Nota beantwoording zienswijzen Bodembeheernota
Tekst van het document
Bodembeheernota voormalige Vliegbasis Twenthe 2022 Nota Samenvatting en beantwoording zienswijzen
Gemeente Enschede Afdeling Bestemmen
NOTA SAMENVATTING EN BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN BODEMBEHEERNOTA De Bodembeheernota voormalige Vliegbasis Twenthe 2022 voorziet in een gebiedsspecifiek kader voor grondverzet binnen de in de nota aangegeven grenzen. De Bodembeheernota wordt vastgesteld op grond van art. 44 van het Besluit bodemkwaliteit. De Bodembeheernota voormalige Vliegbasis Twenthe 2022 heeft als ontwerp ter visie gelegen van 13 juli 2022 tot en met 24 juli 2022. Hiervan is kennis gegeven in het gemeenteblad 2022, 315522. Gedurende de inzagetermijn is 1 zienswijze ingediend. De zienswijze wordt in deze nota samengevat en beantwoord. Overzicht indieners zienswijzen: • Stichting Lonneker Land
Samenvatting en beantwoording zienswijzen 1. Algemene opmerkingen vooraf -In het besluit van de gemeenteraad om de Bodembeheernota vast te stellen, wordt voor een deel van de gemeente Enschede, namelijk de voormalige Vliegbasis Twenthe, een milieuhygiënisch kader vastgesteld waaraan her te gebruiken grond moet voldoen. Dit kader bestaat uit lokale maximale waarden (lokaal toegestane gehalten van stoffen). In dit besluit wordt dus geen toestemming gegeven voor hergebruik. Dat hergebruik moet immers ook voldoen aan andere wettelijke kaders, zoals de Wet ruimtelijke ordening en de eisen die aan een toepassing worden gesteld en in het Besluit bodemkwaliteit zijn geregeld. Naast dit milieuhygiënisch kader zijn er ook andere wetten waaraan voldaan moet worden om een werk tot stand te brengen, zoals de eerder genoemde Wet ruimtelijke ordening en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Daarbij geldt in de eerste plaats dat de toekomstige bestemming niet in strijd is met een goede ruimtelijk ordening. Dat wordt bepaald in een bestemmingsplan of in een omgevingsvergunning met toepassing van een projectafwijkingsbesluit (PAB). Voor één van de grondwerken binnen de grenzen van het bodembeheergebied, de spottershill, is een PAB genomen. Tegen dit besluit is door de indiener van deze zienswijze beroep ingesteld. De beroepsprocedure loopt nog.
De omgevingsvergunning voor de spottershill valt buiten de werkingsfeer van de Wet bodembescherming en het Besluit bodemkwaliteit. Dat aspect wordt dus niet geregeld in de voorliggende Bodembeheernota. Ook kan met deze Bodembeheernota geen oordeel gegeven worden over de rechtmatigheid van een specifieke toepassing. De eisen die aan een toepassing worden gesteld, buiten de ruimtelijke eisen, zijn bijvoorbeeld de nuttigheid van de toepassing, de vraag of er niet meer grond wordt toegepast dan normaliter voor dit soort toepassingen wordt gebruikt, en de vraag of de toepassing beschreven is als mogelijke toepassing in het Besluit bodemkwaliteit. Om bovenstaande redenen kan, ondanks dat indiener dat klaarblijkelijk beoogd, bij het vaststellen van de Bodembeheernota dus geen uitspraak worden gedaan over de verleende omgevingsvergunning en of een bepaalde toepassing aan de eisen van het besluit voldoet. 2. Twee kadastrale percelen Samenvatting zienswijze: Indiener verzoekt om de percelen kadastraal bekend Lonneker AM 842 en AM 1436 en het aangrenzende perceel ten noorden daarvan aan de Grefteberghoekweg uit het gebiedsspecifieke bodembeheer van de voormalige vliegbasis te verwijderen en toe te voegen aan het regionale Twentse Bodembeheergebied. Beantwoording zienswijze: De percelen AM 842 en AM 1436 vallen momenteel binnen de Bodemkwaliteitskaart van de voormalige Vliegbasis Twenthe.
