Gids Buitenkans 2022.pdf
Tekst van het document
GIDS BUITENK ANS M E I 20 2 2
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
I N H O U D S O P G AV E VOORWOORD
4
OPBOUW EN GEBRUIK
5
1. POSITIE VAN DE GIDS BUITENKANS
7
1.1 Gids is van toepassing op het landelijk gebied Enschede
7
1.2 Visie landelijk gebied
8
1.3 Gids Buitenkans
11
1.4 Omgevingswet
15
2. VAN INITIATIEF NAAR UITVOERBAAR PLAN
18
2.1 Werken langs twee sporen: inhoud en proces
18
2.2 Inhoud: regelingen en kaders
19
2.3 Proces: van initiatief naar uitvoering
22
3. DE VIER REGELINGEN OVER BOUWEN EN SLOPEN
28
4. REGELS EN BELEIDSKADERS PER FUNCTIE 4.1 Wonen
45 45
4.1.1 Woningsplitsing
46
4.1.2 Onzelfstandige bewoning
47
4.1.3 Inwoning
47
4.1.4 Toestaan van nieuwe woonvormen: niches o.a. tiny houses
48
4.1.5 Niet bedrijfsmatige bouwwerken of hobbymatige functies bij woninge
50
4.1.6 Verduurzamen van bestaande woningen (isoleren) 4.2 Landbouw
51 52
4.2.1 Nieuwvestiging of verplaatsing agrarische bedrijvigheid
53
4.2.2 Plattelandswoning of woonbestemming
54
4.2.3 Tweede bedrijfswoning bij agrarische bedrijven
54
4.2.4 Extra mogelijkheid woningsplitsing op een agrarisch bedrijf
55
4.2.5 Activiteiten/functies naast bestaande bedrijfsvoering
56
4.2.6 Sloop niet waardevolle agrarische gebouwen met asbest
57
3.1 Rood voor Rood
28
4.3 Niet-agrarisch werken
57
3.2 Sloop registratie
33
4.4 Landgoederen
59
3.3 Voormalige agrarische bebouwing (VAB)
37
3.4 Rood voor Groen – ontwikkeling van een nieuw landgoed
42
Let op: lees verder op de volgende pagina
GIDS BUITENKANS 2022
2
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
I N H O U D S O P G AV E 4.5 Bos, landschap, natuur
60
4.5.1 Bosaanplant en landschapsontwikkeling
61
4.5.2 Voedselbos, volkstuin en andere semi-agrarische functies
63
4.5.3 Ontwikkelingen in NNN
64
4.6 Zorg
66
4.6.1 Mantelzorg
66
4.6.2 Zorginitiatieven
67
4.7 Recreatie en toerisme
68
4.8 Energieopwekking
70
5. MAATWERK EN GEBIEDSGERICHTE AANPAK
71
5.1 Drie categorieën van initiatieven die buiten de kaders vallen
71
5.2 Integrale gebiedsaanpak
73
5.3 Omvangrijk en klein maatwerk
75
DEFINITIES
80
GIDS BUITENKANS 2022
3
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
VOORWOOR D De groene kwaliteit en de nabijheid van de stad met alle voorzieningen maken het
Daarbij gelden voorwaarden en kaders. Want het is in het belang van alle inwoners en
landelijk gebied van Enschede aantrekkelijk. Bijzondere kwaliteit en levendig gebruik
bezoekers van Enschede dat de bijzondere groene kwaliteiten van het landelijk gebied
komen daar samen. Dat gaat echter niet vanzelf. In de Visie landelijk gebied (juli 2021)
behouden blijven en liefst sterker worden.
geeft de gemeente haar ambities weer in drie B’s. Bescherming van landschap en natuur; Benutten met gevarieerd gebruik voor landbouw, wonen en recreatie; Buren,
Eigenaren, bedrijven en bewoners maken samen het landelijk gebied van Enschede.
zodat stad en land samen sterker staan. De Gids Buitenkans bouwt daarop voort met
De gemeente biedt steun bij het ontwikkelen van initiatieven en het maken van keuzes.
regels die deze ambities concreet maken.
Daarvoor is de Gids Buitenkans bedoeld. De Gids maakt duidelijk wat gewenst is (inhoud) en wat de stappen zijn van initiatief naar realisatie (proces). Zo zorgen we samen voor
De gemeente heeft sinds 2008 een Gids Buitenkans om te kunnen bepalen welke plannen
een vitaal, mooi en leefbaar landelijk gebied van de gemeente Enschede.
van inwoners, bedrijven en eigenaren passen in het landelijk gebied. In de Gids staan ‘regels’ die de initiatiefnemer houvast bieden bij het vormgeven van hun plan. De Gids
Jurgen van Houdt,
geeft ook voorbeelden. Niet om letterlijk na te volgen, wel om te laten zien hoe goede
Wethouder landelijk gebied
plannen kunnen bijdragen aan een (nog) mooier woon-, werk- en verblijfsgebied. De Gids Buitenkans (2022) is geactualiseerd om: 1. De Gids aan te passen aan de Visie landelijk gebied, gevolg te geven aan moties van de Gemeenteraad en de laatste ontwikkelingen te verwerken. 2. Voorbereid te zijn op de komst van de Omgevingswet. Een levendig en leefbaar platteland staat niet stil. Bedrijven moeten bij de tijd kunnen blijven, woonwensen wijzigen, recreatie en toerisme veranderen. De Gids wil de inwoners, bedrijven en eigenaren de ruimte geven voor die ontwikkeling.
GIDS BUITENKANS 2022
4
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
OPBOUW EN GEBRUIK De Gids Buitenkans (2022) richt zich op initiatieven in het landelijk gebied binnen de gemeentegrenzen van Enschede. Het gaat om initiatieven die de fysieke leefomgeving veranderen: door het toevoegen of aanpassen van functies, zoals wonen, landbouw, recreatie, natuur, landschap. De Gids helpt initiatiefnemers én de gemeente om te bepalen of, en onder welke voorwaarden, een initiatief goedkeuring kan krijgen. De Gids geeft ook voorbeelden van initiatieven die bijdragen aan de kwaliteit en de leefbaarheid van het landelijk gebied van Enschede. De Gids kent de volgende onderdelen. Hoofdstuk 1 beschrijft de plek van de Gids Buitenkans in het gemeentelijke beleid. In hoofdstuk 2 staat het proces: hoe komt u van een initiatief tot realisatie. Een processchema geeft aan welke stappen een initiatiefnemer moet doorlopen om de gemeente het plan te laten beoordelen en toestemming te krijgen om het initiatief uit te voeren. Hoofdstuk 3 gaat over vier ‘grote regelingen’ over bouwen en slopen: Rood voor Rood, Sloopregeling, Vrijkomende Agrarische Bebouwing en Rood voor Groen. In hoofdstuk 4 staat welke regels en kaders per functie gelden voor initiatieven in het landelijk gebied, zoals voor wonen, landbouw, niet-agrarisch werken, natuur, zorg, recreatie, landgoederen, bos en energie. Om snel een overzicht te krijgen, is per functie eerst de hoofdlijn samengevat.
Om een passend initiatief te ontwikkelen zijn de regels vervolgens verder uitgeschreven. Hoofdstuk 5 gaat over integrale gebiedsaanpak en maatwerk voor initiatieven waar de regels van de Gids geen uitkomst biedt, veelal omdat het initiatief uniek is. Ook bij combinatie van regels uit H3 en H4 is sprake van maatwerk. De Gids onderscheidt initiatieven daarbij naar schaal en impact en gaat vooral in op het proces dat wordt gevolgd.
GIDS BUITENKANS 2022
5
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
Let op: de Gids Buitenkans geeft niet altijd een pasklaar antwoord. Die bedoeling heeft de Gids ook niet. Ook al zijn de regels soms heel precies, toch zal vrijwel altijd een nadere afweging nodig zijn. Dat komt omdat de locatie en omstandigheden telkens verschillen (zoals het landschap) en/of het plan uniek is, of unieke onderdelen bevat. Bij de nadere afweging gaat het telkens om een goed evenwicht te krijgen tussen beschermen en benutten. Het initiatief moet dus niet alleen voldoen aan uw eigen wensen maar ook voldoende bijdragen aan het algemeen belang: de bescherming en de kwaliteit van het landelijk gebied. Het is uiteindelijk de gemeente die bepaalt of een plan ook echt past in Enschede.
Kaart uit de Visie landelijk gebied geeft de grens aan van het landelijk gebied medio 2021.
