Jaarverslag Commissie Bezwaarschriften 2023
Tekst van het document
JAARVERSLAG COMMISSIE BEZWAARSCHRIFTEN 2023 27 FEBRUARI 2023
1
INHOUDSOPGAVE VOORWOORD
3
INLE IDING
4
1.DE COMMISSIE
5
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7
Samenstelling commissie De secretaris en het secretariaat Taken De werkwijze Hoorzitting Adviezen Deskundigheidsbevordering
5 5 5 5 6 6 7
2.MEN SELIJKE MAAT
8
2.1 Onze ervaringen
8
3.KAMER SOCIAAL DOMEIN EN ZORG (SD Z)
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6
Werkveld kamer Cijfers Participatiewet Cijfers Wet maatschappelijke ondersteuning Cijfers Jeugdwet Redenen van intrekking van bezwaren Wat is ons opgevallen?
4.KAMER RUIMTELIJKE O RDENING EN OVERIGE ZAK EN (ROOZ)
4.1 4.2 4.3 4.4
Werkveld kamer Cijfers Redenen van intrekking van bezwaren Wat is ons opgevallen?
5.AANBEVELING EN EN WENSEN
5.1 Aanbevelingen jaarverslag 2022 5.2 Aanbevelingen voor dit jaar
10
10 10 10 11 11 11 13
13 13 13 14 15
15 17
2
VOORWOORD Graag informeren wij u door middel van dit jaarverslag over de behandeling van de bezwaren in 2023. Wij zijn een onafhankelijke adviescommissie die de raad, de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders adviseert over de te nemen beslissingen naar aanleiding van een ontvangen bezwaar. Dit jaarverslag geeft de werkzaamheden van onze commissie weer, geeft inzicht in het aantal ingediende en afgehandelde bezwaren en welke adviezen wij hebben uitgebracht. Ook leest u in dit verslag een terugblik op de eerdere aanbevelingen die wij hebben gedaan, maar ook aanbevelingen voor de komende periode. Wij danken de afdeling Juridische Zaken voor de ondersteuning en de prettige samenwerking. Ook gaat onze dank uit naar het gemeentebestuur voor het in ons gestelde vertrouwen. Enschede, 27 februari 2024 De voorzitters van de Commissie Bezwaarschriften
3
INLEIDING Voor u ligt het jaarverslag 2023 van de Commissie Bezwaarschriften (hierna: commissie) van de gemeente Enschede. De commissie bestaat uit de volgende kamers: Ruimtelijke Ordening en Overige Zaken (ROOZ) Sociaal Domein en Zorg (SDZ) De commissie brengt aan de hand van een ingediend bezwaar, en meestal na het houden van een hoorzitting, advies uit aan het bestuursorgaan die het betreden besluit heeft genomen. In de meeste gevallen is dat het college van burgemeester en wethouders (hierna: college). Slechts in een enkel geval betreft het een besluit van de burgemeester of de gemeenteraad. Bezwaren die betrekking hebben op belastingen en/of personeelsaangelegenheden, zijn uitgesloten van advisering door de commissie. Met het uitbrengen van dit jaarverslag legt de commissie verantwoording af over de door haar verrichtte werkzaamheden in 2023. Het doel van het verslag is om een beeld te schetsen van de werkzaamheden van de commissie en over de in 2023 ingekomen en behandelde bezwaren. Aan de hand van de beschikbare gegevens in dit verslag zal de commissie conclusies trekken over de behandelde bezwaren en aanbevelingen doen.
4
1.DE COMMISSIE 1.1 Samenstelling commissie De commissie kent twee kamers (SDZ en ROOZ), waarbinnen diverse voorzitters en leden op roterende basis zitting hebben tijdens hoorzittingen. In 2023 is ook de samenwerking met de gemeente Losser van start gegaan. Ook de bezwaren van deze gemeente werden behandeld door dezelfde commissie. Voor het bestuur van de gemeente Losser zal een apart jaarverslag worden opgeleverd. In het komend jaar zal gewerkt worden aan meer uniformiteit in de werkwijze van de bezwarencommissies van beide gemeenten. Er is geconstateerd dat voor de kamer SDZ op sommige momenten onvoldoende bezetting beschikbaar is. Het college heeft hiervoor in het najaar van 2023, specifiek voor deze kamer, extra voorzitters en leden geworven en benoemd. Er is ook hier bijzondere aandacht geweest aan het vergroten van diversiteit binnen de commissie, zoals aanbevolen in het rapport Maatvoering is mensenwerk II. De gebalanceerde mix van kennis, ervaring, achtergrond en leeftijd is hiermee gewaarborgd. 1.2 De secretaris en het secretariaat Bij de uitvoering van haar taken ontvangt de commissie waardevolle ambtelijke ondersteuning van de secretarissen (juristen) en het secretariaat (senior procesondersteuners). Deze toegewijde professionals zijn allen in dienst van de gemeente Enschede en zijn werkzaam bij de afdeling Juridische Zaken.
