Voortgangsrapportage Onze Jeugd Onze Zorg 1e halfjaar 2025
Tekst van het document
ONZE JEUGD ONZE ZORG HALFJAARRAPPORTAGE JANUARI 2025
VOORTGANGSRAPPORTAG E EERSTE HALF JAAR 2025 (INCLUSIEF KWARTAAL 4 2024)
1
INLEIDING Dit is de tweede voortgangsrapportage van Onze Jeugd, Onze Zorg. In deze rapportage blikken we terug op het eerste halfjaar van 2025 (tot en met juni). Voor
ALGEMENE TOELICHTING BIJ DE GRAFIEKEN
▪
In deze rapportage vindt u cijfers t/m het tweede kwartaal 2025. Van sommige
een volledig beeld hebben we ook het vierde kwartaal van 2024 meegenomen. De
indicatoren worden de cijfers eens per jaar verzameld. In dat geval komt het
eerste rapportage, die in januari 2025 verscheen, ging over de periode tot en met het
meest recente cijfer uit 2024.
derde kwartaal van 2024. Met deze voortgangsrapportages houden we de
▪
Voor (bijna) iedere indicator hebben we een streefwaarde (in grijs) opgesteld.
gemeenteraad regelmatig op de hoogte van de uitvoering van de strategienota Onze
Deze streefwaardes zijn afgeleid van de doelstellingen. We hebben hierin
Jeugd, Onze Zorg.
aannames gedaan wat een reëel streven zou kunnen zijn.
▪ In deze rapportage staan 11 indicatoren die laten zien of we op koers liggen om onze
De y-as is voor iedere grafiek aangepast op de aantallen/percentages in deze grafiek, zodat verschillen goed zichtbaar zijn.
doelen te behalen. Ook geven we inzicht in de uitvoering van de maatregelen, de investeringen en de actuele financiële situatie. Tot slot sluiten we af met een Special, waarin we één van de maatregelen extra uitlichten. Deze keer staat het familiehuis centraal.
INHOUD VOORTGANGSRAPPORTAGE •
Kernpunten van deze voortgangsrapportage
•
Voortgang op de doelen
•
Uitvoering en investeringen
•
Het resultaat van afgeronde maatregelen
•
Actuele financiële situatie
•
Special: Het Familiehuis
2
3
KERNPUNTEN BIJ DE ONTWIKKELINGEN IN JEUGDHULPGEBRUIK
▪
▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Het aantal jeugdigen dat jeugdhulp ontvangt blijft toenemen. Er is sprake
BIJ DE VOORTGANG
▪
In het derde kwartaal van 2024 zijn we voortvarend van start gegaan met de
van autonome groei in het gebruik van jeugdhulp. Dit betekent dat de groei niet
uitvoering van de maatregelen. Vanaf het vierde kwartaal was echter sprake
direct te verklaren is door demografische, beleidsmatige of wetgevende
van een tijdelijke terugval in het tempo. Deze dip is grotendeels te verklaren
veranderingen.
door personele wisselingen en de bewuste keuze om de maatregelen voor 2025
Steeds meer jeugdigen groeien op in de thuissituatie, wat een positieve
meer gespreid over het jaar uit te rollen. De verwachting is dat alle maatregelen
ontwikkeling is. Eén van de grootste uitdagingen is en blijft het voorkomen dat
met startdatum 2025 tegen het einde van het jaar zijn gestart. Wel betekent
jeugdigen niet (meer) thuis kunnen wonen.
deze gefaseerde aanpak dat het investeringsniveau en het rendement
De tevredenheid onder jeugdigen die zorg ontvangen neemt toe.
achterblijft ten opzichte van de oorspronkelijke planning.
Praktijkondersteuners Jeugd (POH-J) bij huisartsen geven aan dat zij meer
▪
Van de 47 maatregelen lopen er 40 maatregelen volgens plan:
jeugdigen direct en zelf kunnen helpen. Een maatwerkvoorziening is dan niet
- 23 maatregelen zijn in de praktijk gestart, waarvan zelfs 8 structureel ingebed
nodig.
in regulier werk. Dit zijn vooral maatregelen die al in 2024 zijn gestart of die
Data over de inzet van algemene voorzieningen zijn bij het maken van deze
nauw aansluiten bij de regionale inkoop van jeugdhulp (die op 1 januari 2025 is
rapportage (nog) niet beschikbaar.
ingegaan).
Het financiële tekort op jeugdhulp neemt af, maar blijft aanzienlijk. De daling
- 12 maatregelen zitten volgens plan in de voorbereidingsfase;
komt vooral doordat de inkomsten vanuit het Rijk zijn gestegen. Dit betreft
- 5 maatregelen worden in 2026 opgepakt, zoals in de nota staat vermeld;
vooralsnog incidentele middelen. De kosten per jeugdige met jeugdhulp neemt
- 7 maatregelen hebben vertraging opgelopen, voornamelijk door personele
toe en de uitgaven aan tweedelijns jeugdhulp blijven stijgen.
wisselingen en benodigde opstarttijd.
4
BIJ DE OPZET VAN DE MONITOR
▪
▪
▪ De cijfers worden gepresenteerd in kwartaalgrafieken. Dit biedt actuele inzichten,
Er is gekozen voor een beperkte set van indicatoren op de hoofddoelstellingen.
maar kent ook beperkingen in de onderlinge vergelijkbaarheid. Zo kunnen de
We vergelijken de waarde van iedere indicator steeds met een streefcijfer. We
cijfers van juni lager uitvallen, omdat declaraties uit juli nog niet zijn
gaan de komende tijd ervaren of dit de juiste set is. We zien dit als een
meegenomen. Dit vraagt om enige nuance bij de interpretatie.
organisch proces. Hier kunnen nog aanpassingen op komen.
