CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Duurzaamheidsrapportage 10 juni 2025

Stedelijke commissie - FYSIEK 6 oktober 2025, gemeente enschedeBij agendapunt: Beeldvormend Duurzaamheidsdebat7.112 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

GROEN EN DUURZAAM ENSCHEDE; DE STAND VAN ZAKEN 10 JUNI 2025

1

VOORWOORD U heeft de wens uitgesproken om eens per jaar een bestuurlijk gesprek tot stand te brengen tussen fracties en het college over de uitvoering van het gemeentelijk duurzaamheidsbeleid. Namens het college heb ik uitgesproken dat gesprek te willen faciliteren. De strategische opgave uit de begroting "Groen en duurzaam Enschede" richt zich op vier belangrijke duurzaamheidsthema's: klimaatmitigatie, klimaatadaptatie, circulaire economie en biodiversiteit. Deze collegeperiode zijn we er toe overgegaan om uw raad jaarlijks te informeren over de maatregelen die we hiervoor tre en. Dat doen we via een bijlage bij de begroting. In de jaarrekening over 2024 blikken we voor het eerst uitgebreid terug op de resultaten die daarbij zijn behaald. De meeste informatie uit deze duurzaamheidsrapportage heeft u daarom de afgelopen jaren op verschillende momenten al eens voorbij zien komen, te weten: - de doelstellingen uit de door u vastgestelde beleidsnota’s, - een opsomming van de maatregelen die we de afgelopen jaren hebben getro en en - de resultaten die we daarbij hebben behaald. Die informatie hebben we in deze rapportage aangevuld met een indicatie van de haalbaarheid van de gestelde doelen, bij een continuering van de huidige aanpak (met dezelfde hoeveelheid mensen en middelen).

Ik ga er vanuit dat wij u hiermee in staat stellen om een zinvol debat te voeren en u in positie brengen om zo nodig tot een bijstelling van doelen, tot bijsturing van de aanpak of tot een wijziging van beschikbaar gestelde budgetten te besluiten. Zelf kwam ik na het lezen van deze rapportage tot de conclusie dat we de afgelopen jaren al mooie stappen hebben gezet, maar ook dat er nog veel te doen is. Laten we samen blijven werken aan een groenere en duurzamere toekomst voor Enschede.

Niels van den Berg Wethouder duurzaamheid

2

INHOUDSOPGAVE

1. KLIMAATMITIGATIE Doelstellingen Aanpak Resultaten gevoerde beleid Haalbaarheid doelstellingen klimaatmitigatie

2. KLIMAATADAPTATIE Doelstellingen Aanpak Resultaten gevoerde beleid Haalbaarheid doelstellingen klimaatadaptatie

3. CIRCULAIRE ECONOMIE Doelstellingen Aanpak Resultaten gevoerde beleid Haalbaarheid doelstellingen circulaire economie

4. GROEN EN BIODIVERS Doelstellingen Aanpak Resultaten gevoerde beleid Haalbaarheid doelstellingen Groen en biodivers

4 4 4 6 8

10 11 11 13 13

16 16 16 19 19

21 21 21 24 25

3

1. KLIMAATMITIGATIE DOELSTELLINGEN Energievisie (21 december 2021): 1. Het aandeel hernieuwbare energie stijgt in de periode 2021 – 2030 met minimaal 8 procent, tot 16,6% van het totale energiegebruik in 2030. Hiervoor wordt er uiterlijk in 2030 jaarlijks 193 gWh aan hernieuwbare elektriciteit opgewekt. Deze 193 gWh wordt opgewekt door 118 hectare zon en 3 windturbines. 2. (Aanvulling mei 2025) Een deel van deze opwekdoelstelling halen we niet.. Om dit te compenseren, voeren we voor 2030 een compenserend maatregelenpakket uit. Als al deze maatregelen met succes voltooid worden, verminderen we de CO2-uitstoot met 54% ten opzichte van het jaar 1990. Enschede is in 2050 klimaatneutraal.

Transitievisie warmte (12 december 2022): In de Transitievisie warmte staan de volgende doelen: 3. Woningen en bedrijven zijn uiterlijk in 2050 aardgasvrij. 4. In de periode 2022 -2030 worden 20.000 (extra) woningen aardgasvrij of met een hybride oplossing verwarmd. 5. We reduceren de warmtevraag in 2030 met 10% door woningen en andere gebouwen te isoleren. 6. We gaan in de periode 2022 – 2030 van start met een gebiedsgerichte aanpak in Twekkelerveld/Tubantia-Toekomst, Kennispark, Deppenbroek/ Mekkelholt, Wesselerbrink, Varvik-Diekman. 7. En we beginnen met een combinatie van een gebieds- en complexgewijze aanpak in de wijken Roombeek, Bothoven, ’t Zwering, Helmerhoek, Wesselerbrink, Boddenkamp, Boswinkel/De Braker, Cromhofsbleek/Kotman, City.

AANPAK 2022

We werkten aan een plan voor zero emissie stadslogistiek. Dit plan treedt op 1 juli 2025 in werking.

We onderzochten samen met Enexis wat de gevolgen zijn van het gemeentelijk beleid voor de energietransitie voor het elektriciteitsnet in Stokhorst. Ook keken we wat dit betekent voor het gebruik van de openbare ruimte en voor de samenwerking met Enexis.

4

We werkten samen met maatschappelijke partners aan het ondersteunen van inwoners met energiearmoede. Door inwoners via diverse instrumenten te ondersteunen (ontzorging via coaches, inkoopacties, klusteams en bouwbegeleiding) hebben we ingezet op het terugdringen van hun energieverbruik.

Via een ‘groen’ contract met Twence maakten we ons gasgebruik duurzamer.

We stimuleerden ondernemers hun daken te voorzien van zoveel mogelijk zonnepanelen. Voor dit project wierven we 71 deelnemers.

In 2022 pakten we in samenwerking met Hengelo en Almelo het thema energiearmoede op. Samen werkten we de Twentse Ontzorg Financiering uit. Met deze TOF-regeling wilden we (samen met het Rijk) in hoog tempo mensen in energiearmoede helpen verduurzamen. Het voorstel voor de TOF-regeling is aangeboden aan de ministers Jetten en De Jonge tijdens een werkbezoek op 5 december 2022.

We onderzochten met strategische partners en buurgemeenten naar de ontwikkelingsmogelijkheden voor een regionaal warmtenet.

In 2022 gaven we -samen met de Buurtkring Broekheurne en Stawel- opdracht om een Gebiedsagenda (ruimtelijk plan én meerjarig maatregelenprogramma) op te stellen voor de Broekheurne. De opgave bestond daarbij onder meer uit de inpassing van een zonneveld.

2023

We ondersteunden particuliere initiatieven voor zon op land projecten.

We werkten een voorstel voor een tweede tranche ‘intensivering en versnelling zon op dak’ uit.

