Legesverordening 2026
Tekst van het document
Gereserveerd Artikel 2.40 Wijzigen omgevingsvergunning 2.40
Indien een aanvraag van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het
10%
bouwen in afwijking van een eerder ingediend bouwplan, waarvoor reeds een vergunning is verleend, maar waarvan nog geen gebruik is gemaakt, bedraagt het tarief 10% van het oorspronkelijk geheven legesbedrag. Met een minimum van
€ 68,95
En een maximum van
€ 1.391,05
Het vorenstaande wordt toegepast indien het een ondergeschikte wijziging betreft of de afwijking zodanig is dat naar de omstandigheden beoordeeld geen sprake is van een nieuw bouwplan. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning voor één of meer milieubelastende activiteiten is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft.
Artikel 2.41 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning Gereserveerd Artikel 2.42 Intrekking omgevingsvergunning 2.42.a
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of
€ 1.109,15
gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning voor één of meer milieubelastende activiteiten, tenzij artikel 2.58 van toepassing is, bedraagt
Artikel 2.43 Beoordeling aanvullende gegevens Gereserveerd Artikel 2.44 Beoordeling onderzoeksrapporten Gereserveerd Artikel 2.45 Wijzigen van het omgevingsplan 2.45
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het
€ 11.947,25
wijzigen van het omgevingsplan: Indien de kosten voor de diensten als bedoeld in de bepalingen 2.6.a, 2.34, 2.45 verhaald worden via een exploitatieplan of een exploitatieovereenkomst wordt het uit dien hoofde verschuldigde bedrag niet op grond van de legesverordening in rekening gebracht.
Artikel 2.46 Niet genoemd besluit op aanvraag Gereserveerd Paragraaf 2.12 Modaliteiten Artikel 2.47 Achteraf ingediende aanvraag 2.47
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend 50% na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met: Van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges met een minimum van: € 307,40 En een maximum van:
€ 546,70
Artikel 2.48 Uitgebreide voorbereidingsprocedure 2.48
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene Wet Bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:
2.48.a
Als sprake is van een milieubelastende activiteit:
€ 2.430,83
2.48.b
Als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in dit artikel:
€ 5.973,60
Artikel 2.49 Beoordeling onderzoeksrapporten 2.49
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld:
2.49.a
Voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport:
€ 795,13
2.49.f
Voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER):
€ 2.271,80
Artikel 2.50 Advies
2.50
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet:
2.50.a
Voor een advies van de omgevingsdienst dat betrekking heeft op geluid, geur,
€ 1.673,94
licht en lucht:
2.50.b
Voor een advies van de omgevingsdienst in overige gevallen:
€ 720,15
Artikel 2.51 Instemming 2.51
Indien voor de behandeling van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit een advies met instemmingsrecht, als bedoeld in artikel 16.16 van de Omgevingswet vereist is, worden de kosten die ingevolge interbestuurlijke verrekening door een ander bestuursorgaan aan de gemeente in rekening worden gebracht, afzonderlijk aan de aanvrager doorbelast. Deze kosten maken onderdeel uit van de leges die voor de betreffende aanvraag verschuldigd zijn.
Paragraaf 2.13 Vermindering Artikel 2.52 Vermindering na conceptverzoek 2.52
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, aanhef 100% en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.2 en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, worden de ter zake van de beoordeling van het conceptverzoek geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 De vermindering bedraagt: Voor de toepassing van het eerste lid, geldt dat de aanvraag om een
omgevingsvergunning wordt gedaan: a. Voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het conceptverzoek betrekking had; b. In overeenstemming met de uitkomsten van het conceptverzoek; en c. Binnen 12 maanden na onze reactie op het laatste conceptverzoek of, als het conceptverzoek volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving. d. De vermindering bedoeld in het eerste lid kan nooit leiden tot de terugbetaling van leges. Indien de vermindering hoger is dan het verschuldigde bedrag, blijft het verschuldigde bedrag op nihil staan.
Artikel 2.53 Vermindering bij meervoudige aanvraag Gereserveerd
Paragraaf 2.14 Vermindering/Teruggaaf Artikel 2.54 Aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig 2.54
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in
2.54.a
Artikel 5.1. lid 2 onder a (technisch bouwactiviteit) van de Omgevingswet die na € 68,95 toetsing vergunningsvrij blijkt te zijn, bedraagt:
2.54.b
Artikel 5.1 lid 1 onder a (omgevingsplanactiviteit) van de Omgevingswet die
€ 277,30
na toetsing vergunningsvrij blijkt te zijn, bedraagt:
Artikel 2.55 Vermindering als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten 2.55
Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op vermindering. De vermindering bedraagt
2.55.a
Indien de gemeente een aangevraagde omgevingsvergunning niet verder behandelt 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.
2.55.b
Indien de gemeente een aangevraagde omgevingsvergunning niet verder behandelt 75% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges, berekend op de wijze zoals benoemd in artikel 2.1 en artikel 2.2 en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, indien aan de aanvraag een eerder niet verder behandelde aanvraag vooraf is gegaan en: - De aanvrager en de locatie hetzelfde zijn, - De nieuwe aanvraag geen compleet nieuw bouwplan is, - De nieuwe aanvraag is ingediend binnen twaalf maanden na het buiten behandeling laten.