▪ We realiseren ons dat het niet haalbaar is om de impact van alle 47 maatregelen
Bij de bespreking van de voorgaande rapportage in de Raad (d.d. 10 februari
afzonderlijk te meten. In plaats daarvan richten we ons op de maatregelen
2025) is aangegeven dat een aantal relatieve indicatoren weinig gevoel geeft
waarvan we de meeste impact verwachten. Dit doen we via een combinatie van
over (de ontwikkeling van) absolute cijfers, bijvoorbeeld bij het percentage
tellen en vertellen. Beide vormen van monitoring zijn waardevol en vullen elkaar
jeugdigen dat instroomt of het percentage jeugdigen dat thuis woont. In de
aan.
voorliggende rapportage is bij 4 indicatoren (1, 2, 5 en 7) een absoluut cijfer toegevoegd. Om de betreffende grafieken leesbaar te houden is voor de
▪
absolute cijfers de schaal van de as waar nodig aangepast. We sluiten zoveel als mogelijk aan op regionale afspraken over (definities en streefwaarden van) indicatoren. Vanuit die lijn is ervoor gekozen om indicator 4 ‘zorgduur voor Wonen en Verblijf’ te splitsen in 2 afzonderlijke indicatoren; 4a Zorgduur Wonen en 4b Zorgduur Verblijf. Het doel is op beide onderdelen de zorgduur te verminderen maar de focus ligt daarbij vooral op het verblijf. De
▪
doelstelling (streefwaarde) is hier ook substantiëler dan bij het wonen. Bij doel 2: ‘beter passsende jeugdhulp’ is de indicator matched care (elke jongere direct de juiste zorg op de juiste plek) nu gereed en conform de uitgangspunten van de regionale monitoring opgenomen. Deze was in de vorige monitor nog in ontwikkeling. Er is nog geen streefwaarde opgenomen. We bekijken of we dit in een latere fase alsnog kunnen doen.
5
HOE STAAT HET MET ONZE DOELEN? DOEL 1: MINDER JEUGDIGEN HEBBEN JEUGDHULP NODIG
praktijkondersteuners jeugd kunnen hiervoor een verklaring zijn. Ook zien we dat er meer aandacht is voor het voorkomen dat kinderen in onveilige situaties opgroeien. Voor de 2e helft 2025 verwachten we een verdere daling van de instroom door inzet ambulante medewerkers van de wijkteams die zelf hulp leveren. Bron: GIDSO regie 3 juli 2025 en Kennispunt Twente
Deze indicator toont het percentage jeugdigen (0-17) dat per kwartaal instroomt in jeugdhulp en minimaal 6 maanden daarvoor geen jeugdhulp kreeg. De instroom in de jeugdhulp kent een seizoenspatroon. Dit patroon wordt mede bepaald door het verloop van het schooljaar en de invloed van de verschillende jaargetijden. Deze is daardoor hoger in het eerste en laatste kwartaal van het jaar en lager in de zomerperiode. In 2025 ligt de instroom zowel onder de streefwaarde als onder het niveau van 2024 en dat is positief. Gemiddeld is de instroom met 30 kinderen afgenomen t.o.v. 2023. We zien met name de instroom afnemen bij verwijzingen door huisartsen en vanuit de gecertificeerde instellingen. De inzet van
6
37, 39). Een deel van deze maatregelen is eind 2024 versneld ingezet. De effecten hiervan moeten in de praktijk nog sterker zichtbaar worden. Dat vraagt om een lange adem, consistente inzet en nauwe samenwerking met onze partners in het veld. Bron: GIDSO regie (MO platform) 3 juli 2025 en Kennispunt Twente
Deze indicator toont het percentage jeugdigen (0-17 jaar), als percentage van het totaal aantal jeugdigen (0-17 jaar) in Enschede, dat in een kwartaal jeugdhulp kreeg. Het percentage neemt toe. Enerzijds als gevolg van een stijging van het aantal jeugdigen met jeugdhulp in 2024 en 2025 ten opzichte van 2023 (autonome volume groei) en anderzijds door een daling van het totaal aantal jeugdigen in Enschede t.o.v. 2023 (500 jeugdigen minder). Opvallend is dat deze stijging niet voortkomt uit een toename van de instroom (zie indicator 1), maar vooral door verlengingen en achterblijvende uitstroom. Doordat de uitstroom achterblijft, neemt de zorgduur toe en loopt het percentage jeugdigen met jeugdhulp op. Dit is een belangrijke ontwikkeling die onze blijvende aandacht vraagt. Om hierop te sturen, werken we actief aan het verkorten van de zorgduur. Dit is onderdeel van meerdere maatregelen (onder andere maatregelen 15, 19, 24, 30,
7
DOEL 2: BETER PASSENDE JEUGDHULP
Deze indicator geeft het aantal jeugdigen, die binnen 2 maanden na start
Deze indicator laat het gemiddeld aantal dagen zien dat jeugdigen (alle
van de zorg met een zelfde zorgproduct naar een andere aanbieder
leeftijden) met woonindicatie op grond van de Jeugdwet daadwerkelijk
doorgeplaatst worden. Beter passende hulp betekent dat het aantal
uitwonend zijn. De zorgduur per kwartaal zijn de werkelijke woondagen in een
doorplaatsingen zo laag mogelijk is. We willen jeugdigen zoveel mogelijk in één
kwartaal, zoals deze worden gedeclareerd door zorgaanbieders. Er is in 2025
keer direct op de juiste plek plaatsen (matched care). Door de nieuwe inkoop en
(kwartaal 1) sprake van een daling van de woonduur ten opzichte van 2024,