In de gebiedsagenda Broekheurne was een zonnepark onderdeel van de gesprekken met de inwoners uit dat gebied.

In 2023 faciliteerden we de realisatie van 3 zonnevelden van Enschede Energie. Met deze 3 zonnevelden wordt rond de 10 Megawattuur aan energie opgewekt.

We versterkten het energieloket en werkten aan een aanpak voor energiearmoede. Dit deden we via de Fixbrigade, maatregelen voor bewoners (vloer of gevelisolatie) en de witgoedregeling. Hiervoor ontvingen we middelen vanuit de specifieke uitkering (SPUK) Energiearmoede (3 miljoen euro).

We hebben energiecoaches/duurzaamheidsadviseurs ingezet.

We verzamelden bouwstenen voor een gemeentebrede energiebespaar- en ontzorgingsaanpak. Op basis hiervan vroegen we middelen aan uit de SPUK Lokale aanpak Isolatie.

5

We lobbyden voor een deugdelijk, toereikend wettelijk en financieel instrumentarium warmtetransitie en bestrijden energiearmoede (met focus op integrale wijkaanpak en opschaling).

2024

We ondersteunden inwoners en bedrijven bij het treffen van energiebesparende maatregelen.

We verduurzaamden ons eigen vastgoed.

We wisselden kennis en ervaring uit met andere gemeenten rond wijkuitvoeringsplannen (Future BEEing).

De invoering van de Wet collectieve warmte en de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie roepen beleidsmatige vragen op. Dat gaf aanleiding om samen met de gemeenten Borne en Hengelo een Koersdocument Regionaal warmtebedrijf Twente op te stellen.

Er is in 2024 ook gewerkt aan een actieplan netcongestie. Die is in concept beschikbaar. Tot een bestuurlijke vaststelling is het echter niet gekomen. Besloten werd om de inhoud van het actieplan op te nemen in Energievisie (bij de herziening van dat product).

We hebben een nieuwe overlegstructuur opgezet met partners voor een toekomstbestendige energie-infrastructuur.

We ontwikkelden een aanvullend voorstel voor de intensivering en versnelling zon op dak.

We ontwikkelden een actieplan netcongestie.

We stelden een bedrijventerreinuitvoeringsplan op voor bedrijventerrein De Marssteden en starten een proces op voor de ontwikkeling van een bedrijventerreinuitvoeringsplan voor bedrijventerein Josink Es.

RESULTATEN GEVOERDE BELEID 1. Aandeel hernieuwbare energie. Voor het in beeld brengen van de resultaten van het duurzaamheidsbeleid gebruiken wij de door het Rijk ontwikkelde Regionale klimaatmonitor. De daar bekende gegevens over energiegebruik, hernieuwbare opwek en terugdringing van de uitstoot aan CO2 komen -zoals bij u bekend- met enige vertraging beschikbaar. Op dit moment dateert de laatste informatie over energieverbruik en opwek in Enschede uit 2022. In de periode 2022 –2025 werden er een aantal opwekprojecten (vooral een aantal grotere zonop-dak projecten) gerealiseerd. Op dit moment is er één project in uitvoering (zonnepark Vrij op naam) en één in voorbereiding (zonneveld Broekheurne). We verwachten daarna nog slechts een beperkte toename van nieuwe opwekprojecten, omdat de realisatie van zonnevelden op 6

landbouwgrond door de provinciale aanscherping van de zonneladder niet meer mogelijk is. We zullen daarom iets boven 13% aandeel hernieuwbare energie in 2030 uitkomen. 2. Enschede is energieneutraal in 2050. Zie onder punt 1. 3. Voor de stand van zaken rondom de doelstelling woningen en bedrijven zijn uiterlijk in 2050 aardgasvrij wordt op deze plek kortheidshalve verwezen naar punt 4. 4. De onderstaande grafiek geeft weer hoe de woningen in Enschede in 2023 werden verwarmd. Cijfers uit 2024 waren nog niet bekend, toen deze tekst werd opgesteld.

Vergelijking met de data uit 2022, wijst uit dat het aandeel woningen dat met aardgas wordt verwarmd gestaag aan het afnemen is (van 78,5 naar 75,6 %), het aandeel woningen dat (geheel of gedeeltelijk) met elektriciteit verwarmd wordt aan een opmars bezig is (van 4,9 naar 6,6 %), terwijl het aandeel woningen dat op de stadsverwarming aangesloten is, relatief stabiel is (van 14,6 naar 15,0 %). Dat neemt niet weg, dat het tempo waarmee woningen in Enschede aardgasvrij worden gemaakt, moet toenemen, willen we het doel (20.000 woningen extra aardgasvrij in 2030) halen. We beschikken niet over soortgelijke data over bedrijven. In de periode 2022 – 2023 werden 1310 extra woningen aardgasvrij, c.q. deels met elektriciteit verwarmd.1

1 Voor een deel van die woningen (504 in totaal) is de elektrificatie van de warmtevoorziening een gevolg van sloop en vervangende nieuwbouw.

7

5. In 2023 is het gasverbruik van woningen in Enschede afgenomen van 73,3 naar 60,6 miljoen m3. Dat is een daling van 18,5 procent (bijna het dubbele van datgene wat we ons ten doel hadden gesteld). Die afname van het gasverbruik was helaas niet het resultaat van de uitvoering van beleidsmaatregelen, maar van de sterk gestegen aardgasprijs door de oorlog in Oekraïne. 6. We zijn met een gebiedsgerichte aanpak gestart in Twekkelerveld, de Hanenberglanden, Het Lang. 7. In de wijken Roombeek, Bothoven, ’t Zwering, Helmerhoek, Wesselerbrink, Boddenkamp, Boswinkel/De Braker, Cromhofsbleek/Kotman, City zijn we nog niet gestart met een gebiedsgerichte aanpak, in combinatie met een aanpak voor complexen.

HAALBAARHEID DOELSTELLINGEN KLIMAATMITIGATIE 1. De doelstelling rond opwek van hernieuwbare energie wordt niet gehaald. De gemeenteraad is hierover eerder geïnformeerd, zie de raadsbrief "Haalbaarheid realisatie doelstellingen Energievisie”. Daarom is besloten een aantal andere maatregelen te nemen, die tot eenzelfde vermindering in uitstoot van CO2 leidt. Het gaat dan om extra maatregelen in het buitengebied zoals aanplant van extra bomen. En het realiseren van opwek in combinatie met opslag van elektriciteit op een aantal bedrijventerreinen. Deze CO2 doelstelling en het extra maatregelpakket is vastgelegd in de geactualiseerde energievisie (mei 2025). 2. In de Klimaatwet staat dat Nederland in 2050 geen broeikasgassen meer uitstoot. We gaan ervanuit dat het Rijk tijdig de randvoorwaarden schept, om die doelstelling te realiseren. Op dit moment is dat echter nog niet het geval (zie ook punt 3. 3. Het in de Transitievisie warmte voor 2050 geformuleerde doel is afgeleid van nationale doelen, die op hun beurt weer van Europese doelen zijn afgeleid. Het Planbureau voor de leefomgeving rapporteert jaarlijks over de voortgang in haar Klimaat- en Energieverkenningen. In het laatste rapport (Klimaat- en Energieverkenning 2024) schrijft het planbureau dat het heel erg onwaarschijnlijk is dat Nederland het wettelijke klimaatdoel van 55 procent emissiereductie in 2030 haalt.

