CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Naslagwerk presentatie Commissie Omgevingsbeleid 6 september 2021.pdf

Raadscommissie Omgevingsbeleid 15 november 2021, gemeente enschedeBij agendapunt: Discussienota adviesrecht raad en participatieplicht3.828 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Naslagwerk presentatie Commissie Omgevingsbeleid 6 september 2021 Ter ondersteuning van het besluitvormingsproces treft u hierbij een naslagwerk voor de presentatie aan de Commissie Omgevingsbeleid op 6 september 2021 aan. De presentatie geeft in 15 minuten op hoofdlijnen inzicht in het adviesrecht van de raad onder de Omgevingswet, de participatieplicht en delegatie van de bevoegdheid tot het wijzigen van het omgevingsplan. Het naslagwerk is een nadere verdieping op de presentatie en biedt achtergrondinformatie. Dit kan zinvol zijn ter voorbereiding op een te voeren gesprek in de Commissie Omgevingsbeleid van 15 november 2021. Voor dit gesprek wordt een discussienota gemaakt die u twee weken voor de vergadering ontvangt. Het naslagwerk kunt u voorafgaand aan de presentatie doornemen. Dit is echter niet noodzakelijk ter voorbereiding op de presentatie.

Aanleiding Naar verwachting treedt op 1 juli 2022 de Omgevingswet in werking. De Omgevingswet regelt de overgang daar naartoe al vrij goed. Zo krijgen gemeenten de tijd om een omgevingsvisie en omgevingsplan vast te stellen. Er zijn echter drie zaken waarbij de raad zelf moet zorgen voor een goede overgang. Bij voorkeur heeft de raad hierover een besluit genomen voordat de Omgevingswet in werking treedt. Het gaat om: • het adviesrecht van de raad bij omgevingsvergunningen voor een Buitenplanse OmgevingsPlanActiviteit (BOPA); • het al dan niet opleggen van een plicht tot participatie bij bepaalde initiatieven voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit; • delegatie van de bevoegdheid tot het vaststellen van omgevingsplanwijzigingen. Dit naslagwerk biedt allereerst een nadere toelichting over het adviesrecht van de raad, de participatieplicht en delegatie. Vervolgens wordt ingegaan op informatie rondom omgevingsvergunningverlening in Enschede (en dan met name de VVGB) en tot slot wordt achtergrondinformatie gegeven over de Omgevingswet zelf.

Nadere toelichting adviesrecht, participatieplicht en delegatie Proces Om een goede overgang naar de Omgevingswet te waarborgen hebben we een proces ingericht om te komen tot een raadsbesluit over het adviesrecht van de raad, participatieplicht en delegatie. De start van het proces is de presentatie op 6 september en de bespreking van een discussienota op 15 november in de Commissie Omgevingsbeleid. De discussienota ontvangt u twee weken voorafgaand aan de vergadering. Het streven is om nog voor de verkiezingen het raadsvoorstel aan de raad aan te kunnen bieden. Naar verwachting is dat in januari 2022. Hieronder volgt nadere informatie over deze drie onderwerpen. •

Adviesrecht raad Overgang huidige situatie naar Omgevingswet Op dit moment is het mogelijk om van het bestemmingsplan af te wijken via een omgevingsvergunning. Naast de mogelijkheden die het bestemmingsplan zelf biedt (“binnenplanse afwijkingen”), zijn er twee “buitenplanse” varianten voor het “afwijken”. In de volksmond worden dit ook wel de “kruimelafwijking” (reguliere procedure van 8 weken) en het “projectafwijkingsbesluit” (uitgebreide procedure van 26 weken) genoemd. Onder de Omgevingswet verdwijnt dit onderscheid, maar ook verdwijnt het begrip “afwijken”. De Omgevingswet spreekt namelijk van omgevingsplanactiviteiten. De reguliere én de uitgebreide afwijkingen worden onder de Omgevingswet de “buitenplanse omgevingsplan activiteit” genoemd. Kortweg: buitenplanse OPA en in dit naslagwerk vanwege de veelvuldige herhaling van het begrip ook wel: “BOPA”. 1