de werkwijze in de vorige inkoop zijn de cijfers beperkt vergelijkbaar en moeten
waarbij in kwartaal 2 2025 er weer een sterke stijging optreedt. Dit is een gevolg
ze met de nodige voorzichtigheid worden geinterpreteerd. In Q1 2025 is namelijk
van het feit dat in het eerste kwartaal minder declaraties pleegzorg zijn ontvangen
sprake van een aanzienlijk aantal omzettingen van cliënten die bij een andere
(door een tijdelijke cliëntenstop bij twee zorgaanbieders). Deze daling wordt weer
zorgaanbieder geplaatst zijn door keuzes van aanbieders bij de inschrijving op de
“recht gezet” in het tweede kwartaal (en is dus over deze twee kwartalen een
regionale inkoopproducten. Het jaar 2025 is een overgangsjaar voor de regionale
administratief effect). Gemiddeld genomen komt de zorgduur over deze twee
inkoop. Dit betekent dat er gaande het jaar nog herbeoordelingen plaatsvinden, wat fluctuaties kan geven. Bron: MO Gidso regie (MO platform) 2 juli 2025
kwartalen uit op 84 dagen, dat ligt iets onder het niveau van 2024 en iets boven de streefwaarde (82 dagen). Bron: MO Gidso regie (MO platform) 2 juli 2025
8
zorgduur van Verblijf. Bron: MO Gidso regie (MO platform) 2 juli 2025
Deze indicator laat het gemiddeld aantal dagen zien dat jeugdigen (alle leeftijden) met een verblijfsindicatie op grond van de Jeugdwet daadwerkelijk verblijven. Logeerverblijf is hier buiten beschouwing gelaten, omdat logeren voornamelijk in het weekend plaatsvindt en dus de gemiddelde verblijfsduur sterk verlaagt. De zorgduur per kwartaal zijn de werkelijke verblijfsdagen in een kwartaal, zoals deze worden gedeclareerd door zorgaanbieders. We zien sinds kwartaal 3 2024 een daling van verblijf ontstaan, waarbij er in kwartaal 2025 weer een sterke stijging optreedt naar het niveau van 2024. Overigens neemt het aantal jeugdigen in verblijf gestaag af sinds kwartaal 3 2024. De verwachting is dat de verdere invoer van ambulante alternatieven en de implementatie van het regionale coördinatiepunt Wonen en Verblijf van invloed zullen zijn op een daling van de
9
DOEL 2: BETER PASSENDE JEUGDHULP (VERVOLG)
Voor deze indicator kijken we iedere maand naar alle jeugdigen die binnen 6
Deze indicator toont het percentage deelnemers aan het cliëntervaringsonderzoek
maanden na afronding van de jeugdhulp terugkeren in jeugdhulp. De jeugdigen
jeugd dat zich naar eigen zeggen (veel) beter voelt door de hulp. I&O Research
die in ieder geval 6 maanden lang niet opnieuw jeugdhulp nodig hadden, hebben een
voert het cliëntervaringsonderzoek jeugd aan het eind van ieder jaar uit. I&O
‘duurzame zorgoplossing’ gehad.
Research nodigt een aselecte steekproef van jeugdigen en/of hun ouders uit om
Na een toename van de duurzame zorgoplossing in kwartaal 3 en 4 2024 zien we
een vragenlijst in te vullen over hun ervaringen. In 2024 vulden 338 personen de
over de eerste 6 maanden in 2025 een daling. Dat betekent dat er meer kinderen die
vragenlijst in. Tussen 2019 en 2022 was het percentage aardig stabiel, met in
in de tweede helft van 2024 zijn uitgestroomd in de eerste helft van 2025 zijn
2023 een daling en in 2024 weer een stijging. We streven ernaar om in de komende
teruggekeerd in zorg. De daling in kwartaal 2 heeft vooral te maken met de
jaren een geleidelijke toename te zien van het percentage ouders/ jeugdigen dat zich
hoeveelheid indicaties die eind juni aflopen en verlengd worden. De cijfers zijn over
naar eigen zeggen beter voelt door de hulp.
de eerste kwartalen 2025 wel positiever dan in dezelfde periode voorgaand jaar.
Bron: Cliëntervaringsonderzoek Jeugd Enschede - I&O Research
Bron: MO Gidso Regie (MO platform) 2 juli 2025
10
DOEL 3 MEER JEUGDIGEN GROEIEN ZO THUIS MOGELIJK OP
Deze indicator toont per kwartaal het percentage jeugdigen (0-17 jaar) dat thuis
Deze indicator toont het aantal jeugdigen (0-17 jaar) dat per maand instroomt
opgroeit. Het percentage jeugdigen dat thuis opgroeit, stijgt in 2025. In 2024 is een
in jeugdhulp in de categorie ‘wonen en verblijf’. Deze jeugdigen kregen in de
daling zichtbaar als gevolg van een toename (instroom) in Wonen en Verblijf. In
voorgaande 6 maanden geen jeugdhulp in de categorie ‘wonen of verblijf’. De
2025 is er meer uitstroom en minder instroom in Wonen en Verblijf. Dit komt mede
aantallen in 2025 zijn lager dan in 2024. Dit sluit aan bij de door ons gewenste
door het operationeel worden van het coördinatiepunt Wonen en Verblijf en de
ontwikkeling en is mede een gevolg van meer focus op ambulantisering en de inzet
toename van de inzet van ambulante alternatieven voor verblijf, waardoor het aantal
van ambulante alternatieven, Team Anders en de werkwijze van het coördinatiepunt
jeugdigen dat thuis opgroeit stijgt. Thuis opgroeien is de koers die we nastreven,
Wonen en Verblijf.
