CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Hof te Twekkelo_Toelichting

Raadsvergadering 20 juni 2022, gemeente enschedeBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan Hof te Twekkelo28.101 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

-

Verkeer en vervoer

Een verdere verhoging van de veiligheid wordt nagestreefd. Aandachtspunten zijn grote en brede landbouwvoertuigen en menging van verschillende verkeerssoorten. De ecologische kwaliteit van de bermen wordt verhoogd. Vanuit cultuurhistorisch oogpunt wordt zorgvuldig omgegaan met het beheer van zand- en klinkerwegen en behoud van laanbomen. De visie geeft geen concrete projecten of locaties voor verbetering van veiligheid, bermen, laanbomen etc. Concreet krijgt verkeer in het landelijk gebied vooral aandacht als andere maatregelen worden voorbereid, zoals groot onderhoud of beheerplan voor openbare ruimte. Over verlichting wel een iets concretere uitspraak: de verlichting langs wegen in het buitengebied wordt waar mogelijk afgebouwd. Nieuwe openbare verlichting wordt alleen geplaatst op aantoonbaar gevaarlijke kruispunten en langs belangrijke fietsroutes.

-

Leefbaarheid

De leefbaarheid van het landelijk gebied wordt voor een groot deel via de andere thema's ondersteund. Aanvullend geeft de visie een aantal punten t.a.v. leefbaarheid: toezicht en handhaving (inperken overlast en ondermijning), ruimte voor mantelzorg (geen grootschalige nieuwe zorgvoorzieningen) en gebiedsaanpak (proces).

-

Energie

De Energievisie, met als onderdeel de beleidskaders voor zon en wind, bepalen de opgaven en nadere invulling aan locaties en condities voor de inpassing van zonnevelden en windturbines. De Gids buitenkans zal waar nodig nog verdere kaders uitwerken voor het ontwerp, beheer en de landschappelijk verantwoorde inpassing. Voor de Energievisie is een MER opgesteld. De Visie landelijk gebied schept geen nieuwe concrete kaders ten opzichte van de Energievisie. Wel gaat de visie wat verder in op de gebiedsaanpak die nodig is voor gebieden waar grootschalige opwekking met zon is voorzien. In zo'n aanpak worden verschillende opgaven die op een gebied afkomen op elkaar betrokken (energie, kringlooplandbouw, klimaatadaptatie (water en klimaat), biodiversiteit en landschap).

Vervolgens is dit gekoppeld aan een lijst met concrete opgaven/prestaties. De aanduiding van de vijf deelgebieden op de kaart (figuur 2.5) betekent niet dat hier inhoudelijke keuzes voor concrete ontwikkelingen worden gemaakt in de visie. Het gaat om gebieden met prioriteit voor een integrale gebiedsaanpak (hoofdstuk 7 van de visie). Daarin draait het om het bereiken van een gezamenlijke oplossing (met inwoners en andere belanghebbenden), 22

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

meervoudig grondgebruik in slimme combinaties en afweging van algemeen belang versus het private belang op een 'weegschaal' vernieuwde Gids buitenkans). Met de Visie landelijk gebied geeft de gemeente richting aan toekomstige ontwikkelingen. Nieuwe ontwikkelingen zijn mogelijk, mits ze leiden tot een versterking van de ruimtelijke kwaliteit en een bijdrage leveren aan het publieke en maatschappelijke belang. De bestaande Gids buitenkans (2014) wordt vervangen door een nieuwe Gids buitenkans waarin de beleidskeuzen uit de Visie landelijk gebied worden uitgewerkt in beoordelingscriteria voor concrete nieuwe initiatieven. De ontwikkeling kan niet getoetst worden aan de nieuwe Gids Buitenkans, gezien deze nog niet is vastgesteld.

Toetsing van de visie aan het bestemmingsplan Het plangebied ligt in een locatie die aangewezen is een deelgebied voor gebiedsgerichte aanpak. Het gebied aan de westzijde van Enschede omvat de deelgebieden Twekkelo, Usselo en Boekelo. Het deelgebied Twekkelo ligt deels in de gemeente Hengelo en deels in de gemeente Enschede. Beide gemeenten hebben met het gebied afspraken gemaakt voor een gebiedsgerichte benadering. De gemeente Enschede heeft voor West in de Energievisie een opgave opgenomen voor duurzame opwekking van elektriciteit. Deze opgave is een globale visie die nadere uitwerking behoeft in nog op te stellen (nieuwe versie van) Gids Buitenkans. Het plan zoals dat in dit bestemmingsplan is opgenomen, is, hoewel er ruim aandacht is besteed aan een zorgvuldige proces, niet met een gemeentelijk gebiedsgerichte aanpak totstandkoming. Gezien de ontwikkeling geen negatieve invloed op de grotere omgeving heeft en geen negatieve invloed heeft op de te beschermen gebiedskwaliteit, vormt de uitvoering van dit plan geen belemmering met de visie.

Zoals aangegeven zijn de ambities ook per thema in de visie opgenomen. Hierna volgt per thema's in hoeverre het plan hierop aansluit. Groene Pijler: Het plan draagt bij aan aanleg, herstel van landschapselementen in de groenblauwe structuur. Zo geldt o.a. dat: Naast landschapselementen, er ruim wordt ingezet op natuurontwikkeling. Monotone agrarische productiegebonden weilanden worden omgezet naar nieuwe natuur, waarbij de biodiversiteit toeneemt. Aanleg en herstel van poelen. Er komen geen woningen of bedrijven bij, in die zin is er niet sprake van een toename van lichtvervuiling. Voor 1,3 ha aan bosperceel wordt er toegevoegd. Er komen solitaire bomen bij en Op de locatie Elkemansweg worden fruitbomen toegevoegd. Landgoederen: Ontwikkelingen zijn mogelijk zover deze bijdragen aan de thema van de groene pijler. Wonen: Het aantal woningen worden niet toegevoegd. Nadere afweging tot verruiming van de inhoud van de bestaande woningen is gemotiveerd op basis van de Gids Buitenkans (2014). Recreatie en Toerisme: het landgoed wordt opengesteld voor eenieder. Hiermee draagt het bij aan de doelstellingen van het thema Recreatie en Toerisme. Niet-agrarische bedrijvigheid: N.v.t. Verkeer en vervoer: aandacht wordt gegeven verlichting waar mogelijk te beperken. Enkele zandwegen lopen momenteel dood voor gemotoriseerd verkeer of hebben alleen nut voor aanwonenden.

Initiatiefnemer is voorstander om enkele zandwegen af te sluiten voor gemotoriseerd verkeer en te behouden voor extensieve recreatie. Leefbaarheid: In de huidige situatie is de locatie Den Haimer technisch verouderd waardoor de panden in deze staat niet bewoonbaar zijn. Investering om het woonperceel dragen bij de leefbaarheid. Energie: De mogelijkheden voor opwekking van duurzame energie, met behoud van de landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische kwaliteiten wordt in een later vervolgstadium van de planontwikkeling onderzocht. Zo kunnen mogelijk zonnepanelen worden geplaatst op enkele gebouwen. Het beheer van de resteren agrarische gronden zal plaatsvinden zonder toepassing van gif en overbemesting. Er worden akkerranden en bloemrijke kruidenranden ingezaaid langs alle velden en er wordt graan op de essen / akkers verbouwd en geen mais of gras. Conclusie: de ontwikkeling is niet strijdig met de Visie Landelijk Gebied.

Gids Buitenkans 2014 De Gids Buitenkans 2014 (vastgesteld door de gemeenteraad op 11-11-2014) biedt een kader voor nieuwe ontwikkelingen in het buitengebied. De Gids vormt een toetsingskader om de wenselijkheid van initiatieven in het bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

23

buitengebied te beoordelen. Hierbij wordt de 'weegschaal' gehanteerd: is er sprake van een evenwicht tussen privébelang van individuele bewoners en gebruikers van het buitengebied en het publieke belang? Hierbij dient de ontwikkeling te leiden tot een versterking van de ruimtelijke kwaliteit en een bijdrage te leveren aan het publieke en maatschappelijke belang.

