma’s verdeeld. De vervoerkosten kunnen rechtstreeks worden toegerekend aan de verschillende programma’s op basis van de betreffende vervoersstromen. De organisatiekosten rekenen we deels direct toe aan het vraagafhankelijk of routegebonden vervoer. De kosten voor overhead zijn doorbelast aan de programma’s op basis van de verdeelsleutel directe loonkosten vraagafhankelijk vervoer: directe loonkosten routegebonden vervoer. De optimalisatiekosten worden niet toegerekend aan de programma’s. Hiervoor vindt een onttrekking uit de reserve plaats. Totaal Overzicht Programma's Lasten Pr. 1: Vraagafhankelijk vervoer Pr. 2: Leerlingenvervoer Pr. 3: Dagbestedingsvervoer Pr. 4: Jeugdwetvervoer Pr. 5. Aanvullend OV Niet aan programma's toe te rekenen lasten Totaal lasten Baten Pr. 1: Vraagafhankelijk vervoer Pr. 2: Leerlingenvervoer Pr. 3: Dagbestedingsvervoer Pr. 4: Jeugdwetvervoer Pr. 5. Aanvullend OV Niet aan programma's toe te rekenen baten Totaal baten Saldo

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

€ € € € €

8.744.689 € 3.140.438 € 828.916 € 337.287 € €

7.746.616 € 2.994.053 € 830.202 € 352.954 € €

8.135.473 € 3.047.637 € 844.167 € 359.252 € €

8.529.289 € 3.099.674 € 857.314 € 365.358 € €

8.993.211 3.157.239 872.604 372.130 -

€ €

100.000 € 13.151.331 €

100.000 € 12.023.825 €

€ 12.386.528 €

€ 12.851.635 €

13.395.184

€ € € € €

8.657.757 € 3.131.601 € 825.543 € 336.429 € €

7.746.616 € 2.994.053 € 830.202 € 352.954 € €

8.135.473 € 3.047.637 € 844.167 € 359.252 € €

8.529.289 € 3.099.674 € 857.314 € 365.358 € €

8.993.211 3.157.239 872.604 372.130 -

€ €

300.469 € 13.251.800 €

100.000 12.023.825 €

12.386.528 €

12.851.635 €

13.395.184

€

100.469 €

-

-

-

16

€

€

€

-

4.1 Programma 1: Vraagafhankelijk vervoer (maatwerkdienstverlening 18+) Wat willen we bereiken? We willen mensen die een beperking ervaren in hun mobiliteit in staat stellen naar eigen inzicht en behoefte deel te nemen aan de maatschappij. Wat gaan we daarvoor doen? We bieden taxivervoer aan mensen die op basis van een mobiliteitsbeperking hiervoor door de gemeente zijn of worden geïndiceerd. Op basis van deze indicatie kunnen mensen voor sociaalrecreatief vervoer gebruik maken van het vervoer dat PlusOV regisseert. Wat gaat het kosten? Pr. 1 VAV Lasten Organisatiekosten overhead vervoerskosten Totaal lasten Baten Bijdrage gemeente Bijdrage provincie Overige baten Totaal baten Resultaat

Jaarrekening 2020 € € € €

€ €

Jaarrekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

1.013.436 € € 4.870.561 € 5.883.997 €

1.129.191 € 585.846 € 3.827.026 € 5.542.063 €

1.291.446 € 714.855 € 6.738.388 € 8.744.689 €

1.324.772 € 729.839 € 5.692.005 € 7.746.616 €

1.314.923 € 724.413 € 6.096.137 € 8.135.473 €

1.289.771 € 710.556 € 6.528.963 € 8.529.289 €

1.290.006 710.685 6.992.520 8.993.211

5.833.343 € € € 5.833.343 € -50.654 €

4.602.039 € 806.402 € 133.621 5.542.063 € -0 €

8.129.586 € 528.171 € € 8.657.757 € -86.932 €

7.433.269 € 270.687 € 42.660 7.746.616 € €

8.135.473 € €

8.529.289 € €

8.993.211 -

8.135.473 € €

8.529.289 € €

8.993.211 -

Lasten Organisatiekosten Zie hoofdstuk 3 voor een toelichting op de organisatiekosten. Overhead Zie hoofdstuk 3 voor een toelichting op de overhead. Vervoerskosten Uitgangspunt voor de vervoerskosten in 2023 is de inschatting dat in 2022 de vervoerskosten 80% zijn van de geïndexeerde kosten van 2019 (dus incl. stijgingen NEA-index en hogere kosten door de nieuwe aanbesteding). Dit is voor 2023 verhoogd met een stijging van 5% en voor de jaren daarna ook met 5%. Daarnaast is de aanname dat de kosten elkaar jaar stijgen met een NEA-index van 2%. Het contract met vervoerders in het VAV voorziet in een compensatie bij een onverwachte daling in de omzet door bijvoorbeeld een lockdown. Een eventuele tegemoetkoming op basis van het contract of een continuïteitsbijdrage past binnen de begrote omzet. Baten De provincie draagt tot en met 2023 nog bij aan dit programma door de Wmo-subsidie. Deze subsidie is vanaf 2021 afgebouwd. In 2023 is € 50.000 begroot om te onttrekken uit de reserve optimalisatiekosten. Deze baat wordt verdeeld naar de vier programma’s. Het restant van de lasten wordt gedekt door een bijdrage van de gemeenten. Hierdoor zijn de baten altijd gelijk aan de lasten.

