CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting subsidieverordening en Covid 19

Raadsvergadering 8 maart 2021, gemeente enschedeBij agendapunt: Subsidieverordening Ondersteuning culturele sector en inzet Rijksmiddelen cultuur10.433 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

de steun wordt verleend aan een onderneming die een economische activiteit verricht;

de steun wordt door staatsmiddelen bekostigd;

22

Toelichting Tijdelijke subsidieverordening Ondersteuning culturele sector negatieve gevolgen Covid-19 2021

deze staatsmiddelen verschaffen een economisch voordeel dat niet via normale commerciële weg zou zijn verkregen (non-marktconformiteit);

de maatregel is selectief: het geldt voor één of enkele ondernemingen, een specifieke sector/regio;

de maatregel vervalst de mededinging (in potentie) en (dreigt te) leiden tot een ongunstige beïnvloeding van het handelsverkeer in de EU.

Subsidies verleend op grond van de tijdelijke verordening zullen naar verwachting niet of slechts bij uitzondering leiden tot staatssteun. Dit omdat de subsidieverstrekking niet leidt of dreigt te leiden tot een ongunstige beïnvloeding van het handelsverkeer in de EU. De potentiële subsidieaanvragers richten zich op Enschede en Nederlands publiek uit de gemeente en regio, niet op publiek uit Duitsland. Desalniettemin is het verstandig wel staatssteunregels op te nemen, zodat op het moment dat subsidieverlening gebruik gemaakt kan worden van de vrijstellingsmogelijkheden. Vrijstellingsverordeningen: de-minimisverordening en algemene groepsvrijstellingsverordening Voor zover een subsidie verleend op grond van de tijdelijke subsidieverordening staatssteun zou opleveren, maakt de gemeente gebruik van de mogelijkheden die steun toch te verlenen op grond van de de-minimisverordening (Verordening (EU) br. 1407/2013, PbEU 2013, L352/1 of de algemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV, Verordening (EU), nr. 651/2014, PbEU 2014, L187/1). Door gebruik te maken van de artikelen van de AGVV hoeven steunmaatregelen die bijdragen aan bepaalde beleidsdoeleinden niet gemeld te worden bij de Europese Commissie, zoals steun voor culturele instellingen. Op basis van de reguliere de-minimisverordening mag een onderneming tot € 200.000 aan steun per drie belastingjaren ontvangen.

Bij gebruik van een vrijstellingsverordening is het wel van belang dat de steunverlening voldoet aan alle voorwaarden in de desbetreffende verordening. Beide verordeningen zijn 2 juli 2020 gewijzigd in die zin dat: -

de werking ervan is verlengd tot en met 31 december 2023;

-

de AGVV-steun toestaat aan ondernemingen die op 31 december 2019 nog niet in moeilijkheden verkeerden, maar ondernemingen in moeilijkheden werden in de periode van 1 januari 2020 tot en met 30 juni 2021. Deze wijziging is een reactie op de negatieve financiële en economische gevolgen van de COVID-19-uitbraak voor ondernemingen

Het college toetst of in geval van subsidieverlening op grond van de tijdelijke subsidieverordening sprake is van staatssteun. Kan de steun niet op grond van één van de vrijstellingsverordeningen worden verleend, dan weigert het college de subsidie op grond van artikel 4:35, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht De artikelen 51 tot en met 56 hebben betrekking op steun die onder de AGVV valt. Het zijn eisen die feitelijk al uit die verordening voortvloeien en hier zijn herhaald. Aangezien de tijdelijke subsidieverordening uitsluitend op cultuur ziet, kan de steun die onder de AGVV valt alleen steun op

23

Toelichting Tijdelijke subsidieverordening Ondersteuning culturele sector negatieve gevolgen Covid-19 2021

grond van artikel 53 AGVV betreffen en kan de steun alleen worden verleend wanneer aan de voorwaarden van artikel 53 AGVV wordt voldaan. Artikel 53 luidt als volgt: Steun voor cultuur en instandhouding van het erfgoed 1.