Bevoegdheid college en raad Het college is op dit moment bevoegd om de aanvraag voor een omgevingsvergunning (voor zowel de reguliere als de uitgebreide afwijking) te behandelen. Bij de uitgebreide afwijking is in bepaalde gevallen ook een besluit van de raad nodig. De raad moet daarvoor namelijk een verklaring van geen bedenkingen (VVGB) afgeven. Uw raad heeft gevallen aangewezen waarvoor u geen VVGB af hoeft te geven. Ook onder de Omgevingswet blijft het college bevoegd om de aanvraag voor een BOPA te behandelen. Er is dan geen besluit van de raad meer nodig. Het instrument VVGB vervalt onder de Omgevingswet. De wetgever wil de procedure voor de BOPA namelijk flexibiliseren en versnellen (van 26 weken naar 8 weken). Maar de raad komt niet met lege handen te staan. Hij krijgt daarvoor in de plaats een bindende adviesbevoegdheid. Vereenvoudiging en versnellen procedure: rol raad niet meer de standaard In tegenstelling tot de VVGB is het niet meer “de standaard” dat de raad een rol heeft bij de omgevingsvergunning; de wetgever wil de procedure immers flexibiliseren en versnellen. Eerst moest de raad altijd een VVGB afgeven ténzij de raad had aangegeven dat niet nodig te vinden (door het aanwijzen van gevallen waarvoor geen VVGB nodig is). Onder de Omgevingswet is dat aangepast: er is nu standaard geen besluit van de raad nodig.

De raad kan nu de gevallen aanwijzen waarvoor hij wel een verzwaard, bindend advies wil afgeven aan het college. Vanwege genoemde accentverschuiving is het niet vanzelfsprekend om onder de Omgevingswet de huidige situatie zoveel mogelijk voort te zetten. De Omgevingswet heeft als uitgangspunt immers versnellen en vereenvoudigen en vraagt ook om vertrouwen. Het uitgangspunt van de wet is, dat de raad stuurt op hoofdlijnen en zich beperkt tot projecten met grote impact op de fysieke leefomgeving. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan projecten waarbij op meerdere punten wordt afgeweken van het omgevingsplan, waar veel verschillende belangen meewegen, waar een project (veel) invloed kan hebben op omliggende percelen of waar het project de herontwikkeling van een relatief groot gebied betreft. 1 Raadsbesluit nodig voor 1 juli 2022 Zodra de Omgevingswet in werking treedt, vervalt zogezegd de mogelijkheid van de raad om een VVGB af te geven. Het is daarom voor de raad belangrijk, dat hij voordat de Omgevingswet in werking treedt heeft aangegeven waarover hij wil adviseren. Als dat niet gebeurt, geldt immers de standaardregel dat een advies van de raad niet nodig is. Bespreking discussienota 15 november 2021 Op 15 november zal in de Commissie Omgevingsbeleid een gesprek worden gevoerd over onderwerpen die zich lenen voor een lijst waarover de raad graag zou willen adviseren.

Ook is er in de discussienota aandacht voor dilemma’s en andere randvoorwaarden. Daarbij kunt u bijvoorbeeld denken aan het protocol dat u nu heeft voor de gevallen waarvoor geen VVGB vereist is, maar ook bijvoorbeeld een werksessie over hoe u inhoudelijk invulling kunt geven aan het adviesrecht. Welke (juridische) randvoorwaarden zijn bijvoorbeeld verbonden aan het advies? •

Participatieplicht bij BOPA’s Vroegtijdige participatie is vrijblijvend De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie om tijdig belangen, meningen en creativiteit op tafel te krijgen. De Omgevingswet geeft daarom aan, dat in een aanvraag aangegeven moet worden of en zo ja hoe de omgeving is betrokken en wat er is gedaan met de resultaten. De Omgevingswet verplicht dus niet dát er moet worden geparticipeerd en hoe dat moet plaatsvinden, maar alleen dat een aanvrager moet aangeven of en hoe hij met participatie is omgegaan. Als op het aanvraagformulier is aangegeven dat er geen participatie is toegepast, dan wordt daarmee voldaan aan de eis die de Omgevingswet stelt. Bij gebrek aan participatie kan het college wel zelf nog aanvullende informatie verzamelen als het college dat nodig acht om een goede afweging te kunnen maken.2

1

Blijkens parlementaire stukken rondom de Omgevingswet. Dit kan bijvoorbeeld door in overleg met de aanvrager de ontwerpaanvraag ter inzage te leggen. Ook kan het college de aanvraag ter inzage leggen voor zienswijzen. Verder kan het college zelf rechtstreeks contact opnemen met de belanghebbenden. 2