2.55.c
Indien een aanvraag op verzoek van de gemeente wordt ingetrokken omdat een € 0,00 verkeerde activiteit is aangevraagd, worden geen leges geheven.
Artikel 2.56 Vermindering als gevolg van intrekking aanvraag conceptverzoek, omgevingsvergunning o maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure 2.56
Als een aanvrager zijn aanvraag om een conceptverzoek, omgevingsvergunning 75% of aanvraag om een maatwerkvoorschrift geheel of gedeeltelijk intrekt voordat het college van burgemeester en wethouders daarover een besluit heeft genomen en waarbij er (nog) geen toepassing is gegeven aan afdeling 3.4 van de Algemene Wet Bestuursrecht, bestaat aanspraak op vermindering van een deel van de leges. De vermindering bedraagt voor de ingetrokken activiteiten:
Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Gereserveerd Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten 2.58
Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op verzoek van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 1 jaar na verlening van de vergunning en van de vergunning nog geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf
25%
bedraagt:
Van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.
Artikel 2.59 Vermindering als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten 2.59.a
Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor 25% een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op vermindering van een deel van de leges. De vermindering bedraagt: Van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.59.a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend door een rechterlijke uitspraak.
2.59.b
De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een
50%
omgevingsvergunning, bedragen van de leges, berekend op de wijze zoals benoemd in artikel 2.1 en artikel 2.2 en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, indien aan de aanvraag een eerdere geweigerde vergunning vooraf is gegaan en: - De aanvrager en de locatie hetzelfde zijn, - De nieuwe aanvraag geen compleet nieuw bouwplan is, - De nieuwe aanvraag is ingediend binnen twaalf maanden na de weigering.
Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten 2.60
In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf € 0,00 verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12.
Artikel 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf 2.61
Na berekening van teruggave of verminderingen als bedoeld in artikel 2.52 tot en€ 0,00
met artikel 2.60 wordt een bedrag lager dan niet teruggegeven
Hoofdstuk 3 Europese dienstenrichtlijn Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting 3.1
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:
3.1.a
Een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een terras in afwijking van € 208,25 de vastgestelde Nadere regels terrassen bij horecabedrijven artikel 4.14 lid 3 Verordening Kwaliteit Leefomgeving.
3.1.b
Een aanvraag om een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare inrichting€ 297,50 als bedoeld in artikel 2:29, tweede lid van de Algemene Plaatselijke Verordening:
Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf 3.2
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:
3.2.a
Een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 en artikel 4 van de Alcoholwet:
3.2.a.1
Met een oppervlakte tot en met 50m2
€ 819,15
3.2.a.2
Met een oppervlakte van 51m2 tot en met 100m2
€ 885,05
3.2.a.3
Met een oppervlakte van 101 m2 tot en met 250m2
€ 1.100,50
3.2.a.4
Met een oppervlakte van 251 m2 tot en met 500m2
€ 1.419,05
3.2.a.5
Met een oppervlakte meer dan 501m2
€ 1.587,90
3.2.a.6
Voor het uitoefenen van het slijtersbedrijf
€ 358,40
3.2.b.1
Een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet:
€ 185,10
3.2.b.2
Een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a,
€ 217,95
tweede lid, van de Alcoholwet: 3.2.c
Een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet niet € 97,65 behorende bij een evenementenvergunning:
3.2.d
Een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 7 van de Drank- en Horecaverordening Enschede 2024
€ 653,90
3.2.d.1
Een vergunning als bedoeld onder artikel 3.2.d indien het betreft een aanvraag in€ 217,95 verband met uitsluitend een wijziging in de persoon van een leidinggevende die niet de vergunninghouder is
3.2.e
Als een aanvraag voor een vergunning genoemd in artikel 3.2 wordt ingetrokken,50% geweigerd of buiten behandeling wordt gelaten, wordt 50 % van de leges in rekening gebracht.
