Bespreeknotitie Overwegingen Actualisatie Economische Visie
Tekst van het document
Datum: 12-09-2023 Aan: Kamer EWIO Van: Thijs Stutterheim & Laura Tuller (projectleiders actualisatie economische visie)
Onderwerp: Bespreeknotitie economische visie
Inleiding Voor u ligt een notitie waarin we op hoofdlijnen de contouren van de geactualiseerde economische visie schetsen zoals we die nu voor ons zien. We benoemen de belangrijkste economische opgaven die uit onze analyse en gesprekken met stakeholders naar voren zijn gekomen. Vervolgens vindt u de vertrekpunten die de basis vormen voor de keuzes in het economisch beleid. Een deel van deze keuzes hebben we in dit document uitgewerkt. De overwegingen voor deze keuzes willen we met u bespreken. Het doel van de bespreking met u is om het draagvlak te verkennen voor de koers zoals wij deze willen vastleggen in de visie. Er is een sterke relatie tussen de economische visie en de omgevingsvisie. Beiden gaan uit van een autonome groei van onze stad richting 170.000 inwoners. Net als de groei in inwoners vraagt ook een bloeiende economie met voldoende banen en een sterk vestigingsklimaat om extra ruimte voor fysieke ontwikkelingen. Beide visies streven daarom naar is een gebalanceerde groei van economie en maatschappij. In de aankomende jaren moet de omslag worden gemaakt naar een economie die in staat is om de nodige transities te doorstaan en zich kan aanpassen aan de verschillende economische omstandigheden.
Op basis van het economisch DNA en het gewenste economisch perspectief van de stad (dit is uitgewerkt in de economische visie), hebben we een ontwikkelstrategie geformuleerd waarin we inzetten op een onderscheidende stad en economie, met toekomstbestendige activiteiten en lokale verbondenheid. Wat voor een Economie willen we zijn? In de economische visie schetsen we een economisch perspectief die goed past bij de kracht van de stad en aansluit op het toekomstbeeld voor de omgevingsvisie en de richtinggevende keuzes die daarin beschreven staan. Keuze voor een gecombineerde ontwikkelstrategie: gebalanceerde woon & werkstad We hebben verschillende economische toekomstperspectieven tegen elkaar afgewogen en voor elk van de perspectieven geldt dat het voor- en nadelen met zich meebrengt. We kiezen daarom voor een gebalanceerde groeistrategie waarin we drie economische perspectieven combineren: We hebben een belangrijke verzorgende rol voor de regio, met gerichte versterking van onze innovatiekracht. Hierbij willen we excelleren in lokale
verbondenheid waarbij stapsgewijs een transitie in het economische systeem in gang wordt gezet dat meer in samenhang is met de natuurlijke leefomgeving. We formuleren dat als volgt: • • •
Internationaal concurrerend : hart van de groene Techregio en magneet voor talent Regionaal verzorgend : voldoende ruimte voor toekomstbestendige bedrijven Lokaal verbindend : aantrekkelijk voor lokaal ondernemerschap
Ondanks onze beperkte invloed als lokale overheid op macro-economische activiteiten richten we ons op een betere balans tussen ‘people, planet & profit’. Dit uit zich vooral in keuzes om meer prioriteit te geven aan de transitie naar een circulaire en duurzame economie en innovaties met maatschappelijke impact aan te jagen. We sturen indirect met ons ruimtelijk instrumentarium en dienstverlening aan ondernemers, en door de randvoorwaarden te scheppen waarbinnen bedrijven de transitie kunnen maken. Bedrijven die daar hulp bij nodig hebben willen we ondersteunen. We denken een goede balans te hebben gevonden en om dat visueel in één beeld te vangen hebben we onderstaand model bedacht. Ons model voor een gebalanceerde groeistrategie voor stad en regio Op basis van onze analyse, gesprekken met diverse stakeholders en in afstemming met verschillende vakdisciplines komen we tot onderstaand model voor onze integrale ontwikkelstrategie en economische visie richting 2030. De gecombineerde economische perspectieven brengen 6 grote opgaven met zich mee en daar hebben we doelen aan gekoppeld. Dit model is de basis voor de keuzes in de nieuwe visie en de acties in het uitvoeringsprogramma. Zie onderstaand figuur. Figuur .1
Integrale ontwikkelstrategie economische visie 2030
[In de economische visie worden de zes doelen in dit model verder uitgewerkt met concrete acties (de uitvoeringsagenda met korte en lange termijn acties).]