omdat het over het algemeen beter is voor de ontwikkeling van jeugdigen. Als
Bron: MO Gidso Regie (MO platform) 2 juli 2025
jeugdigen echter thuis hulp ontvangen, omdat er geen passende verblijfsplek is, is dat ongewenst. Bron: MO Gidso regie (MO platform) 2 juli 2025 en KennispuntTwente (bevolkingscijfers)
11
DOEL 4: MINDER FINANCIEEL TEKORT
Het streven (grijze lijn) is een kleine daling van het tekort zoals dat in 2023 aanwezig was. In 2025 neemt het tekort iets af ten opzichte van 2024. Dit komt door enerzijds een hogere vergoeding van het Rijk via de gemeentefonds uitkering (eenmalige compensatie) maar anderzijds door verder gestegen kosten voor Jeugdhulp. Per saldo loopt de bijdrage uit de algemene middelen wel terug maar het tekort is nog fors hoger dan de streefwaarde. De hogere kosten zijn het gevolg van: •
Het inkopen van kleinschalige woon en verblijfvoorzieningen (hogere tarieven);
•
Het betalen voor het beschikbaar houden van verblijfsplekken (beiden voor hoogspecialistische jeugdhulp met verblijf) terwijl de beoogde opbrengsten (namelijk korter verblijf, minder aanvullende inzet en crisis) nog onvoldoende optreden;
•
Hogere contractuele indexatie in 2025 dan de gemeentelijke loon- en prijsindexatie. Bron: financiële prognose jeugdhulp programmabureau sociaal domein
Deze indicator laat zien hoeveel verschil er is tussen de inkomsten van het
en begrotingsinformatie jeugdhulp
Rijk en de verwachte uitgaven voor jeugdhulp in een jaar. Dat verschil drukken we uit in een percentage van de rijksinkomsten. De rijksinkomsten zijn niet meer 1-op-1 herleidbaar uit het gemeentefonds en daarmee afgeleid uit de bijdrage die de gemeente vanuit de algemene middelen bijpast. We schatten in dat de maatregelen uit de strategienota op termijn voor een besparing gaan zorgen, maar we verwachten anderzijds ook dat het tekort verder op zal lopen door hogere (autonome) uitgaven. Dit betekent dat we meer moeten bij passen uit de algemene middelen en daarmee loopt het verschil weer op.
12
HOE STAAT HET MET DE UITVOERING EN DE INVESTERINGEN? UITVOERING VAN MAATREGELEN
beurt pas worden afgegeven nadat de begroting was vastgesteld. Voor 6 van de 7 vertraagde maatregelen wordt een inhaalslag verwacht in de tweede helft van 2025. Het gaat hierbij om de maatregelen:
•
Meer laagdrempelige hulp bij opgroeien en opvoeden in de wijk (maatregel 11)
•
Meer duidelijkheid rondom regie en hulp bieden voor het gezin (maatregel 15)
•
Wijkteams en gecertificeerde instellingen monitoren strikt of verblijf nodig is (maatregel 17)
•
Meer expertise bij wijkteams en zelf hulp bieden (maatregel 21)
•
Scherpere afspraken met externe verwijzers voor goede afstemming en kostenbewust indiceren (maatregel 24)
•
Datagestuurd verbeteren van de jeugdzorg (maatregel 42)
Deze maatregelen bevinden zich nu nog in de voorbereidingsfase, maar de verwachting is dat ze eind van het jaar zichtbaar zijn in de praktijk. Maatregel 30 ‘Meer tussenvoorzieningen voor uitstroom verblijfshulp’ wordt dit jaar Deze indicator laat zien hoeveel maatregelen we in de praktijk zijn gestart.
niet gerealiseerd. De uitbreiding van plekken loopt vertraging op. De realisatie van
We hadden het voornemen om uiterlijk in het tweede kwartaal van 2025
beoogde locaties voor de doelgroep kon niet doorgaan als gevolg van externe
30 maatregelen in de praktijk te starten. Van deze 30 zijn er inmiddels 23
factoren rondom de woningmarkt. Daarnaast is deze maatregel in de praktijk ook
maatregelen ten uitvoer gebracht in de vorm van een pilot, implementatie of
complex gebleken door het vinden van een passende zorgaanbieder en de
inbedding in reguliere werkzaamheden. De overige 7 maatregelen hebben vertraging
vraagstukken die spelen rondom de bestaande tussenvoorzieningen.
opgelopen, voornamelijk door personele wisselingen en benodigde opstarttijd.
Deze vertraging leidt ertoe dat de opbrengsten van deze maatregelen naar
Een voorbeeld hiervan is het werven van personeel, dat pas kon starten nadat
verwachting pas in de loop van 2026–2027 worden gerealiseerd.
subsidiebeschikkingen waren afgegeven. Die subsidiebeschikkingen konden op hun
Bron: Registratie voortgang maatregelen
13
INVESTERINGEN
(onder andere regionale maatregelen op het gebied van wonen&verblijf). Bron: Strategienota Onze Jeugd Onze Zorg en CODA
Deze indicator laat het totaal aan feitelijke investeringen (o.a. vervangende zorginzet en personele inzet) zien ten opzichte van het begrote niveau van investeringen. Het gaat hier om de cumulatieve investeringen gedurende de implementatieperiode. De investeringen blijven in 2025 achter bij de streefwaarde. De uitbreiding van de wijkteams is in 2025 opgestart en leidt in 2025 nog niet tot het volledige investeringsbedrag. Een aantal projecten is weliswaar opgestart maar leidt momenteel nog niet tot vervangende zorginzet (bijvoorbeeld voor tussenvoorzieningen voor 18+ kinderen in verblijf), tot slot geldt dat er ook een aantal projecten is waarvoor wel geïnvesteerd wordt maar waar de investeringen uit een andere (voorliggende) dekkingsbron plaatsvinden
14
WAT IS HET RESULTAAT VAN DE AFGERONDE MAATREGELEN? In dit hoofdstuk beschrijven we de afronding van 8 van de 47 maatregelen. Deze
Het is gelukt om op alle scholen 5 uur per week ondersteuning aan te bieden. Dat is
maatregelen zijn succesvol doorlopen en hebben hun beoogde resultaten bereikt.