Het is van groot belang te benadrukken dat, ondanks het feit dat er altijd ruimte is voor verbeteringen, er veel positiefs te melden is. Een aanzienlijk aantal zaken bereikt namelijk niet de commissie. Dit doordat de zaken voorafgaand aan het formele proces effectief en zorgvuldig worden beoordeeld en afgehandeld. 1.3 Taken De commissie staat garant voor onafhankelijk advies over ingediende bezwaren, waarbij zorgvuldig wordt getoetst op rechtmatigheid en doelmatigheid. Hierbij wordt expliciet invulling gegeven aan het menselijke aspect, waarbij de belangen van inwoners in relatie tot het beleid en de wet- en regelgeving worden afgewogen. Deze verantwoordelijkheid omvat tevens het bevorderen van een goede verstandhouding tussen inwoners en het gemeentebestuur, het bieden van een luisterend oor, het verstrekken van uitleg over relevante wet- en regelgeving, het signaleren van gebreken in besluiten, en het doen van aanbevelingen ter verbetering van het handelen van het gemeentebestuur. 1.4 De werkwijze Binnen de gemeente Enschede worden jaarlijks veel besluiten genomen. Als een inwoner het niet eens is met een genomen besluit, kan hiertegen bezwaar worden ingediend. Dit moet bij het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen. De meeste besluiten waartegen bezwaar kan worden gemaakt worden door het college genomen.
In enkele gevallen wordt er bezwaar gemaakt tegen een besluit van de burgemeester of de gemeenteraad. Na ontvangst van het bezwaar wordt deze geregistreerd door het secretariaat en wordt er een ontvangstbevestiging verzonden naar bezwaarmaker en eventueel derde-belanghebbende, zoals een vergunninghouder. Nadat het bezwaar intern is toebedeeld aan een secretaris is het aan de secretaris om, in samenspraak met de vakafdeling, te beoordelen of het bezwaar op informele wijze kan worden afgehandeld. Te denken valt aan situaties waarin een nadere toelichting al voldoende duidelijkheid geeft aan een inwoner of dat (gedeeltelijk) aan het bezwaar tegemoet kan worden gekomen. Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat er persoonlijk contact wordt opgenomen met de bezwaarmaker.
5
Deze informele aanpak kan resulteren tot intrekking van het bezwaar. Als dat het geval is worden deze zaken niet meer voorgelegd aan de commissie. Uiteraard leidt deze informele aanpak niet altijd tot een intrekking van het bezwaar en wenst de inwoner dat zijn bezwaar op de formele wijze wordt afgehandeld. Als dat het geval is levert de behandelend secretaris de zaak aan bij het secretariaat die vervolgens een hoorzitting organiseert. Het secretariaat zorgt voor tijdige verzending van de uitnodiging en de stukken aan alle partijen, waaronder de commissie. 1.5 Hoorzitting De hoorzitting vormt een essentieel onderdeel van de bezwaarschriftenprocedure. Er wordt slechts bij uitzondering afgezien van het horen van een bezwaarmaker. Er moet dan bijvoorbeeld uit het bezwaar blijken dat het kennelijk niet-ontvankelijk (bijvoorbeeld te laat ingediend) of kennelijk ongegrond is. Dit kan alleen als er redelijkerwijs geen twijfel mogelijk is over de uitkomst. Verder kan het horen ook achterwege blijven wanneer bezwaarmaker heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht om gehoord te worden. Soms blijkt dit uit het bezwaar maar als dit niet duidelijk blijkt wordt in de ontvangstbevestiging door het secretariaat verzocht om binnen twee weken aan te geven of bezwaarmaker gehoord wil worden. Als men hier niet op reageert wordt er vanuit gegaan dat men niet gehoord wenst te worden.
Dat is overigens ook zo opgenomen in de ontvangstbevestiging. Tijdens de hoorzitting bestaat de commissie uit een voorzitter en twee leden. De commissie wordt hierbij ondersteund door de behandelend secretaris. Tijdens de hoorzitting worden partijen (bezwaarmaker, eventueel belanghebbenden en de vertegenwoordiger van het bestuursorgaan) in de gelegenheid gesteld hun standpunten nader toe te lichten en mogelijk op elkaar te reageren. Ook stelt de commissie verhelderende vragen aan partijen om de zaak scherp te krijgen. Na de hoorzitting beraadslaagt de commissie in beslotenheid. Tijdens dit zogenaamde “raadkameren” wordt het standpunt van de commissie bepaald. De secretaris werkt vervolgens het advies van de commissie uit. Nadat de commissie haar advies heeft uitgebracht aan het desbetreffende bestuursorgaan, is het uiteindelijk aan het bevoegde bestuursorgaan om een beslissing te nemen op het bezwaar. Het bestuursorgaan kan gemotiveerd afwijken van het advies van de commissie. Tegen de beslissing op het bezwaar kunnen belanghebbenden vervolgens beroep instellen. 1.6 Adviezen De adviezen van de commissie kunnen zijn: (kennelijk) niet-ontvankelijk, ongegrond of gegrond (dan wel een combinatie daarvan).