Indiener verzoekt om deze twee kadastrale percelen uit het Bodembeheerplan te halen. De wijze waarop het gebied tot stand is gekomen is weergeven in de Bodemkwaliteitskaart (par. 2.2, p. 7 van de Bodemkwaliteitskaart, dat als bijlage 5.1 bij de Bodembeheernota is aangehecht). Zoals in de afbeelding op die pagina is te zien (hieronder ook weergegeven), is het gebied waarop het Bodembeheerplan 2011-2020 betrekking heeft, weergegeven in groen (het in dat plan geduide gebied Noord) en lichtbruin (het in dat plan geduide gebied Zuid). In donkerbruin zijn de percelen weergegeven die aan
de Bodembeheernota zijn toegevoegd ten opzichte van het Bodembeheerplan 2011-2020. De legenda ontbreekt in de ontwerpnota. Toevoeging ervan verheldert de kaart.
De percelen kadastraal bekend als gemeente Lonneker, sectie AM, perceel 842 en perceel 1436, wat door indiener wordt benoemd, maken deel uit van de historie van het vliegveld. De genoemde percelen hebben onder meer in de tweede wereldoorlog deel uitgemaakt van de vliegbasis. Onder meer heeft hier luchtdoelgeschut gestaan. Die percelen zijn in december 2010 door (de voorloper van de Gemeenschappelijke Regeling Gebiedsontwikkeling Luchthaven Twente en omgeving) ADT van het Ministerie van Defensie gekocht. Ook de in het zuiden gelegen gebieden hebben dezelfde militaire historie/achtergrond. Wij zullen, gelet op dezelfde militaire achtergrond van de percelen, dus niet aan het verzoek van indiener tegemoet komen om deze percelen uit het gebiedsspecifieke bodembeheer van het voormalige vliegveld te halen. Zoals op bovenstaand genoemde tekening te zien is (en in het Bodembeheerplan 20112020), wordt het perceel kadastraal bekend gemeente Lonneke, sectie AM, perceel 843 toegevoegd. Voor zover indiener naar ‘omliggende percelen’ refereert die onder de regionale bodembeheernota vallen, is dat onjuist. Het perceel wordt - aan drie zijden omsloten door gebieden die onder deze nota vallen. Bij de totstandkoming van de Bodemkwaliteitskaart is getoetst of indeling in één zone mogelijk is. Dat werd mogelijk geacht.
Uit de statistische gegevens blijkt van een heterogeen voorkomen van diverse verontreiniging.
Bij een Bodembeheernota wordt niet gekeken naar grenzen van bestemmingsplannen omdat die worden ingedeeld met andere uitgangspunten in het achterhoofd. Waar een Bodembeheernota wordt ingedeeld met bodemkwaliteit, historie en eventueel eigendomsgrenzen in het achterhoofd heeft de gemeenteraad een eigen beoordelingsruimte over de begrenzing van het bestemmingsplan. Dat kan onder meer voortkomen uit uitwikkelingen, gebiedsgrenzen, wijkindelingen etc. Ook in dit bodembeheergebied is er sprake van meerdere bestemmingsplannen. Indiener gaat er in zijn zienswijze vanuit dat bij het bodembeheer de zorgplicht inhoudt dat geen perceel meer verontreinigd mag raken, Dat is onjuist. Wij refereren naar de Nota van Toelichting bij het Besluit bodemkwaliteit (Stb. 2007, 469). Dat is terug te vinden in par. 1.4.2, 4.6.1 van de Bodembeheernota, en meer uitgebreid par. 4.6.4 van deze Bodembeheernota. Conclusie: de zienswijze geeft aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota . De legenda bij de tekening in par. 2.2 op pagina 7 van de Beeldkwaliteitskaart, dat als bijlage 5.1 bij de Bodembeheernota is aangehecht, wordt toegevoegd. 3. Afweging grondafvoer naar elders Samenvatting zienswijze: Indiener mist een afweging om grond naar elders af te voeren als dat toch de voorkeur heeft. Beantwoording zienswijze: In par.
