CConstaterende datenschede
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen versie 19 juni 2025

Raadsvergadering 7 juli 2025, gemeente enschedeBij agendapunt: Zomernota 20256.567 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum: 13 juni 2025 Aan: Raad Van: College van Burgemeester en Wethouders Onderwerp: Beantwoording technische vragen productenboek

Inleiding Voorafgaand aan de Kadernota 2026 hebben wij een productenboek opgesteld dat op een gestructureerde en feitelijke manier inzicht geeft in het werk van de gemeente Enschede. Het productenboek is een technisch instrument dat dient als naslagwerk. Het geeft geen beleidsinhoudelijke sturing, maar helpt wel bij het verkrijgen van een gedeeld inzicht in de gemeentelijke uitvoering. De gemeenteraad heeft naar aanleiding van het productenboek diverse technische vragen gesteld. In deze memo beantwoorden we die vragen, met als doel om het inzicht verder te verdiepen en zo bij te dragen aan een goede voorbereiding op de behandeling van de Kadernota. Technische vragen N Prog. Product Fracti r e 1 V&S Algemene CU Maatschappelijk e Voorzieningen

2 V&S

Algemene CU Maatschappelijk e Voorzieningen

3 V&S

Algemene CU Maatschappelijk e Voorzieningen

Vraag Pagina 22 punt 4 Versterken samenwerken wijkteams en W&I waarom is dit een dekkingsvoorstel en is die investering daarin ook niet meer nodig? En datzelfde geldt voor de aanpak top 100 dure gezinnen doen we dat dus niet meer en hebben we daarom geld over?

Antwoord

Het gaat hier niet om een dekkingsvoorstel, maar om een in 2020 doorgevoerde bezuiniging op dit product die ervan uitging dat de samenwerking tussen deze twee onderdelen tot een lager gebruik van de tweedel-lijnsvoorziening zou leiden. De voor het inboeken van deze bezuiniging benodigde investering van € 250.000 was eenmalig en dus niet structureel. Nee. De ‘100-gezinnen aanpak’ is gestart in 2019. Vanaf eind dat jaar noemen we het de ‘maatwerkroute’. De implementatie van deze methodiek/werkwijze heeft in 3 fasen plaatsgevonden en is afgerond in 2021. De raad is daarover per brief in februari 2022 geïnformeerd. De maatwerkroute is daarmee geborgd binnen de werkwijze van de wijkteams. Een van de doelen van de maatwerkroute was het duurzaam verlagen van maatschappelijke kosten. Uit de evaluaties bleek dat de maatwerkroute inderdaad maatschappelijk rendement had. Daarom is dit ingeboekt als besparing van € 325.000. Punt 3 right to challenge en Het gaat hier niet om een bezuingingsvoorstel, maar om een in punt 8 dit stoppen levert 2021 doorgevoerde srtructurele bezuiniging op dit product van in allebei geld op hoe zit dat? totaal 115k. Het bedrag van € 50.000 was nog een afroming, met de aanvullende € 65.000 is het gehele budget weggevallen. Overigens staat dit 'right to challenge' nog wel steeds in de participatieverordening, maar er is tot op heden geen gebruik van gemaakt.

4 V&S

Ondersteuning centrumtaken (Wmo)

CU

Pagina 30 In de vrouwenopvang meer kosten gemaakt. Hadden planning snellere doorstroom naar gewone woning. Is dit gelukt?

5 DWL W

Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte

CU

Pagina 55 Prijsstijging wegen en infrastructurele kunstwerken vanaf 2024 waar komt dit vandaan?

6 DWL W

Bestemmen, vergunnen, toezicht en handhaving

CU

Pagina 56 Waarom vallen bij handhaving de baten na 2024 helemaal weg? Waardoor waren er hiervoor wel baten?

7 DWL W

Cultuur, evenementen en citymarketing

CU

Pagina 58 Waarom wisselen de baten op cultuur zo en vallen de baten op manifestaties en evenementen weg? Waarom gaan de lasten van manifestaties en evenementen zo hard om hoog met bijna een half miljoen van 2025-2028?

2

1. In deze context wordt de Decentralisatieuitkering Vrouwenopvang (DUVO) bedoeld, die Enschede als centrumgemeente van het Rijk ontvangt bedoeld voor alle centrumgemeentetaken (vrouwenopvang, aanpak huiselijk geweld & kindermishandeling, aanpak mensenhandel, seksueel geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag). Er is een tekort op het budget ontstaan door de CAO stijgingen. 2. De plannen met betrekking tot stimuleren ambulante zorgverlening zijn gestart, hiermee gaan we onderzoeken of het lukt minder mensen op te vangen in de opvang door meer ambulante hulp te bieden. 3. Daarnaast is er een samenwerking met transferpunt Wonen, waardoor vrouwen uit de opvang sneller bemiddeld worden naar een eigen woning. De beheer-, onderhouds en vervangingskosten van wegen en infrastructurele kunstwerken zijn fors gestegen door loon- en prijsstijgingen. De stijging is berekend op basis van de CBS grond-, weg en waterbouw (GWW) over de periode van 2020 t/m 2023. Er is dus meer budget nodig om onze wegen, fietspaden, voetpaden en infrastructurele kunstwerken op het afgesproken onderhoudsniveau te kunnen houden. In de afgelopen jaren zijn er incidenteel baten gerealiseerd op diverse (sub)producten binnen het programma, zoals handhaving bouwwerken, handhaving openbare ruimte, monumentenzorg en ruimtelijke plannen.

