CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

388315 Kader uitwerking van besteding extra middelen jeugdzorg

Gemeenteraad 13 oktober 2022, gemeente EpeBij agendapunt: Hamerstuk: Kader uitwerking extra middelen jeugdzorg2.681 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beleidskader

Uitwerking van de besteding van extra middelen jeugdzorg.

September 2022

1

Inleiding Aanleiding Sinds 2017 hebben veel gemeenten oplopende tekorten in de Jeugdzorg. In 2019 zijn er daarom tot en met 2021 incidenteel extra middelen beschikbaar gesteld door het Rijk. Ook hebben het Rijk en de VNG afgesproken een onderzoek uit te voeren naar of, en zo ja in welke mate, gemeenten structureel extra middelen nodig hebben voor de jeugdzorg. Uit het onderzoek ‘Stelsel in groei. Een onderzoek naar financiële tekorten in de jeugdzorg’, uitgevoerd door AEF, blijkt dat er in 2019 op landelijk niveau een tekort is van in totaal €1,6 tot €1,8 miljard. Gemeenten konden nog wel doelmatigheidswinst boeken, maar de mogelijke besparing die dat oplevert is veel lager dan de tekorten.

Hervormingsagenda Het huidige jeugdstelsel is niet houdbaar. Niet alleen stijgen de kosten zo hard dat de betaalbaarheid van de jeugdhulp onder druk komt te staan, ook de kwaliteit van zorg en ondersteuning staat onder druk. Er is urgente problematiek in de jeugdzorg zoals wachtlijsten voor specialistische hulp, de afbouw van residentiële jeugdzorg (jeugdzorg in instellingen) naar meer huiselijke opvang en de verbetering van zorg aan gezinnen waar veiligheid in het geding is. Daarnaast hebben we momenteel te maken met een groot tekort aan (jeugd)zorgmedewerkers. Uit onderzoek komt naar voren dat dit tekort in de toekomst verder zal toenemen. Dat vraagt om een breed gedragen plan voor de verbetering van de jeugdzorg. Het Rijk en de VNG hebben daarom afgesproken een hervormingsagenda op te stellen met als doel betere en tijdige zorg en ondersteuning te bieden en een beheersbaar en duurzaam financieel stelsel te creëren.

Het ministerie van VWS, zorgaanbieders, cliënten(vertegenwoordigers), professionals en de VNG werken samen aan een hervormingsagenda, rondom de thema’s: • Reikwijdte en preventie • Toegang • Kwaliteit en effectiviteit • Kennis, leren en ontwikkelen • Regionalisering • Inkoop en administratieve lasten • Data en monitoring Strikte randvoorwaarden voor de hervormingsagenda is structurele financiering door het kabinet om de maatregelen voortkomend uit de hervormingsagenda ook uit te kunnen voeren.

Extra middelen Omdat veel gemeenten grote tekorten hadden en moesten bezuinigen op andere voorzieningen, was er op korte termijn financiële compensatie nodig. Aangezien de VNG en het Rijk, in afwachting van de kabinetsformatie, het niet eens werden over compensatie voor de tekorten, is een arbitragecommissie ingeschakeld. De uitspraak van de arbitragecommissie was dat het Rijk gemeenten in 2022 dient te compenseren voor het feitelijke tekort op de uitgaven voor de jeugdzorg. Daarnaast moeten gemeenten en het Rijk aan de slag met de uitvoering van de hervormingsagenda. Na 2022 moet het Rijk gemeenten blijven compenseren voor de tekorten, waarvan de verwachte opbrengsten van maatregelen uit de hervormingsagenda mogen worden afgetrokken. Op basis van de uitspraak van de arbitragecommissie heeft het vorige kabinet besloten voor 2022 in totaal €1,6 miljard extra beschikbaar te stellen. Deze middelen zijn toegevoegd aan het gemeentefonds. Ze zijn niet geoormerkt. De gemeente Epe ontvangt in 2022 € 2.105.350,-.

