4 Concept Toekomstplan en Begroting 2023-2026
Tekst van het document
Niet alleen is een harmonieuzer belastingbeleid van groot belang om de kosten en kwetsbaarheid te verminderen en kwaliteit te verbeteren, maar ontstaat hierin ook een risico. Daar waar belastingsoorten of afwijkende grondslagen worden ingevoerd, zien we complexiteit en kosten stijgen en komt de kwaliteit van de uitvoering onder druk te staan. Het financieel risico van het uitblijven van beleidsharmonisatie en/of het toevoegen van complexe belastingsoorten en/of grondslagen wordt echter geschat op nihil, omdat de huidige werkwijze inmiddels in de begroting is opgenomen. Uitbreiding De belangstelling van de gemeente Brummen heeft een positieve invloed op Tribuut. De medewerkers zijn trots op Tribuut en dragen dat graag uit. We weten ook dat het bestaansrecht van Tribuut daarmee wordt versterkt. Echter kan het aansluiten van een nieuwe gemeente leiden tot risico’s in de bedrijfsvoering. Hoewel we implementatiekosten zullen verrekenen met gemeente Brummen, kunnen er indirect kosten ontstaan die niet zijn voorzien. Ook het samenvoegen van de database is een Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
24
potentieel risico voor fouten en daarmee extra werk. Een goede voorbereiding is dus cruciaal. We schatten dat risico op ca. € 50.000,-. Corona Op het moment van schrijven van deze begroting zijn de coronamaatregelen nagenoeg opgeheven. Dat leidt tot veel enthousiasme bij onze inwoners, die het normale leven graag weer op willen pakken. Echter zitten ondernemers nog met veel onzekerheden en soms nog met schulden die afbetaald moeten worden. Daarom verwacht Tribuut ook in 2023 nog extra werk te moeten verzetten om de invordering bij deze doelgroepen goed te laten verlopen. De begroting is hierop aangepast met een extra bedrag voor inhuur van € 50.000,-. Er bestaat een risico dat er toch weer nieuwe beperkingen worden afgeroepen en dat dit bedrag niet voldoende is. Het bepalen van dit risicobedrag is echter van zoveel onzekere factoren afhankelijk dat we daar nu geen extra bedrag voor opnemen als risico. Samenhangende Objectenregistratie De afstemming tussen de BAG, BGT en de WOZ is een volgende uitbreiding van taken en daarmee het belangrijkste onderwerp voor de komende jaren. Dit zal in 2025 zijn voltooiing krijgen in de Samenhangende Objectenregistratie (SOR). Hierdoor ontstaat een keten van informatie waarbij de complexiteit en de onderlinge afhankelijkheid groot is, maar met name een kans biedt om de kwaliteit van (alle) gegevens te verhogen.
De voorbereidingen in het project SOR vraagt van Tribuut en van de gemeenten een grote uitvoerende inspanning. Financiële consequenties van de SOR moeten op tijd worden geregeld in de begroting. Het komende jaar verwachten we, in overleg met de gemeenten, daar meer inzicht in te krijgen.
4.2
Financiële kengetallen
Op basis van het ‘Besluit Begroting en Verantwoording’ (BBV) moet een aantal kengetallen in de paragraaf Weerstandsvermogen worden opgenomen. In onderstaande tabel worden deze kengetallen gepresenteerd: Realisatie 2020 1a. Netto schuldquote -0,41% 1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen -0,41% 2. Solvabiliteitsratio 0,4% 3. Grondexploitatie NVT 4. Structurele exploitatieruimte NVT 5. Belastingcapaciteit NVT Financiële kengetallen
Realisatie 2021 0,004% 0,004% 0,44% NVT NVT NVT
De balans van Tribuut per ultimo 2021 bestaat voornamelijk uit overlopende activa en passiva. Er zijn met ingang van 2021 vaste activa aanwezig. Deze vaste activa vertalen zich in telefoons en laptops. Zowel de netto schuldquote als de solvabiliteitsratio worden daarom in extreme mate beïnvloed door het saldo “nog door te storten belastingen” en “crediteuren” dat per ultimo 2021 op de balans van Tribuut staat.
4.3
Financiering
Het financieringsvraagstuk van Tribuut is van een beperkte omvang. Dit heeft te maken met het feit dat de begroting vooral bestaat uit personeelslasten of daaraan gerelateerde kosten. De financieringsrisico’s zijn om die reden beperkt.
