bijlage 5: Bestemmingsplan Terrassen Stadserf_vaststelling
Tekst van het document
Bestemmingsplan Terrassen Stadserf
Status: Vastgesteld
T errassen Stadserf
Inhoudsopgave
Toelichting
3
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding bestemmingsplan 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Geldende juridische regelingen 1.4 Wettelijk kader 1.5 Adviezen, vooroverleg en procedure
3 3 3 4 4 5
Hoofdstuk 2
Ruimtelijk beleidskader
7
Hoofdstuk 3
Omgevingsaspecten
8
Hoofdstuk 4 Juridische planopzet 4.1 Indeling planregels 4.2 Handhaving
9 9 10
Hoofdstuk 5
11
Economische uitvoerbaarheid
Regels
13
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Reikwijdte
14 14 16
Hoofdstuk 2 Algemene regels Artikel 3 Anti-dubbeltelregel Artikel 4 Algemene aanduidingsregels
17 17 18
Hoofdstuk 3 Overgangs- en slotregels Artikel 5 Overgangsrecht Artikel 6 Slotregel
21 21 22
2
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
T oelichting Hoofdstuk 1
1.1
Inleiding
Aanleiding bestemmingsplan
Het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" is het planologisch-juridische vervolg op het voorbereidingsbesluit 'Bouwwerken Terrassen Stadserf' en de Terrassenvisie Stadserf. Het voorbereidingsbesluit 'Bouwwerken Terrassen Stadserf' is d.d. 16 juli 2021 in werking getreden en beoogt ongewenste ontwikkelingen tegen te gaan. Aanvragen omgevingsvergunningen voor het realiseren van bouwwerken op terrassen in het Stadserf die zijn ingediend na inwerkingtreding van het voorbereidingsbesluit moeten worden aangehouden. Op die aanvragen kan pas een besluit worden genomen als het nieuwe bestemmingsplan in werking is getreden of wanneer niet binnen 12 maanden na inwerkingtreding van het voorbereidingsbesluit een ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd. Om de planologisch-juridische voorbereidingsbescherming te kunnen behouden wordt voor de einddatum van het voorbereidingsbesluit een ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. De Terrassenvisie Stadserf is het beleidsmatige ruimtelijk-stedenbouwkundige kader voor de gewenste ruimtelijke kwaliteit en uitstraling van de terrassen in het Stadserf. In hoofdstuk 2 van deze toelichting wordt nader inhoudelijk ingegaan op de Terrassenvisie Stadserf. Het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" is een zogenaamd 'paraplubestemmingsplan'.
Dat betekent dat de hierin gestelde juridisch-planologische regeling een aanvullende dan wel afwijkende werking heeft op de bouw- en gebruiksregels voor het Stadserf in het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016'. Het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' blijft voor het overige ongewijzigd van kracht.
1.2
Ligging en begrenzing plangebied
Het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" heeft betrekking op het gebied dat in het ter plaatse geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' is bestemd als 'Verkeer - Stadserf', aangevuld met het deel van de Boulevard 1945 tot en met het 'pleintje Post' aan de achterzijde van het voormalige postkantoor dat momenteel wordt verbouwd tot VUE-bioscoop. De bestemming van die gronden wordt met dit bestemmingsplan gewijizigd in 'Verkeer - Stadserf'.
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
3
afbeelding: situering en begrenzing plangebied bestemmingsplan 'Terrassen Stadserf'
1.3
Geldende juridische regelingen
Zoals hiervoor al aangegeven is het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" een zogenaamd 'parapluplan'. Binnen de grenzen van het plangebied van dit bestemmingsplan geldt het bestemmingsplan 'Binnenstad 2016', dat d.d. 2 mei 2018 onherroepelijk in werking is getreden. Het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' blijft ongewijzigd van kracht, ook nadat het parapluplan is vastgesteld en in werking getreden. De regels van het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" zijn een aanvulling (en deels een afwijking) op de regels van de geldende bestemming 'Verkeer - Stadserf' in het bestemmingsplan 'Binnenstad 2016'. Het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" gaat uitsluitend over het bouwen van bouwwerken op terrassen in het Stadserf en op het gebruik (en de inrichting) van het Stadserf als terras. Voor het overige blijft het ter plaatse geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' ongewijzigd van kracht. Naast het bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' gelden voor het inrichten en exploiteren van terrassen in het Stadserf ook de nadere regels terrassen bij horecabedrijven, een nadere uitwerking van de regels voor terrassen in de Verordening Kwaliteit Leefomgeving (VKL).
1.4
Wettelijk kader
Het wettelijk kader van een bestemmingsplan is de Wet ruimtelijke ordening (hierna Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (hierna Bro).