Deze baten waren echter veelal incidenteel van aard en daardoor niet structureel van toepassing op latere jaren. Zo was er in 2021 sprake van een aantal incidentele meevallers, waaronder een bate van €346.000 op handhaving bouwen voortkomend uit een vaststellingsovereenkomst met ODT. Daarnaast is in datzelfde jaar een SPUK-subsidie ontvangen van €300.000 in het kader van de tijdelijke ondersteuning Toezicht en Handhaving. Ook waren er in 2021 incidenteel hogere legesinkomsten (€168.000) en extra opbrengsten uit meerwerk bij GREX-projecten (€218.000). In 2022 zijn eveneens incidentele baten gerealiseerd (zie eerdere toelichting), en in 2023 waren de opbrengsten uit dwangsommen relatief hoog, wat ook een incidenteel karakter had. Voor 2024 is een incidentele subsidie van €400.000 begroot voor geluidsaneringen; deze kan ook in 2025 beschikbaar komen, afhankelijk van de voortgang van de werkzaamheden. Het uitblijven van deze incidentele baten in latere jaren verklaart waarom de opbrengsten op de genoemde (sub)producten in de huidige begroting aanzienlijk lager zijn of zelfs volledig ontbreken. Structureel extra baten realiseren is binnen dit domein niet mogelijk, gezien de aard van de activiteiten en het ontbreken van structurele financieringsbronnen. De totale baten op cultuur wisselen door de bijdrage van incidentele rijksmiddelen boven op het reguliere budget.

Dit zijn bijvoorbeeld SPUK gelden voor jongerencultuur, middelen voor Creatieve Broedplaatsen en incidentele middelen voor Corona. Door vervallen van incidentele rijksmiddelen vallen de baten bij evenementen weg. De lasten bij evenementen stigen in de periode 2025 - 2028 doordat er vanuit de nieuwe evenementennota ( die in 2023 is vastgesteld door de raad) extra middelen beschikbaar zijn gesteld.

8 DWL W

Cultuur, evenementen en citymarketing

CU

9 DWL W

Dienstverlening aan ondernemers

CU

1 DWL 0 W

Locatieontwikke CU ling

1 DWL 1 W

Versterken economische structuur

CU

1 DWL 2 W

Versterken economische structuur

CU

Zou cultuur wat verder uitgesplitst kunnen worden? Wij zouden hier wel wat kritisch naar willen kijken maar nu staat er 21 miljoen euro niet echt uitgesplitst, dus is kritische kanttekeningen plaatsen wel ingewikkeld. Pagina 60 Waarom stoppen de baten weer zo abrupt. Wat waren die baten hiervoor?

Op pagina 234 van de gemeentebegroting staat de subsidiestaat van cultuur evenementen en citymarketing met de uitsplitsing van het budget.

Dit heeft betrekking op de regeling voor de bedrijven investeringszone van de euregio.Hierbij leggen bedrijven gelden in en kunnen later weer een beroep doen op gelden, deze is in onze boeken lasten -baten neutraal. Vanaf 2024 is dit overgeheveld naar het product versterken economische structuur, blz 76. Pagina 66 wat zijn de baten Dat zijn de incidentele reserve mutaties vanuit Reserve bij de strategische Weerstandsvermogen (Algemene Reserve). investeringsagenda In 2021 8,8 mln +3,8 RAR/BBV middelen overboeking bij waarom fluctueren die zo? oprichting van de strategische investeringsagenda. In 2022 zie je die 3,8 nog een keer begroot omdat deze een jaar vertraging had (Wegener/Cromhof). En in 2024 die 15 mln die we “gekregen” hebben. Ook reserve mutatie, dus ook geen harde externe baten. Pagina 76 hoe moeten de Deze schommeling komt door een incidentele baat, geraamd in schommelingen in de baten 2025, uit de liquidatie van de GR Regionaal Bedrijventerrein hier geïnterpreteerd Twente. Deze realiseren we echter niet in 2025 maar in 2026. De worden? GR legt u via het college eind augustus het ontwerp-liquidatieplan voor.

Pagina 77 In 2022 drukten werkzaamheden en samenhangende kosten op Vertrouwenspersoon & de formatie en het budget van het cluster Strategie & Beleid Cockpit wat is dit voor Fysiek, terwijl dit om werkzaamheden ging waar eigenlijk geen knelpunt en is dit het totaal geld voor was. bedrag voor Cockpit? • Inzet van een adviseur als interne vertrouwenspersoon (kosten € 40.000); • De werkzaamheden van Cockit053, gericht op het opgavegericht werken, het uitvoeren van onderzoek ten behoeve van het gemeentelijk beleid en monitoring van de effecten van dat beleid (kosten € 183.000). Daartoe heeft de raad in 2022 structureel middelen toegevoegd ter grootte van € 223.000. Daarover stond destijds in de programmabegroting 2022-2025 het volgende: Binnen de beleidsafdeling Strategie en Beleid is sprake van niet AD-gefinancierde (AD staat voor Algemene Dienst, een oud begrip uit de gemeentefinanciën, red) inzet van beleidsadviseurs. Het gaat daarbij om taken waarbij gesproken wordt van nog te realiseren omzet. De taken worden wel verricht, de dekking ervoor is echter niet beschikbaar. Het gaat daarbij als eerste om de werkzaamheden voor de Cockpit. Dilemma is dat de Cockpit als onmisbaar wordt beschouwd in de advisering van Raad en college. Er is echter geen dekking (183.000 euro) voor de uitvoering van deze taak.

De consequentie hiervan is dat uitvoering van deze werkzaamheden zou moeten stoppen. Tweede onderdeel betreft de werkzaamheden van de interne vertrouwenspersoon. Deze kosten bedragen netto 40.000 euro per jaar. Toentertijd hadden we de cockpit bij twee personen ondergebracht. De taken van de cockpit zijn na de opstartfase

3

regulier ingebed in de taken van verschillende strategische adviseurs binnen het cluster SBFE. Ook binnen het cluster SBS is voorzien in dit specialisme.

1 F&O 4

Algemene inkomsten

CU

Pagina 102 Wat betekenen stelposten en restposten concern? De beschrijving die erbij staat is niet heel duidelijk.

1 F&O 5

Algemene uitkering

CU

Pagina 104 is er al wat meer duidelijk hoe dit plaatje veranderd na aanleiding van de beslissingen in den Haag?

