040-bijlage 3 verslag AB GGD NOG 20230911 CONCEPT
Tekst van het document
CONCEPT-Verslag vergadering Algemeen Bestuur Datum: 11 september 2023 om 13.30 uur, Locatie: Fletcher Resort-Hotel Zutphen Aanwezig:
Volgende vergadering: 30 november 2023
J.C. Wikkerink (Aalten), A.J. Prins (Apeldoorn, voorzitter vanaf agendapunt 5), W.A. Wormgoor (Berkelland), E. Blaauw (Bronckhorst), G.I. Timmer (Brummen), E.J. Huizinga (Doetinchem, plv. voorzitter t/m agendapunt 4), S.W. Krooneman (Elburg), S. Hamstra (Ermelo), M. Reckman (Harderwijk), T.E. Siderius (Hattem), W. van Ommen (Heerde), I.J.T.M. Wolsing (Montferland), J.M. Elskamp (Nunspeet), H.W. Ankersmit (Oude IJsselstreek), J. van den Hoorn (Putten), P. Wormskamp (Voorst), W.T. Wassink (Winterswijk), J. Bloem (Zutphen) namens GGD Noord- en Oost-Gelderland: J.J. Baardman (directeur publieke gezondheid), R. Schwebke (controller), T. Nijland (directiesecretaris)
Afwezig:
M.B. Heere (Epe, wnd.), W. Goodin (Lochem), E.G. Vos-van de Weg (Oldebroek), E.E.M. Dusseldorp (Oost Gelre), M. Besselink (dagelijks bestuur GGD NOG vanuit Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland / Bronckhorst)
Verzendlijst:
AB-leden, ambtenaren publieke gezondheid, managers/beleidsadviseurs GGD
1. Opening en vaststelling agenda De heer Huizinga opent als plaatsvervangend voorzitter de vergadering. Voorafgaand aan de vergadering heeft mevrouw C.M. de Waard-Oudesluijs afscheid genomen van het AB. Zij is per 15 augustus 2023 vertrokken als wethouder van Epe, en daarmee als GGD-voorzitter. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
2. Verslag vergadering d.d. 6 juli 2023 Over het verslag zijn geen inhoudelijke opmerkingen. Naar aanleiding van: agendapunt 4 1e Bestuursrapportage 2023: Mevrouw Wormgoor vraagt of meer bekend is over de vergoeding die van VWS werd verwacht voor de kosten van de door covid opgelopen achterstanden in de ondersteuning. De heer Schwebke zegt dat VWS in principe heeft toegezegd deze kosten te vergoeden. Voor de declaratie eist VWS nog een accountantsverklaring, maar hierbij ziet hij geen problemen. Verder geeft de heer Schwebke aan dat VWS financiering heeft toegezegd voor de covidvaccinatiecampagne in dit najaar. Discussiepunt is nog dat de GGD’en een langere periode voor de vaccinatiecampagne en de bekostiging willen. Ook zijn de GGD’en met VWS in gesprek over de covid-activiteiten in 2024 en de financiering ervan. Accountantsbureau KPMG voert kostprijsprijsonderzoek uit voor de covidvaccinaties in 2024. 3.b. samenwerking forensische geneeskunde Regio Oost: De heer Wormskamp is benieuwd naar de stand van zaken van de bestuurlijke besluitvorming
1
over de samenwerking bij forensische geneeskunde, met GGD NOG als beoogd centrum-GGD. Deze besluitvorming was doorgeschoven tot na de zomer. Mevrouw Baardman doet de al geplande mededeling over dit onderwerp. De GGD’en in OostNederland steken sinds twee maanden alle energie in de operationele samenwerking voor forensische geneeskunde. De vijf GGD’en werken nu samen in vier werkgebieden, in ieder geval tot juli 2024. Belangrijk is vooral dat er meer rust is op operationeel niveau. Er waren slechts enkele gevallen code zwart, in andere regio’s. De betrokken managers van de GGD’en bespreken binnenkort de verdere aanpak. Dit moet resulteren in advies aan de directeuren publieke gezondheid (DPG’en) en een concrete opdracht voor het vervolg van dit traject, inclusief de bestuurlijke besluitvorming.