het minimum om echt verschil te maken. We wilden eigenlijk 7,5 uur per school
Per maatregel lichten we toe hoe de vervolgstappen en structurele inbedding binnen
inzetten, maar dat bleek (nog) niet haalbaar. Reden hiervoor is dat er onvoldoende
beleid en/of praktijk vorm hebben gekregen. Zo wordt duidelijk hoe de behaalde
personeel kon worden aangetrokken.
resultaten duurzaam worden geborgd. Met deze uitbreiding is op alle basisscholen een IKC- wijkcoach gerealiseerd en
MAATREGEL 8: UITBREIDEN INZET WIJKCOACHES OP ALLE BASISSCHOLEN IN ENSCHEDE Een IKC-wijkcoach is de verbindende schakel tussen school, gezin en buurt.
daarmee is deze maatregel afgerond. Samen met het onderwijs en de wijkteams blijven we in overleg om te kijken wat het effect is van de inzet van de IKCwijkcoaches.
Door meer op scholen aanwezig te zijn, signaleert de IKC-wijkcoach vroegtijdig wijkvoorzieningen bij elkaar. Door de aanwezigheid zijn ze laagdrempeliger
MAATREGEL 9: UITBREIDING SUCCESVOLLE ONDERWIJSJEUGDHULP ARRANGEMENTEN (OJA)
bereikbaar, worden docenten ontlast en - nog belangrijker - krijgen jeugdigen en
De OnderwijsJeugdhulpArrangementen (OJA) zijn in 2018 gestart als pilot op 5
ouders sneller ondersteuning.
zorgintensieve scholen. Met de pilot wilden we ervoor zorgen dat jeugdigen die extra
problemen, levert of regelt passende hulp en brengt onderwijs, jeugdzorg en
hulp nodig hebben, onze ondersteuning zo vroeg en zo snel mogelijk krijgen, zowel Op 19 Integrale Kindcentra (IKC’s) wordt de IKC-wijkcoach intensiever ingezet. Dit
thuis als op school. Ouders en scholen waren zeer tevreden over de korte lijnen, de
gaat om 34 basisscholen, waarvan er 24 (van KOE en Consent) subsidie hebben
laagdrempelige manier van werken en de snelle inzet van hulp. Ook lieten de
gekregen voor een brugfunctionaris. Met deze schoolbesturen is afgesproken om de
financiële analyses een duidelijke positieve ontwikkeling zien. Zonder de OJA waren
subsidie voor een brugfunctionaris te gebruiken voor de inzet van de IKC-wijkcoach.
de uitgaven jeugdhulp hoger geweest.
Het budget dat hierdoor vrijkomt, gebruiken we om ook op de andere scholen extra IKC-wijkcoaches in te zetten. Dat betreft naast basisscholen van KOE en Consent ook scholen van de scholengroep Hannah, ESV, Noorderkroon en Al Ummah.
In 2023 is besloten om de OJA op de vijf zorgintensieve scholen structureel voort te zetten.Tevens heeft een onderzoek plaatsgevonden op welke andere scholen OJA
15
ook mogelijk zou zijn. In afstemming met onze onderwijspartners heeft dit geleid tot uitbreiding met twee scholen met ingang van 2025. Op OJA-scholen volgen ook leerlingen onderwijs die, vanuit het woonplaatsbeginsel, niet onder de (financiële) verantwoordelijkheid van Enschede vallen. Zij zijn woonachtig in andere gemeenten of in Duitsland. Wij zien graag dat alle leerlingen op een school, ongeacht de woonplaats van de jeugdige, kunnen deelnemen aan OJA en de voordelen ervaren. Daarom hebben wij alle regiogemeenten uitgenodigd om deel te nemen. De gemeenten Hengelo, Almelo, Twenterand en Hellendoorn nemen vanaf 2025 nu ook deel aan OJA. Met ingang van 1 januari 2025 werd de OJA ingekocht. Met twee jeugdhulpaanbieders, Pluryn en Jarabee, zijn inkoopovereenkomsten afgesloten om
geld. Deze maatregelen leveren een bijdrage aan het hoofddoel dat in 2027 meer Enschedese jeugdigen thuis, of zo thuis mogelijk, opgroeien. Via de regionale inkoop Jeugdhulp is met ingang van 1 januari 2025 contractueel vastgelegd dat zorgaanbieders die verblijf bieden verplicht zijn om het aantal bedden voor verblijf af te bouwen (inspanningsverplichting) en een ambulant alternatief voor verblijf aan te bieden. Tevens is vastgelegd dat aanbieders de gemiddelde verblijfsduur verkorten. Hiermee is aan deze verplichting voldaan. Het implementatieproces van de ingekochte jeugdhulp 2025 - 2028 is inmiddels afgerond. Dit houdt in dat verwijzers en aanbieders goed op de hoogte zijn van de specialistische zorgmogelijkheden, de bijbehorende afspraken en daarnaar weten te handelen. Een lokale werkgroep implementatie inkoop jeugdhulp en wmo heeft
als hoofdaanbieder van jeugdhulp op de OJA-scholen op te treden. Daarmee is
zorggedragen voor diverse scholingsactiviteiten, de borging van de ingekochte zorg
duidelijk welke jeugdhulpaanbieders de komende jaren werkzaam zijn op de OJA-
in de systemen, werkprocessen en beleidsregels.
scholen en is invulling gegeven aan deze maatregel. De voortgang wordt zowel op inhoud als financieel gevolgd door een opgezette monitoringssystematiek samen met
Voor de jaren 2025 tot en met 2028 (contractperiode) zijn er afspraken gemaakt over
de betrokken partners.
contractmanagement en contractbeheer, zowel op regionaal niveau (OZJT) als op lokaal niveau. Samen met de zorgaanbieders is afgesproken welke doelen en
MAATREGELEN 25, 26, 27: AANBIEDERS MET VERBLIJF VERPLICHTEN OM MINIMAAL ÉÉN AMBULANT ALTERNATIEF AAN TE BIEDEN, BEDDEN AF TE BOUWEN EN DE GEMIDDELDE VERBLIJFSDUUR TE VERKORTEN
meetpunten (indicatoren) er zijn en hoe deze worden gevolgd. Deze doelen en meetpunten zijn vastgelegd in doelenbomen voor de regio. De resultaten worden gevolgd via de Twentse Monitor Sociaal Domein en via onze eigen voortgangsrapportages. Zo kunnen we zien wat de afspraken opleveren.