Wet ruimtelijke ordening (Wro) De Wro schrijft voor dat de gemeenteraad "voor het gehele grondgebied van de gemeente een of meer bestemmingsplannen vaststelt, waarbij ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening de bestemming van de in dat plan begrepen grond wordt aangewezen en met het oog op die bestemming regels worden gegeven". Besluit ruimtelijke ordening (Bro) 4
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
In het Bro is geregeld hoe een bestemmingsplan en andere ruimtelijke plannen er uit moeten zien, wat vastgelegd moet worden en wat meegewogen moet worden (artikelen 3.1.2 t/m 3.1.7 en artikelen 3.2.1 t/m 3.2.4 Bro). In artikel 3.1.6 van het Bro is bepaald dat elk bestemmingsplan vergezeld gaat van een toelichting. In de toelichting moet worden vermeld wat de uitkomsten zijn van onderzoeken over ecologie/flora/fauna, hoe het is gesteld met de waterhuishouding, of de Wet milieubeheer van toepassing is voor bijvoorbeeld een Milieu Effect Rapport (MER), of sprake is van archeologische/cultuurhistorische waarden, welke milieukwaliteitseisen wat betreft lucht, bodem, geluid bij het plan betrokken zijn en welk beleid van gemeente, provincie en Rijk een rol speelt. Een bestemmingsplan is daarom een juridisch ruimtelijk beleidsdocument, waarin de bestemming van de gronden met inbegrip van de daarop van toepassing zijnde gebruiks- en bouwregels en de daarop aanwezige bebouwing worden vastgelegd, maar waarin ook ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden zijn opgenomen.
Digitalisering Alle ruimtelijke plannen moeten voor iedereen digitaal beschikbaar en raadpleegbaar zijn. Daarvoor is een landelijke voorziening in het leven geroepen. Er moet gewerkt worden via landelijk vastgestelde regels (artikel 1.2.1 en 1.2.2 Bro, nader uitgewerkt in de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening). Kosten In de wet is bepaald dat de kosten voor het maken van een bestemmingsplan verhaald kunnen worden op de aanvrager. Die kosten worden vastgesteld in een exploitatieplan, maar ze kunnen ook op een andere wijze verhaald worden bijvoorbeeld door het sluiten van een overeenkomst (afdeling 6.4 Wro).
1.5
Adviezen, vooroverleg en procedure
Adviezen Voorafgaand aan het in procedure brengen van een bestemmingsplan vragen burgemeester en wethouders aan het binnen het plangebied werkzame erkende wijkorgaan advies uit te brengen over het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan. Dit is geen wettelijke procedurestap maar een binnen de gemeente Enschede gehanteerde werkwijze die is vastgelegd in de Regeling Wijkorganen 2008 en nader uitgewerkt in de notitie Wijkorganen en Adviesafspraken. Binnen het plangebied van het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" is de Wijkraad Binnenstad actief. Deze wijkraad is gelet op de tijd - het ontwerpbestemmingsplan dient voor 16 juli 2022 ter inzage te liggen om de voorbereidingsbescherming te kunnen behouden - niet vooraf gevraagd om advies uit te brengen over het bestemmingsplan. De wijkraad is meegenomen in het participatieproces rondom de totstandkoming van de Terrassenvisie en de vertaling daarvan in ruimtelijke regelgeving. In het kader waarvan ook andere belanghebbende organisaties zoals de VHSE en Winkelhart zijn betrokken. Daarnaast is de wijkraad ook vertegenwoordigd in het Binnenstadsoverleg, waarin de binnenstadspartners periodiek worden bijgepraat over de voortgang. Ook is de wijkraad aanwezig geweest op de participatie-avond die op 10 mei 2022 heeft plaatsgevonden.
Participatie Dit bestemmingsplan is de juridisch-planologische vertaling van de Terrassenvisie Stadserf die op 13 december 2021 door de gemeenteraad is vastgesteld. Deze Terrassenvisie is aan de hand van een uitgebreid participatietraject tot stand gekomen. Op 23 augustus 2021 is een participatiedag georganiseerd waarvoor alle eigenaren en bewoners van het Stadserf zijn uitgenodigd. De informatie die dit heeft opgeleverd is verwerkt in de Terrassenvisie die vervolgens in meerdere sessies met binnenstadspartners verder is uitgewerkt. Met betrekking tot het bestemmingsplan en de welstandsparagraaf heeft op 10 mei 2022 een participatie-avond plaatsgevonden. Tijdens deze avond zijn de eerste concepten van de plannen gepresenteerd, is een aantal dilemma's gedeeld en zijn de aanwezigen in de gelegenheid gesteld hun reactie mee te geven. Op een aantal punten heeft dit geleid tot aanpassing van de conceptplannen.