De KEV 2024 bevat ook een raming voor 2035 en een doorkijk tot 2040. Daaruit blijkt dat het tempo van emissiedaling met het huidige beleid niet volstaat om klimaatneutraliteit

8

in 2050 en een indicatieve emissiedaling rond 90 procent in 2040 in EU-verband (zoals voorgesteld door de Europese Commissie) te bereiken.

Enschede is voor het behalen van de 2050-doelen in belangrijke mate afhankelijk van het Rijk; van regelgeving, subsidies en andere financiële bijdragen. Zolang die randvoorwaarden niet op orde zijn, is het onwaarschijnlijk dat Enschede in staat zal zijn de voor 2050 geformuleerde doelen te halen. Andere factoren die aan de realisatie van de doelstellingen in de weg zouden kunnen staan betreffen het toenemende tekort aan vakmensen en de schaarste aan grondstoffen en materialen. Voor het behalen van de doelen is voor de gemeente Enschede verder van belang dat we kritischer moeten kijken hoe we subsidies van het Rijk en eigen middelen zo goed mogelijke en doelmatig inzetten. Zo zijn de Middelen die door het Rijk worden verstrekt voor de uitvoering van het Klimaatbeleid (de zogenaamde CDOKE-middelen) bedoeld om extra mensen in dienst te nemen of in te huren. Dus een aanvulling op de medewerkers die al eerder aan duurzaamheidsopgaven werkten. De praktijk leert dat ook een aantal medewerkers die eerder uit de begroting gedekt waren nu ook (deels) gedekt worden uit deze rijksmiddelen. Op dit moment is nog niet exact bekend hoeveel middelen we krijgen voor de periode vanaf 2026, maar de verwachting is wel dat het niet toereikend zal zijn om alle opgaven op te kunnen pakken.

4. Op basis van de resultaten die met het duurzaamheidsbeleid in de periode 2017 – 2021 werden bereikt, verwachten we dat dat er in de periode 2030 8000 woningen bijkomen, die aardgasvrij zijn of deels met elektriciteit worden verwarmd. Voor meer informatie over dit onderwerp wordt kortheidshalve verwezen naar de pagina's 5 en 11 van de actualisatie van de Energievisie.

5. We weten niet of de daling van het aardgasverbruik blijvend zal zijn. Dat huishoudens minder aardgas stookten, kwam voornamelijk door de hoge aardgasprijzen en zacht weer, en in mindere mate door isolatiemaatregelen en installatie van warmtepompen. 6. Dat de gebiedsgerichte aanpak bij de aanleg van warmtenetten nog geen grote vlucht heeft genomen, heeft verschillende redenen. Belangrijke factoren daarbij zijn: o

onduidelijkheid over het wettelijk kader (Wet collectieve warmte);

o

business cases voor warmtenetten die moeilijk sluitend te krijgen zijn;

o

weerstand onder bewoners;

o

veel negatieve publiciteit over warmtenetten. 9

Via de Wet collectieve warmte (Wcw) en de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) probeert het Rijk de randvoorwaarden voor een grootschalige uitrol van warmtenetten op orde te krijgen. Deze wetten voorzien onder meer in op de kostprijs gebaseerde prijzen voor warmte, in publieke aansturing van warmtebedrijven, de bevoegdheid van het college om warmtekavels vast te stellen en daarvoor warmtebedrijven aan te wijzen. Ook worden de mogelijkheden verkend voor een nationale deelneming in warmtebedrijven en de oprichting van een waarborgfonds voor de aanleg van warmtenetten. De landelijke randvoorwaarden voor het grootschalig uitrollen van warmtenetten zijn op dit moment dus nog niet op orde. Daarnaast speelt ook het financiële vraagstuk een zeer grote rol. Met de ontwikkeling of uitbreiding van een warmtenet zijn immers grote investeringen gemoeid. De gemeente heeft daarvoor geen investeringsruimte beschikbaar binnen de gemeentebegroting en het is nog onduidelijk welke bijdragen het rijk hierin wil of zal doen. Zolang deze zaken nog onduidelijk blijven en de financiële haalbaarheid nog niet zeker is, kunnen we ook nog geen echte vaart maken met een gebiedsgerichte aanpak voor het aardgasvrij maken in verschillende wijken.

Wel kunnen we met de inzet van de CDOKEmiddelen onze dienstverlening aan bewoners vergroten rondom het verduurzamen en aardgasvrij-ready maken van woningen.

7. Als onder 6.

2. KLIMAATADAPTATIE

10

DOELSTELLINGEN De opwarming van de aarde leidt tot extremer weer, met vaker en meer wateroverlast, droogte en hittestress tot gevolg. In het in 2021 vastgestelde Water- en Klimaatadaptatieplan (WeK) 2022-2026, “Verder bouwen aan een groen blauw Enschede” hebben we beschreven hoe we ons hierop willen voorbereiden en hoe we willen werken aan een veilige, gezonde en aantrekkelijke leefomgeving Leeswijzer | Groenblauw Enschede. Het WeK geeft inzicht in hoe de gemeente omgaat met de zorgtaken voor afvalwater, regenwater en grondwater. Zowel in het beheer, denk bijvoorbeeld aan rioolvervanging en hoe wij Enschede weerbaarder willen maken tegen de risico’s van extreem weer, zoals wateroverlast, droogte en hittestress. Focus ligt op verantwoord waterbeheer, vergroening en het herstel van het natuurlijke evenwicht. Voor het klimaatbestendig maken van Enschede kijken we naar openbaar èn particulier terrein. Dit laatste door bijvoorbeeld communicatie, participatie, bewustwording en door onze subsidieregeling “groenblauw Enschede” voor o.a. afkoppelen en de aanleg van groene daken. Om onze werkzaamheden beter af te kunnen stemmen op andere ontwikkelingen werken we gebiedsgericht. Gezien de effecten van de extreme neerslag op 21 juli 2024 in met name Pathmos en Stadsveld, hebben we nagedacht over ons huidige beleid over de bestrijding van wateroverlast.