2

Introductie participatieplicht De Omgevingswet geeft de gemeenteraad echter wél de ruimte om participatie verplicht te stellen voor bepaalde activiteiten. Dat kan de raad alleen doen voor BOPA’s waarvoor het college bevoegd is (en niet bijvoorbeeld de provincie). De raad kan geen inhoudelijke eisen stellen aan de participatie. Wel kan de aanvrager uiteraard daarover sparren met de gemeente, of zou de gemeente een handreiking kunnen opstellen ter inspiratie voor aanvragers. Bespreking discussienota 15 november 2021 Op 15 november voert de Commissie Omgevingsbeleid een gesprek over onderwerpen die zich lenen voor een lijst van activiteiten waarvoor de raad participatie (door gemeente én initiatiefnemers) verplicht kan stellen. Deze lijst wordt in samenhang bekeken met de lijst van gevallen waarover de raad wil adviseren. Alternatief voor lijst verplichte participatie Een alternatief voor het vaststellen van een “lijst met gevallen waarvoor participatie verplicht is”, is om participatie altijd verplicht te stellen in het geval van BOPA’s en niet slechts in specifieke gevallen, of participatie nooit verplicht te stellen. Beide alternatieven komen ook terug in de discussienota. •

Delegatie Huidige delegatiebevoegdheid wijzigen bestemmingsplan De raad heeft in de meeste bestemmingsplannen de bevoegdheid opgenomen voor het college om het bestemmingsplan voor bepaalde situaties te wijzigen. Concreet betekent dit, dat op dit moment het college het bestemmingsplan voor een bepaalde situatie (gedeeltelijk) mag wijzigen als voldaan wordt aan alle in het bestemmingsplan genoemde voorwaarden. Een wijzigingsbevoegdheid in het bestemmingsplan zorgt voor flexibiliteit en snellere procedures en er wordt ook nog een bepaalde mate van regie behouden. De bruikbaarheid van de bevoegdheid is echter wel afhankelijk van hoe deze is vormgegeven. Als een wijzigingsbevoegdheid heel specifiek is gemaakt, of veel voorwaarden bevat, dan wordt de bevoegdheid minder snel gebruikt. Delegatiebevoegdheid wijzigen omgevingsplan onder de Omgevingswet Onder de Omgevingswet kan de raad nog steeds aan het college de bevoegdheid delegeren om het omgevingsplan te wijzigen (nu bestemmingsplan). De raad doet dat nu echter in een delegatiebesluit en niet meer in het omgevingsplan zelf. Dit delegatiebesluit bepaalt binnen welke grenzen en onder welke voorwaarden het college het omgevingsplan kan wijzigen (en eventueel binnen welke termijn). De raad kan eventueel aanvullend daarop nadere beleidsregels vaststellen.

Overgangsrecht voor delegatiebevoegdheid beperkt geregeld De Omgevingswet heeft voor de wijzigings- en uitwerkingsbevoegdheid beperkt overgangsrecht geregeld. Er is alleen overgangsrecht voor de wijzigingsbevoegdheid als er sprake is van een bouwplan. Als er alleen sprake is van wijziging van het gebruik zonder bouwplan, mag er geen gebruik meer worden gemaakt van de wijzigingsbevoegdheid. Dat betekent dat een deel van de door de raad aan het college gecreëerde bevoegdheid komt te vervallen. Deze bevoegdheid, voor het wijzigen van gebruik zonder bouwplan, kan overgeheveld worden naar een delegatiebesluit. Dit kan beleidsneutraal, eventueel met slimme aanpassingen gebaseerd op de werkpraktijk of al anticiperend op de ambities van de Omgevingswet. Verder onderzoeken wij of de bestaande wijzigingsbevoegdheden nog wel logisch en actueel zijn en of ze worden toegepast. Een ander praktisch punt waarvan het aan te bevelen is om op te nemen in het delegatiebesluit is de verwerking van de verleende onherroepelijke omgevingsvergunningen voor afwijkingen van het omgevingsplan. Het is straks wettelijk verplicht bepaalde vergunningen voor BOPA’s binnen vijf jaar na het onherroepelijk worden ervan in het omgevingsplan op te nemen.