GIDS BUITENKANS 2022
6
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
1. P O S I T I E VA N DE GIDS BUITENK ANS Dit hoofdstuk gaat over de plek van de Gids Buitenkans in het gemeentelijk beleid. Paragraaf 1.1 beschrijft over welk geografisch gebied de Gids gaat. Vervolgens komt het beleidsmatige kader voor de Gids aan bod: de Visie landelijk gebied (1.2). Wat de Gids Buitenkans daaraan toevoegt, staat in paragraaf 1.3 en tot slot is vermeld hoe de Gids aansluit bij de Omgevingswet (1.4).
Derde versie Gids Buitenkans
1.1
GIDS IS VAN TOEPASSING OP HET LANDELIJK GEBIED ENSCHEDE
De Gids Buitenkans geeft een kader om te kunnen beoordelen of nieuwe
LANDELIJK GEBIED ENSCHEDE
initiatieven in het landelijk gebied wenselijk zijn. De eerste Gids is van 2008
Het landelijk gebied beslaat ongeveer 10.000 ha van de gemeente Enschede (totaal
met enkele wijzigingen in 2010. Na evaluatie in 2013 is in 2014 een herziene
ruim 14.000 ha). De gemeente Enschede telt bijna 160.000 inwoners (1 augustus
versie van de Gids uitgebracht. Bij de herziening is gebruik gemaakt van het
2021, bron: CBS), waarvan circa 5.000 (3%) in het landelijk gebied wonen. Van de
gedachtengoed van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO). De KGO is
Enschedese woningen staat rond 3% in het landelijk gebied. De dichtheid aan woningen
ontstaan binnen de Omgevingsvisie van de provincie Overijssel en gaat uit
in het landelijk gebied behoort tot de hoogste van Overijssel. Ongeveer de helft van het
van een balans om evenwicht te brengen tussen het privébelang van de
landelijk gebied is in gebruik als landbouwgrond. De landbouw draagt met circa 50
initiatiefnemer en het publieke belang. In deze derde versie sluit de Gids
voltijdbedrijven (veelal melkveehouderij) bij aan het beheer van het landelijk gebied.
aan op de Visie landelijk gebied Enschede (2021) en op de Omgevingswet
Een derde van de grond bestaat uit landgoederen, voornamelijk met een textielverleden.
(inwerkingtreding verwacht 2023) met het beginsel van beschermen
Het landelijk gebied van Enschede heeft een hoge ‘groene’ kwaliteit. Kenmerkend zijn
en benutten.
de afwisseling in het grondgebruik, het kleinschalige landschap, de gevarieerde natuur, hoogteverschillen en beken. Zorgen bestaan over de afgenomen biodiversiteit en de verschraling van het landschap.
GIDS BUITENKANS 2022
7
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
Steeds vaker komt extreme droogte voor, afgewisseld met pieken van wateroverlast.
Deze paragraaf vat de hoofdlijnen van de Visie samen. Voor de ontwikkeling van een
De stedelijke druk is hoog en de energietransitie leidt tot een zoektocht naar ruimte
initiatief is vaak nodig om de volledige tekst van de Visie te raadplegen.
DEFINITIES
voor zonnevelden en windturbines. BESCHERMEN, BENUTTEN, BUREN (3B) WAAR IS DE GIDS VAN TOEPASSING
Een belangrijk uitgangspunt in de Visie landelijk gebied is het behouden en verkrijgen
De bijgaande kaart uit de Visie landelijk gebied geeft de grens aan van het landelijk
van een goed evenwicht tussen Beschermen (Groene Pijler) en Benutten (gevarieerd
gebied medio 2021. De Gids is in dit gebied van toepassing. Het gebied waarin de
gebruik) en inhoud geven aan Buren (nabijheid van stad en land).
Gids van toepassing is, kan in de toekomst wijzigen door keuzes in bijvoorbeeld de Omgevingsvisie of een omgevingsplan. Beschermen en benutten ▬B ij ‘beschermen’ gaat het vooral om het behoud en de versterking van de Groene Pijler. De Groene Pijler staat voor het kleinschalige landschap, de natuurlijke rijkdom, de historische landgoederen, de hoogteverschillen, de variatie in de bodem en het watersysteem en de beleving van ‘donker’ en rust. ▬B ij ‘benutten’ gaat het om een vitaal en leefbaar platteland. Een levendig landelijk gebied wordt gebruikt voor landbouw, recreatie, wonen en kent wegen, waterlopen en nutsvoorzieningen. Nieuw zijn de voorzieningen voor duurzame opwekking van energie. ▬M et ‘buren’ wordt bedoeld dat het landelijk gebied / groen altijd in de buurt
1.2
VISIE LANDELIJK GEBIED
is van de stadsbewoner. Omgekeerd zijn de stedelijke voorzieningen voor de bewoners van het landelijk gebied snel en makkelijk te bereiken. Fysiek is het verschil tussen stad en land duidelijk, maatschappelijk wil de gemeente de band juist versterken.
De gemeente geeft met de Visie landelijk gebied Enschede (juli 2021) richting aan de toekomstige ontwikkeling van het landelijk gebied.
GIDS BUITENKANS 2022
8
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
Versterken groenblauwe structuur Het gaat om stevige ecologische netwerken en een duurzaam natuurlijk watersysteem voor het behoud van biodiversiteit, natuur en landschap. Vanuit het landschap ontwikkelen Op basis van een analyse van het landschap is een kaart gemaakt met een waardestelling van het landschap in Enschede. Aan elke waarde is een strategie gekoppeld voor het omgaan met het landschap. Ontwikkelingsprincipe: de vier V's:
Het streven naar balans tussen beschermen en benutten sluit aan bij de aanpak van de vorige versie van de Gids Buitenkans én is een belangrijk uitgangspunt van de nieuwe Omgevingswet. ▬V ersterken ▬ V erbinden ONTWIKKELINGSPRINCIPES
groenblauwe structuur
stad - land
▬V anuit het landschap
▬V ernieuwen
ontwikkelen
ruimtelijk, economisch,
sociaal en bestuurlijk
De gemeente wil met de Visie landelijk gebied richting geven aan verandering, houvast bieden bij keuzes en actief bijdragen aan de toekomst van het landelijk gebied. Daarvoor zijn vier ontwikkelingsprincipes bepaald die houvast geven bij het ontwerpen van beleid, het ontwikkelen van plannen en het beoordelen van initiatieven. In grote lijn geldt dat een ontwikkeling is beginsel toegestaan als voldaan wordt aan deze vier ontwikkelingsprincipes.
GIDS BUITENKANS 2022
9
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
Vanuit het landschap ontwikkelen
De tweede strategie ‘aanpassen’ hoort bij een landschap met een hoge
In een studie voor de Visie landelijk gebied is het landschap geïnventariseerd
waardering. Dit landschap vraagt om herstel en het weer herkenbaar maken
en gewaardeerd. De Visie koppelt aan deze waardering drie strategieën vanuit
van structuren en lijnen die het landschapstype versterken. De derde
het landschap. De strategie ‘inpassen’ heeft betrekking op landschappen
strategie ‘transformeren’ zijn gebieden met een basiskwaliteit, waarvoor een
met een zeer hoge kwaliteit en gaat uit van het behoud van het veelal gave
ontwerpopgave geldt voor het maken van een nieuw landschap met een eigen
landschap. Elk initiatief moet zorgvuldig worden ingepast in aansluiting op
identiteit en samenhang.
DEFINITIES
de gebiedskenmerken.
Waardestelling landschap: Inpassen:
Aanpassen:
Transformeren:
GIDS BUITENKANS 2022
10
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
1.3
Het landschap bepaalt via deze strategieën in belangrijke mate welke initiatieven
GIDS BUITENKANS
op welke locatie kunnen plaatsvinden en welke eisen gelden voor onder meer
HET BESTEMMINGSPLAN GEEFT NIET ALTIJD ‘ANTWOORD’
vormgeving, materiaalgebruik en inpassing. Het kader geeft in het kort weer wat de drie strategieën inhouden. Nadere toelichting staat in de Visie landelijk gebied
Op het moment van de herziening van de Gids gelden in het landelijk gebied van
en de daarbij horende Landschapsstudie
Enschede diverse bestemmingsplannen. De bestemmingsplannen worden onder de Omgevingswet opgevolgd door één omgevingsplan voor de hele gemeente (zie par.1.4).
Verbinden stad-land
De bestemmingsplannen blijven in een ruime overgangsperiode van belang. In het
De Visie zet in op een stevigere relatie tussen stad en land. Versterken van de interactie
bestemmingsplan heeft ieder perceel een functie, zoals Agrarisch, Natuur, Wonen,
tussen stad en landelijk gebied kan op veel manieren inhoud krijgen: fysieke projecten,
Horeca. Per locatie gelden bindende regels voor onder meer bouwen en het gebruik
economisch, met kennis, waardering en betrokkenheid. In de stadsrand is de ontmoeting
van gronden en bouwwerken. Ook kent het plan bouwvlakken en gebiedsaanduidingen
tussen stad en land het meest intensief met ruimte voor recreatieve ontwikkeling en
(bijvoorbeeld archeologisch onderzoeksgebied, stadsrandzone) met aanvullende regels.
interactie.