2

In het nieuwe regeerakkoord zijn extra middelen voor 2023 opgenomen, met aftrek van de besparing die de maatregelen uit de hervormingsagenda kunnen opleveren, naar het oordeel van de arbitragecommissie. Belangrijk is dat de effecten van deze maatregelen goed worden gemonitord om te toetsen of de Rijksfinanciering aan gemeenten voor de Jeugdzorg in de loop van de tijd kan worden afgebouwd. Voor 2024 en 2025 zijn echter al grotere besparingen ingeboekt. Het Rijk wil daarvoor aanvullende besparende maatregelen nemen, zoals mogelijk het landelijk opstellen van normen met betrekking tot de behandelduur van een zorgtraject en/of het introduceren van een eigen bijdrage. Deze extra bezuiniging zette volgens de VNG de bedoeling en de uitvoering van de Hervormingsagenda onder druk. De VNG had hierop haar inzet voor de hervormingsagenda opgeschort, tot er een principeafspraak was gemaakt met het nieuwe kabinet. Het kabinet heeft uiteindelijk aangekondigd dat de ingeboekte besparingen niet ten laste van gemeenten mogen komen. De hervormingsagenda heeft inmiddels veel vertraging opgelopen en wordt eind 2022 verwacht. In de decembercirculaire van 2022 moet er meer duidelijkheid over de structurele financiële middelen in de toekomst komen.

Situatie gemeente Epe De Gemeente Epe werkt met een budget sociaal domein, waaronder Jeugdzorg en Wmo vallen. Momenteel blijft de gemeente binnen dit budget. Tekorten in de jeugdzorg worden gecompenseerd door een overschot binnen de Wmo. De gemeente Epe heeft daarmee, in tegenstelling tot de meeste gemeenten, geen tekort binnen het sociaal domein. (Afgezet tegen de middelen die sinds de decentralisatie van de taken jeugdzorg en Wmo in 2015 van het rijk worden ontvangen) De extra Rijksmiddelen hoeven in Epe dus niet ingezet te worden om huidige begrotingstekorten aan te vullen. Wel is de verwachting dat er de komende jaren tekorten ontstaan door de toenemende vraag naar zowel Jeugdzorg als Wmo. Het tekort van de Jeugdzorg kan dan niet meer gecompenseerd worden met een overschot binnen de Wmo. De oorzaken hiervan zijn onder andere vergrijzing, de invoering van het abonnementstarief in de Wmo en de toegenomen complexiteit van hulpvragen. Vanaf 2023 verwachten we dit effect al te zien. Met de extra middelen jeugdzorg is het mogelijk verder oplopende tekorten in de jeugdzorg op te vangen, uitvoering te geven aan de landelijke hervormingsagenda en te investeren in preventieve, voorliggende voorzieningen die bijdragen aan het welzijn van onze inwoners. Hiermee verwachten we op termijn de instroom in de Jeugdzorg en Wmo te kunnen beperken.

Zo kan ook in Epe de kwaliteit van de jeugdzorg verder worden verbeterd en worden gewerkt aan de beheersbaarheid van de kosten. De gemeente Epe onderschrijft daarmee de doelstelling van de hervormingsagenda en investeert in de uitvoering ervan.

Aanpak In de huidige programmabegroting 2022 – 2025 zijn de extra Rijksmiddelen opgenomen, maar zijn de middelen niet nodig om de begroting sociaal domein sluitend te krijgen. Hiertegenover is ter grootte van hetzelfde bedrag een stelpost opgenomen om extra uitgaven te kunnen doen. In de programmabegroting 2022 – 2025 is opgenomen dat de middelen in eerste instantie worden ingezet voor de specifieke jeugdzorgkosten, zoals stijgende kosten door meer inzet van jeugdzorg in verband met complexere casuïstiek, nieuwe contracten met jeugdbeschermingsorganisaties, CAO-stijgingen en verbeterde regievoering vanuit de gemeente. Ook uit de landelijke hervormingsagenda 2022-2028 zullen specifieke jeugdzorgkosten voortkomen. Er gaan al jaren geluiden op dat het jeugdstelsel niet goed functioneert en niet toekomstbestendig is. Om de jeugdzorg te verbeteren is een transformatie nodig, waar met de hervormingsagenda aan wordt gewerkt. Normaliseren is bijvoorbeeld één van de thema's in de hervormingsagenda om een grondige wijziging in het jeugdstelsel te kunnen realiseren. Onder normaliseren verstaan we het versterken van de kracht van gezinnen, het verstevigen van hun sociale netwerk en het niet onnodig problematiseren van opvoedvragen. Hierbij gaan we uit van de