De economische opgaven In het koersdocument voor Enschede worden de vier grote opgaven benoemd waar we als stad voor aan de lat staan. Twee daarvan, de opgaven ‘Aantrekkelijk Enschede’ en 'Bereikbaarheid van banen’, zijn in feite economische opgaven. Als we dan inzoomen op de grootste opgaven waar we met het economisch beleid een bijdrage aan leveren zijn dat: o Versterken innovatief vermogen o Ruimte voor economische ontwikkeling o Transitie naar duurzame en circulaire economie o Vasthouden talent en verzilveren arbeidspotentieel o Groei brede welvaart In de afweging van de voorlopige keuzes met bijbehorende actielijnen zijn we uitgegaan van vier vertrekpunten die we afleiden uit bovenstaande opgaven. Deze vertrekpunten horen bij de ambitie voor een gebalanceerde groei van de stad, deze willen we gaan hanteren als uitgangspunt voor ons economisch beleid. Het gaat om de volgende punten. Ze worden hieronder verder uitgewerkt. • We willen ruimte voor economische vernieuwing • We zetten in op een toekomstgerichte economie • We blijven werken aan het vasthouden en aantrekken van talent • Dat doen we met meer aandacht voor de ontwikkeling van de brede welvaart, met oog voor toekomstige generaties en bestaanszekerheid voor iedereen. Vertrekpunt 1: Ruimte voor economische vernieuwing Ruimte voor economie is een belangrijke voorwaarde voor een gebalanceerde groei van Enschede.
De ruimte voor bedrijfsvestigingen is te krap nu in Enschede, tegelijkertijd neemt de druk op de ruimte toe door andere opgaven. Ons leidend principe is dat we ruimte willen bieden aan die onderdelen van onze economie die bijdragen aan vernieuwing en aan onze maatschappij. Denk aan ruimte voor voldoende en ook kwalitatieve werkgelegenheid en voor mkb om te kunnen ondernemen, ruimte voor innovatieve bedrijvigheid en ruimte voor verduurzaming van bedrijven en de transitie naar een circulaire economie. Vertrekpunt 2: Inzet op een toekomstgerichte economie De huidige hoge materiële welvaart en economische voorspoed met bijhorende druk op de ruimte en een tekort aan arbeid leveren grote uitdagingen en bieden tegelijkertijd een uitgelezen kans. Met onze economische visie richten we ons op een economie die bijdraagt aan maatschappelijke transities, deze geven we ruimte en ondersteunen we in werkgelegenheid en in de energie- en grondstoffentransitie. Hiermee nemen als overheid onze verantwoordelijkheid door bij te dragen aan de transitie naar een (markt)ordening waarbij bedrijven binnen aangescherpte kaders de vrijheid hebben en krijgen om te ondernemen in dienst van de maatschappij.