Steun voor cultuur en instandhouding van het erfgoed is verenigbaar met de interne markt in de zin van artikel 107, lid 3, van het Verdrag en is van de aanmeldingsverplichting van artikel 108, lid 3, van het Verdrag vrijgesteld, mits de in dit artikel en in hoofdstuk I vastgestelde voorwaarden zijn vervuld.

2.

De steun wordt toegekend voor de volgende culturele doelstellingen en activiteiten: a)

musea, archieven, bibliotheken, kunstencentra en cultuurcentra of artistieke of culturele locaties, theaters, operahuizen, concerthallen, andere live-performanceorganisaties, cinematografische erfgoedinstellingen, en andere vergelijkbare artistieke en culturele infrastructuurvoorzieningen, organisaties en instellingen;

b)

materieel erfgoed, waaronder alle vormen van roerend of onroerend cultureel erfgoed en archeologische sites, monumenten, historische locaties en gebouwen; natuurerfgoed met een rechtstreekse band met cultuurerfgoed of indien dit door de bevoegde overheidsinstanties van een lidstaat formeel is erkend als cultuur- of natuurerfgoed;

c)

immaterieel erfgoed in welke vorm ook, met inbegrip van volksgebruiken en ambachten;

d)

kunst- of culturele evenementen en performances, festivals, tentoonstellingen en andere vergelijkbare culturele activiteiten;

e)

culturele en artistieke educatie alsmede de bewustmaking van het belang van de bescherming en bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen via educatieve programma's en bewustmakingscampagnes voor het grote publiek, onder meer door middel van nieuwe technologieën;

f)

schrijven, uitgeven, productie, distributie, digitalisering en publiceren van muziek en literatuur, met inbegrip van vertalingen.

3.

De steun kan de vorm hebben van: a)

investeringssteun, met inbegrip van steun voor de bouw of modernisering van cultuurvoorzieningen;

b) 4.

exploitatiesteun.

Wat investeringssteun betreft, zijn de in aanmerking komende kosten de kosten voor investeringen in materiële en immateriële activa, met inbegrip van: a)

kosten voor de bouw, modernisering, verwerving, instandhouding of verbetering van infrastructuur, indien jaarlijks ten minste 80 % van de tijd- of ruimtecapaciteit voor culturele doeleinden wordt gebruikt;

b)

kosten voor de verwerving, met inbegrip van huur, eigendomsoverdracht of fysieke verplaatsing van cultureel erfgoed;

24

Toelichting Tijdelijke subsidieverordening Ondersteuning culturele sector negatieve gevolgen Covid-19 2021

c)

kosten voor bescherming, instandhouding, restauratie en herstel van materieel en immaterieel cultureel erfgoed, met inbegrip van bijkomende kosten voor de opslag onder geschikte omstandigheden, speciale uitrusting, materialen en de kosten voor documentatie, onderzoek, digitalisering en publicatie;

d)

kosten om cultureel erfgoed beter toegankelijk te maken voor het publiek, met inbegrip van kosten voor digitalisering en andere nieuwe technologieën, kosten om de toegankelijkheid te verbeteren voor mensen met speciale behoeften (met name hellingbanen en liften voor mensen met een handicap, aanduidingen in braille en voel- en tastobjecten in musea) en kosten om de culturele diversiteit ten aanzien van presentaties, programma's en bezoekers te bevorderen;

e)

kosten voor culturele projecten en activiteiten, samenwerkings- en uitwisselingsprogramma's en -beurzen, met inbegrip van kosten voor selectieprocedures, promotiekosten en kosten die rechtstreeks uit het project voortvloeien.

5.

Wat exploitatiesteun betreft, zijn de in aanmerking komende kosten de volgende: a)

de kosten van de culturele instelling of erfgoedlocatie in verband met vaste of tijdelijke activiteiten, waaronder tentoonstellingen, uitvoeringen en evenementen en vergelijkbare culturele activiteiten die plaatsvinden in het kader van hun normale activiteiten;

b)

kosten van culturele en artistieke educatie en van de bewustmaking van het belang van de bescherming en bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen via educatieve programma's en bewustmakingscampagnes voor het grote publiek, onder meer door middel van nieuwe technologieën;

c)