17

4.2 Programma 2: Leerlingenvervoer (onderwijsbeleid en leerlingzaken) Wat willen we bereiken? We willen alle leerlingen dagelijks veilig en op tijd op school en weer thuis brengen. Dit zo veel mogelijk met vaste chauffeurs, vaste routes en nette voertuigen. Wat gaan we daarvoor doen? We verwerken de reizigersgegevens, die we van de gemeenten ontvangen, samen met de vervoerders in vervoersplannen. We zien toe op de correcte en tijdige uitvoering van het vervoer. Wij zijn bereikbaar voor reizigers en hun vertegenwoordigers wanneer ze vragen of opmerkingen hebben en handelen eventuele klachten snel en goed af. We rapporteren periodiek op basis van afgesproken KPI’s aan onze opdrachtgevers. Wat gaat het kosten? Pr. 2 LLV Lasten Organisatiekosten overhead vervoerskosten Totaal lasten Baten Bijdrage gemeente Overige baten Totaal baten Resultaat

Jaarrekening 2020 € € € € € €

Jaarrekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2025

240.731 € € 2.512.494 € 2.753.225 €

156.232 € 78.587 € 3.309.903 € 3.544.722 €

131.419 € 72.536 € 2.936.484 € 3.140.438 €

148.146 € 81.402 € 2.764.505 € 2.994.053 €

147.045 € 80.797 € 2.819.795 € 3.047.637 €

144.232 € 79.252 € 2.876.191 € 3.099.674 €

144.258 79.266 2.933.715 3.157.239

2.649.084 € € 2.649.084 € -104.141 €

3.528.316 € 16.406 3.544.722 € €

3.131.601 € € 3.131.601 € -8.837 €

2.989.287 € 4.766 € 2.994.053 € €

3.047.637 € € 3.047.637 € €

3.099.674 € € 3.099.674 € €

3.157.239 3.157.239 -

Lasten Organisatiekosten Zie hoofdstuk 3 voor een toelichting op de organisatiekosten. Overhead Zie hoofdstuk 3 voor een toelichting op de overhead. Vervoerskosten Vervoerskosten routegebonden vervoer. Voor het routegebonden vervoer schatten we in dat de impact van corona op de vervoerskosten beperkt zal zijn. Stopt het reguliere vervoer dan moeten we noodvervoer opstarten voor kinderen van ouders met cruciale beroepen. Dit compenseert het weggevallen volume gedeeltelijk. In de begroting houden we voor de vervoerskosten RGV geen rekening met de impact van corona. Het aantal leerlingen en de vervoerskosten in het vervoersjaar 2021/2022 is als basis genomen en vermeerderd met een stijging door de NEA-index met 3,5% voor 2022 en de aanname van een stijging met 2,0% in de jaren daarna. Een eventuele tegemoetkoming in de vorm van een continuïteitsbijdrage past binnen de begrote omzet. Baten In 2023 is € 50.000 begroot om te onttrekken uit de reserve optimalisatiekosten. Deze baat wordt verdeeld naar de vier programma’s. Het restant van de lasten wordt gedekt door een bijdrage van de gemeenten. Hierdoor zijn de baten altijd gelijk aan de lasten.

18

4.3 Programma 3: Wmo-dagbesteding (maatwerkdienstverlening 18+) Wat willen we bereiken? We willen alle dagbestedingscliënten veilig en op tijd op hun bestemming en weer thuis brengen. Dit met zo veel mogelijk vaste chauffeurs, vaste routes en nette voertuigen. Wat gaan we daarvoor doen? We verwerken de reizigersgegevens, die we van de gemeenten ontvangen, samen met de vervoerders in vervoersplannen en zien toe op de correcte en tijdige uitvoering van het vervoer. Wij zijn bereikbaar voor reizigers en hun vertegenwoordigers wanneer ze vragen of opmerkingen hebben en handelen eventuele klachten snel en goed af. We rapporteren periodiek op basis van afgesproken KPI’s aan onze opdrachtgevers. Wat gaat het kosten? Pr. 3 DB Lasten Organisatiekosten overhead vervoerskosten Totaal lasten Baten Bijdrage gemeente Overige baten Totaal baten Resultaat