Het AB stelt het verslag ongewijzigd vast.
3. Ingekomen stukken en mededelingen a. Informatie-uitwisseling IZA/GALA in regio NOG: De heer Huizinga zegt dat de gemeenten in de drie subregio’s volop bezig zijn met IZA/GALA. Hij stelt voor om dit de volgende keer beter voorbereid te bespreken aan de hand van een format dat de GGD met de ambtenaren publieke gezondheid opstellen. b. Update samenwerking forensische geneeskunde Regio Oost: Zie bij agendapunt 2 c. Ontwikkelingen rond de acute zorg Gelre ziekenhuizen locatie Zutphen: Mevrouw Baardman licht toe dat het ROAZ het continuïteitsplan voor Gelre ziekenhuizen met een paar kleine wijzigingen heeft vastgesteld. Het plan wordt nog weer aangepast voor de periode vanaf november. De voorzitter van de Raad van Bestuur van Gelre ziekenhuizen heeft gereageerd op een brief van de voorzitter van de Veiligheidsregio NOG met enkele vragen. Hierover volgt nog een gesprek. Daarnaast zijn er bilaterale overleggen met o.a. gemeente Zutphen om de vinger aan de pols te houden. De heer Bloem voegt hieraan dat de gemeente Zutphen na het besluit van Gelre ziekenhuizen overleg heeft gehad met het ziekenhuis en betrokken gemeenten. Nu het besluit is afgerond is er geen formeel overleg meer. De intentie is wel een nieuwe vorm van overleg te realiseren om de voortgang te kunnen blijven volgen.
Het AB besluit kennis te nemen van de ingekomen stukken en mededelingen a t/m c.
4. Aanwijzing DB-lid en voorzitter De heer Huizinga licht toe dat het dagelijks bestuur zich in goed overleg heeft beraden over de nieuwe samenstelling van het DB, na het vertrek van mevrouw De Waard. Het is goed gebruik dat de drie subregio’s met elk twee leden in het dagelijks bestuur zijn vertegenwoordigd. Ook heeft het DB besproken wie het best het voorzitterschap op zich kan nemen. Het DB heeft er vertrouwen in een goed voorstel te hebben gedaan. Formeel moeten stemmingen over benoemingen e.d. geheim met stemformulieren plaatsvinden. De heer Huizinga vraagt of behoefte is aan een stemming.
2
Hieraan blijkt geen behoefte. Het AB stemt bij acclamatie in met het voorstel. De heer Huizinga feliciteert mevrouw Timmer met haar aanwijzing als DB-lid en mevrouw Prins met haar aanwijzing als voorzitter. Het DB bespreekt nog de portefeuilleverdeling in de nieuwe samenstelling.
Het AB besluit: 1. mevrouw G.I. Timmer aan te wijzen als lid van het dagelijks bestuur uit de subregio MiddenIJssel/Oost-Veluwe; 2. mevrouw A.J. Prins aan te wijzen als voorzitter; 3. de afspraken binnen het DB in de gewijzigde samenstelling over de taakverdeling en onderlinge vervanging af te wachten. De heer Huizinga draagt het voorzitterschap van deze vergadering over aan mevrouw Prins. Zij bedankt de AB-leden voor het in haar gestelde vertrouwen.
5. Programmabegroting 2024 Mevrouw Prins licht de beslispunten kort toe. De heer Bloem vindt dat de reactie van zijn gemeente goed is verwerkt. Verder is er geen behoefte om te reageren.
Het AB besluit: 1. kennis te nemen van de zienswijzen van de gemeenten op de concept-Programmabegroting 2024 en de reactie van het dagelijks bestuur op deze zienswijzen; 2. de Programmabegroting 2024 vast te stellen.
