356540 Informatienota Rapport Niet-gebruik van de algemene bijstand
Tekst van het document
Informatienota Raad Onderwerp
Rapport Niet-gebruik van de algemene bijstand
Programma
10 - Weer aan het werk
Datum
26-10-2021
Portefeuillehouder
Dhr. E. Visser
Zaaknummer
356540
Adviseur
Lisanne Pol-Wielens
Afdeling
Samenleving
Telefoonnummer
614
E-mail adres
lisanne.pol@epe.nl
Bijlage(n)
KENNISNEMEN VAN van het rapport Niet-gebruik van de algemene bijstand inclusief de begeleidende e-mail van de Inspectie SZW.
INLEIDING In april 2021 heeft de Inspectie SZW een onderzoek gepubliceerd over het niet-gebruik van de algemene bijstand. De Inspectie vindt het zorgelijk dat veel huishoudens als gevolg van niet-gebruik van de bijstand onder het sociaal minimum uitkomen en roept daarom op tot een meer proactieve aanpak van niet-gebruik. De inspectie heeft verzocht dit rapport en de begeleidende mail onder uw aandacht te brengen. Deze vindt u in de bijgevoegde bijlagen.
KERNBOODSCHAP Belangrijkste conclusies Inspectie SZW In het rapport trekt de Inspectie SZW onder meer de volgende conclusies: • 170.000 (35%) huishoudens maken geen gebruik van algemene bijstand terwijl ze er wel recht op hebben. • 320.000 (65%) huishoudens doen dat wel. • Een kwart van de niet-gebruikende huishoudens heeft geen inkomen. • De groep niet-gebruikers met inkomen is niet altijd in beeld als risicogroep. Er is relatief weinig aandacht voor niet-gebruik algemene bijstand. • De aanpak op niet-gebruik algemene bijstand lijkt vooral gericht op informatieverstrekking; soms worden nietgebruikers wel proactief opgezocht. • In de aanpak ervaren gemeenten de volgende obstakels: identificeren van niet-gebruikers lastig in relatie tot privacywetgeving (AVG), Participatiewet is ingewikkeld en de zoekperiode voor jongeren speelt een rol. • Inkomen ten opzichte van bijstandsnorm is sterkste voorspeller van niet-gebruik. • Niet-gebruik fors hoger naarmate het inkomen stijgt ten opzichte van de bijstandsnorm. • Niet-gebruik is het hoogst bij jongeren onder de 27 jaar en daalt bij oplopen leeftijd. • Niet-gebruik is hoog onder Europese migranten. • Niet-gebruik is hoogst onder zelfstandigen. • Van de totale groep niet-gebruikers is 33% langdurig niet-gebruiker (langer dan 1 jaar). Zij zijn ouder en hebben vaker een inkomen dan de totale groep niet-gebruikers.
Bestuurlijke reactie VNG/Divosa (is als bijlage bij het rapport toegevoegd) De VNG en Divosa vinden het percentage niet-gebruik hoog voor een regeling die het laatste vangnet hoort te zijn voor mensen die onder het minimum dreigen te raken. Dat baart zorgen, maar roept ook vragen op. Ze zijn vooral benieuwd naar het verhaal achter de cijfers en pleiten voor nader onderzoek. Als daar meer inzicht in is, kan met alle betrokkenen bekeken worden welke vervolgacties nodig zijn. Vooruitlopend op de uitkomsten van een nader onderzoek hebben de
VNG en Divosa al wel een aantal denkrichtingen geformuleerd als het gaat om vervolgacties die gemeenten, het Rijk en werkgevers kunnen ondernemen om het niet-gebruik te reduceren. Wat kunnen gemeenten doen? Gemeenten zouden volgens de VNG en Divosa de mogelijkheden voor bestandskoppeling kunnen benutten. Een eerste stap zou daarbij kunnen zijn de jongeren zonder werk en uitkering in de leeftijd van 23 tot 27 jaar. Ook wordt gepleit om te zoeken naar balans tussen doelmatigheid en bestaanszekerheid bij de aanvraag voor een uitkering. Tenslotte wordt als derde denkrichting genoemd het geven van voorlichting aan vooral jongeren omdat zij niet altijd bekend zijn met de bijstand. Wat doen we al? We zijn net als de VNG en Divosa benieuwd naar het verhaal achter de cijfers en de resultaten van het vervolgonderzoek. Vooruitlopend op de resultaten van het vervolgonderzoek hebben we geïnventariseerd in hoeverre ons huidige beleid en onze huidige uitvoeringspraktijk al aansluiten bij de geformuleerde denkrichtingen voor vervolgacties door gemeenten. De uitvoering van de Participatiewet heeft gemeente Epe belegd bij de gemeente Apeldoorn. In onze dienstverleningsovereenkomst met gemeente Apeldoorn staat opgenomen dat er wordt gewerkt vanuit het vertrouwen dat de inwoner de afspraken nakomt en de juiste informatie aanlevert die gevraagd wordt.
In de praktijk leidt dit principe ertoe dat gemiddeld 65% van de bijstandsaanvragen in 2 dagen wordt afgehandeld. Bij complexere aanvragen, het ontbreken van informatie of inconsistentie in het verhaal van de aanvrager neemt de afhandeling meer tijd in beslag. Door de uitvoering van de steunmaatregelen Tozo (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers) en de TONK (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten) hebben we meer zicht gekregen op de ondernemers en huishoudens die het (tijdelijk) financieel moeilijk hebben. We blijven deze inwoners informeren over de inkomensondersteunende mogelijkheden vanuit de gemeente. Daarnaast biedt onze wettelijke taak per 1 januari 2021 op het gebied van vroegsignalering van schulden kansen als het gaat om voorlichting over het niet gebruik van algemene bijstand en andere inkomensondersteunende maatregelingen. Hier is in de uitvoering van vroegsignalering ook aandacht voor. Wat gaan we nog doen? We vinden het belangrijk om jongeren met een (risico op) afstand tot de arbeidsmarkt vroegtijdig in beeld te krijgen en te houden. Daarom hebben we in de begroting voor 2022 voorgesteld om hier extra op in te zetten. We willen jongeren eerder (voordat zij zichzelf melden) kunnen ondersteunen op weg naar zelfredzaamheid, scholing, werk of dagbesteding.
De Inspectie geeft in het rapport ook aan dat het niet om niet-gebruik in geïsoleerde zin gaat, maar ook om een actieve rol van de overheid in een samenhangende benadering van bestaanszekerheid. Daar hoort ook hulp bij het vinden van een baan of passende scholing bij, zeker als het gaat om jongeren die hun hele toekomst nog voor zich hebben.
COMMUNICATIE We informeren onze inwoners zoveel mogelijk over de inkomensondersteunende maatregelen vanuit de gemeente en het Rijk. Dit doen wij samen met onze samenwerkingspartners zoals het Formulierenteam.
VERVOLG In afwachting van het vervolgonderzoek door de Inspectie SZW bepalen we of en welke nadere vervolgacties nodig zijn om het niet-gebruik van algemene bijstand te reduceren. We informeren u dan opnieuw over de eventueel te nemen vervolgacties.