Vertrekpunt 3: Aantrekken en vasthouden van talent (werkstad) Dit leidend principe is gericht op de uitdaging om voldoende banen te organiseren waarmee we nieuw talent kunnen aantrekken en ons bestaande talent kunnen vasthouden. Naast werk heeft dit talent ook kwaliteit van wonen nodig, een levendige omgeving, goede bereikbaarheid van huis en baan en interessante vrije tijdsbestedingen. Om dit als stad te kunnen te bieden is de ontwikkeling en profilering van Enschede als “place to be” een belangrijke randvoorwaarde. Al het beschikbare arbeidspotentieel is nodig en willen we verzilveren. Vertrekpunt 4: Inspanningen met oog voor brede welvaart Via dit leidend principe willen we de economie verantwoordelijkheid geven, met oog voor toekomstige generaties (circulair, ruimtegebruik, grondstoffen). We jagen een economie aan die bijdraagt aan de bestaanszekerheid voor iedereen. In Enschede zijn al lokaal verbonden ondernemers die investeren in de stad en betrokken zijn bij het welzijn van de inwoners van Enschede, denk aan ondernemers die sociale werkplaatsen bieden of ruimte voor samenkomst. Daarnaast zijn er bedrijven die technische innovaties ontwikkelen als oplossing voor de grote opgaven van nu, denk aan oplossingen voor voldoende schoon water of voldoende schone energie.
Ook zijn er bedrijven die de principes van de circulaire economie toepassen en investeren in minder grondstoffengebruik, minder afvalstromen en zo lokaal als mogelijk de grondstoffenkring sluiten. Dit soort bedrijvigheid moet groeien. Wat daarvoor nodig is, is de versterking van lokale verbindingen tussen ondernemer, inwoner en maatschappelijke bijdrage, en de maatschappelijke opgaven en over het vergroten van veerkracht (flexibel, adaptief). Brede welvaart gaat ook over gezondheid, het gevoel van veiligheid, de toegankelijkheid van voorzieningen, kwaliteit van de leefomgeving en veel meer. Toerisme en recreatie draagt hieraan bij. Denk aan de honderden kilometers aan fiets-, wandel- en vaarroutes, evenementen en plekken waar cultuur, natuur en erfgoed kan worden beleefd. Voorzieningen die stimuleren om de deur uit te gaan, in beweging te komen, tot rust te komen, te bezinnen en te genieten en te ontmoeten. Juist de vrijetijdssector kan van grote maatschappelijke betekenis zijn voor een gebied én bijdragen aan het behoud van voorzieningen, het creëren van werkgelegenheid en ondernemerschap stimuleren. Het is dus erg waardevol om verder te kijken dan alleen economische factoren. Overwegingen voor keuzes In ons streven naar een gebalanceerde groei voor stad en regio lopen we tegen allerlei (logische) beperkingen en uitdagingen aan.
De wereld is niet maakbaar, het geld en capaciteit niet onbeperkt en ook lopen we steeds meer aan tegen de grenzen van de ruimte in de stad. Niet alles kan en we moeten dus scherpe keuzes maken in ons beleid en de uitvoeringsstrategie. We beschrijven vier overwegingen die bepalend zijn voor de actualisatie van de Economische Visie.
De transitie naar meer brede welvaart Onbeperkte economische groei is niet meer de norm waar we als stad naar streven. Ons doel is het verhogen van de brede welvaart voor iedereen in Enschede en met oog voor toekomstige generaties. Enschede heeft een goede uitgangspositie met een hoog aangeschreven universiteit, innovatieve bedrijven en sterke binnenstad met mooi buitengebied, maar de stad kent ook grote groepen inwoners die kwetsbaar zijn bij economische tegenslag en afhankelijk zijn van de sociale-, maatschappelijke- en zorgvoorzieningen die de stad rijk is. In onze ambitie voor brede welvaart moeten we laveren tussen enerzijds de transitie naar een toekomstbestendige, socialere en duurzamere economie, en anderzijds de noodzaak om te blijven groeien om stijgende kosten te blijven betalen, banen te creëren om daarmee bij te dragen aan bestaanszekerheid van mensen. Dit allemaal in een (inter)nationaal concurrerende omgeving waar bedrijven moeten investeren om te vernieuwen en competitief te blijven. Om die balans te houden tussen de benodigde economische groei enerzijds en brede welvaart anderzijds, maken we een aantal afwegingen. Overweging 1: Gericht Economisch Speerpuntenbeleid op innovatieve clusters We ondersteunen de groei van de bestaande economische kracht met het versterken van het innovatie- en investeringsklimaat in de medische technologie en de chiptechnologie.
