2024-01-11 Beantwoording technische vragen D66 over Woonagenda
Tekst van het document
Technisch vragen en technische feedback over de concept woonagenda Gemaild naar : Tineke Olieman, Martijn Kerkmans en griffie Op 9 januari 2024 Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Voorpagina/branding
Vraag : Mogen we er vanuit gaan dat als dit bij inwoners ter inzage ligt, dat de branding van de gemeente hierop gezet wordt? Voor ons voelt het wat raar om de branding van Companen, inclusief hun payoff (waarvan nu lijkt of het de (onder)titel van het stuk is) te gebruiken in dit stuk naar buiten brengen.
Antwoord: De versie van de Woonagenda die ter inzage wordt gelegd wordt inderdaad voorzien van het logo van de gemeente Epe.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 4, Samenvatting
Vraag : Hier wordt de nieuwe woonagenda benoemd als een visie, in de huidige woonagenda wordt de woonagenda veel meer benoemd als een woonbeleid. Vanwaar dit verschil in richting? Ook de naam “agenda” wekt bij ons vragen op (zoals eerder ook al in vergaderingen benoemd). In een agenda zou je wat ons betreft veel meer een planning/stappenplan verwachten, enkel “1789 woningen in 2030” lijkt onvoldoende.
Antwoord: Voor de duidelijkheid verwijderen we voor terinzagelegging de term “visie”. Woonagenda is de gebruikelijke term die landelijk en gemeentelijk wordt gehanteerd. 1789 woningen is niet het enige wat benoemd wordt. De woonagenda gaat daarnaast ook over Bijvoorbeeld voldoende betaalbare woningen, gevarieerde wijken en woonvormen.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 12, Hoe gaan we dit realiseren, punt 4
Vraag : Eerder zijn alle sleutelprojecten genoemd als zijnde ’t Slath, Zuukerenk en Kerkenland. Waarom wordt hier nog maar één sleutelproject specifiek genoemd?
Antwoord: Het gaat op pagina 12 specifiek over de toegekende Rijksgelden vanuit de Woningbouwimpuls voor de realisatie van sleutelproject ’t Slath in Epe.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 14 Tiny houses
Vraag : Halverwege de tweede kolom wordt een definitie geschreven van Tiny Houses. Terwijl later in het stuk wordt aangegeven dat de precieze definities van de nieuwe woonvormen nog beschreven moeten worden. Wat is waar? Als we deze definitie van pagina 14 al als “hard” zouden gaan zien, dan zou daar wat ons betreft wat aan mogen veranderen. Een groot onderdeel wat mist in de hier genoemde definitie, is dat tiny houses zelfvoorzienend zouden moeten zijn. Zie ook de motie van maart 2022 waar in de stukken al naar verwezen wordt, daar is zelfvoorzienend als kenmerk opgenomen. Een tiny house is meer dan alleen een “klein huis”, het is een keuze in manier van leven.
Antwoord: We zullen “o.a. zelfvoorzienend” toevoegen achter ecologische voetafdruk. Zoals aangegeven worden de definities nog verder uitgewerkt.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 14 Vergrijzings trend, aanbod voor senioren, start bij punt 2
Vraag : De vergrijzing is één van de meest voorspelbare demografische ontwikkelingen. Er wordt wat ons betreft te weinig aandacht gegeven aan wat inmiddels volksziekte nummer 1 is: dementie. 1 op de 5 van ons gaan daar zelf aan (over)lijden. (1 op de 7 mannen, 1 op de 3 vrouwen). In het stuk wordt wel gesproken over zaken als fysieke beperkingen bij het ouder worden en er wordt ook over levensloopbestendige woningen gesproken. Ook in dat laatste geval gaat het normaal gezien vaak over zaken als gelijkvloerse woning, specifieke inrichting voor fysieke zaken. Dit terwijl bij levensloopbestendigheid van de woning ook naar het mentale welzijn van de inwoner gekeken kan worden. Niet alle dementerende mensen hebben direct intensieve zorg nodig en daarom is alleen de link met de woonzorgagenda onvoldoende. De woonbehoefte en hoe de kwaliteit van leven te verbeteren van de dan oudere inwoners waarvan 20% dementie krijgt, lijkt onvoldoende onderzocht door onze gemeente. Daar is wel veel informatie over bekend bij bijvoorbeeld Stichting Alzheimer Nederland. Dan is – met deze voorspelde aantallen - alleen een woonhofje in slechts één van onze kernen helaas niet genoeg. Als we het verkeerd zien en er wel heel erg rekening is gehouden met deze ontwikkeling, dan horen we graag hoe we dat moeten lezen.
