ENSCHEDE Gemeentebegroting 2024-2027.geamendeerd
Tekst van het document
Gemeentebegroting 2024-2027
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ...................................................................................................................................... 2 Leeswijzer............................................................................................................................................... 3 Samen trots op Enschede: Koers houden in verbinding .................................................................. 5 2. Financiële hoofdlijnen ....................................................................................................................... 9 2.1. Uitgangspunten financieel beleid ..................................................................................................... 9 2.2. Externe ontwikkelingen ................................................................................................................... 10 2.3. Geactualiseerd saldo meerjarenbegroting ..................................................................................... 11 2.4. Ontwikkelingen financiële positie.................................................................................................... 14 2.5. Strategische investeringsagenda ................................................................................................... 16 2.6.
Lopende taakstellingen en stelposten ............................................................................................ 16 2.7. Samenvatting .................................................................................................................................. 17 3. Programma's .................................................................................................................................... 18 3.1 Vitaal en sociaal .............................................................................................................................. 18 3.2 Duurzaam wonen, leven en werken ................................................................................................ 56 3.3 Samenleving en bestuur .................................................................................................................. 96 3.4 Financiën en organisatie ............................................................................................................... 117 4. Paragrafen ...................................................................................................................................... 125 4.1. Lokale heffingen ........................................................................................................................... 126 4.2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................................................. 136 4.3. Onderhoud kapitaalgoederen ....................................................................................................... 145 4.4. Financiering .................................................................................................................................. 155 4.5. Bedrijfsvoering .............................................................................................................................. 160 4.6. Verbonden partijen ....................................................................................................................... 167 4.7. Grondbeleid .................................................................................................................................. 176 4.8. Doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoeken ..................................................................... 176 4.9. Openbaarheid ............................................................................................................................... 177 4.10. Investeringen .............................................................................................................................. 182 5.
Financiële begroting ..................................................................................................................... 190 5.1. Grondslagen ................................................................................................................................. 190 5.2. Overzicht baten en lasten ............................................................................................................. 191 5.3. Uiteenzetting financiële positie ..................................................................................................... 197 5.4. Subsidies ...................................................................................................................................... 201 6. Bijlagen ........................................................................................................................................... 203 6.1. Incidentele baten en lasten........................................................................................................... 203 6.2. Staat van reserves ........................................................................................................................ 211 6.3. Staat van voorzieningen ............................................................................................................... 213 6.4.
Wat mag het kosten? .................................................................................................................... 214 6.5. Subsidies ...................................................................................................................................... 243 6.6. Meerjaren Prognose Parkeerbeheer ............................................................................................ 252 6.7. Aangenomen moties en amendementen ..................................................................................... 254 6.8. Sustainable Development Goals .................................................................................................. 256 6.9. Afkortingenlijst .............................................................................................................................. 257 6.10. Middelenkader Zomernota 2023 ................................................................................................ 260
blz. 2 (van 287)
Leeswijzer Voor u ligt de Gemeentebegroting 2024-2027. De gemeentebegroting is een belangrijk sturingsinstrument voor de raad en is het richtinggevend kader voor het college voor de ontwikkeling en uitvoering van beleid in het komende begrotingsjaar.
Opbouw Gemeentebegroting 2024-2027 van de gemeente Enschede De gemeentebegroting bestaat uit een beleidsdeel en een financieel deel. Beleidsbrief De belangrijkste beleidsmatige en financiële ontwikkelingen voor de periode 2024-2027 zijn in de beleidsbrief weergegeven. Deze brief vormt hiermee een samenvatting en een startpunt voor de lezer/gebruiker. Middelenkader Het financieel middelenkader (hoofdstuk 2) is gebaseerd op de financiële foto die aan de raad is toegestuurd. In dit hoofdstuk wordt het financieel middelenkader nader toegelicht. Programmabijdragen De programmabijdrage (hoofdstuk 3) is opgebouwd uit vier inhoudelijke programma’s. Binnen deze inhoudelijke programma’s wordt gewerkt aan strategische opgaven. De structuur voor de inhoudelijke programma's is opgebouwd volgens de 3 W-vragen, te weten: • • •
Wat willen we bereiken? Wat gaan we ervoor doen? Wat mag het kosten?
Paragrafen De paragrafen (hoofdstuk 4) bevatten de beleidslijnen over een aantal programmaoverstijgende onderwerpen, zoals de lokale heffingen. Ze vormen een dwarsdoorsnede van de programma’s. Met de onderwerpen die in de verschillende paragrafen aan bod komen, zijn vaak aanzienlijke bedragen gemoeid. Hiermee geven ze extra inzicht in de financiële positie van de gemeente Enschede. Financiële begroting De financiële begroting (hoofdstuk 5) bestaat uit het overzicht van baten en lasten, de uiteenzetting van de financiële positie en de subsidies. Het overzicht van baten en lasten geeft inzicht in de algemene dekkingsmiddelen, de gemeentelijke overhead, de incidentele baten en lasten en de taakvelden. In de uiteenzetting van de financiële positie komen de geprognosticeerde balans aan de orde, evenals de meerjarige berekening van het EMUsaldo, het verloopoverzicht van de reserves en voorzieningen, de investeringen en de arbeidsgerelateerde kosten. De gemeentebegroting is opgesteld in duizendtallen. Als gevolg van afrondingen kan het voorkomen dat er kleine verschillen voorkomen in de tellingen van baten en lasten. Bijlagen De bijlagen (hoofdstuk 6) geven detailinformatie over onder andere de incidentele baten en lasten, reserves, voorzieningen en investeringen .
blz. 3 (van 287)
Indicatoren In de begroting werken we in de basis met effectindicatoren. Met de indicatoren houden we in de gaten of we de effecten bereiken die we nastreven bij de opgaven van onze stad. Deze opgaven zijn lange termijn opgaven die we niet alleen kunnen bereiken. De indicatoren in de begroting laten, waar mogelijk, de realisatie vanaf 2018 zien en streefwaarden voor minstens 4 jaar vooruit. We zien de opgave “open Enschede” als een waarde-gedreven opgave. Binnen deze opgave koppelen we geen streefwaarden aan de indicatoren. Leesbaarheid In de gemeentebegroting 2024-2027 is gebruik gemaakt van een aantal grafische toepassingen om de leesbaarheid te vergroten. Ook is gebruik gemaakt van mouse-overs en hyperlinks. De mouse-overs zijn in de gemeentebegroting gebruikt om definities en toelichtingen op gebruikte termen toe te voegen. Een mouse-over is een webbased toepassing en werkt daarom alleen op het internet. In versies van de gemeentebegroting in Word of Adobe Acrobat Reader werken mouse-overs niet. Daarnaast zijn hyperlinks toegepast. Hyperlinks leiden de lezer door naar onderliggende stukken, behorend bij het onderwerp. Hyperlinks werken, in tegenstelling tot mouse-overs, wel in de versies van de gemeentebegroting in Word of Adobe Acrobat Reader.
Tot slot hebben raadsleden bij de gemeentebegroting 2024 de mogelijkheid om informatie of bevindingen over de gemeentebegroting onderling met elkaar te delen via de website. Ook is het mogelijk om informatie te delen via LinkedIn updates of binnen een door de gebruiker zelf gekozen (afgeschermde) gebruikersgroep.
blz. 4 (van 287)
Samen trots op Enschede: Koers houden in verbinding We werken aan Enschede op grote en op kleine schaal: Toptechnologische ontwikkelingen zijn net zo nodig voor een goede toekomst als aantrekkelijke wijken met wijkgebouwen, nabije voorzieningen en groenblauwe projecten. We hebben aandacht voor zowel de grote als kleine schaal van Enschede. De afgelopen jaren hebben we samen mooie dingen bereikt en in gang gezet. Tegelijk blijft er altijd werk te doen. Met handel, advies & onderzoek, gezondheidszorg en onderwijs als grootste sectoren heeft Enschede een goede economische basis. Dit zijn belangrijke banenmotoren voor onze stad. Die moeten we vasthouden en uitbreiden. Dat doen we door in te zetten op waar we sterk in zijn: technologie, waar startups en scale-ups zich kunnen ontwikkelen. We werken samen met bijvoorbeeld de Twenteboard en de stad Munster aan versterking van de chip-, medische- en energietechnologie. Daarnaast speelt de (digitale) creatieve sector een belangrijke rol in de innovatiekracht van Enschede. Om antwoord te geven op grote vragen, is anders denken over vraagstukken een voorwaarde. Om innovatie op gang te helpen en te houden, werken we samen met een grote reeks partijen en partners in onze gemeente. Voorbeelden zijn de woningbouwcorporaties en de Twente Board, maar ook de inzet van ervaringsdeskundigen en inwoners helpt daarbij.