1.1 van de Bodembeheernota is weergegeven wat het doel is van het gebiedsgericht beleid. Dat is het zoveel mogelijk (liefst 100%) binnen het gebied hergebruiken van de bij de planontwikkeling vrijkomende grond. Doel is om alle in het plangebied vrijkomende grond her te gebruiken in het plangebied. In de paragrafen 1.1 en 3.1 van de Bodembeheernota zijn de redenen opgesomd die beschrijven waarom wij grond die in het gebied vrijkomt niet af willen voeren. Deze redenen zijn: 1. Het voorkomen van niet gesprongen explosieven in het gebied waarvan verspreiding naar buiten het gebied onwenselijk moet worden geacht. 2. Mogelijke beïnvloeding met PFAS door gebruik blusmiddelen bij incidenten op het terrein. 3. De milieubelasting die samengaat met grondverzet. 4. De kosten. De afvoer van grond naar elders kan niet geheel worden uitgesloten. Met name omdat hergebruik van de grond alleen mogelijk is in het geval van immobiele verontreinigende stoffen. Grond verontreinigd met mobiele verontreinigingen moet worden afgevoerd, zoals de met PFAS verontreinigde grond bij de voormalige brandweerkazerne. Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota.
4. Inwerkingtreding Omgevingswet Samenvatting zienswijze: Indiener is van mening dat par. 1.3.1 van de Bodembeheernota de consequenties op het gebied van ruimtelijke ordening wet- en regelgeving expliciete vermelding verdient. Beantwoording zienswijze: Par. 1.3.1 bevat een informerende tekst waar wordt ingegaan op de geldigheidsduur van de Bodembeheernota. Daarin wordt met name ingegaan op de inwerkingtreding van de Omgevingswet, welke nu voorzien wordt voor 1 juli 2023. Welke andere consequentie wordt bedoeld door indiener is niet duidelijk, zodat dit punt verder buiten beschouwing kan blijven. Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota. 5. Aan Bodembeheernota toegevoegde percelen Samenvatting zienswijze: Indiener vraagt welke percelen zijn toegevoegd. Beantwoording zienswijze: In de beantwoording van zienswijze 1 hebben wij een kaart opgenomen waar in het donkerbruin alle percelen zijn opgenomen die zijn toegevoegd. Wij verwijzen in dit kader naar onze reactie onder punt 2 van deze Nota samenvatting en beantwoording zienswijzen. De toegevoegde percelen betreffen: • het perceel aan de Grefteberghoekweg met kadastraal nummer Lonneker AM 843. • het perceel aan de Lonnekerveldweg met kadastraal nummer Lonneker C 9659, onder meer in gebruik door het Korps Nationale Reserve.