Over het geheel genomen leggen de bestemmingsplannen de situatie vast, die bij de vaststelling ervan aanwezig was. De plannen beschermen de bestaande situatie
Vernieuwen: ruimtelijk, economisch, sociaal en bestuurlijk.
en worden om die reden wel ‘conserverende’ bestemmingsplannen genoemd.
Vernieuwing van het landelijk gebied is nodig, met behoud van wat goed en waardevol
Conserverende plannen geven beperkte ruimte aan nieuwe ontwikkelingen.
is, maar dan aangepast aan de huidige tijd. Experimenten laten zien hoe nieuwe oplossingen er uit kunnen zien. Conserverende bestemmingsplannen zetten het landelijk gebied niet op slot Meer achtergronden en toelichting over de ontwikkelingsprincipes staan in de
Ook al gaan de conserverende bestemmingsplannen uit van de bestaande
Visie landelijk gebied en in de daarbij behorende studies.
situatie en functie, toch geven ook deze plannen op tal van manieren ruimte aan nieuwe ontwikkelingen. De plannen voorzien bijvoorbeeld in mogelijkheden voor aanpassingen aan bouwwerken. Bij diverse functies gelden mogelijkheden om af te wijken van de opgenomen regels of zelfs om een functie te wijzigen.
GIDS BUITENKANS 2022
11
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
Ook bestaan wettelijke mogelijkheden om door vergunningverlening af te
Wat betekent het beleid voor minder verstening?
wijken van het bestemmingsplan en te zijner tijd van het omgevingsplan.
Denk aan de Rood voor Rood-regeling. Het beginsel is minder ‘verstening’ van
De bestemmingsplannen en de wettelijke afwijkingsmogelijkheden zetten
het landelijk gebied – de regels in de Gids geven aan hoe daarmee in praktijk
het landelijk gebied dus niet op slot.
om te gaan. Door de regels in de Gids op te nemen kunnen ze -zo nodig- ook
DEFINITIES
relatief eenvoudig worden aangepast zonder de uitgebreide procedure van een bestemmingsplanwijziging te doorlopen. De Gids buitenkans biedt aanvullend op het bestemmingsplan (straks omgevingsplan) afwegingsruimte voor nieuwe ontwikkelingen. Het gaat om ontwikkelingen die bij het opstellen van het bestemmingsplan niet waren voorzien en om het actualiseren van
Bovendien bevat de Gids voor een aantal onderwerpen specifieke regels, die nodig
het beleid.
zijn voor het maken van een evenwichtig besluit over initiatieven. DE GIDS BUITENKANS KLEURT BELEID VERDER IN
Niet iedere nieuwe ontwikkeling is te voorzien.
In de Visie landelijk gebied zet de gemeente -binnen randvoorwaarden- in op
Nu zijn we ermee bekend, maar eens waren ze nieuw: zouthuisjes (in een
vernieuwing en ontwikkeling van het landelijk gebied. Deze Gids Buitenkans is een
ver verleden), zendmasten voor mobiele telefonie, natuurbegraven, vormen
verdere uitwerking van de Visie. De Gids geeft vernieuwing aan het beleid.
van agrarische productie als een voedselbos en agro-forestry, zonnevelden, mantelzorg etc. Soms gaat het om een echt nieuwe functie, deels om een nieuwe combinatie van functies, dan weer om een nieuwe kijk op deze functie. Het bestaande beleid / bestemmingsplan geeft dan geen passend antwoord. De nieuwe Gids maakt het beleid weer actueel en geeft ruimte voor nieuwe afweging.
GIDS BUITENKANS 2022
12
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
De Gids kleurt het gemeentelijke beleid verder in. Het kan daarbij bij gaan om detaillering Van koesteransichten naar landschapsstrategie
van de regels van het bestemmingsplan, om aanvulling van deze regels, maar ook
De vorige versie van de Gids en de bestemmingsplannen voor het landelijk
om regels die andere ontwikkelingen mogelijk maken dan de bestemmingsplannen
gebied verwijzen naar ‘Koesteransichten’. Dat zijn voorbeelden van plannen die
nu toelaten. Deze Gids Buitenkans (2022) volgt daarmee de nieuwe inzichten, kaders
passen bij de verschillende soorten landschappen. De Visie landelijk gebied
en ambities uit de Visie landelijk gebied. Die Visie heeft ter inzage gelegen en de
gaat uit van een indeling naar type landschap, een waardering van de kwaliteit
Gemeenteraad heeft de Visie na een zorgvuldig proces in juli 2021 vastgesteld.
en een daarbij passende strategie: inpassen, aanpassen of transformeren. De ‘oude’ koesteransichten kunnen nog worden benut ter inspiratie, de kenmerken van de landschappen zijn niet veranderd. Wel heeft de Visie en daarmee de Gids een nieuwe aanpak gekozen met de hiervoor kort samengevatte strategie.
De nadruk van deze versie van de Gids ligt bij de regels die uitwerking geven aan de vier ontwikkelingsprincipes uit de Visie landelijk gebied. De regels van de Gids geven houvast voor initiatiefnemers die hun plan opstellen en vormen de leidraad voor de gemeente bij de beoordeling van het initiatief.
De Gids Buitenkans levert een bijdrage aan:
In de praktijk wordt als volgt met een eventueel verschil tussen het geldende
▬ V ergroten van ontwikkelingsmogelijkheden en de kwaliteit van de
bestemmingsplan en deze Gids omgegaan. Bij een verschil onderscheiden we
fysieke leefomgeving
inhoudelijke instemming van formeel-juridische goedkeuring. Als een initiatief past
▬ F lexibiliteit binnen beleidsuitgangspunten op gemeentelijk niveau
binnen de ambities en doelen van de Visie en past binnen de beleidskaders en regels van
▬ S tellen van duidelijke kaders en communicatie tussen initiatiefnemer
de Gids Buitenkans, dan heeft de gemeente de intentie mee te werken aan de realisatie
en gemeent.
van het initiatief.
GIDS BUITENKANS 2022
13
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
In overleg met de initiatiefnemer zoekt de gemeente dan de meest passende weg om
De onderstaand weergegeven lijst is dan ook niet volledig, maar biedt wel een overzicht
het initiatief in procedure te brengen. Dat kan een omgevingsvergunning in afwijking
van beleidskaders waar bij het opstellen van de Gids rekening is gehouden. In de tekst is
van het bestemmingsplan zijn, een wijziging van het omgevingsplan of mogelijk
zo goed mogelijk naar de kaders verwezen, Het ontbreken van een verwijzing betekent
nog een andere juridische aanpak, die aansluit bij de mogelijkheden van de nieuwe
echter niet dat die regels niet van toepassing zijn. De gemeente kan dus - buiten de
Omgevingswet, zodra die in werking is.
regels van deze Gids - initiatieven toetsen aan andere gemeentelijke kaders die volgens de gemeente van toepassing zijn.
Ook als een initiatief past binnen de hoofdlijnen van beleid is een zorgvuldige afweging nodig. In een specifieke situatie kunnen belangen meespelen waar het algemene beleid geen rekening mee kan houden, zoals de omstandigheden op de locatie,
Beleidskaders van belang voor initiatieven in het landelijk gebied (niet uitputtend)
belangen van omwonenden enzovoorts.
▬ V isie landelijk gebied ▬ E nergievisie en de beleidskaders voor zonne-energie en kleine windturbines
DE GIDS VERWIJST NAAR ANDER EN/OF NIEUW BELEID
▬W oonvisie
De Gids verwijst voor een beter inzicht van de inhoud en de achtergronden van het
▬N atuur- & Landschapsplan
beleid voor het landelijk gebied naar de Visie landelijk gebied. Ook voor andere
▬A genda Vrije-Tijds-Economie (VTE)
onderwerpen, die niet, of niet volledig in de Visie zijn behandeld, heeft de gemeente
▬B eleidsnota Verblijfsaccommodaties
beleid of beleidsregels. Ook dat beleid kan van belang zijn voor initiatieven in het
▬B eleidskader Retail in Enschede
landelijk gebied. Dat geldt bijvoorbeeld voor de beleidsregels voor zonnevelden of een
▬N ota Volkstuinen Enschede
toetskader voor initiatieven voor verblijfsrecreatie. Op diverse plaatsen in de Gids
▬ E venementenbeleid Enschede
wordt naar beleidskaders verwezen, die nodig zijn bij het ontwikkelen van initiatieven.