Alleen op die manier kunnen we antwoord geven op de vragen van de toekomst. Deze begroting wordt in de gemeenteraad besproken, kort voor de Tweede Kamerverkiezingen plaats hebben. We weten niet of het volgende kabinet de financiële koers van het huidige kabinet voortzet. Als dat zo is, dan ontkomen wij er niet aan om bij de zomernota van 2024 scherpe keuzes aan de gemeenteraad voor te leggen. Daar komt bij dat we niet uitsluiten dat onze keuzes en mogelijkheden uiteindelijk mede worden bepaald door krapte op de arbeidsmarkt in brede zin. Kort gezegd: We bevinden ons in een periode van veel onzekerheden en onvoorspelbaarheid. Juist in die woelige (financiële) omstandigheden is het zaak om als bestuur koers te houden. We bouwen door aan en in onze stad Eén van de pijlers onder het coalitieakkoord in Enschede is dat we alles doen om verder te bouwen aan Enschede, in alle opzichten. Dat vraagt om wendbaarheid en keuzes. We kiezen met zorg de dossiers waar we onze inzet op plegen: de ontwikkeling van het nieuwe zwembad, de samenwerking in de Spoorzone Hengelo-Enschede, het ondersteunen van jongeren en gezinnen en menselijke maat. Ook in het brede asielvraagstuk hebben we als grootste stad van Overijssel onze verantwoordelijkheid genomen. Datzelfde geldt voor de discussie rond de ijsbaan. We zijn zelfbewust: wat we doen, doen we goed en passend bij onze stad en haar inwoners.
Bij de presentatie van de zomernota 2023 was onze boodschap dat we werken aan een stad die ook voor toekomstige generaties aantrekkelijk is om in te wonen, werken en recreëren. Waar genoeg woningen zijn, het ook bij warm weer fijn vertoeven is, het verkeer veilig is en het culturele aanbod aantrekkelijk. Daar hoort bij dat we keuzes moeten maken; geld valt maar één keer uit te geven en schaarse (ambtelijke) capaciteit zal gericht voor de stad moeten worden ingezet. Dat geldt ook in bijvoorbeeld de bouw, de zorg en de IT. We voelen ons medeverantwoordelijk om dat verstandig te doen. De viering van 700 jaar Enschede komt langzamerhand dichterbij. De voorbereidingen zijn gestart. Het moet een feest worden van en voor Enschede, met blijvende herinnering aan dit bijzondere jaar. Ook als we terugblikken bouwen we aan de toekomst. De strategische investeringsagenda en het bijbehorende investeringsfonds is ingericht om er ook voor de toekomst voor te zorgen dat Enschede een aantrekkelijke woon-, werk- en leefomgeving blijft. Deze coalitieperiode werken we aan het verder structureel financieren van deze strategische investeringsagenda. Daarbij zoeken we succesvol verbinding met
blz. 5 (van 287)
geldstromen van provincie, Rijk of Europa. Onze plannen worden ook daar positief beoordeeld. Niet alleen via de strategische investeringsagenda dragen we bij aan een fijne stad. Dat doen we in de volle breedte van wat we doen in alle delen van Enschede. De Omgevingsvisie voor Enschede, waaraan op dit moment de laatste hand wordt gelegd, geeft richting aan de vraagstukken binnen de fysieke leefomgeving van onze stad. De Omgevingsvisie maakt ook een koppeling met de sociale opgaven waar wij voor staan. Bijvoorbeeld door het bevorderen van een gezonde levensstijl en sociale cohesie met openbaar groen. Dat nodigt uit om te bewegen en ontmoeten. In 2024 start de uitvoering van het groenambitieplan Enschede, met als uitgangspunt: Enschede als ‘één groot, groen park’. Hittestress en regenwater zijn zorgen waar Enschede ook voor de toekomst oplossingen voor moet vinden; we ondervinden overlast bij grote regenbuien en zijn de eerste regio met code rood vanwege (drink)watertekort. Dit probleem biedt ook kansen voor mooie projecten, zoals bijvoorbeeld groen-blauw Twekkelerveld. Verbindingen tussen landelijk gebied en bebouwde omgeving krijgen speciale aandacht. Ook veiligheid speelt een cruciale rol in de beleving van een veilige stad. Daarom besteden we steeds meer aandacht aan de verbinding tussen veiligheid en andere thema’s, zoals zorg.
Door logische combinaties te maken, kunnen we maatschappelijke problemen in gezamenlijkheid aanpakken. Op het gebied van sociale voorzieningen willen we ons richten op het welzijn van onze inwoners door middel van vitaliteitsprogramma's en investeringen in onderwijs. We streven ernaar om in deze woelige tijden vast te houden aan onze koers en te blijven investeren. Dit doen we vanuit een heldere visie over welke stad we willen zijn. De woningnood vraagt om oplossingen die ons op korte termijn, voor langere tijd vooruit helpen. Daarom is tempo maken en behouden rond dit vraagstuk cruciaal. Er zijn extra middelen beschikbaar om huisvesting van aandachtsgroepen te versnellen. Naast het toevoegen van meer woningen is vooral ook het duurzaam maken van woningen gericht op tegengaan van energiearmoede (bijvoorbeeld in Twekkelerveld en de zuidwijken)een belangrijk punt. Dit draagt bij aan de bestaanszekerheid. We zien onze rol als overheid veranderen De rol van de overheid is voortdurend in verandering, dat vraagt ook iets van de manier waarop wij naar de stad kijken. Het bieden van ruimte aan verschillende ervaringen, verhalen en behoeften helpt bij het ontwikkelen van passend beleid en passende voorzieningen. Ondanks de financiële risico's die we voor ons zien, zoals de stijgende bouwkosten, stijgende loonkosten en rente, zijn we toch van plan om te blijven investeren.
We realiseren ons dat het doen van goede dingen keuzes met zich meebrengt en dat er aandacht nodig is voor onze gemeentelijke organisatie. Daar komt bij dat de goede dingen doen voor de stad, vraagt om steeds verder gaande integraliteit. Er zijn dus meer mensen binnen én buiten de organisatie nodig om tot goede plannen te komen. Als het gaat over kansengelijkheid en onze inclusieve visie, is er nog werk aan de winkel. Zowel voor ons als gemeente als voor de samenleving in brede zin. Er zijn helaas nog teveel jongeren die hulp nodig hebben en gebruik moeten maken van jeugdzorg. Ook is er een grote groep inwoners die te maken heeft met zorgen rond bestaanszekerheid. De groep mensen die hulp nodig heeft groeit, dat is een van de bijwerkingen van de stijgende inflatie. Het is een opgave waar we als samenleving samen voor staan. We gaan uit van de menselijke maat en blijven dat doen. We zien dat onze inwoners dit merken in onze dienstverlening; we zorgen dat mensen die het nodig hebben ook worden geholpen. Dat gaat om een brede groep; zowel op inkomen als (jeugd)zorg. Op dit moment helpen we meer jongeren en gezinnen dan ooit. Des te belangrijker is het dat zo helder mogelijk is waar mensen terecht kunnen en welke hulp ze mogen verwachten.