• het perceel aan de Vliegveldweg met kadastraal nummer Lonneker C 8633, in gebruik door de KMAR Brigade Oostgrens-Noord, Post Enschede. Conclusie: de zienswijze geeft aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota. In de Bodembeheernota op pagina 4 zijn de kadastrale nummers opgenomen ter verduidelijking van de toegevoegde percelen. Voor de kaart met daarop de ligging van de percelen wordt verwezen naar bijlage 1 van het rapport “Bodemkwaliteitskaart vm. Vliegbasis Twenthe” die als bijlage 5.1 van de Bodembeheernota is opgenomen. 6. Grootschalige bodemtoepassing Samenvatting zienswijze: In par. 2.2.2 is aangegeven dat in de Bodembeheernota niet voorzien is dat gebruik wordt gemaakt van een grootschalige bodemtoepassing. Indiener stelt een andere tekst voor. Beantwoording zienswijze: De wet geeft de gemeenteraad geen bevoegdheid om ten aanzien van een grootschalige bodemtoepassing regels te stellen en bovendien wordt het gebruik van dit wettelijk kader in het geheel niet voorzien. De gemeenteraad is niet bevoegd om regels te stellen rondom grootschalige bodemtoepassingen. Dit is geregeld in art. 63 eerste lid van het Besluit bodemkwaliteit:
Een toepassing van grond of baggerspecie als bedoeld in artikel 35, onder a, c tot en met e, in een laagdikte van minimaal twee meter en een minimale omvang van 5000 m3 hoeft niet te voldoen aan de eisen die daaraan in afdeling 2, paragraaf 1 en 2, worden gesteld, Omdat de Bodembeheernota een eis is die gesteld wordt in afdeling 2, paragraaf 1 behoeft een grootschalige bodemtoepassing daaraan dus niet te voldoen. Daardoor kan de gemeenteraad dus geen regels stellen aan grootschalige bodemtoepassingen. In par. 2.2.2 van de Bodembeheernota is vermeld dat bij het grondverzet in het gebied waarop deze Bodembeheernota betrekking heeft, niet voorzien is in het gebruik van dit wettelijke kader. Deze tekst is enkel ter informatie en behoeft volgens ons geen andere formulering. Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de bodembeheernota. 7. Andere wet- en regelgeving Samenvatting zienswijze: Ten aanzien van par. 2.3 doet indiener de suggestie de tweede zin aan te vullen met "en bestemmingsplannen". Beantwoording zienswijze: In par. 2.3 van de Bodembeheernota wordt erop gewezen dat ook andere wet- en regelgeving voorwaarden kan stellen aan grondverzet. Bestemmingsplannen zijn een instrument uit van de Wet ruimtelijke ordening. Deze wet is specifiek als een voorbeeld genoemd in de Bodembeheernota.
Onder punt 1 van deze Nota samenvatting en beantwoording van de zienswijzen hebben wij de kaders van de beide wetten kort geschetst. De door de indiener van de zienswijze voorgestelde aanvulling voegt volgens ons niets toe aan de tekst van par. 2.3. Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota. 8. Omzeilen mogelijke uitspraak beroepsprocedure Samenvatting zienswijze: Indiener is van mening dat met de tekst van par. 3.2.1 van de Bodembeheernota een mogelijk onwelgevallige uitspraak in de procedure rond de omgevingsvergunning voor de spottershill kan worden omzeild en dat daarom de formulering moet worden geschrapt of de besluitvorming moet worden uitgesteld tot er een gerechtelijke uitspraak over de rechtmatigheid van de betreffende omgevingsvergunning is gedaan. Verder wil de indiener van de zienswijze weten wat de functie is van de bodemfunctieklassenkaart. Beantwoording zienswijze: De omgevingsvergunning voor de spottershill is een andere vergunning die noodzakelijk is voor het tot stand brengen van het werk spottershill. De omgevingsvergunning is in april 2021 vastgesteld. De indiener van de zienswijze heeft beroep ingesteld bij de rechtbank tegen deze omgevingsvergunning. De beroepsprocedure loopt nog.