Relatief veel Enschedese jeugdigen krijgen (intensieve) jeugdhulp met verblijf. Dit is voor veel jeugdigen niet perse de beste oplossing. Jeugdhulp met verblijf kost veel
16
MAATREGEL 34: EXTRA CONTROLE OP KWALITEIT EN INTEGRITEIT VAN ZORGAANBIEDERS BIJ INKOOP
met tariefdifferentiatie. Voor woon- en verblijfslocaties is per locatie een tarief vastgesteld op basis van de zorg en pedagogisch klimaat dat op die locatie geleverd
Om de kwaliteit en betrouwbaarheid van gecontracteerde zorgaanbieders te
wordt. Het doel van deze maatregel is dat er minder discussies zullen zijn in de
waarborgen, is tijdens het inkoopproces een extra toets uitgevoerd met het
toegang over welke productcodes en tarieven een aanbieder zou moeten krijgen
Kwaliteits- en Integriteitsinstrument Twente (KIT). Deze aanvullende controle vroeg
voor de zorg.
om een aanzienlijke administratieve inzet van zowel gemeenten als aanbieders. De inzet van het KIT heeft echter aantoonbaar bijgedragen aan het verbeteren van de
Met het inkoopproces jeugdhulp 2025, waar de Regiovisie 2022 aan ten grondslag
kwaliteitsstandaarden binnen het zorgaanbod.
lag, het lokale implementatieproces en het vastleggen van afspraken in contracten,
De bevindingen lieten zien dat bij een aanzienlijk aantal aanbieders de vereiste
hebben de maatregelen ertoe geleid dat:
diploma’s en de processen voor risico-inventarisatie en -evaluatie niet volledig op
•
gekomen met inzet van tariefdifferentiatie;
orde waren. Op basis van deze uitkomsten zijn verbeteringen doorgevoerd door de aanbieders.
MAATREGEL 35: ACHTERDEUR VOOR NIEUWE AANBIEDERS SLUITEN De achterdeur voor nieuwe aanbieders is gesloten sinds 1 januari 2025. Gedurende de contractperiode 2025 – 2028 is er van doorlopende inschrijving geen sprake. Alleen Samen Twente/OZJT kan tussentijdse toetreding voor een specifieke zorgvorm nog mogelijk maken wanneer een zorgvorm ontbreekt in het landschap. Hiermee is deze maatregel afgerond.
MAATREGEL 36: EINDE TARIEFDISCUSSIE DOOR VEREENVOUDIGING INKOOP
Er een duidelijker uiteenzetting van de verschillende zorgvormen/producten is
•
Datagedreven werken is opgenomen in de bestekken en ingericht;
•
Ambulante alternatieven voor verblijf als nieuw product ingezet kan worden;
•
Er de mogelijkheid is voor het uitvoeren van pilots;
•
Alle inschrijvers zijn beoordeeld op kwaliteit, integriteit en BIBOB.
Aan het begin van het inkoopproces heeft de raad aangegeven welke thema’s zij belangrijk vond voor het jeugdhulplandschap. De thema’s waren het leren en transformeren naar meer ambulante ondersteuning dicht bij huis, het voorkomen van fraude en het beperken van aanbieders. Met de opbrengsten van het inkoop- en implementatieproces ligt er stevige basis om de komende jaren verder te werken aan de beleidsuitgangspunten van Onze Jeugd, Onze Zorg.
Tijdens het inkoopproces heeft een tarievenonderzoek plaatsgevonden. Uitgangspunt was hierbij om te komen tot reële tarieven per zorgvorm en te werken
17
WAT IS DE ACTUELE FINANCIELE SITUATIE? FINANCIELE EINDEJAARSVERWACHTING 2025
- een toename van de gemiddelde kosten voor het Wonen (meer inzet op
In de tussenrapportage is een tekort van 6,1 miljoen euro ten opzichte van de
woongroepen dan in gezinshuizen en pleegzorg).
begroting gemeld voor Jeugdhulp. Deze informatie is gebaseerd op de beschikbare
De eindejaarsverwachting stellen we daarmee ook bij, waarbij er nog steeds sprake
data t/m april. Ten opzichte van die situatie zien we twee nieuwe effecten:
is van een ruime onzekerheidsmarge. Die onzekerheid heeft enerzijds te maken met
1.
Een verdere toename van kosten voor autonome groei van de Jeugdhulp (-/- 2,8
het “overgangsjaar” van het oude inkoopmodel naar het nieuwe inkoopmodel (er
mln euro)
wordt gaandeweg het jaar nog steeds zorg omgezet) maar anderzijds ook met de in
Een extra (eenmalige) ontvangst van middelen 2023-2024 vanuit het Rijk (+/+
te schatten effecten van de maatregelen (zo zal bijvoorbeeld de inzet van ambulante
8,3 mln euro)
medewerkers in de wijkteams vooral in de tweede helft van 2025 effect gaan
2.
Per saldo is de actuele verwachting (prognose september 2025) dat we op jeugdhulp
hebben).
0,5 mln tekort komen ten opzichte van de begroting. Bestaande uit een negatief exploitatieresultaat van 8,8 miljoen euro en een incidenteel resultaat vanuit
Ad 2.
voorgaande jaren van 8,3 miljoen euro.