Jaarrekening 2020 € € € € € €

Jaarrekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2025

152.851 € € 647.929 € 800.780 €

93.482 € 47.022 € 735.729 € 876.233 €

50.150 € 27.680 € 751.087 € 828.916 €

62.085 € 34.114 € 734.003 € 830.202 €

61.623 € 33.860 € 748.683 € 844.167 €

60.445 € 33.213 € 763.656 € 857.314 €

60.456 33.219 778.930 872.604

734.656 € € 734.656 € -66.124 €

866.417 € 9.816 876.233 € €

825.543 € € 825.543 € -3.372 €

828.204 € 1.997 € 830.202 € €

844.167 € € 844.167 € €

857.314 € € 857.314 € €

872.604 872.604 -

Lasten Organisatiekosten Zie hoofdstuk 3 voor een toelichting op de organisatiekosten. Overhead Zie hoofdstuk 3 voor een toelichting op de overhead. Vervoerskosten Voor het routegebonden vervoer schatten we in dat de impact van corona op de vervoerskosten beperkt zal zijn. Stopt het reguliere vervoer, dan moeten we noodvervoer opstarten voor kinderen van ouders met cruciale beroepen. Dit compenseert het weggevallen volume gedeeltelijk. In de begroting houden we voor de vervoerskosten RGV geen rekening met de impact van corona. Het aantal leerlingen en de vervoerskosten in het vervoersjaar 2021/2022 is als basis genomen en vermeerderd met een stijging door de NEA-index met 3,5% voor 2022 en de aanname van een stijging met 2,0% in de jaren daarna. Een eventuele tegemoetkoming in de vorm van een continuïteitsbijdrage past binnen de begrote omzet. Baten In 2023 is € 50.000 begroot om te onttrekken uit de reserve optimalisatiekosten. Deze baat wordt verdeeld naar de vier programma’s. Het restant van de lasten wordt gedekt door een bijdrage van de gemeenten. Hierdoor zijn de baten altijd gelijk aan de lasten.

19

4.4 Programma 4: Jeugdwetvervoer (maatwerkdienstverlening 18-) Wat willen we bereiken? We willen alle jeugdigen die een beroep doen op ons vervoer veilig en op tijd op hun bestemming en weer thuis brengen. Dit met zo veel mogelijk vaste chauffeurs, vaste routes en nette voertuigen. Wat gaan we daarvoor doen? We verwerken de reizigersgegevens die we van de gemeenten ontvangen samen met de vervoerders in vervoersplannen en zien toe op de correcte en tijdige uitvoering van het vervoer. Wij zijn bereikbaar voor reizigers en hun vertegenwoordigers wanneer ze vragen of opmerkingen hebben en handelen eventuele klachten snel en goed af. We rapporteren periodiek op basis van afgesproken KPI’s aan onze opdrachtgevers. Wat gaat het kosten? Pr. 4 JW Lasten Organisatiekosten overhead vervoerskosten Totaal lasten Baten Bijdrage gemeente Overige baten Totaal baten Resultaat

Jaarrekening 2020 € € € € € €

Jaarrekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2025

49.198 € € 285.129 € 334.327 €

23.854 € 11.999 € 357.119 € 392.972 €

12.761 € 7.043 € 317.482 € 337.287 €

17.919 € 9.846 € 325.189 € 352.954 €

17.786 € 9.773 € 331.693 € 359.252 €

17.445 € 9.586 € 338.327 € 365.358 €

17.449 9.588 345.094 372.130

313.043 € € 313.043 € -21.284 €

390.467 € 2.505 392.972 € €

336.429 € € 336.429 € -858 €

352.378 € 576 352.954 € €

359.252 €

365.358 €

372.130

359.252 € €

365.358 € €

372.130 -

Lasten Organisatiekosten Zie hoofdstuk 3 voor een toelichting op de organisatiekosten. Overhead Zie hoofdstuk 3 voor een toelichting op de overhead. Vervoerskosten Voor het routegebonden vervoer schatten we in dat de impact van corona op de vervoerskosten beperkt zal zijn. Stopt het reguliere vervoer dan moeten we noodvervoer opstarten voor kinderen van ouders met cruciale beroepen. Dit compenseert het weggevallen volume gedeeltelijk. In de begroting houden we voor de vervoerskosten RGV geen rekening met de impact van corona. Het aantal leerlingen en de vervoerskosten in het vervoersjaar 2021/2022 is als basis genomen en vermeerderd met een stijging door de NEA-index met 3,5% voor 2022 en de aanname van een stijging met 2,0% in de jaren daarna. Een eventuele tegemoetkoming in de vorm van een continuïteitsbijdrage past binnen de begrote omzet. Baten In 2023 is € 50.000 begroot om te onttrekken uit de reserve optimalisatiekosten. Deze baat wordt verdeeld naar de vier programma’s. Het restant van de lasten wordt gedekt door een bijdrage van de gemeenten. Hierdoor zijn de baten altijd gelijk aan de lasten.