▬ V erordening bewonen van recreatiewoningen ▬G emeentelijke regels over mantelzorg(woningen)
Verder stopt de ontwikkeling van het beleid niet met het uitbrengen van de Gids
Een deel van de kaders is nog in ontwikkeling op het moment
Buitenkans. Bij het gebruik van de Gids moet rekening worden gehouden met
van vaststelling van deze Gids.
(toekomstige) aanpassingen van bestaande beleidskaders en zelfs met nieuwe beleidskaders, die bij het vaststellen van de Gids nog niet bekend waren.
GIDS BUITENKANS 2022
14
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
Behalve veranderingen in het gemeentelijk beleid gaan ook veranderingen optreden in
landschappelijke en cultuurhistorische kenmerken, maatvoering, detaillering en
de wet- en regelgeving van het Rijk en in provinciaal beleid. Grote thema’s dienen zich
locatiekeuze te betrekken. De Gids helpt om de afweging goed te maken. De regels in
aan, zoals het beperken van de emissie van stikstof en het stoppen van de achteruitgang
deze Gids geven echter geen ‘rechten’ waar een initiatiefnemer zich op kan beroepen.
in de biodiversiteit. Nieuwe inzichten en beleidsregels kunnen met zich meebrengen
Per initiatief en locatie vindt een afzonderlijke afweging plaats.
DEFINITIES
dat ruimte of afwegingen maken over nieuwe initiatieven minder groot is dan bij het opstellen van de Gids nog wordt verondersteld. DE GIDS SCHEPT GEEN NIEUW ‘RECHTEN’ De Gids Buitenkans is bedoeld om bij te dragen aan leefbaarheid én de kwaliteit van het landelijk gebied. De gemeente wil ruimte geven aan initiatieven van bewoners, eigenaren en bedrijven en tegelijk bescherming bieden aan de collectieve waarden als landschap, natuur en cultuurhistorie. De Gids is een hulpmiddel voor initiatiefnemers om plannen te maken die passen in het beleid. De Gids geeft aan welke regels en overwegingen de gemeente gebruikt bij de beoordeling van een plan. Daarmee is de Gids geen boekwerk dat rechten omschrijft en met eenduidige regels aangeeft waar een initiatiefnemer altijd op kan rekenen, als aan de gestelde eisen is voldaan. De initiatieven lopen uiteen naar aard, schaal en impact en de locaties en omstandigheden verschillen. Vrijwel altijd is een vorm van afweging nodig, waarbij de omstandigheden worden betrokken. De beleidsregels geven een kader en vormen het startpunt voor het gesprek tussen initiatiefnemer en gemeente.
1.4
OMGEVINGSWET Op Rijksniveau voegt de Omgevingswet de bestaande nationale versnipperde wetgeving voor de fysieke leefomgeving samen. Naar verwachting treedt de Omgevingswet in 2023 in werking. De toepassing van de Gids valt daarmee samen met de overgang van het
De regels bevatten soms duidelijke normen en getallen, maar zijn daarmee nog geen
bestaande stelsel van wetgeving (met onder meer de Wet ruimtelijke ordening, de Wet
‘rekensom’ waarvan de uitkomst bij voorbaat vaststaat. Om tot een goede conclusie te
algemene bepalingen omgevingsrecht en de Wet milieubeheer) naar de allesomvattende
komen is het nodig naast de eisen ook aspecten als ruimtelijke kwaliteit,
Omgevingswet. Twee onderwerpen worden hier nader besproken.
GIDS BUITENKANS 2022
15
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
OMGEVINGSPLAN EN BELEIDSREGELS
De Gemeenteraad kan er dan bijvoorbeeld voor kiezen om onderdelen
De Omgevingswet kent nieuwe instrumenten, die de bestaande planvormen van onder
van de geactualiseerde Gids via een open norm als beleidsregels aan
meer de Wet ruimtelijke ordening vervangen. Voor de Gids is met name de vervanging van
het omgevingsplan te koppelen. Het omgevingsplan kan in de toekomst
het huidige bestemmingsplan van belang. Onder de Omgevingswet is het omgevingsplan
bijvoorbeeld de ‘open norm’ bevatten dat in bepaalde gebieden ‘een nieuw
een belangrijk instrument, dat behalve de ordening van de ruimte ook alle andere regels
woonhuis kan worden opgericht als voldoende agrarische schuren worden
voor de fysieke leefomgeving gaat bevatten. In een overgangsperiode van het oude naar
verwijderd’. De Gids Buitenkans werkt de beleidsregel ‘Rood voor Rood’
het nieuwe wettelijke stelstel vormen onder andere de huidige bestemmingsplannen
nader uit, met de precieze voorwaarden voor de toepassing. Een voordeel
tijdelijk gezamenlijk het nieuwe omgevingsplan, dat onder de Omgevingswet het hele
van een dergelijke constructie is dat het omgevingsplan flexibeler wordt en
grondgebied van de gemeente bestrijkt. De overgangsperiode loopt door tot eind 2029.
dat nieuwe inzichten over de toepassing van Rood voor Rood kunnen worden
Het gemeentelijke kader blijft daarmee hetzelfde, tot het moment dat de Gemeenteraad
verwerkt zonder de zware procedure van een wijziging van het omgevingsplan
het omgevingsplan naar inhoud vernieuwd. In de overgangsperiode is de verhouding
te doorlopen. De aanpassing van de Gids Buitenkans vergt immers een meer
tussen het omgevingsplan en de Gids naar inhoud niet veel anders dan tussen de hiervoor
eenvoudige procedure dan van het omgevingsplan.
DEFINITIES
geldende bestemmingsplannen en de Gids. Ze staan naast elkaar; de Gids voegt extra afwegingsregels toe. Onder de Omgevingswet ontstaat de mogelijkheid om een meer directe koppeling met de regels van de Gids aan te brengen. WERKWIJZE EN AANPAK De Omgevingswet gaat niet alleen over het samenvoegen van bestaande wetten. Een Voorbereid op de Omgevingswet
belangrijk uitgangspunt voor de nieuwe wet is de instelling waarmee initiatieven worden
Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet vormen de dan geldende
benaderd. Het beginsel is ‘Ja, mits’. Een initiatief is in beginsel mogelijk als voldaan wordt
bestemmingsplannen samen tijdelijk het omgevingsplan. Gemeenten krijgen
aan bepaalde vereisten. Die vereisten komen voort uit de balans tussen beschermen en
vervolgens tot eind 2029 de tijd om het omgevingsplan helemaal in te richten
benutten. Een initiatief wordt positief beoordeeld als in voldoende mate bescherming
op de nieuwe regels en mogelijkheden van de Omgevingswet.
wordt gegeven aan kwetsbare functies zoals natuur, landschap en cultuurhistorie en rekening is gehouden met specifieke omstandigheden en belangen. De vier ontwikkelingsprincipes van de Visie landelijk gebied geven een handvat voor de toepassing van het ‘Ja, mits’-beginsel.
GIDS BUITENKANS 2022
16
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
De gemeente wil initiatiefnemers behulpzaam zijn door duidelijk te zijn over de stappen
Vooruitlopend op de Omgevingswet wil de gemeente met de Gids Buitenkans al zoveel
die een initiatiefnemer moet doorlopen en de begeleiding die de gemeente daarbij biedt.
mogelijk werken in de geest van de Omgevingswet, zoals hiervoor is benoemd met het
De Gids werkt de processtappen uit en geeft duidelijkheid over het beleid door voor veel
beginsel ‘Ja, mits’ en door te zorgen voor een soepel procesverloop, het bevorderen van
voorkomende situaties kaders en handvatten te geven.
participatie, zoeken naar balans tussen beschermen en benutten en het verbreden van ‘goede ruimtelijke ordening’ (Wet ruimtelijke ordening) naar het ruimere begrip ‘
Ook vraagt de Omgevingswet om aandacht voor participatie van de omwonenden
kwaliteit van de fysieke leefomgeving - evenwichtige toedeling van functies aan locaties’
en andere belanghebbenden. De voorwaarde die hiervoor wordt gesteld in de
(Omgevingswet). Vanuit het motto ’eenvoudig beter’ van de Omgevingswet kunnen
Omgevingswet, geldt ook voor nieuwe initiatieven onder de Gids Buitenkans. De
regels eenvoudiger en duidelijker worden gemaakt. Dat heeft bijvoorbeeld geleid tot het
Omgevingswet stimuleert dat een initiatiefnemer haar omgeving informeert en betrekt,
terugbrengen van twee in plaats van drie klassen voor de waardestelling van een gebouw
maar stelt dat niet verplicht. Wel geeft de wet de mogelijkheid aan gemeenteraden om
in het landelijk gebied (wel of niet landschappelijke en cultuurhistorisch waardevol).
een lijst met gevallen vast te stellen waarvoor deze participatie wel verplicht is. De gemeenteraad van Enschede heeft het voornemen een dergelijke lijst vast te stellen.