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
25
Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de organisatie haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,2% van het begrotingstotaal. Het begrotingstotaal voor 2022 bedraagt € 6.734.754,-. De kasgeldlimiet bedraagt daarom € 552.250,-. Zo lang de korte rente lager is dan de rente voor langere looptijden, zal de kasgeldlimiet optimaal worden benut. Renterisiconorm Het renterisico op de lange financiering wordt wettelijk begrensd door de renterisiconorm. Als lange financiering wordt volgens de Wet Fido aangemerkt: alle financieringsvormen met een rentetypische looptijd vanaf één jaar. Het renterisico wordt gedefinieerd als de betaalde aflossingen, vermeerderd met het saldo van de contractuele renteherzieningen op de opgenomen geldleningen. De renterisiconorm is 20% van het begrotingstotaal, met een minimum van € 2,5 miljoen. Achterliggende reden voor het gebruik van de renterisiconorm is de spreiding van het renterisico over de jaren. Voor Tribuut geldt de minimumnorm ad € 2,5 miljoen voor de renterisiconorm. Dit minimum is bedoeld om kleinere organisaties niet al te zeer te beperken bij het komen tot een efficiënt liquiditeitsbeheer. Financiering Tribuut heeft een eenvoudige rol op treasurygebied.
De behoefte is: • Het aantrekken van langlopende geldleningen voor investeringen voor de bedrijfsvoering. • Het overbruggen van de mate van bevoorschotting door de deelnemers. Als grotere investeringen in de bedrijfsvoering worden gedaan, ontstaat behoefte aan langlopende financiering. Dit wordt niet verwacht. Schatkistbankieren Tribuut neemt als decentrale overheid verplicht deel aan het zogenaamde schatkistbankieren. Dit houdt in dat eventuele positieve banksaldi bij het Rijk worden uitgezet. Om het dagelijks kasbeheer te vereenvoudigen, mag Tribuut een drempelbedrag van 0,75% van het begrotingstotaal buiten de schatkist aanhouden. De drempel is nooit lager dan € 1.000.000,- wat betekent dat Tribuut altijd gemiddeld € 1.000.000.- buiten de schatkist mag houden. Betaalde belastingopbrengsten worden zo snel mogelijk afgeboekt naar de schatkist. Vanwege de zeer hoge bedragen (tot tientallen miljoenen per dag) in de piekperiode ten opzichte van het minimale begrotingstotaal van Tribuut, is het onrealistisch om te verwachten dat Tribuut in de eerste twee kwartalen onder het drempelbedrag blijft. Uit hoofde van de treasuryfunctie kunnen middelen worden uitgezet. Het treasurystatuut is hierbij leidend. Bankrelatie Het betalingsverkeer is sinds 1 januari 2022 ondergebracht bij de Coöperatieve Rabobank U.A.
Tribuut maakt hierbij gebruik van drie bankrekeningen, namelijk de bedrijfsvoeringsrekening, de rekening voor de belastinginning en een tegenrekening voor het schatkistbankieren. Beleidsvoornemens Tribuut streeft naar optimale financiële afstemming met de deelnemende gemeenten. Hierbij ligt de nadruk op het zo efficiënt mogelijk doorsluizen van de belastinginkomsten naar de deelnemende gemeenten. Daarnaast wordt de bevoorschotting van de gemeenten zodanig afgestemd dat het aangaan van leningen tot een minimum wordt beperkt. Tribuut werkt hierbij met gescheiden bankrekeningen voor de bedrijfsvoering en belastinginning. In het BBV zijn zeven verplichte paragrafen opgenomen voor de programmabegroting van provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen. Voor de belastingsamenwerking zijn de paragrafen ‘lokale heffingen’, ‘onderhoud kapitaalgoederen’, ‘grondbeleid’ en ‘verbonden partijen’ niet relevant. Deze paragrafen zijn daarom niet in de begroting van Tribuut opgenomen.
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
26
5
Financiële begroting
De begroting is opgesteld conform de eisen die voortkomen uit het BBV. Naast de programmabegroting presenteren we ook de financiële (exploitatie)begroting.