Naar aanleiding van het advies van de commissie van Ark heeft het Rijk 50% van de doorwerking van het landelijke tekort uit 2023 en 2024 op het jaar 2025 vergoed in
Ad 1.
2025. Dat effect is reeds betrokken bij het eerder gemelde tekort over 2025 (4,7
We zien de kosten voor Jeugdhulp tussen april en augustus verder oplopen door:
miljoen euro). De gemeenten hebben bij het Rijk aangedrongen op het nakomen van
- een verder stijgende volumegroei (de inschatting was 1% maar dit is actueel t/m
de afspraken over de compensatie (50% voor rekening Rijk) van de tekorten in 2023
augustus 3% groei);
en 2024. Het Rijk komt deze afspraak nu na (Kabinet komt afspraken over jeugdzorg
- een toename van de inzet voor OJA op de twee nieuwe scholen (dit betekent
na | VNG) en dat betekent een eenmalige uitkering van 8,3 miljoen euro voor
enerzijds een verschuiving van kosten maar anderzijds ook een extra incidentele
Enschede. Zoals reeds aangegeven in de brief omtrent de septembercirculaire
investering: er vindt extra inzet op de OJA-school plaats maar bestaande
betreffen het vrij besteedbare middelen en is dit te zien als een vergoeding voor
zorgtrajecten worden niet direct beïnvloed);
tekorten die eerder uit de algemene reserve zijn afgedekt. Het kabinet geeft echter mee dat de middelen ingezet kunnen worden bij de transformatie van de jeugdzorg
18
conform de afspraken in de Hervormingsagenda. In Enschede zal de bijdrage
•
Hogere contractuele indexatie in 2025 dan de gemeentelijke loon- en
worden gestort in de bestaande reserve jeugdhulp waarmee toekomstige tekorten
prijscompensatie (-/- 0,8 miljoen euro), ook dit knelpunt is meegenomen in de
jeugdzorg (bijvoorbeeld door autonome groei) afgedekt kunnen worden.
begroting 2026;
NADERE DUIDING EXPLOITATIERESULTAAT 2025
•
Nagekomen verplichtingen uit 2024 (-/- 0,4 miljoen euro);
•
Oplopende volumegroei van 3% (-/- 3,0 miljoen euro), gebaseerd op de groei
Na bovengenoemde mutaties is het goed om het exploitatieresultaat van -/- 8,8
t/m augustus van het aantal jeugdigen dat een vorm van 2e lijns jeugdhulp nodig
miljoen euro uiteen te zetten in de plussen en minnen.
heeft; •
Verdere autonome groei in 2025 (-/- 2,2 miljoen euro): het rapport “Groeipijn” van de commissie van Ark gaat uit van een autonome kostengroei (zowel in volume als in kosten per jeugdige) van 4,7%. Voor Enschede betekent dit een groei van 5,2 miljoen euro in kosten, hiervan komt 3,0 miljoen euro voor rekening van volumegroei (zie voorgaand punt);
•
Compensatie van het Rijk voor de doorwerking van de autonome groei in 2023 en 2024 naar 2025 (4,7 miljoen euro);
•
Minder uitgaven aan investeringen voor OJOZ (+1,7 miljoen euro), zie (toelichting) grafiek 11;
•
De verwerkte taakstelling van 2,2 miljoen euro op het budget voor Jeugdhulp als te verwachten opbrengst uit de maatregelen.
Per saldo blijft er dan nog een beperkt effect van 0,3 mln euro aan verwachte kostenstijging over waarbij de doelstelling voor 2025 is dat we 2,2 miljoen euro Er is sprake van: •
Doorwerking van de autonome groei in 2024 naar 2025 (-/- 6,5 miljoen euro), deze groei is meegenomen in de begroting 2026;
“inlopen”.
WAT BETEKENT DIT TEKORT VOOR 2026 EN VERDER? Een aanzienlijk deel van het te verwachten tekort 2025 is in 2026 afgedekt via het middelenkader van de begroting 2026. Daarnaast is het de verwachting dat het
19
aantal gestarte maatregelen in 2026 op schema ligt, de investeringen verder oplopen en daarmee ook het rendement van de maatregelen. Voor 2026 is echter nog geen verdere autonome groei begroot (mede doordat de rijksmiddelen deze compensatie ook niet kennen), terwijl alle onderzoeken laten zien dat die autonome groei blijvend van aard is. Door de eenmalige compensatie over de jaren 2023 en 2024 beschikken we in ieder geval over een reserve om die extra kosten tijdelijk af te kunnen dekken tot aan het eerstvolgende rapportagemoment van de commissie van Ark (en de uitkomsten van het advies van de commissie op de structurele ontwikkeling van het Jeugdhulpbudget).
20
21
SPECIAL: IAL : HET HE TFAMILIEHUIS FAMILIE HUIS WIJ BESPREKEN IN ELKE VOORTGANGSRAPPORTAGE EEN MAATREGEL
onderdeel van de pedagogische basis en draagt bij aan het normaliseren van
UIT DE STRATEGIENOTA ‘ONZE JEUGD ONZE ZORG’. DEZE KEER IS DAT
problematieken en het benutten van meer informele vormen van ondersteuning.
MAATREGEL 12: ‘OPBOUW VAN EEN NETWERK VAN FAMILIEHUIZEN VOOR BETERE SAMENWERKING ROND HET GEZIN’
WAT HOUDT DE MAATREGEL OOK ALWEER IN?
