1052681 VNOG Risicoprofiel 2025-2028 030724
Tekst van het document
We hebben gewerkt aan een digitaal hulpmiddel waarmee veiligheidsrisico’s op een verantwoorde manier in beeld gebracht worden. Dit betrouwbare risicobeeld van de omgeving kunnen we in de advisering, voorbereiding en beleidsbepaling gebruiken. Dit project krijgt in de komende beleidsperiode een vervolg en sluit daarbij aan op het aandachtsgebied ‘versterking informatievoorziening’.
27
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2025-2028
3 Verstoring elektriciteitsvoorziening In verband met de energietransitie en de (nog onbekende) risico’s die dit met zich meebrengt is verstoring elektriciteitsvoorziening geprioriteerd. Het tempo waarop de energietransitie verloopt neemt een enorme vlucht. Het is daarom belangrijk hier aandacht voor te houden. In de beleidsperiode 2021-2024 hebben we in samenwerking met Oost-5 gewerkt aan een coördinatieplan. Doel hiervan is het ondersteunen van de operationele inzet van de hulpdiensten en de gemeenten in geval van (dreigende) verstoring van vitale voorzieningen. Hiervoor is inmiddels ook een multidisciplinaire informatiekaart opgesteld. Ons programmateam Veilige Energietransitie heeft gewerkt aan het opdoen van kennis over dit onderwerp en het beschikbaar maken ervan voor de verschillende afdelingen en teams. 4 Verstoring telecommunicatie en ICT De samenleving wordt steeds afhankelijker van informatie- en communicatietechnologie. Daarmee neemt het belang toe om ons goed voor te bereiden op uitval daarvan. In de oefencyclus die aangeboden wordt aan alle gemeenten in onze regio is aandacht besteed aan beoefening van een scenario met een cyberaanval op de gemeente. We hebben daarnaast geïnvesteerd in het opstellen van een VNOG-Continuïteitsplan en vermindering van de kwetsbaarheid van (ICT-)systemen.
Hierin hebben we de leerervaringen verwerkt die we hebben opgedaan tijdens de hack op onze systemen, in 2020. In regionaal risicoprofiel 2025-2028 hebben we een scenario voor dit thema uitgewerkt.
Dit is een conceptversie van het (VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028) waarmee het Algemeen Bestuur van VNOG op 27 juni 2024 heeft ingestemd.
4.2 Beleidsprioriteiten 2025-2028 Het regionaal risicoprofiel en het regionaal beleidsplan zijn samenwerkende documenten. Het regionaal risicoprofiel geeft het risicobeeld van onze regio weer aan de hand van de vragen: 1 Wat kan ons overkomen? 2 Hoe erg is dat? Het regionaal beleidsplan gaat in op hoe wij omgaan met deze risico’s aan de hand van de vragen: 1 Wat doen we er al aan en willen we continueren? 2 Waar willen we extra op investeren? Onze focus ligt in deze beleidsperiode op de inzet op een aantal generieke processen, namelijk: • Crisisbeheersing • Grensoverstijgende samenwerking • Informatievoorziening • Het risicobewust maken van de samenleving Het inzetten op deze processen levert een bijdrage aan de beheersing en bestrijding van meerdere risico’s. Daarnaast is één specifiek incidenttype benoemd als speerpunt, namelijk natuurbrandbeheersing. Tot slot investeren we in onze arbeidsmarktpositie, om de continuïteit ervan te verstevigen. Door blijvende inzet voor onze kerntaken en specifiek aandacht te besteden aan deze beleidsprioriteiten werken we aan het (nog) beter beheersen van de risico’s in onze regio. In het regionaal beleidsplan zijn de inhoudelijke beleidsprioriteiten voor de komende jaren vastgesteld en verder uitgewerkt.
28
VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028
BIJLAGE: ONTWIKKELINGEN In deze bijlagen worden zes prominente ontwikkelingen beschreven die de komende jaren van invloed zijn op de fysieke leefomgeving binnen onze regio: • Klimaatverandering • Energietransitie • Demografie • Sociale verhoudingen • Data en technologie • Langdurige crises De ontwikkelingen zijn uitgewerkt op basis van een literatuurstudie. De samenvatting is weergegeven in paragraaf 2.2 van dit document.