Het gaat daarbij om de omgevingsvergunningen die betrekking hebben op functiewijziging en/of een permanente verandering in de fysieke leefomgeving tot gevolg hebben. De verwerking is slechts een technische handeling zonder inhoudelijke gevolgen. Bespreking discussienota 15 november 2021 Welke andere aspecten eventueel nog meer aan te bevelen zijn voor delegatie wordt op dit moment nog onderzocht. Dit komt terug in de discussienota voor de commissievergadering van 15 november. 3

Achtergrondinformatie omgevingsvergunningen in Enschede De omgevingsvergunningen voor het afwijken van het bestemmingsplan worden onderscheiden in: - Binnenplanse afwijkingen (dus de bevoegdheid die de raad in het bestemmingsplan heeft gecreëerd); - Reguliere (kruimel-)afwijkingen; - Projectafwijkingsbesluiten via de uitgebreide procedure. De kruimelafwijkingen zijn de gevallen waarvan de wetgever heeft geoordeeld dat het college zelfstandig bevoegd is. Het is voor de raad juridisch gezien dan ook niet mogelijk om daarvoor een VVGB af te geven. De term “kruimelafwijking” is wat misleidend. Het wekt de indruk dat het uitsluitend gaat om kleine gevallen. Dat is echter niet het geval. Een kruimelafwijking kan bijvoorbeeld betrekking hebben op: - Het verhogen van een schutting; - Het plaatsen van een lantaarnpaal; - 30 cm buiten het bouwvlak bouwen; - Het realiseren van een zonnepark voor de duur van 10 jaar; - Het verdubbelen van de bebouwing van een bouwmarkt binnenstedelijk; - Functiewijziging van een bestaand gebouw voor een school of gebedshuis. In dit onderdeel geven wij u inzicht in de omgevingsvergunningen die het college van Enschede in de afgelopen 10 jaar heeft behandeld. Ongeveer een derde van het aantal omgevingsvergunningen met een bouwactiviteit paste niet binnen het bestemmingsplan dat ter plaatse geldt. Hiervoor werd dan een afwijkingsprocedure opgestart.

Daarnaast zijn er nog de aanvragen waarbij alleen vanwege het gebruik wordt afgeweken van het bestemmingsplan. In totaal heeft de gemeente Enschede het volgende aantal vergunningaanvragen ontvangen in de jaren 2019 t/m 2021. Jaartal 2019 2020 2021 (t/m 1 augustus)

Aantal vergunningaanvragen 342 308 212

Genoemde aantallen betreffen alle afwijkingsvergunningen: dus zowel de reguliere procedure (8 weken) als de uitgebreide procedure (26 weken). Voor zover wij hebben kunnen nagaan gaat het in de periode 2012-2021 in totaal om de volgende aantallen: - In totaal gaat het om 31 afwijkingsvergunningen verleend waarbij de uitgebreide procedure van toepassing was. - Voor 13 van die aanvragen was er geen VVGB. Deze vielen namelijk onder één van de drie lijsten van de raad van categorieën waarvoor geen VVGB nodig is. Eén aanvraag van deze 13 viel onder de categorie bouwen van maximaal 15 woningen (namelijk 2 woningen), maar is op verzoek van een raadslid alsnog behandeld in de raad en hiervoor is een specifieke VVGB afgegeven. - Voor 18 van de aanvragen is wel een specifieke (op het project toegespitste) VVGB afgegeven. Een overzicht van de 31 afwijkingsvergunningen waarbij de uitgebreide procedure is toegepast hebben wij als bijlage bij het naslagwerk gevoegd. Onderstaand ziet u het overzicht van alle door raad vastgestelde categorieën van initiatieven waarvoor de uitgebreide procedure nodig is, maar waarvoor geen VVGB gevraagd hoeft te worden door het college onder de Wabo (artikel 2.12 lid 1 onder 3).

