Raadsvoorstel def - Verordeningen gemeentelijke belastingen en heffingen 2025
Tekst van het document
Voorstel Gemeenteraad F Onderwerp
Verordeningen gemeentelijke belastingen en heffingen 2025
Portefeuillehouder
Marc Teutelink agendaletter (F)
Organisatieonderdeel
Cluster Concernstaf
Stuknummer
Aangeboden aan Raad Corsanummer
19 november 2024 2400034382
(invulling door Griffie)
_______________________________________________________________________________________ Wij stellen u voor te besluiten om: 1. De verordening vast te stellen op de heffing en invordering van: a. Afvalstoffenheffing 2025; b. Begraafplaatsrechten 2025; c. Havengelden 2025; d. Hondenbelasting 2025; e. Leges 2025; f. Onroerende-zaakbelastingen 2025; g. Precariobelasting 2025; h. Reclamebelasting Centrum 2025; i. Rioolheffing 2025; j. Toeristenbelasting 2025. 2. De kwijtscheldingsverordening 2025 vast te stellen
Inleiding en voorgeschiedenis In dit voorstel worden de wijzigingen van de belastingverordeningen 2025 ten opzichte van 2024 nader toegelicht. Bij het bepalen van de tarieven zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: - het coalitieakkoord “Samen trots op Enschede”; - de gemeentebegroting 2025-2028; - het principe de gebruiker/vervuiler betaalt. Publieksvriendelijke samenvatting Jaarlijks legt het college de verordeningen van de gemeentelijke belastingen en heffingen van het aankomende belastingjaar voor aan de gemeenteraad. In deze verordeningen staan de tarieven en/of bedragen die inwoners en bedrijven betalen voor bijvoorbeeld de onroerende-zaakbelastingen, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Maar ook voor het verkrijgen van bijvoorbeeld een paspoort, rijbewijs of bouwvergunning. Gewenst effect van het besluit in relatie tot de strategische opgaven Met de voorliggende verordeningen worden de belastingtarieven voor 2025 door de raad vastgesteld. Deze verordeningen vormen de juridische basis voor de gemeentelijke belastingen, het in rekening brengen van leges en rechten voor gemeentelijke diensten en de beoordeling van kwijtscheldingsverzoeken. Hiermee wordt de financiering geregeld van een deel van de gemeentelijke taken.
Belastingvorderingen onder de €10,00 In diverse belastingverordeningen hebben we het artikel/lid dat gaat over het niet opleggen, niet invorderen en niet ontheffen onder de €10,00 uit de verordening gehaald. We hebben dit gedaan omdat gebleken is dat deze zin in bepaalde situaties steeds vaker invorderingsproblemen met zich mee brengt. Twee voorbeelden: Niet invorderen Een inwoner heeft een openstaand bedrag, waar ook aanmaningskosten bij in zitten. Hij/zij betaalt het aanslagbedrag, maar niet de aanmaningskosten. CST-Strategie en Control MWJ van der Ham
Formeel gezien moeten wij eerst de aanmaningskosten afboeken waardoor er in dit voorbeeld een bedrag van de initiële vordering open blijft staan. Wij mogen dat vervolgens niet gaan invorderen, aangezien dit in de verordening vastgelegd is. Dat is ongewenst. Niet opleggen Als de houder van een hond zijn hond afmeld in februari, wil je wel een aanslag voor de maand januari op kunnen leggen. Zoals het nu geregeld is in de verordening, kunnen we dat niet doen of niet invorderen. Om gelijke gevallen gelijk te kunnen behandelen (gelijkheidsbeginsel) stellen we voor deze aanpassingen door te voeren. Argumenten 1. Tarieven conform programmabegroting 2025-2028 Op basis van de behandeling van de Programmabegroting 2025-2028 in uw raad is voor 2025 een maximum inflatiecorrectie van 2,2% vastgesteld. In een aantal gevallen wordt hiervan afgeweken Dit is meestal een uitwerking van eerdere besluitvorming door uw raad. De belastingverordeningen waar dit aan de orde is, worden in het raadsvoorstel separaat toegelicht. Met een efficiënte dienstverlening en uitvoering van taken willen wij de tarieven van leges en heffingen zo laag mogelijk houden. De kosten die wij maken brengen wij zoveel mogelijk in rekening bij degenen die de producten afnemen. De kostendekkendheid van onze tarieven willen wij zoveel mogelijk op 100% hebben. Dit is niet altijd mogelijk.