Klimaatverandering Het klimaat verandert nu sneller dan in de laatste 2000 jaar, met grotere temperatuurstijgingen in kortere perioden dan voorheen is gedacht. Vergeleken met de periode waarin er nog nauwelijks industrie was (1850-1900), is het wereldwijd gemiddeld 1,2°C warmer. In Nederland zelfs gemiddeld al 2,3°C. Klimaatverandering leidt tot een stijgende zeewaterspiegel, toenemende droogteperioden, vaker voorkomende en intensere hittegolven en een toename van zware regenbuien. Dit heeft gevolgen voor onze veiligheid, gezondheid en natuur. Klimaatverandering brengt ook gezondheidsrisico’s met zich mee. Volgens het KNMI kunnen de langere groei- en bloeiseizoenen een toename van luchtwegallergieën veroorzaken. Daarnaast kunnen langdurige hitteperioden leiden tot gezondheidsklachten, met name bij kwetsbare groepen.
Dit is een conceptversie van het (VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028) waarmee het Algemeen Bestuur van VNOG op 27 juni 2024 heeft ingestemd.
De verandering van het klimaat heeft aanzienlijke invloed op de natuur. Uit onderzoek van onder andere de Vlinderstichting en Natuurmonumenten blijkt dat planten- en dierengemeenschappen zich weliswaar aanpassen aan het klimaat, maar met vertraging: ze ‘raken achterop’. Met deze snelheden doen ze er tien jaar over om zich aan te passen aan de jaarlijkse verandering in temperatuur. Ten slotte neemt door stijgende temperaturen het aantal brandgevoelige dagen toe en daarbij de kans op natuurbranden. Bronnen Klimaatverandering: • KNMI - KNMI’23-klimaatscenario’s • NIPV Natuurbrandsignaal 2023 • Nieuwsbericht KNMI: Hooikoorts beïnvloed door klimaatverandering • Boek NIPV: lessen uit crises en minicrises klimaatverandering en extreem weer • Rijksbrede Risicoanalyse 2022 • Artikel Wageningen University & Research: Biodiversiteit en klimaat verandering • Artikel: Hoe onze flora en fauna veranderen door klimaatverandering
29
VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028
Energietransitie Het doel van de energietransitie is om energieneutraal te worden, door de overgang van fossiele brandstoffen naar duurzame en hernieuwbare energiebronnen. Door het terugdringen van het gebruik van fossiele brandstoffen wil Nederland het klimaat beschermen en de gevolgen van klimaatverandering beperken. In de Klimaatwet van Nederland is opgenomen dat Nederland streeft naar een reductie van broeikasgassen met 55% in 2030 ten opzichte van 1990, en een volledige CO2-neutrale elektriciteitsproductie in 2050. De volledige overstap naar duurzame energiebronnen zal nog jaren duren. Daarom wordt de komende jaren zowel met fossiele brandstoffen als alternatieve energievormen gewerkt. Duurzame energiebronnen zijn zonne-energie, aardwarmte en windenergie. Voorbeelden hiervan zijn: zonnepanelen, windturbines, waterstofauto’s of lithium-ion-accu’s. Het gebruik van elektriciteit blijft toenemen in alle sectoren en leidt tot toename in opslag, productie en transport van elektriciteit. Ook zijn er sector-overstijgende ontwikkelingen rondom de energietransitie. Bijvoorbeeld een fysieke en digitale koppeling van energiesystemen om fluctuaties in vraag en aanbod van energie in balans te houden, clustering en decentralisatie van de energieketen en het experimenteren met nieuwe technieken om ervaring op te doen.