Categorie Bij weigeren van vergunning strijdig gebruik Activiteiten die passen in een vastgesteld bp dat nog niet in werking is getreden en waartegen geen zienswijzen zijn ingediend Plannen passen binnen door de raad vastgestelde en voldoende uitgewerkte beleidskaders: De Nota Buitenkans, Gids voor het buitengebied

4

Vastgesteld d.d. 12-07-2011 12-07-2011

Aantal keren toegepast Onbekend

12-07-2011

5

Realiseren/vernieuwen/vervangen van maximaal 15 woningen

12-07-2011

Vernieuwen/vervangen/uitbreiden van bestaande gebouwen anders dan woningen mits functie dezelfde blijft Projecten (educatief, sport, sociaal, medisch, levensbeschouwelijk, openbare dienstverlening) voor lokale of regionale voorzieningen tot maximaal 3000 m² Incidentele aanleg van nieuwe kleinschalige parkeer- en groenvoorzieningen, mits deze niet samenhangen met een planmatige uitbreiding Projecten t.b.v. openbare nutsvoorzieningen, kunstobjecten voorzieningen openbaar vervoer of wegverkeer tot maximaal 100 m2. Wijzigen van gebruik van bestaande bedrijfsgebouwen, kantoren, winkels, en gebouwen met een maatschappelijke bestemming tot maximaal 3000 m2 Wijzigen gebruik bestaand gebouw met bijbehorende grond in detailhandel mits passend in de detailhandelsvisie en gesitueerd in een winkelconcentratiegebied, naar kantoor mits niet in strijd met kantorenbeleid en naar maatschappelijke doeleinden mits niet gesitueerd op een bedrijventerrein Het realiseren of wijzigen van ondergrondse infrastructurele voorzieningen Voor het grondgebied van Technology Base Twente: initiatieven die passen binnen het advies van de commissie Wientjes genaamd Technology Base Twente (30-10-2014) en zijn voorzien van een positief advies door het Topen Kwaliteitsteam dan wel passen binnen de door hun gestelde kaders Voor grondgebied Ariënsplein: activiteiten passend binnen het door de raad vastgestelde

Ontwikkelingskader transformatie Ariënsplein

12-07-2011 12-07-2011

1 (nog 1 in proces)

3

12-07-2011 12-07-2011 12-07-2011

1

12-07-2011

12-07-2011 22-06-2015

2

18-12-2017

Achtergrondinformatie Omgevingswet Zoals gezegd treedt naar verwachting de Omgevingswet in werking op 1 juli 2022. Het is de bedoeling dat de Omgevingswet het omgevingsrecht eenvoudiger maakt. Een groot aantal wetten en regelingen voor de fysieke leefomgeving worden gebundeld en gemoderniseerd. De Omgevingswet streeft een aantal doelen naar, waaronder: - een samenhangende aanpak van de leefomgeving; - ruimte voor lokaal maatwerk, meer afwegingsruimte; - betere en snellere besluitvorming; - bevordering van participatie; - een omgevingsloket waarop snel te zien is wat er mag in de leefomgeving; - minder en eenvoudigere regels; - meer ruimte voor initiatieven; - het centraal zetten van de fysieke leefomgeving; - een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit; - meer vertrouwen in en verantwoordelijkheid neerleggen bij de samenleving. Op de site van de VNG staan diverse podcasts speciaal voor raadsleden met informatie over de Omgevingswet en uitleg over keuzemogelijkheden voor de raad (adviseren, participatie): https://vng.nl/artikelen/podcasts-omgevingswet De Omgevingswet introduceert verschillende instrumenten.

Voor de gemeente zijn de volgende het meest relevant: Omgevingsvisie De omgevingsvisie beschrijft de hoofdlijnen van de (gewenste) kwaliteit van de fysieke leefomgeving, van de voorgenomen ontwikkeling, gebruik, beheer, bescherming en behoud van het grondgebied. Ook bevat het de hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid: welke doelen worden nagestreefd en hoe worden deze bereikt. De omgevingsvisie is bindend voor de gemeenteraad. De keuzes die zijn gemaakt in de omgevingsvisie worden uitgewerkt tot regels in het omgevingsplan en in verplichte of onverplichte programma’s. Ook wordt de omgevingsvisie gebruikt door het college bij het al dan niet verlenen van omgevingsvergunningen voor activiteiten of functies die afwijken van het omgevingsplan.