Deze beroepsprocedure en de omgevingsvergunning staan verder los van de voorliggende Bodembeheernota omdat de omgevingsvergunning simpelweg geen uitspraak doet over
hetgeen in een Bodembeheernota wordt behandeld (en omgekeerd). Ongeacht de vaststelling van deze Bodembeheernota blijft een ruimtelijk besluit (i.c. de omgevingsvergunning) noodzakelijk, zie ook onder punt 1 van deze Nota samenvatting en beantwoording van zienswijzen. In beide gevallen (beroep gegrond/ongegrond) blijft de bodemfunctieklasse de meest gevoelige (Natuur/landbouw). De toepassingseis is overigens niet van de functie afhankelijk gesteld en of het beroep gerond of ongegrond is, zal op de toepassingseisen geen enkel effect hebben. In art. 47 aanhef en onder a van het Besluit bodemkwaliteit is de plicht opgenomen om bij de vaststelling van een Bodembeheernota ook een bodemfunctieklassenkaart toe te voegen. Deze kaart vertaald de ruimtelijke functie in een gestandaardiseerde classificatie waarmee een antwoord wordt gegeven welke bodemnormen van toepassing zijn (indien de Bodembeheernota daar gebruik van maakt of er sprake is van generiek beleid, beide hier niet van toepassing). In par. 3.2.1 van de Bodembeheernota wordt beschreven op welke wijze de bodemfunctieklassenkaart is opgesteld. Dat is gebeurd vanuit de eind januari 2022 geldende bestemmingen. Met deze kaart wordt de uitkomst van de bedoelde procedure niet omzeild, zoals ook onder punt 1 van deze Nota van samenvatting en beantwoording zienswijzen is beschreven.
Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota. 9. Naamgeving spottershill Samenvatting zienswijze: Indiener wil de term spottershill vervangen door “permanente grondopslag”. Beantwoording zienswijze: Wij hebben gekozen -om dezelfde term te gebruiken als in de structuurvisie Gebiedsontwikkeling Luchthaven Twente e.o. van juli 2009 en het op 12 maart 2012 vastgestelde Ontwikkelingsplan 2012 voor de gebiedsontwikkeling Luchthaven Twente. De voorgenomen ontwikkeling van en de naam spottershill is in die stukken opgenomen. Het gebruiken van de termen ‘permanent gronddepot’ of ‘blijvende grondopslag-locatie’ vinden wij ongewenst, omdat de termen ‘depot’ en ‘opslag’ en andere betekenis hebben binnen de betreffende wetgeving. Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota. 10. Gronddepot vs toepassing spottershill Samenvatting zienswijze: Indiener wil graag toelichting op de term gronddepots in relatie tot de toepassing spottershill zoals genoemd in par. 3.3.2 van de Bodembeheernota. Beantwoording zienswijze: Per ongeluk is het niveau van het kopje spottershill naar niveau 3 van de Bodembeheernota geplaatst (3.3.2). Dat zou niveau 2 moeten zijn (dus 3.4). Want indiener brengt terecht naar
voren dat dit onduidelijkheid kan geven of de spottershill een depot is en dus tijdelijk is met een maximale termijn van 3 jaar). Zoals wij reeds bij de beantwoording van zienswijze onder punt 9 hebben aangegeven is de spottershill geen depot/opslag. En daardoor niet gebonden aan de regels die aan depots en opslagen worden gesteld. Tevens is het geen tijdelijke situatie. De grond wordt toegepast met het oogpunt om het op die plaats voor onbepaalde tijd aan te brengen. Voor zover indiener van mening is dat er ter zake van de spottershill geen sprake zou zijn van een functionele toepassing concluderen wij dat de Bodembeheernota daarover geen uitspraak kan doen en dit reeds onderdeel uitmaakt van een bij de rechtbank aanhangig geding inzake de omgevingsvergunning. Wij verwijzen in dit kader naar onze reactie onder punten 1 en 8 van deze Nota samenvatting en beantwoording zienswijzen. Conclusie: de zienswijze geeft, met de hierin opgenomen verduidelijking, aanleiding tot aanpassing van het Bodembeheer-nota. Het niveau van de hier genoemde paragrafen is aangepast. 11. Naamgeving spottershill Samenvatting zienswijze: Ten aanzien van par. 3.3.2 van de Bodembeheernota is indiener van mening dat de term spottershill geen goede benaming is. Zij baseert dat onder meer op de phrase ‘zogenaamde spottershill’. Beantwoording zienswijze: Wij nemen kennis van de zienswijze.