Het gebruik van waterstof zal eveneens de komende jaren toenemen, voornamelijk in de industriële sector. Waterstof is inmiddels geïdentificeerd als het alternatief voor gebruik van fossiele brandstoffen in de industrie en en als brandstof voor bijvoorbeeld stadsbussen, binnenvaartschepen en vrachtwagens. Waterstof wordt op veel plekken in de wereld gemaakt, maar transporteren ervan is een complexe taak. Onderweg gaat al veel energie verloren. Er wordt aan oplossingen gewerkt. Stikstof, als drager van waterstof in de vorm van ammoniak, kan de energietransitie een flinke duw in de rug geven. Dit betekent wel dat het vervoer van ammoniak over het spoor als drager van waterstof zal toenemen. Waterstof heeft voorlopig nog één nadeel: het is vaak grijze of blauwe waterstof, geen groene. Grijze en blauwe waterstof worden met fossiele
Dit is een conceptversie van het (VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028) waarmee het Algemeen Bestuur van VNOG op 27 juni 2024 heeft ingestemd.
brandstoffen geproduceerd. Bij grijze waterstof wordt de CO2 uitgestoten naar de atmosfeer, wat bijdraagt aan klimaatverandering. De vrijgekomen CO2 van blauwe waterstof wordt afgevangen en opgeslagen. Beide manieren van produceren zijn niet groen. De productie van groene waterstof op de markt neemt toe. Dit wordt geproduceerd met bijvoorbeeld wind- of zonne-energie en is dus ook aan de productiekant duurzaam. Naast de voordelen brengen de ontwikkelingen rondom energietransitie ook risico’s voor de fysieke veiligheid van inwoners in onze regio. Dat zijn voornamelijk ontwikkelingen rondom waterstofactiviteiten en de toepassing van energie. Vanaf 2021 moeten bijvoorbeeld gebouwen duurzaam worden gebouwd conform de eisen van Bijna EnergieNeutrale Gebouwen. Van de brandweerdiensten zal het extra capaciteit en nieuwe expertise vragen, omdat het type brand verandert en het brandgedrag onvoorspelbaar wordt. Het grootste probleem wordt voorzien in de bestaande bouw die energieneutraal is gemaakt. Bij vraagstukken rondom de energietransitie, ruimtelijke veranderingen en veiligheid hebben de lokale bestuurders een belangrijke rol. Zij besluiten immers welke initiatieven binnen de gemeente worden uitgevoerd.
Om die reden is het van belang dat bestuurders hierbij door de omgevingsdiensten, veiligheidsregio’s en het bedrijfsleven worden geadviseerd om mogelijke gevolgen van energietransitie te kunnen overzien en de belangen af te wegen. Bronnen Energietransitie: • Onderzoek NIPV: De doorwerking van de energietransitie op omgevingsveiligheid • Rapport NIPV: Toekomstverkenning Crisisbeheersing • Whitepaper Energietransitie en veiligheid: Anticiperen op het onbekende • Klimaatwet • Overeenkomst van Parijs (EUR-Lex) • Klimaatplan 2021-2030 Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
30
VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028
Dit is een conceptversie van het (VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028) waarmee het Algemeen Bestuur van VNOG op 27 juni 2024 heeft ingestemd.
Demografie De demografie van Nederland is aan veranderingen onderhevig. De bevolkingsgroei wordt beïnvloed door buitenlandse immigratie en stijgende levensverwachting. Naar verwachting zal de bevolkingsgroei met name in grote steden plaatsvinden. De Nederlandse bevolking vergrijst. Binnen onze regio is het percentage van vergrijzing hoger dan het landelijke gemiddelde. De vergrijzing van de bevolking heeft allerlei gevolgen. Eén daarvan is toenemende krapte op de arbeidsmarkt. Dit raakt meerdere sectoren. Voor de brandweer kan het betekenen dat het werven van brandweervrijwilligers lastiger wordt. Vergrijzing betekent ook een toenemende vraag naar zorg, met name in combinatie met een tekort aan personeel in de zorgsector. De continuïteit van zorg loopt hiermee een risico, wat een langdurig probleem is. De inspectie Gezondheidszorg en Jeugd roept zorgaanbieders in de (ouderen) zorg daarom op om actief te zoeken naar andere manieren om de zorg te organiseren, zodat deze houdbaar blijft in de toekomst. Eveneens is er een tekort aan personeel in ICT en technische beroepen. Daar komt bij dat door de automatisering van processen binnen de vitale infrastructuur veel kennis over de processen verloren gaat. In het geval van uitval van processen worden de terugvalmogelijkheden op handmatige bediening hierdoor beperkt.
Het tekort aan arbeidskrachten en expertise in de technische sector vormt op langere termijn een risico voor de continuïteit van processen.