Belangrijke voorwaarde bij de beoordeling van initiatieven is dat een plan leidt tot een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Naast de Gids stuurt het instrument KGO (Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving) van de provincie Overijssel op behoud en versterking van de ruimtelijke kwaliteit. Het Werkboek KGO (2010) bevat daarvoor handvatten en praktijkvoorbeelden (zie ook paragraaf 2.2). De provincie heeft nieuw beleid in voorbereiding. Het nieuwe beleid is in de toekomst van invloed op de ruimte voor de gemeente om eigen afwegingen te maken.
GIDS BUITENKANS 2022
17
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
2. VA N I N I T I AT I EF N A A R U I T V O E R B A A R PL A N
2.1
WERKEN LANGS TWEE SPOREN: INHOUD EN PROCES Om van een initiatief tot een uitvoerbaar plan te komen moeten langs twee sporen stappen worden gezet. Het gaat vanzelfsprekend om de vraag of een plan de juiste inhoud heeft. Daarmee wordt bedoeld dat de inhoud niet alleen voldoet aan de wensen van de initiatiefnemer maar ook past in het gemeentelijke beleid (zoals de Visie landelijk gebied, Gids Buitenkans, omgevingsplan, maar ook beleid over een bepaald onderwerp) en voldoet aan andere wet- en regelgeving van het Rijk, de provincie Overijssel. Hier gaan hoofdstuk 3 (Regelingen voor bouwen en wonen) en hoofdstuk 4 (Regels en kaders
De procesgang kan ook verschillen naar gelang het type en de impact van het initiatief.
per functie) en hoofdstuk 5 (Maatwerk) over.
Een plan voor een kikkerpoel op eigen erf is van een andere omvang dan de bouw van een serie recreatiewoningen op een landgoed of de aanleg van een groot zonneveld op land-
Het tweede spoor gaat over het proces: de stappen die leiden van initiatief naar de
bouwgrond. De procedure is eenvoudiger naarmate een initiatief naadloos voldoet aan
toestemming voor de uitvoering van het plan. Over die processtappen gaat het grootste
het bestaande bestemmings-/omgevingsplan en/of past binnen de regels van hoofdstuk
deel van dit hoofdstuk (paragraaf 2.3.).
3 en 4 van deze Gids.
De inhoud en het proces hebben met elkaar te maken. Het initiatief begint meestal met
Voor gevallen, waarvoor de regels uit hoofdstuk 3 en 4 niet toereikend zijn, moet een
een ruw idee dat verder vorm krijgt en gedetailleerd wordt bij het doorlopen van de
afweging ‘op maat’ worden gemaakt. Bij complexe initiatieven is het nodig om alle pro-
processtappen. Het initiatief wordt uitgewerkt en aangepast naar aanleiding van de
cedurestappen te zetten, die in paragraaf 2.3 staan beschreven, voor weinig complexe
reacties uit de omgeving, door onderzoek uit te voeren, rekening te houden met wet- en
initiatieven is de procedure korter. Voor de inhoudelijke afweging bij maatwerk wordt het
regelgeving, in te spelen op voorwaarden die worden gesteld vanuit de gemeente etc.
beleid uit de Visie landelijk gebied gebruikt om de conclusie te onderbouwen.
GIDS BUITENKANS 2022
18
HOOFDSTUK
2.2
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
INHOUD: REGELINGEN EN KADERS
De Visie landelijk gebied geeft met vier ontwikkelingsprincipes, beleid per thema en
Het uitgangspunt bij het toetsen van initiatieven in het landelijk gebied van Enschede is
opgaven in grote lijnen aan welke ontwikkelingen gewenst zijn (zie ook hoofdstuk 1).
het behoud en waar mogelijk de versterking van de ruimtelijke kwaliteit van het landelijk
Dit beleid is gebruikt om de inhoudelijke regels, kaders en regelingen van hoofdstuk 3 en
gebied. Een eigenaar die iets wil realiseren op zijn of haar grondgebied, woning of
4 van deze Gids op te stellen. Voor maatwerk, wordt direct getoetst aan het beleid uit de
(agrarisch) bedrijf heeft daar een bedoeling mee en zal die maatregel of ontwikkeling
Visie landelijk gebied. Bij initiatieven die verschillende regels en regelingen uit hoofdstuk
zelf wenselijk vinden. De gemeente voegt daar altijd de vraag aan toe of dat initiatief ook
3 en 4 combineren zal veelal een maatwerk-afweging nodig zijn om vast te stellen of de
een meer algemeen belang dient: draagt de maatregel of ontwikkeling ook bij aan de
samenloop leidt tot een versterking van de kwaliteit van het landelijk gebied.
kwaliteit van het landelijk gebied? Naast de gemeentelijke regels in deze Gids Buitenkans moeten initiatieven ook voldoen aan andere gemeentelijke, provinciale en landelijke regelgeving s, zoals het bestemDe kwaliteit van de fysieke leefomgeving kan onder meer versterkt
mingsplan, regels voor bomenkap, beleid op het gebied van recreatie & toerisme, zorg
worden door:
en duurzaamheid. Het gaat onder meer om de provinciale Kwaliteitsimpuls Groene
▬B estaande kwaliteiten te koesteren en te verbinden met nieuwe
Omgeving.
ontwikkelingen, ▬ S amenhang aan te brengen of te herstellen,
KWALITEITSIMPULS GROENE OMGEVING (KGO)
▬C ontrasten op te voeren en afwisseling te vergroten,
De provincie Overijssel geeft in haar Omgevingsvisie ruimte voor nieuwe functies en
▬R uimtelijke uitstraling te versterken,
grootschalige ontwikkelingen in het landelijk gebied onder voorwaarde van toepassing
▬B eleefbaarheid en toegankelijkheid te vergroten.
van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO).
GIDS BUITENKANS 2022
19
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving
Bij elke ontwikkeling hoort een basisinspanning in de vorm van een goede
(Werkboek KGO, provincie Overijssel, 2010)
ruimtelijke inpassing zoals situering van gebouwen en erfbeplantingen. Voor
Twee principes uit de Omgevingsvisie Overijssel vormen het vertrekpunt:
het bepalen van de hoogte van aanvullende kwaliteitsprestaties zijn drie
1. Elke ontwikkeling dient bij te dragen aan een versterking van de
variabelen te hanteren: 1. is de ontwikkeling gebiedseigen of gebiedsvreemd;
DEFINITIES
2. wat is de schaal van de ontwikkeling en de impact op de omgeving; 3. dient
ruimtelijke kwaliteit;
het initiatief een eigen belang of ook maatschappelijke belangen.
2. De ontwikkelingsruimte die men krijgt dient in evenwicht te zijn met investeringen (prestaties) in de ruimtelijke kwaliteit. Uit punt twee volgt dat als met kwaliteitsprestaties op het ‘eigen erf’ (de basisinspanning ruimtelijke kwaliteit) dat evenwicht niet bereikt kan worden,
Het KGO-beleid van de provincie heeft al doorwerking gekregen in de opzet van de Gids
er aanvullende kwaliteitsprestaties in de omgeving nodig zijn. Er is dan sprake
Buitenkans van 2014. Het Werkboek Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving - ruimtelijke
van een meer gebiedsgerichte benadering. De KGO is dan van toepassing.
kwaliteitsprincipes toepassen in de praktijk van de ruimtelijke ordening in Overijssel
Dit geldt voor nieuwe functies en grootschalige uitbreiding van bestaande
(2010)- en de principes die daarin staan hebben nog steeds hun waarde voor de
functies in het landelijk gebied.
behandeling van initiatieven. Belangrijke punten zijn het streven naar balans tussen het private en het publieke belang en het onderscheid tussen de altijd gevraagde ‘basis-
In de praktijk blijkt dat met gezamenlijk opgestelde vertrekpunten een basis
inspanning’ om een initiatief ter plekke (op het ‘eigen erf’) zorgvuldig in te passen en
gevonden kan worden voor het bereiken en meten van het evenwicht tussen
aanvullende kwaliteitsprestaties in de omgeving (buiten het eigen erf), bedoeld om de
ontwikkelingsruimte en kwaliteitsprestaties.
kwaliteit van het landelijk gebied al geheel in balans te houden.
