Brief aan de BAS reactie advies
Tekst van het document
POSTADRES
Postbus 20 7500 AA ENSCHEDE
BEZOEKADRES
Hengelosestraat 51 TELEFOONNUMMER
BAS Bewoners Adviesraad Sociaal T.a.v. de werkgroep Participatie, Armoede, Minima en Schuldhulpverlening
DATUM
ONS KENMERK
BEHANDELD DOOR
25 februari 2025
2500003311
M. van Oort
UW BRIEF VAN
UW KENMERK
DOORKIESNUMMER
ONDERWERP
EAA 2025
Beste leden van de werkgroep Participatie, Armoede en Minima en Schulphulpverlening, Dank voor uw advies die we op 09-01-2025 hebben ontvangen. In deze brief geven we aan in hoeverre en op welke manier we uw advies hebben verwerkt. U stelt in uw advies voor om de term NUGGERS te vervangen door NUG vanwege eventuele onwenselijke associaties. Wij nemen uw advies niet over. De term NUGGERS is de term die binnen de gemeente en het ministerie gehanteerd wordt. Hiervan afwijken kan verwarring scheppen. U heeft ons ook enkele verduidelijkende vragen gesteld, deze beantwoorden wij hieronder stapsgewijs. Vraag 1: Hoeveel van de PW gerechtigden behoren tot het zogenaamde granieten bestand? (Is dit granieten bestand überhaupt specifiek gekaderd?) Wij spreken niet van een granieten bestand. Wel spreken wij van inwoners met een lange afstand tot de arbeidsmarkt. Deze doelgroep is bekend bij het RAP-team en ook bij onze WZB’ers (werkzoekendenbegeleiders). Het RAP-team werkt aan de hand van een ketenaanpak waardoor zij de inwoners goed kennen en maatwerk leveren. Hiermee wordt beoogd inwoners te laten participeren. Van een granieten bestand spreken wij dan ook niet en streven wij ernaar om iedereen (waar mogelijk) te laten participeren. De totale omvang van inwoners met een lange afstand tot de arbeidsmarkt is 3845 (peildatum 1-10-2025).
Vraag 2: Wat is ons resultaat vergeleken met referentiegemeenten? Door onze regionale samenwerking in Twente is er voor gekozen om de regionale cijfers te vermelden in de EAA. De cijfers van referentiegemeenten zijn ons bekend en de aanbeveling deze op te nemen, nemen we mee in het volgende uitvoeringsprogramma EAA.
DATUM
ONS KENMERK
PAGINA
25 februari 2025
2500003311
2/3
Vraag 3: De cijfers lijken op verschillende pagina’s wat te verschillen c.q. moeilijk te lezen/duiden (tabel 14 op pagina 17 vergeleken met tabel 6 op pagina 9). Dit is een correcte constatering, waarvoor onze dank. Wij hebben de cijfers aangepast in het stuk. De verwarring komt omdat de cijfers op verschillende momenten uit het systeem zijn gehaald en er sprake is van onderhanden werk, waardoor ze nog konden wijzigen. Ook hebben we een aantal aanpassingen aangebracht in de tabel, zodat duidelijker is hoe de uitstroom is opgebouwd. De cijfers rondom de LKS hoorden hier niet bij en hebben we daarom verwijderd. Vraag 4: Voor 2025 wordt beoogd meer in te zetten op LKS, maar er is waarschijnlijk minder geld beschikbaar. In ieder geval vanaf 2026 (ravijnjaar). Hoe verhoudt zich dit tot elkaar? De inzet van LKS wordt door het Rijk naar realisatie gecompenseerd. De EAA gaat over de eerste drie kwartalen van het jaar 2024 en geeft een doorkijk naar 2025. Op dit moment is er geen sprake van minder budget. Wij weten niet hoe de financiën er in 2026 uit gaan zien. Vraag 5: hoe wordt ingezet op de toenemende tekorten op de arbeidsmarkt c.q. de vraag die vanuit de arbeidsmarkt gebruikt kan worden voor meer uitstroom. Er is aandacht voor de toenemende tekorten op de arbeidsmarkt. Dit is op zowel lokaal, regionaal als landelijk niveau. We werken o.a.