Enerzijds omdat dit leidt tot onredelijk hoge tarieven, anderzijds omdat bepaalde tarieven door het Rijk op een maximum worden gesteld. Wijzigingen in verordeningen van redactionele aard of waarbij de tarieven, in overeenstemming met de algemene beleidslijn, met 2,2% zijn verhoogd worden niet nader toegelicht. 1a Leges Bouwvergunningen We hanteren in de legesverordening m3-tarieven voor bouwvergunningen. Deze tarieven zijn gebaseerd op het handboek “basisbedragen gebouwen’ van het Nederlands Bouwkosten Instituut. De laatste jaren hanteert dit instituut een indexatie op de huidige tarieven. Echter door de stijging van de bouwprijzen van de afgelopen jaren hebben ze, in afwijking van voorgaande jaren, via een actuele berekening de nieuwe tarieven voor 2025 samengesteld. Met daarbij de belangrijke kanttekening dat ze dit proces nog niet hebben afgerond voor alle bouwcategorieën. In feite zijn de werkelijke prijsstijgingen van de afgelopen jaren nu verwerkt in het tarief voor 2025, met als gevolg dat op onderdelen prijsstijgingen van 30-, 40- en zelfs hoger dan 100% zichtbaar worden. Deze cijfers zijn onlangs pas bekend geworden.
Het gevolg is: • als we het handboek voor 2025 blijven hanteren, er een scheefgroei ontstaat tussen categorieën die al wel en niet zijn meegenomen in de actualisatie (voorbeeld: appartementen nog niet, projectbouw wel); • dat de stijging van verschillende specifieke tarieven te fors is om in één keer door te voeren (bijv. een verdubbeling voor een aanbouw); • dat het nog onduidelijk is of bij de actualisatie van 2026 nog steeds sprake is van deze sterke stijgingen van de tarieven, omdat het instituut altijd terugkijkt en de bouwkosten zich nu steeds meer lijken te “normaliseren”. Deze ontwikkeling is niet in lijn met het uitgangspunt dat we voor de begroting 2025 met de verantwoordelijk wethouder hebben afgesproken. Dit uitgangspunt was namelijk het volgen van het handboek (normaal een indexering van rond de 10%) met daarbij bovenop een extra verhoging voor de grote projecten boven het miljoen. Door de nieuwe berekening in het handboek is dit in onze ogen niet meer realistisch. Omdat de actualisatie van het bouwinstituut nog niet voor alle bouwcategorieën is afgerond, stellen we voor om voor 2025 het handboek van vorig jaar te hanteren en uit te gaan van de legesverordening 2024 met een indexatie van 17,25% voor alle bouwcategorieën. Dit percentage is het gemiddelde van alle bouwcategorieën, waarbij de excessen eruit zijn gehaald.
Hierbij laten we de handmatige extra verhoging voor de grote projecten achterwege omdat dit al in de indexatie is meegenomen. De reden om de indexatie op alle bouwcategorieën toe te passen, is het feit dat op enig moment bij het volgen van het handboek de forse impact voor alle categorieën moet worden genomen. Voor de begroting 2026 zal de actualisatie van het instituut zijn afgerond en zullen we beoordelen of we het nieuwe handboek gaan hanteren, eventueel aangevuld met specifieke afspraken voor de grote projecten boven het miljoen. Voor de volledigheid geven we aan dat de overige categorieën (titel 1 en 3) worden geïndexeerd op basis van de gehanteerde loon- en prijscompensatie uit de begroting 2025.
CST-Strategie en Control MWJ van der Ham
Leges evenementen Enschede 700 Evenementen die worden georganiseerd in het kader van het 700-jarig bestaan van de gemeente Enschede zijn vrijgesteld van leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een integrale evenementenvergunning als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene Plaatselijke Verordening. Deze vrijstelling geldt uitsluitend voor door de Stichting 700 jaar Enschede goedgekeurde vrij toegankelijke evenementen. Dit nav de aangenomen motie ‘’feestelijk jubileumjaar zonder bureaucratische lasten’’. Paspoorten, Rijbewijzen, Kansspelautomaten (Hoofdstuk 1, paragrafen 1.2, 1.3 en 1.9 (artikel 1.31)) In overeenstemming met de programmabegroting zijn de meeste overige tarieven met 2,2% verhoogd. Uitzondering op deze algemene tendens is daar waar het rijk het (maximum) tarief bepaalt, dit maximum is aangehouden voor zover de tarieven bekend zijn gemaakt. De bekendmaking van de maximum tarieven voor paspoorten, identiteitsbewijzen en rijbewijzen vindt in de regel plaats nadat de voorbereiding voor de vaststelling van de legesverordening is afgerond. Het beleid is dat wij de door het Rijk vastgestelde tarieven hanteren afgerond naar beneden op een veelvoud van € 0,05. In paragraaf 1.2 en 1.3 van Hoofdstuk 1 hebben wij dat ook als zodanig verwoord. De reeds door het Rijk bepaalde (maximum)tarieven zijn onverkort overgenomen.