6. Zienswijzen 7e wijziging gemeenschappelijke regeling GGD NOG Mevrouw Prins licht de beslispunten kort toe. De heer Blaauw zegt dat de raad van Bronckhorst zijn zienswijze in september nog bespreekt. Mevrouw Prins geeft aan het dagelijks bestuur het AB in de vergadering van 30 november een voorstel wil voorleggen met een aangepaste concept-wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Aanvullende zienswijzen passen dus nog in planning. Mevrouw Timmer benadrukt dat de raad van Brummen zich in een motie heeft uitgesproken voor de instelling van een gemeenschappelijke adviescommissie van raadsleden. Mevrouw Ankersmit stelt vast dat niet alle gemeenteraden zich hebben uitgesproken over de gemeenschappelijke adviescommissie. Zij vraagt wat het algemeen bestuur hiermee nu kan doen. En wat er gebeurt als niet alle raden instemmen met de instelling van een adviescommissie. Gaat het niet door als één gemeente niet instemt?. De heer Wormskamp geeft aan dat voor de raad van Voorst het instellen van een adviescommissie geen prioriteit is, maar de raad wil wel meewerken als de rest van de gemeenten wil en het meerwaarde heeft. 3
De heer Nijland licht toe dat de instelling van de gemeenschappelijke adviescommissie op zich los staat van de wijziging de gemeenschappelijke regeling. De Wet gemeenschappelijke regelingen bepaalt dat voor de instelling van een adviescommissie een voorstel nodig is van “de deelnemende gemeenten gezamenlijk”, dus van alle 22 raden. Mevrouw Timmer geeft aan dat dit bij de Omgevingsdienst Veluwe IJssel (OVIJ) anders wordt uitgelegd. Daar start men met een coalition of willing met gemeenten die wel willen en kunnen andere gemeenten later aansluiten. De heer Nijland kan zich niet goed voorstellen dat een raad niet zou instemmen met de wens van een meerderheid van raden om een adviescommissie in te stellen. Bovendien kan een raad wel instemmen met de instelling van een adviescommissie, maar vervolgens zelf niet actief deelnemen. Het bestuur van de Veiligheidsregio NOG heeft de ambtelijke organisatie de opdracht gegeven om actief de totstandkoming van een adviescommissie te bevorderen, in overleg met de gemeenten en raadsgriffiers. Dit kan het AB van de GGD ook doen. De heer Nijland licht verder toe procedure voor de wijziging van de gemeenschappelijke regeling van de GGD toe. De inbreng vanuit het AB in deze vergadering wordt uitgewerkt in een aangepast ontwerp-wijzigingsbesluit van de GR. Het dagelijks bestuur legt deze in de vergadering van 30 november 2023 voor aan het AB.
Het AB stelt dan het ontwerp-wijzigingsbesluit vast waar de colleges ja of nee tegen kunnen zeggen. De colleges hebben voor de wijziging toestemming nodig van de raad. De heer Hamstra vraagt zich af of één raad inderdaad de instelling van een raadscommissie kan blokkeren. Mevrouw Prins verwacht niet dat dit zal gebeuren. Mevrouw Timmer wijst op de andere uitleg bij de Omgevingsdienst Veluwe IJssel. De heer Reckman verwacht dat het niet-meedoen van een gemeente weinig uitmaakt, omdat de adviescommissie adviserende en coördinerende rol heeft en geen bindende bevoegdheden. Besluiten worden in het algemeen bestuur genomen. De heer Huizinga zegt dat nu in de regeling de mogelijkheid van de instelling van een adviescommissie van raden wordt opgenomen, zoals geregeld in artikel 24a van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Het proces van de totstandkoming van de adviescommissie staat los van de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Dit is ook aan de raden zelf. Mevrouw Prins vindt het positief dat een aantal raden zich al heeft uitgesproken vóór een adviescommissie en bereid zijn hierin te participeren. Dit is een signaal dat men de betrokkenheid bij de GGD wil vergroten. De heer Van Ommen wijst op de zienswijzen waarin enkele gemeenten pleiten voor meer sturing vanuit de drie subregio’s.