Bronnen Demografie: • Nieuwsartikel CBS: Zal vergrijzing leiden tot een tekort aan arbeids krachten • Regiobeeld bevolkingsontwikkeling veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland • Brief Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid: Verkenning bevolking 2050 • Nieuwsartikel CBS: Bevolking in 2022 bijna twee keer zo snel gegroeid als een jaar eerder • Document Sociaal en Cultureel Planbureau: Trends in de ouderenzorg • Nieuwsartikel Planbureau voor de Leefomgeving: Prognose: in 2035 vooral meer inwoners in en om grotere gemeenten • Nieuwsartikel CBS: Prognose: meer inwoners door migratie • Dashboard CBS: Groei en krimp per gemeente • Achterhoek Monitor 2022/23 • Themapagina Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd: Personeels tekorten in de zorg
31
VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028
Sociale verhoudingen De sociale verhoudingen in onze maatschappij zijn aan het veranderen. De sociale ongelijkheid tussen groepen wordt groter. Dit heeft te maken met de leefomstandigheden van de personen die worden beïnvloed door opleiding en inkomen, en daarmee de grip van personen op hun leven. Het CBS verwacht dat ongelijkheid in inkomen en het vermogen van personen om zich aan te passen aan de snel veranderende omgeving de komende jaren blijft groeien. Naast de sociale ongelijkheid is er toename in ‘wij-zij denken’, oftewel polarisatie. De individualisering wordt sterker. In Nederland is voornamelijk sprake van een ‘affectieve polarisatie’, een polarisatie waarin gevoelens van afkeer en onbegrip tussen inwoners toenemen. Een andere ontwikkeling is het afgenomen vertrouwen in de overheid sinds de coronapandemie. De tegenstellingen tussen inwoners onderling en tussen inwoners en overheid zijn nu zichtbaar rond vraagstukken over bijvoorbeeld het vluchtelingebeleid, klimaatbeleid en de energietransitie. In de afgelopen jaren hebben wij in Nederland veel protesten gehad. De excessen rondom protesten kunnen een voedingsbron zijn voor polarisatie. Er wordt steviger actie ondernomen om aandacht te vragen voor problematiek. Dit heeft harder overheidsingrijpen tot gevolg.
Dit is een conceptversie van het (VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028) waarmee het Algemeen Bestuur van VNOG op 27 juni 2024 heeft ingestemd.
Sociale media spelen een belangrijke rol in de veranderende verhoudingen tussen mensen, doordat ze de tegenstellingen tussen groepen versterken. De aanbevelingsalgoritmes op sociale media bepalen welke informatie aan de gebruikers getoond wordt. Deze algoritmes tonen de informatie die aan hun voorkeuren voldoet, wat hun beeld versterkt. Informatie die de andere kant belicht wordt niet getoond en daardoor niet opgenomen. Een snelle verspreiding van desinformatie kan dit probleem versterken. Dit leidt tot verdere toename van polarisatie. Bronnen Sociale verhoudingen • Trendrapport NIPV: Toekomstverkenning Crisisbeheersing • NCTV Rijksbrede Risicoanalyse 2022 • Rapport Vlaams Vredesinstituut: Polarisatie, conflict en vrede
32
VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028
Dit is een conceptversie van het (VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028) waarmee het Algemeen Bestuur van VNOG op 27 juni 2024 heeft ingestemd.
Data en technologie De ontwikkelingen rondom data en technologie nemen in hoog tempo toe. Mensen verwerken en analyseren steeds meer data en worden afhankelijker van informatie en technologieën. Deze ontwikkelingen werken door op tal van terreinen, zoals gezondheidszorg, maatschappelijke dynamiek, klimaatverandering en arbeidsproductiviteit. De samenleving wordt gekenmerkt als een ‘datagedreven samenleving’; een samenleving waarin data essentieel is in het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. Het gebruik van sensortechnologie en ‘internet of things’ kunnen betere zorg en veiligheid bieden. Ze kunnen echter ook een gevaar voor de samenleving vormen vanwege de steeds groter wordende afhankelijkheid van het internet waaraan apparaten verbonden zijn en dataopslag in de ‘cloud’. Het leidt tot privacyvraagstukken en sociale onrust, bijvoorbeeld bij de verspreiding van nepnieuws. Technologie kan ook leiden tot onvoorzienbare effecten. Bijvoorbeeld in het geval van Artificial Intelligence: een systeem dat analyses uitvoert en deels autonoom beslissingen neemt. De effecten van deze technologie zijn niet eenvoudig te overzien en te reguleren.
