CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Toelichting

Raadsvergadering 26 juni 2023, gemeente enschedeBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan "Hengelosestraat 437" en beeldkwaliteitsplan "Herontwikkeling De Assinkhof te Enschede"20.011 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Toelichting Bestemmingsplan Hengelosestraat 437

Status: Vastgesteld

Hengelosestraat 437

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding bestemmingsplan 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Geldende juridische regelingen 1.4 Wettelijk kader 1.5 Adviezen, vooroverleg en procedure

3 3 3 4 4 5

Hoofdstuk 2 Planologisch beleidskader 2.1 Ruimtelijk beleid en regels van het Rijk 2.2 Ruimtelijk beleid en regels van de provincie Overijssel 2.3 Gemeentelijk ruimtelijk relevant strategisch beleid

7 7 9 11

Hoofdstuk 3 Planbeschrijving 3.1 Stedenbouwkundig plan 3.2 Cultuurhistorie in relatie tot nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen 3.3 Welstand en beeldkwaliteit 3.4 Duurzaamheid

15 15 17 21 22

Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten 4.1 Milieu 4.2 Water 4.3 Natuur

25 25 34 36

Hoofdstuk 5 Juridische planopzet 5.1 Algemeen 5.2 Indeling planregels 5.3 Beschrijving van het plan 5.4 Handhaving

40 40 40 42 47

Hoofdstuk 6

48

2

Economische uitvoerbaarheid

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

Toelichting Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding bestemmingsplan

Het bestemmingsplan “Hengelosestraat 437” heeft als doel de bestemming van de binnen het plangebied gelegen gronden en de bouw- en gebruiksmogelijkheden daarvan vast te leggen. Het bestemmingsplan beoogt de herontwikkeling van de horeca-locatie aan de Hengelosestraat 437 (Assinkhof) te Enschede tot woningbouwlocatie mogelijk te maken. Het oude horecapand en de bedrijfswoning zullen gehandhaafd blijven en vanwege hun cultuurhistorische waarden zullen ze aangeduid worden als karakteristiek. Er komen ook enkele appartementen in het bestaande horecapand met aanbouw. In deze herontwikkeling zullen diverse woningtypes worden gerealiseerd. De diversiteit in woningtypes dienen in harmonie te zijn met de oorspronkelijke en deels van historisch belang zijnde gebouwen van de Assinkhof. Karakteristiek detail hierin zal de oorspronkelijke toegangspoort zijn in een parkachtig karakter als verbindende factor. De kwaliteit en het gevoel van het wonen op een hof zal worden versterkt door de keuze in architectuurstijl, waarbij de historische beeldkenmerken van de Assinkhof in combinatie met het aanvullende groen elkaar zullen versterken.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het gebied waarop het bestemmingsplan “Hengelosestraat 437” betrekking heeft wordt globaal begrensd door de Hengelosestraat in het noorden, de Wegastraat in het oosten, de Noorderkroonstraat in het zuiden en de Uranusstraat in het westen en ligt in het stadsdeel Noord. Dit plangebied maakt deel uit van de wijk Twekkelerveld.

Ligging plangebied bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

3

Luchtfoto plangebied

1.3

Geldende juridische regelingen

Het gebied valt onder het bestemmingsplan “Twekkelerveld 2005”, dat op 7 april 2008 gewijzigd is vastgesteld door de gemeenteraad van Enschede en heeft daarin de bestemming "Horecabedrijven". Het plan is onherroepelijk geworden op 14 oktober 2009. Daarnaast gelden de (paraplu)bestemmingsplannen "Kwalitatief sturen op appartementen" (30-9-17 en nieuw ontwerp van 7-4-2022), "Parkeren Enschede" (11-3-2019), "Onzelfstandige bewoning Enschede" 13-11-2017), "Cultuurhistorie" (6-2-2017) en "Bedrijven met milieuzones (vuurwerk, risicovol, geluid) (18-11-2014).

1.4

Wettelijk kader

Het wettelijk kader van een bestemmingsplan is de Wet ruimtelijke ordening (hierna Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (hierna Bro).

Wet ruimtelijke ordening (Wro) De Wro schrijft voor dat de gemeenteraad "voor het gehele grondgebied van de gemeente een of meer bestemmingsplannen vaststelt, waarbij ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening de bestemming van de in dat plan begrepen grond wordt aangewezen en met het oog op die bestemming regels worden gegeven". Besluit ruimtelijke ordening (Bro) In het Bro is geregeld hoe een bestemmingsplan en andere ruimtelijke plannen er uit moeten zien, wat vastgelegd moet worden en wat meegewogen moet worden (artikelen 3.1.2 t/m 3.1.7 en artikelen 3.2.1 t/m 3.2.4 Bro). In artikel 3.1.6 van het Bro is bepaald dat elk bestemmingsplan vergezeld gaat van een toelichting.

4

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

In de toelichting moet worden vermeld wat de uitkomsten zijn van onderzoeken over ecologie/flora/fauna, hoe het is gesteld met de waterhuishouding, of de Wet milieubeheer van toepassing is voor bijvoorbeeld een Milieu Effect Rapport (MER), of sprake is van archeologische/cultuurhistorische waarden, welke milieukwaliteitseisen wat betreft lucht, bodem, geluid bij het plan betrokken zijn en welk beleid van gemeente, provincie en Rijk een rol speelt. Een bestemmingsplan is daarom een juridisch ruimtelijk beleidsdocument, waarin de bestemming van de gronden met inbegrip van de daarop van toepassing zijnde gebruiks- en bouwregels en de daarop aanwezige bebouwing worden vastgelegd, maar waarin ook ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden zijn opgenomen.

Digitalisering Alle ruimtelijke plannen moeten voor iedereen digitaal beschikbaar en raadpleegbaar zijn. Daarvoor is een landelijke voorziening in het leven geroepen. Er moet gewerkt worden via landelijk vastgestelde regels (artikel 1.2.1 en 1.2.2 Bro, nader uitgewerkt in de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening). Kosten In de wet is bepaald dat de kosten voor het maken van een bestemmingsplan verhaald kunnen worden op de aanvrager. Die kosten worden vastgesteld in een exploitatieplan, maar ze kunnen ook op een andere wijze verhaald worden bijvoorbeeld door het sluiten van een overeenkomst (afdeling 6.4 Wro).

1.5

Adviezen, vooroverleg en procedure

Adviezen Voorafgaand aan het in procedure brengen van een bestemmingsplan vragen burgemeester en wethouders aan het binnen het plangebied werkzame erkende wijkorgaan advies uit te brengen over het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan. Dit is geen wettelijke procedurestap maar een binnen de gemeente Enschede gehanteerde werkwijze, die is vastgelegd in de Regeling Wijkorganen 2008 en nader uitgewerkt in de notitie Wijkorganen en Adviesafspraken. Binnen het plangebied van het bestemmingsplan “Hengelosestraat 437” is geen erkend wijkorgaan actief.

Vooroverleg In het Bro is voorgeschreven (artikel 3.1.1) dat burgemeester en wethouders voorafgaand aan het in procedure brengen van een nieuw bestemmingsplan overleg moeten plegen met de besturen van eventueel betrokken andere gemeenten, het waterschap, de provincie en met die diensten van het Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Van het wettelijke vooroverleg met Rijk en provincie kan in de praktijk in veel gevallen worden afgezien. De provincie Overijssel en het Rijk hebben beleid vastgesteld, waarin is bepaald dat zij een bestemmingsplan alleen nog voor vooroverleg willen ontvangen, indien dat bestemmingsplan ontwikkelingen mogelijk maakt die raken aan bepaalde ruimtelijke belangen van de provincie of het Rijk. Het bestemmingsplan “Hengelosestraat 437” maakt geen ontwikkelingen mogelijk waarbij ruimtelijke belangen van andere gemeenten, het waterschap Vechtstromen, de provincie Overijssel of het Rijk in het geding zijn. De beoogde ontwikkeling is in het kader van de 'voorkantsamenwerking" voorgelegd aan de provincie Overijssel. De provincie Overijssel heeft aangegeven dat dit bestemmingsplan in hun ruimtelijk beleid past. Zij zien dan ook geen belemmeringen wannee dit plan in deze vorm in procedure wordt gebracht.

