CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5b Discussienota bindend advies en verplichte participatie d.d. 2 november 2021

Raadsvergadering 30 januari 2023, gemeente enschedeBij agendapunt: Adviesrecht, participatieplicht en delegatie onder de Omgevingswet11.029 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Discussienota bindend advies en verplichte participatie Inhoud Hoofdstuk 1 Aanleiding ........................................................................................................................ 1 Hoofdstuk 2 Doel van de discussienota en bespreking in commissie Omgevingsbeleid ............. 2 Hoofdstuk 3 Bindend advies ................................................................................................................ 3 3.1 Procedure ..................................................................................................................................... 3 3.2 Bestaande lijsten VVGB als uitgangspunt voor adviesrecht onder de Omgevingswet ....... 5 3.2.1 Aangepaste “kruimelregeling” na vaststelling VVGB-lijst ....................................................... 6 3.2.2 Totstandkoming advieslijst ..................................................................................................... 6 3.3 Ervaringen besluitvorming afgelopen jaren als uitgangspunt ............................................... 7 3.3.1 Praktijkvoorbeelden grote afwijkingen reguliere (kruimel) procedure .................................... 7 3.3.2 Initiatieven/projecten waarbij de raad betrokken wil/zou kunnen worden ..............................

7 Hoofdstuk 4 Verplichte participatie ..................................................................................................... 7 4.1 Indieningsvereiste ....................................................................................................................... 7 4.2 Raadsbesluit verplichte participatie .......................................................................................... 8 Hoofdstuk 5 Lijst adviesrecht en verplichte participatie ................................................................... 9 Bijlage 1 ................................................................................................................................................. 13 Bijlage 2 ................................................................................................................................................. 14 Bijlage 3 ................................................................................................................................................. 15 Bijlage 4 ................................................................................................................................................. 23 Bijlage 5 .................................................................................................................................................

24 Bijlage 6 ................................................................................................................................................. 26

Hoofdstuk 1 Aanleiding Naar verwachting treedt op 1 juli 2022 de Omgevingswet in werking. Wanneer de Omgevingswet in werking treedt worden (onder andere) alle bestemmingsplannen van rechtswege één omgevingsplan. Het omgevingsplan is daarmee de uitgebreide opvolger van het huidige bestemmingsplan. In het omgevingsplan wordt vastgelegd waar in Enschede welke functies en welke activiteiten worden toegestaan, waarvoor een vergunning moet worden aangevraagd of een melding moet worden gedaan en welke voorschriften daaraan worden verbonden. De voorschriften die aan functies – zoals wonen, werken, horeca en recreatie – en aan de activiteiten worden verbonden, zijn erop gericht om de omgevingskwaliteit op peil te houden of waar nodig te verbeteren. Naast de regels uit de bestemmingsplannen, zullen regels uit onze Verordening kwaliteit leefomgeving in het omgevingsplan opgenomen worden. Ook worden regels opgenomen die de rijksoverheid via de Omgevingswet aan gemeenten heeft overgedragen, de zogeheten “bruidsschat”. Te zijner tijd zullen ook regels die voortvloeien uit de nog op te stellen omgevingsvisie onderdeel gaan uitmaken van het omgevingsplan. Ook onder de Omgevingswet zullen er net zoals nu, plannen zijn die niet passen binnen het omgevingsplan, maar waar we wel medewerking aan willen verlenen.

Dit kan gaan om grote plannen (bijvoorbeeld woningbouwplannen), maar ook om kleinere afwijkingen (een dakkapel of een bijgebouw bij een woning) of om een wijziging in gebruik van een gebouw of een bedrijf (bijvoorbeeld van een kantoorfunctie naar wonen).

1

Als een initiatief niet past binnen het omgevingsplan zijn er twee mogelijkheden om het toch toe te staan: 1. Het is mogelijk een vergunning te verlenen in afwijking van het omgevingsplan: de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA), 2. het is mogelijk het omgevingsplan zelf te wijzigen. De Omgevingswet bepaalt dat het college bevoegd is voor het verlenen van de omgevingsvergunningen (ook de BOPA’s) en dat de raad bevoegd is voor het wijzigen van het omgevingsplan. Met beide instrumenten kunnen overigens vrijwel dezelfde projecten worden gerealiseerd. Net zoals in de huidige situatie (=projectafwijkingsbesluit) is het voor een BOPA nodig dat een plan concreet is uitgewerkt. Bij een omgevingsplan worden de kaders neergezet en kan een globaler plan worden opgesteld. Het uit te voeren plan kan daarbij nog meer op hoofdlijnen zijn. Voor zowel BOPA’s als een wijziging van het omgevingsplan geldt dat aan dezelfde voorwaarden moet worden voldaan als bij de vaststelling van het omgevingsplan. Het bevoegd gezag moet beoordelen of er bij het toestaan van de activiteit sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Een BOPA kent een snellere proceduretijd (8 weken) en er is bezwaar en beroep in twee instanties mogelijk. Een wijziging van het omgevingsplan kent een langere proceduretijd (circa 26 weken) en daartegen is beroep in één instantie mogelijk.

Ook na inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft de raad verschillende bevoegdheden. Het gaat o.a. om: • het adviesrecht van de raad bij omgevingsvergunningen voor een Buitenplanse OmgevingsPlanActiviteit (BOPA); • het al dan niet opleggen van een plicht tot participatie bij bepaalde initiatieven voor een BOPA; • delegatie van de bevoegdheid tot het vaststellen van omgevingsplanwijzigingen. Bij voorkeur heeft de raad ten aanzien van deze onderwerpen een besluit genomen voordat de Omgevingswet in werking treedt. De eerste twee (adviesrecht en participatieplicht) bevoegdheden zijn nieuw. En de laatste (delegatie) is al een bestaande bevoegdheid, die beter aangesloten moet worden op het nieuwe wettelijke stelsel onder de Omgevingswet. Deze besluiten kunnen uiteraard op ieder moment door de gemeenteraad worden bijgesteld indien hiertoe aanleiding is.

Hoofdstuk 2 Doel van de discussienota en bespreking in commissie Omgevingsbeleid Op 6 september jl. is met de Commissie Omgevingsbeleid een eerste stap gezet om te komen tot een raadsbesluit over het adviesrecht van de raad, de participatieplicht en delegatie. In de betreffende commissievergadering is algemene informatie verstrekt over deze drie onderwerpen. Ter verduidelijking van de korte presentatie is ook een naslagwerk verstrekt met extra uitleg over deze bevoegdheden en de procedureverschillen in het vergunningentraject tussen de Wabo en de Omgevingswet. Het naslagwerk kunt u gebruiken als achtergrondinformatie bij deze discussienota. Proces Op 6 september hebben wij aangegeven dat vanwege de (indirecte) samenhang tussen de drie onderwerpen er één raadsbesluit voorbereid zal worden. Dat is nog steeds het plan. Omdat het echter gaat om drie belangrijke onderwerpen die allen een goed gesprek vereisen, hebben wij ervoor gekozen om het gesprek te verdelen over twee commissievergaderingen. De eerste commissievergadering vindt plaats op 15 november en gaat over het adviesrecht en de participatieplicht. De tweede commissievergadering vindt plaats in januari en gaat over delegatie. Om die reden maakt delegatie nu geen deel uit van deze discussienota.

Uiteindelijk komen, afhankelijk van de discussie in de commissievergaderingen, alle drie onderwerpen weer tezamen in één samenhangend raadsvoorstel en -besluit. 2

Het proces ziet er vooralsnog als volgt uit: -

17 januari 2022: behandelen discussienota onderdeel delegatie in Commissie Omgevingsbeleid; 25 januari 2022: collegevergadering: behandelen collegevoorstel met raadsvoorstel en bijlagen; 7 februari 2022: behandeling raadsvoorstel stedelijke commissie; 7 maart 2022: raadsvergadering; Na een met u afgesproken periode evalueren van de lijsten voor adviesrecht en participatieplicht.