Vooroverleg In het Bro is voorgeschreven (artikel 3.1.1) dat burgemeester en wethouders voorafgaand aan het in procedure brengen van een nieuw bestemmingsplan overleg moeten plegen met de besturen van eventueel betrokken andere gemeenten, het waterschap, de provincie en met die diensten van het Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Van het wettelijke bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
5
vooroverleg met Rijk en provincie kan in de praktijk in veel gevallen worden afgezien. De provincie Overijssel en het Rijk hebben beleid vastgesteld, waarin is bepaald dat zij een bestemmingsplan alleen nog voor vooroverleg willen ontvangen, indien dat bestemmingsplan ontwikkelingen mogelijk maakt die raken aan bepaalde ruimtelijke belangen van de provincie of het Rijk. Het bestemmingsplan “Terrassen Stadserf" maakt geen ontwikkelingen mogelijk waarbij ruimtelijke belangen van andere gemeenten, het waterschap Vechtstromen, de provincie Overijssel of het Rijk in het geding zijn. Daarom is voor dit bestemmingsplan het plegen van vooroverleg niet noodzakelijk. Wel heeft er uitvoerig afstemming plaatsgevonden met de Veiligheidsregio Twente en is het plan waar nodig aangepast aan de eisen voor bereikbaarheid voor de hulpdiensten.
Procedure Vooraankondiging Burgemeester en wethouders moeten burgers en anderen informeren over het voornemen een bestemmingsplan voor te bereiden op verzoek van een derde of uit eigen beweging. Dat voornemen wordt gepubliceerd in het gemeentelijk huis-aan-huisblad en op internet. In Enschede wordt geen gelegenheid geboden om zienswijzen hieromtrent naar voren te brengen (artikel 1.3.1 Bro). In dit geval is het voornemen om het bestemmingsplan “Terrassen Stadserf” in voorbereiding te nemen op 4 mei 2022 gepubliceerd in het gemeentelijk blad “Huis aan Huis", in het Gemeenteblad en op de website van de gemeente Enschede.
Terinzagelegging ontwerpplan In de Wro staat dat op de procedure van een bestemmingsplan de uniforme openbare voorbereidingsprocedure uit afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is. Dit betekent dat het ontwerp van een bestemmingsplan gedurende een periode van zes weken ter inzage moet worden gelegd. Deze terinzagelegging biedt iedereen de mogelijkheid om gedurende die periode zienswijzen naar voren te brengen bij de gemeenteraad. Die terinzagelegging wordt gepubliceerd in het Gemeenteblad en in het gemeentelijk blad "Huis aan Huis" en langs “elektronische weg”, dus internet. De aankondiging van de terinzagelegging van dit ontwerpbestemmingsplan “Terrassen Stadserf” en de mogelijkheid om tijdens die periode een zienswijze naar voren te brengen is op 15 juni 2022 gepubliceerd in het Gemeenteblad, in "Huis aan Huis" en op de website van de gemeente Enschede.
Zienswijzen Tijdens de periode van terinzagelegging zijn er twee zienswijzen ontvangen door de gemeenteraad. Van de ingekomen zienswijzen en de gemeentelijke beantwoording daarvan is een verslag gemaakt dat als bijlage bij het vaststellingsbesluit van het bestemmingsplan wordt gevoegd. Van de twee ontvangen zienswijzen geeft er één aanleiding om de gemeenteraad voor te stellen het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.
Ambtshalve gewijzigde vaststelling Naast de wijziging als gevolg van de ontvangen zienswijzen is het wenselijk gebleken de gemeenteraad voor te stellen het bestemmingsplan ook ambtshalve op onderdelen gewijzigd vast te stellen. Voor een overzicht van de doorgevoerde wijzigingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan dat ter inzage heeft gelegen wordt verwezen naar het overzicht van wijzigingen bij het vaststellingsbesluit van het bestemmingsplan. Alle ambtshalve doorgevoerde wijzigingen zijn technische aanpassingen. Het bestemmingsplan is daardoor niet inhoudelijk gewijzigd.
Rechtsbescherming Na vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad staat voor belanghebbenden nog de mogelijkheid open om bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State beroep in te stellen tegen het bestemmingsplan.