Antwoord: 25% van de nieuwbouw moet levensloopgeschikt zijn conform de landelijke opgave. We denken dat ook mensen met dementie geholpen zijn met een levensloopgeschikte woning en aanvullende hulpmiddelen. In onze huidige woonagenda is deze groep meegenomen en in dit kader is ook onderzoek gedaan naar de omvang van deze groep. De gemeentelijke woonzorgagenda zal nog worden aangevuld en geactualiseerd en regionaal wordt op dit moment een woonzorgagenda voorbereid waarin ook de woonbehoeften van deze groep een plek krijgen.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 15 Woonzorgagenda
Vraag: Er wordt aangeven dat een en ander wordt uitgewerkt in de woonzorgagenda. Echter in de vastgestelde programma begroting staat dat de WoonZorgAgenda een plaats krijgt in de woonagenda. Waarom zit deze hier dan niet als bijlage bij? We vinden het niet kies om deze twee “agenda’s” apart van elkaar te behandelen, gezien de overduidelijke connectie. Vanwaar deze keuze?
Antwoord: We hebben al een woonzorgagenda deze is in 2021 door de gemeenteraad vastgesteld. Dit is een zelfstandig beleidsdocument.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: o.a. pagina 15 Bijzondere woonvormen – CPO
Vraag: Op meerdere plekken wordt er een voorbeeldlijstje gebruikt van wat “bijzondere woonvormen” zouden kunnen zijn : wonen in een hofje, tiny house, CPO In hoeverre is een CPO een “woonvorm” te noemen? In onze beleving zou zowel een hofjes plan als een tiny houses plan via CPO gerealiseerd kunnen worden en is dit niet per definitie een woonvorm. Wat is de achtergrond van deze keuze? Belangrijkste is natuurlijk om duidelijkheid te verschaffen in de tekst. Overigens stellen we vragen bij het gebruik van het woord “bijzonder” in deze context. Uiteindelijk gaan het om aansluiting bij behoeftes uit de maatschappij. In hoeverre willen we dat “bijzonder” noemen. Het lijkt ons de normaalste zaak van de wereld.
Antwoord: CPO is een aanpak om woningen te realiseren, geen speciale woonvorm, dat klopt. We vervangen bijzondere door “andere” woonvorm.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Document breed Ouderen vs. Senioren
Vraag: Door het stuk heen lijkt het of senioren en ouderen door elkaar gebruikt worden - wordt er wel steeds dezelfde doelgroep bedoeld? Zo ja, wordt daar een leeftijdsgrens aan gekoppeld – er zal in het behoefteonderzoek een leeftijdsgroep ingevuld zijn geweest? Om nog eens naar te kijken: de stukken waar gesproken wordt over dat senioren een eengezinswoning hebben en moeilijk te bewegen zijn om te verhuizen. Kan wat negatief uitgelegd worden als iemand in de doelgroep dit leest.
Antwoord: We zullen overal consequent de term ”senioren” laten opnemen. We zullen “moeilijk te bewegen” zijn positiever omschrijven .