Hiermee is het ambtelijk vooroverleg (uit het Bro) met de provincie Overijssel afgerond.

Participatie Initiatiefnemer heeft bij de start van het ontwerpproces de direct omwonenden geïnformeerd over de plannen. De input vanuit de buurt en vanuit gesprekken met de gemeente is verwerkt in het voorliggende plan. Dit plan is in maart 2022 opnieuw voorgelegd aan de buurt. De reacties op het aangepaste plan zijn als positief bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

5

ervaren. Tenslotte is er door de gemeente en betrokken partijen in de afgelopen tijd veel aandacht aan de plannen voor “Wonen op de Assinkhof” gegeven. De plannen zijn aangekondigd via de lokale media, social media en via een bouwbord in het plangebied. In zijn algemeenheid wordt er positief gereageerd op de plannen. Gesteld wordt dat de belanghebbenden in voldoende mate zijn betrokken bij de planvorming en het proces daartoe.

Procedure Vooraankondiging Burgemeester en wethouders moeten burgers en anderen informeren over het voornemen een bestemmingsplan voor te bereiden op verzoek van een derde of uit eigen beweging. Dat voornemen wordt gepubliceerd in het gemeentelijk huis-aan-huisblad en op internet. In Enschede wordt geen gelegenheid geboden om zienswijzen hieromtrent naar voren te brengen (artikel 1.3.1 Bro). In dit geval is het voornemen om een nieuw bestemmingsplan genaamd: “Hengelosestraat 437” in voorbereiding te nemen op 1 juni 2022 gepubliceerd in het gemeentelijk blad “Huis aan Huis" en op de website van de gemeente Enschede.

Terinzagelegging ontwerpplan In de Wro staat dat op de procedure van een bestemmingsplan de uniforme openbare voorbereidingsprocedure uit afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is. Dit betekent dat het ontwerp van een bestemmingsplan gedurende een periode van zes weken ter inzage moet worden gelegd. Deze terinzagelegging biedt iedereen de mogelijkheid om gedurende die periode zienswijzen naar voren te brengen bij de gemeenteraad. Die terinzagelegging wordt gepubliceerd in de Nederlandsche Staatscourant en in het gemeentelijk blad "Huis aan Huis" en langs “elektronische weg”, dus internet. De aankondiging van de terinzagelegging van dit ontwerpbestemmingsplan “Hengelosestraat 437” en de mogelijkheid om tijdens die periode een zienswijze naar voren te brengen zal gepubliceerd worden in "Huis aan Huis", op de website van de gemeente Enschede en het Gemeenteblad.

Zienswijzen Van de eventueel ingekomen zienswijzen en de gemeentelijke beantwoording daarvan wordt een verslag gemaakt dat als bijlage bij de besluitvorming over de vaststelling van het bestemmingsplan wordt bijgevoegd.

Rechtsb escherming Na vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad staat voor belanghebbenden nog de mogelijkheid open om bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State beroep in te stellen tegen het bestemmingsplan.

6

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

Hoofdstuk 2

Planologisch beleidskader

2.1

Ruimtelijk beleid en regels van het Rijk

2.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld als structuurvisie. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Alles met zorg voor een gezonde bodem, schoon water, behoud van biodiversiteit en een aantrekkelijke leefomgeving. De NOVI schetst een duurzaam toekomstperspectief voor de leefomgeving in Nederland in 2050.

Dit toekomstperspectief voor Nederland is: Een klimaatbestendige delta, waarbij Nederland beschermd is tegen de negatieve gevolgen van klimaatverandering, waterveiligheid (ook voor de laaggelegen gebieden in het westen) gegarandeerd is en voldoende zoetwater beschikbaar is van goede kwaliteit; Duurzaam, concurrerend en circulair: een toekomstbestendige en volledig circulaire economie zonder vervuilende manieren van produceren en consumeren, met een uitstekend vestigingsklimaat en een hoge quality of life, met een zo goed mogelijke inpassing van duurzame energie in onze leefomgeving en slimme combinaties van functies zonder de risico's en milieunadelen te vergroten. Een economie die veel maatschappelijke winst oplevert in termen van banen, innovatie en nieuwe bedrijvigheid en exportmogelijkheden; Kwaliteit van leven in stad en dorp: met een aantrekkelijke woon- en leefomgeving en een goede verbondenheid van stad en land. De ontwikkelingen zijn gericht op kwaliteit, met gecontroleerde en doordachte groei waar dat nodig is, waardoor diversiteit in wonen, een stedelijk netwerk, prettige woonmilieus, met rust en ruimte maar ook vitale en leefbare regio's ontstaan. Nabijheid en betrouwbare verbindingen: een uitstekende bereikbaarheid wordt met een goede en betrouwbare infrastructuur gegarandeerd, waarbij wordt ingespeeld op locatiekeuzes voor wonen en werken (nabijheid).

De infrastructuur is onderdeel van een mobiliteitssysteem dat een meer divers patroon van mobiliteit veilig, robuust en duurzaam afhandelt. Luchthavens blijven belangrijk voor een sterk internationaal netwerk voor de lange afstanden. De uitdaging is om het vliegverkeer net als het goederenvervoer op een zo veilige, efficiënte en duurzame manier vorm te geven. Veilig en gezond, herkenbaar en natuurlijk: een veilig en gezond leven voor iedereen staat voorop. De leefomgeving nodigt uit om te bewegen, elkaar te ontmoeten en te ontspannen. Daarbij horen een goede milieukwaliteit, robuuste natuur, klimaatbestendigheid en voor iedereen goede toegang tot wonen, werken en voorzieningen. Het realiseren van een fysieke leefomgeving die dit toekomstperspectief mogelijk maakt, is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle overheden. In de NOVI benoemt het Rijk 21 nationale belangen voor het omgevingsbeleid, inclusief de opgaven en de rol van het Rijk in het realiseren van deze opgaven. Deze opgaven komen samen in vier prioriteiten. Deze prioriteiten vormen complexe, omvangrijke en dringende opgaven die voortkomen uit of samenhangen met grote transities. Deze prioriteiten zijn: 1. 2. 3. 4.

Naar een ruimte voor klimaat adaptatie en energietransitie; Naar een duurzaam economisch groeipotentieel; Naar sterke en gezonde steden en regio's; Naar een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied;

Deze vier opgaven kunnen alleen in samenhang verder worden gebracht wanneer aandacht is voor thema's die hier dwars doorheen lopen, zoals omgevingskwaliteit, gezondheid, cultuurhistorie, klimaatadaptatie, water, bodem, (nationale) veiligheid en milieukwaliteit.

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

7

2.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening en Besluit ruimtelijke ordening

De basis van juridische borging van de realisatie van de nationale belangen ligt in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en het Bro. Het Barro is in werking sinds 2011 en bevat onderwerpen die van rijksbelang zijn, zoals defensie, de ecologische hoofdstructuur, de elektriciteitsvoorziening en toekomstige uitbreiding van het hoofd(spoor)wegennet. Per onderwerp bevat het Barro regels waaraan bestemmingsplannen moeten voldoen. Binnen drie jaar moet het onderwerp zijn opgenomen in een bestemmingsplan. 2.1.3

Ladder Duurzame Verstedelijking (artikel 3.1.6, 2e lid Bro)

Artikel 3.1.6, 2e tot en met 4e lid van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) schrijft voor dat van een stedelijke ontwikkeling die in een bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt in de toelichting moet worden aangetoond dat er sprake is van een behoefte. Wanneer een bestemmingsplan een stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied moet in de toelichting tevens worden gemotiveerd waarom in die behoefte niet kan worden voorzien binnen het bestaand stedelijk gebied. Bij iedere 'stedelijke ontwikkeling', waaronder iedere ontwikkeling van detailhandelsvloeroppervlak, moet inzichtelijk worden gemaakt of er, in relatie tot het bestaande aanbod, concreet behoefte bestaat aan de desbetreffende ontwikkeling. Die behoefte moet dan worden afgewogen tegen het bestaande aanbod, waarbij moet worden gemotiveerd dat rekening is gehouden met het voorkomen van leegstand. Dit wordt de 'Ladder voor Duurzame Verstedelijking' genoemd. Deze zogenoemde 'Ladder voor Duurzame Verstedelijking' is geen blauwdruk voor een optimale ruimtelijke inpassing van alle nieuwe ontwikkelingen en schrijft geen vooraf bepaald resultaat voor. De 'Ladder' is alleen van toepassing als er sprake is van een 'nieuwe stedelijke ontwikkeling'. Een in een bestemmingsplan voorziene ontwikkeling dient voldoende substantieel te zijn om als 'stedelijke ontwikkeling' te kunnen worden aangemerkt.