6
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
Hoofdstuk 2
Ruimtelijk beleidskader
Het ruimtelijk beleidskader voor het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" is de Terrassenvisie Stadserf Enschede, welke d.d. 13 december 2021 is vastgesteld door de gemeenteraad. De Terrassenvisie dient meerdere doelen: stimuleren om de ruimtelijke kwaliteit en belevingswaarde van horecagebieden op het Stadserf dusdanig aantrekkelijk te maken dat de verblijfsduur en bestedingen voor horeca en retail worden verhoogd; het bevorderen van de kwalitatieve uitstraling van de terrassen; uniformiteit (in bijv. constructies) bevorderen; duidelijke, uitvoerbare en samenhangende terrasregels vaststellen, die handhaafbaar zijn. In de Terrassenvisie Stadserf worden vier typen terrassen onderscheiden: winter- en zomerterrassen (alleen op de Oude Markt), eilandterrassen en gevelterrassen. Per terrastype zijn kwaliteitseisen opgenomen. In onderstaande afbeelding zijn per terrastype de kwalitatieve kernpunten weergegeven.
De Terrassenvisie baseert voor wat betreft de typering en profilering van beoogde toekomstige inrichting en uitvoering van de straten en pleinen in het Stadserf op de Leidraad Openbare Ruimte Stadserf (LORS). De LORS is d.d. 23 november 2021 vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders. In de LORS zijn de straten en pleinen in het Stadserf ingedeeld in straattypen (zoals 'aanloopstraat', 'ontdekstraat' en 'plein'). Aan elke categorie is een bijpassend inrichtingsprofiel toegekend. Op basis van dat inrichtingsprofiel wordt het Stadserf de komende jaren opnieuw bestraat en ingericht. Het is de bedoeling dat daarbij in de bestrating, door middel van een afwijkend patroon, de exacte begrenzing van de gevelterrassen en harmonicaterrassen zichtbaar wordt gemaakt. Voor iedereen is dan in één oogopslag duidelijk tot waar het Stadserf als terras gebruik mag worden.
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
7
Hoofdstuk 3
Omgevingsaspecten
Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening wordt in het kader van de voorbereiding van een bestemmingsplan nagegaan of dat plan uitvoerbaar is. In dat kader moet elk bestemmingsplan worden getoetst aan een aantal omgevingsaspecten. Het vaststellen van een bestemmingsplan kan namelijk gevolgen hebben voor de belangen van natuur en milieu en voor de waterhuishouding. Aangezien het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" alleen aanvullingen en/of afwijkingen bevat op de bouw- en gebruiksregels voor terrassen in het Stadserf in het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' maar verder geen wezenlijke consequenties heeft voor het te bebouwen of te gebruiken oppervlak of de te realiseren bouwmassa dat mogelijk is op grond van het geldende bestemmingsplan kan een toetsing aan de belangen van milieu, natuur en waterhuishouding achterwege blijven.
8
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
Hoofdstuk 4 4.1
Juridische planopzet
Indeling planregels
Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit de regels en de bijbehorende verbeelding waarop de diverse bestemmingen zijn aangegeven. De regels en de verbeelding dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in drie hoofdstukken: a. Hoofdstuk 1 - Inleidende regels; b. Hoofdstuk 2 - Algemene regels; c. Hoofdstuk 3 - Overgangs- en slotregels. Omdat het hier een paraplubestemmingsplan betreft zijn er geen bestemmingsregels opgenomen. Inhoudelijk bevat het bestemmingsplan alleen een gebiedsaanduiding en enkele functieaanduidingen, welke vallen onder de algemene aanduidingsregels.
Gebiedsaanduiding 'Overige zone - terrassen Stadserf' De gebiedsaanduiding 'Overige zone - terrassen Stadserf' vormt het werkingsgebied van het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf". De in het plan opgenomen regels voor het gebruik als terrassen en voor het bouwen van bouwwerken op terrassen zijn alleen van toepassing in dit gebied.
Functieaanduidingen Binnen het werkingsgebied van de gebiedsaanduiding 'Overige zone - bouw- en gebruiksregels terrassen Stadserf' zijn op de verbeelding een viertal functieaanduidingen weergegeven. Deze functieaanduidingen zijn: 'specifieke vorm van verkeer - eilandterras'; 'specifieke vorm van verkeer - winterterras'; 'specifieke vorm van verkeer - zomerterras'; 'specifieke vorm van verkeer - zomerterras harmonica'; 'specifieke vorm van verkeer - gevelterras'. Deze gebiedsaanduidingen geven aan waar in het Stadserf de genoemde terrastypen zijn toegestaan en wat de maximale diepte van een dergelijk type terras is. Voor de zomer-, winter- en gevelterrassen is de maximale diepte gelijk aan de grenzen van de functieaanduidingen. Voor eilandterrassen geldt dat niet, daar geven de functieaanduidingen de zones aan waarbinnen eilandterrassen mogelijk zijn. In de planregels worden de eisen benoemd waar eilandterrassen aan moeten voldoen.