We zijn tot de conclusie gekomen dat we onze maatregelen moeten versnellen. De komende 8 jaar willen we maatregelen uitvoeren om de risico’s op wateroverlast te verlagen. Niet alleen in Pathmos-Stadsveld, maar ook in andere delen van Enschede. Met klimaatadaptatie zetten we in op ontharden, vergroenen, vergroten van de waterberging en waterafvoer en het versterken van de biodiversiteit. Zo maken we alle gebieden waar we aan de slag gaan klimaatbestendiger en leefbaarder. Naast onze eigen gemeentelijke inzet vraagt klimaatadaptatie om een gemeentegrens overstijgende aanpak. Daarom werken we in het Twents waternet samen met Waterschap Vechtstromen (o.a. door uitvoering van de gemeenschappelijke wateragenda), Provincie Overijssel en de Twentse gemeenten aan het klimaatbestendiger maken van onze regio.

AANPAK 2022

We lanceerden het merk ‘groenblauw Enschede’ voor al onze klimaatrobuuste projecten. Zo kennen we ‘groenblauw Twekkelerveld’, ‘groenblauw Wooldrik, ‘groenblauw Glanerbrug’ etc.

We pakten de wateroverlast in de Kuipersdijk aan.

We startten we met de subsidie ‘groenblauw Enschede’ waarmee we klimaatadaptatie op particulier terrein stimuleerden.

11

We stelden een regenwaterstructuurplan op.

Bij meer dan 80% van onze herinrichtingsprojecten hebben we het gebied klimaatbestendiger gemaakt door verharding te verwijderen, groen toe te voegen en extra waterberging te creëren.

Bij onze klimaatadaptatieprojecten zochten we contact met de bewoners van aanliggende percelen. Dit om hen te bewegen zelf klimaatadaptieve maatregelen te treffen. Gemiddeld deed 90% mee.

2023

We stimuleerden klimaatadaptatie op particulier terrein.

We bereiden de aanleg van de Zuiderspoorbeek voor.

Bij meer dan 80% van onze herinrichtingsprojecten hebben we het gebied klimaatbestendiger gemaakt door verharding te verwijderen, groen toe te voegen en extra waterberging te creëren. Voorbeelden zijn de herinrichting van de Knalhutteweg, Cornelis Houtmanstraat, Elferinksweg en Wethouder Nijhuisstraat.

Bij onze klimaatadaptatieprojecten zochten we contact met de bewoners van aanliggende percelen. Dit om hen te bewegen zelf klimaatadaptieve maatregelen te treffen. Gemiddeld deed 90% mee.

2024

We stimuleerden klimaatadaptatie op particulier terrein.

We maakten nieuwe regels en bijbehorend kaartmateriaal voor het onderdeel water en klimaat.

We voerden fase 2 uit van project GroenBlauw Glanerbrug. Binnen project GroenBlauw Glanerbrug pakken we 17 straten aan. In 2024 voerden we maatregelen in de Preludestraat, Ouverturestraat en Nocturnestraat uit. Daarnaast bereidden we de werkzaamheden in Dr. Stamstraat en de Kerkstraat voor. Dit deden we samen met de inwoners.

We legden het deel van de Zuiderspoorbeek tussen de Blekerstraat en de Pathmossingel aan. De Zuiderspoorbeek voert het regenwater en grondwater af uit de wijk Horstlanden-Veldkamp en een deel van het centrum. Dit verkleint het risico op wateroverlast tijdens hevige regenval. De beek loopt van de Haaksbergerstraat tot aan de Pathmossingel. Het eerste deel (van de Haaksbergerstraat tot de Blekerstraat) is klaar. Het tweede deel van de beek loopt een stukje door het Volkspark. Samen met de Commissie van Beheer Volkspark gaan we plannen maken voor extra wateropvang in het Volkspark

Bij meer dan 80% van onze herinrichtingsprojecten hebben we het gebied klimaatbestendiger gemaakt door verharding te verwijderen, groen toe te voegen en extra waterberging te creëren. Voorbeelden zijn de herinrichting van

12

de Perikweg, Minister Loudonlaan (GroenBlauw 't Zwik) en Kerkstraat (GroenBlauw Glanerbrug). 

Bij onze klimaatadaptatieprojecten zochten we contact met de bewoners van aanliggende percelen. Dit om hen te bewegen zelf klimaatadaptieve maatregelen te treffen. Gemiddeld deed 90% mee.

We hebben groenblauwe structuurplannen opgesteld. Onder anderen voor Varvik-Diekman, Centrum en Noord-West.

RESULTATEN GEVOERDE BELEID Onze doelstelling is om in Enschede in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te zijn. Daartoe hebben we in de in de periode 2022-2024 diverse projecten uitgevoerd waarmee we te hoge risico's op wateroverlast hebben aangepakt. Aanvullend hebben we bij meer dan 80% van onze reguliere projecten het klimaatlabel verhoogd. Voorbeelden van dergelijke projecten hebben we bij onderdeel B genoemd. Met het uitvoeren van al deze maatregelen liggen we op koers om in 2050 klimaatbestendig te zijn. Naast deze projecten hebben we het volgende gerealiseerd: 1

Onderzoek aanpak wateroverlast Pathmos-Stadsveld. Er is gestart met een onderzoek naar maatregelen om bij hevige neerslag de kans op schade aan woningen in de Warmoesstraat, Willem de Clerqstraat /Ververstraat en omliggende straten te beperken. Aanvullend zijn we gestart met een onderzoek naar diverse andere locaties waar op 21 juli water in woningen is binnengekomen, zoals de Theresastraat, de Sportlaan en Haverstraatpassage.

2

Hittestress Samen met onze stakeholders hebben we een concept hitteplan opgesteld, waarin is beschreven hoe we met elkaar handelen tijdens perioden van hittestress. Op deze wijze willen we de effecten van hittestress zoveel mogelijk beperken. Door toepassing van onze klimaatlabels, waarmee we ontharden en vergroenen hebben we verder bijgedragen aan beperking van de hittestress.

3

Met de Universiteit Twente werkten we aan computermodellen die de werkelijkheid voor klimaatadaptatie nabootsen (=digital twin).

HAALBAARHEID DOELSTELLINGEN KLIMAATADAPTATIE Er zijn een aantal aspecten van invloed zijn op de doelstelling om als Enschede klimaatbestendig te zijn in 2050. Dit zijn:

13

1. Om Enschede echt klimaatbestendig te maken is het noodzakelijk dat er, naast maatregelen in de openbare ruimte, ook veel maatregelen op particulier terrein worden getroffen. Daarom hebben we sinds 2022 meegedaan aan het NK tegelwippen en zochten we bij onze projecten contact met de bewoners en ondernemers van aanliggende percelen om hen te bewegen zelf maatregelen te treffen, zoals het afkoppelen van de regenpijp. Ook zijn we gestart met de subsidieregeling ‘groenblauw Enschede’. Hiervan werd het meest gebruik gemaakt voor de aanschaf van regentonnen. Tot op heden zien we dat particulieren, in bestaande situaties, nog maar heel beperkt zelf klimaatadaptieve maatregelen treffen. Om dit te versnellen valt te overwegen om in de toekomst andere maatregelen in te zetten (reguleren). 2. Met het realiseren van de doelstellingen uit de energievisie treedt op diverse locaties netcongestie op waardoor netbeheerders veel werkzaamheden moeten uitvoeren. Daarnaast moeten netbeheerders in de meeste riool- en groenblauwprojecten werkzaamheden aan kabels en leidingen uitvoeren, voordat onze aannemer kan starten. Door deze factoren nemen de wachttijden bij netbeheerders fors toe. Hierdoor loopt de uitvoering van klimaatadaptatieprojecten flinke vertraging op. 3. Door drukte in de ondergrond is er soms onvoldoende ruimte om gewenste klimaatadaptieve maatregelen te kunnen uitvoeren.