Hoofdstuk 3 Bindend advies 3.1 Procedure De Omgevingswet en de bijbehorende besluiten maken, anders dan onder de Wabo, geen onderscheid meer in procedure(termijn) tussen de grotere en de kleinere afwijkingen van het omgevingsplan. De standaard-behandeltermijn van aanvragen is acht weken met de mogelijkheid deze met zes weken te verlengen. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat de afstemming tussen initiatiefnemer en het bevoegd gezag en de participatie met andere belangstellenden al heeft plaatsgevonden vóór het indienen van de vergunningaanvraag (zie afbeelding 1 op pagina 4). Zoals aangegeven speelt de gemeenteraad in beginsel geen rol bij de beslissing over BOPA’s. De standaardbevoegdheid van een VVGB van de raad is namelijk komen te vervallen. Wél geeft de Omgevingswet de gemeenteraad de mogelijkheid om gevallen aan te wijzen van BOPA’s (die een collegebevoegdheid zijn) waarover hij wil adviseren (artikel 16.15 e.v. Omgevingswet en artikel 4.21 Omgevingsbesluit). De proceduretijd blijft ook bij adviesrecht van de raad acht weken met de mogelijkheid van verlenging van zes weken. De uitgebreide procedure van 26 weken kan alleen door het college worden toegepast op verzoek van de initiatiefnemer, met instemming van de initiatiefnemer en door het college zelf.

Dit laatste is alleen aan de orde bij projecten die aanzienlijke gevolgen kunnen hebben op de fysieke leefomgeving én waar naar verwachting verschillende belanghebbenden bedenkingen hebben. Voor alle andere gevallen is er ten opzichte van de huidige situatie dus een aanzienlijke inkorting van de procedure termijn, namelijk van 26 weken naar 8 (+ 6) weken. En het is vanzelfsprekend niet de bedoeling dat alleen vanwege “een gebrek aan tijd” voor de uitgebreide procedure gekozen wordt – dat druist in tegen de bedoeling van de Omgevingswet om te streven naar een snellere en eenvoudigere procedure. Dit betekent dat, binnen een periode van 8 (+6) weken een vergunningaanvraag op volledigheid en inhoudelijk beoordeeld moet worden én de vergunning moet worden opgesteld. De raad ontvangt de aanvraag en bijbehorende gegevens en brengt daarover een advies uit aan het college. Vervolgens beslist het college op de aanvraag. Gelet op de huidige aanleverprocessen en het vergaderschema van de raad wordt het nog een uitdaging om binnen een termijn van acht weken een advies af te kunnen geven en daarbij voldoende beslistermijn voor het college te behouden. Nadat het college het advies heeft ontvangen, moet de vergunning immers nog verder afgehandeld worden (met inachtneming van het advies van de raad).

In de raadscommissievergadering van 15 november willen wij graag met u van gedachten wisselen over de advieslijst die te vinden is in hoofdstuk 5. Verderop in dit hoofdstuk vindt u een toelichting op de totstandkoming van deze lijst. Gemotiveerd advies Het college moet beslissen met inachtneming van het advies van de raad. Tegen de besluiten staan rechtsbeschermingsmiddelen (bezwaar en/of beroep) open. Dit maakt dat de adviezen die de raad verstrekt zorgvuldig gemotiveerd moeten worden. Centraal moet staan een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, een evenredige toedeling van functies aan locaties en/of de uitvoerbaarheid van plannen. In de advisering moet rekening gehouden worden met de door de raad vastgestelde beleidsregels. Afwijking van de beleidsregels en visies kan alleen bij een bijzondere omstandigheid en na een zorgvuldige belangenafweging. De zwaarte van de motivering hangt af van de mate waarin wordt afgeweken. Onderstaande afbeelding biedt inzicht in het informele en het formele traject dat een vergunningaanvraag voor een BOPA doorloopt. Daarbij wordt inzicht gegeven in de vorm, de doorlooptijd, participatie en inspraak en de rol van de raad. 3

Afbeelding 1: procedure BOPA Ad 1 Initiatief Het is in principe wenselijk dat een initiatiefnemer een vooroverleg heeft met de gemeente. Voorafgaand aan het indienen van een aanvraag; de aanvraag is het startpunt van het formele traject. Een aanvraag kan echter ook rechtstreeks, dus zonder vooroverleg worden ingediend en gaat dan rechtstreeks naar het formele traject. Vooroverleg wordt gestimuleerd. Ad 2 Vorm (het middel) De vorm (het middel) is in het informele traject een verzoek om haalbaarheid. De gemeente (en eventuele andere stakeholders) bekijkt dan of het wenselijk is een vergunning voor het initiatief te verlenen en wat daarvoor nodig is. Daarna kan de vergunning worden aangevraagd. Ad 3 Doorlooptijd Het informele traject kent geen vaste termijnen. De termijn is o.a. sterk afhankelijk van de aard van het initiatief, of er nog aanvullingen moeten worden ingediend om het goed te kunnen beoordelen, of het initiatief nog aangepast moet worden en welke partijen bij de beoordeling betrokken moeten worden. Het formele traject kent voor de normale procedure een termijn van 8 (+ 6) weken en voor de uitgebreide procedure een termijn van 26 weken. Ad 4 Participatie en inspraak Participatie is niet verplicht, tenzij de raad dat bij BOPA’s verplicht heeft gesteld. De participatie wordt, eventueel in samenspraak met de gemeente, door de initiatiefnemer georganiseerd.

Voor het formele traject moet de initiatiefnemer op het aanvraagformulier aangeven of aan participatie is gedaan en zo ja wat de resultaten zijn. Als participatie niet verplicht is en ook niet is gedaan, kan het zijn dat het college toch extra informatie nodig heeft om een beter beeld te krijgen van alle verschillende belangen. Het college kan dan bijvoorbeeld zelf extra informatie inwinnen bij belanghebbenden om een goede afweging te kunnen maken. Als participatie wel verplicht is gesteld door de raad, maar de initiatiefnemer heeft dat niet gedaan, dan krijgt de initiatiefnemer de tijd om dat alsnog te doen. De proceduretijd van 8 weken wordt dan opgeschort (tijdelijke pauze) zodat er alsnog participatie kan worden gedaan door de initiatiefnemer. Als dat alsnog niet wordt gedaan, kan het college de aanvraag buiten behandeling laten. Ad 5 Rol van de raad Tijdens het informele traject heeft de raad in principe geen actieve rol. De aanvraag is dan nog niet ingediend, kan nog wijzigen, komt weken, maanden en soms zelfs jaren later, of komt misschien zelfs wel helemaal niet. Toch is het misschien handig om de raad eerder te betrekken dan pas op het moment dat een aanvraag formeel is ingediend.

4

Vanaf dat moment begint de beslistermijn van 8 (+ 6) weken immers te lopen. Daarnaast besteed een initiatiefnemer veel tijd en geld aan de totstandkoming van een aanvraag. Ook in dat kader kan het handig zijn dat de raad, in bepaalde gevallen, al tijdig betrokken is. Dan kan eventuele inbreng van de raad al eerder in het proces door de initiatiefnemer meegenomen worden. Als de raad daarvoor al bekend is met het initiatief, is er meer tijd om na te denken over een mogelijk advies. Dat kan bijvoorbeeld in informerende zin, of misschien wat actiever; door alvast met de raad te spreken over het initiatief en na te denken over een mogelijk advies. Dat laatste is waarschijnlijk pas echt zinvol als een initiatief voldoende concreet is. Dat zou bijvoorbeeld het geval kunnen zijn als een initiatiefnemer zijn initiatief al aanbiedt voor participatie. Wij stellen voor, om hier “werkende weg” verder over na te denken. Dit is zeker een punt dat een plek dient te krijgen in de evaluatie. In het formele traject heeft de raad een actieve rol in de gevallen die hij voor adviesrecht heeft aangewezen. Hoe de raad tot zijn advies komt is een punt van nadere uitwerking. 3.2 Bestaande lijsten VVGB als uitgangspunt voor adviesrecht onder de Omgevingswet De vraag die nu voorligt is welke gevallen de raad onder het adviesrecht wil laten vallen.