4

De restposten concern hebben geen inhoud behalve dat deze wordt benut voor de verrekening van het resultaat uit de gemeenterekeningen. Aangezien de gemeentebegroting normaliter sluitend is, worden deze begroot op nul, hetgeen ook is opgenomen in het productenboek. De stelposten concern bestaan uit een aantal zaken die niet toe te wijzen zijn aan de inhoudelijke programma’s. Deze bestaan uit 3 grote posten: 1. Stelpost loon- en prijscompensatie: Op deze post wordt het geld gespaard dat voor de komende jaren nodig is voor de toevoeging van loon- en prijscompensatie aan de budgetten in de gemeentebegroting. Hiervoor wordt accres ontvangen via het gemeentefonds dat op deze stelpost opzij wordt gezet. 2. Stelpost middelenkader: Elk jaar worden de tekorten, overschotten, meevallers en knelpunten voor het middelenkader verrekend via een stelpost. Uiteindelijk wordt de stelpost aangevuld bij een tekort in de gemeentebegroting. En bij een positief saldo op deze stelpost wordt het saldo in de algemene reserve gestort. 3. Stelpost afdracht BTW-compensatiefonds vanuit kostendekkende tarieven: Bij de invoering van het BTWcompensatiefonds (BCF) is hiervoor een forse uitname uit het gemeentefonds geweest. Met die uitname is het BCF gevormd.

Voor de riool-, afval en parkeerheffingen is destijds de wetgeving aangepast waarbij is bepaald dat de BTW onderdeel blijft van de kostendekkende tarieven. De BTW wordt jaarlijks betaald aan het concern omdat hier de uitname van het gemeentefonds terecht is gekomen. De voorjaarsnota van het Rijk heeft hier duidelijkheid gegeven. Raad is geinformeerd en definitieve info volgt in meicirculaire.

1 DWL 6 W

Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte

GL

Hoeveel kunnen we besparen als we het onderhoudsniveau voor de openbare ruimte in de gehele gemeente terugbrengen naar niveau basis?

1 DWL 7 W

Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte

GL

Hoeveel kunnen we besparen als we het maaien snoeibeleid minimaliseren: alleen speel- en trapveldjes strak houden, voor de rest zo sober mogelijk?

5

Het onderhoudsniveau van de gehele openbare ruimte is al basis. Enige uitzondering is het stadserf, dit vanwege het belang van de binnenstad voor de aantrekkelijkheid, het woon- en vestigingsklimaat en de economie van Enschede. Daarnaast heeft de openbare ruimte in de binnenstad een zeer hoge gebruikersintensiteit wat extra inzet en aandacht vraagt om de openbare ruimte op niveau te houden. Indien we het beeldkwaliteitsniveau van het stadserf ook verlagen van hoog naar basis heeft dat een groot negatief effect op alle doelen en opgaven voor Enschede, dat lichten we hieronder per onderdeel toe. Technisch heeft een verlaging van de kwaliteit vooral effect op: Het onderhoud van beplanting, legen van afvalbakken en machinaal vegen. De besparing is maximaal 100.000 euro per jaar (prijspeil 2025). Een klein deel (20.000 euro) hiervan bereiken we door het verlagen van het onderhoudsniveau van de beplanting en het minder legen van afvalbakken. Als we naar basis gaan accepteren we meer zwerfvuil. Dan kan de inzet van één veegmachine bespaard worden (80.000 euro). Effect: Deze wijzigingen zullen grote negatieve gevolgen hebben voor de belevingswaarde van de binnenstad voor inwoners en bezoekers. Wanneer afvalbakken minder geleegd worden ontstaat meer zwerfvuil.

Door minder machinaal te vegen blijft het zwerfvuil ook nog eens langer liggen waardoor een grotere kans op ongedierte ontstaat. Zwerfafval heeft ook een negatief effect op de aantrekkelijkheid van de stad. Voor een aantrekkelijke leefbare gezonde binnenstad moeten we juist inzetten op vergroenen. Goed onderhoud is daarbij van essentieel belang zeker gezien de hoge gebruiksdruk in een dergelijk gebied. Niet veel. Omdat er bij een verdere verlaging ook weer andere kosten en negatieve effecten optreden. Op dit moment onderhouden we de openbare ruimte namelijk al in een zo optimaal mogelijke vorm in balans tussen kosten en opgaven. Zo levert de openbare ruimte ook een belangrijke bijdrage aan de gezondheid van onze inwoners (nota Gezond Enschede), de aantrekkelijkheid en het woon- en vestigingsklimaat. Wijzigingen in onderhoud leiden al snel tot kapitaalvernietiging of grote negatieve effecten (en (indirecte) kosten) op andere terreinen/opgaven. Snoeien: Als we (nog) minder gaan snoeien lopen we risico op verminderde veiligheid door bijv overhangend groen op fiets- of voetpaden of zichthoeken die niet voldoende vrij zijn. Ook zal minder snoeien leiden tot het achteruit gaan van de technische staat van de beplanting. Als de technische staat achteruit gaat moeten we sneller struiken/heesters vervangen wat weer tot extra kosten leidt.

Ook ontstaat er snel verrommeling met als effect een onaantrekkelijke leefomgeving, waarin mensen zich minder prettig (en daarmee ook gezond) voelen. Maaien: Het huidige maaibeleid is een optimalisatie tussen kosten, behoeften van de bewoners en bedrijven en de opgaven. Waarbij de basis voor het huidige maaibeleid via een zorgvuldig participatieproces tot stand is gekomen. Aanpassingen vragen dus zorgvuldigheid, ook in relatie tot aantrekkelijke buurten en gezondheid. In algemene zin leidt minder maaien tot kapitaalvernietiging,

verrommeling van beeld en beleving, meer zwerfvuil, uitwaaien van zaden in plantvakken en daarmee hogere onderhoudskosten op deze beplantingen, verstoppingen van goten en straatkolken (niet wenselijk de klimaat-/wateropgave), etc. Onze ervaring van eerdere bezuinigingen (2014) is dat we niet al het gazon om kunnen vormen naar ruw gras. Bij de bezuinigingen in 2014 is bijna de helft van de gazons omgevormd naar ruw gras. Al snel daarna bleek dat een deel van die omvormingen toch niet wenselijk waren. Er waren veel klachten en negatieve resultaten in een belevingsonderzoek onder inwoners. De raad heeft daarop in 2016 een amendement aangenomen om een deel van die omvormingen weer terug te draaien en 208.000 extra per jaar beschikbaar gesteld voor het maaien. Zie brief aan de raad "Uitvoering amendement maaibeleid" dd 8 mei 2017 en "Belevingsonderzoek Maaibeleid Enschede 2016". Als we nu toch weer terug zouden gaan naar het maaibeleid van 2014 is dus een besparing van 208.000 euro per jaar mogelijk. Maar ontstaan ook alle grote onwenselijke effecten dus weer en hogere kosten op het beheer en onderhoud van andere delen van de openbare ruimte. Waardoor dit niet echt een besparing op het beheer en onderhoud van de gehele openbare ruimte is. Overigens is het technisch ook niet echt realiseerbaar. Dit heeft o.a. te maken met het materieel dat je nodig hebt voor het maaien van ruw gras.