Figuur 2.5 Weegschaal Gids Buitenkans 2014

De weegschaal is gebaseerd op het gedachtegoed van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO). De KGO is ontstaan binnen de Omgevingsvisie Overijssel en biedt een mogelijkheid aan initiatieven in de Groene Omgeving. Met de weegschaal wordt ruimte geboden aan sociaaleconomische ontwikkeling als deze vanuit zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik verantwoord is en leidt tot versterking van de ruimtelijke kwaliteit. De basis van deze gids wordt gevormd door de twee belangrijke principes van de KGO: Elke ontwikkeling dient bij te dragen aan een versterking van de ruimtelijke kwaliteit. De ontwikkelingsruimte die een initiatiefnemer krijgt moet in evenwicht zijn met de investering in de ruimtelijke kwaliteit. Het weegschaalmodel kan voor uiteenlopende ontwikkelingen worden ingezet om zodoende maatwerk te kunnen leveren. Voor een aantal veel voorkomende soorten initiatieven zijn in de loop der jaren regelingen uitgewerkt. Deze regelingen blijven als richtinggevend kader van kracht en zijn ook opgenomen in de Gids. Dit zijn in feite uitgewerkte weegschaalmodellen: tegenover een privé-belang staat een tegenprestatie in de vorm van versterking van de ruimtelijke kwaliteit.

Het gaat onder andere om regelingen voor nieuwe landgoederen, hergebruik van voormalige agrarische bedrijfsgebouwen (VAB), rood voor rood (bouwrecht voor een woning door sloop van minimaal 850 m2 landschapsontsierende bebouwing). Deze uitgewerkte regelingen zijn richtinggevend bij deze 'standaardinitiatieven', maar er kan op basis van het weegschaalmodel ook enige flexibiliteit toegepast worden. Dit om ook initiatieven die nét niet voldoen aan deze randvoorwaarden tóch goed te kunnen keuren, omdat ze om andere redenen toch zeer wenselijk zijn. Voor initiatieven die minder vaak voorkomen, zoals een aanvraag voor een extra bijgebouw (terwijl max. aantal m2 op erf al bereikt is), wordt het weegschaalmodel telkens op maat toegepast.

Voorliggend plan is mogelijk door gebruikmaking van de rood-voor-rood regeling in combinatie met de weegschaal. De totale oppervlakte aan te slopen landschapsontsierende bebouwing bedraagt ongeveer 400 m2. De sloopoppervlakte wordt niet zoals gebruikelijk bij toepassing van een rood-voor-rood-regeling ingezet voor toevoegen van woningen, maar in dit geval ingezet ten behoeve het vergroten van bestaande woningen. In deze situatie worden 3 woningen gesloopt en herbouwd, waarbij 2 woningen worden vergroot. Binnen de gemeente Enschede komt op Den Haimer, de locatie bestaat uit een 3-tal adressen, namelijk de percelen Haimersweg 225, 225 A en Twekkelerveldweg 30 te Enschede, een woning met een inhoud van maximaal 3.000 m³ (inclusief eventuele bijgebouwen) . De ontwikkeling behelst verder dat er op de locatie Den Haimer een schuilkerk wordt gerestaureerd. De andere woning die vergroot wordt ligt in de gemeente Hengelo en heeft geen betrekking op de Gids Buitenkans. De weegschaal komt ook tot uiting in het feit dat naast de rode investeringen (sloop landschapontsierende bebouwing) ook een groene investering wordt toegepast.

Zo wordt circa 8 hectare landbouwgrond omgezet naar nieuwe natuur, vindt er een investering plaats in herstel van landschapselementen, zoals de aanleg en versterking poelen, het versterken van een houtwal, het planten van de solitaire boomgroep, het versterken van het bosperceel en de aanleg van een nieuw wandelpad een en ander conform Langoedontwikkelplan Hof te Twekkelo van Eelerwoude (zie bijlage 3). Tot slot wordt in Usselo een dorpsplein heringericht.

Woonvisie

24

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

Op 12 maart 2012 is de Woonvisie Enschede 2025 vastgesteld. De Woonvisie vormt een nadere uitwerking van de Structuurvisie, specifiek toegespitst op de gemeentelijke beleidsdoelstellingen ten aanzien van het wonen. De woonvisie is opgebouwd aan de hand van de volgende vier pijlers: 1. meer talenten aantrekken en vasthouden: Om talenten te kunnen vasthouden is een hoogstedenlijk aanbod belangrijk. Om dit talent vervolgens aan te houden, is de ontwikkeling van andere aantrekkelijke woonmilieus van belang. 2. een duurzame groene stad: In de ontwikkeling naar een duurzame stad behoren de verduurzaming van de woningvoorraad en de opgave "Enschede aardgasloos in 2050" tot de grootste opgaven. Daarnaast wordt aandacht besteed aan klimaatadaptatie en behoud en versterking van de biodiversiteit. De aanpak voor klimaatadaptatie is gericht op verbetering van het woon- en leefklimaat in buurten en wijken, daaronder voorkomen van hittestress en wateroverlast. 3. een inclusieve samenleving: Een inclusieve samenleving vooronderstelt onder meer dat buurten en wijken in een passend aanbod van woningen voor doelgroepen voorzien, daaronder inwoners met een laag inkomen, ouderen, inwoners met een lichamelijke of licht verstandelijke beperking en inwoners met geestelijke gezondheidsproblemen. 4.

goed bestuur: De gemeente wil ten alle tijden een goede samenwerking tussen gemeente en buitenwereld zoals woningcorporaties, huurdersorganisaties, ontwikkelaars en buurt- wijkverenigingen, maar ook regionale afstemming en samenwerking met de provincie. Het voorliggende plan betreft sloop en herbouw van bestaande woningen. Deze woningen kunnen voorzien in een doorstroming, dit is namelijk een toevoeging op de aantrekkelijke woonmilieus buiten de stad. Deze woningen kunnen bijdragen aan het vasthouden van talenten en zorgen voor een vrijkomende woning elders in de gemeente, wat de doorstroming bevorderd om zodoende woningen vrij te maken voor andere doelgroepen. Bij de realisatie van de woningen wordt rekening gehouden met duurzaamheidsaspecten. De woningen worden aardgasloos gebouwd. Het voorliggende plan voldoet aan de Woonvisie.

Structuurvisie Cultuurhistorie Op 8 december 2014 is de Structuurvisie Cultuurhistorie vastgesteld. In deze sectorale structuurvisie staat het gemeentelijk beleid voor het bij ruimtelijke plannen en ontwikkelingen omgaan met het aanwezige cultuurhistorisch erfgoed. Daarbij wordt onder cultuurhistorisch erfgoed verstaan: alle cultuurhistorisch waardevolle gebouwen, objecten en structuren in de gemeente Enschede, met uitzondering van gemeentelijke monumenten, rijksmonumenten en archeologische waarden. Voor monumenten en archeologische waarden is reeds in afzonderlijke gemeentelijke beleidskaders vastgelegd hoe daarmee dient te worden omgegaan in het kader van ruimtelijke plannen en ontwikkelingen. Op het erf van Den Haimer bevindt zich een rijksmonumentale schuur, welke dienst heeft gedaan als schuilkerk. De waardevolle schuur, zal worden gerestaureerd en in gebruik genomen worden als berging bij de her te bouwen woning.

Structuurvisie Externe Veiligheid Op 8 december 2014 is de Structuurvisie Externe Veiligheid vastgesteld. In deze sectorale structuurvisie staat het gemeentelijk beleid met betrekking tot het beheersen van risico's die mensen lopen door de opslag, de protectie, het gebruik en het vervoer van gevaarlijke stoffen. Daarbij is vastgelegd wat in Enschede nog als een toelaatbaar risico wordt beschouwd en hoe ongewenste situaties zoveel mogelijk kunnen worden voorkomen of beperkt. In deze structuurvisie is tevens het beleid voor opslagplaatsen en verkooppunten van consumentenvuurwerk vastgelegd. Het voorliggende plan legt noch bestaande risicobronnen vast, noch dat op basis van dit bestemmingsplannen risicobronnen toegevoegd worden. In paragraaf 5.1.7 wordt nader getoetst aan het omgevingsaspect externe veiligheid.