Op dit moment (Wabo) is het voor bepaalde afwijkingen van het bestemmingsplan verplicht dat de uitgebreide voorbereidingsprocedure wordt gevolgd. Het gaat daarbij om alle afwijkingen die niet als binnenplanse afwijking zijn opgenomen in het bestemmingsplan en die niet door het college verleend kunnen worden via de kruimelregeling (reguliere procedure). De kruimelregeling is te vinden in bijlage 2. Om te verduidelijken welke initiatieven met de reguliere (afwijkings)procedure (8 weken) door het college verleend kunnen worden zijn in bijlage 3 alle reguliere aanvragen uit 2020 opgenomen. Alle verleende uitgebreide vergunningen (26 weken) in de periode van 2010 tot 2021 vindt u in bijlage 5. Voor de uitgebreide procedure geldt ook de verplichting dat er een verklaring van geen bedenkingen (VVGB) van de gemeenteraad nodig is. De gemeenteraad kan categorieën van gevallen aanwijzen waarvoor het college geen VVGB hoeft te vragen. De gemeenteraad van Enschede heeft via een drietal besluiten categorieën van gevallen aangewezen (zie bijlage 1). Onder de Omgevingswet wordt dit aangepast: onder de Omgevingswet is namelijk standaard geen besluit van de raad nodig. De raad kan wél gevallen aanwijzen waarvoor hij een verzwaard, bindend advies wil afgeven aan het college. Het college moet zich aan het advies houden. De uitkomst van het advies is hiermee bindend.

Deze adviesbevoegdheid lijkt daarmee in de plaats te komen van de verklaring van geen bedenkingen en wordt meer in lijn gebracht met het gedachtegoed van de Omgevingswet (‘Eenvoudig beter’). Het verschil is te vinden in de benaderingswijze waarop de raad wordt gevraagd om mee te denken. De Omgevingswet is in algemene zin meer gericht op een “ja, mits” benadering. Voor de adviesbevoegdheid betekent dit gevallen aanwijzen waarover de raad wel wil adviseren. Terwijl de huidige wetgeving vergelijkbaarder is met een “nee, tenzij” benadering. Het meewerken aan een uitgebreide afwijkingenprocedure kan alleen wanneer de raad een VVGB afgeeft of de raad op een lijst heeft aangegeven dat geen VVGB nodig is. Een mogelijkheid om te komen tot een (gedeelte van een) lijst waarover de raad wil adviseren zou dan ook kunnen zijn het “omdraaien” van de lijst categorieën van gevallen waarvoor u op grond van de Wabo heeft aangegeven dat geen VVGB nodig is. Op dit moment heeft u bepaald welke onderwerpen u niet hoeft te zien en waarvoor u voor uzelf geen rol ziet. Straks geeft u aan welke onderwerpen u juist wel wilt zien en waarover u dus wilt adviseren. Wat bij het bepalen van de gevallen meegewogen moet worden, is dat de Omgevingswet als doel heeft om besluitvorming over initiatieven sneller (beslistermijn in principe 8 weken) en overzichtelijker te laten verlopen.

Daarnaast is een uitgangspunt van de wet, dat de raad op hoofdlijnen stuurt en de resultaten monitort, en dat het college het beleid uitvoert.

5

Uit de wetsstukken is het streven af te leiden om de advieslijst van de raad te beperken tot projecten met grote impact op de fysieke leefomgeving. Daarbij kan gedacht worden aan de volgende criteria waarvan wij voorstellen die als uitgangspunten te kiezen. Uit deze uitgangspunten kunnen vervolgens meer concrete categorieën van gevallen worden afgeleid. Het gaat in eerste aanleg om de volgende uitgangspunten: projecten waarbij op meerdere (grote) punten wordt afgeweken van het omgevingsplan, waar afgeweken wordt van vastgestelde beleidskaders, waar veel verschillende belangen meewegen, waar een project (veel) invloed kan hebben op omliggende percelen, waar het project de herontwikkeling van een relatief groot gebied betreft. De raad kan dus ook overwegen om voor het bepalen van categorieën van gevallen niet uitsluitend te kijken naar wat hij onder de huidige wetgeving al dan niet ziet (omdraaien van de (geen) VVGB-lijst), maar de advieslijst verder te beperken tot de gevallen die grote impact hebben op de fysieke leefomgeving. De huidige (geen) VVGB-lijst was in 2011 namelijk niet met dat oogmerk opgesteld. Als wordt gekeken naar de (geen) VVGB-lijsten van vergelijkbare gemeenten zoals Deventer en Apeldoorn, dan is te zien dat de betreffende gemeenteraden uitsluitend grote projecten naar zich toe trekken (al conform gedachte Omgevingswet).

1 Deventer noemt geen aantallen t.a.v. woningbouw (wat betekent dat de raad geen rol heeft bij woningbouw mits het past binnen de vastgestelde kaders), Apeldoorn hanteert de norm van 50 woningen en Enschede hanteert de norm van 15 woningen. 3.2.1 Aangepaste “kruimelregeling” na vaststelling VVGB-lijst Wat hier ook van belang is om in gedachten te houden is, dat de huidige lijst gevallen waarvoor geen VVGB nodig is, grotendeels is vastgesteld in 2011. Daarna heeft de wetgever in 2014 de mogelijkheden voor het college tot het toepassen van de “kruimelregeling” (de reguliere afwijkingsprocedure o.g.v. artikel 4 bijlage II Bor waarbij de raad geen rol speelt) sterk uitgebreid (zie bijlage 2 voor de exacte wettekst). Van een aantal categorieën van gevallen uit de lijst 2011 heeft het college dan ook geen gebruik hoeven maken, omdat hier geen uitgebreide afwijkingenprocedure (en dus geen VVGB van de raad) meer voor nodig was. De wetgever had daarvan al bepaald dat het college zelfstandig bevoegd was. 3.2.2 Totstandkoming advieslijst Gelet op bovenstaande hebben wij de lijst uit bijlage 1 (geen VVGB nodig) getransformeerd tot een advieslijst. Deze advieslijst vindt u terug in hoofdstuk 5. Daarbij hebben we waar mogelijk categorieën “omgedraaid”, maar voor de compactheid en leesbaarheid ook vergelijkbare categorieën samengevoegd. Daarnaast zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: 1.

De gevallen die nooit gebruikt zijn door het uitbreiden van de “kruimelregeling” in 2014 zijn weggelaten. Op basis van de huidige wet zijn die onder de bevoegdheid van het college komen te vallen. Het gaat bijvoorbeeld om het wijzigen van het gebruik van bestaande bouwwerken en het aansluitende terrein, mits het bebouwde oppervlak of bouwvolume niet wordt vergroot. De wetgever heeft hierbij geen grenzen qua afmetingen aangegeven. Daarnaast zijn (ook grootschalige) uitbreidingen van gebouwen mogelijk op grond van deze regeling. 2. Als aanvulling op de bestaande lijst hebben we gevallen die binnen bestaande door de raad vastgestelde concrete beleidskaders passen uitgezonderd van adviesrecht. Deze concrete beleidskaders kunnen gebiedsgericht zijn, zoals (concrete onderdelen van) de gebiedsvisie voor het Kennispark, Technologybase, en transformatiekader Ariënsplein, of het betreft een beleidskader omtrent een specifiek onderwerp, zoals de Structuurvisie Externe veiligheid, Woonvisie, Retailvisie, Kantorenvisie. Dat betekent, dat als een aanvraag voor een BOPA past binnen de door de raad vastgestelde concrete beleidskaders er geen advies aan de raad zal worden gevraagd. Daarnaast is er nog een aantal aanpassingen doorgevoerd. Deze aanpassingen en de overwegingen voor u om zelf al dan niet iets aan te passen worden nader toegelicht in paragraaf 3.3.