20

4.5 VERVALLEN Programma 5: Aanvullend OV (Samenkracht & burgerparticipatie) Dit programma vervalt. Met ingang van 3 april 2022 wordt het aanvullend openbaar vervoer door de provincie Gelderland uitgevoerd onder de naam haltetaxiRRReis. PlusOV speelt dan geen rol meer in deze vorm van vervoer.

21

4.6 Reserves Algemene reserve Sinds 2020 staat er niets in de algemene reserve. Alleen de twee bestemmingsreserves bevatten een saldo. In 2024 wordt de RG6 reserve opgeheven. Het resterende saldo gaat naar de algemene reserve. Bestemmingsreserve RG6 In januari 2020 heeft het bestuur besloten om naast de optimalisatiereserve een RG6-reserve te vormen. In deze reserve storten de uittredende gemeenten de uittreedsom. Tevens is besloten dat de RG6-gemeenten (Brummen, Epe, Hattem, Heerde, Lochem en Voorst) vanuit deze reserve een dotatie doen aan de optimalisatiereserve. In de tabel bij deze paragraaf is de verwachting van de stortingen en onttrekkingen per jaar weergegeven. Alleen het bestuur kan besluiten over de (hoogte van) stortingen en onttrekkingen uit deze reserve op basis van het jaarlijks te actualiseren plan van aanpak. Bestemmingsreserve optimalisatiekosten De organisatie is nog niet efficiënt genoeg en staat voor een grote verandering. Hiervoor zijn extra middelen nodig. Er is in de herziene begroting 2019 besloten om een bestemmingsreserve optimalisatiekosten te vormen. De middelen uit deze reserve gebruiken we om de organisatie te hervormen in een efficiëntere en kwalitatief goede organisatie. Tot en met 2023 is er jaarlijks een bedrag begroot om te onttrekken als efficiency bijdrage en investeringsbijdrage.

De te onttrekken investeringsbijdrage dient ter dekking van de optimalisatiekosten. In onderstaand overzicht is een specificatie opgenomen van de investeringsbijdragen die reeds onttrokken zijn uit de optimalisatiereserve.

Onttrekkingen investeringsbijdrage: 2021 Resultaat jaarekening 2020 infrastructuur Telefooncentrale Portaal RGV Website Analyse verminderen uitvraag Aanbesteding planpakket VAV Aanbesteding VAV vervoer Bestuursbesluit dd 25-11-2021 Meewerk ontstaan door data-opschoning bij implementatie ontwikkeling automatische planner RGV (regieportaal) Begeleiding Europese aanbesteding planpakket met automatische planning Implementatiekosten planpakket: Opt1route met automatische planning Consulentenmodule als onderdeel van het regieportaal

22

€ € € € € € € € €

165.000 80.000 5.000 10.000 10.000 7.000 8.000 20.000 20.000

€ €

85.000 15.000

€

10.000

€

40.000

€

20.000

Onttrekking investeringsbijdrage uit optimalisatiereserve: Hieronder vindt u de specificatie van de begrote stortingen en onttrekkingen in de algemene reserve en de beide bestemmingsreserves. Met de DAZ-gemeenten bedoelen we de gemeenten Deventer, Apeldoorn en Zutphen. De RG6-gemeenten betreffen de overige gemeenten.

Algemene reserve Saldo 1-1 Toevoeging saldo RG6 reserve Saldo 31-12

ultimo 2022 € -

ultimo 2023 € -

€

€

Optimalisatiereserve Saldo 1-1 Toevoeging bijdrage DAZ-gemeenten Onttrekken efficiency bijdrage Onttrekken investeringsbijdrage

ultimo 2022 ultimo 2023 ultimo 2024 ultimo 2025 ultimo 2026 € 84.531 € 185.000 € 35.000 € 35.000 € 35.000 € 300.469 € -100.000 € -50.000 € -100.000 € -100.000

Saldo 31-12

€

RG6 reserve Saldo 1-1 Opheffen RG6 reserve ten gunste van algemene reserve Saldo 31-12

ultimo 2022 ultimo 2023 ultimo 2024 ultimo 2025 € 301.389 € 301.389 € 301.389 € -

€

-

185.000 €

301.389 €

23

-

ultimo 2024 ultimo 2025 ultimo 2026 € € 301.389 € 301.389 € 301.389 € 301.389 € 301.389 € 301.389