2.4

Gemeentelijk beleid (Hengelo)

2.4.1

Structuurvisie Hengelo 2030 (2007)

Op 3 juli 2007 heeft de gemeenteraad de structuurvisie Hengelo 2030 vastgesteld. Het bevat de visie op de ruimtelijke ontwikkeling van Hengelo voor de lange termijn. In de structuurvisie Hengelo 2030 wordt op basis van een beschrijving van de kernkwaliteiten, de historie, de maatschappelijke tendensen en de ambities een samenhangende en integrale uitwerking van een nieuwe koers voor Hengelo naar 2030 neergezet. De keuzes die daarbij zijn gemaakt zijn het inzetten op de sterke punten van de stad en te gaan van groei naar kwaliteit. Dat betekent nauwelijks meer uitbreiding, maar inbreiding en functiemenging in bestaand stedelijk gebied en het investeren in het omringende landschap. Deze koers brengt een vijftal kernopgaven met zich mee:

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

25

1. 2. 3. 4. 5.

Versterking van de economische structuur; Een binnenstad voor ontmoetingen; De sociale opgave; Het landschap de stad in; Ruimtelijke kwaliteit.

2.4.2

Omgevingsvisie Hengeloos Buiten

De gemeenteraad heeft op 7 oktober 2020 de omgevingsvisie Hengeloos Buiten vastgesteld. De omgevingsvisie Hengelo wordt gefaseerd opgesteld. De omgevingsvisie Hengeloos Buiten vormt de eerste fase. De tweede fase wordt gevormd door het visiegebied Binnnenstad en Hart van Zuid. In de derde een laatste fase wordt een omgevingsvisie opgesteld voor het resterende stedelijke gebied. Voor het opstellen van de omgevingsvisie Hengeloos Buiten is sprake geweest van een open en transparant participatieproces. We hebben de samenleving op verschillende momenten betrokken. De omgevingsvisie Hengeloos Buiten bestaat uit: De visie op hoofdlijnen: Voor de toekomstige ontwikkeling van het Hengelose buitengebied, zetten we vier hoofddoelen centraal die we als ontwikkelprincipe hanteren. 1. Versterken van het echte buitengevoel 2. Meer mogelijkheden voor passende functies 3. De juiste relaties onderling en met de stad 4. Verbonden met ons verleden én met de toekomst Visie op thema's: Op basis van de vraagstukken die we met de samenleving hebben bepaald, hebben we een zestal integrale thema's benoemd en daar een gerichte visie op ontwikkeld: 1. Beleef het land 2. Samenleven tussen stad en land 3. Productief buitengebied 4. Landschappen maken de stedenrij(k) 5. Toekomstvast 6.

Regels voor ruimte Visie op gebieden: De visie op hoofdlijnen en visie op thema's zijn generiek en gelden voor het hele plangebied. Wel kan de visie op een bepaald thema in het ene gebied een groter belang hebben dan in het andere gebied. Zo hebben we de visie per gebied ingekleurd en genuanceerd. Samen met de samenleving hebben we de uitgangspunten vertaald naar de volgende vijf deelgebieden: 1. Hengelo - Noord 2. Woolde 3. Driene 4. Twekkelo 5. Oele/Beckum Binnen deze deelgebieden hebben we subgebieden bepaald, waarvoor we verschillende doelen nastreven.

Landgoed Hof te Twekkelo In de omgevingsvisie Hengeloos Buiten staat dat de landschappen van het buitengebied fungeren als aantrekkelijke groene buffers tussen de steden. De uitbreiding van Hengelo stad zal de komende decennia binnen de huidige contouren plaats vinden. Er wordt ingezet op scherpe stadsranden. De huidige stadsrand is de permanente en toekomstige stadsrand en dit wordt verankerd in het planologisch beleid. Het gebied Twekkelo speelt hierin een belangrijke rol als groene buffer tussen de steden Hengelo en Enschede. Twekkelo wordt ook in de toekomst als buffer behouden en wordt ontwikkeld tot groene oase tussen de steden. Voor Twekkelo geldt dat gewerkt wordt aan het gebiedsdoel 'Recreëren, natuur, wonen, duurzame lokale energie en voedselproductie in balans'. Het accent in dit gebied ligt op een zorgvuldige mix van kleinschalige recreatie, natuur, wonen, duurzame lokale energie en ondernemen in het groen. De ontwikkeling van het landgoed “Hof te Twekkelo” past binnen het beleid uit de

26

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

omgevingsvisie Hengeloos Buiten. 2.4.3

Investering Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving

De Investering Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO) (vastgesteld door de gemeenteraad op 4 november 2014) houdt in dat in het buitengebied nieuwe ontwikkelingen en investeringen mogelijk zijn, mits tegelijkertijd door de initiatiefnemer wordt geïnvesteerd in de ruimtelijke kwaliteit (bijvoorbeeld door aanplant van groen). Het provinciaal kader 'Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving' biedt onvoldoende mogelijkheden voor een open en transparante uitvoering. Onduidelijk is welke bijdrage wordt gevraagd bij een bepaalde investering. Daarom is dit provinciaal kader uitgewerkt tot een gemeentelijk beleidskader waarmee verzoeken in voorkomende gevallen op een transparante, eenduidige wijze worden afgehandeld. De totale oppervlakte aan te slopen landschapsontsierende bebouwing bedraagt ongeveer 400 m2. De sloopoppervlakte wordt niet zoals gebruikelijk bij toepassing van een rood-voor-rood-regeling ingezet voor toevoegen van woningen, maar in dit geval ingezet ten behoeve het vergroten van bestaande woningen. In deze situatie worden 3 woningen gesloopt en herbouwd, waarbij 2 woningen worden vergroot. Binnen de gemeente Hengelo komt op perceel Bruninksweg 11, een woning met een inhoud van maximaal 1.500 m³. Naast de rode investeringen (sloop landschapontsierende bebouwing) worden ook groene investeringen toegepast.

Zo wordt circa 8 hectare landbouwgrond omgezet naar nieuwe natuur, vindt er een investering plaats in herstel van landschapselementen, zoals de aanleg en versterking poelen, het versterken van een houtwal, het planten van de solitaire boomgroep, het versterken van het bosperceel en de aanleg van een nieuw wandelpad een en ander conform Langoedontwikkelplan Hof te Twekkelo (zie bijlage 3). Op het landgoed (zover gelegen binnen de gemeentegrenzen van Enschede) worden, naast de al genoemde landschappelijke investeringen, ook ruimtelijke investeringen gedaan zoals het vervallen van de aanwezigheid tot vestiging van een agrarisch bedrijf met het verwijderen van een ruim bouwvlak en een restauratie van een schuilkerk op de locatie Den Haimer. Daarnaast vindt een herinrichting plaats van een dorpsplein in Usselo. De investeringen in ruimtelijke kwaliteit overtreffen ruimschoots de geboden planologische ontwikkelingsruimte.

2.4.4

Woonvisie Hengelo 2016-2026

De gemeenteraad van Hengelo heeft op 22 november 2016 de woonvisie Hengelo 2016-2026 vastgesteld. In de woonvisie geeft de gemeente haar visie op de wijze waarop Hengelo zich de komende jaren verder kan ontwikkelen als prettige woonstad. De woonvisie is er niet alleen voor de gemeente. Welbions en huurdersvereniging Ookbions zijn nauw betrokken geweest bij de totstandkoming van de woonvisie. De woonvisie vormt het kader voor de prestatieafspraken met Welbions.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

27

Figuur 2.6 Infographic speerpunten Woonvisie Hengelo Voor de toetsing van nieuwe initiatieven in bestaand stedelijk gebied is het 'afwegingskader voor nieuwe woningbouwinitiatieven' van toepassing. Het afwegingskader is gericht op het beoordelen van de bijdrage van een plan aan de ruimtelijke en volkshuisvestelijke opgave van de stad. Voor ontwikkelingen in het buitengebied zijn specifieke beleidskaders van toepassing gericht op het versterken van de ruimtelijke kwaliteit, waaronder het Rood voor Rood beleid. Bij ontwikkelingen in het kader van Rood voor Rood gaat het doorgaans om kleine aantallen woningen. In het woningbouwprogramma is rekening gehouden met dit soort kleinschalige ontwikkelingen onder de noemer 'kruimelgevallen'. In voorliggende situatie is het zo dat er geen woningen worden toegevoegd. Het plan “Hof te Twekkelo” past in de Woonvisie Hengelo. 2.4.5

