2021-09-30 Inspraak reactie dhr. Van 't Einde
Tekst van het document
Geachte volksvertegenwoordigers, Ik heb de behoefte om het nodige toe te lichten en stel een aantal vragen. U hebt al een aantal afbeeldingen ontvangen, waarnaar ik zal verwijzen. Vijf minuten is kort en daarom beperk ik me tot wat hoofdlijnen en kies ik ervoor één onderwerp wat verder uit te diepen. Eerst wat vragen: 1. Waarom zijn de adviezen van regioarcheoloog Nathalie Vossen omtrent het zichtbaar maken van de grafheuvellijn niet meegenomen in de omgevingsvisie? Zie afbeelding 1. 2. Hoe zorgt u voor de bestaande archeologische monumenten, hier een afbeelding van een rijksmonument aan de Elspeterweg? Zie afbeelding 2. 3. Hoe verhoudt de Omgevingsvisie zich met de bestaande handhaving (denk aan Nonnenbos, maar ook aan situaties aan de Kortenbroekweg)? Zie afbeelding 3, 4 en 5. Te hoge hekken langs invalwegen, toch niet bepaald een visitekaartje voor onze gemeente. Dode bomen die boven de weg hangen en andere die nog maar een beetje storm nodig hebben om ook om te vallen. Niet alleen geen gezicht, maar ook gevaarlijk voor de passanten. Het verdiepende onderwerp is SprenghenParc. Allereerst begrijp ik dat ik niet de enige ben die heeft gereageerd op het gebruikte kaartmateriaal. Zie afbeelding 6.
Die reacties zijn begrijpelijk, want waar al veel weerstand bestaat tegen een stuk van die uitbreiding (SprenghenParc), laat het kaartmateriaal in de omgevingsvisie nog veel meer uitbreiding aan de westkant van de bebouwde kom van Vaassen zien. In de gesprekken over de Omgevingsvisie is steeds aangegeven dat je de bebouwde kom niet verder naar het westen moet uitbreiden en dan krijg je een dergelijk beeld voor ogen. In de toelichting wordt verwezen naar het gebruik van bestaand kaartenmateriaal uit diverse bronnen. De bebouwde kom van Vaassen kwam echter nooit tot de Kortenbroekweg. Dat roept vragen op: 4. Waar komt dit kaartmateriaal dan wel vandaan? 5. Wordt kaartmateriaal, dat in een dergelijk plan wordt gebruikt, niet eerst getoetst op actualiteit? SprenghenParc mag dan in de Woonagenda 2019-2023 genoemd worden. Hoe het daarin is gekomen is niet duidelijk, maar de omwonenden werd pas in mei 2020 een eerste schets getoond en dat was zelfs nog een concept dat nog verder moest worden uitgewerkt. Daarnaast werd al meteen een locatie genoemd, terwijl er meer en wellicht betere locaties zijn waar een dergelijk concept zou kunnen worden ontwikkeld. Ik vond het verrassend dat in de gesprekken rond de Omgevingsvisie niet over SprenghenParc mocht worden gesproken omdat “Sprenghenparc zijn eigen ruimtelijke spoor volgt, waarbij de basis ligt in de Woonagenda 20192023”.
Saillant detail is dat foto 8 nota bene in juli 2020 in een sessie over de Omgevingsvisie aan de aanwezigen werd getoond. Zie afbeelding 7. Een grote meerderheid van de aanwezigen oordeelde dat dit een passend beeld was voor onze omgeving.
6. Waarom houdt de gemeente de deelnemers een beeld voor van een situatie waarover niet mag worden gesproken? 7. Neemt de gemeenteraad het genoemde oordeel van de deelnemers over? Zo niet, waarom vraagt de gemeente iets aan de burgers, terwijl ze er niets mee gaat doen? 8. Als gemeenteraadsleden bent u goed geïnformeerd en hebt u ingestemd met deze woonagenda. Daarom aan u de vraag: Op basis van welke informatie is SprenghenParc in de Woonagenda opgenomen? 9. Wat is er sindsdien gewijzigd en wanneer? 10. Waarom is deze informatie toen er door omwonenden naar werd gevraagd niet beschikbaar gesteld? 11. Waarom mag er in de gesprekken over de Omgevingsvisie niet meer over een dergelijk plan, dat nog volop in ontwikkeling is, worden gesproken? Het is toch beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald? Overigens versterkt bovenstaande en de reactie op de vragen over de Omgevingsvisie het beeld bij de omwonenden dat de beslissing over SprenghenParc binnen de gemeente Epe al is genomen nog voordat er een ontwerp bestemmingsplan wordt gepresenteerd. Een beeld dat in juli 2020 namens SprenghenParc BV door dhr. Van der Aart als volgt verwoord werd: “De gemeente Epe staat achter onze plannen”. De beantwoording in ad 8 op pagina 41 lijkt dit te bevestigen. Op de daaropvolgende pagina blijken goede alternatieven (zoals in ad. 11) eenvoudig opzij te worden geschoven.
Bij het inleveren van handtekeningen zat er zelfs een door de gemeente ingehuurde projectleider bij, die SprenghenParc in zijn takenpakket heeft. 12. Herkent de gemeenteraad zich in dit beeld en hoe denkt ze dit te veranderen? Ik ben benieuwd naar uw antwoorden en uw keuzes.