(Kennelijk) Niet-ontvankelijk wil zeggen dat niet wordt voldaan aan de wettelijke vereisten voor het indienen van een bezwaar en dat vervolgens niet wordt ingegaan op de inhoud van het bezwaar. U kunt hierbij denken aan een bezwaar dat te laat is ingediend en waarbij geen redenen zijn aangevoerd die dit rechtvaardigen. Tot een ongegrondverklaring van het bezwaar wordt geadviseerd indien het primaire besluit goed tot stand is gekomen. Kleine motiveringsgebreken kunnen in bezwaar worden hersteld en leiden dus niet persé tot het gegrond verklaren van het bezwaar. Wanneer de commissie van oordeel is dat het bezwaar gegrond moet worden verklaart, betekent dit dat het primaire besluit niet in stand kan blijven of slechts met een aanvullende motivering. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer het besluit in strijd is met wettelijke bepalingen of beleid. Wanneer een besluit op een ondeugdelijke wijze tot stand is gekomen, kan dit ook leiden tot een gegrondverklaring van het bezwaar. Het is dan niet meer mogelijk om de geconstateerde gebreken in het bestreden besluit te herstellen. Dit is onder meer relevant voor de proceskostenvergoeding.
6
Ook adviseert de commissie over het toekennen van een wettelijke proceskostenvergoeding als daarom is verzocht. De hoogte van die vergoeding is bij wettelijke regeling (Besluit proceskosten bestuursrecht) bepaald. Zoals reeds genoemd kan het bevoegde bestuursorgaan in de beslissing op bezwaar gemotiveerd afwijken van het advies van de commissie (contraire besluitvorming). 1.7 Deskundigheidsbevordering Wij hebben in 2023 deelgenomen aan de door de gemeente Enschede aangeboden cursussen en trainingen op het gebied van het Algemene wet bestuursrecht (en mediation), Participatiewet, Wet maatschappelijke ondersteuning, Jeugdwet, Omgevingswet, Algemene verordening gegevensbescherming en de Wet open overheid.
7
2.MENSELIJKE MAAT In ons jaarverslag over 2022 hebben wij onze bereidheid uitgesproken mee te werken aan de uitwerking van de aanbeveling uit het rapport Maatvoering is mensenwerk II om een visie te ontwikkelen over een integrale heroverweging waarbij mede rekening wordt gehouden met de menselijke maat. We hebben daarbij aangegeven dat naar het gevoel van de commissie het in eerste aanleg op de weg van de bestuursorganen ligt om een visie te ontwikkelen op de toepassing van de menselijke maat in de gehele keten van besluitvorming. In het jaar 2023 hebben diverse leden van de commissie in een informele sessie over dit onderwerp van gedachten kunnen wisselen met een van de projectleiders voor dit onderwerp. Daarbij zijn diverse aspecten ten aanzien van dit onderwerp besproken. De gedeelde conclusie uit dit overleg was dat een blijvende aandacht voor dit onderwerp binnen alle lagen van de gemeentelijke organisatie, waaronder zeker ook het management, een noodzakelijke voorwaarde is voor het ten uitvoerleggen van de aanbevelingen. Onze taak, de door de bestuursorganen genomen besluiten waartegen bezwaar is gemaakt te toetsen op rechtmatigheid en doelmatigheid, geeft ons feitelijk de opdracht invulling te geven aan het aspect menselijke maat in onze advisering. 2.1 Onze ervaringen Onze ervaringen met betrekking tot het aspect menselijke maat delen wij graag met u.
In 2022 signaleerden wij al toenemende aandacht voor de menselijke maat. De worsteling hoe daar precies mee moet worden omgegaan, waar de redelijke grenzen liggen en het zoeken naar een aanvaardbare balans is nog steeds merkbaar. Wij ervaren dit als goede signalen en waarderen dit. Wij willen daarbij opmerken dat het ogenschijnlijk uit het zicht raken van de menselijke maat soms ook mede het gevolg was van het volgen van de jurisprudentie van de hoogste bestuursrechters. Wij noemen als voorbeeld de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep bij het vaststellen van het recht op uitkering bij verzwegen inkomsten. In het verleden leidde dat veelal tot het terugvorderen van de volledig verstrekte uitkering. In de huidige jurisprudentie van de Centrale Raad is duidelijk sprake van een andere koers en is er ruimte om de inkomsten schattenderwijs vast te stellen. Dat biedt aanmerkelijk meer ruimte om rekening te houden met de menselijke maat. Ook op andere terreinen is een dergelijke ontwikkeling waar te nemen. Wij constateren dat die ruimte ook wordt benut. Dat is goed en sluit aan bij de maatschappelijke ontwikkelingen op dit punt. Toch komen nog steeds zaken voor die bij een sterkere inzet op het aspect menselijke maat en de daaraan gekoppelde ontwikkelingen, in het voortraject niet tot bezwaren hadden hoeven leiden.