Begripsbepalingen In de regels worden onder meer de termen 'gevelterras', 'eilandterras', 'inrichtingselementen' , 'luifel' en 'terrasoverkapping' gebruikt. In artikel 1 is opgenomen wat daaronder moet worden verstaan. Daarnaast zijn in artikel 1 ook andere relevante begripsbepalingen opgenomen.
Reikwijdte De regels in het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" gelden in aanvulling op dan wel in afwijking van de bouwen gebruiksregels voor terrassen in het Stadserf van het ter plaatse geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' en laten de andere regels uit deze bestemmingsplannen ongewijzigd. Deze andere regels blijven onverminderd van kracht. Dit is in artikel 2 (Reikwijdte) opgenomen. In dit artikel is geregeld welke regels en welke onderdelen van de verbeelding van het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' komen te vervallen dan wel worden vervangen door de regeling in het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf".
Anti-dubbeltelregel De anti-dubbeltelregel is opgenomen in artikel 3. Dit is een wettelijk voorgeschreven regel die bepaalt dat grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing blijft.
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
9
Bouw- en gebruiksregels De bouw- en gebruiksregels zijn opgenomen in artikel 4. De bouwregels hebben betrekking op de afmetingen van de bouwwerken die zijn toegestaan op een terras, dat zijn een luifel, een terrasoverkapping, een aangebouwde terrasafscheiding en een in de grond verankerde parasol. De gebruiksregels hebben betrekking op de afmetingen van het terras en de inrichting van het terras.
Overgangsrecht Het overgangsrecht is opgenomen in artikel 5. Dit zijn wettelijk voorgeschreven regels die tot doel hebben de rechtstoestand tijdens de overgang naar een nieuw bestemmingsplan vast te leggen.
Slotregel Artikel 6 bevat de 'slotregel'. In de slotregel wordt bepaald wat de citeertitel is van de regels van dit bestemmingsplan.
4.2
Handhaving
Bestemmingsplannen zijn bindend voor iedereen: burgers, ondernemers en de overheid zelf. Het is een juridisch kader voor burgers en ondernemers waaruit kan worden afgeleid wat de eigen bouw- en gebruiksmogelijkheden zijn, maar ook wat de planologische mogelijkheden in juridische zin zijn op percelen in de directe omgeving. Aan de andere kant kan de gemeentelijke overheid naleving van bestemmingsplannen afdwingen als er sprake is van gebruik en/of bebouwing die niet in het bestemmingsplan passen.
10
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
Hoofdstuk 5
Economische uitvoerbaarheid
Het bestemmingsplan "Terrassen Stadserf" bevat het planologisch-juridisch kader voor het gebruik van het Stadserf voor terrassen en het ten behoeve van die terrassen al dan niet mogen bouwen van bouwwerken op het Stadserf. In verband met het feit dat de gemeente binnen het plangebied geen ruimtelijke ontwikkelingen met financiële consequenties initieert, is bij dit plan geen exploitatieopzet gevoegd. Het bestemmingsplan maakt geen bouwplannen mogelijk als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening, waarvoor het verhalen van kosten door gemeente op initiatiefnemers verplicht is. Gelet op het bovenstaande kan worden gesteld dat de economische uitvoerbaarheid van het voorliggende bestemmingsplan voldoende is aangetoond. Het vaststellen van een exploitatieplan is niet noodzakelijk.
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
11
12
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
Regels
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
13
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan:
het bestemmingsplan Terrassen Stadserf met identificatienummer NL.IMRO.0153.BP00246-0002 van de gemeente Enschede. 1.2
bestemmingsplan:
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
bestaande bebouwing:
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde en niet zijnde een tijdelijk toegestaan bouwwerk, die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan rechtmatig aanwezig of in uitvoering zijn dan wel na dat tijdstip zijn of mogen worden opgericht krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde omgevingsvergunning. 1.4
bijbehorend horecabedrijf:
horecabedrijf als bedoeld in artikel 1.12 van de Nadere regels terrassen bij horecabedrijven. 1.5
eilandterras:
een terras dat gescheiden is van de gevel van het bijbehorende horecabedrijf door bijvoorbeeld een fietspad of rijweg. 1.6
gevelterras:
het terras dat direct tegen de buitengevel van het bijbehorende horecabedrijf wordt geplaatst. 1.7
inrichtingselementen:
terrasverwarmers en -koelers, niet in de grond of aan de gevel verankerde bloembakken, menuborden, reclameborden, niet in de grond verankerde parasols, niet in de grond verankerde terrasschermen en andere verplaatsbare objecten, geen bouwwerken zijnde en geen vlonders, terrastegels of andere op de bestrating geplaatste vloeren zijnde, op een terras. 1.8
luifel:
een bouwwerk dat met één horizontale zijde bevestigd is aan de gevel van een gebouw en waarvan de overige zijden vrij dragend (zonder palen of andere in de grond verankerde draagconstructies) zijn. 1.9
overig bouwwerk:
bouwwerk, niet zijnde een gebouw, luifel, terrasoverkapping of terrasafscheiding, met inbegrip van in de grond verankerde parasols, bloembakken en terrasschermen. 1.10
terras:
een buiten het gebouw liggend deel van een horecabedrijf waar zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid of verstrekt.