GIDS BUITENKANS 2022
20
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
De gemeente Enschede geeft met de Gids Buitenkans beleidskaders en regels die invulling geven aan het (provinciale) KGO-beleid. Bij de invulling van het KGO-beleid
De inhoud staat in hoofdstuk 3, 4 en 5
met maatregelen voor de versterking van natuur en landschap biedt het Natuur- &
Hoofdstuk 3: Vier grote regelingen over bouwen en slopen
Landschapsplan van de gemeente (tijdens de vaststelling van deze Gids nog in
▬R ood voor Rood (sloop geeft ruimte aan nieuwbouw)
ontwikkeling) houvast. Het Natuur- & Landschapsplan geeft onder meer aan welke
▬ S loopregeling (wanneer levert afbraak rechten op voor nieuwbouw)
landschapselementen in Enschede van belang zijn voor de huidige en toekomstige
▬ V rijkomende Agrarische Bebouwing (hergebruik voor een andere functie)
kwaliteit van het landschap.
▬R ood voor Groen (stichten van een nieuw landgoed)
WELKE INHOUDELIJKE REGELS ZIJN VAN TOEPASSING?
Hoofdstuk 4: Regels en kaders per functie
De inhoudelijke regels in de Gids Buitenkans zijn zo ingedeeld dat een initiatiefnemer
Met definities, kaders en regels die per functie aangeven waaraan een
vrij eenvoudig kan vinden welke regels op het initiatief van toepassing zijn.
initiatief moet voldoen. Onderscheiden zijn wonen, landbouw, niet-agrarische
▬D e vier grote regelingen over bouwen en slopen staan in hoofdstuk 3
bedrijvigheid, natuur, zorg, recreatie, landgoederen, bos en energie.
▬P er functie (zoals wonen, landbouw etc.) staan regels en kaders in hoofdstuk 4 ▬ V oor integrale gebiedsontwikkeling en maatwerk moet een initiatiefnemer zijn
Hoofdstuk 5: Integrale gebiedsontwikkeling en maatwerk
bij hoofdstuk 5
Als initiatieven niet (geheel) passen binnen de vier grote regelingen of de kaders en regels per functie is sprake van ‘maatwerk’ of bij heel grote ontwikkelingen van een integrale gebiedsaanpak. Het kan daarbij ook gaan om situaties waarin verschillende regelingen en regels uit hoofdstuk 3 en 4 van toepassing zijn. De samenloop van de verschillende regels en regelingen vragen dan om een afweging op maat. Bij maatwerk wordt de afweging direct gebaseerd op de beoogde balans tussen beschermen en benutten (Omgevingswet) en de ontwikkelingsprincipes, het themabeleid en de opgaven uit de Visie landelijk gebied.
GIDS BUITENKANS 2022
21
HOOFDSTUK
2.3
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
PROCES: VAN INITIATIEF NAAR UITVOERING
Ook kan de Gemeenteraad nadere afwegingen maken over haar rol bij de wettelijke
Deze paragraaf maakt onderscheid in de processtappen voor de initiatieven die passen
procedures (delegatie aan het College, adviesrol Gemeenteraad) en over de wijze
binnen de regels van de Gids (hoofdstuk 3 en 4) en de meer complexe maatwerkgeval-
waarop de gemeente omgaat met participatie (Participatieverordening). In bijzondere
len (hoofdstuk 5). Het stroomschema geeft de grote stappen weer, zonder daarbij dieper
gevallen, als bijvoorbeeld een Milieueffectrapport moet worden opgesteld, komen er
in te gaan op wettelijke procedures met bevoegdheden, termijnen, terinzagelegging,
nog meer stappen bij.
bezwaar en beroep etc. De stappen die een vergunningaanvraag doorloopt zijn niet apart vermeld.
Deze Gids volgt vanzelfsprekend de huidige en toekomstige wettelijke regels en de keuzen die de Gemeenteraad over de toepassing daarvan maakt. Toch is het zinvol om de grote stappen van de procedure ook in deze Gids op te nemen. Hieronder is op hoofdlijnen weergegeven wat de initiatiefnemer van de gemeente kan verwachten als de initiatiefnemer zich meldt met een initiatief. Dat eerste moment noemen we de ‘intake’.
GIDS BUITENKANS 2022
22
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
1. INTAKE & EERSTE BEOORDELING Direct naar de vergunningaanvraag of juist nog een voortraject?
De initiatiefnemer meldt zich bij de gemeente of doet een digitaal verzoek tot vooroverleg
Voorafgaand aan de ‘intake’ kan iemand ook informatie vragen of zich
via het landelijke omgevingsloket. De initiatiefnemer licht het idee of plan (mondeling
anderszins oriënteren Dat kan bijvoorbeeld bij de erfcoach. In Enschede is een
dan wel schriftelijk/digitaal) toe en de gemeente informeert de initiatiefnemer over de
onafhankelijke erfcoach beschikbaar met een brede kennis van het landelijk
mogelijkheden en de verdere procedure. De initiatiefnemer krijgt een planbegeleider
gebied. De erfcoach kan de bewoner / eigenaar van een erf helpen om de eigen
vanuit de gemeente toegewezen; hij/zij coördineert het proces binnen de gemeente en is
situatie, kansen en mogelijkheden in beeld te brengen.
voortaan vanuit de gemeente het eerste aanspreekpunt voor de initiatiefnemer.
De initiatiefnemer kan ook kiezen om zonder voorafgaand overleg direct een omgevingsvergunning aan te vragen. De gemeente volgt dan de wettelijke
Bij de intake gaat het gesprek over:
procedure en zal de omgevingsvergunning verlenen of de aanvraag
▬D e mate van uitwerking
afwijzen. Voor kleine initiatieven met weinig impact op de omgeving kan een
Gaat het om een globaal idee, waarvoor de initiatiefnemer langskomt om
rechtstreekse aanpak (direct vergunningaanvraag) prima voldoen; voor wat
zich te oriënteren over de mogelijkheden en de processtappen. Of heeft de
ingewikkelder initiatieven is meer dialoog met de gemeente via de ‘intake’
initiatiefnemer een uitgewerkt plan, dat al vrijwel geschikt is om de formele
aan te bevelen. De keuze is aan de initiatiefnemer.
procedure in te gaan. ▬ De zwaarte van het initiatief Gaat het om een initiatief van beperkte omvang, weinig verschillende
Bij elk voorstel heeft de initiatiefnemer de taak het plan zelf op te stellen, uit te werken
onderdelen en met weinig gevolgen voor de omgevingskwaliteit van
en te onderbouwen. De gemeente is een klankbord, denkt mee en helpt de regels uit
het landelijk gebied of heeft gaat het om een complex initiatief met naar
te leggen. De verantwoordelijkheid voor het plan en voor de vergunningaanvraag ligt
verwachting veel impact op de omgeving
echter altijd bij de initiatiefnemer. De gemeente neemt uiteindelijk de beslissing om medewerking te verlenen en uiteindelijk de vergunning al dan niet te verlenen.
GIDS BUITENKANS 2022
23
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
Na de intake gaat de gemeente het initiatief globaal beoordelen. Het is mogelijk dat de ▬P assend in het beleid
informatie die is verkregen bij de intake daarvoor volstaat. Het kan ook nodig zijn dat de
Is de eerste indruk dat het initiatief wel of niet aansluit bij het beleid van
initiatiefnemer een globaal plan aanlevert. Afhankelijk van de aard en omvang van het
de gemeente, of is nader onderzoek en uitwerking nodig om dat te kunnen
initiatief bezoekt de gemeente de ontwikkellocatie en/of informeert ter oriëntatie bij
vaststellen
betrokkenen.