5

Iedere gemeente moet (en mag maximaal) uiterlijk in 2024 één omgevingsvisie vaststellen voor de hele fysieke leefomgeving van de gemeente. De omgevingsvisie vervangt verschillende visies die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Denk bijvoorbeeld aan de structuurvisie(s), het verkeer- en vervoersplan, cultuur- en erfgoed, water, etc. Omgevingsplan Zoals gezegd worden de keuzes die gemaakt zijn in de omgevingsvisie uitgewerkt in het omgevingsplan. De gemeenteraad moet (en mag) maximaal één omgevingsplan vaststellen voor het gehele grondgebied van de gemeente. Het omgevingsplan bevat de regels voor de fysieke leefomgeving. Deze regels zijn bindend voor gemeenteraad en college maar ook voor de samenleving. Zodra de Omgevingswet in werking treedt, worden de geldende bestemmingsplannen en de Verordening Kwaliteit Leefomgeving automatisch aangemerkt als het “tijdelijk omgevingsplan”. Hierdoor hoeven gemeenten nog niet op 1 juli 2022 zelf een omgevingsplan te hebben gemaakt. In de periode van de inwerkingtreding van de wet tot eind 2029 moeten gemeenten het tijdelijk omgevingsplan omzetten in het omgevingsplan nieuwe stijl: een omgevingsplan dat voldoet aan alle regels van de Omgevingswet. Programma’s Het programma is een voor gemeenten nieuw instrument waarin wordt uitgewerkt wat het te voeren beleid op het gebied van de fysieke leefomgeving is.

Een programma is vooral uitvoeringsgericht; de nadruk ligt op het bereiken van het doel binnen een beheersbare termijn voor het desbetreffende aspect van het beleid voor de fysieke leefomgeving. Een programma geeft aan hoe een gemeente de omgevingsvisie of onderdelen daarvan wil realiseren. Het kan bijvoorbeeld gericht zijn op een beleidsthema zoals een woonvisie, op een gebied of project zoals een centrumvisie, of op een milieuwaarde zoals een veiligheidsplan. Op 19 april 2021 heeft een presentatie plaatsgevonden over programma’s in de Commissie Omgevingsbeleid. Voor nadere informatie over programma’s verwijzen wij u naar de betreffende presentatie (door op de blauw hyperlinks te klikken). Omgevingsvergunning De omgevingsvergunning is op zichzelf geen onbekend instrument. Toch gaat er het één en ander veranderen voor de omgevingsvergunning: - de algemene regels vanuit het Rijk bevatten minder vergunningplichten voor activiteiten. Voor de meest voorkomende activiteiten geldt er nog wel steeds een vergunningsplicht: milieubelastende activiteiten en bouwactiviteiten; - de aanvraag vindt in principe plaats bij één loket onder één bevoegd gezag. Meestal is dit de gemeente; - er kunnen nog meer typen vergunningaanvragen gebundeld worden.

Nu ook: ontgrondingen, rijkswaterstaatwerken, spoor, luchtvaart, archeologie, monumenten en sommige vergunningen uit lokale verordeningen (bijvoorbeeld de Verordening Kwaliteit Leefomgeving); - Als een vergunning wordt aangevraagd is nu altijd de procedure van 8 weken van toepassing, met uitzondering van enkele specifiek in de wet genoemde milieubelastende activiteiten (denk aan stikstof of een milieueffectrapportageplicht). Het college kan echter de procedure van 26 weken van toepassing verklaren vanwege een buitenplanse omgevingsplanactiviteit als: o de initiatiefnemer hierom heeft verzocht, o ermee heeft ingestemd óf o zelfstandig (maar wel mogelijkheid zienswijze) als de activiteit aanzienlijke gevolgen heeft of kan hebben voor de fysieke leefomgeving én naar verwachting verschillende belanghebbenden daartegen bedenkingen hebben; - de “verklaring van geen bedenkingen” verdwijnt en wordt opgevolgd door het bindend adviesrecht van de raad en door een expliciet instemmingsrecht voor andere overheden; - aanvragers moeten op het aanvraagformulier aangeven of er is geparticipeerd en wat daarvan de uitkomsten zijn.