Die machines zijn veel te groot voor veel (kleine) stukjes gazon in de openbare ruimte.

6

1 DWL 8 W

Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte / Riolering

GL

1 V&S 9

Jeugdhulp / Wmo lokaal

GL

20 F&O

Algemene inkomsten

GL

2 DWL 1 W

Bestemmen, vergunnen, toezicht en handhaving

GL

Hoeveel kunnen we besparen als we de afschrijvings/vervangingste rmijn van infrastructuur, riolering, vri's, straatmeubilair etc. met 10 jaar verlengen? Welke diensten/voorzieningen (o.a. binnen de zorg/wmo/...) kunnen inkomensafhankelijk/vermo gensafhankelijk worden verleend en voor welke diensten/voorzieningen kan een inkomens- of vermogensafhankelijke eigen bijdrage worden gevraagd? Waar doen we dit nu al wel? Zijn er manieren waarop een extra bijdrage kan worden gevraagd aan (zeg maar) de 1% Enschedeërs met het hoogste inkomen of het meeste vermogen, alsmede aan de meest winstgevende bedrijven? Allerlei (sub)producten waar in het verleden wel baten op stonden, hebben dat nu niet meer. Bijvoorbeeld bij BVTH: handhaving bouwwerken en bedrijven in het verleden enkele tonnen aan baten, handhaving openbare ruimte idem, monumenten een klein bedrag en ruimtelijke plannen ook enkele tonnen meer dan nu. Waarom zijn de baten nu veel lager of zelfs geheel afwezig? En kunnen er weer extra baten worden gerealiseerd?

7

Dit is geen besparing maar dit leid alleen maar tot hogere kosten. Het verlengen van de afschrijvingstermijn zorgt er alleen maar voor dat we over dezelfde investeringen meer rente gaan betalen. Het verlengen van de afschrijvingstermijn zorgt voor lagere kapitaallasten in de beginjaren maar kost uiteindelijk veel meer geld. De wijziging van de Wmo, die een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage mogelijk maakt, is nog niet van kracht. Naar verwachting gaat deze wijziging per 1 januari 2027 in. Het Rijk overweegt om een inkomens- of vermogensafhankelijke eigen bijdrage in de Jeugdwet op te nemen. Het is zeer waarschijnlijk dat het Rijk de besparing door het innen van een eigen bijdrage ook vertaalt en gemeenten een lagere financiële bijdrage levert.

Nee, dat kan niet. Dat is inkomensbeleid, waar gemeenten geen bevoegdheden hebben.

Zie antwoord bij nr. 6.

2 F&O 2

Interne dienstverlening

GL

Wat is de totale omvang van externe inhuur en welk deel daarvan zou door eigen medewerkers worden gedaan?

2 F&O 3

Algemene uitkering

GL

2 V&S 4

Jeugdhulp Wmo lokaal

GL

Kan al een inschatting worden gegeven wat de voorjaarsnota van het kabinet voor Enschede betekent? T.a.v. zorgkosten. Zouden er mogelijkheden zijn om zorguitstroom te bevorderen door bijvoorbeeld het geven van een (aan regels gebonden) bonus bij uitstroom aan de zorgonvanger? (denk aan de helft van de besparing van een eerste maand of eerste paar maanden)

8

In ons sociaal jaarverslag en in de personeelsmonitor A&O-fonds gemeenten, waaraan wij jaarlijks rapporteren, zijn cijfers over de externe inhuur opgenomen. Het sociaal jaarverslag 2024 en de personeelsmonitor 2024 worden aan uw Raad aangeboden na behandeling in het College op 10 juni a.s. Op 30 juni kan hierop aan uw Raad toelichting worden gegeven in de inloopsessie. Daarop vooruitlopend kunnen we aangeven dat de omvang van de externe inhuur op 31 december 2024 184 fte bedroeg. Daarmee is zo'n 10% van onze personele inzet inhuur, waarbij dit bij andere 100.000+ gemeenten op 18% zit. Externe inhuur zetten we in wanneer tijdelijk specialistische kennis nodig is, snel kortdurende inhuur of ziektevervanging noodzakelijk is of wanneer door de krappe arbeidsmarkt reguliere invulling niet lukt. We sturen er in de afgelopen jaren succesvol op om langdurige inhuur (langer dan een jaar) waar mogelijk te vervangen door eigen contracten. We schatten in dat van de huidige externe inhuurschil nog circa 10 fte om te zetten is naar rechtstreekse arbeidsovereenkomsten met de gemeente. Zie ook vraag CU (nr 15). Ja dus.