▬V oldoet het aan de regels
De planbegeleider vanuit de gemeente koppelt het resultaat van de beoordeling terug
Kan naar eerste inschatting het initiatief voldoen aan het geldende ruimtelijke
aan de initiatiefnemer. Een mogelijke uitkomst is dat het initiatief volgens de gemeente
plan (nu nog bestemmingsplan, straks omgevingsplan) en aan de wettelijke
niet binnen de regels tot uitvoering kan komen en/of niet voldoet aan de gemeentelijke
en andere regels van Rijk en provincie Overijssel of is een aanpassing nodig
ambities. Ook kan de informatie zo beperkt zijn, dat een beoordeling nog niet mogelijk
van het bestemmings-/omgevingsplan.
is. Het initiatief is dan volgens de gemeente niet kansrijk en er is geen reden voor een volgende stap. Het is aan de initiatiefnemer om het initiatief te stoppen of het plan te
▬ I s al overleg gevoerd met de omgeving
veranderen of te verduidelijken. De gemeente kan een gewijzigd of verder uitgewerkt
Heeft de initiatiefnemer de omgeving op de hoogte gebracht over het
plan wederom beoordelen.
voornemen, is al een reactie van de omgeving ontvangen en wat heeft de Als het initiatief kansrijk is, geeft de gemeente aan wat de vervolgstappen zijn en welke
initiatiefnemer met de reacties gedaan.
termijnen de gemeente in grote lijnen aanhoudt. De gemeente informeert de initiatief▬H et vervolg
nemer op welk moment gedurende het proces kosten in rekening worden gebracht voor
Verkend wordt wat de volgende stappen kunnen zijn en wat de initiatiefnemer
het in behandeling nemen van het initiatief. Voor een eenduidig en compleet initiatief
en de gemeente daarbij van elkaar verwachten. De gemeente brengt ter
dat past binnen de regels van de Gids en met weinig invloed op de omgeving kan de
sprake dat gedurende het proces kosten in rekening worden gebracht voor
initiatiefnemer mogelijk direct een vergunningaanvraag voorbereiden. Dan worden de
behandeling van het initiatief.
meeste stappen in het schema overgeslagen. In alle andere gevallen wordt aangegeven of het plan kan worden beoordeeld met de toepassing van de regelingen en regels uit hoofdstuk 3 en 4 van deze Gids, dan wel dat sprake is van een plan waarvoor deze regels niet toereikend zijn.
GIDS BUITENKANS 2022
24
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
Dat zullen de meer ingewikkelde gevallen zijn, met een plan dat bestaat uit verschillende onderdelen en met mogelijk grote gevolgen voor de omgeving. Het kan ook gaan
Vier ontwikkelingsprincipes uit de Visie landelijk gebied
om iets heel nieuws, dat bij de voorbereiding van de Gids niet is voorzien of waarvoor
▬ V ersterken groenblauwe structuur
geen regels zijn opgenomen. Dan wordt het initiatief als ‘maatwerk’ aangemerkt en
▬ V anuit het landschap ontwikkelen
wordt de procedure gevolgd zoals beschreven in hoofdstuk 5 van de Gids. Ook daarbij
▬ V erbinden stad – land
zal de procedure verschillen naar gelang de omvang van zwaarte van het initiatief. Of
▬ V ernieuwen: ruimtelijk, economisch, sociaal en bestuurlijk
een initiatief valt onder de gebiedsgerichte aanpak, omvangrijk of klein maatwerk wordt bij de intake bepaald. Bij de uitwerking van het initiatief kan overigens blijken dat die inschatting niet juist was en dat aanpassing van de procedure nodig is. Wat vindt de omgeving/ participatie De volgende stap is de verkenning.
De initiatiefnemer is zelf verantwoordelijk om zijn/haar plan kenbaar te maken bij de omliggende eigenaren en bewoners en andere belanghebbenden (hier aangeduid met
2. VERKENNING: PLAN, HAALBAARHEID EN DRAAGVLAK
‘buren’). De gemeente gaat ervan uit dat de initiatiefnemer dit in elk geval doet, voordat
De gemeente en de initiatiefnemer verkennen de mogelijkheden van het plan en de
de formele procedure start. Zo wordt voorkomen dat bijvoorbeeld de Dorpsraad en
kansen om ruimtelijke kwaliteit toe te voegen. De initiatiefnemer werkt het plan verder
omwonenden via de gemeente over het initiatief hoort, in plaats van via de initiatiefne-
uit. Daarbij gaat het om de volgende onderdelen:
mer. Van de initiatiefnemer wordt ook gevraagd om bij deze ‘buren’ te informeren wat zij van het plan vinden. De initiatiefnemer geeft vervolgens aan de gemeente zijn/haar
Het plan en de haalbaarheid
indruk van het overleg. Ook als de initiatiefnemer er niet in slaagt om het gesprek met
De initiatiefnemer moet zijn/haar initiatief zo omschrijven en tekenen, dat de gemeente
omwonenden te voeren, moet dat met reden worden vermeld. Waar dat van toepassing
en de ‘buren’ een goede indruk krijgen van het plan en van de gevolgen voor de
is wordt de gemeentelijke Participatieverordening gevolgd. Voor plannen die grote
omgeving. Ook moet worden aangegeven hoe het plan past bij de vier ontwikkelingsprin-
gevolgen hebben in de omgeving van het initiatief, kan ook een gebiedsaanpak nodig zijn
cipes uit de Visie landelijk gebied. Zo mogelijk wordt bijgedragen aan alle vier de
((zie hoofdstuk 5). De participatie is bedoeld om inzicht te krijgen in de standpunten en
ontwikkelingsprincipes, maar in elk geval wordt ingegaan op de manier waarop het
overwegingen van de omgeving van het plan of plangebied. Instemming met het initiatief
initiatief past in het landschap.
is geen vereiste. Wel worden de reacties van de omgeving en de wijze waarop de initiatiefnemer daarmee omgaat meegewogen bij de beoordeling van het initiatief.
GIDS BUITENKANS 2022
25
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
De verkenning kan worden afgerond als voldaan wordt aan de volgende uitgangspunten:
kan het College van B&W de Gemeenteraad om haar mening vragen. Het zal altijd gaan
▬D e gemeente ziet dat het uitgewerkte initiatief voldoende duidelijk is uitgewerkt.
om een initiatief van enige omvang en complexiteit. Het College van B&W kan ervoor
▬A ls het plan past binnen de gestelde kaders (wettelijke regels, ruimtelijke kaders
kiezen om het plan te voorzien van een eigen voorstel (om al dan niet in te stemmen, of
van de gemeente, regels uit de Gids).
onder voorwaarden in te stemmen). Ook kan het de voorkeur hebben om het plan met
▬A ls participatie heeft plaatsgevonden (let op: er geldt geen vereiste dat
neutrale vraagstelling ter toetsing aan de Gemeenteraad voor te leggen. De uitkomst van
overeenstemming is bereikt).
het beraad in de Gemeenteraad zal de grondslag zijn voor het College om een principebesluit te nemen. Als de Gemeenteraad negatief oordeelt over het initiatief, zal de gemeente
Als de verkenning tot voldoende duidelijkheid heeft geleid kan de volgende stap zijn:
de initiatiefnemer adviseren om de procedure stop te zetten, dan wel om tot (ingrijpende)
de aanvraag van de omgevingsvergunning. Maar ook kan de conclusie worden
aanpassingen over te gaan.
getrokken dat het initiatief weinig kansrijk is. 4. PRINCIPEBESLUIT In de meeste gevallen zal toegewerkt worden naar een principebesluit. Bij maatwerk
Direct volgend op de verkenning (stap 2) of na toetsing bij de Gemeenteraad (stap 3)
of bij plannen waarbij de afweging van belangen complex is, kan in de volgende fase
ontvangt de initiatiefnemer van de gemeente een principebesluit. In geval de gemeente
het oordeel van de Gemeenteraad worden gevraagd.
de intentie heeft mee te werken aan het intiatief, dan ontvangt de initiatiefnemer een ‘nieuwe initiatievenbrief’. De gemeente staat in dat geval positief tegenover het voorlopig
De mogelijkheden voor een kansrijk initiatief zijn samengevat:
ontwerp, de kaders van het plan zijn in grote lijnen bekend. In de brief wordt vermeld
▬D irect voorbereiden van de vergunningaanvraag.
welke punten nog nader moeten worden uitgewerkt. De brief is een jaar geldig.
▬O pstellen van een overeenkomst met de initiatiefnemer, waarover het College
De gemeente brengt kosten in rekening voor het behandelen van het initiatief en het
van B&W een principebesluit nemen.
nemen van het principebesluit. In de brief wordt het bedrag genoemd dat de gemeente
▬B ij complexe gevallen is een toets bij de Gemeenteraad mogelijk.
vraagt van de initiatiefnemer voor het in behandeling nemen van het initiatief. De bijdrage wordt later verrekend met de exploitatiebijdrage. Binnen een jaar moet het definitieve
3. TOETS BIJ DE GEMEENTERAAD
ontwerp zijn goedgekeurd door de gemeente en de exploitatieovereenkomst zijn
Voor een initiatief waar de Gids geen eenduidig antwoord geeft over de wenselijkheid
getekend. Indien dit niet het geval is, vervalt het principebesluit tot medewerking
van het plan; de mate waarin de ontwikkelingsprincipes uit de Visie landelijk gebied
verlenen vanuit de gemeente.
in het plan zijn benut en/of over het evenwicht tussen beschermen en benutten,
GIDS BUITENKANS 2022
26
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
beoogde bouwaanvragen doet. De initiatiefnemer kan immers via de publiekrechtelijke Erfinrichtingsplan
kant (zoals op grond van het bestemmingsplan) gebruik maken van de mogelijkheden om
Het erfinrichtingsplan beschrijft:
een zorgvuldig overeengekomen resultaat na realisatie weer aan te passen of anderszins
▬D e landschappelijke situatie en verbetering van het erf.
aanvragen doet die niet passen bij de bedoeling van de regeling.