Nota Archeologie 2010

Met het zogeheten Verdrag van Malta, dat Nederland 15 jaar geleden ondertekende, beloofden de lidstaten van de Raad van Europa zich in te spannen om het archeologisch erfgoed in Europa beter te beschermen. Reden voor deze zorg: het archeologisch erfgoed in heel Europa dreigde te worden vernietigd door een steeds grotere economische welvaart. Na ondertekening begon voor Nederland een lange mars naar de vertaling in wetgeving, die uiteindelijk in 2007 werd afgerond met de inwerkingtreding van de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz). Met de vaststelling van de Wamz is formeel het moment aangebroken dat we in ons land niet meer vrijblijvend kunnen omgaan met het archeologisch erfgoed. De Wamz is formeel vastgelegd in de Monumentenwet 1988, die per 1 juli 2016 is komen te vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze (naar verwachting) op 1 juli 2022 in werking treedt. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet zijn deze artikelen te vinden in het Overgangsrecht in de Erfgoedwet, waar ze ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is. De Erfgoedwet introduceert in de archeologie het beginsel van 'de verstoorder betaalt'.

De kwaliteit van uitvoerende archeologische werkzaamheden is geregeld door een vergunningenstelsel. Uitgangspunt van de Erfgoedwet is om archeologische sporen van waarde in de bodem te laten zitten. Archeologen spreken dan over 'behoud in situ'. De wet verbiedt het verrichten van opgravingen, tenzij een partij over een opgravingvergunning beschikt. In de Erfgoedwet staat verder precies beschreven wie de eigenaar is van de opgegraven archeologische vondsten, waar vondstmateriaal moet worden opgeslagen en aan wie welke opgravinginformatie moet worden gemeld. Verder kent de wet bepalingen over wanneer er als gevolg van opgravingen schadevergoeding mogelijk is etc. Door de Erfgoedwet heeft de gemeente extra taken. Zij moet laten zien hoe zij rekening houdt met mogelijke

28

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

archeologische waarden wanneer een nieuw bestemmingsplan wordt opgesteld of een bestaand bestemmingsplan wordt aangepast dan wel daarvan vrijstelling wordt verleend. Dit geeft de gemeente de mogelijkheid om bij het afgeven van bouw-, aanleg- en sloopvergunningen archeologische eisen te stellen. Dat is overigens alleen mogelijk als daarvoor een juridische basis aanwezig is in het bewuste bestemmingsplan. Met de invoering van de Erfgoedwet zal op veel momenten van de gemeente een oordeel worden verwacht over de omgang met archeologische waarden of vondsten. Een gemeentelijk beleidsplan biedt de mogelijkheid om al die beslissingen over archeologie in een integraal kader te plaatsen en daar vervolgens op een samenhangende manier een invulling aan te geven. Het voorkomt een reeks dure ad hoc beslissingen en vervelende verrassingen tijdens geplande bodemingrepen. Verantwoord beheer van het cultuurhistorisch erfgoed in de gemeente Hengelo begint met het inzichtelijk maken waar en wanneer met het bodemarchief rekening dient te worden gehouden. De behoudsdoelstelling staat daarbij in principe voorop. Zijn behoud en bescherming van archeologische relicten niet realiseerbaar dan dienen deze op deskundige wijze onderzocht en gedocumenteerd te worden.

Deze uitgangspunten betekenen dat het noodzakelijk is een aantal beleidsregels te formuleren om archeologiegevoelige gebieden in alle ruimtelijke plannen en projecten op te nemen en waar mogelijk te ontzien.

Archeologische beleids- en verwachtingenkaart 2018 Ter ondersteuning van het gemeentelijk beleid heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau in opdracht van de gemeente Hengelo in 2010 een archeologische verwachtingen en advieskaart vervaardigd. Deze kaart maakt voor het grondgebied van de gemeente inzichtelijk waar archeologische resten zich (kunnen) bevinden. De kaart biedt inzicht in de bestaande archeologische toestand van zowel het landelijke als het bebouwde gebied van de gemeente Hengelo. Dit inzicht is nodig om in de beleidsuitvoering een weloverwogen omgang met archeologie te bereiken.

Op 13 februari 2018 heeft de raad de geactualiseerde beleids- en archeologische verwachtingenkaart vastgesteld. Aan de op de kaart vlakdekkend weergegeven verwachtingszones zijn beleidsadviezen gekoppeld. Uitgangspunten voor de adviezen zijn de beleidskaders zoals deze op de verschillende overheidsniveaus zijn geformuleerd en het besluitvorming- en archeologisch onderzoekstraject zoals beschreven in het Handboek Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie. In deze beleidsnota zijn de aan de verwachtingenkaart gekoppelde beleidsadviezen onverkort overgenomen. De kaart gaat vergezeld van een rapportage (2010), met een methodische en inhoudelijke toelichting op de archeologische verwachtingen en advieskaart van de gemeente Hengelo. Het rapport bevat als bijlage een catalogus van de in de gemeente voorkomende archeologische monumenten alsmede een vindplaatsencatalogus waarmee een zo volledig mogelijk overzicht wordt geboden van archeologische waarnemingen die in het verleden binnen de gemeente zijn gedaan.

Over de wijze waarop in voorliggend bestemmingsplan wordt omgegaan met het aspect archeologie wordt verwezen naar paragraaf 3.3 Archeologie en cultuurhistorie.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

29

Hoofdstuk 3

Gebiedsbeschrijving

In dit hoofdstuk wordt een algemene beschrijving van de huidige situatie in het plangebied gegeven. Daarbij zal worden ingegaan op de huidige ruimtelijke en functionele structuur van het plangebied en op de aanwezige cultuurhistorische waarden in het plangebied.

3.1

Ruimtelijke structuur

Aardkunde Aardkundig waardevolle gebieden zijn gebieden waar de natuurlijke ontstaanswijze herkenbaar is doordat de aardkundige verschijnselen er nog een gave vorm hebben en/of in onderlinge samenhang voorkomen. Aardkundige verschijnselen maken deel uit van de onderste laag en zijn medebepalend voor de landschappelijke waarden. Vanuit oogpunt van natuur en/of wetenschap verdienen deze bijzondere bodemstructuren bescherming tegen verstoring door de mens. Op de aardkundige waardenkaart van de provincie Overijssel (opgenomen in de Omgevingsvisie) valt het overgrote deel van Hof te Twekkelo onder het stuwwallenlandschap. Ook het beekdal van de Twekkelerbeek is herkenbaar en de spoordijk als onderbroken structuur. De provincie Overijssel wil balans houden tussen gebruik en bescherming van de ondergrond. De functie als landgoed is niet van invloed op het aardkundig waardevolle reliëf dat kenmerkend is voor het stuwwallenlandschap. Met de ontwikkeling vinden geen grote veranderingen plaats in de ondergrond van dit bijzondere landschap. Ook vindt geen wijziging plaats in hoogte van deze gronden. De beoogde functies veranderen de bestaande structuur van de planlocatie niet; er vindt tevens geen grootschalige nieuwbouw plaats die invloed heeft op de ondergrond en de hier aanwezige waarden. Er wordt bij de inrichting rekening gehouden met de voorkomende bijzondere aardkundige waarden.

De in situ aanwezige aardkundige waarden blijven derhalve behouden.

Figuur 3.1 Aardkunige waarden (bron: provincie Overijssel)

Landschap Het plangebied ligt in een gebied van dekzandvlakten en ruggen. De afwisseling van opgewaaide ruggen en uitgesleten beekdalen en de daarbij horende hoogteverschillen kenmerken de dekzandvlaktes van Overijssel. Opvallend is de overwegend oost-west georiënteerde richting van ruggen en dalen.

30

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

3.2

Functionele structuur

De gronden hebben overwegend een agrarische functie. Op een aantal percelen is bosbeplanting aanwezig. Bruninksweg 11 is een bestaand woonperceel. Erve Den Haimer is een voormalig agrarisch bouwperceel.