Gaan de gemeenten zich dan op een of andere manier opsplitsen in de subregio’s en kost het dan niet meer inspanning om tot gezamenlijke besluiten te komen? Namens de gemeente Epe vraagt hij wat de achterliggende reden van het voorstel van enkele gemeenten om een jaarlijks overleg te houden over de planning van de begrotingsprocedure. Mevrouw Baardman licht toe dat het AB in de takendiscussie van 2020-2021 heeft gekozen voor besluitvorming over de GGD op NOG-niveau met de 22 gemeenten. Daarnaast is afgesproken dat de GGD in de dienstverlening aansluit bij de inhoudelijke behoefte van de gemeenten in de drie subregio’s. Dit is vastgelegd in de zogenoemde Koersnotitie. Zo zijn er twee grootheden waarop GGD aansluit, ook bij de uitvoering van de akkoorden IZA/GALA. Hierbij is maatwerk op gemeentelijk niveau praktisch moeilijk haalbaar. De Nijland licht toe dat het meer aan de betreffende gemeenten is om de vraag over het voorstel voor jaarlijks overleg over de begrotingsprocedure te beantwoorden. Het dagelijks bestuur zegt in zijn reactie dat de termijnen in begrotingsprocedure vastleggen en een overleg hierover weinig kan toevoegen.
4
Mevrouw Prins zegt er signalen zijn dat raden meer betrokken willen worden bij het GGD-beleid. Daarom organiseert GGD samen met de Veiligheidsregio binnenkort ook bijeenkomsten voor raadsleden. Mevrouw Prins roept op om raadsleden te stimuleren zich aan te melden, ook omdat de opkomst tot nu beperkt is. De heer Krooneman leest als strekking van het argument 2.2. onder i. dat het dagelijks bestuur de gerichtheid van de subregio’s niet wil borgen in de gemeenschappelijke regelging. Noord-Veluwse gemeenten willen graag in gesprek in het thema van subregionale gerichtheid. Kan facultatief in de GR worden opgenomen dat daar waar wenselijk de GGD zich op de subregio ‘s richt? De heer Huizinga geeft aan dat de intentie van het DB niet is om bestuurlijke aansturing vanuit de subregio’s op te nemen in de GR. Hij vindt het niet wenselijk om dit als een juridisch verplichting in de gemeenschappelijke regeling op te nemen, ook omdat de betreffende zienswijze van enkele gemeenten kwam. Wel wil het DB graag het gesprek aangaan over het aansluiten van de dienstverlening op de wensen in de subregio’s. De heer Krooneman ziet hierin vanuit de subregio Noord-Veluwe voldoende basis om in gesprek te gaan. Mevrouw Ankersmit bepleit om de planning van de begrotingsprocedure, met de data en termijnen, tijdig bekend te maken bij de raden.
Dit helpt, als er weinig ruimte is voor overleg over de data, de raden om hun planning hierop af te stemmen. Mevrouw Prins stelt vast dat hieraan tegemoet kan worden gekomen, omdat de procedure tevoren al worden gepland. Dat voorkomt verrassingen. De heer Wikkerink zegt dat de raden hier zelf ook een verantwoordelijkheid hebben, maar een tijdige planning en overleg hiervoor tussen GGD en raadsgriffies kan hierin helpen. De heer Reckman wijst op het voorstel bij argument 2.2. onder a. om de raden weer de mogelijkheid te bieden om een zienswijze in te dienen op de uitgangspunten voor de begroting, naast de zienswijzeprocedure voor de begroting zelf. Hiermee wordt het besluit van een jaar geleden teruggedraaid om herhaling van zetten te voorkomen en zienswijze op de uitgangspunten af te schaffen. De heer Reckman bepleit een vaste lijn voor de toekomst. Mevrouw Timmer zegt dat de raad Brummen sterk hecht aan de mogelijkheid om een zienwijze in te brengen op uitgangspunten voor de begroting. Mevrouw Baardman licht toe dat op dit punt ook is afgestemd met de VNOG, die nu ook de raden de mogelijkheid biedt een zienswijze in te dienen op de kadernota voor de begroting. De heer Nijland zegt dat enkele gemeenten erop aandringen dat de GGD meer aan participatie van burgers en belanghebbenden gaat doen.