3

jeugdige en zijn behoeften. Het versterken van het gewone leven van jeugdigen moet meer centraal komen te staan, ook wanneer er sprake is van een complexe situatie. Meer inzetten op preventieve activiteiten draagt bij aan normaliseren. De middelen worden daarom ook ingezet voor preventie in het sociaal domein, zoals is opgenomen in de begroting. Daarmee wordt bijgedragen aan de ambities uit de sociale agenda. Samen met uitvoeringspartners is geïnventariseerd welke preventieve activiteiten het meest kunnen bijdragen aan de doelstelling. Met dit beleidskader wordt uitvoering gegeven aan de meerjarenbegroting 2022 - 2025. We sluiten aan op de Sociale Agenda (vastgesteld door de gemeenteraad op 9 december 2021), zodat inzet van de middelen bijdraagt aan de gemeentelijke ambities in het sociaal domein. Dit beleidskader is van toepassing op de extra middelen Jeugd die de gemeente van het Rijk ontvangt vanaf 2022. In 2023 ontvangt Epe in elk geval € 2.400.000 en met de provincie, het Rijk en de VNG is afgesproken dat er in de begroting voor de jaren 2024, 2025 en 2026 alvast middelen mogen worden opgenomen. Vanaf 2024 zijn de bedragen onzeker en zullen de beschikbare middelen naar verwachting lager worden, maar er zullen wel structureel extra middelen beschikbaar komen.

Niet bestede middelen worden daarom in een nieuw te creëren reserve ‘hervorming jeugdzorg/Wmo’ gestort, zodat ze beschikbaar blijven voor besteding binnen dit kader. Zo kunnen de verwachte kosten ook gedekt worden in de jaren dat de middelen lager uitvallen. Natuurlijk worden de beschikbare middelen, inzet van de middelen en de uitgaven binnen de Jeugdzorg gemonitord, zodat indien nodig aanpassingen kunnen worden gedaan. Deze aanpassingen worden meegenomen in de begroting. Over de uitvoering van dit kader zal dan ook via de planning en control cyclus gerapporteerd worden.

Doel Kwalitatief beter en betaalbare zorg en ondersteuning voor onze inwoners door, in lijn met de meerjarenbegroting 2022 – 2025 en de Sociale Agenda, te investeren in : 1. Noodzakelijke Jeugdzorgkosten en kosten voor de hervorming van de Jeugdzorg, binnen de laag ‘Zorg en Ondersteuning’ 2. Versterken van de ‘Basisinfrastructuur’ met preventieve voorzieningen gericht op het verhogen van het welzijn en het voorkomen van zorgvragen binnen de Jeugdzorg en Wmo en bijbehorende uitvoeringskosten De extra middelen Jeugdzorg/Wmo worden besteed binnen het sociaal domein en binnen de kaders van de Sociale Agenda.

Inzet middelen De definitieve bijdrage van het rijk is nog niet bekend vanaf 2024. Dat betekent dat we uitgaan van voorlopige indicaties. Dat geldt voor alle vermelde bedragen ‘2024 en verder’ bij de diverse onderwerpen. De beschikbaarstelling van de bedragen vindt plaats bij de besluitvorming van de begroting.

Zorg en ondersteuning De middelen worden in eerste instantie ingezet voor noodzakelijke kosten binnen de laag ‘Zorg en Ondersteuning’ uit de Sociale Agenda, oftewel wat in de programmabegroting 2022 – 2025 specifieke jeugdzorgkosten genoemd wordt. Dit zijn kosten die voortkomen uit de landelijke hervormingsagenda, de toename van de complexiteit van zorgvragen binnen de Jeugdzorg en een stijging van de

Sociale Agenda: “Vanuit de Wmo en Jeugdwet bieden we zorg en ondersteuning aan inwoners die dat nodig hebben, zodat inwoners kunnen meedoen in de samenleving en kinderen en jongeren zich goed kunnen ontwikkelen.” 4