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 20 Woonwagens
Vraag: Hier wordt genoemd dat de tweede voorwaarde is dat de persoon afkomstig moet zijn uit de gemeente Epe. Wordt daarmee bedoeld dat ze in onze gemeente geboren zijn (dus letterlijk afkomstig), of dat ze op het moment van aanvraag in de gemeente moeten wonen ? (Of wellicht beide)
Antwoord: De geciteerde tekst komt niet overeen met de tekst die is opgenomen in de huisvestingsverordening. We laten de tekst nog eens checken door het onderzoeksbureau.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 23 Woningsplitsing
Vraag: Er wordt aangeven dat de gemeente geen voorstander is van kavelsplitsing (waarbij een tweede woning op het erf wordt gebouwd), omdat dat niet nodig is om aan onze opgaven te voldoen? Wat is daar het verschil in met woningsplitsing?
Antwoord: We gaan onderzoeken of kavelsplitsing wenselijk is. Kavelsplitsing biedt in beginsel ruimte voor het realiseren van een tweede vrijstaande woning, dit leidt tot meer verstening dan bij woningsplitsing het geval is.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 24 – groen kader energiecoach
Vraag: Er wordt geschreven dat de energiecoach een vrijwilliger is die een kleine bijdrage wil leveren aan de energietransitie . Dat lijkt me niet correct – de energiecoaches die ik ken, willen juist graag een grote bijdrage leveren. Het bijvoeglijk naamwoord “klein” voegt hier niets toe aan de inhoud en komt zelfs wat betuttelend over richting de coaches.
Antwoord: We zullen klein uit de tekst verwijderen.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 25, hoe gaan we dit realiseren punt 4
Vraag: Randvoorwaarden van transformatie in winkelgebied – gaat dit ook over parkeren? Wel/geen eigen parkeerplek verplicht? In het algemeen missen we aandacht voor parkeerbeleid in deze woonvisie - we gaan appartementen bouwen in kernen, met parkeergarages eronder, mede specifiek voor senioren, die steeds minder gaan autorijden (waarbij onder de motivatie voor deze bouw ook nog wordt aangegeven dat ze dan dichter bij voorzieningen wonen). Ergens schuurt dat natuurlijk. Is er een tijdsindicatie te noemen voor aangepast parkeerbeleid? Zijn daar al plannen voor en hoe verhoudt zich dat tot onze visie op wonen in combinatie met het STOP principe dat leidend wordt geacht vanuit de Omgevingsvisie? We maken ons wat zorgen over een kip-ei situatie als hier niet integraal naar wordt gekeken.
Antwoord: Jazeker het gaat hier ook over parkeren. Parkeren is geregeld in het omgevingsplan, dit wordt regelmatig geactualiseerd.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 26, tweede kolom midden
Vraag: “de concentratie van sociale woningbouw in bepaalde wijken kan de leefbaarheid negatief beïnvloeden” Dit is een zeer stigmatiserende woordkeuze en we adviseren sterk om dit aan te passen. (bv simpelweg door het laatste gedeelte weg te laten en de link met de volgende zin te maken)
Antwoord: We zullen de tekst aanpassen conform de gedane suggestie.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 28 ,einde eerste kolom
Vraag: “Mocht de toewijzing aan inwoners uit de eigen gemeente langere tijd onder de 50% blijven, dan kunnen we overwegen om in gesprek te gaan… “ Wat is langere tijd precies? Wordt het dan echt alleen maar overwogen om in gesprek te gaan, of gaan we dat dan ook echt doen?
Als we eerste “langere tijd” de trend moeten kunnen zien, en dan pas gaan overwegen in gesprek te gaan en dan pas in gesprek gaan, dan wordt ondertussen het issue alleen maar groter. Voor ons mag hier meer pro activiteit spreken als deze situatie zich voor zou doen.
Antwoord: We zullen de tekst wat actiever formuleren.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 30, punt 4
Vraag: Aan elke specifieke maatregelen wordt gerefereerd? Is dat de nieuwe Maatlaat die hier bedoeld wordt? Of worden er nog extra zaken uitgewerkt voor onze gemeente?