Daarvan zal in beginsel geen sprake zijn indien het nieuwe bestemmingsplan ten opzichte van het voorgaande planologische regime geen nieuw planologisch ruimtebeslag mogelijk maakt. Dit kan anders zijn indien het bestemmingsplan ten opzichte van het voorgaande planologische regime in een vanuit ruimtelijk oogpunt ingrijpende nieuwe planologische functiewijziging voorziet. Wanneer de 'stedelijke ontwikkeling' die een bestemmingsplan mogelijk maakt alleen betrekking heeft op de vestiging van een dienst als bedoeld in artikel 1 van de Dienstenwet, heeft het onderzoek naar de behoefte slechts tot doel om na te gaan of de vestiging van een dienst in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.

'stedelijke ontwikkeling' Onder 'stedelijke ontwikkeling' wordt in het Bro (art. 1.1.1, 1e lid onder i) verstaan: een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Of in een bestemmingsplan sprake is van een of meer stedelijke ontwikkelingen als bedoeld in het Bro is niet altijd even duidelijk. Dit dient per plan te worden getoetst en gemotiveerd. In de jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, zie uitspraken 201310814/1/R1 en 201311211/1/R3, is inmiddels de lijn te ontdekken dat wanneer er sprake is van bestaande bebouwing en geen toename van het ruimtebeslag, er in dat geval geen sprake is van een 'stedelijke ontwikkeling' als bedoeld in het Bro. Ook bij nieuwbouw hoeft volgens de jurisprudentie, zie uitspraak 201310222/1/R6, niet altijd sprake te zijn van een 'stedelijke ontwikkeling' als bedoeld in het Bro. Dit geldt bijvoorbeeld wanneer er sprake is van een feitelijke capaciteitsafname doordat er minder commercieel vloeroppervlak wordt teruggebouwd dan er is afgebroken. Ook een op grond van het voorgaande plan reeds mogelijke maar nog niet gerealiseerde ontwikkeling hoeft niet altijd een 'stedelijke ontwikkeling' als bedoeld in het Bro te zijn.

Dit is onder meer het geval wanneer er geen sprake is van toename maar wel van concentratie van de bebouwingsmogelijkheden. Ook wanneer er sprake is van 'saldering' (verplaatsing van een stedelijke ontwikkeling, zonder netto extra (planologisch) ruimtebeslag of waarbij bebouwing wordt gereduceerd, zoals de 'Ruimte voor Ruimte' regelingen) is er meestal geen sprake van een 'stedelijke ontwikkeling' als bedoeld in het Bro. In de uitspraak 201608869/1/R3 geeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State een overzicht op hoofdlijnen van alle relevante aspecten waar aan moet worden getoetst om te bepalen of sprake is van een 'stedelijke ontwikkeling' als bedoeld in het Bro en zo ja, welke eisen er worden gesteld aan de beschrijving van de behoefte aan de betreffende stedelijke ontwikkeling.

8

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

'Stedelijke ontwikkeling' en het bestemmingsplan "Hengelosestraat 437" In het bestemmingsplan "Hengelosestraat 437" wordt een ruimtelijke ontwikkeling (woningbouw) mogelijk gemaakt. Onderstaand wordt nagegaan of daarbij sprake is van een 'stedelijke ontwikkeling' als bedoeld in het Bro. De ontwikkelingen die als 'stedelijke ontwikkeling' moeten worden aangemerkt worden vervolgens getoetst aan de Ladder Duurzame Verstedelijking. In het Bro is geen ondergrens voor de minimale omvang vastgelegd, jurisprudentie geeft meer duidelijkheid. Bij wonen geldt, dat voor woningbouwlocaties vanaf 12 woningen in beginsel sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Dit betekent dat de beoogde 25 woningen in het voorgenomen plan zich kwalificeren als stedelijke ontwikkeling in de zin van artikel 3.1.6. Bro. Hieruit blijkt dat een toetsing aan de Ladder Duurzame Verstedelijking vereist is. Ladder Duurzame Verstedelijking De voorgenomen ontwikkeling is getoetst aan de Ladder, zoals opgenomen in artikel 3.1.6 lid 2 Bro zoals die sinds 1 juli 2017 van kracht is. De ontwikkeling van de 25 woningen past in de behoeftevraag naar woningen in een stedelijk groen woonmilieu. In het plangebied staat nu nog een horecagelegenheid met dienstwoning en parkeervoorziening. Deze zullen gesloopt/verwijderd worden.

Het is een locatie die gelegen is binnen de bebouwde kom (inbreidingslocatie) en tevens binnen het in de Structuurvisie uit 2011 aangewezen bestaand stedelijk gebied. Binnen het bestaand stedelijk gebied zijn er geen andere geschikte opties voorhanden voor het realiseren van de 25 woningen voor sub urbaan wonen in een stedelijk compact woonmilieu. Op grond van het bestaande bestemmingsplan met de huidige bestemming, kunnen de woningen nog niet gebouwd worden. Met dit plan wordt ingezet op de doelen vanuit de Woonvisie: een goed aanbod van woningen en wooncarrière realiseren voor starters en net afgestudeerden, gezinnen met lage en midden inkomens en inwoners waarvoor het aanbod nu niet goed aansluit op de vraag: de doelgroep 30-54 jarigen en/of gezinnen en daarnaast woningen in het aanbod hebben waarin ouderen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen (levensloopbestendige woningen). Dit ook met de ambitie om door te groeien naar 170.000 inwoners. Ook wordt met de toevoeging van deze woningen bijgedragen aan twee van de vijf strategische opgaven van de stad: het vasthouden van talent en een inclusieve samenleving. Dit plan voorziet in de woningbehoeftevraag, omdat er woningen in de koopsector en diverse soorten typologieën van woningen (appartementen, twee-onder-eenkapwoningen en stadswoningen) worden toegevoegd.

Met de bouw van deze woningen wordt er ingezet op doorstroming op de woningmarkt.

Conclusie Het bestemmingsplan "Hengelosestraat 437" voorziet in de behoefte en deze wordt ingevuld in bestaand stedelijk gebied. . 2.1.4

Toetsing bestemmingsplan aan beleid en regels van het Rijk

Geconcludeerd kan worden dat de in dit voorliggende bestemmingsplan besloten ruimtelijke ontwikkeling in overeenstemming is met het beleid en de regels van het Rijk.

2.2

Ruimtelijk beleid en regels van de provincie Overijssel

2.2.1

Omgevingsvisie Overijssel

Het ruimtelijk beleid van de provincie Overijssel staat vooral in de Omgevingsvisie en Omgevingsverordening. Op 12 april 2017 hebben Provinciale Staten van Overijssel een herziening van de visie en verordening vastgesteld en op 1 mei 2017 zijn deze in werking getreden. De Omgevingsvisie is een integrale visie waarin de beleidsambities en doelstellingen staan die van provinciaal belang zijn voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Overijssel. Het uitgangspunt is bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

9

gericht op het jaar 2030. De visie biedt kaders in de vorm van ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Daarbinnen krijgen gemeenten, waterschappen, maatschappelijke organisaties en andere initiatiefnemers mogelijkheden om ruimtelijke ontwikkelingen te realiseren. De hoofdambitie van de visie is, net als in de oorspronkelijke omgevingsvisie van 2009, een toekomstvaste groei van welvaart en welzijn met een verantwoord beslag op de beschikbare natuurlijke hulpbronnen en voorraden. De opgaven en kansen waar de provincie Overijssel voor staat heeft men vertaald in centrale beleidsambities voor negen beleidsthema’s. Deze benadert zij vanuit de drie overkoepelende 'rode draden': duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en sociale kwaliteit.

Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Om te bepalen of een initiatief bijdraagt aan de ambities, gebruikt de provincie het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel. In dit uitvoeringsmodel staan de stappen of, waar en hoe centraal. Bij een initiatief kan aan de hand van deze drie stappen bepaald worden of een initiatief binnen de geschetste visie voor Overijssel mogelijk is (generieke beleidskeuzes), waar het past (ontwikkelperspectieven) en hoe het uitgevoerd kan worden (gebiedskenmerken) In onderstaande afbeelding is het uitvoeringsmodel weergegeven. Vervolgens zijn de niveaus toegelicht. De '“vishaak” met de drie niveaus uit de Omgevingsvisie van 2009 is daarbij behouden gebleven. Boven het uitvoeringsmodel (in de paraplu) staan de rode draden en centrale beleidsambities weergegeven.

Generieke beleidskeuzes (of) Generieke beleidskeuzes vloeien voort uit beleid van EU, Rijk of provincie. Het zijn keuzes die bepalen of een ontwikkeling nodig is of mogelijk. De generieke beleidskeuzes zijn veelal normstellend. De herziene Omgevingsvisie maakt daarbij onderscheid in: Generieke beleidskeuzes voor heel Overijssel. Dit heeft zij gevat onder de ' Overijsselse ladder voor duurzame verstedelijking'. Dit is een nadere invulling van de nationale Ladder voor duurzame verstedelijking, die voor 'nieuwe stedelijke ontwikkelingen' verplicht moet worden doorlopen. De Overijsselse ladder geeft onder andere aan dat alle belangen die bij een ontwikkeling betrokken zijn, 10

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

zorgvuldig tegen elkaar moeten worden afgewogen ('integraliteit'; is ook een eis uit het Bro). Ook wordt onder andere ingegaan op zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik (voorheen verwoord in de 'SER-ladder') en '(boven)regionale afstemming' (gemeenten moeten hun ruimtelijke ontwikkelingsplannen afstemmen met buurgemeenten om te voorkomen dat inefficiënte concurrentie tussen gemeenten ontstaat). Gebiedsspecifieke beleidskeuzes, zoals aanduidingen voor grondwaterbeschermingsgebied, Natuurnetwerk Nederland (NNN) en Nationale Landschappen.

Ontwikkelingsperspectieven (waar) Na de toetsing aan de generieke beleidskeuzes komen de ontwikkelingsperspectieven aan de orde. In de Omgevingsvisie staan zes ontwikkelperspectieven beschreven: drie voor de groene en drie voor de stedelijke omgeving. Daarbinnen is nog een onderverdeling gemaakt. De ontwikkelperspectieven zijn flexibel voor de toekomst en geven richting aan wat waar ontwikkeld zou kunnen worden.

Gebiedskenmerken (hoe) Tot slot zijn de gebiedskenmerken van belang, die bestaan uit vier lagen (natuurlijke laag, laag van agrarische cultuurlandschappen, stedelijke laag en laag van de beleving. Voor elke laag gelden specifieke kwaliteitsvoorwaarden en -opgaven voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het is de vraag 'hoe' een ontwikkeling invulling krijgt. In het resterende deel van deze paragraaf wordt nader ingegaan op de generieke beleidskeuzes, de ontwikkelingsperspectieven en de gebiedskenmerken.

2.2.2

Omgevingsverordening Overijssel

De hoofdlijnen van de Omgevingsvisie zijn juridisch geborgd in de Omgevingsverordening. Het gaat om de onderwerpen uit de visie die de provincie zo belangrijk vindt dat deze dwingend worden opgelegd. In de verordening staan algemene regels op het gebied van de ruimtelijke ordening, mobiliteit, milieu, water en bodem. De verordening als juridisch instrument om de doorwerking van provinciaal beleid af te dwingen, is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening geeft regels aan gemeenten die bij het maken van bestemmingsplannen in acht genomen moeten worden. 2.2.3

Toetsing bestemmingsplan aan beleid en regels van de provincie Overijssel

Conclusie: Geconcludeerd kan worden dat de in dit voorliggende bestemmingsplan besloten ruimtelijke ontwikkeling in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Overijssel 2017 verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid.

2.3

Gemeentelijk ruimtelijk relevant strategisch beleid

Deze paragraaf bevat een korte beschrijving van het algemene ruimtelijke relevante beleid van de gemeente Enschede. De inhoud van deze toelichting is zodanig opgebouwd dat eerst algemene informatie aan de orde komt en vervolgens onderwerpen die specifiek aan dit bestemmingsplan zijn toegeschreven. Het sectorale beleid wordt daarom verderop in deze toelichting behandeld.

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

11

2.3.1

Toekomstvisie Enschede 2020 en uitwerkingsvisies

De gemeenteraad heeft op 17 december 2007 de Toekomstvisie Enschede 2020 vastgesteld, waarin de hoofdlijnen en doelstellingen voor het gemeentelijke beleid tot 2020 staan. Het document geeft richting aan het beleid, dat nader uitgewerkt wordt in andere beleidsstukken. De ruimtelijk relevante aspecten van de hoofdlijnen en beleidsdoelstellingen in de Toekomstvisie zijn uitgewerkt in de Herijking van de Ruimtelijke Ontwikkelingsvisie, die op 22 juni 2009 door de gemeenteraad is vastgesteld. Integraal onderdeel hiervan is een visie op de binnenstad (Binnenstadsvisie) en mobiliteit (Mobiliteitsvisie). Vervolgens is de inhoud van het document Herijking RO-Visie, binnenstadsvisie inclusief mobiliteitsvisie ruimtelijk vertaald in de Structuurvisie Enschede, die in één van de volgende paragrafen aan de orde komt. 2.3.2

Stedelijke Koers

Onder de noemer "Stedelijke Koers" heeft de gemeenteraad op 24 september 2012 ingestemd met een andere koers voor Enschede. Dat was nodig omdat vraag en aanbod in de vastgoedmarkt op het gebied van wonen, bedrijventerreinen en kantoren flink uit balans zijn. De maatschappij is veranderd. Het aantal projecten, de ambities en de plannen in Enschede die werden voorbereid en uitgevoerd pasten niet meer bij de huidige en toekomstige vraag. Om dit terug te brengen naar een realistisch aanbod heeft de gemeenteraad gekozen voor de plannen en projecten die het meest waardevol zijn voor de toekomst van Enschede en die de economie van Enschede en de regio zoveel mogelijk stimuleren. De financiële uitwerking hiervan vond plaats tijdens de behandeling van de Programmabegroting op 12 november 2012. In Enschede zullen niet alleen minder woningen worden gebouwd, maar ook andere soorten: minder appartementen en meer woningen met een tuin. De prognose voor de verkoop van grond voor bedrijventerreinen wordt naar beneden bijgesteld. Voor de kantorensector wordt naast verlagen van het aantal te bouwen kantoren ook gekeken naar hergebruik van bestaande kantoren, omdat er sprake is van leegstand. 2.3.3

Richting aan Ruimte

Op 5 april 2016 hebben burgemeester en wethouders van Enschede 'Richting aan Ruimte' (RAR) vastgesteld. Dit is een richtinggevend ontwikkelingskader waarin wordt verduidelijkt hoe Enschede omgaat met de programmering. Niet langer de kwantitatieve aspecten staan centraal maar er wordt gestuurd op kwaliteit. Daarbij wordt gekeken naar de totale stedelijke programmering maar ook naar de behoefte van het gebied. Een integrale afweging van alle relevante belangen (o.a. ruimtelijke kwaliteit, duurzaamheid, economie, welzijn) op basis van het 'RAR-kompas' leidt uiteindelijk tot een besluit over de (on)wenselijkheid van een nieuw ruimtelijk initiatief. Ongewijzigd onderdeel van het integrale afwegingskader is het 'versterken vanuit het hart'.