3.3

Archeologie en Cultuurhistorie

Historie en ontstaansgeschiedenis plangebied Vanaf de 20e eeuw wordt het plangebied en omgeving ontgonnen. Voor die tijd bestond de omgeving uit kleinschalig oud boerenland en heide en vennen. Het oude boerenlandschap bestond uit es complexen omzoomd met beplanting, waardoor het landschap een kleinschalige uitstraling had. De onontgonnen heidegronden waren open en weids. Na het ontginnen van het landschap, ontstonden er rechte wegen en een rechtlijniger landschapspatroon. De bebouwing in het gebied blijft beperkt tot enkele vrij gelegen erven. Daardoor is er nu een coulissen landschap ontstaan afgewisseld met bosgebieden. In de tweede helft van de 20e eeuw vinden in en rondom Twekkelo grootschalige veranderingen plaats. De bedrijvigheid van Enschede en Hengelo rukt op. In het noordwesten van Twekkelo vindt de ontwikkeling van de vuilstort plaats en de A35 wordt aangelegd. Twekkelo wordt omgeven door infrastructurele barrières en harde randen van bedrijventerreinen. Het vormt een geïsoleerd kleinschalig en groen gebied binnen een stedelijke omgeving. Monumenten in het plangebied Op het perceel Haimersweg 225 te Enschede staat een rijksmonumentale schuilkerk. In de zeventiende en mogelijk al in de zestiende eeuw kwamen de doopsgezinden van Twente samen in deze schuur op erve De Haimer.

Omdat hen niet was toegestaan openbare erediensten te houden, waren zij voor hun samenkomsten aangewezen op achteraf gelegen behuizingen. In de loop van de zeventiende eeuw kwam het tot enige versoepeling. Doopsgezinden konden toen samenkomen in steden als Enschede en Almelo. Maar later in deze eeuw moesten zij zich opnieuw terugtrekken in deze schuur. Van september 1665 tot april 1666 en van juni 1672 tot april 1674 was Enschede bezet door de troepen van de bisschop van Munster. De enig toegelaten godsdienst in die bezettingsjaren was de rooms-katholieke. Voor de doopsgezinden betekende dit dat zij hun godsdienstoefeningen in het geheim moesten houden. De Ring Twente van Doopsgezinde Gemeenten plaatste hier op 6 juli 1926 een gedenksteen. De schuilkerk is in verval geraakt. Onderdeel van de ontwikkeling is dat initiatiefnemer zorg draagt voor restauratie van de schuilkerk. Voor de schuilkerk is een cultuurhistorisch onderzoek (zie bijlage 4 ) uitgevoerd. In dit rapport worden aanbevelingen gedaan tot behoud van de cultuurhistorische waarden.

Overige cultuurhistorisch waardevolle elementen en structuren in het plangebied Op de cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Enschede en Hengelo zijn de belangrijke cultuurhistorische objecten en structuren weergegeven. Bij nieuwe ontwikkelingen dient rekening te worden gehouden met deze waarden. In figuur 3.2 en 3.3 is af te lezen waar de spoorlijn loopt en dat de locatie Den Haimer in roze is omcirkelt (figuur 3.2), wat verwijst naar de monumentale status van de boerenschuur. In oktober 1884 neemt de GOLS de spoorlijn Ruurlo - Hengelo in gebruik. Na jaren van achteruitgang staakt NS vanaf 1936 het reizigersvervoer. Hoewel de spoorlijn hierna is opgebroken, is een deel van het tracé nog duidelijk te herkennen in het landschap. Tussen de Bruninksweg en de Twekkelerveldweg is de spoordijk grotendeels nog aanwezig of al dan niet te herkennen aan het slotenpatroon. Het gebied is echter door de aanwezigheid van hekwerken en zware begroeiing niet toegankelijk. Het terrein van de voormalige spoorlijn langs het bestaande bos wordt ingericht met kruidenrijk grasland waar doorheen een gemaaid pad de spoorlijn aanduid. Zo ontstaat een inrichting die deze historische lijn accentueert en die goed te beheren valt.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

31

Figuur 3.2 Cultuurhistorische waardenkaart (gemeente Enschede)

32

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

Figuur 3.3 Cultuurhistorische waardenkaart (gemeente Hengelo)

Archeologisch erfgoed in het plangebied Het vormen van het landgoed zal opnieuw worden ingericht en nieuwe natuur wordt ontwikkeld. Ook zullen enkele gebouwen binnen het plangebied worden gesloopt en worden enkele nieuwe woningen gerealiseerd. Als gevolg is er bureauonderzoek uitgevoerd (zie rapport Transect-rapport 2826 Twekkelo, Landgoed Hof te Twekkelo, bijlage 15). Op basis van het bureauonderzoek wordt geadviseerd om een advieskaart te gebruiken als basis voor het nieuwe bestemmingsplan. De vigerende planregels van de desbetreffende gemeentes kunnen daarbij worden aangehouden voor de verschillende verwachtingszones. Voor de dekzandruggen en dekzandwelvingen in de gemeente Hengelo kunnen respectievelijk de planregels voor een hoge en middelhoge verwachting worden aangehouden. Ter plaatse van het beekdal kunnen de planregels voor gebieden met een lage archeologische verwachting in de gemeente Enschede worden aangehouden. Ter plaatse van de bufferzone om de historische erven kunnen de planregels van onderzoeksgebied A van de gemeente Enschede worden aangehouden. Deze planregels worden ook geadviseerd ter plaatse van de historische erven in de gemeente Hengelo. Ter plaatse van de dekzandwelvingen in de gemeente Enschede kunnen de planregels betreffende onderzoeksgebied B worden aangehouden van het vigerende bestemmingsplan.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

33

Figuur 3.3 Archeologische verwachting, bijlage 15 van archeologisch bureauonderzoek (bron: Transect)

Uit het bureauonderzoek (Verboom-Jansen 2021, bijlage 15) blijkt dat er sprake is van een archeologische verwachting op het terrein, gebaseerd op de aanwezigheid van een historische huisplaats op de archeologische verwachtingskaart van de gemeente Enschede. Het betreft het erf Den Haimer. Dit onderzoek bood aanleiding tot een veldinventarisatie (zie bijlage 16). Het veldonderzoek bevestigd dat het gaat om een erf met een hoge verwachting dat archeologische waarden aanwezig zijn. In het plangebied is namelijk een cultuurlaag aangetroffen die zeer waarschijnlijk gekoppeld moet worden aan het erf. Deze cultuurlaag is gevormd met afval en mest van de periode waarin dit erf in gebruik was is een sterke aanwijzing voor archeologische resten in het plangebied. Deze cultuurlaag is aanwezig op een diepte van 2 tot 75 cm -Mv. Tevens maakt de ligging nabij een beekdal de locatie tot een aantrekkelijke vestigingslocatie. Daarbij wordt aangetoond dat de ondergrond in het plangebied archeologisch gezien intact is. Op grond van de adviesrapport en met de beoordeling van de regioarcheoloog dient aanvullende onderzoeksinspanning uitgevoerd te worden. Deze onderzoeksinspanning kan het beste plaatsvinden door middel van een inventariserend veldonderzoek, waarderende fase, door middel van proefsleuven (IVO-P).

Hierbij wordt onderzocht in hoeverre in het plangebied daadwerkelijk een vindplaats aanwezig is, waarna deze eventuele vindplaats gewaardeerd wordt op criteria met betrekking tot de fysieke en inhoudelijke kwaliteit. Dit onderzoek is uitgevoerd (bijlage 22). Uit dit proefsleuvenonderzoek volgt dat het volgende. De resultaten uit het proefsleuvenonderzoek zijn afgebeeld in figuur 3.4. Er zijn gebieden aangewezen waarop bebouwing is geprojecteerd, die aangemerkt zijn voor Definitieve opgraving. Voor de Definitieve opgraving (variant Archeologische Begeleiding) dient, evenals ander gravend onderzoek, de werkwijze te worden vastgelegd in een Programma van Eisen (PvE), dat door de gemeente Enschede dient te worden beoordeeld en goedgekeurd. Na sloop van de bestaande bebouwing, kan het proefsleuvenonderzoek worden vervolgd. Het overgrote deel van het grondverzet zal platsvinden in de tuin en oprit. Hierbij zal niet dieper gegraven worden dan 10-40 cm t.o.v. maaiveld, waardoor de grenswaarden niet worden overschreden. Indien er toch sprake is dat er dieper gegraven wordt dan de grenswaarde, zal ook hier overgegaan moeten worden op Definitieve opgraving (variant Agrarische begeleiding). In noordoostelijk deel van het plangebied kan worden vrijgegeven van verder argeologisch onderzoek ls gevolg van aanwezige verstoring tot in het dekzand.