Dit zijn ‘volwassen’ speerpunten die aansluiten op de bewezen kracht van kennispark/campus, waarop Enschede zich (inter)nationaal onderscheidend kan positioneren. Daarnaast zetten we sterk in de ontwikkelingen die gericht zijn op maatschappelijke opgaven, met op dit moment in het bijzonder de transitie van energie technologie, elektrisch vliegen, inzetten van drones, circulair textiel en advanced materials. Om deze innovatieve technologie goed te kunnen aanjagen is aanjaaggeld nodig, zowel subsidies om programma's op te zetten als voldoende fysieke ruimte om door te kunnen groeien. Met name locaties als Kennispark en Techbase vormen hier een belangrijke schakel in. Zowel in onze oude als geactualiseerde visie besteden we relatief veel aandacht aan het ontwikkelen van innovatieve bedrijfsclusters en innovatieve ecosystemen. In absolute aantallen behoren deze sectoren niet tot de grootste werkgevers, maar de groei is heel sterk en de aantrekkingskracht ervan op talent heel hoog. Het reguliere MKB lijkt hierdoor op minder waardering te kunnen rekenen maar dat is niet het geval. We denken echter dat de keuze voor speerpuntenbeleid tot een hoger maatschappelijk rendement leidt omdat: • Het brede MKB in Twente dat van oudsher sterk georiënteerd is op productie(technologie) profiteert mee van deze beleidskeuze.
De investeringen en vernieuwingen komen namelijk ook ten goede aan de toeleveranciers die verspreid over de regio gevestigd zijn. Zo heeft ASML in Veldhoven veel toeleveranciers uit
•
• • •
Twente en op dezelfde wijze profiteren Twentse bedrijven ook van de snelle groei van een bedrijf als Demcon. Deze speerpunten zijn misschien nog niet groot in absolute omvang. Vergeleken met andere sectoren halen ze wel relatief grote procentuele groeicijfers qua aantal banen. Dit zien we ook terug in onze economische monitor. Deze banen vragen vaak om kennisintensief personeel en bieden hogere salarissen. Ze zijn daarom belangrijk voor het aantrekken van talent voor de stad en regio. Innovaties zijn nodig om relevant en vernieuwend te blijven waardoor je economie robuuster wordt in een steeds sneller veranderend landschap. We verwachten dat de gekozen speerpunten en nieuw te ontwikkelen clusters zorgen voor oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen en bijdragen aan het vergroten van de brede welvaart. En daarmee ook onze stad en regio internationaal kunnen positioneren.
Overweging 2: Schaarse ruimte benutten en behouden voor bedrijvigheid. Voor de ontwikkeling van de stad is ruimte voor bedrijvigheid een noodzaak. Idealiter maken we daarvoor gebruik van de bestaande bedrijventerreinen, maar met name op bedrijventerreinen is er een grote schaarste en die zal in de toekomst nog nijpender worden. Daarom zetten we in ieder geval in op de ontwikkeling van een nieuw bedrijventerrein (in lijn met de door uw raad vastgestelde zoekopdracht). De ruimte die we beschikbaar maken moet zowel groei- en ontwikkelruimte bieden voor het bedrijfsleven in Enschede, als schuifruimte voor bedrijven die elders in de stad in de knel komen door verkleuring, herstructurering of transformatie. In die gevallen is ons uitgangspunt is dat banen en economie voor de stad behouden moeten blijven. We staan daarbij een compensatieprincipe voor: we willen dat bedrijfsruimte die ergens moet verdwijnen als gevolg van verkleuring of transformatie naar een andere functie, met een gelijke of verbeterde kwaliteit en betaalbaarheid elders weer terugkomt. Deze ‘compensatievraag’ komt kwantitatief bovenop de groeivraag die reeds ten grondslag ligt aan de huidige zoekopdracht voor een nieuw bedrijventerrein. Herontwikkeling en intensivering is een belangrijke manier om goed om te gaan met de schaarse ruimte die we hebben.