35.000 €

€ 301.389 €

35.000 €

-301.389 €

35.000 €

-

35.000

ultimo 2026 € -

€

-

5.Overzicht van baten en lasten Lasten

*¹ Kosten jaarrekening 2021 LLV zijn inclusief een afrekening over 2018-2019 van € 786.050 *² Kosten jaarrekening 2021 DB zijn inclusief een afrekening over 2018-2019 van € 80.449 *³ Kosten jaarrekening 2021 JW zijn inclusief een afrekening over 2018-2019 van € 70.670

Baten Jaarrekening Jaarrekening 2020 2021 Organisatie Bijdr. Prov. Gelderland Wmo Bijdragen gemeenten Bijdrage DAZ-gemeenten Bijdr. Prov. Gelderland OV Overige baten Onttrekking optimalisatiereserve Subtotaal organisatie

€ € € € €

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

€

130.616 € 1.883.111 € 440.030 € 9.947 € 14.195 € € 2.477.899 €

133.881 € 68.614 € 35.165 € € € 1.834.510 € 2.139.275 € 2.322.958 € 2.390.220 € 2.344.498 € 2.344.926 € 300.469 € € € € 14.820 € € € € € 13.801 € € € € € 150.000 € 50.000 2.147.012 € 2.508.358 € 2.408.123 € 2.390.220 € 2.344.498 € 2.344.926

Onttrekking optimalisatiereserve

€

-

€

85.000 €

100.000 €

100.000 €

-

€

-

€

-

Subtotaal Optimalisatie

€

-

€

85.000 €

100.000 €

100.000 €

-

€

-

€

-

Vervoer Bijdrage provincie Wmo-vervoer Bijdragen gemeenten Vraagafhankelijk verv. Bijdrage provincie aanvullend OV Bijdragen gemeenten Leerlingenvervoer Bijdragen gemeenten Dagbestedingsvervoer Bijdragen gemeenten Jeugdwetvervoer

€ € € € € €

874.825 € 3.995.736 € 67.610 € 2.512.494 € 647.929 € 285.129 €

672.521 € 459.557 € 235.522 € € € 3.154.505 € 6.278.831 € 5.456.483 € 6.096.137 € 6.528.963 € 6.992.520 83.979 € € € € € 3.309.903 € 2.936.484 € 2.764.505 € 2.819.795 € 2.876.191 € 2.933.715 735.729 € 751.087 € 734.003 € 748.683 € 763.656 € 778.930 357.119 € 317.482 € 325.189 € 331.693 € 338.327 € 345.094

Subtotaal Vervoer

€

8.383.723 €

8.313.756 € 10.743.441 € 9.515.702 € 9.996.308 € 10.507.137 € 11.050.258

TOTAAL BATEN Resultaat voor bestemming

€ 10.861.622 € 10.545.768 € 13.251.800 € 12.023.825 € 12.386.528 € 12.851.635 € 13.395.184 € 160.030 € 23.639 € 100.469 € € € € -

Optimalisatie

24

6. Paragrafen 6.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Financiële kengetallen Wij zijn verplicht op basis van het BBV (verslaggevingsvoorschriften) om enkele financiële kengetallen op te nemen. Deze kengetallen nemen we zowel in de begroting als in de jaarrekening op. De kengetallen zijn met name bedoeld om de financiële positie inzichtelijker te maken. kengetallen

Werkelijk 2021

Begroot 2022

Begroot 2023

Begroot 2024

Begroot 2025

Begroot 2026

Netto schuldquote

11%

-4%

-2%

-2%

-2%

-2%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

11%

-4%

-2%

-2%

-2%

-2%

Solvabiliteitsratio

5% -2%

13% 1%

8% -1%

8% 0%

8% 0%

8% 0%

Structurele exploitatieruimte

Netto schuldquote Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de omzet. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Zie netto schuldquote. De vervoerscentrale verstrekt geen leningen, daardoor wijzigt deze ratio niet. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de Vervoerscentrale in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio wordt berekend op basis van het eigen vermogen ten opzichte van het balanstotaal. Je ziet dat dit percentage afloopt naarmate het saldo van de reserves ook afloopt. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Dit kengetal heeft geen toegevoegde waarde voor PlusOV, omdat alle structurele en incidentele lasten gedekt worden door bijdragen van de deelnemende gemeenten en de provincie Gelderland. Hierdoor zal dit kengetal altijd de nul procent benaderen. Risico’s Elke organisatie kent risico’s in de bedrijfsvoering. In de kadernota hebben we enkele risico’s benoemd, deze behandelen we hieronder. 1.