6

Bijlage: verleende omgevingsvergunningen – uitgebreide procedure Wel/geen Zaaknummer Globale locatie VVGB VVGB V-2012-1282 Pantheon 25 Cascade ter hoogte van VVGB V-2012-3224 de Vuurjuffer

Uitbreiden parkeerplaats

VVGB

V-2012-2480

Achterhofweg 35

legalisatie paardenbak en toegangspad

VVGB Geen VVGB

V-2012-1843

Hangar 11

Houden van evenementen

V-2013-4184

Welnaweg 100

Aanleggen gedeelte fietspad Rondje Enschede

Geen VVGB

V-2013-4924

Korte Haaksbergerstraat 22-24

Het realiseren van 3 appartementen in de achterzijde van het gebouw

VVGB

V-2013-5441

Willem Wilminkplein

VVGB

V-2013-5525

VVGB

v-2014-5998

Omschrijving

Het aanleggen van een archeologische belevingsplek

Kalanderstraat 23 (van Heekplein 55) Voormalig vliegbasis Twente- De Strip

Het bouwen van een commerciële ruimte en 36 appartementen Het bouwen van winkelruimte en 4 zelfstandige woningen Automotive activiteiten, innovatieve bedrijvigheid en beperkt recreatief gebruik

V-2014-5716

Boekelerhofweg 35

Exploiteren landschapscamping

V-2015-1243

Het bouwen van een tandartsenpraktijk

Geen VVGB

Gronausestraat 1070 Hengelosestraat achter nr. 71 (achter het

V-2015-3841

appartementencomplex “De Eendracht”, grenzend aan het spoor en de Brandweerstraat) (V-2015-3841)

het bouwen van een fietsenstalling

Geen VVGB

V-2015-4533

Geen VVGB VVGB

Geen VVGB Geen VVGB

V-2015-6324 V-2016-0757

Vliegbasis Twente 1- H8, 1-H9, 1-C59, 1-C60 en 1- het vestigen van het bedrijf Aeronextlife Twente B.V. C61 het vergroten van het hoofdgebouw (toevoegen Pompstationweg 12 woning) het wijzigen van gevelkozijnen en het verbouwen van Hoge Boekelerweg 318 de schuur tot woonruimte het bouwen van een stallingsgarage, commerciële Chrysantstraat 4 winkelruimten en 27 appartementen Getfertweg tussen nr. het bouwen van 24 appartementen met 308 en 326 ondergrondse parkeervoorziening het bouwen en uitvoeren van werkzaamheden voor Zuiderval 175 (voorheen het realiseren van een bouw-/tuinmarkt en het Kuipersdijk 430) aanleggen van uitwegen (Hornbach) het verbouwen van een pand en het realiseren van Varviksweg 3 een bedrijfswoning met garage naast de N35, t.h.v. de het realiseren van een zonnepark Schukkinkweg Nabij Strootmanweg plaatsen zouthuisje en verrichten zoutboring Kromhofsweg 10, Allemansveldweg 150 en het realiseren van een zonnepark voor een termijn Hölterhofweg 270 van maximaal 25 jaar (Wilminkweg 60 is vervallen)

VVGB

V-2016-5442

VVGB

V-2016-6271

VVGB

V-2017-1380

Geen VVGB

V-2017-4651

VVGB

V-2018-2071

VVGB

V-2018-3153

VVGB

V-2018-5086

Geen VVGB

V-2019-0114

Beukerweg 50b

het renoveren van een schuur ten behoeve van het gebruik als multifunctionele ruimte

VVGB

V-2019-1730

Boeldershoekweg 51 (Hengelo)

CO2 afvanginstallatie Twence

7

V-2019-2222

Zonnepark Boeldershoek-West

zonnepark Boeldershoek West voor de duur van 25 jaar

V-2019-3187

Broekheurnerweg 26-28

het bouwen van 2 woonhuizen (dubbel blok) met bergingen en het aanleggen van een uitweg

V-2019-4324

Weerseloseweg 275

het verbouwen van een voormalige koetshuis en het wijzigen van het gebruik in kantoor

V-2019-4536

Floraparkstraat 390

het bouwen van een gymzaal

VVGB

V-2019-5156

Vlierstraat 115

het uitbreiden van een transformatorstation en het plaatsen van een hekwerk

VVGB

V-2019-7439

Lappenpad 49 (aangevraagd Lappenpad 45A)

het bouwen van een vrijstaand woonhuis

Geen VVGB

V-2020-3985

Brandemaatweg 122

het bouwen van een vrijstaand woonhuis en het verplaatsen van een uitweg

V-2020-6914

Grefteberghoekweg, percelen Lonneker AM 842 en Lonneker AM 1436

het realiseren van een spottershill

VVGB VVGB, NB was eigenlijk geen VVGB Geen VVGB Geen VVGB

Geen VVGB

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=0e36ebd6-7bf6-43ee-99ee-f4ffe859ae23