5.1
Financiële begroting
De totale lasten van de begroting van 2023 komen nagenoeg overeen met de begrote bedragen van vorig jaar. De inhuur is vanaf 2022 in stappen verminderd door een betere bezetting vanaf 2022. Voor 2022 is nog een incidenteel bedrag van € 50.000,- opgenomen voor de nasleep van corona. Zoals al aangekondigd, hebben we de rubricering aangepast. In de totaaltelling is dit budgetneutraal verwerkt. Het doel is een logische rubricering te creëren om daardoor ook eenvoudiger voortgangsrapportages te kunnen opmaken. Financiële begroting (x € 1.000) 2022
2023
2024
2025
2026
Personeelskosten Processen
€ 3046
€ 3116
€ 3188
€ 3261
€ 3336
Inhuur processen
€ 488
€ 346
€ 252
€ 257
€ 262
Personeelskosten algemeen
€ 784
€ 798
€ 840
€ 857
€ 875
Automatisering
€ 927
€ 944
€ 981
€ 998
€ 1016
Huisvesting
€ 201
€ 204
€ 208
€ 212
€ 216
Financiën
€ 131
€ 133
€ 136
€ 138
€ 141
Organisatie / Communicatie / Advieskosten
€ 404
€ 414
€ 410
€ 417
€ 424
Proceskostenvergoeding
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
Projectkosten
€ 200
€0
€0
€0
€0
Totaal
€ 6680
€ 6455
€ 6513
€ 6640
€ 6769
Personeelskosten Directe loonkosten en algemene personeelskosten worden direct toegerekend aan de programma’s. Het opleidingsbudget ter grootte van 1,5% van de totale salariskosten, valt onder ‘Personeelskosten algemeen’. Inhuur processen We hebben het personeelsbudget aangepast aan het laatste formatieplan. We kunnen daarmee een constante bezetting nastreven en het inhuurbudget beperken tot de noodzakelijke bezetting in de piekmomenten. Wij verwachten dat wij binnen Tribuut de gevolgen van corona nog tot en met 2023 zullen ervaren. Daarom is er € 50.000,- begroot voor de afhandeling van betalingsregelingen en invordering. Hopelijk is het niet nodig deze in te zetten. Automatisering Dit zijn de kosten voor licenties, beheer en onderhoud van gebruikte programmatuur en ondersteuning door leveranciers voor verbeteringen en probleemoplossingen. Opmerkelijk is wel dat de kosten van automatisering door indexering enorm snel oplopen. Indexeringen zijn vaak gekoppeld aan inflatiecijfers die eind vorig jaar enorm opliepen. Vooralsnog gaan we ervan uit dat dit binnen de begroting is op te vangen.
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
27
Huisvesting De huisvestingskosten zijn vooral huur en vaste lasten die we via gemeente Epe afnemen. Ook de schoonmaakkosten vallen hieronder. We verwachten hier geen grote wijzigingen. Er is nog geen zicht op verhoging van de lasten door de stijgende energieprijzen. Financieringskosten Door een nieuwe aanbesteding van bankdiensten zijn we per 1 januari 2022 overgaan naar de Rabobank. De kosten zijn conform deze aanbesteding begroot. Daarnaast zijn kosten van verzekeringen en accountantskosten ondergebracht bij financieringskosten. Organisatie, communicatie en advieskosten Kosten voor communicatie, post, contributie, drukwerk, telefoon, adviseurs, afschrijving telefoon en computers en de post onvoorzien. Ook deze kosten zijn slechts geïndexeerd.
5.2
Kostenverdeling per gemeente
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de totale bijdrage per deelnemende gemeente. Kostenverdeling per gemeente (x € 1.000)
Apeldoorn
Epe
Lochem
Voorst
Zutphen
Totaal
2022
2023
2024
2025
2026
Standaardpakket
€ 3485
€ 3375
€ 3402
€ 3468
€ 3536
Verschilegalisatie
-€ 37
-€ 18
Totaal
€ 3448
€ 3356
€ 3402
€ 3468
€ 3536
Standaardpakket
€ 704
€ 680
€ 688
€ 702
€ 715
Verschilegalisatie
€ 24
€ 12
Totaal
€ 728
€ 692
€ 688
€ 702
€ 715
Standaardpakket
€ 790
€ 760
€ 769
€ 784
€ 799
Verschilegalisatie
-€ 5
-€ 3
Totaal
€ 785
€ 757
€ 769
€ 784
€ 799
Standaardpakket
€ 487
€ 467
€ 473
€ 482
€ 492
Verschilegalisatie
€3
€2
Totaal
€ 490
€ 469
€ 473
€ 482
€ 492
Standaardpakket
€ 1214
€ 1172
€ 1181
€ 1204
€ 1227
Verschilegalisatie
€ 15
€8
Totaal
€ 1229
€ 1180
€ 1181
€ 1204
€ 1227
€ 6680
€ 6455
€ 6513
€ 6640
€ 6769
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
28
In 2019 is de verschilegalisatie berekend en verdeeld over de deelnemers. Inmiddels is er in het productaanbod dermate veel gewijzigd dat het niet meer terug te halen is welke kosten nu op de juiste manier dienen te worden verrekend. Wij hebben ervoor gekozen de bedragen over de resterende jaren als een harde berekening op te nemen conform de berekening van 2019.