14
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
1.11
terrasafscheiding:
een bouwwerk ter afscheiding van een terras, dat is aangebouwd aan het bijbehorende horecabedrijf en is verankerd in de grond. 1.12
terrasoverkapping:
een bouwwerk dat een, al dan niet permanent, overdekte ruimte vormt ter plaatse van een terras, met tenminste twee, al dan niet open en/of 's winters afsluitbare, wanden en waarvan de bovenkant (dak) inklapbaar of uitschuifbaar is. 1.13
terrasscherm:
verplaatsbaar object op een terras, al dan niet verankerd in de grond, ter bescherming van bezoekers tegen weersinvloeden. 1.14
vlonder:
houten, kunststof of metalen vloerconstructie welke al dan niet verankerd is in de grond, of op de grond rust.
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
15
Artikel 2 a.
b. c. d.
e.
f.
Reikwijdte
De regels in dit plan treden in de plaats van de hierna genoemde bouw- en gebruiksregels voor terrassen in de artikelen 18.1, onderdelen a. en g. en 18.2.6 van de bestemming 'Verkeer - Stadserf' in het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016'. De overige bouw- en gebruiksregels en alle overige regels in het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' blijven ongewijzigd en onverminderd van kracht. De functieaanduiding 'terras' op de verbeelding behorende bij het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' wordt gewijzigd in de functieaanduiding 'specifieke vorm van terras - winterterras'. De verbeelding behorende bij het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' wordt tevens gewijzigd door het toevoegen van de functieaanduidingen 'specifieke vorm van terras - zomerterras', 'specifieke vorm van terras - zomerterras harmonica', 'specifieke vorm van terras - gevelterras' en 'specifieke vorm van terras eilandterras'. De verbeelding behorende bij het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' wordt daarnaast ook gewijzigd op de hierna genoemde specifieke locaties en wijzen: 1. buitenterrein bij pand Stadsgravenstraat 8: bestemming 'Detailhandel' wordt ''Verkeer - Stadserf'; 2. Boulevard 1945 tussen voormalig postkantoor en Holland Casino: bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' wordt 'Verkeer - Stadserf'.
De verbeelding behorende bij het geldende bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' blijft voor het overige ongewijzigd en onverminderd van kracht.
16
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
Hoofdstuk 2 Artikel 3
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
17
Artikel 4 4.1
Algemene aanduidingsregels
Overige zone - bouw- en gebruiksregels terrassen Stadserf
4.1.1 Algemene regels a. Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - terrassen Stadserf' is het inrichten en exploiteren en/of in gebruik nemen van een terras toegestaan, met inachtneming van het hierna onder b. t/m f. bepaalde. b. Ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van verkeer - winterterras" is gedurende het gehele jaar een terras met de daarbij behorende bouwwerken, voorzieningen, inrichtingselementen en terrasmeubilair toegestaan. c. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - zomerterras' is gedurende het hele jaar een terras met de daarbij behorende voorzieningen, inrichtingselementen en terrasmeubilair toegestaan als uitbreiding van het winterterras. d. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - zomerterras harmonica' is in de periode 1 juni t/m 31 augustus een uitbreiding van het zomerterras toegestaan. e. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - eilandterras' is gedurende het gehele jaar een terras met de daarbij behorende voorzieningen, inrichtingselementen en terrasmeubilair toegestaan. f. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - gevelterras' is gedurende het gehele jaar een terras met de daarbij behorende voorzieningen, inrichtingselementen en terrasmeubilair toegestaan. g. In afwijking van het bepaalde onder f.