Wij merken overigens wel op dat de ruimte voor het aspect menselijke maat in de jurisprudentie over het omgevingsrecht (kamer ROOZ) veelal beperkter is omdat daarbij ook belangen van derden betrokken zijn. Bij dergelijke zaken zijn immers vaak belangen van diverse inwoners en of bedrijven en instellingen betrokken. Het constructief en empathisch meedenken met de ene partij gaat dan al snel (al was het maar in de beleving) ten koste van de andere partijen zoals bijvoorbeeld de vergunninghouder. Daarnaast hebben bestuursorganen vaak beleidsdoelen die niet zonder meer stroken met de belangen van individuele bezwaarmakers maar wel een algemeen belang van de inwoners van de gemeente als geheel dienen. Het kan uiteraard wel helpen om in die gevallen aandacht te besteden aan de motivering van de besluiten. In een aantal gevallen kan dat bezwaarden helpen om bepaalde besluiten beter te begrijpen en te accepteren.
8
Het in achtnemen van de menselijke maat is in het ruimtelijk domein ook relevant voor handhavingsbesluiten. Daartoe kan het bestuursorgaan bij de totstandkoming en de motivering nadrukkelijk aandacht besteden aan het beginsel van evenredigheid aan de hand van de criteria geschiktheid, noodzakelijkheid en evenwichtigheid. Ten slotte geeft het wettelijk kader niet altijd de ruimte om recht te doen aan alle belangen. Dit verklaart mogelijk dat wij een verandering in de benadering van bezwaarden bij ruimtelijke ordeningszaken in mindere mate waarnemen dan in het sociale domein.
9
3.KAMER SOCIAAL DOMEIN EN ZORG (SDZ) 3.1 Werkveld kamer De kamer SDZ behandelt met name bezwaren op het gebied van de Participatiewet (PW), Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en Jeugdwet (Jw). Vanwege de energiecrisis heeft de rijksoverheid, evenals in 2022, in 2023 de zogeheten energietoeslag ingevoerd. Ook bezwaren tegen deze toeslag worden behandeld in deze kamer. 3.2 Cijfers Participatiewet In 2023 zijn er in totaal 425 bezwaren ingediend en 923 afgehandeld. Er zit een groot verschil tussen het aantal ingediende en afgehandelde bezwaren. Dit heeft vooral te maken met de bezwaren ten aanzien van de energietoeslag die in grote getale zijn ingediend in 2022 en 2023. Deze zijn grotendeels in 2023 afgehandeld. Daarnaast zijn er ook nog lopende zaken afgehandeld die nog niet waren afgerond in 2022. De meeste ingediende bezwaren zijn gericht tegen het afwijzen van aanvragen voor energietoeslag (101), gevolgd door het afwijzen van aanvragen om bijzondere bijstand (63), terugvorderingsbesluiten (21), ingetrokken en beëindigde uitkeringen voor levensonderhoud (21 en 12), afgewezen aanvragen voor uitkeringen (18) en opgelegde boetes (16). Van de 923 afgehandelde bezwaren zijn er 605 ingetrokken. Van de bezwaren waarin wij een advies hebben uitgebracht zijn er 228 ongegrond verklaard, 44 gegrond, 28 kennelijk nietontvankelijk, 16 niet-ontvankelijk en 2 gedeeltelijk gegrond.
Totaal aantal afgehandelde bezwaren: 923 Ingetrokken Ongegrond Gegrond Kennelijk niet-ontvankelijk Niet- ontvankelijk Gedeeltelijk gegrond
605 228 44 28 16 2
3.3 Cijfers Wet maatschappelijke ondersteuning In het kader van de Wmo zijn in 2023 in totaal 39 bezwaren ingediend en 26 afgehandeld. De meeste bezwaren zijn gericht tegen besluiten inzake leerlingenvervoer (9), vervoersvoorzieningen (7), woonvoorzieningen (7), ondersteuning huishouden (5) en individuele begeleiding (3). In totaal zijn er dus 26 bezwaren afgehandeld in 2023. Van deze bezwaren zijn er 10 ingetrokken. Van de bezwaren waarin wij een advies hebben uitgebracht zijn er 8 ongegrond verklaard, 3 gegrond, 3 kennelijk niet-ontvankelijk en 2 niet-ontvankelijk. Totaal aantal afgehandelde bezwaren: 26 Ingetrokken Ongegrond Gegrond Kennelijk niet-ontvankelijk Niet-ontvankelijk
10 8 3 3 2
10
3.4 Cijfers Jeugdwet In het kader van de Jw zijn in 2023 in totaal 8 bezwaren ingediend en 4 afgehandeld. Van deze bezwaren is er 1 ingetrokken. Van de bezwaren waarin wij een advies hebben uitgebracht zijn er 2 ongegrond verklaard en 1 gegrond. Totaal aantal afgehandelde bezwaren: 4 Ongegrond Gegrond Ingetrokken
2 1 1
3.5 Redenen van intrekking van bezwaren Wij vinden het fijn dat sinds medio mei 2023 informatie uit het zaaksysteem van Juridische Zaken wordt verzameld over informeel afgehandelde bezwaren en vooral de redenen daarvan. In de kamer SDZ zijn vanaf voornoemde periode 309 bezwaarschriften informeel afgehandeld. In volgorde van het vaakst voorkomend met de volgende redenen: uitleg over besluit (149); na wijziging van het bestreden besluit wegens een onrechtmatigheid (54); op verzoek van de indiener (38); terugdraaien van een besluit wegens een onrechtmatigheid (34); wijziging van een besluit in het kader van coulance of menselijke maat (20); terugdraaien van een besluit in het kader van coulance of menselijke maat (14). 3.6 Wat is ons opgevallen? Participatiewet Over het begrip ‘menselijke maat’ is in het vorige hoofdstuk al het een en ander gemeld. Kort gezegd: er is zeker verbetering te constateren en een conclusie dat het belang van het toepassen van de menselijke maat grotendeels is ingedaald. Wij merken helaas nog onvoldoende dat in structurele zin in het primaire proces, de aandacht voor dit aspect altijd even duidelijk op het netvlies van degene die de aanvraag behandeld en of die het besluit opstelt, staat. Dat is jammer. Wij blijven hiervoor dan ook uw aandacht vragen.
