2023-04-20 Vragen en antwoorden D66 Uitwerkingskader zon en wind
Tekst van het document
Vragen D66
1) Controle/toezicht en handhaving bij grote projecten Vraag: Welke middelen heeft de gemeente om – waar nodig – te kunnen optreden als een commerciële partij voor zon op land of in de toekomst evt windturbines zich niet aan gemaakte afspraken houdt? Zijn die dezelfde als bv een ontwikkelaar een te hoog huis bouwt (ik noem maar wat). Veel specifieker doel ik op zaken op de langere termijn. Op pagina 23 staat onder punt 14 en 15 heel specifiek iets over juridische afdwingbaarheid. Maar bijvoorbeeld een pagina eerder , onder punt 12, staat wel dat er een beheerplan moet gemaakt worden waarbij o.a. bodemkwaliteit op peil moet worden gehouden, maar daar staat weer geen juridische afdwingbaarheid. Wie gaat die bodemkwaliteit (en overige genoemde voorwaarden ook natuurlijk) dan controleren en wat kan de gemeente doen als deze NIET op peil gehouden blijkt te worden. De belangrijkste vraag hier is denk ik sowieso: zou de gemeente kunnen afdwingen dat – letterlijk – de stekker – al dan niet tijdelijk - uit die panelen gaat als alles met voeten getreden zou worden - aangezien “ze” dat het meest pijn doet? Als we dit alles nu nog niet voldoende hebben afgedekt, moet dit dan niet eerst duidelijk worden?
Antwoord: Een aantal aspecten zijn afdwingbaar via het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning. Op deze aspecten kan handhaving plaatsvinden. Dit is niet altijd mogelijk omdat bestemmingsplan en omgevingsvergunning enkel ruimtelijk relevante aspecten regelen. Echter bij het aangaan van een ruimtelijke ontwikkeling gaat het college met de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst aan. Ook in deze overeenkomst kunnen afspraken worden gemaakt die juridische afdwingbaar zijn. Als het gaat om biodiversiteit en bodemkwaliteit dan worden deze vastgelegd en gemonitord in een beheerplan. Afhankelijk van wat in dit beheerplan en de overeenkomst is opgenomen kan de gemeente aanpassing van het beheer eisen door middel van een boeteclausule.
2) Grote velden naast elkaar Vraag: In dit kader zie ik zelf geen handvaten om te voorkomen dat er meerdere grote stukken land worden opgekocht/verhuurd voor zonneparken. Als deze elk per stuk behandeld worden en per stuk aan de voorwaarden voldoen, bestaat er in theorie de kans dat er hele grote vlakken ontstaan met aansluitende zonneparken (zelfs in een nee, tenzij gebied) - als we daar geen enkele moeite mee hebben, dan soit, maar ik kan me voorstellen dat we daar in ieder geval iets van zouden willen vinden (en daarom wellicht extra voorwaarden inbouwen – bv een specifieke afstand tussen zonneparken). In grensgebieden van gemeenten wellicht ook extra aandacht hiervoor. Antwoord: Er zijn nu geen maximale oppervlakten gedefinieerd voor zonneparken. Wel wordt in het Uitwerkingskader ingegaan op de grootte. Het landschapstype is bepalend voor de grootte van het zonnepark. De opstelling moet passen binnen de bestaande kavelstructuur. Aangezien er binnen de gemeente Epe meerdere landschapstypen zijn met een kleinschalig karakter zullen zonneparken in de regel niet groter kunnen worden dan 10-25 ha. In de
Transitievisie energie en warmte ( TVEW) is een programmering opgenomen van ca. 15 ha zonnepark per bestuursperiode van 4 jaar. De inpassingseisen uit het uitwerkingskader leiden ertoe dat er sprake blijft van een afstand tussen parken. Als er een afstand wordt opgenomen tussen zonneparken leidt dat ertoe dat de gewenste clustering (omgeving Eekterveld) zoals beschreven in de Omgevingsvisie niet mogelijk is. Voor grensgebieden is vanwege ontwikkelingen in de gemeente Apeldoorn na de inspraak een gebied gewijzigd van ‘ja mits’ naar ‘nee tenzij’.
3) Rol van de raad/casus Dalfsen Vraag: In de brief van dhr Cupido namens de hele buurt wordt ons gevraagd om eens te kijken naar wat er in Dalfsen is gebeurd. Ik heb dit weekend al geprobeerd contact te leggen met het enige raadslid van D66 aldaar (maar die zit er ook net sinds vorig jaar en dit speelt al veel langer, dus ik weet niet heel zeker hoeveel wijzer hij ons kan maken), maar nog geen bericht terug gehad. Wat weet het college hier al over? Wat mij zorgen baart is dat in hun Beoordelingskader grootschalige energieopwekking van 2017 (zie bijlage) zelfs in het stroomschema op de laatste pagina beschreven staat dat de raad een en ander per project vaststelt, maar dat dit blijkbaar niet genoeg was om een specifiek plan tegen te houden (even los van de precieze casus en redenen daartoe). Antwoord: Een initiatief voor een zonnepark moet volgens het uitwerkingskader een bestemmingsplanprocedure doorlopen. Het bestemmingsplan moet voldoen aan de randvoorwaarden van het uitwerkingskader en wordt door de raad vastgesteld. De raad kan bij de besluitvorming over het bestemmingsplan gemotiveerd afwijken van het voorstel van het college. De initiatiefnemer kan echter in beroep tegen dit besluit.