12

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

afbeelding: het 'RAR kompas'

2.3.4

Structuurvisies

De Wro verplicht iedere gemeente om voor het hele grondgebied één of meer structuurvisies vast te stellen voor een goede ruimtelijke ordening. Een soortgelijke verplichting geldt ook voor de provincies en het Rijk. In een gemeentelijke structuurvisie staan de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling van dat gebied en de hoofdzaken van het ruimtelijk beleid. De structuurvisie bevat ook een uitvoeringsparagraaf waarin de raad aangeeft via welke instrumenten en bevoegdheden de voorgenomen ontwikkeling gerealiseerd zal kunnen worden.

Structuurvisie Enschede De gemeenteraad van Enschede heeft op 26 september 2011 de Structuurvisie vastgesteld. Hierin is het bestaande ruimtelijk beleid uit de hieronder genoemde gemeentelijke nota's opgenomen en met elkaar in relatie gebracht. Groenstructuur Actieplan, bevat de belangrijkste gemeentelijke ambities op het gebied van behouden en versterken van parken en groenstructuren; Beleidskader kleine windturbines, hierin zijn mogelijke locaties voor kleine windturbines aangewezen; Mobiliteitsplan 2004-2015, bevat de gemeentelijke ambities voor de verkeerscirculatie en bereikbaarheid van de stad. Hieruit zijn de belangrijkste verkeersprojecten voor auto, openbaar vervoer en fiets in de Structuurvisie opgenomen; Nieuwe Energie voor Enschede, bevat de gemeentelijke duurzaamheidsambities voor nieuwe ontwikkelingen, herstructurering en renovatie. Hierbij staat de reductie van CO2 centraal. Gids Buitenkans, bevat op basis van landschapstypologieën en -plekken het kwalitatieve kader voor ontwikkelingen in het buitengebied; Hotelnota, hierin zijn de ontwikkellocaties voor hotels aangewezen; Structuurvisie Luchthaven Twente en omgeving, bevat het ruimtelijke ontwikkelingskader voor de herontwikkeling van het terrein van de voormalige militaire vliegbasis Twente; Ruimtelijke Ontwikkelingsvisie 2001, bevat belangrijke gemeentelijke ontwikkellocaties en infrastructuurprojecten.

Hieruit zijn de nog actuele projecten en locaties in de Structuurvisie opgenomen; Ruimtelijke Ontwikkelingsvisie en Binnenstadsvisie 2009, bevat het actuele integrale kader voor ruimtelijke ontwikkeling, verkeer, economie en de ontwikkeling van de binnenstad; Ontwikkelingskader Horeca 2005-2015, hierin zijn de horecaconcentratiegebieden en horeca-ontwikkellocaties aangewezen. Met uitzondering van de Ruimtelijke Ontwikkelingsvisie 2001 zijn de individuele beleidsnota's nog steeds van kracht omdat deze meer bevatten dan wat is opgenomen in de Structuurvisie. In de Structuurvisie gaat het om de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen voor de toekomst op het gebied van wonen, groen, economie, verkeer, milieu en gebiedsontwikkeling. Het doel van de Structuurvisie is het in samenhang presenteren van de hoofdlijnen van sectoraal of gebiedsgericht beleid. Het gaat om de hoofdlijnen van ruimtelijk beleid op de lange termijn, zodat er op projectniveau voldoende flexibiliteit is om in te kunnen spelen op veranderingen. De Structuurvisie is continu in ontwikkeling. Bij nieuwe gebiedsontwikkelingen en nieuw stedelijk beleid wordt de Structuurvisie aangevuld of nader uitgewerkt, zodat het een actueel strategisch en integraal kader vormt.

Sectorale en gebiedsgerichte structuurvisies In aanvulling op de eerder genoemde integrale Structuurvisie, heeft de gemeenteraad van Enschede ook diverse sectorale structuurvisies en een gebiedsgerichte structuurvisie vastgesteld. Hierin worden specifieke onderwerpen geregeld. Woonvisie Op 19 juni 2019, met herzieningen op 15 december 2020 heeft de gemeenteraad een nieuwe Woonvisie vastgesteld. De Woonvisie vormt een nadere uitwerking van de Structuurvisie, specifiek toegespitst op de bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

13

gemeentelijke beleidsdoelstellingen ten aanzien van het wonen. Detailhandelsstructuurvisie Op 23 januari 2012 is de Detailhandelsstructuurvisie Enschede 2012 vastgesteld. In deze sectorale structuurvisie staan de hoofdlijnen van het gemeentelijk detailhandelsbeleid voor de komende vier jaar. Na een technische aanpassing in de besluitvorming op 12 november 2012 is dit formeel een structuurvisie zoals bedoeld in artikel 2.1 van de Wro. Watervisie De gemeenteraad heeft 25 oktober 2021 unaniem het Water- en Klimaatadaptatieplan 2022-2026 aangenomen. Dit beleidsplan beschrijft hoe Enschede toewerkt naar een waterrobuuste, klimaatbestendige en biodiverse gemeente in 2050. Enschede wordt nog 'groener' en 'blauwer' om goed voorbereid te zijn op een nattere, hetere en drogere toekomst. Water de ruimte geven en stenen vervangen door planten en bomen gaan wateroverlast, hittestress en verdroging tegen. Zo werkt Enschede verder aan een aantrekkelijke 'duurzame en groene stad' waar mensen graag wonen, leven en werken! Nu en in de toekomst. In het Wateren Klimaatadaptatieplan zijn nieuwe waterbergingsnormen opgenomen. Bij nieuwbouwplannen worden eisen gesteld aan de hoeveelheid regenwater die op eigen terrein moet worden geborgen. Die eisen zijn vanaf 1 januari strenger geworden en zijn voor alle situaties 55 mm per m2 verhard oppervlak.

In het verleden zijn soms afspraken gemaakt over waterbergingsnormen van 20 of 40 mm. Om deze afspraken na te kunnen komen is er een overgangstermijn tot 1 januari 2024. Binnen deze periode zijn de eerder gemaakte afspraken over de hoeveelheid regenwater die op eigen terrein moet worden geborgen van toepassing. Structuurvisie Cultuurhistorie Op 8 december 2014 is de Structuurvisie Cultuurhistorie vastgesteld. In deze sectorale structuurvisie staat het gemeentelijk beleid over hoe om te gaan met het aanwezige cultuurhistorisch erfgoed bij ruimtelijke plannen en ontwikkelingen. Daarbij wordt onder cultuurhistorisch erfgoed verstaan: alle cultuurhistorisch waardevolle gebouwen, objecten en structuren in de gemeente Enschede, met uitzondering van gemeentelijke monumenten, rijksmonumenten en archeologische waarden. Voor monumenten en archeologische waarden is reeds in afzonderlijke gemeentelijke beleidskaders vastgelegd hoe daarmee dient te worden omgegaan in het kader van ruimtelijke plannen en ontwikkelingen. Structuurvisie Externe Veiligheid Op 8 december 2014 is de Structuurvisie Externe Veiligheid vastgesteld. In deze sectorale structuurvisie staat het gemeentelijk beleid met betrekking tot het beheersen van risico's die mensen lopen door de opslag, de protectie, het gebruik en het vervoer van gevaarlijke stoffen.