kosten om de locaties en activiteiten van culturele instellingen of erfgoedlocaties beter toegankelijk te maken voor het publiek, met inbegrip van kosten voor digitalisering en het gebruik van nieuwe technologieën, alsmede kosten om de toegankelijkheid te verbeteren voor mensen met een handicap;

d)

exploitatiekosten die rechtstreeks verband houden met het culturele project of de culturele activiteit, zoals het huren of leasen van vastgoed en culturele locaties, reiskosten, materialen en leveranties die rechtstreeks verband houden met het culturele project of de culturele activiteit, architectonische structuren voor tentoonstellingen en podia, de ontlening, huur en afschrijving van werktuigen, software en uitrusting, kosten voor toegangsrechten tot auteursrechtelijk beschermde werken en andere verwante door intellectueleeigendomsrechten beschermde content, promotiekosten en kosten die rechtstreeks voortvloeien uit het project of de activiteit. Afschrijvingslasten en financieringskosten komen alleen in aanmerking indien deze niet werden gedekt door investeringssteun;

e)

kosten voor personeel dat werkt voor de culturele instelling, de erfgoedlocatie of een project;

f)

kosten voor advies- en ondersteuningsdiensten geleverd door externe consultants en dienstverrichters, die rechtstreeks voortvloeien uit het project.

6.

In het geval van investeringssteun is het steunbedrag niet hoger dan het verschil tussen de in aanmerking komende kosten en de exploitatiewinst van de investering. De exploitatiewinst wordt

25

Toelichting Tijdelijke subsidieverordening Ondersteuning culturele sector negatieve gevolgen Covid-19 2021

in mindering gebracht op de in aanmerking komende kosten, hetzij vooraf op basis van redelijke prognoses, hetzij via een terugvorderingsmechanisme. De exploitant van de infrastructuur mag een redelijke winst behouden over de betrokken periode. 7.

In het geval van exploitatiesteun is het steunbedrag niet hoger dan wat nodig is om de exploitatietekorten plus een redelijke winst over de betrokken periode te dekken. Dit wordt geborgd vooraf op basis van redelijke prognoses, of via een terugvorderingsmechanisme.

8.

Voor steun van ten hoogste 1 miljoen EUR mag het maximale steunbedrag aan de hand van de in de leden 6 en 7 bedoelde methodiek ook worden vastgesteld op 80 % van de in aanmerking komende kosten.

9.

Wat de publicatie van muziek en literatuur in de zin van lid 2, onder f), betreft, is het maximale steunbedrag niet hoger dan het verschil tussen de in aanmerking komende kosten en de gedisconteerde inkomsten van het project, noch hoger dan 70 % van de in aanmerking komende kosten. De inkomsten worden in mindering gebracht op de in aanmerking komende kosten, hetzij vooraf hetzij via een terugvorderingsmechanisme. De in aanmerking komende kosten zijn de kosten voor publicatie van muziek en literatuur, met inbegrip van de auteursvergoedingen (kosten van auteursrechten), vergoedingen van vertalers, vergoedingen van redacteuren, andere publicatiekosten (proeflezen, correctie, revisie), opmaak- en prepresskosten, en kosten voor drukken en e-publishing.

10. Steun voor kranten en tijdschriften, ongeacht of deze op papier of elektronisch worden gepubliceerd, komt op grond van dit artikel niet in aanmerking. Voor zover een subsidie verleend op grond van de tijdelijke subsidieverordening al zou kwalificeren als steun op grond van de AGVV, dan gaat het om een activiteit die valt onder lid 2, sub a. Subsidies ter dekking van het liquiditeitstekort en voor de kosten van de artistieke leiding vormen exploitatiesteun, de subsidies ter vergroting van de wend- en weerbaarheid, investeringssteun. Paragraaf 7

Slotbepalingen

Aangezien de gelden in 2021 moeten worden uitgegeven vervalt de tijdelijke subsidieverordening van rechtswege per 1 januari 2022. Op dat moment worden projecten nog uitgevoerd. Op die projecten blijft de tijdelijke subsidieverordening (en de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht) van toepassing.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=644cc57a-0f54-4bc4-8a4d-9eb4df338732