is een gevelterras ook toegestaan op gronden met de bestemming 'Verkeer - Stadserf' die eigendom zijn van derden. Voor gevelterrassen op deze gronden gelden dezelfde bouwen gebruiksregels als voor gevelterrassen met de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - gevelterras'. 4.1.2
Bouwregels
4.1.2.a Bouwregels op een gevelterras a. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - gevelterras' is uitsluitend het plaatsen van, al dan niet in de grond verankerde, parasols, bloembakken en terrasschermen toegestaan. b. De minimum doorgangshoogte onder een luifel en onder een parasol bedraagt 2,30 meter. c. Het bouwen van terrasafscheidingen en andere overige bouwwerken ten dienste van het terras is niet toegestaan. d. Voor het plaatsen van in de grond verankerde bloembakken en terrasschermen gelden de daarvoor opgenomen regels in de Nadere Regels Terrassen bij horecabedrijven. 4.1.2.b Bouwregels op een winterterras a. Ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van verkeer - winterterras" is uitsluitend het bouwen van terrasoverkappingen en terrasafscheidingen en het plaatsen van in de grond verankerde parasols, bloembakken en terrasschermen toegestaan. b. Voor het bouwen van de onder a. genoemde bouwwerken op een winterterras gelden de volgende bepalingen: 1. de minimum doorgangshoogte onder een luifel en onder een parasol bedraagt 2,30 meter; 2. de maximum bouwhoogte van terrasoverkappingen bedraagt 2,30 meter; 3. de maximum bouwhoogte van terrasafscheidingen bedraagt 1,80 meter; 4. voor het plaatsen van in de grond verankerde bloembakken en terrasschermen gelden de daarvoor opgenomen regels in de Nadere Regels Terrassen bij horecabedrijven. c.
Het op een winterterras bouwen van andere dan de onder a. genoemde bouwwerken ten dienste van het terras is niet toegestaan. d. In afwijking van het bepaalde onder a. is het op een winterterras bouwen van luifels, terrasoverkappingen en terrasafscheidingen niet toegestaan aan een gebouw dat is aangewezen als monument. e. In afwijking van het bepaalde onder a. is het op een winterterras bouwen van terrasoverkappingen en terrasafscheidingen aan een gebouw dat in de kaartbijlage 4 bij het bestemmingsplan 'Binnenstad 2016' is aangeduid als respectievelijk 'cultuurhistorisch beeldbepalend gebouw', 'structuurbepalend gebouw' of 'bijzonder complex' dan wel in een opvolgend bestemmingsplan is aangeduid als 'karakteristiek', alleen toegestaan na een positief advies van de cultuurhistorisch deskundige. f. Bij de beoordeling van een aanvraag omgevingsvergunning voor een bouwwerk als bedoeld onder e. wordt getoetst aan de beleidsregel 'Koesteren Cultuurhistorie' dan wel, in het geval deze tussentijds wordt gewijzigd of vervangen door een andere beleidsregel, aan deze gewijzigde respectievelijk vervangende beleidsregel. g. Het onder d.
genoemde verbod geldt niet voor luifels, terrasoverkappingen en terrasafscheidingen bij een gebouw dat is aangewezen als monument, die op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan rechtmatig aanwezig of in uitvoering zijn dan wel na dat tijdstip zijn of mogen worden opgericht krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde omgevingsvergunning.
18
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
4.1.2.c Bouwregels op een zomerterras a. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - zomerterras' is uitsluitend het plaatsen van een, al dan niet in de grond verankerde, parasol toegestaan. b. De minimum doorgangshoogte onder een parasol bedraagt 2,30 meter. c. Het bouwen van terrasafscheidingen en andere overige bouwwerken ten dienste van het terras is niet toegestaan. 4.1.2.d Bouwregels op een eilandterras a. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - eilandterras' is uitsluitend een in de grond verankerde parasol toegestaan. b. De minimum doorgangshoogte onder een parasol bedraagt 2,30 meter. c. Het bouwen van aangebouwde terrasafscheidingen en andere overige bouwwerken ten dienste van het terras is niet toegestaan. 4.1.3
Bestaande bebouwing
Voor bestaande bebouwing die geheel of gedeeltelijk afwijkt van de in deze regels toegestane maatvoeringen wat betreft afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen geldt voor de betreffende afwijkende bouwdelen bij (gedeeltelijke) nieuwbouw die afwijkende bouwhoogte, goothoogte, oppervlakte, inhoud of afstand als minimaal voorgeschreven respectievelijk maximaal toegestaan. 4.1.4
Gebruiksregels
4.1.4.a Algemene gebruiksregels terrassen a. Het gebruiken van de voor terrassen aangeduide gronden is niet toegestaan voor kleinschalige ondergeschikte horeca als bedoeld in artikel 1.55 van het bestemmingsplan 'Binnenstad 2016'. b. Wanneer een terras voor langere tijd (tenminste 1 maand) niet in gebruik is moeten het aanwezige terrasmeubilair en alle overige verplaatsbare objecten als terrasschermen en parasols, ook als deze in de grond zijn verankerd, van het terras worden verwijderd en elders en/of uit het zicht worden opgeslagen. c. Voor het plaatsen van terrasmeubilair, terrasschermen, losse parasols en andere inrichtingselementen gelden de daarvoor opgenomen regels in de Nadere Regels Terrassen bij horecabedrijven en/of de Nadere Regels Uitstallingen. 4.1.4.b Gebruiksregels voor gevelterrassen en winterterrassen a. De maximum breedte van een winterterras en van een gevelterras is gelijk aan de breedte van de gevel van het bijbehorende horecabedrijf. b. Het gevelterras dient zo direct mogelijk tegen, vóór en haaks op de gevel van het bijbehorende horecabedrijf te worden geplaatst. c. In aanvulling op het bepaalde onder c. dient een gevelterras zodanig te worden geplaatst dat aanwezige brandkranen voldoende toegankelijk zijn voor hulpdiensten en het gebruik en/of de toegang tot aanwezige nutsvoorzieningen niet wordt beperkt of belemmerd. d.