Antwoord: Nieuwbouwlocaties moeten worden getoetst aan de maatlat en moeten voldoen aan de aan duurzaamheidseisen die worden gesteld aan nieuwbouwwoningen. Inderdaad wordt de nieuwe maatlat bedoeld.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 30, punt 5
Vraag: “ … zo ontwerpen dat deze de verkeersveiligheid bevorderen en tevens ruimte bieden voor voetgangers en fietsers” Voor een gemeente die in haar Omgevingsvisie het STOP principe heeft aangenomen als leidend bij de bouw van nieuwe wijken, is hier het woord “tevens” wat ons betreft ongepast. Voetgangers en fietsers zouden per definitie voorop moeten staan.
Antwoord: We verwijderen “tevens” uit de tekst.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 32 – woningbehoefte onderzoek
Vraag:
Kunnen we een kopie krijgen van het lokale woningbehoefte onderzoek waar aan gerefereerd wordt? Waarom worden de “migratiepatronen van afgelopen jaren” meegenomen en hoe zwaar wegen die mee? Wat zijn “de afgelopen jaren” precies. Gezien we vanaf de covid pandemie een extra influx uit het westen hebben gekregen, vragen we ons af in hoeverre dat nog steeds een actuele ontwikkeling is en of die cijfers dus wel relevant zijn.
Antwoord: We zullen dit als bijlage toevoegen bij de woonagenda. Pagina 31: t.a.v. migratiepatronen: dit is een onderzoeksvraag voor het bureau: Dit moeten wij navragen.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 36 -jaarlijkse herijking
Vraag: Is er een vast moment per jaar dat deze herijking plaatsvindt? Ontvangt de raad altijd de nieuwe cijfers?
Antwoord: We kunnen bij de jaarlijkse actualisatie zorgen voor een Infonota ter kennisgeving aan de raad. Een vast moment kunnen we niet garanderen.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 36, punt 2
Vraag: De titel van dit kopje is “waar wordt het programma gerealiseerd?”, maar wat ons verbaast, is dat daar nergens aan de omgevingsvisie wordt gerefereerd – is daar een specifieke reden voor? Daarnaast wijzen we graag op de woordkeuze “ligt de nadruk op het realiseren van appartementen” - deze woordkeuze houdt in dat initiatiefnemers met andere plannen niet alleen op deze tekst zouden kunnen worden afgewezen.
Antwoord: We voegen in de tekst toe: dit staat ook zo beschreven in de omgevingsvisie. Nadruk op appartementen? De tekst is correct. In de praktijk worden op deze locaties voornamelijk appartementen aangevraagd. Elk geval wordt individueel bekeken, er wordt nagegaan wat goed passend is op de onderhavige locatie.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 37 (vanaf) Woningbouwcategorieen
Vraag: Waarom zijn de categorieën gewijzigd van “1 tot en met 4” naar “1 tot en met 5” en van “5 tot en met 9” naar van “6 tot en met 10” en van “ vanaf 10 naar vanaf 11” ?
Antwoord: Om de 3 categorieën gelijk te trekken. De getallen voor uitbreiding weken af van die bij transformatie en inbreiding. Het is handiger rekenen met even aantallen in combinatie met percentages.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 37 (vanaf) Woningbouwcategorieen
Vraag: Waarom wordt steeds specifiek benoemd dat bij een bepaalde categorie iets “deels” omgezet mag worden naar huur in dezelfde categorie? Wat is de achtergrond dat bijvoorbeeld dat de 50% dure koop niet volledig zou omgezet kunnen worden naar dure huur? (met maximaal 55% huur, klopt dat nog steeds
Antwoord: Voor de duidelijkheid halen we “deels” uit de tekst. 50% dure koop kan wel omgezet worden naar dure huur.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 38 e.v. – moverende redenen
Vraag:
Op diverse plekken geldt een mogelijke afwijking op “moverende redenen” – zijn die beslissingen een college bevoegdheid, of wordt een afwijking altijd in de raad besloten? (ook al wordt dit voorbehoud nu al gemaakt)
Antwoord: Het college besluit om dit aan de raad voor te leggen. De raad is bevoegd gezag bij vaststellen van het omgevingsplan.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 39 - algemeen
Vraag: “behoudt het college zich het recht voor af te wijken van… “ Wat is de reden dat dit bij het college ligt en afwijkingen niet door de raad besloten worden? Artikel 4.84 van AWB spreekt over “bestuursorgaan” niet specifiek over een college van B&W. De raad is ook een bestuursorgaan.