samen met onze partners zoals het UWV, opleidingsinstituten, werkgevers en vakbranches om werkzoekenden te activeren te kiezen voor kansrijke banen in bijvoorbeeld de zorg en techniek. Om de samenwerking te bevorderen komt er een Regionaal Werkcentrum (RWC). Door inzet van scholingsvouchers (o.a. door Twents Fonds voor Vakmanschap) en inzet van gelden door de eigen werkgever(s) wordt ook ingezet op duurzame inzetbaarheid van de eigen medewerker. Vraag 6: er wordt genoemd dat er ingezet wordt op gebruik van nieuwe instrumenten/routes. De voorbeelden die daarbij aangehaald worden zijn vooral varianten binnen de LKS oplossingen. Zijn er meer nieuwe instrumenten/routes te noemen. Afhankelijk van de behoefte van de inwoners wordt gekeken naar passende instrumenten/routes. Naast de individuele routes kan er een gebundelde behoefte bij meerdere inwoners ontstaan. Indien deze behoefte niet in bestaande instrumenten/routes passen kan er mogelijk een nieuwe route/instrument ontstaan. Naast bovenstaande vragen en opmerkingen heeft u inhoudelijk advies gegeven. Onze reactie hierop is als volgt: Punt 1: Binnen de afdeling Werk & Inkomen wordt met verschillende teams gewerkt. De inwoner waarvan verwacht wordt dat hij snel kan uitstromen naar werk komt bij het team Werkgeversdiensten & Detacheringen. De inwoner die meer begeleiding nodig heeft komt bij het team Werkzoekendenbegeleiding.
De inwoner met een grote lange afstand tot de arbeidsmarkt wordt begeleid door het Participatieteam (RAP-team). Deze inwoner heeft vaak complexe problematiek op meerdere leefgebieden. Wij werken- samen met de inwoner -op de verschillen (beleids-)terreinen samen. Zodra aan deze belemmeringen is gewerkt en (grotendeels) is verholpen stoomt hij door naar het team Werkzoekendenbegeleiding. We willen dit proces goed monitoren. Centraal daarin staat de vraag hoe we de keten van meedoen/verrichten van dagactiviteiten naar (vrijwilligers-)werk zo optimaal mogelijk kunnen uitvoeren. Punt 2: Rondom de out of the box oplossingen wordt ook door de adviseurs werk meegedacht. Zij hebben contacten met werkgevers en onderzoeken verschillende mogelijkheden. Op dit punt is nog meer ontwikkeling nodig. Dit heeft wel een samenhang met het regionaal werkcentrum.
DATUM
ONS KENMERK
PAGINA
25 februari 2025
2500003311
3/3
Statushouder oplossing 1: U stelt voor om sommige diploma’s uit het land van herkomst te erkennen. Als gemeente kunnen we niet lokaal besluiten een diploma te erkennen. Deze bevoegdheid ligt bij Stichting Nuffic en Stichting Samenwerking Beroepsonderwijs. Tijdens de brede intake stimuleert de gemeente inburgeringsplichtigen om diploma’s te laten herwaarderen. De verantwoordelijkheid van het aanvragen van de diplomawaardering ligt bij de inburgeringsplichtigen. Statushouders oplossing 2: U stelt voor om daar waar het kan te communiceren conform de gewoonten in het land van herkomst en stapsgewijs te begeleiden aan de Nederlandse normen en waarden. Met de implementatie van de Wet inburgering 2021 worden statushouders beter begeleid. Een verplicht onderdeel uit de inburgering is het Participatieverklaringstraject. Via dit traject maken nieuwkomers kennis met de rechten, plichten en waarden van de Nederlandse samenleving. De nieuwkomer maakt kennis met de Nederlandse kernwaarden vrijheid, gelijkwaardigheid, solidariteit en participatie. Ook krijgen ze begeleiding richting de arbeidsmarkt. Statushouders oplossing 3: U stelt voor om snel en adequaat op te treden bij het niet naleven van de regelgeving. Als de regelgeving niet wordt nageleefd wordt de afdeling Handhaving ingeschakeld.
Ook de betrokken regiefunctionarissen van de gemeente hebben veelvuldig contact met de statushouders over de rechten en plichten. Statushouders oplossing 4: U stelt voor om persoonlijke begeleiding van minimaal 6 maanden te bieden met betrekking tot opleiding, stage en werk. Tijdens het inburgeringstraject worden inburgeringsplichtigen begeleidt door de regiefunctionarissen van de gemeente. Daarnaast biedt Vluchtelingenwerk de verplichte maatschappelijke begeleiding aan. De maatschappelijke begeleiding bestaat in ieder geval uit praktische hulp bij het regelen van en voorlichting over de basisvoorzieningen in de Nederlandse samenleving. Statushouders volgen een intensief inburgeringstraject. Hierbij wordt er gestreefd naar gelijktijdige inzet van het inburgeringstraject en werk. Echter is dit niet altijd mogelijk vanwege de verplichte studie uren vanuit de inburgering. Hoogachtend, Burgemeester en Wethouders van Enschede, de loco-Secretaris, de Burgemeester,
(E.A. Smit)
(R.W. Bleker)