Eerder heeft het algemeen bestuur echter gezegd dat participatie bij de gemeenten hoort en dat de GGD zo nodig hierin een rol kan hebben als adviseur of uitvoerder. Mevrouw Timmer ziet het als een mooie opdracht voor de adviescommissie van raadsleden om hierover een advies te geven. Mevrouw Prins wijst op de participatie die dit najaar plaatsvindt bij de uitwerking van IZA/GALA.
5
Het AB besluit: 1. kennis te nemen van de zienswijzen die de gemeenteraden aan hun colleges hebben uitgebracht op de 7e wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD NOG; 2. kennis te nemen de voorlopige reacties van het dagelijks bestuur en het voorstel voor een aangepaste concept-wijziging van de gemeenschappelijke regeling in de vergadering van 30 november 2023 af te wachten; 3. in te stemmen met het toevoegen aan de gemeenschappelijke regeling van forensische geneeskunde als een door GGD NOG te behartigen belang; 4. de raden tussentijds te informeren door toezending van deze adviesnota met bijlagen en het concept-verslag van deze AB-vergadering.
7. Resultaten verdiepend onderzoek sociaaleconomische gezondheidsverschillen Mevrouw Van Doorn licht in een presentatie de resultaten toe van een verdiepend onderzoek naar sociaal-economische gezondheidsverschillen. Zie ook de resultaten in het e-magazine en de hand-out van de presentatie. Besproken punten: Is er verschil tussen de termen sociaal-economische status en sociaal-economische positie? Status en positie worden door elkaar gebruikt. De term positie doet meer recht aan het feit dat mensen van sociaal economische positie kunnen veranderen. Een discussiepunt bij IZA/GALA wordt de keuze tussen generieke maatregelen of doelgroepenbenadering. De insteek kan zijn vanuit inclusie/gelijke kansen of vanuit gezondheidseffecten. Het is zaak hierin een balans te vinden. Ondanks het rijksbeleid vanaf jaren ‘80 zijn de gezondheidsverschillen tussen de sociaal-economische groepen in Nederland niet veranderd. Een reden daarvoor kan zijn beleid te veel heeft gefocust op het individu en de verantwoordelijkheid die het individu heeft om te kiezen voor een gezonde leefstijl. Op veel factoren die leefstijl beïnvloeden hebben individuen geen of minder invloed. De Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) heeft verschillende invalshoeken uitgewerkt (zie het e-magazine en Van verschil naar potentieel.
Een realistisch perspectief op de sociaaleconomische gezondheidsverschillen | Policy Brief | WRR). De WRR adviseert het gezondheidspotentieel centraal te stellen en niet meer gezondheidsverschillen. De WRR bepleit om preventief beleid universeel in te zetten voor alle burgers, maar wordt dit aangevuld met ondersteuning van bepaalde groepen waar extra gezondheidspotentieel te bereiken is. Dit wordt omschreven met de term ‘proportioneel universalisme’. De onderzoekers van de GGD kunnen bijdragen aan het monitoren van de effecten van het beleid per gemeente, waarmee je kunt zien wat werkt. Het RIVM bundelt al bewezen interventies. Het monitoren in de NOG-regio is afhankelijk van omvang van de doelgroep (bijvoorbeeld grootte van de wijk). Gemeenten kunnen bij de reguliere gezondheidsmonitors van de GGD wijkophoging aanvragen, wat apart moet worden betaald. De vereiste aantallen kunnen per monitor verschillen. Op Home | Buurtatlas (vzinfo.nl) zijn wijk- en buurtcijfers te zien; hiermee kunnen gemeenten inzicht krijgen in gezondheid op wijk/buurtniveau. Deze cijfers zijn minder geschikt voor effectmonitoring, omdat deze cijfers gebaseerd zijn op een model (‘SMAP’). Beoordelen van gezondheidseffecten is een kwestie van lange adem, over meerdere jaren.