Enkele ouders: “Ik ben blij met de handvatten die ik heb gekregen voor thuis over het eetmoment. Ik heb ervaren dat het werkt” | “Ik vond het mooi om te zien hoe je met conflict situaties om ging” | “Wat fijn dat er een gratis speelruimte is want ik kan de kinderopvang niet betalen”
Het Familiehuis is een laagdrempelige voorziening in de wijk, waar (aanstaande) ouders terecht kunnen met vragen over de ontwikkeling van het kind, elkaar kunnen ontmoeten en kinderen op een vrije manier leren spelen. Het bevorderen van de fysieke en mentale gezondheid van het kind staat centraal. We willen een netwerk van familiehuizen in de stad opbouwen voor betere samenwerking rondom het gezin, passend bij de lopende ontwikkelingen in het desbetreffende stadsdeel. Het familiehuis is niet alleen een maatregel uit de nota ‘Onze Jeugd, Onze Zorg’, het sluit ook naadloos aan bij de kansen uit de nota ‘Kansrijk Enschede 2023-2033’.
“Onlangs zijn we op werkbezoek geweest bij het Familiehuis West in Enschede. Een erg mooi voorbeeld van hoe op toegankelijke wijze een plek in de wijk is gecreëerd waar ouders / inwoners terecht kunnen met al hun vragen rondom het opvoeden en opgroeien van hun kinderen of gewoon voor het maken van een praatje. Mooi om te zien ook hoe de verbinding daarbij wordt gemaakt met het wijkteam en hoe vanuit een netwerkvorm met verschillende partners wordt samengewerkt. We waren daarbij ook zeer onder de indruk van het Speelhoes! Een mooie manier om ouders te bereiken die je anders niet bereikt en ouders op laagdrempelige wijze te voorzien van opvoedondersteuning, speelmogelijkheden voor hun kind en het ontmoeten van andere ouders in de wijk.” - Ministerie van VWS
WAT BEREIKEN WE HIERMEE? Het hoofddoel is om het gezin eerder en beter te ondersteunen, de eigen kracht te
Familiehuismedewerkers van Alifa en GGD Twente
“In ons Familiehuis creëren we een plek waar ouders (verzorgers) zich gezien voelen, en kinderen zichzelf kunnen zijn en kleine momenten van verbinding een groot verschil maken. In het Familiehuis begint alles met liefdevolle aandacht. We omringen ieder kind en iedere ouder/ verzorger met respect, vertrouwen en een luisterend oor. Hier mag je gewoon zijn wie je bent!” - Monique oude Vrielink (familiehuismedewerker Humankind) “Wij willen het stukje ‘it takes a village to raise a child’ weer terugbrengen. Juist in deze tijd is het zo belangrijk dat je mensen om je heen hebt en dat je elkaar leert kennen in de wijk.” - Marianne Boek (familiehuismedewerker GGD Twente)
versterken en het sociale netwerk van het gezin uit te breiden. Het familiehuis is daarmee
22
WAT GAAN WE PRECIES DOEN? Het eerste familiehuis is eind 2024 geopend en is gevestigd in wijkcentrum
WAAR ZIJN WE TROTS OP? •
’t NiJe Terphoes in Enschede West. We zijn vanuit het niets begonnen en er in
elkaar samenwerken en ook niet allemaal dezelfde doelstellingen hebben,
geslaagd om toenemende aanloop te krijgen. Met elkaar spreken de maatschappelijke
elkaar in het familiehuis wel als goede en waardevolle
partners af welke onderwerpen zij voor de doelgroep organiseren. Rondom het thema relaties en opvoeden wordt er bijvoorbeeld het volgende
samenwerkingspartners hebben gevonden. •
juridisch advies toegankelijk voor alle ouders die te maken hebben met •
veel positieve energie die wij dan ook weer samen uitstralen.
Maandelijks een laagdrempelige, preventieve inloopmogelijkheid met een gespecialiseerde familierechtadvocaat aangesloten bij VFAS. Hierdoor is
We zijn trots en enthousiast op het feit dat we met niets zijn begonnen en nu een steeds beter lopende plek voor ontmoeting hebben. Dat geeft ons heel
georganiseerd: •
We zijn er trots op dat organisaties die niet van huis uit automatisch met
•
We zijn er trots op dat we het familiehuis nu ook mooi en aantrekkelijk hebben gemaakt.
complexe of emotioneel beladen situaties, zoals een (dreigende) scheiding.
Maar we zijn er vooral trots op dat ouders het hier fijn vinden en dat zij ons en elkaar
Dagelijkse beschikbaarheid van professionals voor de emotionele kant van
steeds beter weten te vinden, want daar doen we het toch voor!
relatieproblemen. In veel gevallen is er nog de wens om elkaar terug te vinden, maar ontbreekt het aan handvatten om dat proces op gang te brengen. Wanneer dit ontbreekt, is de kans op scheiding groter. •
Het organiseren van de relatiecursus ‘Houd me vast’ op meerdere momenten in het jaar. Dit is een bewezen effectief programma voor ouders die de relatie met elkaar willen versterken of herstellen en de veerkracht willen vergroten nog vóórdat de situatie escaleert of een scheiding onvermijdelijk lijkt. De bijeenkomsten zijn toegankelijk voor ouders in verschillende fasen van hun relatie: van twijfel tot herstel of verdieping.
Uitrol concept familiehuis In Enschede Noord en Zuid werken al veel maatschappelijke organisaties met elkaar samen. Dit is een mooie basis voor het concept familiehuis om inwoners beter en
Medewerkers van Alifa en Incluzio bij de opening van het Familiehuis
eerder te ondersteunen. We ondervinden steeds meer dat het concept familiehuis niet altijd een fysieke locatie nodig heeft draait om een goede netwerkorganisatie. Dit biedt kansen om het verder en breder gebiedsgericht in de stad vorm te geven.
“Je hoeft hier niks, je mag er gewoon zijn. We lopen een stukje met je mee. En kunnen ook vanuit onze expertise tips geven”. - Marieke Bornebroek (familiehuismedewerker Alifa)
23
Teksten Strategie en beleid Sociaal en Programmabureau Sociaal Datum November 2025 Aan dit document kunnen geen rechten worden ontleend 24