blz. 6 (van 287)
Deze begroting legt een vergrootglas op de ambities op een klein deel van onze taken. Veel meer dan wat in deze begroting naar voren komt, besteden onze ambtenaren energie aan zogenaamde ‘reguliere taken’. Dienstverlening die met zorg wordt uitgevoerd door grote delen van onze organisatie, die lang niet altijd bij naam genoemd worden. We zien dat het aantal taken voor gemeenten de afgelopen jaren is gegroeid en dat de intensiteit van die taken is toegenomen. Dat zorgt voor werkdruk bij medewerkers. Ook de grote uitstroom van personeel door pensionering en de krapte op de arbeidsmarkt dragen daaraan bij. Met name de vergrijzing kan voor de gemeente in de toekomst leiden tot additionele kosten. Dat is een tendens die ook bij andere organisaties in onze Nederlandse economie in toenemende mate waarneembaar is. De houding van het Rijk draagt niet bij aan een solide toekomstplan Het kabinet Rutte IV heeft besloten dat gemeenten in totaal 3 miljard euro minder te besteden krijgen vanaf 2026. Dat betekent voor Enschede dat we ongeveer 30 miljoen euro per jaar minder kunnen uitgeven, wat in de jaren daarna nog verder oploopt. Daar komt bij dat gemeenten extra taken hebben gekregen als het gaat om vluchtelingen- en asielopvang of de afhandeling van de toeslagenaffaire. Bovendien is er sprake van een fors aantal openeinderegelingen.
Ook het aantal wetten waaraan gemeenten moeten voldoen neemt toe, bijvoorbeeld de wet open overheid, AVG, omgevingswet of de klimaatwet. Enschede ziet zichzelf, net als andere gemeenten, steeds meer voor een onuitvoerbare opdracht gesteld als de door het Rijk voorgenomen bezuinigingen daadwerkelijk doorgaan. Er wordt intensief gelobbyd op dit punt, maar het Rijk geeft nog geen blijk van hernieuwde inzichten. De hoop is nu gevestigd op het nieuw te vormen kabinet. Waarbij we gemeenten als cruciale spil zien in de uitvoering van plannen. Dat maakt dat wij ons, ook in deze woelige tijden, blijven inzetten voor onze prachtige gemeente.
blz. 7 (van 287)
blz. 8 (van 287)
2. Financiële hoofdlijnen In dit hoofdstuk wordt het middelenkader gepresenteerd voor de periode 2024 t/m 2027. Er is voor gekozen om de opzet van dit hoofdstuk enigszins aan te passen ten opzichte van voorgaande jaren. In 2.1 zijn de uitgangspunten opgenomen op basis waarvan deze begroting is opgesteld. In 2.2 zijn belangrijke externe ontwikkelingen toegelicht. In 2.3 is op verzoek van de rekeningencommissie de tabel met het middelenkader voor de komende jaren anders opgezet. We laten duidelijker zien welke punten al in de zomernota waren opgenomen en welke mutaties er tussen de zomernota en de begroting nog zijn doorgevoerd. In 2.4 is een bredere uiteenzetting opgenomen van hoe we er financieel voorstaan op basis van een overkoepelende analyse van onze financiële kengetallen. In 2.5 is nog een kort overzicht opgenomen van de projecten waartoe in het voorjaar is besloten deze te financieren uit de investeringsagenda. 2.6 geeft nog een overzicht van openstaande taakstellingen en stelposten. In 2.7 is een samenvatting opgenomen van de financiële hoofdlijnen.
2.1. Uitgangspunten financieel beleid Voor de begroting 2024 hebben we de volgende grondslagen en uitgangspunten gehanteerd: Omschrijving
Grondslag
1. Lonen en sociale lasten - indexatie 2024
4,2%
2. Prijzen - indexatie 2024
3,9%
3. Algemene uitkering
Meicirculaire 2023
4. Onroerendzaakbelasting
4,3% meer opbrengsten
5. Overige lokale heffingen: - Afvalstoffen- en rioolheffing - Overige heffingen
Kostendekkend - Zie paragraaf 4.1 Lokale heffingen - Kostendekkend
6. Omslagrente
1,5%
Toelichtingen: •
•
•
1 en 2 - Bij het opstellen van de begroting voor het komend jaar moet ook rekening worden gehouden met de stijging van lonen en sociale lasten. Er is nog geen nieuwe CAO voor gemeenten afgesloten. Daarom moet een inschatting worden gemaakt. We sluiten normaliter aan bij de inschattingen die in het Centraal Economisch Plan (CEP) in het voorjaar worden gedaan. Het Rijk hanteert dezelfde percentages om te bepalen welke prijsindexatie op het gemeentefonds toe te passen. Voor 2024 houdt het CEP rekening met 3,9% prijsontwikkeling en 5,2% loonontwikkeling. Dit jaar besluiten wij daar toch enigszins van af te wijken omdat we het niet opportuun vinden om op voorhand zo’n hoge loonontwikkeling te begroten. Vandaar dat is gerekend met 4,2% loonontwikkeling. 3 – Conform de financiële verordening is de begroting gebaseerd op de meicirculaire van dit jaar en alle circulaires daarvoor. De septembercirculaire 2023 wordt niet meegenomen en pas verwerkt bij de volgende zomernota. Hierdoor sturen we nog slechts 1 keer per jaar bij op het saldo van alle circulaires die in een jaar uitkomen. Dat geeft rust in het bestuurlijke proces. 4 - Normaliter wordt de OZB elk jaar geïndexeerd op basis van de inflatie die voorzien wordt in het Centraal Economisch Plan. Voor 2024 zou de indexatie dan
blz. 9 (van 287)
•
•
5,9% zijn. In het coalitieakkoord is opgenomen dat we terughoudend omgaan met belastingverhogingen. Daarom wordt de OZB indexatie gebaseerd op de gemiddelde inflatie over 4 jaren, zijnde 4,3%. 5 - De tarieven voor leges en retributies (onder andere afval en riool) worden bepaald op grond van de begrote kosten en de afgesproken 100% kostendekkendheid. De tariefaanpassingen zijn daarmee een resultante van de kostenontwikkelingen. 6 – De omslagrente is de gemiddelde rente van de leningen die we als gemeente hebben aangetrokken en die aan investeringen in rekening wordt gebracht. Ondanks de gestegen rente kunnen we de omslagrente nog steeds gelijk houden op 1,5%. Dit komt doordat de gemiddelde rente van onze leningenportefeuille laag is en er voorlopig geen nieuwe leningen aangetrokken worden.
2.2. Externe ontwikkelingen Nog meer dan andere jaren is deze begroting tot stand gekomen in tijden van flinke financiële onzekerheid. Als gevolg van de oorlog in Oekraïne is de inflatie fors opgelopen. Dat merken we als gemeente ook en veel van de financiële knelpunten in deze begroting zijn hier dan ook aan gerelateerd. In vele sectoren worden lonen verhoogd om het koopkrachtverlies te compenseren. Dat leidt opnieuw tot prijs- en tariefstijgingen. Centrale banken hebben daarop rentestanden verhoogd om de inflatie te remmen. Mede daardoor is de economie in een (lichte) economische recessie terecht gekomen. In tegenstelling tot voorgaande recessies blijft de werkeloosheid tot op heden wel laag. Dit als gevolg van de krappe arbeidsmarkt. Hoe de inflatie, lonen, rente en economie zich verder zullen ontwikkelen is nog onzeker maar heeft grote invloed op de gemeentefinanciën. Daarnaast is deze zomer ook het kabinet gevallen. Nieuwe verkiezingen vinden pas plaats op 22 november 2023. Voordat een nieuw kabinet is gevormd en de nieuwe landelijke koers bekend is zijn we een hele tijd verder. Gemeenten weten in die tijd niet zo goed met welke inhoudelijke koers vanuit Den Haag rekening te houden. Bijvoorbeeld op terreinen als de uitwerking van de hervormingsagenda jeugd, asielopvang en de landelijke vreemdelingenvoorziening, woningbouw, energietransitie, etc.