Voor de behandelaar van een aanvraag en of degene die het besluit opstelt, is het van belang een responsieve houding te tonen. De laatste jurisprudentie, maatschappelijke ontwikkelingen, voorstellen tot wetswijzingen en relevante onderzoeksrapporten kunnen hiervoor goede handvatten zijn. In meerdere zaken is het ons opgevallen dat het onderzoek voorafgaand aan het primaire besluit uiterst gebrekkig of summier is en in juridische zin als onvoldoende moet worden bestempeld. Wij zijn van mening dat responsiviteit en oog hebben voor de positie van de burger, doelmatigheid naast rechtmatigheid, een organisatie vraagt die dit uitdraagt en faciliteert. Het lijkt ons dat dit een positieve bijdrage zal opleveren voor het vertrouwen van de burger in de (lokale) overheid. Energietoeslag Vanwege de stijgende energielasten in 2022 heeft de landelijke overheid een regeling opgesteld om mensen met lage en middeninkomens te ondersteunen met een toeslag van €1300,-. Gemeenten moeten voor het uitvoeren hiervan beleidsregels opstellen. Ook in 2023 zijn er een groot aantal bezwaren ingediend tegen afwijzingen, namelijk 101. Wij adviseerden u ,mede gezien vanuit de menselijke maat, de beleidsregel te evalueren en om in schrijnende gevallen tot een passende oplossing te komen, met aandacht voor het begrip zelfstandige woonruimte en de situatie met betrekking tot studenten.
Wij constateren dat door de evaluatie /aanpassing van de beleidsregels op dit punt wel meer duidelijkheid is ontstaan. Dat is positief.
11
Leerlingenvervoer In 2023 zijn 9 bezwaarschriften ingediend met betrekking tot leerlingenvervoer. Dat is wellicht een gering aantal in vergelijking met andere onderwerpen. Toch willen wij melden dat bij de behandeling van deze bezwaren is opgevallen dat de aangeboden procesdossiers veelal incompleet waren. Bij nadrukkelijke navraag, tijdens en na de hoorzitting bleek dat de noodzakelijke informatie wel beschikbaar is in systemen, maar in onvoldoende mate in rapportages die ten grondslag behoren te liggen aan beslissingen. Volledige rapportages zijn voor een goede dossiervorming van belang. Daarmee wordt immers duidelijk wat de motivering en grondslag is voor het te nemen besluit. Wij bevelen aan het besluitvormingsproces zodanig in te richten dat motivering en grondslag voldoende duidelijk zijn. Voor de ouders-verzorgers van de betrokken leerling(en) geeft dat duidelijkheid. Dat is wellicht van invloed op het aantal bezwaren. Eigen kracht in de Jeugdwet1 De bezwaren die wij met betrekking tot de Jeugdwet hebben behandeld hadden allen betrekking op de toepassing van het begrip ‘eigen kracht’. Dat begrip wordt expliciet genoemd in de Jeugdwet en stelt dat het college slechts een voorziening hoeft te treffen voor zover de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen ontoereikend zijn.
De gemeente Enschede heeft beleidsregels vastgesteld die een kader geven voor het begrip ‘eigen kracht’. Dat geldt overigens niet alleen voor de Jeugdwet, maar ook voor de Wet maatschappelijke ondersteuning. Wij doelen hierbij op Beleidsregel eigen kracht jeugd en gebruikelijke hulp WMO 2022. Gezien de bezwaren die wij in het kader van de Jeugdwet hebben behandeld, kunnen wij ons niet aan de indruk onttrekken dat deze beleidsregels een wat strakkere toepassing hebben gehad bij besluiten op aanvragen, al dan niet in de vorm van een herindicatie, dan voorheen. Wij constateren dat daardoor enkele schrijnende situaties zijn ontstaan, die tot veel onbegrip bij de ouders of verzorgers van de jeugdigen hebben geleid. Was het niet beter geweest de betrokkenen hierover tijdig in te lichten? Wij pleiten in voorkomende gevallen voor een betere en heldere communicatie, onderbouwd met motivatie, over de stringentere toepasbaarheid van de beleidsregels.