Daarbij is vastgelegd wat in Enschede nog als een toelaatbaar risico wordt beschouwd en hoe ongewenste situaties zoveel mogelijk kunnen worden voorkomen of beperkt. In deze structuurvisie is tevens het beleid voor opslagplaatsen en verkooppunten van consumentenvuurwerk vastgelegd. Structuurvisie Geb iedsontwikkeling Luchthaven Twente e.o. Specifiek voor de gebiedsontwikkeling van de voormalige militaire vliegbasis Twenthe heeft de raad op 14 december 2009 de Structuurvisie Gebiedsontwikkeling Luchthaven Twente e.o. vastgesteld. Op verzoek van Provinciale Staten van Overijssel en gesteund door de gemeenteraad van Enschede is een onafhankelijke adviescommissie in het leven geroepen. Deze commissie onderzoekt de kansen voor een duurzaam economisch sterker Twente en welke rol de voormalige luchthaven Twente daarbij kan spelen.

2.3.5

Toetsing bestemmingsplan aan het gemeentelijk ruimtelijk relevant strategisch beleid

In de strategische beleidsdocumenten Toekomstvisie, Stedelijke Koers en de diverse structuurvisies zijn voor het plangebied van het bestemmingsplan "Hengelosestraat 437" geen specifieke beleidsdoelstellingen of ontwikkelingsrichtingen benoemd.

14

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

Hoofdstuk 3 3.1

Planbeschrijving

Stedenbouwkundig plan

Het toekomstige beeld van de Assinkhof wordt bepaald door de herbestemming van de Assinkhof en het toevoegen van diverse nieuwe type wooneenheden in een groen hof. Om de karakteristieke elementen van het historische Assinkhof en de naastgelegen dienstwoning te behouden wordt het plangebied als één ensemble gezien. De gebouwen worden verbonden met veel groen in de openbare ruimte en de entree voor niet-gemotoriseerd verkeer naar het achtergelegen woongebied draagt hier mede aan bij. De huidige karakteristieke entree – vanaf de Hengelosestraat - tussen twee poorten door wordt ‘opgeschoven’ en zal de nieuwe entree aanduiden van de Assinkhof. Door het situeren van de nieuwe entree voor voetgangers zal er nu en in de toekomst geen nieuwe bebouwing meer gesitueerd kunnen worden tussen de twee huidige panden, waardoor het ensemble te allen tijde behouden zal blijven. Op de afbeelding hieronder is de nieuwe entree vanaf de Hengelosestraat naar het plangebied weergegeven. In het huidige Assinkhof zullen twee nieuwe appartementen gerealiseerd worden en achter de bestaande Assinkhof zullen een drietal nieuwe appartementen toegevoegd worden, die zowel ruimtelijk als architectonisch ondergeschikt zijn aan de Assinkhof.

Op het overige deel van het plangebied zullen nog drie type woningen gerealiseerd worden, om daarmee de diversiteit aan woningen en de stedenbouwkundige opbouw vorm te geven. Het architectonische ontwerp is geïnspireerd op het huidige/historische café de Assinkhof, de dienstwoning en het bestaande bebouwingslint aan de Hengelosestraat. Daarnaast biedt de jaren ’30 / Amsterdamse Schoolstijl de mogelijkheid, middels al zijn rijkheid aan karakteristieke bouwelementen, om de diverse bouwtypes te verenigen op een harmonieuze wijze, die het karakter van het wonen op een hof versterken. Vanuit de Noorderkroonstraat kan hiermee de rijkheid in architectuur richting de Hengelosestraat worden opgebouwd. De opbouw wordt gekenmerkt door de eenvoudige 2^1 kapwoningen naar de rijk gedetailleerde villa’s aan de Hengelosestraat. Op een aantal strategische punten zullen woningen fungeren als landmark, daarmee dragen ze in bijzondere mate toe aan de herkenbaarheid van de buurt, De Assinkhof. Het zijn woningen in zichtlijnen en hoekpunten die worden ervaren bij het binnengaan en voorbijkomen van de buurt. Op deze plekken hebben de woningen extra markante details. Op onderstaande afbeeldingen is de stedenbouwkundige verkaveling van de Assinkhof weergegeven. Op de Assinkhof worden in totaal 25 wooneenheden gerealiseerd, waarvan 2 appartementen in de bestaande Assinkhof.

Er zijn een viertal type woningen ontworpen, om daarmee de doorstroming in de wijk te kunnen bevorderen.

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

15

16

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

3.2

Cultuurhistorie in relatie tot nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen

3.2.1

Cultuurhistorisch waardevolle gebouwen

Al in 1907 kwam de familie Assink naar de Hengelosestraat. Enkele jaren later werd het ‘gebouwtje’ waarin het toenmalige café gevestigd was afgebroken. Er verrees een voor die tijd modern gebouw met ruimte voor een café, een restaurant en een hotel. De op Amsterdamse School lijkende karakteristieken waren vooral herkenbaar aan het siermetselwerk, de rijkversierde entreeportaal en voordeur, grote schoorsteen, balkon, de grote dak overstekken en de karakteristieke raamindelingen met glas in lood. In 1988 is de Assinkhof in zijn huidige formaat uitgebouwd. Een groot nieuw gebouw verschaft sinds oktober 1988 een ruimte aan zes zalen. Ook de naam, uiteraard afgeleid uit de familienaam, hebben zij toen geïntroduceerd. Onder meer debatavonden, vergaderingen van verenigingen, lezingen van diverse clubs, bruiloften, bedrijfsfeesten en carnavalsavonden werden in De Assinkhof gehouden. De directie van de Assinkhof werd sinds 1990 door beide broers Assink gevoerd en tot 1997 met behulp van moeder. In 2007 vierde het familiebedrijf het honderd jarig bestaan. Het teruglopende aantal boekingen was de oorzaak van de definitieve sluiting in 2011. Karakteristieke ruimtelijke elementen Aan de Hengelosestraat 437-439 is het voormalige Assinkhof gelegen, bestaande uit het voormalige café en een zestal zalen die rondom het café zijn gesitueerd.

Naast de Assinkhof, op de Hengelosestraat 441, is de bedrijfswoning van de Assinkhof gelegen. Hengelosestraat 437-439 Assinkhof Het pand staat in Enschede bekend als Assinkhof en is beeldbepalend voor de Hengelosestraat. In de jaren ’30 is het pand vernieuwd in zakelijk-traditionele stijl met expressieve elementen. De voorgevel is markant, bestaande uit twee bouwlagen en schilddak met overstek, balkon en erkers op de verdieping. Het heeft een expressieve schoorsteen, balkon, siermetselwerkdetails, erkers op de verdieping en fraai glas-in-lood in de cafépuien. De begane grond heeft een recentere invulling van de pui, maar de hoofdopzet is hetzelfde gebleven als in de jaren ‘30. Deze invulling had rechts onder het balkon een fraaie entree naar de bovenwoning en links de brede pui van de horeca met entree in het midden ervan. De grote achterbouw uit jaren ’70 zal worden gesloopt, deze is van indifferente waarde vergeleken met de oorspronkelijke Assinkhof.

Hengelosestraat 441 Woning fam. Assink Deze voormalige dienstwoning, met werkplaats, uit 1922 is beeldbepalend aan de Hengelosestraat. De woning is kenmerkend voor de vroege 20ste eeuw, in overgangsarchitectuur met cottage-elementen. Het

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

17

schilddak wordt onderbroken door een licht vooruitspringend bouwdeel, met erker en een topgevel van gestukt metselwerk. De entree wordt gemarkeerd door een afgestoken dakschild, de gevel heeft diverse markante details en materiaalgebruik. Achter de woning bevindt zich een werkplaats, van twee lagen in baksteen. De werkplaats heeft een plat dak, houten deuren en gietijzeren roederamen, het is een sober en praktisch bouwdeel.

Beide oorspronkelijke gebouwen zullen als 'karakteristiek' aangeduid worden in het onderhavige bestemmingsplan. Ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' is het verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning bebouwing geheel of gedeeltelijk te slopen.