Duidelijk is dat er grote hervormingen nodig zijn rondom opgaven op het gebied van zorg, vergrijzing en klimaat maar dat de concrete uitwerking daarvan nu is vertraagd. Daarnaast is ook grotendeels alles wat met gemeentefinanciën te maken heeft controversieel verklaard. Dat betekent dat dit onderwerp pas weer op de agenda van de Tweede Kamer komt als er een nieuw kabinet is aangetreden. Het huidige kabinet heeft bij haar aantreden een uitname uit het gemeentefonds gedaan van omstreeks 3 miljard euro vanaf 2026. Dit bovenop de opschalingskorting van 675 miljoen euro die in het verleden onterecht door het Rijk is toegepast en waarmee ook al een greep in het gemeentefonds is gedaan. Per saldo betekent dit voor Enschede dat we ongeveer 30 miljoen euro per jaar minder besteedbaar hebben. Daarbij kiest het Rijk er ook steeds vaker voor om middelen niet vrij besteedbaar via de algemene uitkering te verdelen, maar in plaats daarvan geoormerkt via specifieke uitkeringen. Tegelijkertijd wordt van gemeenten wel verlangd dat ze steeds meer taken oppakken. Denk aan asielopvang, opvang Oekraïne of afhandeling toeslagenaffaire. Ook moeten gemeenten aan steeds meer wettelijke verplichtingen voldoen, zoals de wet open overheid, AVG, omgevingswet of de klimaatwet. Meer doen met minder middelen. Gemeenten zien zichzelf dan ook voor een onuitvoerbare opdracht gesteld.
Daarop werd al een intensieve lobby richting het Rijk gevoerd. Vooralsnog heeft het Rijk nog niet thuis gegeven en hebben gemeenten grote onzekerheid over waar ze aan toe zijn. Door de val van het kabinet zal het helaas nog een tijd duren voordat duidelijk wordt hoe het met de ontwikkeling van het gemeentefonds verder gaat.
blz. 10 (van 287)
Ondertussen is er een rapport uitgekomen van de landelijke werkgroep begrotingsruimte. Deze ambtelijke werkgroep adviseert over de hoofdlijnen van het begrotingsbeleid en de begrotingsregels voor de aankomende kabinetsperiode. De werkgroep heeft te kennen gegeven dat het nieuwe kabinet richting 2028 structureel 17 miljard euro in de begroting moet vinden. Dit om het begrotingstekort terug te dringen en de overheidsschuld te laten stabiliseren onder Europese normen. Dit vraagt om forse bezuinigingen of belastingverhogingen op rijksniveau. Aanvullend moet het nieuwe kabinet ook grote hervormingen doorvoeren op zorg, vergrijzing en klimaat omdat anders de uitgaven op deze terreinen de komende jaren steeds meer begrotingsruimte opsouperen. In welke mate het nieuwe kabinet dit daadwerkelijk oppakt en wat daarvan de consequenties voor gemeenten zullen zijn is nog niet in te schatten. Mogelijk maakt deze financiële opgave bij het Rijk de lobby rondom de middelen in het gemeentefonds wel complexer. Hoe dan ook blijven we ons proactief inzetten op deze lobby via de diverse netwerken waarin we vertegenwoordigd zijn. Het Rijk zal met water bij de wijn moeten komen anders kunnen gemeenten een deel van hun taken niet meer uitvoeren.
2.3. Geactualiseerd saldo meerjarenbegroting Hieronder is het saldo middelenkader gepresenteerd voor de periode 2024 t/m 2027. De opbouw is enigszins aangepast ten opzichte van voorgaande jaren. Dit naar aanleiding van het verzoek van de rekeningencommissie om duidelijker te laten zien welke mutaties na de zomernota zijn doorgevoerd. Middelenkader 2024-2027 (x 1 miljoen euro)
2024
2025
2026
2027
A. Saldo Gemeentebegroting 2023-2026
4,0
13,8
-14,1
-14,1
B. Gemeentefonds
8,7
19,0
21,5
13,2
C. Loon- en prijscompensatie 2024
-0,3
-0,2
0,1
-0,2
D. Knelpunten
-23,6
-23,3
-23,7
-23,7
E. Prioriteiten
-5,6
-9,3
-7,7
-8,1
F. Meevallers/scherpe keuzes
14,7
3,8
2,7
3,3
G. Lokale heffingen
2,4
2,4
2,4
2,4
H. Saldo Zomernota 2024-2027*
0,4
6,3
-18,8
-27,1
I. Amendementen/moties Zomernota 2024-2025
-0,3
-0,1
-0,1
-0,1
J. Knelpunt onderzoek reële prijzen Jeugd en Wmo
-4,9
-4,9
-4,9
-4,9
0
0
9,6
15,3
L. Saldo Gemeentebegroting 2024-2027
-4,7
1,3
-14,2
-16,8
M. Structureel saldo
4,3
9,7
-8,6
-12,5
N. Weerstandsratio
1,40
1,40
1,14
0,82
K. Fout verwerking circulaires
Ten opzichte van de zomernota hebben zich enkele mutaties voorgedaan die de budgettaire saldo’s 2024 t/m 2027 hebben beïnvloed. Zo zijn de amendementen en enkele moties uit de zomernota verwerkt in het middelenkader. Tevens is het risico “onderzoek reële prijzen WMO en Jeugd” dat is gemeld in de zomernota inmiddels tot een knelpunt verworden. Ook is een fout geconstateerd in de verwerking van circulaires die tot een meevaller vanaf 2026 leidt. Als laatste zijn de amendementen drugsbestrijding en woonoverlast verwerkt als balansmutaties. Daarbij is geld van de algemene reserve in 2 bestemmingsreserves gezet. Dit heeft het begrotingssaldo niet beïnvloed maar de weerstandsratio wel.
blz. 11 (van 287)
Te zien is dat het begrotingssaldo voor 2024, in tegenstelling tot de situatie bij de zomernota, flink negatief is. Er is voor gekozen om hier op dit moment niet op bij te sturen. Enerzijds omdat onze reservepositie robuust is en een negatief saldo over 2024 daarin op te vangen is. Anderzijds ook omdat ons structurele begrotingssaldo voor 2024 nog positief is. Het structurele begrotingssaldo laat alle incidentele baten en lasten buiten beschouwing en wordt als belangrijkste kengetal gebruikt door de provinciale toezichthouder. Het is de verwachting dat de voorliggende begroting niet zal leiden tot een verzwaard toezicht regime vanuit de provincie. Voor de periode 2026 en verder geldt dat sprake is van een aanzienlijk negatief begrotingssaldo. Dit wordt veroorzaakt door de korting die het huidige kabinet vanaf 2026 (zogenoemde ravijnjaar) op het gemeentefonds heeft toegepast. Gemeenten verzetten zich hier nog steeds stevig tegen. In VNG verband is dan ook afgesproken om de tekorten van 2026 expliciet te presenteren en hier nog niet op bij te sturen. Daarmee ondersteunen wij de landelijke lobby. Gezien de demissionaire status van het kabinet is het de verwachting dat er nog wel enige tijd onduidelijkheid zal zijn over de ontwikkeling van het gemeentefonds vanaf 2026. Tevens ligt er voor het Rijk inmiddels ook een flinke financiële opgave op tafel.