Ten aanzien van de phrase ‘zogenaamde spottershill’ merken wij op dat hiermee bedoeld wordt - een grondlichaam dat de naam heeft gekregen ‘spottershill’. Het woord ‘zogeheten’ is vervallen in de bodembeheernota. Voor zover indiener van mening is dat er ter zake van de spottershill geen sprake zou zijn van een functionele toepassing concluderen wij dat de Bodembeheernota daarover geen uitspraak kan doen en dit reeds onderdeel uitmaakt van een bij de rechtbank aanhangig geding inzake de omgevingsvergunning. Wij verwijzen in dit kader naar onze reactie onder punten 1 en 8 van deze Nota samenvatting en beantwoording zienswijzen. Conclusie: de zienswijze geeft aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota, het woord ‘zogenaamde’ wordt geschrapt. 12. Valt een Grootschalige Bodem Toepassing (GBT) buiten Bodembeheernota Samenvatting zienswijze: Indiener vraagt zich af waarom een Grootschalige Bodem Toepassing buiten de werkingssfeer van de bodembeheernota zou moeten vallen? Onder welk regionaal regime zou een Grootschalige Bodem Toepassing moeten vallen? Beantwoording zienswijze: Voor de beantwoording van dit punt verwijzen wij naar onze reactie onder punt 6 van deze Nota samenvatting en beantwoording zienwijzen, waarin wij al op dit punt zijn ingegaan. Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota.
13. Legenda bij kaart par. 2.2 van de Bodemkwaliteitskaart Samenvatting zienswijze: Ten aanzien van de in par. 2.2 van de - Bodemkwaliteitskaart, dat als bijlage 5.1 bij de Bodembeheernota is aangehecht, opgenomen kaart meldt indiener dat deze kaart zonder legenda moeilijk te lezen is. Tevens merkt indiener op dat de daar opgenomen tekst over de toegevoegde percelen onjuist zou zijn. Beantwoording zienswijze: In de bespreking van zienswijze 2 zijn wij reeds op deze punten ingegaan. Wij verwijzen daarnaar. Conclusie: de zienswijze geeft aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota. De aanpassing is beschreven onder zienswijze 1 van deze Nota samenvatting en beantwoording zienswijzen. 14. Naamgeving spottershill Samenvatting zienswijze: Indiener is van mening dat in de Bodemkwaliteitskaart de aanduiding spottershill wordt gebruikt, waar een permanent gronddepot wordt bedoeld. Beantwoording zienswijze: Zoals in de beantwoording van de zienswijze onder punten 8 en 9 al is geduid, is de suggestie van indiener onjuist. Kortheidshalve verwijzen wij u daarnaar. Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota. 15. Kleuren ontbreken bij Barium Samenvatting zienswijze: In de bijlagen 2a, 2b en 2c van de Bodembeheernota ontbreken in de eerste rij de kleurindicatie en - in de laatste drie kolommen de waarden.
Tevens ontbreekt een legenda voor de kleurindicatie. Dit geldt voor alle tabellen in deze bijlagen. Beantwoording zienswijze: In de bijlagen 2a, 2b en 2c wordt met kleuren gerefereerd aan de normwaarden die in de laatste drie kolommen zijn opgenomen. Bij overschrijding van een normwaarde zal de kleur wijzigen. Voor de stof Barium (de eerste rij) zijn deze normen echter niet vastgesteld (in de Regeling bodemkwaliteit, bijlage B, tabel 1 en 2), maar is in de Regeling bodemkwaliteit (met name bijlage B, tabel 2, noot 17) het volgend opgenomen, wat ook geldt voor landbodem: De normen voor barium zijn ingetrokken. Gebleken is dat de interventiewaarde voor barium lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Indien er sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte door het bevoegd gezag worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 625 mg/kg d.s. Deze voormalige interventiewaarde is op dezelfde manier onderbouwd als de interventiewaarden voor de meeste andere metalen.
Met een antropogene bron wordt gedoeld op een menselijke beïnvloeding die een verontreiniging met Barium tot gevolg heeft gehad. Daarvan is op dit terrein geen sprake. Conclusie: de zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Bodembeheernota.