Nieuw systeem voor planning van het vraagafhankelijk vervoer De aanbesteding voor een nieuw softwarepakket met automatische planner is, met de gunning eind mei 2021, afgerond. De overgang naar een nieuw planpakket vergt veel van de organisatie en brengt uitvoeringsrisico’s met zich mee. De ontwikkeling van software en implementatie is beschreven in een implementatieplan waarin de projectaanpak, projectstructuur, planning, opleiding en risico’s staan. De verwachting is dat in Q1

25

de eerste modules worden geïmplementeerd en dat in Q2 2022 het gehele softwarepakket is opgeleverd. Als het pakket naar behoren werkt, zal het risico in 2023 vervallen zijn. 2. Nieuw systeem voor het routegebonden vervoer Voor het routegebonden vervoer is in 2020 gestart met ontwikkeling van software. Deze software ondersteunt de event-afhandeling, de facturering, de invoer van opdrachten door de consulenten en het bouwen en beheren van routeplanning. Een aantal modules namen we in 2021 in gebruik. De 2 modules die nog opgeleverd zouden worden zijn de consulentenmodule en de module routebeheer. Elke implementatie van software kent risico’s. De implementatie bevat een periode van ontwikkelen, testen en schaduwdraaien en gefaseerd in gebruik nemen. Door vertraging in de eerder geplande oplevering van de modules (2020) hebben de besparingen op de personeelskosten ruim een jaar later effect. Op basis van de huidige realistische planning nemen we de modules consulentenmodule en de module routebeheer in Q1 2022 in gebruik. Daarmee is dit project afgerond. 3. Continuïteitsbijdrage doelgroepenvervoer Sinds 1 juli 2020 roepen Rijk en de VNG op om op basis van de lokale situatie en in overleg met de gecontacteerde vervoerder gerichte continuïteitsafspraken te maken op basis van maatwerk.

Op deze oproep volgde een concreter advies van de VNG over hoe en onder welke voorwaarden om te gaan met de door de vervoerders gemiste omzet als gevolg van corona. PlusOV heeft tot en met het jaar 2020 een continuïteitsbijdrage verleend en financieel afgehandeld. In januari 2022 heeft de VNG een advies gegeven over het verstrekken van een continuïteitsbijdrage tot 30 juni 2022. Het advies voorziet in een tegemoetkoming voor de gemiste omzet onder een aantal randvoorwaarden. Voor het routegebonden vervoer hebben we de vervoerskosten voor vervoersjaar 2023 en verder begroot zonder mogelijke invloeden door corona. Een eventuele gedeeltelijke compensatie voor omzetdaling past daarmee binnen de begrote vervoerskosten. In de aanbesteding van het vraagafhankelijk vervoer is een afnamegarantie opgenomen. De basis hiervoor is het perioderooster. Hierin geeft PlusOV een indicatie af voor de af te nemen vervoerscapaciteit voor de komende maand. Op hoofdlijn; wordt er meer dan 20% van de uren niet afgenomen van de capaciteit zoals in het Perioderooster is aangegeven, dan wordt voor de duur van het perioderooster een afnamegarantie gegeven van 80% van de uren tegen het beschikbaarheidstarief. De afnamegarantie voorziet hiermee in een scherpe onverwachte daling van de vervoerkosten voor een korte periode.

In de begroting is voor het vraagafhankelijk vervoer niet gerekend met een mogelijke continuïteitsbijdrage maar met de minimale kosten van deze afnamegarantie. De VNG kan in de toekomst opnieuw met een advies komen voor een continuïteitsbijdrage in het doelgroepenvervoer. Hoe we daarmee omgaan zullen we op dat moment onderzoeken. Mocht de omzet van 2019 dan nog steeds het referentiejaar zijn dan past dit mogelijk niet binnen de aangeboden begroting. 4. Prijs- en volumerisico In de kadernota en begroting gaan we uit van een stijging van de inflatie met 1,7% voor de organisatiekosten (niet cumulatief). Voor de NEA-index hanteren we voor 2023 een stijging van 3,5%. Daarnaast is de aanname dat de vervoerskosten elkaar jaar stijgen met een NEA-index van 2%. Bij het opstellen van de begroting is er altijd een prijsrisico. De onzekerheid over het prijsrisico is echter groter dan in voorgaande jaren. Naast hogere personeelskosten in de taxibranche door schaarste op de arbeidsmarkt, stijgende kosten voor brandstof en een oplopende inflatie zijn er ook geopolitieke ontwikkelingen waar het effect moeilijk is in te schatten.

26

De NEA-index voor 2023 wordt in oktober 2022 bekend gemaakt, er is nog geen voorspelling gedaan naar aanleiding van de actualiteit. Wel geeft de opsteller van de index aan dat wanneer de brandstofprijzen structureel op dit niveau blijven alleen daardoor al de NEA-index 4% kan stijgen. Voordat de begroting 2023-2026 in juli door het bestuur wordt vastgesteld zal opnieuw beoordeeld worden hoe de (prijs)ontwikkeling is geweest en wat de verwachting is ten aanzien van de structurele invloed op de begroting. Indien nodig zal er een wijziging plaatsvinden. Het volumerisico heeft betrekking op het vervoersvolume. Het vervoersvolume is door veranderend reizigersgedrag als gevolg van corona lager ingeschat dan in vorige begrotingen. Uitgangspunt is een jaarlijkse toename van het vervoersvolume van 5% vanaf 2023. Het is onzeker wat de effecten van corona zijn op het vervoersvolume voor de komende jaren.