3.2.2

Archeologie

In het kader van de beoogde ontwikkeling op het perceel aan de Hengelosestraat 437 te Enschede heeft er een bureauonderzoek (Laagland Archeologie, bijlage 7 van deze toelichting) plaatsgevonden om de gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied te bepalen en een verkennend booronderzoek (Laagland Archeologie, bijlage 7 van deze toelichting) om deze verwachting te toetsen. Het plangebied ligt op de flank van een stuwwal. Rond het plangebied bevinden zich grondmorene welvingen en dalvormige laagten. Ten noordoosten zijn ook nog stuwwallen en grondmorenruggen en ten zuidwesten dekzandruggen. Bodemkundig ligt het plangebied waarschijnlijk in veldpodzolgronden. Historisch gezien is het plangebied tot 1908 onbebouwd geweest en was het heide. Op de topografische kaart van 1908 is het plangebied voor het eerst bebouwd. De tweede fase van bebouwing vind in 1936 plaats, waarbij de oorspronkelijke gebouwen zijn afgebroken en er een nieuw gebouw voor in de plaats is gekomen. De derde fase van bebouwing vind in 1963 plaats waarbij het voormalige gebouw is afgebroken en er weer iets nieuws voor op de plaats is gekomen. De verwachting van resten uit de periode Laat-Paleolithicum tot en met Vroege Middeleeuwen is laag. Het plangebied bevindt zich waarschijnlijk op veldpodzolgronden. Dit nattere bodemtype is niet goed geschikt voor vroege landbouwers.

De verwachting voor resten uit de periode Late Middeleeuwen tot Nieuwe tijd is hoog, vanaf de Late Middeleeuwen zijn technieken beschikbaar om de natte gronden goed te bewerken en vanaf 1900 is er bebouwing binnen het plangebied waardoor archeologische sporen te verwachten zijn. Uit het verkennend booronderzoek blijkt dat er sprake is van een verstoord bodemprofiel tot tenminste 115 cm. Er zijn geen intacte B- of BC-horizonten aangetroffen. De hoogst aangetroffen C-horizont lag ongeveer 50 cm onder het maaiveld. Er kan dus naar redelijkheid aangenomen worden dat in de delen van het plangebied waar de boringen zijn gestagneerd, vaak op een diepte van meer dan 100 cm, geen intacte archeologische sporen meer aanwezig zijn. De kans dat het gebied nog archeologische resten met een intacte archeologische context bevat wordt daarom laag geacht.

18

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

Op grond van het veldonderzoek concludeert Laagland Archeologie dat de kans op het aantreffen van archeologische resten klein is vanwege de verstoring van de bodemopbouw en dat in het plangebied geen vervolgonderzoek dient plaats te vinden. Op basis van de resultaten van het veldonderzoek wordt geadviseerd geen archeologisch vervolgonderzoek in het plangebied uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor het aspect archeologie.

Conclusie De regioarcheoloog onderschrijft de conclusies van Laagland Archeologie. De kans is klein dat er bij de geplande werkzaamheden een behoudenswaardige vindplaats wordt geschaad. Om deze reden hoeft er geen archeologisch vervolgonderzoek uit gevoerd te worden en zal het plangebied vrijgegeven worden voor de geplande ontwikkeling. In de beschikking dient benadrukt te worden dat indien bij de graafwerkzaamheden onverhoopt archeologische resten worden aangetroffen er een meldingsplicht geldt, volgens de Erfgoedwet, art. 5.10. Deze melding kan worden gedaan bij de gemeente Enschede (namens haar de regioarcheoloog) of de RCE.

3.2.3

Beschermwaardige bomen

In het plangebied van het bestemmingsplan "Hengelosestraat 437" zijn geen beschermwaardige bomen aanwezig en is niet gelegen in een beschermenswaardig boomgebied. De bescherming van bomen is geregeld in de Verordening kwaliteit Leefomgeving gemeente Enschede (VKL). Op het bij de VKL behorende bomenoverzicht zijn de beschermde bomen en boomgroepen weergegeven, voor het vellen waarvan in ieder geval een omgevingsvergunning (kapvergunning) op grond van de VKL is vereist.Op het bomenoverzicht zijn niet alle beschermde bomen weergegeven. Ook de gemeentelijke bomen die niet op het bomenoverzicht zijn weergegeven zijn beschermd op grond van de VKL. Het bij de VKL behorende bomenoverzicht is een interactieve bomenkaart die is te raadplegen op de website van de gemeente Enschede.

afbeelding: fragment interactieve b omenkaart Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingsprojecten wordt in bestemmingsplannen zoveel mogelijk rekening gehouden met de aanwezige beschermwaardige bomen door bouwgrenzen en infrastructurele werken, voor zover dit redelijkerwijs mogelijk is, zodanig te situeren dat daardoor de maximale kroonprojectie van de bomen niet of zo min mogelijk wordt beperkt. 3.2.4

Waterhuishouding

Er is een watergang aan de noordzijde van de Hengelosestraat aanwezig. Aansluiten van hemelwater uit het plangebied op deze watergang is niet wenselijk gezien de bergingseis op eigen terrein. De bodem bestaat uit fijn tot matig fijn zand. Infiltratie van hemelwater is op basis van de bodemsamenstelling mogelijk, mits de infiltratievoorzieningen boven de RLG (relatief laagste grondwaterstand) wordt gerealiseerd. Indien de voorziening onder de RLG wordt aangelegd wordt het bergingsvolume van de voorziening verwaarloosd (staat dan vrijwel permanent vol met water). Een wadi of

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

19

greppel is het meest geschikt voor infiltreren, maar ondergrondse voorzieningen zoals infiltratieriolering of kratten zijn mogelijk. Ter plaatse van het plangebied bevindt de RHG (relatief hoogste grondwaterstand) zich op circa 0,7 m onder maaiveld. Het maaiveldverloop binnen het plangebied is van noord naar zuid en bedraagt maximaal circa 0,5 tot 0,6 m. Betreffende de waterhuishouding is het daarom van belang aandacht te hebben voor oppervlakkige afstroming uit het plangebied naar de Noorderkroonstraat, deze dient te worden voorkomen. Er wordt gestreefd naar voldoende afwatering en geleidelijke afwatering van de bouwkavels. Vloerpeilen worden op 0,20 m boven het maaiveld aangelegd. Het bestaande maaiveld binnen het plangebied wordt niet opgehoogd. De minimale ontwateringsdiepte is hiermee voldoende geborgd (een ontwateringsdiepte van resp. 0.7 m en 0,9 m onder de rijbaan en vloerpeil, t.o.v. de relatief hoogste grondwaterstand). Vuilwater wordt binnen het plangebied gescheiden van hemelwater ingezameld. Binnen het plangebied worden in de openbare ruimte wadi's en infiltratieriolering aangelegd om het regenwater afkomstig van openbaar terrein te bergen en te laten infiltreren. De woningen worden bij de aanleg voorzien van infiltratievoorzieningen op de percelen voor het bergen en verwerken van hemelwater. Hierbij wordt een overstortvoorziening toegepast naar openbaar terrein.

Het nieuwe vuilwaterstelsel van het plangebied zal aansluiten op het gemengde rioolstelsel in de Noorderkroonstraat. De vuilwaterafvoer van het bestaande pand De Assinkhof zal aansluiten op de gemengde riolering aan de Hengelosestraat. 3.2.5

Verkeer

De huidige karakteristieke entree – vanaf de Hengelosestraat - tussen twee poorten door wordt ‘opgeschoven’ en zal de nieuwe entree aanduiden van de Assinkhof. De entree aan de Hengelosestraat is alleen bedoeld voor voetgangers (langzaam verkeer). Zie hieronder een impressie van de entree voor het langzame verkeer.

Het gemotoriseerde verkeer zal het plangebied ontsluiten aan de Noorderkroonstraat. Deze is voldoende berekend op het beoogde aantal voertuigen na realisatie van de beoogde ontwikkeling.

20

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

Het totale plan heeft een parkeerbehoefte van 43 parkeerplaatsen. Zie hiervoor onderstaande parkeerbalans.

In het plangebied wordt voorzien in 47 parkeerplaatsen. Zie de afbeelding hieronder voor de ligging van de parkeerplaatsen op eigen terrein en de openbare ruimte.

Ten aanzien van het parkeren kan aangegeven worden dat er voldoende parkeergelegenheid binnen het plangebied (op eigen terrein en in het openbaar gebied) aanwezig is voor het toekomstige gebruik.