34

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

Figuur 3.4 Advieskaart behordende bij proefsleuvenonderzoek (bron Transect) De resultaten van dit onderzoek worden beoordeeld door bevoegd gezag (gemeente Enschede). In dit geval is het onderzoek beoordeeld door de Regio Archeoloog Twente van Het Oversticht. In de beoordeling worden de aanbevelingen en conclusie van het onderzoek onderschreven. Ook voor de overige locaties geldt dat bij werkzaamheden in het gebied een archeologische meldplicht geldt. Wanneer bij werkzaamheden toch onverhoopt waardevolle archeologische resten worden aangetroffen, dienen deze conform de Erfgoedwet 2016 (artikel 5.10) te worden gemeld bij de bevoegde overheid, de gemeente Enschede en Hengelo. Vanuit het oogpunt van archeologie zijn er geen belemmeringen voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.

Beschermwaardige bomen in het plangebied Het plangebied ligt in het buitengebied, waar de bescherming van bomen is geregeld in de Wet natuurbescherming. Met voorliggend plan worden met name bomen aan het plangebied toegevoegd. Dit zorgt voor een versterking van het landschap en omliggende boomgebieden.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

35

Hoofdstuk 4

Planbeschrijving

In dit hoofdstuk worden de ruimtelijke ontwikkelingen die in dit bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt beschreven. In en direct rondom het plangebied zijn 5 erven aanwezig. Zie onderstaande afbeelding. De (rode) ontwikkelingen die met dit bestemmingsplan mogelijk gemaakt worden hebben betrekking op het erf Den Haimer, het erf aan de Bruninksweg en het erf aan de Grote Veldweg. Naast de ruimtelijke ontwikkelingen op de erven spelen er meerdere landschappelijke ontwikkelingen op het landgoed als geheel. In onderstaande paragrafen wordt hier nader op in gegaan.

Figuur 4.1 Erven op het landgoed Hof te Twekkelo Ter onderbouwing van de ontwikkeling van het Landgoed Hof te Twekkelo is een landgoedontwikkelplan opgesteld (bijlage 3). Hierin is ondermeer beschreven wat de 'rode' (bouw en sloop) ontwikkelingen op het landgoed, behelzen. Naast de sloop van de landschapontsierende bebouwing zullen in totaal 3 woningen worden gesloopt en worden 3 woningen teruggebouwd. In dit bestemmingsplan worden geen extra woningen mogelijk gemaakt. Op Erve den Haimer worden twee woningen gesloopt en zal een woning van maximaal 750 m³ (schuurwoning) en een woonboerderij met een inhoud van maximaal 3.000 m³ gerealiseerd worden. Op perceel Bruninksweg 11 te Hengelo zal de bestaande woning worden gesloopt, gezien deze ligt in een geluidscontour van de nabij gelegen zuivelfabriek. Op dit perceel wordt een woning herbouwd met een inhoud van 1.500 m³. Het initiatief is beoordeeld op basis van de KGO balans. Het plan bevat kenmerken van zowel Rood voor Rood, Rood voor Groen, Vab en nieuwe landgoederen.

4.1

Locatie Den Haimer (gemeente Enschede)

Het perceel Den Haimer kenmerkt zich door meerdere voormalige agrarische bebouwing welke niet volgens vast patroon ten opzichte van elkaar zijn gesitueerd. Onderdeel van deze locatie zijn de percelen Haimersweg 225, 225 A en Twekkelerveldweg 30 te Enschede, welke als bebouwingscluster ten noorden van de Haimersweg, ter hoogte van de kruising met de Twekkelerveldweg, ligt. In een cultuurhistroische verkenning van Res nova Monumenten van september 2019 (zie bijlage 4) is oa. ook de locatie Den Haimer onderzocht. Uit het rapport komen meerdere aanbevelingen.

36

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

De huidige bebouwing op het erf van De Haimer heeft een lage bouwhistorische of typologische waarde (met uitzondering van de zeventiende-eeuwse schuur). Afbraak is wenselijk, zodat de kwaliteit van het historische boerenerf hersteld/versterkt kan worden. Bij de herinrichting van het boerenerf dient de voor Twente karakteristieke willekeurige opzet van meerdere volumes (met één hoofdvolume), gegroepeerd rondom een centrale hof, het uitgangspunt te zijn. De locatie en oriëntatie van de zeventiende-eeuwse schuur vormt hierbij een uitgangspunt. Of het nieuwe hoofdvolume ten (noord-)westen (oorspronkelijke boerderij) of ten oosten (huidige boerderij) komt te liggen, is hierbij van minder belang. Nieuwbouw op het erf zou, vanwege de eeuwenoude agrarische geschiedenis van het erf en de aanwezigheid van de zeventiende-eeuwse schuur, aansluiting moeten vinden op de karakteristieke typologie van de Twentse boerderijbouw. Hierbij kan zowel voor een moderne uitvoering worden gekozen, waarbij de hoofdvorm (bouwhoogten, samenstelling volumes, contouren, materiaalkeuze, etc) als referentie dienen, als voor een traditionele/historiserende uitvoering, waarbij de karakteristiek van de historische boerderijbouw in hoofdvorm, materialisatie en detaillering als referentie dient. De eigenaren geven te kennen uit te willen gaan van een traditionele vormentaal. Hierbij is het van belang dat: 1.

Het hoofdhuis is gericht op de landerijen, niet op de straat, zodat wordt aangesloten op de historische karakteristiek van de in de omgeving liggende boerderijen. Dit betekent dat de primaire Schauseite vanaf de straat niet (of beperkt) zichtbaar is. Vanaf het landgoed bezien is ze, net als de omliggende boerderijen, echter juist beeldbepalend. 2. Aangezien het onbekend is hoe de oorspronkelijke boerderij eruit heeft gezien, is het onwenselijk om, op basis van de weergave op de kadastrale minuutkaart, de voormalige boerderij proberen te reconstrueren. Daarnaast is de oudst bekende opzet niet het laatst bekende volume geweest. Net als op de in de omgeving liggende hoven, zijn de boerderijen door de jaren heen (meerder malen) vervangen. De opvolger van het op de vroeg-negentiende-eeuwse kaarten zichtbare volume dateert uit 1879 en is aan het begin van de twintigste eeuw afgebrand. Ook van deze boerderij is onbekend hoe ze uit heeft gezien. Op basis van het bouwjaar kan met enige mate van zekerheid worden gesteld dat deze in vorm en esthetica aangesloten zal hebben op de andere in de directe nabijheid gelegen, rijk gedecoreerde boerderijen. Deze rijke vormgeving dient als fysieke uiting van de welvaart die de boeren aan het eind van de negentiende eeuw kenden.

Het wordt aanbevolen om een nieuwe boerderij te ontwerpen die aansluit op de in de omgeving dominante bouwstijl van de grotere boerderijen, die zich enerzijds karakteriseert door de volumesamenstelling (meerdere ‘schuren’ naast elkaar, elk met een eigen formaat en dak waarvoor een dwars geplaatst voorhuis is geplaatst) en anderzijds door de rijke decoratieve toets (neorenaissancestijl, Jugendstil en Chaletstijl). Historisch gezien vormde Den Haimer een zeer voorname boerderij. In de nieuwe ontwikkeling wordt Den Haimer het hart van het Hof te Twekkelo. Het is aan te bevelen om dit voorname (historische) karakter tot uiting te brengen in de omvang van de boerderij: de boerderij kan in formaat (met name het formele voorhuis) de omliggende boerderijen overstijgen, bijvoorbeeld door de bouw van een voorhuis met twee volle bouwlagen. Juist bij het bouwen van een op historische voorbeelden geënte boerderij, is het van belang dat er veel aandacht wordt besteed aan materialisatie en detaillering. Alleen dan kan de nieuwbouw zich als volwaardig naast de historische referentiepunten presenteren en de tand des tijds doorstaan (ook de laat-negentiende-eeuwse boerderijen waren geënt op historische voorbeelden: neorenaissance). Eventueel aanvullende bebouwing op het erf dient ondergeschikt in formaat en detaillering te zijn aan het hoofdvolume.