Onze inzet is er op gericht om instroom in zorg te voorkomen en zien dat de uitstroom uit geindiceerde zorg wordt belemmerd door het ontbreken van passende lichtere alternatieven. Hier zetten wij op in met verschillende voorstellen uit de Strategienota Samen leven, samen zorgen en maatregelen van de strategienota Onze jeugd, onze zorg. Een bonus voor een zorgontvanger vanuit jeugdhulp is onverantwoord en onethisch. We hebben het over een doelgroep tot 18 jaar. Deze doelgroep overziet de risico’s en consequenties hiervan onvoldoende. Daarnaast willen we rechtsongelijkheid voor de inwoner voorkomen. Mocht vraag 24 meer gericht zijn op een bonus-malussysteem van de zorgaanbieder, dan kunnen we daar het volgende over zeggen: Bij het inkopen van jeugdhulp in 2025 is gesproken over het belonen/straffen van aanbieders op prestaties overeenkomend met de contractafspraken. De conclusie is: • Een bonus-malussysteem voor aanbieders is niet werkbaar omdat we geen duidelijk afwegingskader of normen hebben, waaraan je een prestatie kunt meten en duiden. Ook hebben we te maken met veel verschillende aanbieders (in grootte, in diensten ..) waardoor er niet een eenduidige beoordeling te maken is. • Als gemeente kunnen we op rechtmatigheid sturen en in veel mindere mate op de vraag of de zorg effectief is geweest. Op casusniveau doet de verwijzer dit.

Over de kwaliteit en zorginhoud zijn dan ook landelijke richtlijnen van toepassing. Daar wordt landelijk via de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) toezicht op gehouden. Ons toezicht kijkt meer naar of aanbieders zich houden aan de minimale contracteisen. Dat is geen beoordeling op zorgeffectiviteit.

• In de Jeugdwet is niet uitgewerkt dat we een normenkader kunnen opstellen. Het Rijk kijkt wel naar wijzigingen in de wet, maar daarin wordt tot op heden dit onderwerp niet genoemd.

2 F&O 5

Interne dienstverlening

GL

2 DWL 6 W

Versterken economische structuur

GL

We zijn op de hoogte gehouden van de noodzaak van een zeker span of control binnen de gemeentelijke organisatie. Tegelijkertijd is er nu financiële nood. 1. Zijn er nog niet vervulde (midden) managementposities en 2. Zou het mogelijk zijn om te experimenteren met werkvormen zoals zelfsturende teams? We geven 6 miljoen uit aan het versterken van economische structuur. Kunnen jullie meer inzicht geven in wat deze uitgaven opleveren. Is het (ietwat) inzichtelijk of dit concreet resultaat oplevert?

9

Bij vrijkomende functies, zo ook bij managementfuncties, beoordelen we telkens of 1-op-1 herbezetting van de functie noodzakelijk is of dat een organisatorische aanpassing een betere oplossing biedt. We beoordelen daarbij ook of het anders vormgeven van de aansturing van een organisatieonderdeel van meerwaarde is. Het overall doel is om de organisatie daar waar mogelijk steeds beter en flexibeler te laten functioneren. Minder hiërarchisch leidinggevenden kan daarvan een uitkomst zijn maar is zeker geen doel op zich. Voor dit moment vinden we een juiste span-of-attention ook een erg belangrijke factor. Er is immers voor medewerkers een juiste mate van aandacht en sturing nodig om onder andere de werkdrukbeleving omlaag te brengen en veranderingen in onze organisatie goed te begeleiden. In de ontwikkelagenda Economie 2024 hebben we inzichtelijk gemaakt waar de middelen voor economie in 2024 grosso modo naar toe zijn gegaan. U vindt deze informatie in tabel 2 op pagina 35 van de Ontwikkelagenda Economie. In onderstaand overzicht actualiseren we deze cijfers voor het jaar 2026. Dit is exclusief de inspanningen van het ondernemersloket. Tabel in Word meegeleverd.

2 F&O 7

Vastgoedbedrijf

GL

Zijn er mogelijkheden om eigen panden intensiever te gebruiken om zo kosten te besparen? Is er nog gemeentelijk vastgoed wat leegstaat?

2 V&S 8

Sport & Gezondheid

GL

Is bij geldstromen binnen sport en cultuur inzichtelijk te maken hoeveel mensen we hiermee bereiken? (Unieke gebruikers) Hoeveel capaciteit van faciliteiten is nog onbenut en zou dit op een andere manier kunnen worden ingezet voor gemeentelijke doelen in andere beleidsvelden?

10

Nee, de afgelopen jaren is al fors geoptimaliseerd op het gebied van ambtelijke huisvesting. Diverse grote locaties, zoals Service Center Zuid, Oost en West, zijn afgestoten. In stadsdelen Zuid en West is inmiddels gecombineerde huisvesting gerealiseerd (zoals in Magneet en De Boei) waarin ambtelijke collega’s, maatschappelijke organisaties en wijkfuncties gezamenlijk gebruikmaken van panden. Voor stadsdeel Noord wordt dit jaar Kompas opgeleverd, eveneens met gecombineerde functies. In stadsdeel Oost is een tijdelijke locatie in gebruik (voormalige school aan de Keppelerdijk) en wordt gewerkt aan een duurzame oplossing. Daarnaast is dankzij de invoering van hybride werken onder andere De Noordmolen vrijgekomen. Deze panden worden, waar mogelijk, opnieuw ingezet, bijvoorbeeld nu voor de opvang van Oekraïners. Ook is een pilot gestart voor het 'Makelpunt', waarmee maatschappelijke organisaties hun ruimten kunnen aanbieden of geschikte ruimten kunnen vinden. Kortom, waar mogelijk wordt intensiever gebruik van vastgoed gestimuleerd. 2. Is er nog gemeentelijk vastgoed dat leegstaat? Ja, er zijn enkele panden die momenteel leegstaan. Dit betreft mn panden die gepland staan om afgestoten of herontwikkeld te worden. Voor gebouwen in gemeentelijk eigendom die worden geëxploiteerd door maatschappelijke partijen ligt de verantwoordelijkheid voor optimale benutting bij deze partijen.

De gemeente ondersteunt via initiatieven zoals het Makelpunt het efficiënter gebruik van deze ruimten door maatschappelijke organisaties. Onderdeel Sport, uitgaande van de totale geldstroom (exploitatiebijdrage aan sportaal, sportsubsidie en sportakkoord II gelden): Voor de verenigingssport kunnen we dit inzichtelijk maken aan de hand van het aantal leden. In 2024 waren dit rond de 23.000 unieke leden. Voor gebruikers van openbare sport- en spel faciliteiten kunnen we dit heel lastig aangeven. Onderdeel Cultuur: we monitoren alleen bezoekersaantallen van grote culturele instellingen. De aantallen zijn bij de jaarrekening gevoegd.