Daarom achten we het wel verstandig om richting de komende zomernota 2024 wel de beïnvloedbaarheid van posten in onze begroting in beeld te gaan brengen. Toelichtingen: •
•
•
•
A – Bij de vorige begroting was er voor 2024 nog sprake van een positief begrotingssaldo, maar was vanaf 2026 al reeds sprake van een groot structureel tekort. Dit als gevolg van de uitname uit het gemeentefonds door het huidige kabinet. Destijds was al besloten hier vooralsnog niet op bij te sturen. B – Bij de zomernota is het integrale effect van de september- en decembercirculaire 2022 en de meicirculaire 2023 doorgerekend. Deze circulaires pakken per saldo aanzienlijk positief uit. Opgemerkt wordt dat het hier vooral gaat om een sterk toegenomen compensatie voor loon- en prijsstijgingen in het gemeentefonds. Daar staan aan de andere kant ook flinke knelpunten tegenover doordat gemeenten aan de kostenkant de nadelen van de sterk toegenomen inflatie ondervinden. Na de zomernota is gebleken dat voor 2026 en verder een fout is gemaakt in de verwerking van circulaires waardoor de bedragen die hier staan niet juist zijn. Dit is hersteld en wordt nader toegelicht bij K. C – Voor 2024 wordt rekening gehouden met flinke prijsontwikkeling (3,9%) en loonontwikkeling (4,2%). Dit zorgt voor een flinke toename in de lasten. Gelukkig is hiervoor dekking beschikbaar in de stelpost en egalisatiereserve loonprijscompensatie die we de afgelopen jaren hebben voorzien in de begroting.
In jaren dat de inflatie laag is zetten we middelen opzij om nadelen op te vangen in de jaren met een hoge inflatie. Kijkend naar de stand van de stelpost en egalisatiereserve loon-prijscompensatie moet de inflatie zich na 2024 wel weer normaliseren om dit in de begroting op te kunnen vangen. D – De omvang van de knelpunten in deze zomernota was ongekend hoog. Een groot deel van de knelpunten is ontstaan door de hoge inflatie van de afgelopen jaren. Andere knelpunten zijn gerelateerd aan volumeontwikkeling. Met name bij jeugd en WMO zien we daardoor een toename in de kosten. Ook zijn er diverse knelpunten die gerelateerd zijn aan personeel. Deze zijn onontkoombaar vanuit extra (wettelijke) taken of eerder genomen raadsbesluiten. In de bijlagen is een overzicht opgenomen van de knelpunten die met deze zomernota en begroting zijn verwerkt.
blz. 12 (van 287)
•
•
•
•
E – Bij de zomernota zijn ook onderwerpen opgenomen die door raad en het college bestempeld zijn als prioritair. Met deze onderwerpen werken we aan onze maatschappelijke en strategische opgaven rondom een inclusief, groen en duurzaam, aantrekkelijk en open Enschede. Zo gaat fiks geïntensiveerd worden op kansengelijkheid, cultuur- en evenementenbeleid, ons groenambitieplan, verkeersveiligheid en het verstevigen van participatie. Ook is budget vrijgemaakt voor het vieren van 700 jaar Enschede. In de bijlagen is een totaaloverzicht opgenomen. F – In de zomernota zijn ook enkele meevallers en scherpe keuzes opgenomen. Zo worden middelen uit de reserve Jeugdhulp ingezet om knelpunten op die terreinen mee af te dekken. Ook is er sprake van een vrijval van overgebleven middelen uit het noodfonds energie. Aanvullend is gekeken naar waar de laatste jaren in de begroting sprake was van onderuitputting en is zodoende financiële ruimte ingeleverd bij de sociale werkvoorziening en op de regiotaak beschermd wonen. Een andere scherpe keuze die is gemaakt is het schrappen van de post onvoorzien van 2 miljoen euro uit de begroting. We zien dat we deze de afgelopen jaren niet nodig hebben gehad en er vaak eind van het jaar sprake was van een beter dan verwacht jaarresultaat. We kiezen met het schrappen van deze post er bewust voor offensiever te begroten.
In de bijlagen is een totaaloverzicht opgenomen. G – Elk jaar actualiseren we de geprognosticeerde inkomsten voor lokale belastingen. Bij de precariobelasting en toeristenbelasting zien we op basis van realisatie van afgelopen jaren dat een toename in inkomsten begroot kan worden. Aanvullend wordt elk jaar ook een keuze gemaakt welke indexatie toe te passen op de lokale belastingen. Dit jaar verhogen we de OZB inkomsten niet met de werkelijke inflatie om de lastenverzwaring voor burgers en bedrijven beperkt te houden. I - Bij de behandeling van de zomernota zijn enkele amendementen en moties door de raad aangenomen. De amendementen zijn verwerkt in het begrotingssaldo. We constateren dat in enkele aangenomen moties ook is opgeroepen om al in de begroting 2024 budget beschikbaar te stellen en dit te dekken uit het positieve begrotingssaldo. Daarbij wordt dan opgeroepen om voor de structurele kosten naar dekking op zoek te gaan. Technisch gezien zou gesteld kunnen worden dat deze moties voor het deel dat oproept om budget voor 2024 beschikbaar te stellen als amendement te beschouwen zijn. Vandaar dat het college voor deze moties ook al de budgetten voor in ieder geval 2024 heeft opgenomen. Meerjarige dekking zal meelopen bij het afwegingsproces bij de volgende zomernota. Dit leidt tot onderstaande toevoegingen. In de bijlagen zijn deze onderwerpen ook kort toegelicht.
De uitvoering van de motie “minder meer managers” vraagt om meer tijd. We willen graag met uw raad in gesprek over de achtergronden van de motie. Een gesprek over de staat van de organisatie vindt plaats in de Kamer Bestuur en Middelen van 16 oktober aanstaande. Na de bijeenkomst zal beter inzicht zijn in de uitvoerbaarheid van de motie.
Middelenkader Amendementen/Moties (x 1.000 euro)
2024
Tramamendement
60
Behoud studentenambtenaren
50
Vrijetijdseconomie
75
Crossbos Helmerhoek
30
Handgeld Citymarketing
30
Behoud Stichting 55+
30
Saldo amendementen/moties Zomernota 2024-2027
275
blz. 13 (van 287)
2025
2026
2027
50
50
50
50
50
50
•
•
J - Voor de zomer hebben wij u hierover reeds via een raadsbrief geïnformeerd, nog zonder exacte bedragen te weten. Naar huidig inzicht zijn de hieruit voortvloeiende extra lasten van zo’n 4,9 miljoen euro naar verwachting juridisch afdwingbaar. Vandaar dat wij voorstellen om deze meer-lasten in de begroting op te nemen. Achtergrond van dit knelpunt ligt in het eenzijdig verlengen van de contracten voor de regionale inkoop van Jeugdhulp en Wmo-begeleiding. Daar is nader onderzoek naar uitgevoerd. De uitkomsten daarvan geven aan dat een deel van de actuele tarieven als niet reëel moet worden beschouwd en een aanpassing noodzakelijk is. Momenteel, september 2023, wordt nader onderzoek gedaan naar de productiviteit binnen de WMO en het pedagogisch klimaat binnen de tarieven voor wonen en verblijf van jeugdhulp. De verwachting is dat de uitkomsten eind september beschikbaar zijn. Per saldo geeft dit naar verwachting een financieel effect van 4,9 miljoen euro structureel. Opgemerkt wordt dat er daarnaast nog aanvullende financiële risico’s zijn doordat nog steeds stijgende lonen en prijzen in het sociaal domein worden gesignaleerd. Aangezien daar nog onzekerheid over bestaat en deze risico’s zich over de gehele begroting voordoen is dit nu niet voorzien in het middelenkader.
Wel is de paragraaf weerstandsvermogen hiermee aangescherpt K – Na de behandeling van de zomernota is gebleken dat bij de verwerking van de circulaires fouten zijn gemaakt. Deze zijn 2-ledig. Allereerst hadden we nog 9,6 miljoen euro op een stelpost in de begroting staan die is gerelateerd aan de reparatie van 1 miljard die het Rijk heeft gedaan op de eerdere uitname van 4 miljard euro uit het gemeentefonds. Doordat het Rijk dit bedrag eerst incidenteel voor slechts 1 jaar beschikbaar stelde hebben wij ervoor gekozen dit niet in het meerjarige middelenkader op te nemen. Later heeft het Rijk besloten dit bedrag structureel beschikbaar te maken en hebben wij per abuis de middelen die op de stelpost stonden niet vrij laten vallen ten gunste van het structurele middelenkader. Daarnaast is het positieve saldo van de septembercirculaire 2022 voor 2027 en verder niet meegenomen in het laatste jaar van de meerjarenraming. Beide effecten zorgen voor een positieve bijstelling van het saldo gemeentefonds voor 2026 en 2027 ev. van resp. 9,6 mln. en 15,3 mln.