Hierbij kan de typologie van historische bijgebouwen (schuur/stal) als uitgangspunt dienen. Op basis van voorgaande aanbevelingen is het volgende ontwikkelingsplan ontstaan. Bebouwing In figuur 4.2 staat afgebeeld wat de ontwikkeling is. Deze afbeelding betreffen de (grafische weergave van) bouw- en sloopplannen en restauratiewerkzaamheden. Zichtbaar is dat het nieuwe erf als een typisch verstrooid Twents erf is ingedeeld.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

37

Figuur 4.2 Ontwikkelingslocatie Den Haimer, bestaande situatie (links), nieuwe bebouwing (rechts)

Het gaat om het verplaatsen en vergroten van wooneenheden en herbouw van een stal tot werktuigberging. De voorgenomen ontwikkeling heeft de volgende kenmerken: woonboerderij, met mogelijkheid tot realisatie van een inpandig of los bijgebouw van maximaal 100 m² , tezamen binnen een bouwvolume van maximaal 3.000 m³. De nokrichting van de woning is gericht op de landbouwgronden; schuurwoning; ten zuidwesten van de hoofdwoning, zal in samenhang maar ondergeschikt aan de hoofdwoning een woning met een maximale bouwvolume van 750 m³ worden gerealiseerd. Indien een bijgebouw gewenst is, kan deze enkel inpandig (tot een maximale oppervlakte van 100 m² worden gerealiseerd; restauratie van het rijksmonument schuilkerk op Erve den Haimer (gemeente Enschede). De waardevolle te behouden rijks monumentale schuur, ooit in gebruik als schuilkerk, zal worden gerestaureerd en in gebruik genomen worden als (werktuig)berging/garage. Door de ontwikkeling zal het erf compacter worden, waarmee het bouwvlak op de verbeelding ten opzichte van het geldende bestemmingsplan zal worden verkleind.

Onderbouwing Op de locatie Den Haimer verdwijnt de mogelijkheid voor een agrarisch bedrijf. Alle op het perceel betrekking hebbende milieuvergunningen zullen worden ingetrokken. Het zeer ruime agrarische bouwblok vervalt en wordt gewijzigd in een woonbestemming. Op het erf zijn twee woningen aanwezig. Het landgoedplan voorziet in de sloop van alle aanwezige gebouwen, waaronder de twee bestaande woningen, en het oprichten van een schuurwoning en een landhuis. De aanwezige rijksmonumentale schuilkerk zal worden gerestaureerd. De schuurwoning krijgt een inhoud van maximaal 750 m 3, de gebruikelijke inhoudsmaat binnen een woonbestemming. Een eventueel bijgebouw (max. 100 m²) moet inpandig gerealiseerd worden. Het landhuis krijgt een inhoud van maximaal 3.000 m 3. Ook mag daarbij een vrijstaand bijgebouw van maximaal 100 m 2 worden opgericht. De 100 m² zal echter afgaan van de toegestane inhoud. De inhoud van het landhuis is groter dan de gebruikelijke inhoudsmaat binnen een woonbestemming (750 m 3). Dit is te onderbouwen vanuit de regeling nieuwe landgoederen. De regeling nieuwe Landgoederen biedt ruimte voor het ontwikkelen van nieuwe landgoederen. De minimale omvang van een dergelijk landgoed bedraagt 10 hectare (nog niet gerangschikt onder de Natuurschoonwet) en bevat een landhuis van allure met een woonbestemming en een inhoud van minimaal 1.000 m 3.

Tenminste 30% van het nieuwe landgoed moet bestaan uit nieuw bos of een ander natuurdoeltype conform de natuurschoonwet en 90% van het terrein moet openbaar toegankelijk zijn. Beplanting en landhuis moeten het landschap verrijken en het nieuwe landgoed moet een aaneengesloten en samenhangend geheel vormen. Het Landgoed Hof te Twekkelo heeft een oppervlakte van ca. 22 ha. Daarvan is 8 ha. nieuwe natuur. In totaal wordt circa 10 ha. bestemd tot natuur. Het landgoed wordt opengesteld voor publiek. In de anterieure overeenkomst die is gesloten met initiatiefnemer is zijn afspraken gemaakt over de aanleg, openstelling en het beheer van het landgoed. Zie paragraaf 4.4.

Landschapelijke inpassing Voor de ontwikkeling wordt ruim ingezet op versterking van groene waarden en invulling van groenelementen. Aan de zuidzijde van het perceel, tussen de Haimersweg en de woonboerderij zal een hoogstamboomgaard worden aangeplant. De aanplant is opgenomen in het beplantingsplan(bijlage 18) en zal als voorwaardelijke verplichting in de 38

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

regels worden opgenomen.

4.2

Locatie Bruninksweg (gemeente Hengelo)

Bebouwing De bestaande woning op het perceel Bruninksweg 11 te Hengelo ligt binnen een toekomstige (geluids)hindercirkel van de het naastgelegen zuivelbedrijf op perceel Bruninksweg 5 te Hengelo. Als voorwaarde om de uitbreiding van het zuivelbedrijf mogelijk te maken, dient de woonfunctie op dit perceel te worden beëindigd. Met voorliggend plan zal de woonbestemming worden verplaatst, zodat de nieuwe woning niet ligt binnen de zonering van zowel het zuivelbedrijf aan de oostzijde, als ook buiten het afvalverwerkingsbedrijf gelegen aan de westzijde van het perceel. De woning zal worden vergroot naar 1.500 m³ met een inpandig of vrijstaand bijgebouw met een oppervlakte van maximaal100 m².

Figuur 4.3 Ontwikkeling op locatie Bruninksweg

Onderbouwing Op basis van het geldende bestemmingsplan is op het perceel Bruninksweg een woonhuis van maximaal 750 m 3 toegestaan. Op erve het Elkeman is nog een bouwmogelijkheid voor een woonhuis van 750 m 3 aanwezig. Deze mogelijkheid wordt in dit bestemmingsplan verwijderd en verplaatst naar het perceel aan de Bruninksweg, zodat er aan de Bruninksweg een woonhuis van maximaal 1.500 m 3 gebouwd mag worden. Daarbij is het toegestaan een bijgebouw van maximaal 100 m 2 op te richten.

Landschappelijke inpassing De tuinbeplanting concentreert zich rondom het erf. De rest van de kavel blijft (extensief) weiland. Enkele hagen van bijvoorbeeld beuk worden gebruikt om de verschillende functies op het erf te scheiden. Voor de volledige beschrijving wordt verwezen naar het beplantingsplan(bijlage 18), welke als voorwaardelijke verplichting in de regels is opgenomen.

4.3

Locatie Grote Veldweg (gemeente Enschede/Hengelo)

Bebouwing Aan de achterzijde van het perceel is reeds een bijgebouw gesloopt. In figuur 4.4 is aangegeven in rood wat voor deze ontwikkeling wordt ingezet om te slopen. De oppervlakte hiervan bedraagt ca. 250 m². Het is de bedoeling in de toekomst materiaal en materieel waaronder een tractor, kiepwagen, bermmaaier t.b.v. het beheer van Hof te Twekkelo op te slaan in de oude stal aan de Grote Veldweg 50. De stal is momenteel te laag voor hergebruik als werktuigenberging. Bij de verbouwing van de ligboxenstal wordt meteen kwaliteit toegevoegd door middel van een hoogwaardigere materialisatie.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

39

Figuur 4.4 Ontwikkeling Grote Veldweg

Onderbouwing Op het perceel aan de Grote Veldweg is een voormalige ligboxenstal aanwezig. Deze zal worden omgevormd tot een beheergebouw. De andere landschapsontsierende voormalige agrarische schuur op dit perceel zal worden gesloopt.

Landschappelijke inpassing Hier speelt voornamelijk dat het erf wordt opgeruimd. Zo is in het verleden een crossbaantje en een paardenbak opgeruimd. Voor de volledige beschrijving wordt verwezen naar het beplantingsplan(bijlage 18), welke als voorwaardelijke verplichting in de regels is opgenomen.