Antwoord: Het college kan besluiten om af te wijken. De raad besluit vervolgens over de vaststelling van het omgevingsplan.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 39 - Tabel
Vraag: Waar is de categorie goedkope huur? Er wordt vooraf steeds gerefereerd aan goedkope en/of middeldure huur, waaruit blijkt dat dit twee verschillende categorieën zijn – welk prijspeil heeft goedkope huur? De twee verschillende categorieën dure koop schelen maar 5.00 euro en de twee categorieën middeldure huur zijn zelfs identiek – waarom dan toch verschillende categorieën?
Antwoord: Het betreft de betaalbare sociale huurwoningen. Het woord betaalbaar vervangen we voor de duidelijkheid naar goedkope (sociale) huurwoning.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 40 – zelfbewoningsplicht
Vraag: Waarom worden dure woningen niet onder de zelfbewoningsplicht geschaard?
Antwoord: De zelfbewoningsplicht wordt toegepast worden om de woning betaalbaar te houden. Dus dit wordt niet toegepast bij dure woningen.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 42 - Transformatie
Vraag: “buiten de kernen zijn de regels voor het buitengebied van toepassing”
In deze woonagenda wordt “buitengebied” niet als zodanig benoemd, zoals in de vorige woonagenda, waar er een alinea kort onder stond die over buitengebied ging. Ik denk dat er bedoeld wordt te verwijzen naar “voorwaarden vrijkomende (agrarische) bebouwing”
Antwoord: Goed punt: we passen dit aan in de tekst: buiten de kernen is het functieveranderingsbeleid van vrijkomende (agrarische) bebouwing van toepassing en de regeling voor nieuwe landgoederen.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: pagina 42 - Transformatie
Vraag: Uitgangspunten: verzoeken om transformatie worden positief benaderd Waarom deze woordkeuze? Worden daarmee andere verzoeken per definitie niet positief benaderd? (we denken niet) Betekent het dat het altijd goedgekeurd wordt? (we denken niet). We stellen voor dit anders te verwoorden, zodat er geen verwarring over zou kunnen ontstaan.
Antwoord: We verduidelijken de tekst: “worden in beginsel positief benaderd”.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 42 - Inbreiding
Vraag: Hoe wordt een “stedenbouwkundige gewenste aanpassing” getoetst? Wanneer is iets wel of niet gewenst?
Antwoord: Dit wordt met meerdere vakdisciplines door de Omgevingstafel getoetst. Dit is afhankelijk van de omstandigheden van het geval, waarbij o.a. gewicht toekomt aan een groene inpassing en ruimtelijke kwaliteit.
Fractie: D66
Vraag heeft betrekking op: Pagina 43 - Uitbreiding
Vraag: Onder uitgangspunten wordt heel erg de nadruk gelegd om eengezinswoningen, terwijl we eerder in het stuk juist heel veel gelezen hebben over de behoefte van meer 1- en 2-persoons huishoudens, en dat er nog best aardig wat eengezinswoningen te verkrijgen zijn als ouderen goed begeleid worden. We begrijpen dat er nog steeds nood zal zijn aan eengezinswoningen in nieuwbouwwijken, maar we begrijpen de genoemde focus hier niet. Lijkt niet te stroken met de rest van het document.
Antwoord: De tekst zoals die er staat blijft van toepassing: het accent bij uitbreidingsplannen ligt op eengezinswoningen. Het aandeel appartementen hierin neemt wel toe, maar het aandeel eengezinswoningen blijft groter.