5.3
Balans
Zoals ook in hoofdstuk 4 ‘Weerstandsvermogen en risicobeheersing’ is beschreven, bestaat de balans van Tribuut per ultimo 2021 voornamelijk uit overlopende activa en passiva. Met ingang van 2020 is er beperkt vaste activa aanwezig in verband met de aanschaf van laptops en mobiele telefoons. Er is geen winstdoelstelling. Het resultaat wordt direct verrekend met de deelnemende gemeenten en we houden geen structurele algemene reserve aan. Wel is het primaire voornemen om vlottende activa en passiva tot een minimum te beperken. Op basis van deze beleidsvoornemens wordt voor de jaren volgend op dit begrotingsjaar de balans als volgt geprognosticeerd: 2022
2023
2024
2025
Activa
€ 91.666
€ 59.725
€ 36.000
€ 24.000 € 12.000
Passiva
€ 91.666
€ 59.725
€ 36.000
€ 24.000 € 12.000
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
2026
29
Bijlage 1: Lasten per taakveld 2022 Taakveld Omschrijving
Apeldoorn
0.1
Bestuur
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
0.4
Overhead
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€ 2.041.163
0.61
OZB Woningen
€ 1.760.088
€ 349.374
€ 377.783
€ 243.745
€
620.298
€ 2.900.560
0.62
OZB niet woningen
€
272.172
€
73.153
€
98.960
€
69.136
€
96.119
€
527.458
0.63
Parkeerbelasting
€
2.062
€
-
€
-
€
-
€
25.303
€
9.952
0.64
Belastingen overig
€
55.151
€
3.293
€
3.829
€
1.025
€
21.392
€
34.514
0.8
Stelposten
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
50.000
3.3
Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
3.4
Economische promotie
€
1.116
€
770
€
1.805
€
1.427
€
196
€
2.019
6.3
Inkomensregelingen
€
259.228
€
23.085
€
28.513
€
14.566
€
83.066
€
408.457
7.2
Riolering
€
301.418
€ 114.518
€
72.779
€
50.076
€
105.336
€
112.951
7.3
Afval
€
688.468
€ 108.451
€ 168.480
€
82.378
€
207.914
€
286.928
7.5
Begraafplaats en crematoria
€
7.520
€
6.209
€
1.268
€
464
€
3.758
€
5.269
8.3
Bouwen en Slopen
€
27.480
€
1.603
€
7.048
€
4.511
€
8.898
€
14.817
€
3.374.703
€
680.456
€
760.465
€
467.327
€
1.172.280
€
6.455.231
Totaal • •
Epe
Lochem
Voorst
Zutphen
Tribuut 61.140
De lasten per taakveld worden bepaald door de gemeentelijke bijdrage per programmaonderdeel om te rekenen naar rato van het aantal aanslagregels per taakveld. De lasten per taakveld zijn voor de gemeenten ‘all inclusive’; Tribuut verantwoordt de lasten op de taakvelden 0.1, 0.4 en 0.8 afzonderlijk. Dit leidt ertoe dat de lasten horizontaal niet optelbaar zijn tot de lasten van Tribuut.
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
30
Bijlage 2: Gewijzigde begroting bij deelname Gemeente Brummen Begrotingswijziging bij toetreding gemeenten Brummen tot de GR Tribuut Belastingsamenwerking.
Van
:
Bert Groot Wesseldijk (directeur a.i.) en Michel van Schooten (controller)
Inleiding Rond de jaarwisseling heeft het College van B&W van de gemeente Brummen de Gemeenteraad geïnformeerd over het voornemen om de uitvoering van de belastingtaken uit te besteden aan Tribuut. Daarvoor loopt nu een voorbereidingstraject. Belangrijk onderdeel daarin zijn natuurlijk de financiële consequenties. De begroting voor Tribuut 2023 e.v. wordt ruim voor de definitieve besluitvorming in gemeente Brummen opgemaakt. Daarom is gekozen voor een bijlage met de financiële consequenties op hoofdlijnen. Op deze wijze kunnen we een kostenindicatie geven voor gemeente Brummen naar aanleiding van de meest recente begroting en tevens een idee geven over de financiële impact voor de huidige deelnemende gemeenten. Uitgangspunten Bij het doorvoeren van deze begrotingswijziging zijn we uitgegaan van een aanpassing van de directe lasten met 7%, daar het aantal inwoners en het aantal objecten ca. 7% toeneemt bij Tribuut. Dit betreft de automatiseringskosten, drukwerk, post, etc. Er komt geen direct personeel over van gemeente Brummen naar Tribuut naar aanleiding van deze overgang. Tribuut heeft de teams op dit moment zo ingericht dat het mogelijk lijkt om met de huidige formatie deze werkzaamheden op te kunnen vangen. Wel is de capaciteit voor inhuur verhoogd om de piekperiode en eventueel extra werk op te kunnen vangen.