1
De invulling van de ‘eigen kracht in de Jeugdwet heeft de wetgever aan de gemeenten overgelaten. Uit de parlementaire geschiedenis van de Jeugdwet volgt dat de wetgever over dit begrip weinig concrete aanwijzingen heeft gegeven. Uit jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep blijkt evenwel dat de kern is dat ouders in eerste instantie zelf verantwoordelijk zijn voor het gezond en veilig opgroeien van hun kinderen. Hebben zij zelf mogelijkheden om de problemen het hoofd te bieden, dan is een voorziening niet nodig. Deze jurisprudentie geeft aan dat de extra zorg (lees: boven gebruikelijke hulp) onder eigen kracht kan vallen en dat dit van ouders gevraagd kan worden. Daarmee is dan een ondersteuning vanuit de Jeugdwet niet aan de orde.
12
4. KAMER RUIMTELIJKE ORDENING EN OVERIGE ZAKEN (ROOZ) 4.1 Werkveld kamer De kamer ROOZ behandelt onder andere bezwaren op het gebied van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), de Verordening kwaliteit leefomgeving (Vkl), Wet basisregistratie personen (BRP), Wet open overheid (Woo), Alcoholwet en Wegenverkeerswet (Wvw). 4.2 Cijfers In 2023 zijn er in totaal 384 bezwaren ingediend en 462 bezwaren afgehandeld. De meeste bezwaren zijn gericht tegen opgelegde bestuurlijke boetes (92), verleende omgevingsvergunningen met betrekking tot bouw/gebruik (62), evenementenvergunningen (21), omgevingsvergunning met betrekking tot kap (20) en verkeersbesluiten (19). In totaal zijn er dus 462 bezwaren afgehandeld in 2023. Van deze afgehandelde bezwaren zijn er 144 ingetrokken en 2 doorgezonden. Van de overige bezwaren waarin wij een advies hebben uitgebracht zijn er 214 ongegrond verklaard, 66 kennelijk niet-ontvankelijk, 30 niet-ontvankelijk, 4 gegrond en 2 gedeeltelijk gegrond. Totaal aantal bezwaren: 462 Ongegrond Ingetrokken Kennelijk niet-ontvankelijk Niet-ontvankelijk Gegrond Gedeeltelijk gegrond Doorgezonden
214 144 66 30 4 2 2
4.3 Redenen van intrekking van bezwaren Zoals al genoemd in paragraaf 3.5 wordt sinds medio mei 2023 informatie uit het zaaksysteem van Juridische Zaken verzameld over informeel afgehandelde bezwaren en de redenen daarvan. In de kamer ROOZ zijn vanaf voornoemde periode 91 bezwaarschriften informeel afgehandeld. Waarvan 56 wegens het geven van uitleg over het genomen besluit, 13 wegens het terugdraaien van een besluit wegens een onrechtmatigheid, 12 op verzoek van de indiener, 7 na wijziging van een besluit wegens een onrechtmatigheid en 3 wegens het terugdraaien van een besluit in het kader van coulance of menselijke maat.
13
4.4 Wat is ons opgevallen? Strikt vasthouden aan beleidsregels versus maatwerk Het vaststellen van beleidsregels heeft tot doel meer richting te geven aan het handelen van het bestuursorgaan, naast de wettelijke regels. Nu komt het wel eens voor dat dergelijke regels dermate strak worden toegepast dat het uiteindelijke doel van die regel wellicht minder aandacht krijgt. Vrees voor precedentwerking bij afwijking van de regels staat soms een passende oplossing in de weg. Wij adviseren dan ook in dergelijke situaties een juiste balans te vinden en daarbij de ruimte te zoeken binnen de beleidsregels. Menselijke maat en ruimtelijke ordening In een enkel, weliswaar bijzonder, geval hebben wij geconstateerd dat het primaire besluit door het college op juiste gronden is genomen. Ons advies was dan ook om het ingediende bezwaar om die redenen ongegrond te verklaren. Indachtig de notitie over de menselijke maat hebben wij tegelijkertijd moeten constateren dat door strikte toepassing van de regelgeving bezwaarmaker in een onmogelijke positie kwam te verkeren waar het gaat om bereikbaarheid van zijn perceel door privaatrechtelijke beperkingen. Wij constateerden dat van gemeentezijde de publiekrechtelijke benadering voorop heeft gestaan bij het nemen van het primaire besluit. Juridisch juist maar met te weinig oog voor een oplossing.
Om die reden hebben wij onszelf de vrijheid gegeven een overweging ten overvloede mee te geven in het advies om voor een nader te bepalen periode af te zien van handhaving door het stellen van een ruimere begunstigingstermijn. Binnen die periode is het dan aan betrokkene om, eventueel via de civiele rechter, het privaatrechtelijke probleem op te lossen.