▬D e kwaliteitsinbreng voor bijvoorbeeld landschap, cultuurhistorie en ecologie. ▬D e locatie en het uiterlijk van de gebouwen en de inpassing in de erfstructuur.
Dit soort ongewenst gebruik wil de gemeenten met het afsluiten van een privaatrechtelijke overeenkomst, zo nodig met boetebeding, voorkomen. De gemeente start na ondertekening de procedure voor de herziening en stelt het bestemmings-/omgevingsplan voor de betrokken percelen bij.
5. FORMELE PROCEDURE: BESTEMMINGSPLAN OF OMGEVINGSPLAN In het geval voor de uitvoering van het initiatief een wijziging van het bestemmingsplan
Als geen wijziging van het omgevingsplan nodig of wenselijk is, kan deze stap worden
(Wet ruimtelijke ordening) of het omgevingsplan (Omgevingswet) nodig of wenselijk is,
overgeslagen en kan direct de omgevingsvergunning worden aangevraagd.
dient de initiatiefnemer bij de gemeente een verzoek in voor herziening van het omgevingsplan. Voorafgaand aan deze fase wordt een exploitatieovereenkomst en
6. UITVOERING VAN HET PLAN: VERGUNNINGVERLENING EN REALISATIE
planschadeovereenkomst opgesteld door de gemeente. De partijen gaan over op
Afhankelijk van het initiatief volgt als laatste stap in de goedkeuring van een initiatief de
ondertekening zodra de onderzoeken zijn uitgevoerd en daarmee de haalbaarheid van
vergunningverlening. De initiatiefnemer vraagt de vergunning aan en de gemeente volgt
het plan is aangetoond. Tegelijkertijd zijn de gesprekken tussen gemeente en
voor de beoordeling de procedure die wettelijk is voorgeschreven. Ook worden de van
initiatiefnemer afgerond over onder andere de invulling van de ontwikkellocatie en
toepassing zijnde gemeentelijke regels en verordeningen gevolgd. Wanneer dit niet al
het erfinrichtingsplan. Onderdeel van de overeenkomst met de initiatiefnemer is het
eerder in een overeenkomst is vastgelegd, kan het zijn dat een planschadevergoedings-
vastleggen van rechten en verplichtingen, die de initiatiefnemer heeft met het krijgen
overeenkomst deel moet uitmaken van de aan te leveren gegevens.
van goedkeuring voor een plan. De gemeente wil immers zeker stellen dat het plan wordt uitgevoerd en in stand blijft zoals is overeengekomen. Het gaat er bijvoorbeeld om dat
Als de vergunning is verleend, kan de initiatiefnemer het plan uitvoeren volgens
het erfinrichtingsplan ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd en in stand blijft. Of dat bij
de vergunning. De gemeente voert controle uit over de naleving van de
een Rood voor Rood- of Rood voor Groen -plan niet na kortere of langere tijd een beroep
vergunningvoorschriften.
wordt gedaan op de regels voor woningsplitsing, een extra bijgebouw of andere niet
GIDS BUITENKANS 2022
27
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
3. D E V I E R R E G EL I N G E N O V E R B O U W E N E N SL O P E N
wordt gesloopt in ruil voor een bouwkavel op een ontwikkellocatie. Voor de
Dit hoofdstuk bevat vier grote concrete regelingen die de gemeente heeft opgesteld
geheel wordt gesaneerd en heringericht.
sloop geldt de Sloopregeling. Daarin staat onder meer dat de slooplocatie
voor bouwen en slopen. Het gaat om de regelingen Rood voor Rood (RvR), Vrijkomende Agrarische Bebouwing (VAB), regeling voor landgoederen onder de
Een bouwkavel heeft een standaardoppervlakte van 1.000 m² en geeft recht
titel Rood voor Groen (RvG) en regeling voor Slopen. De regelingen zijn zowel op
op een woning met een inhoud van maximaal 750 m³. Afhankelijk van het
hoofdlijnen als gedetailleerd beschreven. De hoofdlijn geeft een eerste idee wat de
landschap en de structuur van het boerenerf / de locatie kan toestemming
regel inhoudt. De detaillering is nodig om vast te kunnen stellen of de gemeente in
worden verkregen voor een bijgebouw tot maximaal 100 m² per woning. Ook
principe bereid is aan een initiatief mee te werken.
kan sloop soms het recht geven om een schuur bij een bestaand woonhuis te
3.1
bouwen of een bestaand woonhuis te vergroten. Uitgangspunt is dat nieuwbouw plaatsvindt op de locatie waar de sloop
ROOD VOOR ROOD
plaatsvindt (ontwikkellocatie = slooplocatie). Uitzonderingen zijn onder voorwaarden mogelijk. Als de ontwikkellocatie een andere is dan de sloopkavel, dan gaat het om een (voormalig) boerenerf(met woonfunctie
HOOFDLIJN ROOD VOOR ROOD
of om een locatie die aansluit op een bestaande dorpskern, lintbebouwing
De uitgangssituatie is een locatie met gebouwen (schuren) in het landelijk
of stedelijke gebied. Het maken van een solitair woonhuis is uitgesloten.
gebied die niet meer in gebruik zijn voor de landbouw of een andere bedrijfstak.
Nieuwbouw bij Rood voor Rood gaat altijd om grondgebonden woningen.
De bedoelde locatie en de gebouwen hebben geen bijzondere landschappelijke
Bij de realisatie van nieuwe woningen is aansluiting met de bestaande locatie
en/of cultuurhistorische waarde. De regeling Rood voor Rood houdt in dat
van belang, een compact geheel en indien mogelijk clustering van meer
minimaal 850 m² van de niet waardevolle vrijkomende bedrijfsbebouwing
woningen in één volume.
GIDS BUITENKANS 2022
28
HOOFDSTUK
1.0
2.0
3.0
4.0
5.0
DEFINITIES
DE VERHOUDING VAN SLOOP EN NIEUWBOUW Bij clustering van verschillende nieuw te bouwen woningen hoeft naar
De Rood voor Rood-regeling biedt mogelijkheid om met de sloop van minimaal
verhouding minder sloop plaats te vinden. Altijd geldt dat door de sloop-
850 m² aan niet-waardevolle vrijkomende bedrijfsbebouwing een bouwkavel te
nieuwbouw het bouwvolume (de omvang van de gebouwen) in het landelijk
verkrijgen met een standaardoppervlakte van 1.000 m² waarop een woning met een
gebied flink afneemt en de landschappelijke, cultuurhistorische en/of
inhoud van maximaal 750 m³ kan worden gebouwd. Afhankelijk van het landschap en
ecologische waarde van het erf en de directe omgeving toeneemt. Rood voor
de structuur van het (voormalige) boerenerf / de locatie kan toestemming worden
Rood is niet bedoeld als verdienmodel: de opbrengsten van de bouwkavel
verkregen voor een bijgebouw tot maximaal 100 m² per woning. Voor bijgebouwen en
(na aftrek van kosten) moet ten goede komen van ruimtelijke kwaliteit op de
uitbreiding van een bestaande woning wordt een verdeelsleutel van 1 op 3 gehanteerd.
kavel en/of elders in het landelijk gebied.
Voor 3 m² gesloopte bebouwing mag 1 m3 bijgebouw of uitbreiding plaatsvinden. De inbreng van de sloopmeters vindt plaats volgens de sloopregeling van paragraaf 3.2.
Alle afspraken over de toepassing van de regeling worden opgenomen in een Rood voor Rood-overeenkomst tussen de gemeente en de initiatiefnemer.
SLOOPLOCATIE
Let op: voor de sloop wordt een oppervlaktemaat (m2) aangehouden; voor de
Alle voormalige bedrijfsbebouwing moet worden gesloopt. Het gaat vanzelfsprekend
bouw een inhoudsmaat (m ).
om de gebouwen die meetellen voor het sloopoppervlak. Ook de bouwwerken die
3
geen gebouw zijn en dus niet meetellen voor het sloopoppervlak, zoals sleufsilo's, mestkelders, kuilvoerplaten en erfverhardingen, moeten gesloopt worden.
De woning c.q. hoofdgebouw en karakteristieke -landschappelijk en cultuurhistorisch waardevolle- gebouwen blijven behouden. Ook erfbeplanting en andere elementen die bijdragen aan de biodiversiteit en het landschap blijven zoveel mogelijk behouden.