1

Deventer: https://deventer.raadsinformatie.nl/document/5312981/1/2017574_Bijlage_1_Categorieenlijst_verklaring_van_geen_bedenkingen Apeldoorn: https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR443388/1

6

3.3 Ervaringen besluitvorming afgelopen jaren als uitgangspunt 3.3.1 Praktijkvoorbeelden grote afwijkingen reguliere (kruimel) procedure Een aanvullende mogelijkheid om te komen tot een advieslijst is te kijken naar ervaringen met eerder verleende vergunningen en vastgestelde bestemmingsplannen binnen Enschede. Hoe tevreden is de raad met de huidige praktijk? Waar heeft de raad niets van kunnen vinden (omdat de reguliere afwijkingsprocedure van toepassing was en dit een collegebevoegheid is) en waar had hij wellicht wel wat van willen vinden? Een aantal voorbeelden van afwijkingen van het bestemmingsplan die in Enschede vergund zijn met de reguliere afwijkingsprocedure (collegebevoegdheid), de zogenaamde “kruimelafwijking” en waarvan de raad misschien iets had willen vinden: -

-

Schuttersveld 1E: vestiging van de winkel Action (tijdelijk voor 1 jaar in afwachting van wijziging van het al in procedure zijnde bestemmingsplan voor dit gebied). Usselerrietweg 50 (Forelderij): het plaatsen van 11 tijdelijke units voor tijdelijke bewoning (paradijsvogelwoningen) op gronden met de agrarische bestemming. Ripperdastraat 8: Het plaatsen van twee tijdelijke noodopvangen (Noaberhuuskes) op terrein van Tactus voor vijf jaar. Mogelijkheid om te overnachten voor maximaal drie nachten voor mensen die vanwege (thuis)situatie per direct een dak boven hoofd moeten hebben. Verleend als pilot om te beoordelen of het gewenst is dat elk stadsdeel een dergelijke voorziening krijgt. Boeldershoek-west: Het oprichten van een zonnepaneelveld van 20 ha met hekwerk voor maximaal 10 jaar. M.H. Tromplaan 1: het wijzigen van kantoorgebouw naar bedrijfsverzamelgebouw. Hoog en Droog 28: het verbouwen van een watertoren t.b.v. kantoor en woongelegenheid. Schuttersveld 5: het vestigen van een fietsenwinkel. Zonnebeekweg 114: Het vestigen van een bruidsmodewinkel.

Dit zijn voorbeelden die u in de toekomst nog steeds niet ziet op basis van de voorgestelde lijst van gevallen voor adviesrecht (zie hoofdstuk 5), tenzij het college de uitgebreide procedure toepast.

3.3.2 Initiatieven/projecten waarbij de raad betrokken wil/zou kunnen worden Het omdraaien van de huidige lijst waarvoor geen VVGB nodig is, lijkt ons niet voldoende tegemoet komen aan de wensen van uw raad. In de huidige situatie (VVGB) adviseert u namelijk over alle uitgebreide afwijkingsaanvragen tenzij het op de (geen) VVGB-lijst staat. In de toekomstige situatie (adviesrecht) adviseert u alleen over gevallen van BOPA’s die op de lijst staat. Dat betekent dat als alleen de VVGB-lijst wordt omgedraaid u over veel onderwerpen – namelijk de onderwerpen die niet in de (geen) VVGB-lijst zijn opgenomen – niet zult adviseren. In de lijst voor adviesrecht, die u vindt in hoofdstuk 5, doen wij daarom ook een voorstel voor de andere onderwerpen waarover u mogelijk zou willen adviseren. Dit overzicht is gebaseerd op de initiatieven die de afgelopen jaren voorbij zijn gekomen die politiek gevoelig zijn, of die aanzienlijke gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Zoals al was aangegeven in het naslagwerk behorende bij de presentatie van 6 september jl. ontvangt de gemeente Enschede jaarlijks gemiddeld zo’n 300 aanvragen om afwijking van het bestemmingsplan. Circa 295 van deze aanvragen zijn regulier (binnenplans of kruimelafwijking) en voor circa 5 daarvan wordt de uitgebreide procedure gevolgd (in totaal 31 in de periode 2012-2021).

Alleen bij de uitgebreide procedure kan er sprake zijn van een VVGB.

Hoofdstuk 4 Verplichte participatie 4.1 Indieningsvereiste De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie om tijdig belangen, meningen en creativiteit op tafel te krijgen. De Omgevingswet geeft daarom aan, dat op een aanvraagformulier voor een omgevingsvergunning aangegeven moet worden of en zo ja hoe de omgeving is betrokken en wat er is gedaan met de resultaten (artikel 7.4 Omgevingsregeling). 7

De Omgevingswet verplicht dus niet dát er moet worden geparticipeerd en hoe dat moet plaatsvinden, maar alleen dat een initiatiefnemer moet aangeven of en hoe hij met participatie is omgegaan. Als op het aanvraagformulier is aangegeven dat er geen participatie is toegepast, dan wordt daarmee voldaan aan de eisen die de Omgevingswet stelt. Ook mag het college de aanvraag niet buiten behandeling laten omdat er te weinig participatie is geweest. De bedoeling van het indieningsvereiste is alleen om de initiatiefnemer te stimuleren om na te denken over participatie. Bij gebrek aan participatie kan het college wel zelf nog aanvullende informatie verzamelen als het college dat nodig vindt om een goede afweging te kunnen maken. 4.2 Raadsbesluit verplichte participatie Naast participatie als indieningsvereiste geeft de Omgevingswet de gemeenteraad de mogelijkheid om participatie van en overleg met derden verplicht te stellen voor bepaalde categorieën van gevallen (artikel 16.55 lid 7 Omgevingswet). Dat kan de raad alleen doen voor BOPA’s waarvoor het college bevoegd is (en niet bijvoorbeeld een bevoegdheid van de provincie).

Als de raad voor bepaalde gevallen besloten heeft dat participatie verplicht is en een initiatiefnemer heeft op het aanvraagformulier aangegeven dat geen (of onvoldoende) participatie heeft plaatsgevonden, dan kan het college via een verzoek om aanvulling de initiatiefnemer hier alsnog om verzoeken. Voorziet de initiatiefnemer dan alsnog niet in participatie, dan kan het college de aanvraag buiten behandeling laten. De raad kan geen inhoudelijke eisen stellen aan participatie. Wel kan de aanvrager daarover sparren met de gemeente. Ook kan de gemeente een handreiking of een leidraad opstellen ter inspiratie voor aanvragers. Op dit moment wordt er gewerkt aan een dergelijke “handreiking/leidraad” voor participatie. Door aan participatie te doen, krijgt de initiatiefnemer een beeld van wat de omgeving vindt van zijn project. Het gaat hierbij niet alleen om omwonenden. Afhankelijk van het project kan de initiatiefnemer de mening van burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen inwinnen. Participatie heeft niet als doel draagvlak te realiseren of bezwaar en beroep te voorkomen. Wel zou een initiatiefnemer zijn project na de participatie kunnen aanpassen, zodat de belangen van anderen (bijvoorbeeld ten aanzien van hun woon- en leefklimaat) ook een plek krijgen in het project waardoor dit meer draagvlak krijgt.

Het college kan de input uit de participatie gebruiken voor zijn taak alle (vaak tegenstrijdige) maatschappelijke en particuliere belangen te wegen en te komen tot een weloverwogen en gemotiveerd besluit. Dat hoeft en kan niet altijd leiden tot een besluit waarmee iedereen het eens is. De overheid dient namelijk te allen tijde het algemeen belang en dient zelf die afweging te maken. Natuurlijk hangt het van het project af of participatie zinvol is. Voor het uitbreiden van een bijgebouw bij een woning (zonder directe omwonenden) is participatie misschien overbodig. Voor een groot project in een woonwijk is participatie waarschijnlijk erg verstandig. Niet alle initiatieven zijn voor binnenkomst van de aanvraag al bij het college bekend. Wanneer het initiatief wel voorbesproken wordt met het college en/of de ambtelijke organisatie, kan worden meegedacht over (de vorm van) participatie. Zoals hierboven al aangegeven kan participatie van meerwaarde zijn in een vergunningenprocedure. De Omgevingswet stimuleert participatie. De vraag is nu hoever de raad wil gaan in zijn bevoegdheid tot het verplicht opleggen van participatie.