14
5. AANBEVELINGEN EN WENSEN 5.1 Aanbevelingen jaarverslag 2022 In het jaarverslag over 2022 hebben wij een aantal aanbevelingen gedaan. Hierbij een kort overzicht daarvan: Digitale / hybride hoorzittingen verbeteren (kamer 77 in het Stadhuis) (nog meer) Toepassen menselijke maat Afhandelingstermijnen bezwaren verkorten Verweerschrift bij alle zaken Motivering van besluiten ARV Follow up geven van adviezen bij contrair zaken en (hoger) beroep Meer informatie over ingetrokken bezwaren Ambtshalve horen Nieuwe verordening – consulteren van de commissie Voorzittersoverleg Overleg met portefeuillehouder en raad Wij zullen per aanbeveling onze ervaringen over het jaar 2023 met u delen. Digitalisering – digitale hoorzittingen Wij merken op dat het digitaal/hybride organiseren van hoorzittingen nog te wensen over laat in kamer 77 in het Stadhuis. Het is een grote ruimte waar de verbinding en het geluid niet altijd even goed werkt. In deze kamer vinden nagenoeg altijd de ROOZ zittingen plaats. Daarnaast spreken wij onze voorkeur uit voor het organiseren van fysieke hoorzittingen en dus niet voor hybride of telefonische hoorzittingen. Met betrekking tot telefonisch horen hebben wij namelijk na een aantal hoorzittingen geconcludeerd dat het geen prettige manier is van het horen van partijen.
De secretaris moet continu met de telefoon door de zaal omdat men elkaar anders niet kan horen en dus ook niet op elkaar kan reageren. Geen efficiënte manier van het toepassen van hoor en wederhoor. Wij adviseren u, nog steeds, om enkel en alleen nog fysieke hoorzittingen te organiseren en bij uitzondering en als de apparatuur werkt, hybride hoorzittingen. Menselijke maat Zoals wij al hebben aangegeven zien wij bij de toepassing van de menselijke maat zeker verbetering. Het is ons bekend dat door de bestuursorganen en ook de organisatie veel wordt en is gedaan. Toch zien wij ook dat er, evenals in 2022, nog sprake is van een ontwikkeling en het zoeken naar een goede balans. Wij verwijzen u hiervoor naar hetgeen is opgenomen in hoofdstuk 2 en paragraaf 3.6 en 4.4 van dit jaarverslag. Afhandelingstermijnen Met betrekking tot de wettelijke afhandelingstermijnen merken wij op dat wij in 2023 verbeteringen hebben gezien maar dat in de meeste gevallen helaas de geldende wettelijke termijnen niet worden gehaald.
15
Verweerschriften Wij merken dat een verweerschrift van het verwerend bestuursorgaan zeer waardevol is tijdens de behandeling van het bezwaar. Op dit moment wordt alleen in de ROOZ kamer gewerkt met een dergelijk verweerschrift. Motivering van besluiten ARV Wij merken op dat deze aanbeveling is opgepakt. Follow up geven van adviezen bij contrair zaken en (hoger) beroep en methodiek/systeem impact van de adviezen Wij merken op dat deze aanbeveling is opgepakt. Ingetrokken bezwaren Net als voorgaande jaren merken wij op dat relatief veel bezwaren worden ingetrokken. Wij zijn erg content met het feit dat door het nieuwe zaaksysteem van Juridische Zaken nu inzichtelijk is wat daaraan ten grondslag ligt. Ambtshalve horen In de nieuwe verordening heeft het ambtshalve horen een juridische grondslag gekregen. Wij hebben begrepen dat op dit moment het ambtshalve horen, om bepaalde redenen, niet ingevoerd zal worden. Wij respecteren dit standpunt maar vinden het wel goed dat de nieuwe verordening de mogelijkheid biedt om ambtshalve te horen. Nieuwe verordening – consultatie commissie Wij hebben kennisgenomen van de nieuwe verordening en hebben u in het jaarverslag van 2022 aanbevolen om voor een toekomstige aanpassing de commissie als belangrijke stakeholder te consulteren over de voorgenomen wijzigingen.
Voorzittersoverleg In 2022 heeft de afdeling Juridische Zaken het voorzittersoverleg nieuw leven ingeblazen en gefaciliteerd. Wij spreken daarover onze waardering uit. Dit overleg heeft ook in 2023 zeker meerwaarde gehad. Het voorzittersoverleg heeft namelijk een belangrijke coördinatiefunctie. Enerzijds in de afstemming tussen commissie en de bestuursorganen, anderzijds in de afstemming en kennisdeling tussen en binnen de verschillende kamers. Overleg met portefeuillehouder en raad In 2023 heeft, net als in 2022, een gesprek plaatsgevonden tussen de portefeuillehouder (burgemeester) en enkele voorzitters van de commissie. Tijdens dit gesprek wordt het jaarverslag besproken en teruggekeken op het afgelopen jaar. Wij vinden het goed dat een dergelijk overleg plaatsvindt voordat het jaarverslag wordt behandeld in de Stedelijke Commissie. In 2023 waren tijdens de behandeling van het jaarverslag van 2022 naast de burgemeester ook twee voorzitters (van beide kamers één) aanwezig om zo het jaarverslag toe te lichten. Ook dit vinden wij een goede ontwikkeling.