2 V&S 9

Opvang Ontheemden

PvdA

3 V&S 0

Sport & Gezondheid

PvdA

3 DWL 1 W

Afvalstoffen

PvdA

3 DWL 2 W

Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte

PvdA

3 DWL 3 W

Bestemmen, vergunnen, toezicht en handhaving

PvdA

Blz 39: Hoe en wanneer gaan we die 1100 plekken realiseren? Weten we al iets over de dekking na 2026? Anders structureel tekort van 16 miljoen

We werken gefaseerd toe naar het realiseren van in totaal 1100 opvangplekken. Concreet doen wij dit door twee kavels te ontwikkelen: één op de campus en één aan de Telgendijk. Op beide locaties worden woningen gerealiseerd, waarvan een deel tijdelijk beschikbaar wordt gesteld voor opvang. Daarnaast verwerven we appartementen aan de Hengelosestraat / Deurningerstraat. Deze locatie levert naar verwachting circa 60 opvangplekken op. Wij streven ernaar om vanaf de zomer van 2026 de eerste woningen op de genoemde kavels in gebruik te nemen. Via deze aanpak groeien we gestaag door richting de doelstelling van 1100 plekken. Tegelijkertijd willen we benadrukken dat de opvangopgave complex is. De Noordmolen blijft vooralsnog functioneren als (nood)opvang, maar ons uiteindelijke doel is het bieden van duurzame opvanglocaties met een hogere kwaliteitsstandaard. In dit kader zal ook de vervangingsopgave voor Tesinkweide in de tweede helft van 2025 zijn beslag krijgen. Wat betreft de financiële dekking na 2026 geldt dat de transitiekosten (zoals vastgelegd in de huidige regelingen) vergoed worden tot uiterlijk één jaar na het beëindigen van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB). Daarna ontstaat inderdaad een zekere mate van onzekerheid. Er lopen op dit moment gesprekken binnen VNG-verband met het ministerie over de periode ná afloop van de RTB.

Wij verwachten in de tweede helft van 2025 meer duidelijkheid te krijgen over de structurele financiering voor deze opgave. blz 45: is het mogelijk om We gaan er van uit dat de verwijzing naar pagina 45 niet klopt, hier elementen uit te maar dat de vraag de knelpunten bij Sport op pagina 47 geldt. faseren/ temporiseren? Bijv Het antwoord is dan: A. De speeltoestellen / speelpleintjes vallen de buitenwerkzaamheden hier niet onder en daardoor is er hier geen besparing te bij omvormen realiseren. B. Bij de overige knelpunten is temporiseren niet speelpleintjes etc. kan toch mogelijk zonder het knelpunt te verergeren. niet allemaal tegelijk en dit levert misschien iets op? blz 49: Deze is al jaren niet De afvalstoffenheffing is begrotingstechnisch altijd 100% kostendekkend, hoe komt kostendekkend, conform de daarvoor geldende afspraken. De dit? Rekenen wij de btw btw wordt correct doorberekend in de tariefopbouw. bijvoorbeeld correct door in de tariefopbouw? blz 53: Bij de baten van Het is mogelijk om meer inkomsten te genereren. Hiervoor zijn 3 Reclame op openbare BOB voorstellen gedaan (van analoog naar digitaal + meer ruimte zit er geen kavels). Dit vraagt tevens aanpassing van ons beleid en nieuwe batestijging in 2026 en aanbestedingen. Invoering zou dan deels mogelijk zijn vanaf verder. Kunnen we hier 2026 en overige vanaf 2027.

meer inkomsten genereren (nu 0.95M€)? blz 56: we lezen dat dit De afdeling Vergunnen is voor ongeveer 75% leges gefinancierd. 75% dekkend is, terwijl wij De andere 25% komt uit de AD-middelen. Het deelproduct het idee hebben dat leges Vergunnen is meer dan alleen de leges. Daar valt onder andere kostendekkend zouden de omgevingswet, WKB en taken die niet wettelijk in de leges moeten zijn. Hoe komt dit verwerkt mogen worden. Zie verder tabel GB2025 lokale en wat is het tekort per heffingen H4.1 aanvraagtype?

11

3 DWL 4 W

Grondbedrijf PvdA icm Locatieontwikke ling

blz 64 en 66: We blijven investeren in planvorming en voorbereiding (locatieontwikkeling), maar de projecten lijken niet direct opbrengsten te genereren voor het grondbedrijf. Dat betekent ‘dode plannen’. - Lopen we het risico dat het grondbedrijf langzaam verlieslatend wordt, nu er weinig nieuwe projecten op korte termijn worden gestart? Welke risico’s lopen we dan? - Wat is de koppeling tussen het MPG van het grondbedrijf en de begroting op de locatieontwikkeling? Hoeveel projecten uit locatieontwikkeling krijgen géén vervolg in het grondbedrijf en waarom niet? - Wat gebeurt er met het grondbedrijf als locatieontwikkeling doorgaat op dit tempo, maar de markt vertraagt?

12

Lopen we het risico dat het grondbedrijf langzaam verlieslatend wordt, nu er weinig nieuwe projecten op korte termijn worden gestart? Welke risico’s lopen we dan? De risico’s voor het grondbedrijf zijn niet in alle gevallen hetzelfde. We kennen projecten waarbij we kaders meegeven, dus facilitair grondbeleid en actief grondbeleid waar we gronden kopen en deze tot ontwikkeling brengen. Bij facilitair grondbeleid zijn de risico’s voor het grondbedrijf beperkt omdat de kosten worden gedragen door een derde partij. Bij actief grondbeleid lopen we meer risico omdat we als gemeente risicodragend grond tot ontwikkeling brengen. We openen geen nieuwe projecten als we de gecalculeerde risico’s niet kunnen dragen. De reserve Grondbedrijf is gezond waarbij we onze risico’s binnen de huidige projecten portefeuille zelfstandig kunnen dragen, m.a.w. het grondbedrijf wordt niet verlieslatend omdat we geen projecten opstarten. Er ligt echter wel een relatie met de Investeringsagenda. De investeringsagenda is voor de toekomstige ambities/projecten en het MPG voor de bestaande projecten. In de kern gaat het erom dat het grondbedrijf niet in staat is om de toekomstige ambities te dekken. Voor de huidige projecten in het MPG met daarbij door de raad geaccordeerde kredieten in het Grondbedrijf zijn de middelen aanwezig.