2.4. Ontwikkelingen financiële positie Om te beoordelen of onze financiële positie voldoende weerbaar en houdbaar is gebruiken we een brede set financiële kengetallen. Hieronder zijn deze opgenomen en geven we een samenvattende beoordeling. Financieel kengetal
Signalering
2024
2025
2026
2027
A. Weerstandsratio
<0,8
1,40
1,40
1,14
0,82
B. Netto schuldquote
>130%
35%
44%
46%
43%
C. Solvabiliteitsratio
<20%
28%
29%
31%
30%
D. Grondexploitatie
>35%
2%
2%
2%
2%
E. Structurele exploitatieruimte
<0%
0,5%
1,1%
-1,0%
-1,5%
F. Belastingcapaciteit
>105%
107%
107%
106%
105%
G. Netto investeringsquote
<0% of >5%
2,7%
4,9%
5,9%
2,7%
Toelichtingen: •
A – De weerstandsratio bekijkt of er voldoende reserves achter de hand zijn om incidentele tegenvallers op te vangen? Een lage weerstandsratio kan betekenen dat
blz. 14 (van 287)
•
•
•
•
•
•
de gemeente in het geval een financiële tegenvaller deze niet op kan vangen. In Enschede is hier geen sprake van en kunnen risico's goed op gevangen worden. B – De netto schuldquote staat stil bij de vraag hoe hoog de schulden van de gemeente zijn en hoe zwaar deze drukken op de begroting? Een hoge en alsmaar oplopende (netto) schuldquote kan worden gezien als een teken voor een op termijn onhoudbare financiële situatie. De schuldquote in Enschede ligt laag als gevolg het beleid van de afgelopen jaren om de schulden af te bouwen. C – De solvabiliteitsratio kijkt naar in hoeverre het bezit op de balans met schulden is belast. Een lage solvabiliteit is een teken dat de gemeente in de exploitatie weinig spaart voor financiering van investeringen. De solvabiliteit in Enschede is voldoende op niveau. D – Het kengetal grondexploitatie beoordeelt of de gemeente grote grondposities heeft en daardoor meer risico loopt bij afboekingen? Een hoog percentage kan aangeven dat eventuele grondafboekingen moeilijk op te vangen zijn. In Enschede is daar geen sprake van en zijn de grondposities juist aan de lage kant. Dat kan strategische ambities en werken aan maatschappelijke opgaven in de weg zitten. Vandaar dat dit voorjaar ook door de raad is besloten tot een strategisch verwervingskrediet om als gemeente weer wat actiever grondbeleid te voeren.
E – Bij de structurele exploitatieruimte gaat het erom of er voldoende structurele baten zijn om de structurele lasten te dekken? Bij een structureel tekort word op lange termijn telkens ingeteerd op het eigen vermogen. Eigenlijk worden dan de kosten van lopende consumptieve uitgaven op toekomstige generaties inwoners afgewenteld. In 2024 en 2025 is daar in Enschede geen sprake van omdat de structurele baten groter zijn dan de lasten. Vanaf 2026 is dit kengetal wel negatief, dit door de forse greep van het kabinet in de gemeentekas. Hierop loopt een actieve lobby. F – Kengetal belastingcapaciteit beziet of de gemeente relatief veel of weinig belastingen heft en nog ruimte heeft om deze te verhogen in geval van tegenvallers? Dit kengetal geeft inzicht of in een slechtweer-scenario er nog ruimte is voor ombuigingen op de batenkant. Hoge belastingdruk kan een teken zijn dat lopende uitgaven aan publieke voorzieningen onder druk staan. In Enschede ligt de belastingdruk historisch gezien altijd al hoger dan het landelijk gemiddelde. Doordat de afgelopen jaren terughoudend met belastingverhogingen is omgegaan is dit kengetal echter wel iets meer naar het gemiddelde toe gekropen. G – Hoewel geen verplicht kengetal volgt Enschede ook de netto investeringsquote.
Te lage investeringen kunnen een signaal zijn dat de begroting zodanig onder druk staat dat investeringen die nodig zijn om het voorzieningenniveau op peil te houden worden uitgesteld. Daardoor zijn op termijn mogelijk inhaalinvesteringen nodig. Te hoge investeringen zorgen voor het sterker oplopen van de schuldquote en schuldverplichtingen en het vastleggen van een groter deel van de begroting met afschrijvings- en financieringslasten van investeringen. Daarmee neemt de ruimte voor eventuele ombuigingen in de exploitatie af. Jarenlang was in Enschede sprake van een zeer lage of zelfs negatieve investeringsquote. Deze periode is de bewuste keuze gemaakt om het investeringsvolume weer op peil te brengen. Daarvoor wordt onder andere een strategische investeringsagenda en fonds ingezet.
Samenvattend kan gesteld worden dat de financiële conditie in Enschede gezond is. Er zijn voldoende buffers voorhanden om tegenvallers op te vangen. Er zijn lage schulden en de solvabiliteit is op orde. Er zijn nauwelijks risico's vanuit de hoeveelheid grondposities. Het investeringsniveau is weer op peil gebracht. En er is sprake van een positieve balans tussen structurele baten en lasten. Alleen de belastingdruk ligt nog wat hoger dan het landelijk gemiddelde. Vooruitkijkend zien we vanaf 2026 wel een omslag. Dit als gevolg van het
blz. 15 (van 287)
kabinetsbeleid om gemeenten dan fors te korten op de uitkering. Hierop loopt een actieve lobby. Mocht die onverhoopt niet succesvol zijn zal ter zijne tijd bijsturing nodig zijn.
2.5. Strategische investeringsagenda In het voorjaar heeft uw raad de geactualiseerde strategische investeringsagenda vastgesteld. Daarmee blijven we in goede én in slechte tijden werken aan het aantrekkelijker maken van onze stad op langere termijn met een goed woon-, werk- en voorzieningenniveau. Op deze agenda staan de grote gebiedsontwikkelingen waar we de komende jaren mee aan de slag gaan en waarin we integraal werken aan onze opgaven van een inclusief, groen en duurzaam, aantrekkelijk en open Enschede. Nadat in het voorjaar 2 projecten zijn toegevoegd bestaat deze agenda nu uit de volgende investeringsprojecten: Projecten investeringsagenda 1. De Kop
8. Dia Twekkerlerveld
2. Centrumkwadraat
9. Dia Zuid
3. Cromhoff
10. Diekman Topsportcampus
4. Eschmarkerveld
11. Zwembad De Brug
5. Leuriks
12. Warenhuis (deel openbare ruimte)
6. Kennispark
13. Horstmanpark
7. MFSA's
In totaal wordt op deze projecten in de komende 15 tot 20 jaar vanuit de gemeente bijna 127 miljoen euro geïnvesteerd. De dekking daarvoor komt uit de eerder door de raad gereserveerde middelen in de reserve strategische investeringsagenda en de structurele reeks die in de begroting is opgenomen om ook de komende jaren middelen beschikbaar te blijven maken. Op deze projecten zijn ook reeds 44 miljoen euro aan subsidies binnengehaald. We blijven ons actief inzetten om medeoverheden en externe partners te betrekken bij de ontwikkeling van de stad om daarmee de externe bijdragen verder op te laten lopen.
