CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 . Memo wijzigingen IHP

Raadsvergadering 27 oktober 2025, gemeente enschedeBij agendapunt: Onderwijshuisvesting1.675 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Datum: 16 september 2025 Aan: de leden van de stedelijke commissie Van: het College Onderwerp: toelichting wijziging IHP 2026-2055 t.o.v. IHP 2021-2055

Aanleiding In de kamer Ewio van de Stedelijke Commissie van maandag 15 september 2025 heeft het College toegezegd de leden van de commissie met een memo nader te informeren over de wijzigingen in het nieuwe herijkte IHP ten opzichte van de eerdere versie. Wijzigingen Het nieuwe IHP borduurt voort op de vorige versie. Veel van de inhoud is dan ook hetzelfde gebleven. Op de volgende aspecten is er sprake van aanpassing: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Toevoeging kwaliteitscriteria schoolgebouw. Wijziging vergoeding per m2 en eigen bijdrage schoolbesturen. Wijzigingen in de planning. Toevoeging bestuursopdracht en standaard procesaanpak. Afspraken m.b.t. bekostiging nevenvestigingen en dislocaties. Opname bijkomende kosten.

1. Kwaliteitscriteria schoolgebouw Er is het afgelopen jaar veel overleg met de schoolbesturen geweest over de gewenste kwaliteit van de schoolgebouwen in relatie tot de beschikbare financiële middelen. Binnen de scholenbouw wordt veel gesproken over het zogenaamde Frisse Scholen concept met alle onderliggende criteria op klasse B. HEVO heeft al deze eisen en ook die van Ruimte OK tegen het licht gehouden en besproken met de schoolbesturen. Gezamenlijke conclusie is dat het voor Enschede gekozen kwaliteitskader (zie bijlage 1) zorgt voor een goed gebouw dat voldoet aan alle moderne vereisten en voorziet in een goed binnenklimaat met goede temperatuurregeling. Algemeen wordt gedacht dat kwaliteit A altijd beter is dan bijvoorbeeld kwaliteit B of C, maar dat is lang niet altijd het geval. In het geval van tocht zouden bijvoorbeeld vanuit klasse A eigenlijk alle deuren van entrees, lokalen en toiletten van luchtsluizen voorzien moeten worden. Of zouden er nagenoeg geen gevelopeningen (cq ramen) kunnen zijn om aspecten als Daglicht en Helderheidswering op A te houden. Of moet gekozen worden voor extra hoge lokalen om het aspect Ruimtevolume op A te houden. Dit laatste zorgt niet alleen voor extra hoge bouwkosten maar ook voor meer (dure) en complexe maatregelen op het gebied van bijvoorbeeld ventilatie en koeling en daardoor hogere onderhoudskosten.

Al met al hangen veel aspecten dus met elkaar samen en is de afgelopen maanden een intensief traject doorlopen met de technische mensen van de schoolbesturen om te komen tot een zinvol en betaalbaar kwaliteitskader dat zorgt voor frisse, duurzame en toekomstbestendige schoolgebouwen. 2. Wijziging Vergoeding per m2 en eigen bijdrage schoolbesturen In het vorige IHP zijn de investeringen bepaald op basis van de HEVO nieuwbouwkostenconfigurator. Voor het nieuwe IHP is besloten aansluiting te houden met de VNG-modelverordening en de daarin gehanteerde normbedragen. Dit omdat we, net als vele andere gemeenten, altijd al werken met de VNGmodelverordening en we geconcludeerd hebben dat met de eigen bijdrage van de schoolbesturen en de toekenning van een extra budget van € 120 per m2 de verschillen met de HEVO-systematiek minimaal zijn. De VNG-systematiek gaat uit van een startbedrag per school en vervolgens een opslag op basis van m2, schooltype (PO, VO en SO) en een opslag voor extra voorzieningen zoals een speellokaal, lift, werkplaats, etc. Elk type onderwijs kent een eigen normvergoeding. De verwachting is dat vanuit de VNG-vergoeding de gewenste ambities voor het binnenklimaat en CO2 niet behaald kunnen worden in het primair en speciaal onderwijs.