Paragraaf 3.2 Seksinrichtingen Artikel 3.3 Vergunning seksbedrijf 3.3
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning, of om de verlenging, of een wijziging van een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene Plaatselijke Verordening:
3.3.a
Voor een escortbedrijf
€ 1.058,20
3.3.b
Voor een seksinrichting
€ 3.079,45
3.3.c
Voor iedere beheerder die zal worden aangesteld bij het seksbedrijf vermeerderd€ 784,60 met
Artikel 3.4 Wijziging vergunning seksbedrijf Gereserveerd Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden 3.5
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
3.5.a
Het verlenen van een ontheffing of vrijstelling op grond van de Winkeltijdenwet, € 95,80 het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet of de Winkeltijdenverordening:
3.5.b
Een ontheffing sluitingstijdstip voor een niet-commercieel horecabedrijf op grond € 277,20 van artikel 2:29, lid 4, van de Algemene Plaatselijke Verordening:
3.5.c
Een incidentele ontheffing van de sluitingstijd als bedoeld in artikel 2:29, lid 2 en€5,138,80 van de Algemene Plaatselijke Verordening:
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt Artikel 3.6 Organiseren evenement
3.6
Bij het berekenen van de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag € 53,50 voor een integrale evenementenvergunning als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene Plaatselijke Verordening wordt voor de legesbepaling het totale aantal punten volgens onderstaande lijst vermenigvuldigd met: En zijn andere bepalingen in deze tarieventabel niet van toepassing. Omschrijving:
3.6.a
Standaardtarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag
2
Het aantal punten van het standaardtarief wordt verhoogd volgens de volgende puntenlijst: 3.6.b
Het evenement duurt:
3.6.b.1
2-7 dagen, incl. opbouwen en afbreken:
2
3.6.b.2
8-14 dagen, incl. opbouwen en afbreken:
4
3.6.b.3
Meer dan 15 dagen, incl. opbouwen en afbreken:
6
3.6.c
Tijdens het evenement worden wegen afgesloten en/of zijn omleidingen
1
noodzakelijk: 3.6.d
Tijdens het evenement worden objecten op of aan de weg geplaatst:
1
3.6.e
Het evenement start op zondag voor 13.00 uur /veroorzaakt na 13.00 uur een
1
gerucht dat op meer dan 200 meter hoorbaar is (Zondagswet): 3.6.f
Tijdens het evenement vindt er verkoop plaats buiten de reguliere winkeltijden
1
(Winkeltijdenwet) en er een ontheffing van de Winkeltijdenwet nodig is: 3.6.g
Het gaat om een grootschalig evenement:
3.6.g.1
Verwachte aantal bezoekers > 2.000 per etmaal:
4
3.6.g.2
Verwachte aantal bezoekers > 5.000 per etmaal:
8
3.6.g.3
Verwachte aantal bezoekers > 10.000 per etmaal:
12
3.6.g.4
Verwachte aantal bezoekers > 30.000 per etmaal:
15
3.6.h
Indien een evenement een C-evenement betreft:
10
3.6.i
Tijdens het evenement wordt er licht-alcoholische drank geschonken
2
3.6.j
Er is een vergunning in het kader van de Wet op de kansspelen benodigd:
1
3.6.k
Het aangevraagde evenement past niet binnen het beleid voor
3
evenementen-vergunningen: 3.6.l
Er is een ontheffing van de Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990
1
nodig: 3.6.m
Het aantal punten wordt bij de behandeling van een spoedaanvraag vermenigvuldigd met 2 waarbij een maximum van 11 extra punten wordt aangehouden.
3.6.n
Als een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in dit artikel wordt ingetrokken, 50% geweigerd of op grond van artikel 4:5 Awb buiten verdere behandeling wordt gelaten, wordt 50 % van de leges in rekening gebracht
Artikel 3.7 Organiseren markt Gereserveerd Paragraaf 3 5 Standplaatsen Artikel 3.8 Marktstandplaatsvergunning en andere vergunningen op de markt Gereserveerd Artikel 3.9 Overige administratieve dienstverlening markt Gereserveerd Artikel 3.10 Losse standplaatsen Gereserveerd Paragraaf 3 6 Huisvesting 2014 (en Wet goed verhuurderschap) Artikel 3.11 Vergunning onttrekken woonruimte Gereserveerd Artikel 3.12 Vergunning samenvoegen woonruimte Gereserveerd Artikel 3.13 Vergunning omzetten zelfstandige in onzelfstandige woonruimte Gereserveerd Artikel 3.14 Vergunning verbouwen woonruimte tot meer woonruimten Gereserveerd
Artikel 3.15 Splitsingsvergunning Gereserveerd Artikel 3.16 Toeristische verhuur Gereserveerd Artikel 3.17 Verhuurvergunning opkoopbescherming 3.17
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een
€ 952,10
vergunning om een woonruimte in gebruik te geven binnen een periode van vier jaar na de datum van inschrijving in de openbare registers van de akte van levering van die woonruimte aan de nieuwe eigenaar, als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014:
Artikel 3.18 SHG-shops 3.18
Een vergunning als bedoeld in afdeling 17, artikel 2:86 van de Algemene
€ 3.079,45
Plaatselijke Verordening: 3.18.a
Een vergunning als bedoeld onder 3.18 indien het betreft een aanvraag in verband € 1.058,20 met uitsluitend een wijziging in de persoon van een leidinggevende die niet de vergunninghouder is:
3.18.b
Als een aanvraag voor een vergunning genoemd in artikel 3.18 wordt ingetrokken, 50% geweigerd of buiten behandeling wordt gelaten, wordt 50% van de leges in rekening gebracht.
Paragraaf 3 7 In dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking Artikel 3.19 Niet benoemd besluit op aanvraag 3.19.a
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een
€ 68,70
andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking: 3.19.b
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen of verlengen € 3.079,45 van een gedoogbeschikking voor coffeeshops, zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder 8, van het Damoclesbeleid Enschede 2025:
3.19.b.1
Voor aanvragen met betrekking tot wijziging leidinggevende worden
éénmaal conform artikel 3.2.d.1 leges geheven.
Behoort bij raadsbesluit van 9 december 2024 De griffier van de gemeente Enschede,