Een overweging zou kunnen zijn dat de raad participatie altijd belangrijk vindt en dat een initiatiefnemer (van een BOPA) op zijn minst de directe omwonenden kan informeren, bijvoorbeeld via een briefje door de brievenbus (hoe de initiatiefnemer participeert is immers vormvrij). Dit heeft echter als consequentie dat het college bij het overgrote deel van de aanvragen die niet voorbesproken zijn een aanvullingsbrief zal moeten versturen. Naar verwachting heeft de aanvrager daar in de meeste gevallen geen rekening mee gehouden in de voorbereiding van de aanvraag. Dit vergt extra capaciteit en verlengt de doorlooptijd van de vergunningenprocedure daar waar op grond van de Omgevingswet versnelling gewenst is. Participatie is ook niet altijd zinvol. Soms zijn er geen omwonenden, of is het initiatief erg klein of zijn er vrijwel geen gevolgen voor derden. Ook als er weinig beleidsruimte is, is participatie niet erg zinvol. 8

Participatie wekt de indruk dat er ruimte is om in gesprek te gaan. Als het beleid die ruimte echter niet biedt kan dat tot teleurstelling leiden. Te vaak participatie opleggen in gevallen waar dit niets toevoegt, kan leiden tot participatiemoeheid. Samenvattend stellen we daarom voor om de participatieplicht zoveel mogelijk te verbinden met de uitgangspunten en de daaruit volgende categorieën van gevallen voor het adviesrecht van de raad. Voor een aantal categorieën stellen we een verbreding voor ten opzichte van het adviesrecht. U kunt ervoor kiezen om participatie ook voor andere gevallen te verbreden.

Hoofdstuk 5 Lijst adviesrecht en verplichte participatie In onderstaande tabel ziet u in de eerste kolom een voorstel voor gevallen voor adviesrecht met daarnaast de aandachtspunten en opmerkingen. In de kolom met aandachtspunten vindt u overwegingen en verduidelijkingen ten aanzien van de gevallen voor adviesrecht. De tabel begint eerst met de omgedraaide (geen)VVGB-lijst. Daarna vervolgt de tabel met gevallen waarvan te verwachten is dat deze impact hebben op de omgeving op basis van opgedane ervaringen en nieuwe ontwikkelingen sinds de vaststelling van de eerste (geen) VVGB-lijst in 2011. Dit noemen we de “Restcategorie”. In de rechterkolom ziet u een voorstel voor de gevallen waarvoor participatie verplicht is. Daarnaast hebben wij onder aandachtspunten van alle uitgebreide (grote) omgevingsvergunningen (Project AfwijkingsBesluiten) waarvoor u een VVGB heeft afgegeven, aangegeven onder welke categorie deze nu terecht zouden komen.2 Uitgangspunten totstandkoming lijst Uitgangspunten voor totstandkoming onderstaande lijst: -

De raad adviseert conform gedachte Omgevingswet over projecten met grote impact op de fysieke leefomgeving, bijv.: o o o o o

-

waarbij op meerdere punten (fors) wordt afgeweken van het omgevingsplan, waar afgeweken wordt van vastgestelde beleidskaders, waar veel verschillende belangen meewegen, waar een project (veel) invloed kan hebben op omliggende percelen, waar het project de herontwikkeling van een relatief groot gebied betreft.

De raad adviseert niet als er sprake is van een project dat past binnen een door de raad vastgesteld – voldoende uitgewerkt – beleidskader of waarin de raad al in een eerdere fase met het betreffende project op de betreffende locatie heeft ingestemd. De raad wijst participatie aan voor concrete gevallen (dus niet voor alle gevallen of helemaal niet).

Aan u ter overweging of: de juiste uitgangspunten worden voorgesteld; en of daaruit de juiste categorieën van gevallen volgen waarover u advies wilt uitbrengen en waarvoor u participatie verplicht wilt stellen; en met het oog op die gevallen voor adviesrecht en participatie: o of de gevallen op correcte wijze omschreven zijn; o of u het eens bent met de aandachtspunten/opmerkingen; o of de gevallen nog uitgebreid, aangepast of juist verwijderd moeten worden.

2

Twee gevallen komen niet terug in de lijst. Geval 1 (PAB 25) is het incidentele geval dat de raad naar zich toe getrokken had. Daar ging het om twee woningen. Geval 2 (PAB 28) is een nieuw gebouw op een transformatorstation. De uitbreiding (binnen bebouwde kom) is kleiner dan 100% en de milieucategorie is 3.1.

9

Adviesrecht van gemeenteraad bij afwijking omgevingsplan (BOPA) is van toepassing in onderstaande gevallen. Het realiseren van, het geheel of gedeeltelijk vernieuwen, veranderen, vervangen en uitbreiden van bestaande woningen/woongebouwen en bijbehorende gebouwen indien dit betrekking heeft op meer dan 15 woningen ten opzichte van wat het omgevingsplan toestaat.

Aandachtspunten/opmerkingen:

Onderscheid in bebouwde kom en buitengebied maken? Voorstel is om de doorgehaalde tekst te laten vervallen. Hierdoor adviseert de raad over nieuwbouw van woningen en niet over het aanpassen van woningen (bijv. voor renovatie of verduurzaming).

Participatie verplicht X=participatie verplicht X Verplicht vanaf 1 woning

Omgekeerde VVGB-lijst

PAB’s (bijlage 5): nr. 7, 16, 17 en 25 Het realiseren van projecten voor lokale of regionale voorzieningen met een bruto-vloeroppervlakte van meer dan 3000 m².

Het betreft educatieve, sociaal- en/of medische, sociaal-culturele, levensbeschouwelijke, sport- en recreatieve voorzieningen en voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening.

X Verplicht vanaf 500 m²

PAB’s (bijlage 5): nr. 2 en 27 Het realiseren of wijzigen van ondergrondse infrastructurele voorzieningen.

NB in veel gevallen zullen genoemde leidingen via een omgevingsplanwijziging mogelijk worden gemaakt. Dat komt omdat er direct een beschermingszone opgenomen moet worden in het omgevingsplan.

X

Aanleg van nieuwe grootschalige parkeervoorzieningen en groenvoorzieningen, die geen onderdeel uitmaken van een planmatige uitbreiding.

Willen we hier een afmeting noemen of concretiseren (?)

X wanneer er sprake is van omwonenden in directe omgeving

Het realiseren van projecten voor openbare nutsvoorzieningen, infrastructurele kunstobjecten, voorzieningen voor het openbaar vervoer of het wegverkeer groter dan 100 m².

Wellicht beter (meer volledig) alternatief : wijziging, reconstructie en/of aanleg van nutsvoorzieningen, infrastructurele kunstobjecten, voorzieningen voor het openbaar vervoer, weginfrastructuur waterhuishoudkundige voorzieningen of het wegverkeer met een oppervlakte groter dan 100 m².

Het gaat hier om grote infrastructurele voorzieningen zoals hoogspanningsleidingen en hogedrukaardgasleidingen.