Daardoor moet in die gevallen worden gezocht naar suboptimale maatregelen. 4. Tot nu toe hebben we ons bij klimaatadaptatie vooral gericht op de aanpak van (grond)wateroverlast. Bestrijding van droogte en hittestress liftten mee met deze maatregelen. Dit heeft meerdere oorzaken. Voor de aanpak van droogte is meer onderzoek nodig. Dit om te voorkomen dat het extra vasthouden van water, leidt tot extra grondwateroverlast in de winter. Ook is meer inzicht nodig in de effectiviteit van de verschillende droogtemaatregelen. Wat betreft hittestress ontbreken de middelen om op grote schaal iets aan dit probleem te doen. Kosten voor maatregelen tegen wateroverlast en droogte kunnen ten laste van de rioolheffing worden gebracht. Voor maatregelen alleen tegen hittestress, is dit niet toegestaan. Daarnaast is ook hier meer inzicht nodig in de effectiviteit van maatregelen tegen hittestress. 5. In Twente is een probleem met de drinkwatervoorziening. Bedrijven die voor hun productieproces niet per se drinkwater nodig hebben (zoals voedselproducerende bedrijven), (kunnen) worden in principe niet meer aangesloten op het drinkwaternet. Eén van de oplossingsrichtingen is de aanleg van twee transportleidingen van west- naar oost-Overijssel (naar Enschede).

Er wordt niet gekeken naar een uitbreiding van de eigen waterwinningen in Twente, omdat de zandgronden in Twente hoog en droog zijn en daardoor minder geschikt zijn

14

voor nieuwe winningen. Het is logischer om drinkwater te produceren in gebieden waar de impact op de omgeving kleiner is. Of de aanleg van deze twee transportleidingen voldoende is, is mede afhankelijk van de bevolkingstoename, de mate waarin men drinkwater gaat besparen en de impact en toename van droge en warme zomers. 6. Het KNMI maakt periodiek klimaatscenario's voor een mogelijk toekomstig klimaat voor Nederland. Het laatste klimaatscenario (2023), laat zien dat het klimaat nu al is veranderd. Dat merken we aan de toename van extremen in hitte, droogte en neerslag. We zien ook dat de klimaatverandering in Nederland sneller gaat dan we bij het vorige klimaatscenario verwachtten (2014). Deze versnelling laat zien dat we te maken krijgen met grotere zeespiegel- en temperatuurstijging, drogere en warmere zomers, meer extreme regenval in de zomer, en met nattere winters. Afhankelijk van hoe dit zich in de toekomst ontwikkelt, zullen we meer maatregelen moeten treffen om Enschede klimaatbestendig te maken.

15

3. CIRCULAIRE ECONOMIE DOELSTELLINGEN Koersdocument Circulaire Economie (2023) 1. In 2050 een volledig circulaire economie in Enschede 2. In 2030 het gebruik van primaire grondstoffen met 50% reduceren. Regionaal Koersdocument Circulaire Economie (2024) 3. Binnen de Twentse gemeenten wordt vanaf 2035 voor 50% van alle grondstoffen en materialen die in gemeentelijk bezit of onderhoud zijn, periodiek de (markt)waarde vastgesteld. Grondstoffenvisie (2024) 4. In 2030 maximaal 50 kg restafval per inwoner per jaar. 5. In 2030 minimaal 90% afvalscheiding van huishoudelijk afval.

AANPAK 2023

Het beleidsthema circulaire economie is relatief nieuw. In 2023 zijn de eerste stappen gezet door opstellen en bestuurlijk vaststellen van het Koersdocument Circulaire Economie. Hierbij heeft de gemeente Enschede zich gecommitteerd aan de Europese en landelijke doelstellingen. Voor de uitvoering zijn middelen beschikbaar gesteld voor 2024 en 2025. 

Dit stuk beschrijft hoe de gemeente Enschede invulling geeft aan circulair beleid. Er is gekozen om circulair beleid vorm te geven aan de hand van vijf invalshoeken. De twee externe invalshoeken richten zich op inwoners en bedrijven, terwijl de drie interne invalshoeken zich richten onze gemeentelijke rol als inkoper, beheerder van de openbare ruimte en gebiedsontwikkelingen.

16

Er is een haalbaarheidsstudie uitgevoerd naar de oprichting van een Bouwkringloop in Enschede, gericht op het hergebruik van vrijkomende bouwmaterialen bij sloop en renovatie.

Binnen het Europese Interreg-project THREE C heeft Enschede bijgedragen aan het ontwikkelen van circulaire koolstofketens op basis van restbiomassa, met als doel het stimuleren van een regionale bio-economie. Een voorbeeld hiervan is het fietspad aan de Parkweg in Enschede, dat met duurzaam asfalt en houtskool is aangelegd en daardoor niet alleen co2-uitstoot bespaart maar zelfs co2 opslaat.

2024

We zijn in 2024 aan de slag gegaan met de aanbevelingen van het Koersdocument Circulaire Economie. Zo is er onder andere gewerkt aan: 

Op basis van het Koersdocument Circulaire Economie zijn voor verschillende gemeentelijke afdelingen, variërend van Stadsdeelbeheer tot Gebieds- en Projectontwikkeling, praktische plannen opgesteld om circulaire principes toe te passen in het dagelijks werk. Zoals bijvoorbeeld in het Programma van Eisen (PvE) voor aanbestedingen.

Het opstellen van een monitoringstool voor circulair inkopen, gekoppeld aan het ondertekende Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI). Deze tool helpt om circulaire prestaties per aanbesteding te volgen.

De start van de samenwerking met Saxion, bijvoorbeeld door het laten uitvoeren van onderzoek door studenten van de minor Circulaire Economie.

Deelname aan het Europese Interreg-project TEXAD, gericht op het stimuleren van de circulaire textielketen van sortering tot hergebruik en recycling. We werken hierin nauw samen met Texplus, een samenwerkingsverband van zes koplopers die samen de volledige circulaire textielketen vertegenwoordigen.