16
5.2 Aanbevelingen voor dit jaar Ook dit jaar hebben wij enkele aanbevelingen. U heeft de aanbevelingen die wij vorig jaar hebben gedaan overgenomen, maar wij merken op dat nog niet op alle punten is gebleken dat er (geheel) uitvoering aan is gegeven. Daarom komen enkele aanbevelingen dit jaar weer terug. Wij hebben voor 2024 de volgende aanbevelingen: Fysieke hoorzittingen (nog meer) Toepassen menselijke maat Afhandelingstermijnen verkorten Verweerschrift bij alle zaken, dus ook bij sociale zekerheid Motivering van besluiten – complete dossiers Nieuwe verordening – consulteren van de commissie Toepassen beleidsregels Eigen kracht in de Jeugdwet Deze aanbevelingen lichten wij u hierbij verder toe. Fysieke hoorzittingen Om hoor en wederhoor goed toe te kunnen passen voor alle partijen is het zeer wenselijk dat er nog enkel en alleen fysieke hoorzittingen worden georganiseerd. Gelet op de ervaringen met hybride en telefonische hoorzittingen merken wij op dat niet in alle ruimtes de digitale middelen goed werken en het veel tijd maar ook frustratie kost omdat partijen niet goed en dus ook niet prettig met elkaar kunnen communiceren. Mocht een fysieke hoorzitting om bijzondere redenen niet mogelijk zijn dan is een hybride hoorzitting enkel en alleen mogelijk als de apparatuur werkt. Wij vragen hiervoor dan ook, net als voorgaand jaar, uw aandacht.
De commissie doelt dan specifiek op kamer 77 in het Stadhuis. Menselijke maat Zoals wij al hebben aangegeven zien wij bij de toepassing van de menselijke maat zeker verbetering. Maar het kan altijd nog beter. Wij verwijzen u hiervoor naar hetgeen is opgenomen in hoofdstuk 2 en paragraaf 3.6 en 4.4 van dit jaarverslag. Afhandelingstermijnen Met betrekking tot de wettelijke afhandelingstermijnen merken wij op dat wij in 2023 verbeteringen hebben gezien maar dat in de meeste gevallen helaas de geldende wettelijke beslistermijnen niet worden gehaald en regelmatig ruimschoots worden overschreden. In het licht van de gewenste ontwikkeling naar meer responsiviteit in dienstverlening, het streven naar herstel van vertrouwen in overheidsorganisaties en oog hebben voor de positie van de inwoner/rechtzoekende (menselijke maat) menen wij dat een oplossing voor dit probleem een hoge prioriteit verdient. Verweerschriften Wij merken dat een verweerschrift van het verwerend bestuursorgaan zeer waardevol is tijdens de behandeling van het bezwaar en dan specifiek tijdens de hoorzitting. Partijen zijn immers al op de hoogte van elkaars standpunten en daarnaast is er door het verwerend bestuursorgaan al ingegaan op de gronden van bezwaar.
Dat schept vooraf al duidelijkheid bij alle partijen en scheelt ook tijd tijdens de hoorzitting omdat partijen niet meer heel uitgebreid hun standpunten hoeven toe te lichten. Wij doen dan ook de aanbeveling om bij alle zaken, dus ook sociale zekerheid, een verweerschrift van het verwerend bestuursorgaan te voegen bij de stukken.
17
Motivering van besluiten – complete dossiers Wij zien verbetering in de motivering van de primaire besluiten maar willen u wel deze aanbeveling doen. Zoals wij al hebben benoemd in paragraaf 3.6 valt ons wel op dat de dossiers, en dan specifiek in de kamer SDZ, niet altijd compleet zijn. Hierdoor komen wij soms tot de conclusie dat het onderzoek voorafgaand aan het besluit gebrekkig of summier is. Wij adviseren u dan ook om het besluitvormingsproces zo in te richten dat het dossier compleet is en de motivering en grondslag van het besluit voldoende duidelijk is opgenomen in het besluit. Nieuwe verordening – consultatie commissie Wij hebben kennisgenomen van de nieuwe verordening en bevelen u aan om voor een toekomstige aanpassing de commissie als belangrijke stakeholder te consulteren over de voorgenomen wijzigingen. Eigen kracht – Jeugdwet - toepassen van beleidsregels Wij constateren dat er schrijnende situaties ontstaan zijn in het kader van de Jeugdwet en de aanvullende beleidsregels hierop. Door vanaf/in 2023 de (beleids)regels en uitgangspunten van wetgeving stringenter toe te passen zijn deze situaties ontstaan. Er is blijkbaar eerder ruimte geweest om maatwerk te leveren ondanks de beleidsregels, echter in 2023 is hierop een verandering geconstateerd. Dit leidt vaak tot onbegrip bij betrokkenen.
Wij adviseren u een betere en heldere communicatie, onderbouwd met motivatie waarom er nu stringenter gekeken wordt, toe te passen.
18
Teksten Jaarverslag Commissie Bezwaarschriften 2023 Datum 27 februari 2024
Aan dit document kunnen geen rechten worden ontleend 19