Risico’s rondom data en technologie kunnen worden veroorzaakt door moedwillig handelen, technisch falen, menselijke factoren of door natuurlijke oorzaken. Bij moedwillig handelen kan gedacht worden aan cyber crime en gedigitaliseerde criminaliteit, zoals phishing. Hierbij wordt desinformatie online verspreid of een cyberaanval gedaan op de vitale infrastructuur. Een snelle verspreiding van desinformatie kan tot polarisatie in de samen leving leiden en tot wantrouwen in de overheid. Bij een cyberaanval kunnen meerdere vitale diensten tegelijkertijd uitvallen en kunnen incidenten langer duren. Bronnen Data en technologie: • Trendrapport NIPV: Toekomstverkenning Crisisbeheersing • NCTV Rijksbrede Risicoanalyse 2022 (p.47) • Strategisch omgevingsbeeld 2021 (Ministerie van Justitie en Veiligheid)
33
VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028
Dit is een conceptversie van het (VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028) waarmee het Algemeen Bestuur van VNOG op 27 juni 2024 heeft ingestemd.
Langdurige crises De afgelopen jaren werd Nederland geconfronteerd met grenzeloze en sluimerende crises. COVID-19 en de vluchtelingencrisis zijn de meest recente voorbeelden hiervan. Kenmerkend voor een nieuwe crisis is een lange duur, een grensoverstijgend karakter (zowel fysiek als beleidsmatig) en een opeenstapeling van verschillende typen crises die elkaar beïnvloeden. Nieuwe crises zijn geen vervanging voor traditionele crises, zoals flitsrampen. Ze ontstaan naast de traditionele crises. Deze veranderingen vergen aanpassingsvermogen van ons als veiligheidsregio en van het landelijke crisisstelsel als geheel. Daarnaast dient verdere professionalisering plaats te vinden, om adequaat op de nieuwe ontwikkelingen te kunnen reageren. In 2022 werd duidelijk, met de invasie van Oekraïne door Rusland, dat de verslechterde mondiale veiligheidssituatie directe gevolgen heeft voor de veiligheid van Europa en Nederland. Deze verslechtering speelt al langer. Verschuivende machtsverhoudingen in de wereld, hybride dreigingen en cyber, de impact van klimaatverandering, de toenemende instabiliteit aan de randen van Europa, maar ook directe dreigingen tegen vitale infrastructuur vormen een steeds grotere bedreiging voor de Nederlandse (veiligheids) belangen.
In de huidige verslechterde geopolitieke context is daarom een sterk en modern defensieapparaat noodzakelijk voor geloofwaardige afschrikking en verdediging. Dit was voor het kabinet reden om structureel fors extra te investeren in Defensie. Doel hiervan was het verhogen van de operationele gereedheid, inzetbaarheid en de wendbaarheid van de organisatie.
Bronnen Langdurige crises: • Blog Berenschot: Crisisbesluitvorming op niveau • Rapport gemeente Utrecht: Grote stad, langdurige crisis - Leren van twee jaar Utrechtse Corona-ervaringen • Evaluatie Wet veiligheidsregio’s 2020 • Rijksjaarverslag 2022 Ministerie van Defensie
34
VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028
Dit is een conceptversie van het (VNOG Regionaal Risicoprofiel 2025-2028) waarmee het Algemeen Bestuur van VNOG op 27 juni 2024 heeft ingestemd.
GHOR
HATTEM OLDEBROEK HEERDE ELBURG EPE HARDERWIJK NUNSPEET ERMELO PUTTEN APELDOORN VOORST LOCHEM ZUTPHEN BRUMMEN BRONCKHORST BERKELLAND OOST GELRE WINTERSWIJK DOETINCHEM AALTEN MONTFERLAND OUDE IJSSELSTREEK
35