De voortzetting van het Interreg-project CASCADE, als vervolg op THREE C. Dit richt zich op het opschalen van circulaire koolstofketens via innovatieve toepassingen van houtskool in de landbouw, bouw en waterbeheer.

Het Circular City Advisory-traject van de Europese Investeringsbank (EIB) is afgerond. In dit traject is onderzocht hoe Enschede de circulaire textielketen kan stimuleren.

De basis is gelegd voor de Monitor Circulaire Economie Enschede, waarmee in 2025 gewerkt wordt aan indicatoren voor het meten van circulaire voortgang per keten.

Stimuleren van circulaire bouw met behulp van Duspot, een online marktplaats voor herbruikbare bouwmaterialen gericht op bedrijven en overheden.

17

Eind 2024 is ook de Grondstoffenvisie 2025-2030 vastgesteld. De visie vormt de basis voor de verdere ontwikkeling en implementatie van beleid op het gebied van de inzameling van huishoudelijk afval en grondstoffen. Ook zijn we in samenwerking met de Twentse gemeenten aan de slag met de uitvoering van het Regionaal Koersdocument Circulaire Economie. Ook is er een digitale circulaire initiatievenkaart gelanceerd met (burger)initiatieven uit 10 Twentse gemeenten, zoals repaircafés en een textielhub waar kleding wordt geruild, gerepareerd, herontworpen en gedeeld. 2025

In 2025 wordt er o.a. gewerkt aan: 

Er worden mede als uitwerking van de Grondstoffenvisie drie projecten uitgevoerd om de circulaire textielketen te stimuleren, als onderdeel van het eerdergenoemde TEXAD-project. Hierbij wordt samengewerkt met het Texplus-cluster en studenten van de minor Circulaire Economie van Saxion. Daarnaast wordt onderzocht waar financieringsbehoefte ligt bij textielbedrijven, en waar mogelijk wordt dit gekoppeld aan ondersteuning via de Europese Investeringsbank (EIB).

We werken aan de ontwikkeling van de biobased (land)bouwketen via het Europese ACR+-netwerk, in samenwerking met stedelijke partners zoals de Twentse Bouwboeren.

We geven uitvoering aan de krachtenbundeling Rijk–Regio, waaronder actieve deelname aan de werkgroep ketens in de maakindustrie, die beoogt om de doelen van de circulaire economie weer binnen handbereik te brengen door gezamenlijke inzet op beleid, uitvoering en opschaling.

We zetten actief in op het vinden van Rijks- en EU ondersteunings- en financieringsprogramma’s.

Er worden gemeentelijke indicatoren ontwikkeld om de circulaire voortgang per keten te meten.

We stimuleren circulair ondernemen door bedrijven te koppelen aan het InnovateGO-programma van Novel-T, dat ondersteuning biedt bij de ontwikkeling van circulaire verdienmodellen.

Bedrijven in Enschede die willen starten met circulair ondernemen, kunnen gebruikmaken van een gemeentelijk budget van €50.000 voor concrete circulaire initiatieven.

Een van de thema's binnen de Grondstoffenvisie is de uitbreiding van het netwerk van repaircafés en circulaire bewonersinitiatieven in samenwerking met buurthuizen en wijkcentra. Tegelijk wordt verkend hoe nieuwe bewonersinitiatieven beter ondersteund kunnen worden.

18

Verdere ontwikkeling van regionale activiteiten rondom de Bouwkringloop, gericht op het hergebruik van vrijkomende bouwmaterialen.

Tijdens de Week van de Circulaire Economie is een communicatiecampagne voor bedrijven gelanceerd, gericht op bewustwording en het delen van circulaire praktijkvoorbeelden.

RESULTATEN GEVOERDE BELEID Circulaire economie is een relatief nieuw beleidsthema binnen de gemeente Enschede. Hoewel de doelstellingen voor 2030 en 2050 helder zijn, is de weg daar naartoe nog niet volledig uitgewerkt. Op Europees en nationaal niveau wordt gewerkt aan meetbare tussendoelen. Momenteel zijn we bezig met de afronding van de Enschedese monitor circulaire economie, waarmee we de impact van ons beleid inzichtelijk willen maken.

HAALBAARHEID DOELSTELLINGEN CIRCULAIRE ECONOMIE 1. In 2050 een volledig circulaire economie in Enschede Er zijn eerste stappen gezet richting een volledig circulaire economie. Zo wordt ingezet op gedragsverandering bij inwoners, het stimuleren van circulair ondernemerschap en het invullen van de gemeentelijke rollen op het gebied van inkoop, beheer van de openbare ruimte en gebiedsontwikkeling. Concrete projecten zoals CASCADE, TEXAD, Duspot en de Bouwkringloop dragen hieraan bij. Daarnaast is Enschede actief binnen Europese, nationale en regionale netwerken en projecten om kansen te benutten en kennis te delen. Het tempo van de transitie is momenteel afhankelijk van losse projecten en beperkte gemeentelijke capaciteit. Zonder structurele opschaling in financiering, capaciteit en communicatie wordt het behalen van de ambitie van een volledig circulaire economie in 2050 een uitdaging. Zo is er onder meer behoefte aan structurele middelen voor cofinanciering van Rijks- en EUprojecten, extra ambtelijke inzet en communicatieve slagkracht voor bewustwording van inwoners en bedrijven. 2. In 2030 het gebruik van primaire grondstoffen met 50% reduceren Binnen het gemeentelijk afval- en grondstoffenbeleid wordt ingezet op afvalpreventie, betere scheiding en hergebruik, zoals vastgelegd in de Grondstoffenvisie.

Er zijn stevige ambities geformuleerd, waaronder 90% afvalscheiding en maximaal 50 kg restafval per inwoner. Voor textiel wordt met het TEXAD-project ingezet op reductie, hergebruik en recycling. De reductie van het gebruik van primaire grondstoffen is op dit moment nog niet inzichtelijk op ketenniveau en de gemeentelijke invloed op productie- en consumptieprocessen buiten het eigen domein is beperkt, zoals bij bedrijfsprocessen en de verwerking van bedrijfsafval. Zo heeft de gemeente bijvoorbeeld geen formele zeggenschap over hoe organisaties zoals het MST omgaan met steriel plastic uit medische verpakkingen, terwijl er wel een

19

concrete hulpvraag heeft neergelegd voor een circulaire oplossing. Zonder extra inzet op samenwerking, monitoring, gedragsverandering en circulaire bedrijvigheid is het onzeker of de reductiedoelstelling van 50% in 2030 wordt gehaald. 3. Binnen de Twentse gemeenten wordt vanaf 2035 voor 50% van alle grondstoffen en materialen die in gemeentelijk bezit of onderhoud zijn, periodiek de (markt)waarde vastgesteld. Op dit moment wordt regionaal besproken hoe hier verder invulling aan wordt gegeven. Daardoor is het nog niet te zeggen of deze doelstelling haalbaar is. 4. In 2030 maximaal 50 kg restafval per inwoner per jaar. In 2024 werd 122 kilogram restafval per inwoner ingezameld in Enschede. Dit is een stijging van 8 kilogram ten opzichte van het jaar ervoor. Naast dat er meer fijn restafval is opgehaald via de huis-aanhuis-inzameling (4 kilogram per inwoner), is er ook significant meer fijn en grof restafval gebracht naar de afvalbrengpunten (3 kilogram). Deze laatste stijging is mede veroorzaakt doordat het verruimde vrije stortquotum van 300 kilogram met één jaar (2024) is verlengd. De verwachting is dat, met het terugbrengen van het vrije stortquotum naar 75 kilogram per huishouden per jaar, de hoeveelheid restafval vanaf 2025 weer zal afnemen.