Wat is de koppeling tussen het MPG van het grondbedrijf en de begroting op de locatieontwikkeling? Hoeveel projecten uit locatieontwikkeling krijgen géén vervolg in het grondbedrijf en waarom niet? Die relatie is er beperkt. Er komen veel nieuwe initiatieven op de gemeente af. De meeste projecten (dan nog vaak initiatieven) uit locatieontwikkeling krijgen een vervolg en verkrijgen een projectstatus. Deze landen vaak binnen het grondbedrijf maar ook bijvoorbeeld als investeringsproject (mobiliteit, groen & blauw) uit de jaarrekening. Het is lastig aan te geven welke er niet doorgaan. Bij sommige is na een korte verkenning duidelijk dat ze inhoudelijk en/of financieel niet haalbaar zijn. We stoppen dan met dat initiatief. Initiatieven die wel haalbaar lijken gaan door na de definitiefase (kaderstelling) en worden een project. Het is mogelijk dat aan het eind van die fase we niet doorgaan naar de volgende fase omdat het toch niet haalbaar blijkt of omdat de initiatiefnemer niet verder wil met de kaders die de gemeente stelt. Zoals gezegd gaan de meeste projecten door. Bij projectmatig werken hoort ook dat na iedere fase tot de realisatiefase er een no-go kan komen. Wat gebeurt er met het grondbedrijf als locatieontwikkeling doorgaat op dit tempo, maar de markt vertraagt?

3 DWL 5 W

Riolering

PvdA

3 DWL 6 W

Stedelijke ontwikkeling

PvdA

3 DWL 7 W

Verkeersinfrastr PvdA uctuur en beleid

blz 70: is kostendekkend met de lokale heffingen, dus bezuinigingen hierop gaat niet helpen. Maar, er zit geen stijgende lijn in de lasten vanaf 2028, hoe komt dit? Het wordt niet ineens goedkoper toch? En is de aanpak van de wateroverlast van Patmos hierin meegenomen? blz 72: - Waar gaat exact de €8,7 miljoen aan lasten naartoe? Zijn dat loonkosten, subsidies, huur, uitvoeringskosten? - Wat levert dit op? Zijn er meetbare verbeteringen in leefbaarheid of duurzaamheid? blz 74: in de toelichting staat dat tussen 2030 en 2035 er geen mobiliteitsprojecten meer mogelijk zijn omdat de reserve mobiliteit dan ontoereikend is. Dat kan flink gaan botsen met de voorziene stedelijke ontwikkeling en bijvoorbeeld de SHE. Hoe houden we daar rekening mee?

13

Onze ambitie is om 1.000 woningen per jaar realiseren. Dit halen we (nog) niet door allerlei oorzaken. Door weer meer actieve grondpolitiek te gaan voeren gaan we proberen een versnelling te realiseren. Meer zelf doen is echter ook meer risico nemen. Concreet vertaald naar de initiatieven en projecten: bij initiatieven van derden gebeurt er niet zo veel. Immers de kosten van de gemeente worden verhaald op de initiatiefnemer en als deze vertraagt zal de gemeente ook haar activiteiten afschalen (en daarmee de kosten). Bij gemeentelijke grondexploitaties heeft het wel gevolgen omdat de kosten voor de baten uitgaan en opbrengsten langer op zich laten wachten en de (rente)kosten doorlopen (ook als we inzet beperken). Dit hoeft niet erg te zijn als we maar voldoende waarborgen hebben ingebouwd zodat we deze risico’s ook financieel kunnen dragen. We openen geen nieuwe grondexploitaties als deze niet zijn afgedekt binnen de investeringsagenda (of ten minste kostenneutraal zijn) en/of kunnen worden afgedekt binnen het weerstandsvermogen van het grondbedrijf. De daling die in 2029 ontstaat komt doordat we elk jaar alleen voor 4 jaar vooruit het kostendekkingsplan in ons systeem verwerken. Het 5e jaar (2029) is dan in ons financieel systeem een standaard omzetting voor de structurele onderdelen van 2028.

De effecten van de extra maatregelen voor Pathmos en Stadsveld wordt in 2025 bij de financiële actualisatie van het Water en Klimaatadaptatieplan meegenomen.

Totale budget stedelijke vernieuwing bestaat uit diverse kosten (zie diagram producten boek) Vraag is te ruim om aan te geven wat dit oplevert totaal

Vanuit mobiliteit zijn we in beeld aan het brengen wat er moet gebeuren om het netwerk op orde te houden voor de groei van de stad. Daarvoor werken we samen met Hengelo en onderzoeken we wat er nodig is om gezamenlijk 100.000 inwoners te kunnen groeien. Daar komen scenario’s (die bestaan uit verschillende maatregelen) uit die we op kosten gaan zetten. Daarmee geven we het bestuur een richting mee. Vervolgens gaat dit vragen om extra investeringen. Daarvoor kijken we naar het toevoegen van projecten aan de investeringsagenda en mogelijkheden om extra middelen in het mobiliteitsfonds te stoppen.

3 DWL 8 W

Regionale samenwerking

PvdA

3 F&O 9

PvdA

4 F&O 0

PvdA

4 F&O 1

Interne dienstverlening

PvdA

blz 93: ik zie een groot bedrag bij Regio Twente 2, van 677.000 elk jaar aan knelpunt. Dat hebben wij de afgelopen jaren er dus al bij gedaan. Ik heb geen idee wat dit is maar vind het wel een groot bedrag. Misschien kan dit minder? Kapitaallasten: houden we jaarlijks geld over en is dit eigenlijk dus structureel geld bij investeringen in onderhoud (wegen, groen, riolen)? Kan incidentele onder uitputting worden omgezet in structurele ruimte? Risicoparagraaf: hoe groot is het geheel aan ‘kleine’ risico’s? Die zijn voor ons namelijk lastig inzichtelijk te maken. Wat kunnen we daar realistisch aan doen? ICT-uitgaven: wat geven we hieraan uit per inwoner? Benchmark is €109 per inwoner bij vergelijkbare gemeenten

14

Dit punt loopt mee in de kaderbrieven van de verbonden partijen.