Het op een winterterras of een gevelterras plaatsen van vlonders, terrastegels of andere op de bestrating geplaatste vloeren is niet toegestaan. 4.1.4.c Gebruiksregels voor zomer- en harmonicaterrassen a. Het aantal op het totale zomerterras (regulier + harmonica uitbreiding) aanwezige tafels en stoelen is gelijk aan het aantal dat is toegestaan op het reguliere zomerterras. b. De maximum breedte van een zomerterras en van een harmonicaterras is gelijk aan de breedte van de gevel van het bijbehorende horecabedrijf. c. Het tussen het winter- en zomerterras feitelijk door middel van hoogteverschil in de bestrating als looppad ingerichte weggedeelte dient te allen tijde vrijgehouden te worden. d. Het op een zomerterras en/of harmonicaterras plaatsen van vlonders, terrastegels of andere op de bestrating geplaatste vloeren en/of terrasschermen is niet toegestaan. e. Een harmonicaterras moet in zijn geheel worden verwijderd wanneer dat noodzakelijk is in het kader van een evenement. f. Het harmonicaterras dient zodanig te worden geplaatst dat: 1. aanwezige brandkranen en opstelplaatsen voor red- en blusvoertuigen voldoende toegankelijk zijn voor hulpdiensten overeenkomstig de daarvoor opgenomen richtlijnen in de actuele Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid van Brandweer Nederland; 2.
het gebruik en/of de toegang tot aanwezige nutsvoorzieningen niet wordt beperkt of belemmerd.
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
19
4.1.4.d Gebruiksregels voor eilandterrassen a. Het eilandterras dient zodanig te worden geplaatst dat: 1. het begin van het terras niet verder dan op een afstand van 15 meter gelegen is, gerekend vanaf de dichtstbijzijnde gevel van het bijbehorende horecabedrijf; 2. het eilandterras volledig zichtbaar is vanuit het bijbehorende horecabedrijf en vice versa; 3. rondom aanwezig straatmeubilair een vrije ruimte van tenminste 1.50 meter breed in acht wordt genomen; 4. aanwezige brandkranen en opstelplaatsen voor red- en blusvoertuigen voldoende toegankelijk zijn voor hulpdiensten overeenkomstig de daarvoor opgenomen richtlijnen in de actuele Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid van Brandweer Nederland; 5. het gebruik en/of de toegang tot aanwezige nutsvoorzieningen niet wordt beperkt of belemmerd. b. Rondom een eilandterras dient aan alle zijden tenminste 3,60 meter vrije doorgang voor hulpdiensten, fietsers, voetgangers en overig verkeer aanwezig te blijven. c. Het op een eilandterras plaatsen van vlonders, terrastegels of andere op de bestrating geplaatste vloeren en/of terrasschermen is niet toegestaan. d. Een eilandterras moet in zijn geheel worden verwijderd wanneer dat noodzakelijk is in het kader van een evenement.
20
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
5.1
Overgangsrecht bouwwerken
5.1.1
Overgangsbepaling
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 5.1.2
Afwijken
Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van het bepaalde in lid 5.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. 5.1.3
Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken
Lid 5.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 5.2
Overgangsrecht gebruik
5.2.1
Overgangsbepaling
Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 5.2.2
Strijdig gebruik
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 5.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 5.2.3
Verboden gebruik
Indien het gebruik, bedoeld in lid 5.2.1, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 5.2.4
Uitzondering op het overgangsrecht gebruik
Lid 5.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
21
Artikel 6
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het (paraplu) bestemmingsplan "Terrassen Stadserf".
22
bestemmingsplan Terrassen Stadserf (vastgesteld)
Colofon Dit is een uitgave van: Afdeling Bestemmen Cluster Omgeving & Recht Gemeente Enschede
© Augustus 2022, gemeente Enschede