HEVO heeft berekend dat het opplussen van het binnenklimaat en de CO2-norm naar A kwaliteit een extra investering vergt van € 120 per m2. Dit

bedrag zal de komende 5 jaar extra vergoedt worden bovenop de VNG-norm. En dan alleen voor de scholen voor primair en speciaal onderwijs en het Greydanus. Carmel en HSL geven aan in te kunnen stemmen met sec de VNG-vergoeding en een eigen bijdrage van 8,5%. Greydanus zal ook 8,5%van de VNG-stichtingskosten als extra budget toevoegen aan het VNG-budget waardoor het totaal beschikbare budget voor de (ver)nieuwbouw hoger wordt. De schoolbesturen voor primair en speciaal onderwijs hebben aangegeven uit te gaan van een bijdrage van € 135 per m2. Met het benoemen van de verduurzamingsmaatregelen zien schoolbesturen mogelijkheden om dit te verantwoorden richting de accountant. De genoemde aanvullende eisen (Luchtverversing Klasse A en Temperatuur zomer Klasse A) kunnen daarbij worden aangedragen als concrete maatregelen. De verantwoording wordt gezamenlijk opgepakt door de schoolbesturen in overleg met de verschillende accountants. Indien een schoolbestuur niet bijdraagt vervallen de genoemde aanvullende eisen en valt de gemeente terug op de VNG normvergoeding. Er is bewust voor gekozen om alleen de eerste vijf jaar het budget voor primair en speciaal onderwijs te verhogen met € 120 per m2. Na 5 jaar moet er op basis van de ervaringsgegevens meer duidelijk zijn over de hoogte van de structurele bijdrage van de schoolbesturen en wordt de extra bijdrage van de gemeente heroverwogen.

Het uitgangspunt is dat de extra vergoeding vervalt en de gemeente terugvalt op sec de VNG-vergoeding. Normaliter zou deze met indexering moeten aansluiten op de werkelijke bouwkosten. En over 5 jaar is er ervaring opgedaan met het bouwen conform vaste stramienen en standaarden (bijv concept Twentse School) waardoor een besparing op de bouwkosten wordt verwacht. 3. Wijzigingen Planning Ten opzichte van het vorige IHP is een aantal projecten verschoven naar een ander tijdsvak. Zo zijn de scholen in Boekelo/Usselo in jaarschijf 2026-2030 geplaatst en zijn de Regenboog en het Stroink geplaatst in jaarschijf 2031-2040. Verder stond de renovatie/nieuwbouw van Het Roessingh in het vorige IHP in twee delen (oudbouw 2026-2030 en nieuwere deel 2041-2055). Praktisch gezien is dit onhaalbaar, vandaar dat het nu als één project is opgenomen in jaarschijf 2031-2040. ISK Mekkelholtspad is naar voren gehaald en toegevoegd aan de locatie HSL Zuid (incl IST) en wordt in 2025/2026 volledig verduurzaamd en gerenoveerd. HSL Zuid heeft geruild in tijd met HSL Kottenpark. Voor Wereldwijs Noord (voorheen Glanerbrug Noord) wordt samen met de scholen Wereldwijs Zuid (voorheen Glanerbrug Zuid) en De Esmarke een alternatief gezocht in het komende jaarschijf 2026-2030. Hiervoor zijn de locaties Wereldwijs Zuid en De Esmarke naar voren gehaald. De Prinseschool IST is verplaatst naar de periode 2041-2055.

Het Neon college staat in de periode 2031-2040 maar deze school heeft aangegeven dat de huidige locatie niet geschikt is voor de doelgroep. Attendiz wil graag gebruik maken van vrijkomende schoolgebouwen om deze doelgroep te verplaatsen. De toekomst van deze school wordt dan ook nader bepaald. In het IHP zijn de uitkomsten van het traject Scholenlandschap meegenomen. Binnen dit traject hebben Consent, SKOE en VCO hun visie op het toekomstige scholenlandschap voor het basisonderwijs uitgewerkt met als doel het aantal scholen onder de opheffingsnorm terug te brengen. Het streven is de realisatie van vitale en toekomstbestendige scholen. Het uitgangspunt voor de nieuwbouw van scholen is dan ook de lokale opheffingsnorm van 137 (peiljaar 2024). Echter, keuzes rondom identiteit of diversiteit kunnen bepalen dat in specifieke gevallen van deze norm wordt afgeweken. Ook geografische spreiding kan een rol spelen. Zo kan het zijn dat in kleine kernen of bepaalde wijken bewust wordt afgeweken van de opheffingsnorm, om het gewenste onderwijsaanbod te behouden. In bijlage 7 ‘Investeringsplanning opgaven IHP, zijn alle scholen onder opheffingsnorm van 137 leerlingen in rode tekst weergegeven. Voor deze scholen zoeken de schoolbesturen samenwerking met de veelal naastgelegen scholen en worden waar nodig fusietrajecten doorlopen binnen het eigen schoolbestuur.