27

6.2 Financiering Betalingsverkeer Voor het betalingsverkeer maakt PlusOV gebruik van een bankrekening zonder kredietfaciliteit bij de BNG Bank te Den Haag. Vlottende financiering Bij liquiditeitstekorten voorziet de gemeente Lochem de vervoerscentrale van de benodigde liquide middelen. Voor de kortlopende financiering is geen rente begroot. Vaste financiering De vervoerscentrale heeft geen langlopende leningen afgesloten. Schatkistbankieren De decentrale overheden en ook gemeenschappelijke regelingen zijn verplicht om overtollige financiële middelen bij het Rijk of bij andere overheden uit te zetten en ontvangen van het Rijk op de deposito’s een rentevergoeding die gelijk is aan de rentes die de Nederlandse staat betaalt op leningen die ze op de markt aangaat. Alleen de overtollige middelen die het bedrag van € 1.000.000 (het drempelbedrag voor PlusOV) te boven gaan, moeten bij het Rijk of andere overheden gestald worden. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet voor het jaar 2022 bedraagt € 1.022.025. De kasgeldlimiet wordt berekend door het totaalbedrag van de primitieve jaarbegroting te vermenigvuldigen met 8,5 % en heeft een minimumbedrag van € 300.000. Tot het bedrag van de kasgeldlimiet mogen kortlopende geldleningen worden aangetrokken.

28

6.3 Bedrijfsvoering De directeur voert de bedrijfsvoering uit binnen het mandaat van de gemeenten. Het plan van aanpak kostenreductie, de organisatieomvang en de voorgenomen investeringen zoals genoemd in de kadernotitie lichten we hier verder toe. Plan van aanpak kostenreductie Het plan van aanpak kostenreductie wordt jaarlijks geactualiseerd en vastgesteld door het Bestuur. Initieel zijn 11 punten opgenomen die geoptimaliseerd worden. Hiervan zijn er eind 2021 inmiddels 5 gerealiseerd. De overige 6 punten staan in de tijd gepland en zijn de volgende: 1. Koppeling tussen Mybility (RGV) en planningspakket of vervanging Mybility door het regieportaal 2. Vervanging Cabman-centrale door planautomaat voor RGV 3. Internetboekingen verhogen 4. Vervanging Cabman-centrale voor VAV 5. Route-app RGV 6. Onderzoek naar mogelijkheden van optimalisatie processen en producten doelgroepenvervoer

De volgende activiteiten zijn gestart maar nog niet afgrond: 1. Koppeling tussen Mybility (RGV) en planningspakket of vervanging Mybility door het regieportaal Doel: Kwaliteit van de planning verbeteren, zodat er geen handmatige invoer meer is van mutaties die vanuit de gemeenten worden aangeleverd. We willen voorkomen dat er door PlusOV invoerfouten ontstaan bij het invoeren van de gegevens. Tevens willen we voorkomen dat er mutaties komen die niet mogelijk zijn. Status: Start 1 februari 2020 en realisatie 31 december 2021 waarna de implementatie moet plaatsvinden. 2. Vervanging Cabman centrale door planautomaat voor RGV (Het Regieportaal) Doel: Vereenvoudigen van planningswerkzaamheden en overdracht tussen systemen, zodanig dat de routes in het portaal kunnen worden gepland met een directe koppeling naar de pakketten van de vervoerders. Deze directe koppeling (API) moet nog gerealiseerd worden. De API-koppeling maakt uitwisseling van gegevens over en weer mogelijk. Resultaat is een actuele en foutloze uitwisseling van gegevens. De kwaliteit van het vervoer neemt toe. PlusOV en vervoerder besparen tijd omdat er geen correcties nodig zijn. Status: start 1 januari 2020, volledige realisatie 01-09-2022. 3. Internetboekingen verhogen Doel: Internetboekingsportaal verbeteren en stimuleren dat reizigers online boeken, zodat het aantal telefonische boekingen gaat afnemen.

De nieuwe software voor het VAV (Opt1route) voorziet hierin. Deze verbetering vergt implementatietijd en tevens “opvoedtijd”. We zullen de reizigers actief moeten gaan benaderen om boekingen via de website te doen. Door meer boekingen via internet daalt het aantal telefonische boekingen. Verwachting is 40% minder telefonische boekingen in 2027. Status: start: 1 juni 2021, implementatie: vanaf 1 juni 2021 tot 1 januari 2023.