2.6. Lopende taakstellingen en stelposten In deze begroting zijn geen nieuwe taakstellingen of stelposten opgenomen. Wel staan uit eerdere afspraken nog onderstaande taakstellingen en stelposten open. Taakstellingen (x 1.000 euro
2024
2025
2026
2027
A. WMO: Ondersteuning huishouden
500
500
500
500
B. Sport: Clustering sportvelden
117
200
200
200
C. Parkeren: betaald parkeren FC Twente
50
50
50
50
Totaal
667
750
750
750
Stelposten (x 1.000 euro)
2024
2025
2026
2027
D. Stelpost onderuitputting Vitaal en sociaal
3.500
3.500
3.500
3.500
Toelichtingen: •
A- Doel is dat de ondersteuning bij het huishouden zodanig wordt georganiseerd dat inwoners passende ondersteuning blijven ontvangen en de voorziening op termijn
blz. 16 (van 287)
•
•
•
betaalbaar blijft, ondanks de recente beleidsvrijheid beperkende jurisprudentie. Realisatie vindt plaats door het uitfaseren van de strijkvoorziening en dit is begrotingstechnisch verwerkt. De uitkomsten zijn betrokken bij alle overige ontwikkelingen rondom Ondersteuning Huishouden in de nieuwe aanbesteding vanaf 2024. B – De taakstelling clustering sportvelden zit in de begroting vanaf 2022. Door clustering van sportvelden en verenigingen kunnen velden efficiënter worden ingezet en komen er sportvelden vrij voor herbestemming. Daarbij ondersteunen en/of subsidiëren we alleen nog verenigingen die bijvoorbeeld voldoende omvang hebben en/of aantoonbaar aan een maatschappelijk doel bijdragen. Om deze besparing te realiseren zijn ook investeringsmiddelen beschikbaar gemaakt in de investeringsagenda voor de realisatie van multifunctionele sportaccommodaties. C – In de begroting 2021 is afgesproken om op speeldagen betaald parkeren in te voeren op de grote parkeerplaats aan de lange zijde van het FC Twente stadion. Dit enerzijds omdat bij diverse Betaald Voetbal Organisaties parkeren bij het stadion niet gratis is. Anderzijds ook ingestoken vanuit een motie van de raad om reizen naar het stadion per OV en fiets te stimuleren. D – De stelpost onderuitputting Vitaal & Sociaal is opgenomen bij de zomernota 2021.
Deze is ingesteld om te anticiperen op onderuitputting op budgetten binnen het begrotingsprogramma Vitaal & Sociaal. Uit een analyse van de jaarrekening resultaten van meerdere jaren bleek destijds namelijk dat er binnen het sociaal domein jaarlijks een positief resultaat werd behaald ten opzichte van de opgestelde begroting. Dat resultaat deed zich echter niet altijd standaard op hetzelfde product voor, vandaar dat is voorgesteld de onderuitputting niet toe te wijzen aan een concreet product. Er zit geen specifieke sturing op de realisatie van deze stelpost, anders dan de reguliere financiële sturing in het sociale domein. In de jaarrekening 2022 is te zien dat de stelpost dat jaar is ingevuld.
2.7. Samenvatting Deze begroting komt tot stand in tijden van grote onzekerheid. Door de oorlog in Oekraïne hebben zich flinke ontwikkelingen voorgedaan op inflatie, lonen, rente en economie. Hoe dat zich verder ontwikkelt is nog onzeker. Gemeenten hebben ook te maken met grote onduidelijkheid vanuit het Rijk. Het huidige kabinet heeft een flinke greep uit het gemeentefonds gedaan. Daarmee zadelt ze gemeenten op met een onuitvoerbare opdracht om steeds meer taken uit te voeren met minder middelen. Dit is onacceptabel en hierop voeren wij dan ook gezamenlijk met de VNG een actieve lobby. Door de val van het kabinet en het controversieel verklaren van het onderwerp gemeentefinanciën is er nog enige tijd onduidelijkheid. Begroten is aannames maken. Gegeven de hiervoor genoemde onzekerheden is een begroting opgesteld waarbij rekening is gehouden met een flinke prijs- en loonstijging voor 2024 en daarnaast een terughoudende verhoging van OZB. Het begrotingssaldo voor 2024 is weliswaar niet positief, maar de structurele baten en lasten in 2024 zijn wel in evenwicht. Voor 2026 en verder is bewust gekozen om een aanzienlijk begrotingstekort te laten staan. Hiermee sluiten we aan bij de afspraken die in VNG verband zijn gemaakt en ondersteunen we de landelijke lobby.
Met deze begroting geven we een enorme impuls aan prioritaire thema’s als kansengelijkheid, cultuur- en evenementenbeleid, ons groenambitieplan, verkeersveiligheid en het verstevigen van participatie. Ook blijven we met de strategische investeringsagenda flink investeren in grote gebiedsontwikkelingen die op lange termijn bijdragen aan een inclusief, groen en duurzaam, aantrekkelijk en open Enschede.
blz. 17 (van 287)
3. Programma's 3.1 Vitaal en sociaal
Strategische opgave: Inclusief Enschede Doel
Subdoel
01. Elke inwoner heeft de mogelijkheid tot financiële zekerheid en stabiliteit
01.01 Iedere inwoner heeft de mogelijkheid om in z’n levensonderhoud te voorzien.
02. Elke inwoner heeft de mogelijkheid om keuzes te maken die gezond leven makkelijker maken
03. Elke inwoner heeft de kans zich optimaal te ontwikkelen totale lasten (x 1.000 euro): 191.070,00
Indicatoren: 6 Aantal acties: 3
01.02 Iedere inwoner heeft een dak boven z’n Indicatoren: 3 Aantal acties: hoofd 3
totale lasten (x 1.000 euro): 251.645,00
totale lasten (x 1.000 euro): 35.852,00
Link
02.01 Elke inwoner heeft toegang tot een stimulerende leefomgeving
Indicatoren: 2 Aantal acties: 7
02.02 Inwoners kijken naar elkaar om en dragen mede zorg voor elkaars welzijn en bestaan
Indicatoren: 3 Aantal acties: 3
03.01 Iedere jeugdige groeit veilig en stabiel op
Indicatoren: 5 Aantal acties: 2
03.02 Iedere inwoner neemt volwaardig deel aan de samenleving
Indicatoren: 6 Aantal acties: 8
03.03 Iedere inwoner ontwikkelt zijn talenten (door)
Indicatoren: 1 Aantal acties: 2
De strategische opgaven zijn sterk vervlochten met de Sustainable Development Goals (SDG). De Verenigde Naties hebben deze 17 duurzame ontwikkelingsdoelstellingen opgesteld. Deze vormen samen de wereldwijde duurzaamheidsagenda tot 2030. Deze strategische opgave draagt bij aan de volgende sustainable development goals (SDG's). Voor uitleg zie bijlage 6.8
Wat willen we bereiken? In de opgave Inclusief Enschede staan drie doelen centraal: we werken aan bestaanszekerheid, maken gezond leven makkelijker en vergroten kansengelijkheid. We doen dit zoveel mogelijk integraal omdat deze drie thema’s niet los van elkaar gezien kunnen worden. Het inzetten op en herstellen van bestaanszekerheid leidt voor inwoners tot een gezonder leven en het vergroot gelijke kansen. Gelijke kansen leiden tot meer bestaanszekerheid en door een gezonder leven kunnen inwoners makkelijker in hun eigen levensonderhoud voorzien, bijvoorbeeld omdat mentale klachten minder worden. Deze inzet leidt tot een inclusieve en veerkrachtige samenleving. Een samenleving waarin iedereen gelijke kansen heeft en volwaardig kan deelnemen.
blz. 18 (van 287)
Centraal in ons handelen staat: - menselijke waardigheid - duurzaam perspectief - doen wat nodig is - samenwerken vanuit denk- en leefwereld. De gemeente heeft zich de afgelopen jaren actief ingezet op bestaanszekerheid, gezondheid en gelijke kansen. Met het programma Rondkomen met je inkomen en Enschedese arbeidsmarkt aanpak helpen we grote groepen inwoners aan een passend inkomen en maken we afspraken met bedrijven over banen. Zo vonden we een nieuwe aanbieder van participatietrajecten voor inburgeraars en rondden deelnemers van Samen in de wijk hun traject succesvol af. De uitbreiding van de winternachtopvang voorziet in een behoefte en is blijvend. We werken door aan een maatschappelijke beweging van meer preventie en gezondheid. We maken daarbij een verbinding met de omgevingsvisie waarin het hebben van een gezonde en stimulerende leefomgeving centraal staat. We versterkten netwerken, verenigingen en voorzieningen in de wijk, praktijkondersteuners jeugd (POH-J) zijn niet meer weg te denken, jongerenwerk is uitgebreid, we organiseren stadsgesprekken rondom discriminatie, ontwikkelen leefstijlportalen en investeren in sportparken en een inclusief sportklimaat. Met Kansrijk Enschede zetten we de komende jaren grote stappen om de kansen voor alle inwoners te vergroten.