Er zijn net als bij het stijgingspercentage nieuwe beleidsmaatregelen nodig om de hoeveelheid restafval weer richting de 50 kilogram per inwoner te laten bewegen. 5. In 2030 minimaal 90% afvalscheiding van huishoudelijk afval. Het scheidingspercentage stabiliseert de afgelopen jaren rond de 68%. In 2024 werd 67,5% van het huishoudelijk afval gescheiden ingezameld. De afgelopen jaren zijn er geen nieuwe beleidsmaatregelen genomen om het scheidingspercentage verder te laten stijgen. Dergelijke maatregelen zijn echter nodig om het percentage richting de 90% te brengen.

20

4. GROEN EN BIODIVERS DOELSTELLINGEN Groenambitieplan Enschede “Enschede één groot groen park”, 13 december 2021: 1. We zetten in op het kwalitatief en kwantitatief vergroenen van Enschede aan de hand van de 3 hoofdprincipes: a. Beschermen b. Benutten c.

Bouwen

2. In 2050 is Enschede één groot groen en biodivers park, voor mens, plant en dier. Waarbij het prachtige groene landelijke gebied via unieke groene invalswegen, wiggen, (stads)parken, groene wijken en dorpen en een vergroende singel naadloos overgaat in een sterk vergroende binnenstad. 3. We streven naar een meer natuurlijk evenwicht, waarin plagen als de eikenprocessierups of invasieve dier- en plantsoorten minder kans krijgen.

AANPAK 2022

We konden in 2022 geen grote stappen zetten in de realisatie van de groenambities. Zoals rond de door de gemeenteraad vijf geprioriteerde investeringen. Dit omdat er door de gemeenteraad in 2022 geen middelen voor realisatie van de groenambitie investeringen beschikbaar zijn gesteld. In de Zomernota 2023 zal opnieuw een aanvraag voor extra middelen worden opgenomen.

We hebben kleinere stappen gezet rond groen en biodiversiteit. Dit bijvoorbeeld vanuit in 2021 beschikbaar gestelde middelen vanuit het amendement “Op peil brengen onderhoudsniveau openbare ruimte“ en de middelen voor “de basisinzet biodiversiteit op orde”. Of vanuit onze samenwerking met onze partners, zoals de Groene Loper Enschede en de Provincie (Natuur voor elkaar). Zo hebben we uitgevoerd: o

Het uitdelen van 3.000 boompjes aan inwoners.

o

Het uitvoeren van pilots met ecologisch bermbeheer.

o

Het opleiden van 15 nieuwe tuincoaches.

o

Het houden van de actie ‘Stoepgroen, samen doen!’ op burendag, waar 75 buurtinitiatieven aan mee deden.

21

o

Deelname aan het (NK) Tegelwippen met een mooi resultaat. We wipten dit jaar gezamenlijk in heel Enschede maar liefst 62.095 tegels, die we vervingen voor groen.

o

Het stimuleren van het vergroenen van schoolpleinen. Waarbij 4 scholen een subsidie bij de provincie hebben aangevraagd.

o

creatieve sessie Natuurinclusief bouwen – doel ontwikkelen communicatiestrategie om inwoners van nieuwbouwwoningen te stimuleren tuinen groen in te richten.

o

Actie bloemenlint in het voorjaar.

o

Aanleg en monitoring bloemenlinten in het landelijk gebied.

o

Ontwikkeling Bijenroute in het Wageler.

o

Aanleg fietsroute Natuur in de stad (beschikbaar op GroenBlauwEnschede).

2023

Binnen de beschikbare middelen ook in 2023 al (kleinere) stappen gezet in de (voorbereiding) van het verder vergroenen van Enschede.

Rond bomen: o

Via de discussienota optimalisatie regels bomenbescherming legden we een basis om te komen tot optimalisatie van de regels bomenbescherming.

o

Ook zijn er weer een groot aantal bomen aangeplant als onderdeel van het streven naar 170.000 bomen extra in Enschede (Enschedese bomenteller | Groenblauw Enschede).

Inzet op soortenbescherming en natuurvriendelijk isoleren in de energietransitie. o

Voor vleermuizen en gebouwbewonende vogels werd een presoortenmanagementplan en compensatieplan opgesteld en is eind 2023 een ontheffingsaanvraag bij de provincie aangevraagd.

o

Als vervolgstap startten we ook met het opstellen van een soortenmanagementplan voor het stedelijk gebied van Enschede. Dit in samenwerking met woningbouwcorporaties.

Bij de aanpak van de eikenprocessierups hebben we het gebruik van preventieve middelen verder beperkt. Ook zaaiden we bijvoorbeeld bloemenmengsels waarmee we werken aan het lange termijn herstel van het natuurlijk evenwicht. Dit in lijn met het opgestelde beheerplan eikenprocessierups 2023. Op die manier hielden we de overlast onder controle, met respect voor mens, dier en milieu.

Rond biodiversiteit zetten we het afgelopen jaar via een uitvoeringsprogramma stappen in relatie tot het Groenambitieplan Enschede. Dit vanuit de middelen

22

voor “de basisinzet biodiversiteit op orde” en vanuit de samenwerking met onze partners. Zoals: o

Natuur voor elkaar: 

Opening Bijenroute Ledeboerpark/ Wageler in april. Samenwerking tussen de Bijenvereniging Enschede, vereniging Wageler Samen en gemeente Enschede. De wandelaar komt online en offline meer te weten over wilde bijen in en om Enschede.

Pilot Ecologisch beheer landelijk gebied met het inzaaien van bloemenlinten en ecologisch beheer hiervan.

Campagne Zo Groen particuliere tuinen: onderzoek naar redenen om tuinen te verharden en factoren voor het vergroenen van tuinen. Onderdeel zijn ook 3 voor inwoners te bezoeken voorbeeldtuinen.

o

Groene Loper Enschede: 

Voorjaarsactie bloemzaden: Gratis bloemenzaad uitgedeeld aan bewoners. Resultaat: 1,5 hectare bloemenlint erbij in tuinen, boomspiegels, op braakliggende grond en langs gevels.