Zo zijn Willem van Oranje/ Jonge helden en De Paulus/Zevenster al gefuseerd. Door toekomstige samenwerkingen van scholen kunnen bepaalde scholen in een andere jaarschijf komen zoals De Koning, Europa, en De Broekheurne. 4. Toevoeging bestuursopdracht en standaard procesaanpak In paragraaf 7. 2 is de volgde tekst opgenomen: “ In de uitvoering van de projecten uit jaarschijf 2021-2025 zijn gemeente en schoolbesturen tegen een aantal zaken aangelopen welke vertragend hebben gewerkt.

2

Vanuit de scholen en schoolbesturen werden plannen opgetuigd, maar andere betrokken afdelingen zoals Verkeer, Water, Wonen en Groen waren nog niet aangehaakt. De vernieuwingsopgave die in dit IHP staat biedt mogelijkheden voor het verwezenlijken van bredere stedelijke doelstellingen. Bijvoorbeeld het verbeteren van de infrastructuur, de ruimtelijke inrichting en/of sociale voorzieningen. Alle vier de strategische opgaven worden geraakt: Inclusief, Groen en duurzaam, Aantrekkelijk en Open Enschede. Hiervoor is er een bestuursopdracht gegeven om 1) een versnelling in de uitvoering van de lopende nieuwbouwprojecten te krijgen en 2) een standaard procesaanpak te krijgen waardoor toekomstige projecten vanaf het begin af aan breed integraal aangevlogen worden. Het doel is de bouw van nieuwe scholen zo goed mogelijk te benutten voor brede gemeentelijke doelstellingen op sociaal en fysiek vlak.” Het doel is dat nieuwe of vernieuwde schoolgebouwen bijdragen aan de realisatie van gemeentelijke doelstellingen op sociaal en fysiek vlak. Schoolgebouwen kunnen in wijken een belangrijke rol vervullen voor inclusie, vergroten van kansengelijkheid en verbinding. 5. Afspraken m.b.t.

bekostiging nevenvestigingen en dislocaties In het vorige IHP werden dislocaties als zelfstandige locatie gezien en stonden ze zelfstandig ingepland voor nieuwbouw maar dan zonder de toekenning van de zogenaamde vaste voet van 200 m2 inclusief bijbehorende middelen. In het nieuwe IHP zijn concrete afspraken gemaakt over nevenvestigingen en dislocaties, zie paragraaf 4.3 ‘Dislocaties en nevenvestigingen’. Nevenvestiging: een eerdere zelfstandige school met een eigen vestigingsnummer cq brinnummer. Een nevenvestiging heeft op basis van de verordening recht op nieuwbouw inclusief bijbehorende vaste voet. Dislocatie: geen zelfstandige locatie, maar onderdeel van een hoofdlocatie. Een dislocatie heeft op basis van de verordening geen recht op nieuwbouw maar wordt qua nieuwbouw meegeteld met de hoofdvestiging. Bepaalde dislocaties zijn zo groot dat ze worden behandeld als een zelfstandige school en de vaste voet in m2 en € toegekend krijgen.

6. Opname bijkomende kosten In het vorige IHP was alleen rekening gehouden met de bouwkosten. In de totale investeringssom voor het nieuwe IHP wordt in het bedrag van € 783 miljoen naast de bouwkosten ook rekening gehouden met: • kosten voor tijdelijke huisvesting. Waarbij het uitgangspunt is dat niet ieder project hierin wordt voorzien en er zoveel mogelijk gefaseerd wordt gerenoveerd dan wel gebouwd. Of gebruik wordt gemaakt van elders leegstaande gebouwen. • de afboeking van boekwaarden. • indexering. • een stelpost voor onvoorziene kosten binnen de projecten. • sloopkosten (complete sloop bij vervangende nieuwbouw)

3

Bijlage 1. Kwaliteitskader

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=3ac53075-3fa8-4b81-823e-63ae0d40c046