29

4. Vervanging Cabman centrale voor VAV (Opt1route is de nieuwe software) Doel: Via een Europese aanbesteding is de keuze gemaakt voor het planpakket Opt1Route. Dit is een planpakket waarmee PlusOV een aantal belangrijke organisatiedoelstellingen kan realiseren op het gebied van kwaliteit en kostenefficiëntie. Opt1Route maakt kostenbesparingen mogelijk door: - vermindering van het aantal in te kopen diensten wat nodig is om de ritvolumes binnen afgesproken servicelevels uit te voeren. - verhoging van de productiviteit van de regiemedewerkers naar meer voertuigen per planner. - verkorting van de benodigde tijd om een telefonische ritboeking te doen. - verhoging van het percentage ritboekingen via de boeking website. - door continue bewaking van de stiptheid van de uitvoering door de automatische planner en het proactief signaleren van dreigende overschrijdingen ondersteunt Opt1Route ook de kwaliteitsdoelstellingen van PlusOV. Status: start 1 september 2020, realisatie 30-06-2022 De volgende nieuw aan het PvA toegevoegde acties starten in 2022: 5. Route-app RGV Doel: Klantinformatie via een app op maat verstrekken, zodat de ouders/verzorgers of reiziger bijvoorbeeld kan zien waar de taxi zich bevindt, wie de chauffeur is en wat de verwachte/ gerealiseerde aankomsttijd van de taxi is.

Bij PlusOV ontstaat een tijdsbesparing door minder inkomende telefoontjes van ouders/ verzorgers over absenties, en vragen over de geplande ritten. Status: start 1 januari 2022 en realisatie Q4 2022 6. Onderzoek naar mogelijkheden van optimalisatie processen en producten doelgroepenvervoer (eerder opgenomen als “Openingstijden PlusOV”) Doel: Voor 2022 heeft het bestuur van PlusOV de beleidsambtenaren van de gemeenten gevraagd te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om de producten van PlusOV en de (samenwerkings)processen met gemeenten waar mogelijk te optimaliseren in het doelgroepenvervoer. Eerder was dit actiepunt beperkt tot de openingstijden PlusOV. Nu is er gekozen voor verbreding van dit thema voor een integrale aanpak. De uitvoering volgt na de implementatie van de nieuwe software voor het VAV (Opt1route). Status: start notitie uitwerken 1 april 2022 en besluitvorming Q3 2022 en implementatie in 2023. Investeringen In 2021 heeft het bestuur een viertal investeringen ten laste van de optimalisatiereserve (2022 en 2023) goedgekeurd voor € 175.000. Ook de komende jaren zijn in de begroting middelen beschikbaar om te investeren en daarmee verdere efficiency te realiseren. Voor 2023 zal opnieuw een investeringsplan worden ingediend bij het bestuur. De goedgekeurde investeringen zijn: 1. Ontwikkelen en implementeren van een API voor het routegebonden vervoer 2.

Ontwikkelen en beschikbaar stellen van een app voor ouders/verzorgers/reizigers in het RGV 3. Opzetten, uitvoeren en terugkoppelen van een verdiepend klanttevredenheidsonderzoek (KTO) voor het vraagafhankelijke vervoer en een jaarlijks KTO voor het routegebonden vervoer. 4. De eenmalige implementatiekosten voor de VAV-software.

30

Eind 2022 onderzoeken we wat de voordelen en kosten zijn van een app voor de reizigers in het vraagafhankelijk vervoer. Bij een positief besluit nemen we deze app in 2023 in gebruik. Komende jaren zal de ‘zero emissie’ voor het doelgroepenvervoer bij PlusOV vorm gaan krijgen. De toepassing van zero-emissievoertuigen draagt bij aan de CO2-reductie zoals afgesproken in het klimaatakkoord van Parijs en zorgt ook voor vermindering van luchtverontreiniging.

Organisatieomvang Per 31-12-2021 is de bezetting 26,81 fte. De geplande formatie sluit aan bij de begrote personeelskosten voor komende jaren en daarmee worden de doelstellingen gerealiseerd. De formatie voor komende jaren (jaarultimo) is weergegeven in onderstaande tabel. Jaarultimo formatie FTE 2022 26,25 2023 23,29 2024 22,89 2025 22,49 De kosten voor een gedwongen afvloeiing van personeel komen ten laste van het boekjaar 2022. Deze kosten komen ten laste komen van het jaar waarin de medewerkers uit dienst gaan. Op basis van de huidige kennis is de verwachting dat dit 2022 is. Inschatting is dat verdere krimp ontstaat door geen medewerkers meer in te lenen en via natuurlijk verloop.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11445927/1