Met het project Kansrijke Start weten we ouders met jonge kinderen in kwetsbare situaties goed te bereiken, we voeren de Lokaal Educatieve Agenda uit en we werken hard aan gelijkere kansen voor kinderen in onze stad. Ontwikkelingen De opgave Inclusief Enschede staat niet op zichzelf, net als de opgaven Aantrekkelijk Enschede, Groen en duurzaam Enschede en Open Enschede heeft de stad Enschede te maken met ontwikkelingen in Nederland en wereldwijd. Vraagstukken als hoge energieprijzen, tekorten op de woningmarkt, arbeidsmarktvraagstukken, migratie en toenemende hittestress hebben gevolgen voor de toekomst van de stad. Ontwikkelingen waarvan we zoveel als mogelijk willen voorkomen dat inwoners hierdoor problemen hebben of gaan krijgen. Dit vraagt dat we nu en in de toekomst aan de slag zijn en gaan met het bieden van duurzame oplossingen. Als gemeente kunnen we dit niet alleen. We werken hierbij samen met inwoners, organisaties en partners in de stad. Maar ook zijn we afhankelijk van de Rijksoverheid. Wanneer we onvoldoende middelen krijgen behorend bij de opdracht die we wettelijk hebben, dan vraagt dit keuzes. Keuzes waarbij we als overheid die inwoners blijven ondersteunen, die zelf niet in een oplossing kunnen voorzien. De focus in dit hoofdstuk ligt bij de speerpunten in de strategische opgave Inclusief Enschede. In de volgende paragraaf staan onze acties voor 2024.
Onze werkzaamheden zijn echter breder. Zo'n 80% is regulier werk, veelal uitgevoerd door de uitvoeringsclusters DCW, Werk & Inkomen en Wijkteams.
blz. 19 (van 287)
Wat gaan we doen voor de Strategische opgave: Inclusief Enschede
01. Elke inwoner heeft de mogelijkheid tot financiële zekerheid en stabiliteit Bestaanszekerheid is niet alleen de zekerheid van voldoende en voorspelbaar inkomen. Ook de zekerheid van werk, van de ruimte om zich te kunnen ontwikkelen en van mee kunnen doen op alle leefdomeinen in de samenleving, vanuit een stabiele woonsituatie in een veilige en prettige omgeving. 01.01 Iedere inwoner heeft de mogelijkheid om in z’n levensonderhoud te voorzien. Een groot deel van de inwoners kan inkomen genereren via een baan. Voor de groep die dat niet kan, is er een vangnet nodig ten aanzien van toeleiding naar werk en het (tijdelijk) voorzien in een inkomen. Werk genereert niet alleen inkomen, maar er wordt ook in bepaalde mate een bestaansrecht aan ontleend: er toe doen, van betekenis zijn. Mensen die langere tijd moeten rondkomen van (te) weinig geld lopen kans om schulden op te bouwen. Vroegsignalering en schuldhulpverlening vormen hierbij het vangnet. Rol van de gemeente: op basis van vertrouwen uitvoeren van wettelijke taken om ervoor te zorgen dat inwoners voldoende inkomen hebben (vangnet). Vanuit deze rol hebben we twee speerpunten: a.
We willen dat bijstandsgerechtigden stappen zetten in de keten van dagbesteding naar werk: voor het deel dat uitstroomt naar werk is het wenselijk dat dit een langdurige uitstroom is, in plaats van banen voor een korte periode afgewisseld met bijstand. Voor een deel zal de stap naar onbetaald (vrijwilligers)werk het hoogst haalbare zijn. b. We willen dat de mensen die daar recht op hebben gebruik maken van onze voorzieningen in het kader van inkomensondersteuning: We hebben deels de wettelijke taak, maar ook de beleidsruimte om mensen een financieel steuntje in de rug te geven. Met onze inkomensondersteunende instrumenten bieden we meer stabiliteit, zodat inwoners zich kunnen ontwikkelen en kunnen meedoen op alle leefdomeinen. Indicatoren Aantal indicatoren: 6
blz. 20 (van 287)
Toelichting Deze indicator heeft betrekking op het speerpunt a. "We willen dat bijstandsgerechtigden stappen zetten in de keten van dagbesteding naar werk". De gemeente verstrekt een bijstandsuitkering aan inwoners van 18 jaar tot de AOW-leeftijd die niet genoeg geld hebben om in hun levensonderhoud te voorzien en ook niet in aanmerking komen voor een andere uitkering: Bijstand Levensonderhoud, IOAW (oudere werklozen), IOAZ (oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen) en de regeling BBZ (zelfstandigen). De indicator geeft aan hoe het bijstandsbestand in Enschede zich ontwikkelt ten opzichte van twintig referentiegemeenten. Bij een score boven nul doen wij het beter en bij een score onder nul doen wij het slechter. Doelstelling is dat wij het minimaal net zo goed doen als die gemeenten. Door het beter te doen kunnen relatief meer inwoners zelfstandig in hun inkomen voorzien en komen we uit met de middelen die we van het Rijk ontvangen voor de uitkeringen. Bron: SSD (registratiesysteem afd. Werk & Inkomen) en referentiegroep van Nederlandse gemeenten.
Toelichting Deze indicator heeft betrekking op het speerpunt a. "We willen dat bijstandsgerechtigden stappen zetten in de keten van dagbesteding naar werk". Sociale activering is voor een deel van onze inwoners een goede opstap in de ontwikkeling naar werk. In deze indicator wordt het percentage bijstandsgerechtigden met sociale activering, ten opzichte van het totale aantal bijstandsgerechtigden in beeld gebracht. Vanaf 2021 wordt extra ingezet op sociale activering, dit zien we ook in de realisatie. We willen dat meer mensen participeren in de maatschappij door bijvoorbeeld vrijwilligerswerk of mantelzorg en daar helpen we ze bij. Bron: SSD (registratiesysteem afd. Werk & Inkomen). Registratie en meting vindt plaats vanaf 2022.
blz. 21 (van 287)
Toelichting Deze indicator heeft betrekking op het speerpunt a. "We willen dat bijstandsgerechtigden stappen zetten in de keten van dagbesteding naar werk". Een deel van het bijstandsbestand is niet in staat het wettelijke minimumloon te verdienen. Door het inzetten van het instrument loonkostensubsidie is het mogelijk om deze doelgroep bij reguliere werkgevers te plaatsen. Werknemers kunnen zich werkenderwijs doorontwikkelen en de werkgever krijgt het verschil tussen de loonwaarde en het daadwerkelijke loon gecompenseerd. Deze indicator laat de LKS contracten zien ten opzichte van de totale doelgroep die hiervoor in aanmerking zou kunnen komen. Hoe hoger deze indicator, hoe meer mensen uit de doelgroep een stap maken in de keten van dagbesteding naar werk. De streefwaarden voor deze indicator zijn in de vorige begroting te laag ingeschat. Op basis van de analyse van de realisatiecijfers 2022 hebben we de streefwaarden, met uitzondering van het al vastgestelde begrotingsjaar 2023, bijgesteld. Er is besloten om meer mensen met het instrument LKS te plaatsen, bijvoorbeeld door middel van de praktijkroute. De ambitie is om het aantal plaatsingen stapsgewijs op te bouwen in de periode van 2023 naar 2027. Bron: SSD (registratiesysteem afd. Werk & Inkomen).