Bijlage: Overzicht van wijzigingen Bodembeheernota voormalige Vliegbasis Twenthe 2022 Wijzigingen ten opzichte van de ontwerp bodembeheernota zoals deze van 13 juli 2022 tot en met 24 juli 2022 ter inzage heeft gelegen. Pagina 11 11 7 van de Bodemkwaliteitskaart die als bijlage 5.1 is opgenomen 11 van de Bodemkwaliteitskaart die als bijlage 5.1 is opgenomen
5
Wijziging Par. 3.3.2 gewijzigd in par. 3.4 In par. 3.4 wordt ‘zogenaamde’ geschrapt Afbeelding nu voorzien van legenda
Toelichting Zie zienswijze 9
Niet afgemaakte zin in paragraaf 3.3 afgemaakt: ‘Voor zover de grond afkomstig is uit het Naastgelegen Plangebied’
Voor zover de grond afkomstig is uit het Naastgelegen Plangebied kan de grond, mits die voldoet aan de eisen die gelden voor de zone waarin die wordt toegepast. De daarvoor geldende bodemkwaliteitseis kan als milieuhygiënische verklaring worden toegepast. De informatie is opgenomen in bijlage 1 van bijlage 5.1 van de Bodembeheernota rapport Bodemkwaliteitskaart vm Vliegbasis Twenthe is een kaart
Figuur is komen te vervallen.
Zie zienswijze 10 Zie zienswijze 1
Op pagina 4 van de Bodembeheernota is de volgende wijziging toegepast: Onderliggende Bodembeheernota heeft betrekking op de voormalige Vliegbasis Twenthe voor zover deze gelegen is op het grondgebied van de gemeente Enschede, binnen de volgende deelgebieden als genoemd in de structuurvisie B uit ʺStructuurvisies Gebiedsontwikkeling Luchthaven Twente e.o.ʺ van juli 2009: ➢ Plangebied Noord; ➢ EHS; ➢ Plangebied Midden; ➢ Oostkamp. Met deze wijziging wordt ook aangesloten op de Twentse Regionale Bodembeheernota. Voor de geografische aansluiting zijn ook enige percelen die in 2013 nog buiten dit gebied lagen aangesloten bij deze Bodembeheernota. Het betreft meer concreet: ➢ NATO‐terrein; ➢ Vml. Luchthaven en Marechaussee; ➢ Weiland Noord‐Oost. Is gewijzigd in:
Onderliggende Bodembeheernota heeft betrekking op de voormalige Vliegbasis Twenthe als volgt: ➢ voor zover deze gelegen is op het grondgebied van de gemeente Enschede, binnen de volgende deelgebieden als genoemd in de structuurvisie B uit ʺStructuurvisies Gebiedsontwikkeling Luchthaven Twente e.o.ʺ van juli 2009: ➢ Plangebied Noord; ➢ EHS; ➢ Plangebied Midden; ➢ Oostkamp; ➢ en aangevuld met de volgende percelen: ➢ het perceel aan de Grefteberghoekweg met kadastraal nummer Lonneker AM 843; ➢ het perceel aan de Lonnekerveldweg met kadastraal nummer Lonneker C 9659, onder meer in gebruik door het Korps Nationale Reserve, en ➢ het perceel aan de Vliegveldweg met kadastraal nummer Lonneker C 8633, in gebruik door de KMAR Brigade Oostgrens‐Noord, Post Enschede. De aanvulling betreft percelen die in 2013 niet in de Bodembeheernota waren opgenomen. Door deze percelen nu wel op te nemen wordt, geografisch gezien, aangesloten op de Twentse Regionale Bodembeheernota. De begrenzing van het bodembeheergebied is opgenomen in bijlage 1 van het rapport “Bodemkwaliteitskaart vm. Vliegbasis Twenthe 2022”, opgenomen in bijlage 5.1 van onderliggende Bodembeheernota.