3.3

Welstand en beeldkwaliteit

Beeldkwaliteitplan Voor het plangebied van het bestemmingsplan "Hengelosestraat 437" is een beeldkwaliteitsplan opgesteld. Het beeldkwaliteitsplan "Herontwikkeling De Assinkhof te Enschede" is als bijlage 8 bij de toelichting opgenomen. Door het vrijkomen van de locatie is ruimte ontstaan om het gebied te herontwikkelen voor woningbouw. Dit beeldkwaliteitsplan beschrijft de gewenste uitgangspunten voor het ontwerp. Hierbij wordt in gegaan op de architectonische verschijningsvorm van de nieuwbouw en de inrichting van de openbare ruimte. In hoofdlijnen vormen het karakter van het Twekkelerveld en de historisch belangrijke delen van de Assinkhof de inspiratiebron voor de beeldkwaliteit, die is bestempeld als jaren ’30 stijl / Amsterdamse School. Doelstelling is om een woonerf te maken die zich voegt in de omgeving van Twekkelerveld, maar tegelijkertijd een eigen identiteit heeft; de identiteit van het wonen op een hof. In deze herontwikkeling zullen diverse woningtypes worden gerealiseerd. De diversiteit in woningtypes dienen in harmonie te zijn met de oorspronkelijke en deels van historisch belang zijnde gebouwen van de Assinkhof. Karakteristiek detail hierin zal de oorspronkelijke toegangspoort zijn in een parkachtig karakter als verbindende factor. De kwaliteit en het

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

21

gevoel van het wonen op een hof zal worden versterkt door de keuze in architectuurstijl, waarbij de historische beeldkenmerken van de Assinkhof in combinatie met het aanvullende groen elkaar zullen versterken. Procedure wijziging Welstandsnota Het ontwerpbesluit met betrekking tot de wijziging van de Welstandsnota en vaststelling van het beeldkwaliteitplan zal gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan "Hengelosestraat 437" ter inzage worden gelegd. Gedurende een termijn van zes weken kunnen dan zienswijzen ingediend worden. Daarna zal de gemeenteraad een besluit nemen. Dit besluit zal gepubliceerd en terinzagegelegd worden voor een termijn van zes weken. Tegen dit besluit staat geen mogelijkheid tot bezwaar of beroep open.

3.4

Duurzaamheid

Duurzaamheid is een centraal thema in het gemeentelijk beleid van Enschede. Duurzaam handelen is daarbij meer dan het ontzien van natuur en milieu. In dat opzicht vraagt duurzaam handelen bijvoorbeeld ook om een solide financieel beleid. Voor 2015 werd onder de noemer van het duurzaamheidsbeleid vooral gewerkt aan maatregelen die gericht zijn op het tegengaan van gevolgen voor de klimaatverandering. Daarmee is niet gezegd dat er voor thema's die op andere plaatsen wel onder het beleidsveld duurzaamheid worden geschaard, zoals afval, water en bodem, geen aandacht was maar van een breed en samenhangend duurzaamheidsbeleid was toen nog geen sprake. Om daar verandering in te kunnen brengen is het Actieplan Duurzaamheid opgesteld. Hierin wordt uitgewerkt aan welke doelen onder de noemer van het duurzaamheidsbeleid actief wordt gewerkt, welke aanpak daarvoor is vereist, welke partijen bij de realisatie daarvan een rol spelen en welke rol de gemeente daarbij voor zichzelf ziet weggelegd, alsmede de toewijzing van mensen en middelen om de gestelde doelen te realiseren. 3.4.1

Speerpunten van het duurzaamheidsbeleid

In het Actieplan duurzaamheid, dat op 8 juni 2015 door de gemeenteraad van Enschede is vastgesteld, heeft de gemeenteraad er voor gekozen om het duurzaamheidsbeleid toe te spitsen op de volgende punten:

Energie Eigen organisatie Verhogen van het op eigen grondgebied Zelf het goede voorbeeld geven. opgewekte aandeel hernieuwbare energie tot minimaal 12 procent in 2030 en minimaal 27 procent van het voor 2050 voorziene gebruik van energie. Biodiversiteit Behoud en versterken van de verscheidenheid aan dier- en plantsoorten in de leefomgeving

Groene groei Groei van de economie zonder dat dit nadelig is voor klimaat, water, bodem, grondstoffen en biodiversiteit.

Circulaire economie Verminderen van de hoeveelheid (rest-)afval door afvalpreventie en het beter scheiden van restafval.

Klimaatadaptatie Negatieve gevolgen die gepaard gaan met klimaatverandering beperken en de kansen die de klimaatverandering biedt benutten.

Duurzame mobiliteit Verhoging van het aandeel fietsgebruik in het totaal aantal verplaatsingen, stimuleren van het gebruik van het openbaar vervoer en stimuleren van het gebruik van elektrische auto's.

WEconomy Bewoners in Enschede dragen in collectief verband actief bij aan een of meer van de duurzame doelstellingen.

Aanpak van het duurzaamheidsbeleid Binnen de aanpak van het Actieplan Duurzaamheid staan de begrippen 'duurzame daden', 'duurzame deals'

22

bestemmingsplan Hengelosestraat 437 (vastgesteld)

en 'duurzaam doen' centraal.

Duurzame daden De gedachte hierbij is dat het zichtbaar maken van bestaand duurzaam gedrag de beste manier is om anderen te inspireren en aan te zetten tot duurzaam handelen. We richten ons daarbij op de groep die in beginsel bereid is tot duurzaam gedrag.

Duurzame deals Duurzame deals, oftewel afspraken over duurzaam handelen, zijn een middel om nieuw duurzaam gedrag uit te lokken. Bij de uitvoering van duurzame initiatieven lopen bedrijven, instellingen en groepen inwoners soms tegen barrières aan. De gemeente wil die belemmeringen wegnemen. Soms kunnen we daar zelf voor zorgen. In andere gevallen doen we daarvoor een beroep op anderen. De deals maken duidelijk dat verduurzaming van de samenleving een opgave is die we samen moeten oppakken.

Duurzaam Doen Zelf het goede voorbeeld geven is binnen de gekozen aanpak een belangrijk uitgangspunt. Verduurzaming van de eigen organisatie is in dit Actieplan duurzaamheid verder uitgewerkt onder de noemer Duurzaam Doen.

Voor deze benadering is gekozen, omdat het een positieve benadering is, die anderen inspireert en stimuleert tot duurzame handelingen (gedrag, het doen van investeringen etc.). Het voordeel van deze aanpak is bovendien dat het gedrag voor de doelgroep herkenbaar en dichtbij is, de communicatieboodschap hierdoor aansluit bij de belevingswereld van mensen en de huidige doeners de afzender/ambassadeur zijn (in plaats van de gemeente). Hierdoor is het een aanpak van de stad, in plaats van de gemeente. 3.4.2

Duurzaamheidsbeleid en het bestemmingsplan

In deze paragraaf wordt aan de hand van het Actieplan Duurzaamheid bekeken in hoeverre het bestemmingsplan kan bijdragen aan de realisatie van de gemeentelijke duurzaamheidsambities.

Algemeen Bij elke nieuwe ruimtelijke ontwikkeling zal, afhankelijk van de opgave en de locatie, bezien moeten worden welke duurzame energiebronnen aangeboord worden. Dit kan er toe leiden dat in het ene geval ingezet wordt op een zongerichte verkaveling, terwijl in het andere geval gekoerst wordt op het gebruik van bodem- en/of windenergie, dan wel aansluiting op het warmtenet. Ook de aanpassing aan de klimaatverandering is in hoge mate een ruimtelijk vraagstuk. Meer warme zomers en een toenemende kans op extreme weersituaties vragen bij een verdere ontwikkeling van de stad om het vergroten van afvoer- en absorptievermogen in stedelijke watersystemen en het voorkomen van 'hitte-eilanden' en hittestress.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=e9358bd6-2c17-4e8a-825e-1c55468c7c18