Het is absoluut noodzakelijk om de kwaliteit van onze terreinen en daarmee het vestigingsklimaat op orde te brengen en te houden. Tegelijkertijd vraagt het om forse investeringen en is er bijna altijd sprake van een onrendabele top. Als gemeente kiezen we ervoor om hier zwaar op in te zetten. We verkennen de mogelijkheden als het gaat om grondposities en instrumentarium, een herontwikkelingsfonds en de organisatie van financiering. Grootschalig herstructureren van meerdere bedrijventerreinen moet de komende jaren prioriteit krijgen om ook op economisch vlak mee te groeien met de groei van de stad. De stedelijke investeringsagenda zal hiervoor ruimte moeten maken, maar
huidige de beschikbare middelen zijn mogelijk niet toereikend. Dit vergt mogelijk nog scherpe keuzes in de toekomst wanneer de benodigde investeringen concreter in beeld zijn gebracht. Het is tevens belangrijk om de unieke locatiekwaliteiten van specifieke bedrijventerreinen beter te benutten. Bedrijventerreinen die ruimte bieden voor omgevingshinder veroorzakende bedrijven, ruimte met een goede logistieke ontsluiting en ruimte aan vaarwater hebben een uniek profiel. Deze ruimte is schaars en zeer moeilijk nieuw te realiseren, en moet dan ook gereserveerd worden voor bedrijven die deze kwaliteiten ook daadwerkelijk nodig hebben. Indien we er in slagen om deze locatiekwaliteiten te matchen met de bedrijven aldaar gaan we ‘scheefwerken’ in Enschede tegen en gaan we zorgvuldiger met de beschikbare ruimte in de stad om. Het Havengebied is dé plek in Enschede waar een dergelijke opgave voorligt. Lichtere bedrijven zijn – anders dan de zwaardere in bijvoorbeeld het Havengebied – veel beter in te passen op ander bedrijventerreinen of zelfs te mengen met andere functies in de nabijheid van woonbuurten.
Overweging 3 : Selectief vestigingsbeleid Als we naar een andere economie toe willen, dan zullen we selectief om moeten gaan met de beschikbare ruimte en middelen. We mogen in de toekomst een maatschappelijke betrokkenheid en verantwoordelijk verwachten van bedrijven. We denken daarom meer vanuit brede welvaart: vanuit een breder beoordelingskader dan enkel het economische. Dat betekent ook selectiever zijn op welke bedrijven waarde toevoegen aan de stad en op welke wijze de schaarse ruimte op bedrijventerreinen en in de stad op een manier ingevuld kan worden dat de waarde voor de stad het hoogst is. Dat vraagt om scherpe keuzes maken. Bedrijven moeten dan ook meer dan in het heden hun license-to-operate verdienen door op diverse thema’s – zoals klimaatadaptatie, circulaire economie, opwek van duurzame energie, sociale impact, etc. - meerwaarde te creëren voor de gemeente en haar inwoners. Tegelijkertijd opereert onze stad in een concurrerend klimaat waarin bedrijven niet vanzelfsprekend voor Enschede kiezen. Selectiviteit brengt het risico met zich mee dat er onvoldoende economische ontwikkeling wordt gerealiseerd. Enschede gaat daarom niet zozeer nieuwkomers afwijzen, maar gaat gericht inzetten op die bedrijvigheid die de economisch vestigingsklimaat toekomstbestendig maken.
We spreken onze voorkeur uit voor bedrijven die passen binnen onze speerpuntsectoren medische technologie, chiptechnologie en nieuwe innovatieve clusters die nog in ontwikkeling zijn. Daarnaast gaan we voorrang geven aan mkb-bedrijven in de productie- en maakindustrie. Deze bedrijven genereren namelijk een relatief hoge toegevoegde waarde, passende banen voor onze beroepsbevolking en indirecte werkgelegenheid bij leveranciers en dienstverleners. Ten derde willen we ruimte bieden aan bedrijven met een grote sociale en maatschappelijke impact. Bedrijven die niet tot deze groepen behoren wijzen we niet af maar het kan betekenen dat er geen nieuwe kavels voor hen beschikbaar komen. In dat geval zijn zij meer aangewezen op al bestaande bouw.