Najaarsactie van Boven en Onder goed tijdens Burendag: meer dan 100 klimplantpakketten, stokrozen en biologische potgrond werd uitgedeeld aan ruim 45 buurtinitiatieven, maatschappelijke organisaties en scholen.

Inzet tuincoaches: Bij diverse projecten van woningbouwcorporaties De Woonplaats en Domijn als via een door de coaches georganiseerd tuincafe in juni. De coaches gaven voorlichting aan huurders en inwoners over het belang van een groene tuin en hoe je je tuin goed groen inricht.

o

Tiny Forest aangeplant bij 2 scholen (CBS De Koning en OBS De Esmarke) en 3 groene schoolpleinen aangelegd (OBS De Esmarke, OBS Broekheurne en De Noorderkroon) en een ontwerp voorbereid (OBS Roombee

2024

Met de extra middelen die bij de gemeentebegroting 2024 - 2027 beschikbaar zijn gesteld startten we met de door de gemeenteraad vastgestelde prioritaire groene investeringen. Zoals: o

Het optimaliseren van de regels bomenbescherming en de optimalisatie van het onderhoud van de bomen.

o

Het vergroenen van de singels.

23

o

Vergroenen van de binnenstad (groenblauwere binnenstad). Waaronder ook de eerste stappen in het vergroenen van het van Heekplein.

o

Optimaliseren van de stadsparken.

o

Opzetten van een meerjaren investeringsprogramma voor groen.

o

Het ontwikkelen van een concrete groennorm voor Enschede.

Binnen de reguliere budgetten voor beheer en onderhoud van het groen hebben we in 2024 in het bijzonder ingezet op: o

Aanplant van een groot aantal bomen als onderdeel van het streven naar 170.000 bomen extra in Enschede Zie: Enschedese bomenteller.

o

Bescherming van bomen tijdens werkzaamheden.

o

Het opstellen van een soortenmanagementplan voor het stedelijk gebied van Enschede. Dit in samenwerking met woningbouwcorporaties.

o

Het verbeteren van het beheer van faunapassages.

o

Het verder beperken van het gebruik van preventieve middelen bij de aanpak van de eikenprocessierups. Ook zaaiden we bijvoorbeeld bloemenmengsels en plantten we bollen waarmee we werken aan het lange termijn herstel van het natuurlijk evenwicht. Dit in lijn met het meerjarige Plan van aanpak beheersing eikenprocessierups. Op die manier houden we de overlast onder controle, met respect voor mens, dier en milieu.

o

Het verder versterken van de biodiversiteit door projecten in het Wageler, uitbreiding van het ecologisch bermbeheer in het landelijk gebied, en uitdeelacties en campagnes voor inwoners (in samenwerking met Groene Loper Enschede).

o

Communicatie over dagelijks onderhoud en nieuwe groenprojecten zodat inwoners zien dat we bewust bezig zijn de stad te vergroenen. Aanvullend zetten we er op in dat inwoners weten wat ze zelf kunnen doen om bij te dragen aan een groenere en meer biodiverse stad. Zoals de verhuizing van de lindes van het stationsplein naar de boulevard.

RESULTATEN GEVOERDE BELEID Het is nog te vroeg om de concrete resultaten van ons beleid te zien. Dit aangezien we in 2024 de eerste middelen hebben gekregen voor uitwerking van instrumenten en het realiseren van meer concrete investeringen in onze groenambities. Zie voor de tussenresultaten en acties ook onderdeel 2 – de aanpak. 24

HAALBAARHEID DOELSTELLINGEN GROEN EN BIODIVERS 1 t/m 3. De doelstellingen lijken nog haalbaar. Dit is wel afhankelijk van een aantal factoren en hoe u hier ook als raad op acteert in uw kaderstellende rol. Zo zijn risico’s voor de doelstelling: 

Toenemende druk op de bestaande ruimte, vraagt stevige positie groen in (ruimtelijke) ontwikkelingen: Het is groen, tenzij… om onze doelstellingen te behalen werken we aan groennormen en robuuste structuren. We zien tegelijkertijd dat de druk op de ruimte (in met name) de stedelijke omgeving zowel boven- als ondergronds toeneemt. Hierdoor komt bestaand groen onder druk te staan en wordt het toevoegen van nieuw groen en robuuste groenstructuren ingewikkelder. Waarmee ook de gezondheid en leefbaarheid van de stad onder druk komt te staan. Ondanks de spanning in ruimte ligt er bij projecten en ontwikkelingen juist ook grote kansen door bij herinrichting gelijk te zorgen voor een robuust groenstructuur, in te zetten op behoud van bestaande bomen en groen en het kwalitatief vergroenen als opgave mee te geven. Waarbij we tegelijkertijd ook oog moeten hebben voor de kosten- en complexiteit verhogende factor die dit voor ruimtelijke ontwikkelingen kan opleveren. Het vraagt stevige inzet op het principe “het is groen, tenzij…” en inzet op “natuurlijke systemen leidend” in de plaats van alleen “water en bodem leidend” bij ontwikkeling.

Het vraagt (forse) en gedurfde investeringen: Groen toevoegen hoeft op zichzelf niet kostbaar te zijn. Echter in een sterk versteende omgeving met een grote diversiteit van functionaliteiten wordt het complexer en kostbaarder om echt kwalitatief te vergroenen. Dit vraagt investeringen. Investeringen en middelen die nog beschikbaar moeten worden gesteld in de komende jaren of die andersom door BOB en andere trajecten onder druk kunnen komen te staan.

We hebben een beperkte invloed op particuliere ruimte en ontwikkelingen: een groot deel van de ruimte in onze stad betreft particuliere gronden. Hier hebben we beperkte mogelijkheden om in te zetten op vergroening. We kunnen hier inzetten op het stimuleren door bijvoorbeeld kwalitatief vergroenen toe te voegen aan de bestaande groenblauwsubsidie. Maar vanuit de ambities en noodzakelijke opgaven valt ook te denken aan meer dwingende maatregelen. Zoals een tegeltax (hoe meer versteend je grond, hoe meer rioolheffing je hiervoor betaalt) of hardere voorwaarden in vergunningen.

In augustus 2024 is de Europese natuurherstelverordening in werking getreden. Hierin is bijvoorbeeld in artikel 8 op hoofdlijn opgenomen dat er geen nettoverlies van boomkroonbedekking of stedelijk groen mag plaatsvinden op nationaal niveau tot 2030 in stedelijke ecosysteemgebieden. Vanaf 2031 moet er zelfs gestreefd worden naar een toename van stedelijk groen en boomkroonbedekking in elk stedelijk ecosysteemgebied.

25

 Deze verordening vraagt echter nog uitwerkingen op Europees en nationaal niveau. Dit kan van invloed zijn op onze ambities en het uitwerken van instrumenten voor onze ambities.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=aa908f00-e13c-4779-9129-9abe4af53283