Op de kortere termijn is het mogelijk te monitoren op procesmatige zaken als wijze van uitvoering van de interventie en het bereik van de doelgroep. Maatregelen lijken nu vooral op gedrag gericht, terwijl andere factoren zoals bestaanszekerheid meer bepalend zijn voor de gezondheid. Ook is met wet- en regelgeving is gezondheidswinst te behalen, bijvoorbeeld met de suikertax. Dit komt minder aan bod in het GALA. 6
De AB-leden ontvangen de hand-out van de presentatie, met de links naar genoemde documenten. zie ook hierboven voor enkele links. Gemeenten kunnen vragen en verzoeken aan de onderzoekers sturen via het mailadres onderzoek@ggdnog.nl.
8. Rondvraag en sluiting De heer Krooneman geeft mede namens Oldebroek een signaal af over het soms onvoldoende vraaggericht werken van GGD, zoals bij een offerte bij OKO. Mevrouw Baardman zegt dat haar dit signaal ook heeft bereikt. Inmiddels zijn er al gesprekken over geweest, wat heeft geleid tot een nieuwe offerte. De heer Van Felius, relatiemanager van de GGD, neemt weer contact op met de gemeente Oldebroek. Mevrouw Elskamp verzoekt de GGD om mee te denken over de zorgen van gastouders over het gebruik van speeltoestellen. Deze vallen volgens een uitspraak van de rechter onder het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen. Gastouders stellen nu speeltoestellen soms buiten gebruik. Mevrouw Baardman licht toe dat de GGD als toezichthouder toeziet op kwaliteit en veiligheid van kinderopvang, maar geen meldingen over speeltoestellen doet bij de Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit (NVWA). Het probleem speelt op beperkte schaal. Zij is bereid om mee te denken en in overleg oplossingen te zoeken. Mevrouw Prins dankt de AB-leden voor hun komst en inbreng en voor het uitgesproken vertrouwen. Zij sluit de vergadering.
Actiepuntenlijst Nr.
Onderwerp
Wie
Gereed
2021-07/03
Grip op samenwerking: voorstel dashboard voor gemeenteraden uitwerken en daarbij de in het AB van 8 juli 2021 gemaakte opmerkingen meenemen: mogelijkheid bekijken van Achterhoekmonitor en het Datalab Go Achterhoekse gemeenten; eenvoudige en heldere communicatie naar gemeenten; wijziging van de Wet gemeenschappelijke regeling. Voorstel voor algemene reserve voorleggen aan AB Terugkoppeling ontwikkeling IZA/GALA vanuit de regio’s op basis van een vast format samenwerking forensische geneeskunde GGD’en Oost-Nederland: opstellen advies aan DPG’en en concrete opdracht voor vervolg, inclusief de bestuurlijke besluitvorming. AB informeren over afspraken taakverdeling en onderlinge vervanging in DB in gewijzigde samenstelling
DB
2023
DB
30 nov. 2023
GGD/gemeenten
30 nov. 2023
GGD
Q4 2023/ Q1 2024
DB
30 nov. 2023
2023-07/05 2023-09/01 2023-09/02
2023-09/03
7
2023-09/04 2023-09/05
7e wijziging gemeenschappelijke regeling GGD DB NOG: aangepaste concept-wijziging voorleggen aan AB Meedenken over zorgen van gastouders over GGD het gebruik van speeltoestellen (n.a.v. uitspraak rechter toepassing Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen)
30 nov. 2023
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van GGD Noord- en OostGelderland op 30 november 2023,
…………………………………….. namens de directeur, de directiesecretaris,
…………………………………….. de voorzitter.
thn/20230915
8