Van incidentele voordelen structurele dekking maken past niet in de BBV-richtlijnen.

alle klein risico's lopen mee in de Monte Carlo analsye en loopt dus mee in het totaal. De impact daarvan is beperkt. De tien genoemde risico's hebben de grootste impact.

Wij gaven in 2024 125,65 euro uit per inwoner. Dit bedrag ligt wat boven de benchmark omdat Enschede als centrumgemeente veel aanvullende rollen uitvoert, ook op IT-gebied. Dit leidt tot extra kosten. Daar staan ook inkomsten tegenover. Bovendien draagt een grotere schaal bij aan betere uitstraling op de arbeidsmarkt en meer innovatiekracht. Het IT Bedrijf heeft in de Zomernota 2024 en 2025 een stuk budget teruggegeven dat is vrijgevallen door een flinke verbetering van de controle op de bedrijfsvoering.

4 F&O 3

Interne dienstverlening

PvdA

Grote groei formatie, sinds 2022: hoe doelmatig is deze groei geweest? Welke functies zijn toegevoegd, en op basis van welke keuzes?

15

De groei van de organisatie (eigen personeel en inhuur) is in lijn met de groei van onze taken. De inzet van extra capaciteit was noodzakelijk om de impact van (nieuwe) wetgeving, digitalisering, complexe gebiedsontwikkeling en extra taken het hoofd te bieden. De groei van de stad met 2700 inwoners in de periode 2021-2024 heeft daarnaast ook invloed op onze dienstverlening en werkzaamheden. In 2021 en 2022 zijn in totaal 236 FTE toegevoegd: • Fysiek Domein: medewerkers voor onder meer handhaving, uitbreiding KCC en diverse projecten gericht op de ontwikkeling van de stad, waaronder woningbouw en verduurzaming (uitvoeren Klimaatdoelen / SPUK van het Rijk). En voor een belangrijk deel het herstel van de halvering van de fte’s tijdens de bezuinigingen in 2012 - 2013, toen woningbouw en investeringsprojecten zijn stilgelegd. • DFB (Dienstverlening, Financiën en Bedrijfsvoering): medewerkers voor met name het organiseren van de opvang van Oekraïners (na het uitbreken van de oorlog Rusland – Oekraïne begin 2022). Daarnaast inzet op voorbereiding en uitvoering nieuwe wetgeving binnen IT en de consequenties van wetgeving op het gebied van rechtmatigheid, communicatie en inkoop. • Sociaal Domein: medewerkers voor onder meer Onderwijsachterstanden beleid, opvang Oekraïners (aanvullend op DFB) en uitbreiding van taken bij Werk & Inkomen.

Daarnaast zijn bestaande medewerkers van het Cimot in dienst getreden bij Gemeente Enschede. In 2023 zijn 93 FTE toegevoegd. De nadruk ligt op het invullen van openstaande vacatures en het vervangen van langdurige inhuur. Daarnaast zijn 44 FTE ingezet voor extra taken zoals gebiedsontwikkeling, IT-wetgevingsprojecten en de toegenomen vraag in Jeugd en Wmo. In 2024 zijn 64 FTE toegevoegd. Voor een belangrijk deel voor vervanging van inhuur. Daarnaast zijn 23 FTE ingezet voor nieuwe taken als de Nationale Woon- en Bouwagenda, ondergrondse infrastructuur, de uitvoering van de strategienota’s “Onze jeugd onze zorg” en “Samen leven, samen zorgen” en privacy beheer. Bij het kijken naar de totale bezettingscijfers is het relevant dat Enschede een centrumgemeente is en we daarom ook taken uitvoeren voor gemeenten uit de omgeving. Ook voeren we werkzaamheden uit voor andere organisaties en is de DCW (sociale werkplaats/beschutte werkplaats) onderdeel van onze organisatie. Hiermee rekening houdend scoort Enschede ten opzichte van andere vergelijkbare gemeenten goed bij zowel de bezetting per 1000 inwoners als de kosten voor externe inhuur. Uiteraard blijven we in het kader van organisatieontwikkeling kijken naar hoe de taken op een efficiënte(re) wijze kunnen uitvoeren door bijvoorbeeld daar waar mogelijk werkprocessen anders/slimmer in te richten en de inzet van technologie.

Tabel behorende bij beantwoording nr 26 ‘versterken economische structuur

Omschrijving Bijdrage Twenteboard Bijdrage recreatieschap Bijdrage aan Novel-T Clusterversterking onbemande luchtvaart (Space53) Kennispark (projectmanagement) Kennispark (bijdrage aan de gebiedsorganisatie) Bijdrage Ondernemersfonds Subsidie Museumbuurtspoorweg Apparaatskosten - adviescapaciteit team ‘Economie’ - accountmanagement verbonden partijen Technology Base, Recreatieschap, Novel-T en GR Regionaal Bedrijven Terrein - inzet talentopgave / relatie met de kennisinstellingen - inzet t.b.v. de cockpit-taken - inzet vertrouwenspersoon ‘- bijdrage aan andere urgentie personeelsinzet binnen het cluster Strategie & Beleid Fysiek & Economie Ondersteuning innovatieclusters (MedTech, Chiptech, Connect-U) Extern onderzoek i.k.v. de economische opgave / bedrijventerreinen / ecosystemen Monitoringsonderzoeken Varia Tekort exploitatieresultaat Twente Airport, aandeel Enschede TOTAAL

16

Bedrag * € 1.000 1.676 1.094 311 77 121 179 153 51 1.266

822

99 5.849

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=enschede&id=41c60744-fd78-43ec-a690-43fe52e050e7