PAB’s (bijlage 5): nr. 1 X

10

Adviesrecht van gemeenteraad bij afwijking omgevingsplan (BOPA) is van toepassing in onderstaande gevallen. (Nieuw)vestiging van bedrijven binnen de bebouwde kom

Rest-categorie

Nieuwvestiging (agrarische) bedrijven in het buitengebied

Uitbreiding van bedrijvigheid binnen bebouwde kom en (agrarische) bedrijvigheid in het buitengebied

Aandachtspunten/opmerkingen

Gaat om bedrijvigheid in brede zin (van maakindustrie tot toeristisch bedrijf), echter vanaf milieucategorie [4]3. Op de locatie is nu nog geen bedrijvigheid of bij een (bestaand) bedrijf wordt de milieucategorie verzwaard. Heeft geen betrekking: - op bedrijf/beroep aan huis. - op vestiging bedrijvigheid/functiewijziging met gelijksoortige of minder milieueffecten dan ter plaatse toegestaan. Gaat om bedrijvigheid in brede zin (van maakindustrie tot toeristisch bedrijf). Nieuwvestiging van agrarische bedrijvigheid of verplaatsing agrarische bedrijven volgens Visie Landelijk gebied bij voorkeur alleen op bestaande agrarische bouwpercelen. Heeft geen betrekking: - op bedrijf/beroep aan huis. - op vestiging bedrijvigheid/functiewijziging met gelijksoortige of minder milieueffecten dan ter plaatse toegestaan. Binnen bebouwde kom: uitbreiding met meer dan [100%]4 van het bestaande bebouwde oppervlak ten opzichte van wat het omgevingsplan toestaat.

Participatie verplicht X X

X

X

Buitengebied: uitbreiding met meer dan [30%] van het bestaande bebouwde oppervlak ten opzichte van wat het omgevingsplan toestaat. Uitbreiding intensieve veehouderij Grote herstructurering of functiewijziging met bijbehorende voorzieningen van (overwegend) onbebouwde gronden in het buitengebied. Initiatieven die niet passen binnen de door de raad vastgestelde kaders voor het buitengebied, dan wel waarvoor geen eenduidige kaders zijn opgenomen, danwel niet genoemd zijn in de kaders.

Hiermee wordt gedoeld op grote wijzigingen zoals een evenemententerrein, motorcrossterrein, terrein voor recreatief nachtverblijf of daarmee gelijk te stellen activiteiten. Letterlijke tekst motie Visie landelijk gebied: Voor initiatieven waar de Gids Buitenkans geen eenduidig antwoord geeft, de raad te consulteren via de nieuw in te richten commissie landelijk gebied dan wel de stadsdeelcommissies Benoemd in motie: Gaat niet om de kruimelgevallen, maar de serieuze keuze vraagstukken.5

X X

X

Betrekken gemeenteraad via een commissievergadering of in de (stadsdeel)commissie. Tekst uit motie: zie bijlage 4 3

De milieucategorieën zijn te vinden in de bijlagen van de Handreiking bedrijven en milieuzonering van de VNG. Zichtbaar helemaal onderaan deze website: https://vng.nl/publicaties/handreiking-bedrijven-en-milieuzonering. Als u hierover vragen heeft of hulp bij nodig hebt, neem dan gerust contact met ons op via de griffie. 4 Conform jurisprudentie huidige kruimellijst (bijlage 2) 5 NB het is voor ons, nu het om een motie gaat, lastig om “serieuze keuzevraagstukken” SMART te maken. Dit zou in de toekomst kunnen leiden tot onduidelijkheid waarover de raad wel of niet zou willen adviseren.

11

Adviesrecht van gemeenteraad bij afwijking omgevingsplan (BOPA) is van toepassing in onderstaande gevallen. Aanvragen die ingrijpende gevolgen voor monumenten of cultuurhistorie kunnen hebben

Aandachtspunten/opmerkingen

Aanvragen waarbij sprake is van huisvesting van kwetsbare groepen.

Hiermee wordt gedoeld op huisvesting van bijvoorbeeld daklozen, (ex)verslaafden, vluchtelingen en psychisch kwetsbare personen. Verpleeghuizen worden hiermee niet bedoeld. Energieopwekking overwegend voor het eigen gebruik door particulieren en bedrijven op het eigen (bouw)perceel wordt hieronder niet verstaan.

X

PAB’s (bijlage 5): nr. 23

X

Het college kan onder de Omgevingswet de uitgebreide procedure van toepassing verklaren als: Het gaat om een activiteit die aanzienlijke gevolgen heeft of kan hebben voor de fysieke leefomgeving én Waartegen naar verwachting verschillende belanghebbenden bedenkingen zullen

X

Rest-categorie

Aanvragen voor plannen voor zonneparken en windmolens en andere plannen in het kader van energieopwekking in het buitengebied. Aanvragen waarbij er een milieueffectrapport (MER) vereist is Aanvragen waarvan het college heeft besloten de uitgebreide procedure van toepassing te verklaren of wetgeving de uitgebreide procedure voorschrijft.

Denk hierbij aan sloop van (mogelijk) cultuurhistorisch waardevolle panden, ingrepen in of nabij cultuurhistorisch waardevolle structuren.

Participatie verplicht X X

X

Voorbeelden zouden kunnen zijn een grootschalige functiewijziging of bouwproject, nieuwbouw religiegebouw, realisatie grootschalig recreatiepark, nieuwvestiging grootschalige detailhandel/bedrijvigheid, het gebruik van een perceel als motorcrossterrein, een grote camping in het buitengebied, grote uitbreidingen van nietagrarische bedrijven in het buitengebied Overweging: niet voor alle initiatieven is het mogelijk deze op voorhand in een categorie in te delen, omdat het type plan erg uiteen kan lopen. Of een project grootschalig is of veel impact heeft op de omgeving is van diverse factoren afhankelijk en pas na binnenkomst van een aanvraag te bepalen. Voor deze categorieën ligt het voor de hand om aan te sluiten bij de bevoegdheid van het college om de uitgebreide procedure van toepassing te verklaren. De raad adviseert niet: De raad adviseert niet in bovenstaande gevallen als er sprake is van een project dat past binnen een concreet door de raad vastgesteld beleidskader of waarin de raad al in een eerdere fase met het betreffende project op de betreffende locatie heeft ingestemd. De raad adviseert niet in bovenstaande gevallen als het college voornemens is om de vergunning te weigeren of de aanvraag buiten behandeling te laten.

De raad adviseert niet in bovenstaande gevallen als er sprake is van een tijdelijk project met een duur van maximaal [10] jaar6, tenzij het college heeft besloten de uitgebreide procedure van toepassing te verklaren of wetgeving de uitgebreide procedure voorschrijft.

6

De periode van 10 jaar is gebaseerd op de huidige kruimellijst (bijlage 2).

12

Bijlage 1 Door raad vastgestelde categorieën van initiatieven waarvoor de uitgebreide procedure nodig is, maar waarvoor geen VVGB gevraagd hoeft te worden door het college onder de Wabo (artikel 6.5 lid 3 Besluit omgevingsrecht en artikel 2.27 Wabo) Categorie

Vastgesteld d.d.

Aantal keren sinds 2011

Bij weigeren van vergunning strijdig gebruik (wanneer bij voorbaat vaststaat dat de aangevraagde omgevingsvergunning niet verleend kan worden) Activiteiten die passen binnen een vastgesteld bp dat nog niet in werking is getreden en waartegen ten aanzien van deze activiteit geen zienswijzen naar voren zijn gebracht Plannen passend binnen door de raad vastgestelde en voldoende uitgewerkte beleidskaders: De Nota Buitenkans, Gids voor het buitengebied Het realiseren, vernieuwen, veranderen, vervangen en uitbreiden van bestaande woningen/woongebouwen en bijbehorende bouwwerken, mits het project op niet meer dan 15 woningen betrekking heeft. Het geheel of gedeeltelijk vernieuwen, veranderen, vervangen en uitbreiden van andere gebouwen dan woningen/woongebouwen, mits de bestaande functie/bestemming behouden blijft en mits het aantal gebouwen niet toeneemt. Het realiseren van projecten voor lokale of regionale voorzieningen met een bruto oppervlakte van maximaal 3000 m2.