Jeugdzorgkosten (bijvoorbeeld door nieuwe contracten of CAO-wijzigingen). We voeren de hervormingsagenda niet zo minimaal mogelijk uit, maar zetten volop in op noodzakelijke hervormingen, om zowel de kwaliteit van de Jeugdzorg te verhogen als de kosten in de toekomst beheersbaar te houden. 2022

2023 € 100.000

Hervormingsagenda

2024 en verder € 100.000 per jaar

Omdat de hervormingsagenda nog niet is vastgesteld en de inhoud nog niet volledig bekend is, anticiperen we hierop door jaarlijks €100.000 te reserveren voor kosten die voortvloeien uit de hervormingsagenda. We voeren de hervormingsagenda niet zo minimaal mogelijk uit, maar zetten volop in op noodzakelijke hervormingen, om zowel de kwaliteit van de Jeugdzorg te verhogen als de kosten in de toekomst beheersbaar te houden. Daar dragen niet alleen deze middelen aan bij, maar ook de middelen voor versterking van de toegang en alle middelen voor preventie. Een aantal onderwerpen gaat bovendien bekostigd worden vanuit SPUK-middelen (=specifieke uitkeringen vanuit het Rijk); deze kosten gaan dan niet ten laste van de extra middelen jeugdzorg. € 458.000

Toename kosten maatwerkvoorzieningen

€ 600.000 per jaar

We zien de laatste jaren een stijging in de jeugdzorgkosten. Het aantal trajecten en het aantal kinderen in zorg is relatief stabiel, maar de kosten van de trajecten stijgen. Dit komt aan de ene kant omdat de zorgbehoefte complexer is geworden, waardoor trajecten langer of intensiever worden ingezet. Aan de andere kant zien we een stijging door indexering van de tarieven. In de meerjarenbegroting 2023 – 2026 gaan we uit van een stijging van de kosten in het sociaal domein bovenop de indexering van €458.000. Deze extra zorgkosten dekken we uit de Rijksmiddelen Jeugd. Voor de jaren vanaf 2024 rekenen we op een bijdrage van € 600.000 van de Rijksmiddelen Jeugd ter dekking van de stijgende zorgkosten. Het is niet goed te monitoren in hoeverre de maatregelen uit dit kader op termijn exact gaan bijdragen aan een afname van de zorgkosten, vandaar dat we hiervoor een vast bedrag beschikbaar stellen. Versterking toegang Jeugd en regievoering

€ 62.000

€ 257.000

€ 407.000 per jaar

Om de inzet van kwalitatief goede Jeugdzorg in de toekomst mogelijk te blijven maken, terwijl de complexiteit toeneemt, is een extra investering nodig in de toegang en voor regievoering. Met de complexere jeugdzorgvragen en de langere wachtlijsten bij zorgaanbieders zien we dat de toegangsmedewerkers van het CJG meer tijd besteden aan een gezin. Ook de uitwerking van de Gelderse Verbeteragenda en het personeelstekort bij Gecertificeerde Instellingen leiden tot een werkverschuiving richting de lokale toegang. Uit een vergelijking met andere toegangsteams jeugd blijkt dat onze toegangsmedewerkers veel minder tijd hebben per gezin, terwijl de ambitie juist is dat zij per gezin meer tijd vrijmaken om te werken aan normaliseren en de werkwijze van de Nieuwe Route, zoals is opgenomen in de Sociale Agenda. Daarom versterken we het toegangsteam. Vanwege de hoge werkdruk is in 2022 al geld beschikbaar gesteld, om wachtlijsten bij de toegang te beperken. Tijdelijke middelen voor de toegang jeugd, die vanuit het project ‘grip op zorg’ tot en met 2023 beschikbaar zijn, maken we structureel. Daarnaast zetten we de middelen in om de regievoering op het CJG te versterken en het contractmanagement richting zorgaanbieders uit te breiden.

Zo blijft het ondanks de stijgende zorgvraag mogelijk om te sturen op een goede, integrale samenwerking tussen alle bij jeugdigen en gezinnen betrokken partijen en op kwalitatief goede en doelmatige zorg bij zorgaanbieders.