4.4

Landschappelijke investering landgoed

Aanbevelingen De kern van het landgoed wordt gevormd door natuur in verschillende vormen. De cultuurhistorische verkenning van september 2019 door adviesbureau Res nova Monumenten (bijlage 3) heeft meerdere aanbevelingen gedaan voor de ruimtelijke inrichting van het landgoed. Behoud het duidelijk herkenbare onderscheid tussen enerzijds het middeleeuws kampenlandschap in het oostelijke deel van het projectgebied (kampen en onregelmatige begrenzingen en houtwallen) en de laat-negentiende-eeuwse ontginningen in het westelijke deel (rechtlijnige verkaveling en infrastructuur). Behoud de landschappelijke karakteristiek van niveauverschillen (kampen) en de kleinschaligheid van het coulisselandschap (houtwallen als begrenzing). Voorkom te grote percelen bossage, om de kleinschaligheid van het landschap te benadrukken. Behoud de open karakteristiek tussen het landschap en de historische boerenerven. Bij De Haimer is deze visuele verbintenis in de afgelopen decennia verdwenen. Ook hier is het wenselijk de relatie met het landschap te herstellen. Benadruk op specifieke locaties de aanwezigheid van de spoorlijn meer in het landschap. Aangezien in het zuidelijke deel de bakstenen brug nog aanwezig is, zou dit de meest voor de hand liggende locatie zien om het tracé inzichtelijk te maken.

Door middel van een zichtlijn kan worden aangesloten op de reeds uitgevoerde ingrepen in de noordwestelijke hoek

40

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

Ruimtelijke investering landschapsplan Mede op basis van deze aanbevelingen heeft het landschapsplan van Eelerwoude vorm gekregen. Hierin komen de volgende concrete groene investeringen terug. Deze investeringen zijn afgebeeld in figuur 4.5 en figuur 4.6. Kruidenrijk grasland, kruidenrijke akker en bos wisselen elkaar af. Via een netwerk van houtwallen en singels wordt de kern verbonden met de omgeving. Deze elementen worden vergezeld van kruidenrijke stroken om zo de biodiversiteit zo volledig mogelijk te stimuleren. Via enkele bestaande en nieuwe poelen wordt ook de blauwe component op het landgoed versterkt. Het onderscheid in landschappelijk raamwerk tussen het oostelijke en westelijke deel van het landgoed wordt aangezet door het contrast tussen het oude hoevenlandschap en de heideontginning te versterken.

Figuur 4.5 Omzetting van agrarische percelen naar nieuwe natuur In de geldende bestemmingsplannen is de al aanwezige natuur niet opgenomen. Deze hebben veelal nog een agrarische bestemming. Met dit bestemmingsplan worden deze gronden met een omvang van totaal circa 10 ha. omgezet naar een natuurbestemming. Uit figuur 4.5 valt op te maken dat van die 10 ha. er 8 ha. aan nieuwe natuur toegevoegd wordt. Omvormen van circa 8 hectare landbouwgrond naar nieuwe natuur (zie figuur 4.5), investering en herstel van landschapselementen, zoals de aanleg en versterking poelen, het planten van fruitbomen op het erve Elkeman aan de Twekkelerweg 356 en het versterken van een houtwal, het planten van de solitaire boomgroep, het versterken van het bosperceel en de aanleg van een nieuw wandelpad een en ander conform Langoedontwikkelplan Hof te Twekkelo van Eelerwoude (bijlage 2); Omvorming 0,68 hectare landbouw naar vochtig grasland (1, figuur 4.6). Deze minder rijke en lager gelegen gronden hebben hoge natuurpotentie. Omvorming 2,75 hectare landbouw naar kruidenrijk grasland op de drogere plekken (2, figuur 4.6 ). Vier nieuwe poelen; Wat betreft de overige agrarische gronden wordt gestreefd naar omvorming naar extensieve landbouw.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

41

Figuur 4.6 Landschappelijke investering Hof te Twekkelo De esrand (3, figuur 4.6 ) aan de zuidoostkant van het plangebied versterken. Het bos dat de kern van het landgoed vormt wordt verduurzaamd en krijgt een mantel en zoomvegetatie (4, figuur 4.6); De houtwallen rond het erf aan de Bruninksweg (5, figuur 4.6) worden steviger aangezet met een mantel en zoomvegetatie. Op het erf Elkeman worden wordt een nieuwe hoogstam-fruitgaarden aangelegd (6, figuur 4.6). Verder worden op diverse plakken karakteristieke bomen toegevoegd (7, figuur 4.6), die het landgoed tot een herkenbaar geheel maken. Openstelling landgoed Een van de uitgangspunten voor het ontwikkelen van het landgoed, betreft de openstelling ervan. De opstelling ervan draagt bij aan recreatief medegebruik en beleefbaarheid van het landgoed. De openbare routes in het gebied worden gekoppeld aan bijzondere punten. Deze punten zijn of worden voorzien van informatie zodat de cultuur- en natuurwaarde van de plek worden toegelicht. Ook worden enkele delen verlegd over een deel van het voormalige spoortracé. In figuur 4.7 zijn enkele sterlocaties afgebeeld, de nummers daarin opgenomen, corresponderen met het volgend overzicht. 1. Toeristisch informatiepunt 2. Informatiepunt over de Zuivelhoeve 3. Voormalig station ‘Halte Twekkelo’ 4.

Voormalige schuilkerk in monumentale schuur Enkele zandwegen lopen momenteel dood voor gemotoriseerd verkeer of hebben alleen nut voor aanwonenden. Initiatiefnemer is voorstander om enkele zandwegen af te sluiten voor gemotoriseerd verkeer en te behouden voor extensieve recreatie.

42

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

Figuur 4.7 Openstellingskaart (gele doorgetrokken lijn) en informele privé routes (gele stippellijn), ster is bijzonder punt op route)

4.5

Dorpsplein Usselo

Als extra kwaliteitsimpuls wordt de herinrichting van het dorpsplein van Usselo door de initiatiefnemer van dit plan bekostigd. De herinrichting is afgebeeld in figuur 4.8. De herinrichting heeft als doel dat het dorpsplein een centraal punt voor het buurtschap Usselo wordt. Er worden parkeerplaatsen toegevoegd en beplanting wordt aangebracht. De herinrichting is niet strijdig met het geldende bestemmingsplan en maakt geen onderdeel uit van voorliggend bestemmingsplan, echter het draagt wel bij aan de ruimtelijke investering van de rode ontwikkelingen als beschreven in de paragrafen 4.1 t/m 4.3. De bekostiging van de herinrichting is in de anterieure overeenkomst afgehecht en zal met het landgoedplan ook onderdeel uitmaken van de voorwaardelijke verplichting.

bestemmingsplan Hof te Twekkelo (vastgesteld)

43

Figuur 4.8 Herinrichting dorpsplein Usselo

4.6

Welstand en beeldkwaliteit

Gemeente Enschede In de Welstandsnota "Bouwen aan identiteit" is aangegeven aan welke welstandseisen bouwplannen moeten worden getoetst. Daartoe zijn in de Welstandsnota voor het gehele grondgebied van de gemeente Enschede welstandsidentiteiten opgenomen. Voor het plangebied van het bestemmingsplan "Hof te Twekkelo" gelden de welstandsidentiteiten "Vrije landelijke bebouwing" rondom de erven en de erven zelf als "Boerenerven, oude es-erven". Bij voorliggend plan is het juist niet de bedoeling dat er boerenerven ontstaan. Hetgeen hier gebouwd dient te worden, is van heel andere architectuur. Daarom wordt de welstandsnota aangepast voor dit plan. Voor de nieuwe woningen is een beeldkwaliteitplan opgesteld welke als bijlage (Bijlage 8 Beeldkwaliteitplan Hof te Twekkelo) is gevoegd. Hierin zijn randvoorwaarden voor de inrichting van de percelen opgenomen. Het beeldkwaliteitsplan maakt deel uit van de procedure voor wijziging van de Welstandsnota en zal separaat aan het bestemmingsplan meelopen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=3a079254-67c9-4dd1-942f-ce00a91a0886