Overweging 4: Inclusief Enschede vraagt om nabijheid van banen In steeds meer steden dreigen bedrijven naar de rand van de stad of uit de stad te worden gedrukt door de voorkeur voor woningbouw op binnenstedelijke bedrijfslocaties. Hiermee komt de bereikbaarheid van banen voor met name de praktisch opgeleide en lagerbetaalde beroepsgroepen onder druk te staan. Sommige steden in de randstad moeten al drastische maatregelen nemen om dit effect te voorkomen. Onze bedrijventerreinen en binnenstedelijke bedrijfslocaties leveren een belangrijke bijdrage aan het creëren van een aantrekkelijke, vitale en inclusieve stad, die baankansen biedt voor alle inwoners. Het is dan ook van belang om banen dichtbij en goed bereikbaar te houden, zodat deze met de (elektrische) fiets of het openbaar vervoer bereikbaar zijn. In het bijzonder omdat de toegang tot passend werk onder druk staat voor mensen die niet altijd over een auto beschikken. Het gaat met name om jongeren, mensen die ongeschoold werk uitvoeren en mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Dat zijn de doelgroepen die relatief het vaakst hun inkomen verdienen op de bedrijventerreinen. Willen we als Enschede inclusief blijven moeten wij ook anders gaan kijken naar binnenstedelijke bedrijventerreinen en bedrijfsruimte in buurten en wijken.
Meer productieve buurten en wijken Afhankelijk van het gewenste woonmilieu kunnen we technisch gezien veel kleinschalige bedrijfjes met weinig impact op de leefomgeving kwijt in woongebieden. Deze bedrijven hoeven dan geen schaarse ruimte op bedrijventerreinen te gebruiken (scheefwerken) en geven levendigheid in een buurt. Bijkomende voordeel is dat er zichtbaar gewerkt wordt in buurten waar de arbeidsparticipatiegraad laag is (leidt tot positieve ontwikkeling) en woonwerkafstanden zijn korter en de reiskosten lager. We hebben het dan niet over kantoren, winkels of horeca maar over kleinschalige maak- en productiebedrijfjes of ambachten. Deze meer gemengde wijken en buurten krijgen dan wel te maken met wat meer reuring en dynamiek in de nabijheid van woningen. Deze nieuwe lijn vraagt om bewustwording dat wonen en werken dichter op elkaar komt te zitten. Het vergt een nieuwe manier van ontwikkelen van woonwijken in plaats van de monofunctionele woonbuurten die we de afgelopen decennia hebben gebouwd. Het alternatief is echter dat het bedrijfsleven meer ruimte moet vinden in het kostbare buitengebied. Het is dus de moeite waard om meer functies te mengen en zo ruimte te besparen op bedrijventerreinen. Binnenstedelijke bedrijfsruimte koesteren In lijn met bovenstaande willen we bestaande bedrijfsruimte koesteren.
Ook als die ruimte esthetisch niet heel mooi is of er kwalitatief laagwaardig uit ziet. Juist dit soort plekken zijn nog betaalbaar voor startende ondernemers, ondernemers zonder winstoogmerk en creatieve ondernemers. In de praktijk laten vastgoedeigenaren dit soort binnenstedelijke locaties vaak verloederen met de verwachting dat ze er woningen mogen ontwikkelen wat meer rendement oplevert. Als gemeente moeten we een duidelijk signaal afgeven dat dit geen kans van slagen heeft en dat zijn beste optie is om weer te investeren voor nieuwe gebruikers. Dit vraagt geduld en standvastigheid van de gemeente maar leidt uiteindelijk tot een inclusievere, aantrekkelijkere en leukere stad om in te werken en te wonen.