12-072011 12-072011

Onbeke nd

12-072011 12-072011

5 1 (nog 1 in proces)

12-072011

12-072011

Valt sinds 2014 onder ‘kruimelregeling’ (collegebevoegheid)

Ja, voor bebouwde kom

3

Toelichting: Dit zijn voorzieningen van educatieve, sociaal- en/of medische, sociaalculturele, levensbeschouwelijke aard, sport- en recreatieve voorzieningen en voorzieningen tbv openbare dienstverlening als ook ondergeschikte detailhandel en horeca (met een bruto oppervlakte van maximaal 30 m2) ten behoeve van deze voorzieningen. Deze activiteiten vinden veelal plaats in het algemeen belang en komen veelal voort uit sectoraal raadsbeleid. Het is gewenst deze projecten op grond van het maatschappelijk belang obv deze lijst zonder nadere heroverweging in de vorm van een verklaring van geen bedenkingen te realiseren.

Incidentele aanleg van nieuwe kleinschalige parkeer- en groenvoorzieningen, mits deze niet samenhangen met een nieuwe planmatige uitbreiding Het realiseren van projecten voor openbare nutsvoorzieningen, kunstobjecten voorzieningen voor het openbaar vervoer of het wegverkeer met een maximum oppervlak van 100 m2. Wijzigen van gebruik van bestaande bedrijfsgebouwen, kantoren, winkels en gebouwen met een maatschappelijke bestemming (met bijbehorende gronden) met een bruto-vloeroppervlakte van maximaal 3000 m2 Wijzigen van het gebruik van een bestaand gebouw (met bijbehorende gronden) naar detailhandel mits passend in de detailhandelsvisie en gesitueerd in een winkelconcentratiegebied, naar kantoor mits niet in strijd met het kantorenbeleid en naar maatschappelijke doeleinden (zoals een school, bejaardenhuis of gezondheidscentrum) mits niet gesitueerd op een bedrijventerrein Het realiseren of wijzigen van ondergrondse infrastructurele voorzieningen Voor het grondgebied van Technology Base Twente: initiatieven die passen binnen het advies van de commissie Wientjes genaamd Technology Base Twente (30-10-2014) en zijn voorzien van een positief advies door het Topen Kwaliteitsteam dan wel passen binnen de door hun gestelde kaders Voor het grondgebied Ariënsplein: activiteiten passend binnen het door de raad vastgestelde Ontwikkelingskader transformatie Ariënsplein

12-072011 12-072011 12-072011

Ja Ja

1

Ja

12-072011

Ja

12-072011 22-062015

Ja 2

18-122017

13

Bijlage 2 Wettekst artikel 4 bijlage II Besluit omgevingsrecht Voor verlening van een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de wet waarbij met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2°, van de wet van het bestemmingsplan of de beheersverordening wordt afgeweken, komen in aanmerking: 1. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, b. de oppervlakte niet meer dan 150 m2; 2. een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening als bedoeld in artikel 2, onderdeel 18, onder a, dat niet voldoet aan de in dat subonderdeel genoemd eisen, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; 3. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 10 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; 4.

een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw; 5. een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; 6. een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998; 7. een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen; 8. het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied; 9.

het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen; 10. het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen; b. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderij en de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstructiewet concentratiegebieden, c. de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en d. de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was; 11. ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 10, voor een termijn van ten hoogste tien jaar.

14

Bijlage 3 Aangevraagde omgevingsvergunningen voor afwijking van het bestemmingsplan in 2020 via de reguliere procedure. In onderstaand overzicht vindt u alle (300) in 2020 aangevraagde afwijkingen van het bestemmingsplan voor een reguliere procedure. Het gaat hier om aanvragen voor binnenplanse afwijkingen en kruimelgevallen en niet om de uitgebreide procedure waarvoor een VVGB vereist is. Het betreft zogezegd de aanvragen; het systeem maakt het niet mogelijk om geautomatiseerd een overzicht te genereren van de verleende en geweigerde vergunningen of van de vergunningen die buiten behandeling zijn gelaten (omdat ontbrekende informatie niet is aangeleverd). Globale locatie

Omschrijving

Nieuwe Kampweg 109

het vergroten van een woonhuis en het bouwen van een schuur

Haverrietweg 120

het verbouwen van een boerderij

De Coöperatie 34

het bouwen van een woonhuis

Oldenzaalsestraat 115

het plaatsen van een externe toiletvoorziening bij rijksmonument Josefkerk

Gronausestraat 571

het bouwen van een woonhuis (wijziging op omgevingsvergunning V-2019-5526)

Suze Groeneweglanden 45

het plaatsen van een erker

Hengelosestraat 778

het uitbreiden van een woning en het bouwen van een bijgebouw

Robsonstraat 15 t/m 53

het bouwen van 20 studio's

Robsonstraat (Robsonterrein)

het bouwen van 3 miniwoningen

Faradaystraat 25

het starten van Peuteropvang Dolle Pret

Julie de Graaglaan 45

het plaatsen van een dakkapel

Blekerstraat 160

het bouwen van een schuur

Hyacintstraat 40 B

Wijzigen bedrijf in wonen en werken

Twistveenweg 35

het vergroten van een woonhuis

Josink Hofweg 8 te Enschede

het bouwen van een montagehal

Gronausestraat 1200

het plaatsen van een prefab-berging

Aamsveenweg 300

het isoleren van gevels en het vervangen van kozijnen

Nijlandweg 9

het plaatsen van een berging

Oogstplein 25

het plaatsen van een lift en een nieuwe entree

Oostburgweg 115

het vergroten van een woonhuis

Zwarteweg 134

het plaatsen van een dakkapel

Gronausestraat 969

het plaatsen van een dakkapel

De Coöperatie 12

het bouwen van een vrijstaand woonhuis

De Coöperatie 40

het bouwen van een rijwoning

Brouwerslaan 1

het uitbreiden van de opwerking van biogas naar biomethaan

Julie de Graaglaan 57

het plaatsen van een tuinhuis

Stationsplein 1A

Vestigen tijdelijke horeca-inrichting

Schukkinkweg 34

het plaatsen van 2 poorten

Beugelhoek 17

het verbouwen van een garage

Bergweg 166

het bouwen van een vrijstaand woonhuis met bijgebouw

15

Burg Stroinkstraat 360

het verbouwen van een woonboerderij

Goudenregenstraat 35

het plaatsen van een dakkapel

Van Riebeekstraat 37

het vergroten van een woonhuis d.m.v. het bouwen van een verdieping op de keuken

De Heurne 32

maatschappelijke bestemming voor jeugd

Assinklanden 1 t/m 13

het bouwen van 7 circulaire woonhuizen

Beldershoekweg 250

het verbouwen en herstellen van een vakwerkschuur

De Coöperatie 38

het bouwen van een woonhuis

Goormaatweg 7

het plaatsen van een dakkapel

De Coöperatie 16

het bouwen van een woonhuis

Kruiseltlanden 65

het plaatsen van een overkapping en hekwerk

Windmolenweg 50

het plaatsen van een aanbouw t.b.v. een bedrijfsruimte aan woonhuis

De Coöperatie 4

het bouwen van een vrijstaand woonhuis

Hengelosestraat 585

het plaatsen van een erker op de 4e verdieping van een kantoorgebouw

J.J. van Deinselaan 235

het vergroten van een woonhuis d.m.v. een uitbouw

J.J. van Deinselaan 247

het vergroten van een woonhuis d.m.v. een uitbouw

Holtwiklanden 133

het bouwen van een carport

Atjehstraat 25

het plaatsen van een overkapping

Lonneker Steumke 51

het plaatsen van een schutting

De Coöperatie 30

het bouwen van een woonhuis

Nieuwe Kampweg 129

het vergroten van een woonhuis

Geessinkweg 19

het bouwen van een woonhuis

Kolibrievlinder 20

het plaatsen van een dakkapel

Vrielinklanden 47

het verbouwen van een garage tot leefruimte

Lonneker Molenweg 20

Wijzigen gebruik detailhandel naar dagbesteding

Welnahorst 61

het plaatsen van een dakopbouw

Langestraat 12

het wijzigen van de gevel, het plaatsen van handelsreclame en het tijdelijk plaatsen van een steiger