1.b Tarief bepaling Onroerende-zaakbelastingen De OZB-tarieven zijn afhankelijk van de WOZ-waarden. De WOZ-waarden worden jaarlijks vastgesteld. In 2025 geldt als waardepeildatum 1-1-2024. Omdat de waarden van alle onroerende zaken jaarlijks opnieuw moeten worden vastgesteld, treden per definitie elk jaar lichte verschuivingen (bijvoorbeeld tussen eigenaren van vrije sector woningen en flatwoningen, winkels en fabrieksruimten) in belastingdruk op. De waardebepaling was op het moment dat voorliggend belastingvoorstel moest worden vastgesteld, nog niet volledig afgerond. Op basis van de beschikbare gegevens uit de marktanalyse gaan wij uit van een waardestijging voor woningen van 1,7% en voor niet-woningen van 2,5%. Bij de opbrengstberekening houden wij rekening met een meeropbrengst ten opzichte van 2024 van 10% conform gemeentebegroting 2025-2028. Wij stellen dan ook voor de tarieven als volgt vast te stellen, rekening houdend met de hiervoor genoemde factoren. Tarieven (% van de WOZ-waarde) Zakelijk recht woningen Zakelijk recht niet-woningen Gebruik niet-woningen
2023 0,1083 0,4732 0,3809
2024 0,1082 0,4793 0,3836
2025 0,1168 0,5153 0,4118
1.c. Afvalstoffenheffing Volgens de systematiek van 100% kostendekkendheid stijgt het vaste tarief met 2,6%. De variabele tarieven stijgen met 5%. In het algemeen zijn redenen voor het stijgen van de afvalstoffenheffing grofweg te verdelen in twee groepen: • Inflatie/prijsstijgingen • Veranderend beleid In het verleden is de afvalstoffenheffing o.a. gestegen door veranderend beleid zoals GFE bij hoogbouw en het keuzemodel voor laagbouw. De 2,6% en 5% stijging is een doorberekening van o.a. de kostenbesparing op kwijtschelding en algemene inflatie (waaronder 6% indexatie van de dienstverlening door afvalinzamelaar Twente Milieu). Hieronder zijn de tarieven weergegeven. Bedragen zijn in euro’s.
Vast Variabel 240L Variabel 140L GFT 240L GFT 140L Verzamelcontainers
2024 253,08 7,52 4,39 0 0 1,25
Stijging per huishouden De overige tarieven blijven ongewijzigd. CST-Strategie en Control MWJ van der Ham
2025 259,68 7,90 4,61 0 0 1,32 9,26
Per huishouden wordt maximaal € 291,28 kwijtgescholden (een vast bedrag ad € 259,68 plus een variabel bedrag ad € 31,60). 1.d Rioolheffing Conform de gemeentebegroting bedraagt de indexatie van de rioolheffing 0% en wordt voor 2025 weer vastgesteld op € 292,44. Hierdoor wordt de woonlastenstijging door de hogere index OZB gedempt. 1.e Toeristenbelasting Ook de tarieven van de toeristenbelasting worden jaarlijks geïndexeerd. Om de verblijfsbieders de gelegenheid te bieden met de tariefsverhoging rekening te houden in hun bedrijfsvoering corrigeren wij de tarieven telkens met het inflatiepercentage van het voorafgaande jaar. Met ingang van 2020 ronden wij op verzoek van een aantal verblijfsbieders de tarieven af op € 0,05. Dit leidt tot de volgende tarieven: Omschrijving Basistarief per nacht Hotel, conferentieoord, bed & breakfast of pension
2024 € 1,10 € 2,90
2025 € 1,10 € 2,95
2026 € 1,20 € 3,25
De basis voor de berekening is telkens het niet op € 0,05 afgeronde tarief. Risico’s Nvt. Kosten en financiële dekking van het voorstel In de paragraaf lokale lasten in de Programmabegroting 2025-2028 is als gevolg van BBV-voorschriften per retributie/heffing een overzicht van de geraamde lasten en baten gepresenteerd. Afweging en alternatieven Nvt. Participatie De inwoners worden geïnformeerd via de publicatie van de verordeningen en via de website van de gemeente Enschede en het Gemeentelijk Belastingkantoor Twente. Ten aanzien van de toeristenbelasting is er separate communicatie richting ondernemers over de tariefstelling van 2026, zodat zij daarmee rekening kunnen houden in hun eigen communicatie Communicatie Na vaststelling door de gemeenteraad worden de vastgestelde verordeningen op de voorgeschreven wijze gepubliceerd en 6 weken ter inzage gelegd in het Stadskantoor. Vervolg Zie communicatie Bijlagen Verordeningen 2025 Raadsbesluit
Burgemeester en Wethouders van Enschede, _______________ de loco-Secretaris, de Burgemeester,
E.A. Smit
R.W. Bleker
CST-Strategie en Control MWJ van der Ham