De verdeling van de kosten naar de deelnemende gemeenten gebeurt op basis van ‘maatstaven’. Deze geven een goed meetbare indicatie van de werkverdeling en daarmee de kosten. Deze maatstaven worden toegepast op de kosten per programma. De programma’s komen overeen met de teams binnen Tribuut. De staf en het MT zijn toebedeeld aan Overhead. Samen met gemeente Brummen zijn de maatstaven ingeschat. Uitgangspunt hierbij zijn de toepassing van belastingen die gemeente Brummen beleidsmatig heeft vastgesteld. Bij de wijze van uitvoering gaan we er vanuit gemeente Brummen zich conformeert aan de werkwijze van Tribuut. Dat is een voorbarige conclusie, want uit de voorbereiding van de overdracht van de werkzaamheden moet nog blijken of dat werkelijk het geval is. Wensen van gemeente Brummen in de uitvoering kunnen nog aanleiding geven tot het wijzigen van de werkwijze en daarmee ook de maatstaven. Deze begroting moet dus als indicatief worden beschouwd.
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
31
De maatstaven van de huidige deelnemende gemeenten en van Brummen zien er dan als volgt uit. Verdeelsleutel
Apeldoorn Epe
Lochem
Voorst
Zutphen
Brummen Totaal
# Woning
78.974
15.726
16.252
10.805
24.474
10.023
156.254
# Niet Woningen
7.052
1.828
2.417
1.666
2.068
975
16.006
Proceskostenvergoeding
€ 232.629
€ 52.842 € 54.599
€ 29.728
€ 100.730
€ 18.240
€ 488.768
#WOZ bezwaren
1.589
359
478
305
767
198
3.696
# Aanslagregels totaal
359.278
85.973
84.531
48.076
110.231
36.849
724.938
# Inlezen/verwerken
91.917
32.598
45.445
21.223
22.885
38.493
252.561
# Stuf-Vordering
8.809
2.022
2.103
1.148
7.666
1.157
22.905
# Controle grondslagen
10.049
706
887
221
3.402
200
15.465
# Biljetten
94.615
20.604
22.459
14.922
33.581
10.850
197.031
# Heffen bezwaren
249
89
111
50
360
55
914
# KWS verzoeken
3.773
336
415
212
1.209
78
6.023
Dwanginvordering
€ 427.077
€ 45.904 € 55.417
€ 36.602
€ 130.330
€ 25.466
€ 720.796
# Klantcontacten
15.864
2.963
1.931
5.874
240
30.210
3.338
Aangepaste begroting De begroting voor 2023 is aangepast zoals aangegeven in de uitgangpunten en verdeeld volgens de hierboven benoemde maatstaven. Programmabegroting (x € 1.000) 2023
2024
2025
2026
1.1: Waarderen
€ 2129 € 2171 € 2211 € 2252
1.2: Gegevensbeheer WOZ
€ 1301 € 1338 € 1372 € 1408
1.3: Heffen
€ 1115 € 1150 € 1183 € 1218
1.4: Invordering
€ 1241 € 1206 € 1241 € 1278
1.5: Frontoffice
€ 826
Totaal
€ 6611 € 6684 € 6847 € 7015
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
€ 819
€ 839
€ 860
32
Bijdragen gemeenten
2023
2024
Apeldoorn
€ 3289 € 3321 € 3403 € 3487
Epe
€ 661
€ 669
€ 685
€ 702
Lochem
€ 738
€ 748
€ 766
€ 785
Voorst
€ 454
€ 460
€ 471
€ 483
Zutphen
€ 1144 € 1155 € 1182 € 1211
Brummen
€ 326
Totaal
€ 6611 € 6684 € 6847 € 7015
€ 331
2025
€ 340
2026
€ 348
Tot slot Mogelijk draagt gemeente Brummen al rond de zomer van 2022 de werkzaamheden over aan Tribuut, startende met de herwaardering van de objecten. Mocht dat werkelijkheid worden, dan zal een separaat voorstel worden gedaan wat betreft de bijdrage aan de GR. Alle eenmalige kosten voor de voorbereiding en specifieke kosten die direct aan de deelname van gemeente Brummen kunnen worden gelinkt, zullen direct bij gemeente Brummen in rekening worden gebracht. Dat is ook reëel omdat de kosten van de opstart van Tribuut volledig door de huidige deelnemende gemeenten zijn opgebracht.
Concept toekomstplan en begroting 2023-2026
33