Bonairestraat 9 4

Het starten van een Bed & Breakfast

Kortenaerstraat, parkeerterrein nabij nr. 71 het bouwen van een tijdelijk bouwwerk (Tiny Lab) Priamoslaan 11

het plaatsen van een dakopbouw

Thomas de Keyserstraat 63

het wijzigen van een pand t.b.v. een supermarkt

Gaffelhoek 69

Het plaatsen van een erfafscheiding en pergola

Veldhaarweg 110

het plaatsen van een overkapping/serre

Akkerstafhof 1

het bouwen van een vrijstaand woonhuis

Brandemaatweg 10

het bouwen van een schuur annex kantoor

Emmastraat 175

het verbouwen van een woning tot praktijkruimte podotherapie

Hoog en Droog 28

het verbouwen van een watertoren t.b.v. kantoor en woongelegenheid

Boerderijweg 1

het intern verbouwen van de begane grond van een gebouw t.b.v. onderwijs/studentenkamers

Oldenzaalsestraat 18

Tijdelijke verlenging vergunning 2e hands kledingwinkel

Avondroodvlinder 86

het vergroten van een woonhuis en het bouwen van een overkapping

Burgemeester Stroinkstraat 360 te Enschede

het verbouwen van een woonboerderij

16

Terschellinglaan 27

het uitbreiden van een woonhuis met een berging

Twenteweg 20

Gebruik bedrijfswoning voor bedrijfsopleidingen

Vogelvlinder 8

het plaatsen van een dakkapel

Boddenkampsingel 40 (Rijksmonument)

het verbouwen van een schoolgebouw en het bouwen van een bijgebouw

Derkinkweg 40

het herbouwen van een woonhuis en een schuur

Spaansland 11

Het vestigen van een supermarkt

De Coöperatie 20

het bouwen van een statenpand

Voortmanslaan (Landgoed 't Amelinkbos)

het verplaatsen van de locatie van nieuw te bouwen landhuis (wijziging op reeds verleende vergunning V-2019-3806)

Hengelosestraat 48B

het uitbreiden van een pand met een 2e verdieping

Eschbeekweg 39

het plaatsen van een fietsenschuur

Lasondersingel 93

het bouwen van een carport met veranda en plaatsen van zonnepanelen op deze carport

Anjelierstraat 2

het plaatsen van een overkapping

Broekheenseweg 47 te Enschede

het bouwen van een vrijstaand woonhuis met garage

Usselerveenweg 108

het vergroten van een woonhuis en het vervangen van de kap

Pioenstraat 10

het vergroten van een woonhuis met een 2e verdieping

Beldershoekweg 250

het herbouwen van een kapschuur

kruising Landweerweg / Oude Deventerweg

Het verleggen van kabels & leidingen voor het aanleggen van de N733

Bernard Roerinkstraat 10

het bouwen van een tuinhuisje

Otto van Taverenstraat 44

het plaatsen van een erfafscheiding

Ommerbos 39

het vergroten van een 2-onder-1-kap woonhuis

Auke Vleerstraat 26

het verbouwen van een bedrijfspand

Hoge Boekelerweg 255

het herbouwen van een garage en een kapschuur en het plaatsen van deuren in de bestaande kapschuur

Ribbelerbrinkstraat 63

Vestigen bedrijf t.b.v. bezorgen en afhalen van maaltijden

Windmolenweg 115

het vergroten van een woonhuis

De Coöperatie 46

het bouwen van een woonhuis

De Coöperatie 24

het bouwen van een rijwoning

Schipholtstraat 223

het plaatsen van een dakkapel

Oldenzaalsestraat 317

het plaatsen van een carport

Rosinkweg 51

het bouwen van een vrijstaand woonhuis

Pathmosstraat 1

het verbouwen van een winkel tot appartement

Eschbeekweg 51, kavel 126 ('t Vaneker)

het bouwen van een vrijstaand woonhuis

Hengelosestraat 585

het plaatsen van een reclamezuil

Hesselinklanden 158

Het plaatsen van een dakkapel

De Coöperatie 18

het bouwen van een stadsvilla

Lage Bothofstraat 341

het verbouwen en uitbreiden van een schoolgebouw naar zorgclusterwoningen met 24-uurs zorg

De Coöperatie 8

het bouwen van een half vrijstaand woonhuis

Wethouder Beversstraat 189

het vestigen van een advies- en realisatiebureau met opslagruimte

Hoge Boekelerweg 118

het plaatsen van een dakkapel

Wethouder Nijhuisstraat 79

Het plaatsen van een nokverhoging

17

Aamsveenweg 310

het bouwen van een schuur

Oldenzaalsestraat-Lossersestraat (kruising N732-N733)

Het reconstrueren van de kruising

Lasondersingel 83

het plaatsen van een nieuwe dakverdieping op een garage/schuur

Waterranonkellaan 20

het plaatsen van een dakkapel

Raiffeisenstraat (voormalige melkhal)

het bouwen van een hotel

Vliegveldweg 345 (Hangar 10)

het vestigen van Pop-Up restaurant Tante Leen

Apollolaan 100

het plaatsen van een 7 meter hoge vlaggenmast in voortuin woonhuis

Winterhaarweg 183

het plaatsen van een nokverhoging op de achtergevel van een woonhuis

Vleerkottelanden 1

het plaatsen van een carport

Meester De Wolfstraat 40

W2 - het bouwen van een vrijstaand woonhuis

Zwedeweg 20

het vergroten van een woonhuis

Heutinkstraat 38

het vergroten van een woonhuis d.m.v. een verhoging van het dak en een aanbouw

Parkweg 102

het ontwikkelen en maken van reclame- en werkplaatsactiviteiten

Steenweg 52

Onzelfstandig bewoning voor 6 kamers

Veldhoflanden 2

het plaatsen van een gaskoeler en reclame-uitingen

Reinier de Hossonpad 12

het bouwen van een vrijstaand woonhuis en het aanleggen van een uitweg

Lefertweg 130

het vergroten van een woonhuis op het perceel Lefertweg 130 en het vellen van 6 grove dennenbomen op het perceel Lefertweg 130, 132 en Weleweg 170

Weleweg, naast nr. 150

het bouwen van een vrijstaand woonhuis en het aanleggen van een uitweg

Neptunusstraat 34

het plaatsen van een nokverhoging

Twekkelerweg 124

het bouwen van een berging met een overkapping

Getfertweg 217 t/m 237

het bouwen van 11 woningen en het aanleggen van een uitweg

Eschbeekweg 53 (Kavel 125, plan 't Vaneker)

het bouwen van een vrijstaand woonhuis

Pieter Bothstraat 41

het plaatsen van een dakopbouw

Brinkstraat 122

het vergroten van een woonhuis

Brinkstraat 287

het plaatsen van een nokverhoging op een woonhuis

Dr. Van Damstraat 32

Het starten van een buitenschoolse opvang in het gebouw van de speeltuin

Schildkampstraat 14

het vergroten van een woonhuis d.m.v. een erker

Scheperijweg 2 ('t Vaneker, kavel 106)

het bouwen van een vrijstaand woonhuis

Kanaalstraat 291 B

het tijdelijk (5 jaar) plaatsen van een stikstoftank (LN2)

Boekelerhofweg 50

het plaatsen van een unit t.b.v. tijdelijke bewoning

Cornelia Schefferlaan 31

het vergroten en veranderen van een woonhuis

Schuttersveld 5

Het vestigen van een fietsenwinkel

Twekkeler Es 28

het vergroten van een bedrijfspand d.m.v. een laaddock en het verbreden van een uitweg

Boddenkamp, kavel 23

het bouwen van een vrijstaand woonhuis met garage

Boddenkampsingel 59

Wonen in pand met bestemming bedrijf

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=f1eb8d82-bc33-404f-bbf1-575b09d7de14