5

Basisinfrastructuur De middelen worden daarnaast ingezet voor preventie, oftewel binnen de laag ‘Basisinfrastructuur’ uit de Sociale Agenda. Het doel is het versterken van de basisinfrastructuur met preventieve voorzieningen gericht op het verhogen van het welzijn en het voorkomen van instroom in de Jeugdzorg en Wmo. Dit draagt bij aan normaliseren, één van de doelen van de hervormingsagenda en van de Jeugdwet. Er zijn al veel voorliggende voorzieningen, maar door de toegenomen vraag wordt hier steeds meer gebruik van gemaakt en is uitbreiding wenselijk. Bovendien kunnen er nieuwe, ontbrekende voorzieningen worden toegevoegd en kan de vindbaarheid en samenwerking van de voorzieningen verbeterd worden. We sturen op het (door)ontwikkelen van deze voorzieningen om

Sociale agenda: “We streven naar een situatie waarbij er zoveel mogelijk algemene voorzieningen worden ingezet voor inwoners met een hulpvraag. Van deze voorzieningen kan namelijk iedereen gebruik maken. Daardoor kunnen problemen vroegtijdig gesignaleerd worden en kan er ook vroegtijdig geïntervenieerd worden.” zorgvragen te voorkomen. Uit het AEF onderzoek blijkt dat de inzet op preventie in de Jeugdzorg niet altijd tot de verwachte financiële opbrengsten leidt en dat meer onderzoek nodig is naar de opbrengsten. We koppelen daarom niet direct een financiële besparing aan de inzet op preventie, maar monitoren de effecten zo goed mogelijk. 2022

2023 € 369.000

Preventie: voorkomen van zorgvragen van jeugdigen en hun gezin

2024 en verder € 384.000 per jaar

Door het uitbreiden van jongerenwerk, schoolmaatschappelijk werk en steunouder (gezinsondersteuning door vrijwilligers) kunnen er meer jeugdigen en gezinnen gemakkelijk lichte ondersteuning krijgen en blijft de verhouding tussen voorliggende voorzieningen en zorg meer in balans. Daarnaast implementeren we nieuwe voorliggende voorzieningen waarvan de aanpak bewezen is, zoals voorzorg (prenatale verpleegkundige huisbezoeken bij kwetsbare aanstaande ouders) en een anti-pestprogramma. Ook ontwikkelen we een nieuwe voorliggende voorziening op individuele begeleiding vanuit de Jeugdzorg, om gezinnen sneller en eenvoudiger te kunnen ondersteunen, en nemen we een PM-post op voor een scheidingsloket en een locatie voor jongerenwerk. Zoals opgenomen in de programmabegroting 2022 – 2025 wordt ten slotte het jeugdgezondheidsprogramma Jongeren Op Gezond Gewicht voortgezet. Preventie: voorkomen van zorgvragen voor maatschappelijke ondersteuning

€ 58.000

€ 113.000

€ 113.000 per jaar

Ook zorgvragen van volwassenen binnen de Wmo nemen toe, waardoor het ook voor volwassenen belangrijk is voldoende voorliggende voorzieningen beschikbaar te houden. Daarom breiden we het algemeen maatschappelijk werk uit en implementeren we Welzijn op Recept (inzet van een welzijnscoach voor toeleiding naar welzijnsvoorzieningen voor mensen met psychosociale of psychosomatische klachten). In de begroting 2022 – 2025 is al opgenomen dat de Rijksmiddelen jeugd vanaf 2022 worden ingezet voor Welzijn op Recept. € 90.000

Uitvoeringskosten

€ 90.000 per jaar

De uitvoering van dit beleidskader brengt uitvoeringskosten met zich mee. Voor sturing op het beoogde effect van preventieve voorzieningen en monitoring hiervan, is beleidscapaciteit nodig. Daarnaast wordt de beleidscapaciteit ingezet om de vindbaarheid en toegankelijkheid van de voorzieningen te verbeteren en de samenwerking tussen de verschillende partijen in de uitvoering

6

te bevorderen. Zo worden meer mensen bereikt en kan sneller de juiste preventieve voorziening worden ingezet.

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11830677/1