1_Energievisie_vastgestelde versie.pdf
Tekst van het document
79
Uitvoering
Beleidskeuzes
9
10 We rapporteren over de resultaten van de energietransitie via de jaarrekening en gemeentebegroting
9. We rapporteren over de resultaten van de energietransitie via de jaarrekening en gemeentebegroting Op 30 november 2020 besprak de Stedelijke commissie de Discussienota duurzaamheid. Die nota riep de gemeenteraad op zich uit te spreken over de manier waarop zij in de toekomst bij de uitvoering van het duurzaamheidsbeleid betrokken wenst te blijven. Verschillende fracties spraken daarbij de wens uit de voortgang bij het behalen van de duurzaamheidsdoelen niet alleen te willen volgen via de jaarrekening en de gemeentebegroting, maar daarover ook eens per jaar het gesprek te willen voeren in de stedelijke commissie. Hoe we in die behoefte gaan voorzien, werken we nog verder uit. Omdat we voor het bereiken van resultaten van ons beleid veelal afhankelijk zijn van derden (inwoners, bedrijven en instellingen), ligt het voor de hand dat in onze rapportages het accent ligt op de mate waarin de geleverde inspanningen corresponderen met de in deze visie aangekondigde beleidsmaatregelen.
80
We evalueren periodiek het in deze nota opgenomen beleid
10. We evalueren periodiek het in deze nota opgenomen beleid We evalueren niet alleen datgene wat we hebben gedaan, maar ook datgene wat we ermee hebben bereikt. Op basis daarvan stellen we vast of er aanvullende of andere maatregelen nodig zijn. Ook maatschappelijke en technologische ontwikkelingen kunnen aanleiding geven tot een bijstelling van de uitgezette koers. Bij de evaluatie van ons beleid kunnen we aansluiten bij de periodieke bijstelling van de regionale energiestrategie Twente (tweejaarlijkse cyclus) of de Klimaatplannen van het Rijk (vijfjarige cyclus).
Uitvoering
1 Zoeken naar additionele middelen en lobbyen voor aanvullende instrumenten
Pijler Pijler 8.1 Zoeken naar additionele middelen en lobbyen voor aanvullende instrumenten Wat is de opgave? Bij de uitvoering van deze nota zijn er voor ons faciliterende, regisserende en uitvoerende taken weggelegd. In de gemeentebegroting zijn daarvoor beperkt middelen opgenomen en dan ook nog slechts tot 2023. Voor de uitvoering van de voorgestelde maatregelen moeten we daarom middelen van buiten aantrekken. We moeten als gemeente bovendien de juiste bevoegdheden krijgen om onze regierol in de gebouwde omgeving ook daadwerkelijk te kunnen uitvoeren.
Hoe komen we daar?
We volgen nauwgezet de mogelijkheden die provincie, Rijk en EU bieden voor het aanvragen van subsidies en kredieten. We stellen waar dit mogelijk en noodzakelijk is cofinanciering beschikbaar.
Wat gaan we doen? • We gaan het Bureau subsidies gericht inzetten. • We maken gebruik van subsidieregelingen die om cofinanciering vragen, voor zover de bestaande financiële kaders dit mogelijk maken. • Voor de lobby richting het Rijk trekken we samen op met de G40 en het VNG.
We lobbyen in Den Haag voor meer middelen en aanvullende bevoegdheden.
81
Doorkijkje richting 2050 Klimaatneutraliteit bereiken we alleen door samen te werken met anderen, als onderdeel van een groter geheel. Deze Energievisie geeft ons handvaten tot 2030. Maar het grootste deel van onze woonwijken, bedrijventerreinen en wagenpark moet dan nog worden verduurzaamd.
82
Doorkijkje richting 2050 Enschede wil in 2050 klimaatneutraal zijn. Hoe we dat precies gaan doen, is nog niet helemaal uitgekristalliseerd. Toch is het belangrijk om wel een indicatie te hebben van wat ons na 2030 nog aan maatregelen te wachten staat. Zo willen we voorkomen dat we nu maatregelen nemen, die zich op een later moment tegen ons gaan keren. Ook willen we met ons beleid tot 2030 voorsorteren op die stip op de horizon: een klimaatneutraal Enschede.
Europa wordt klimaatneutraal en Enschede levert daar een bijdrage aan Op 1 september 2019 trad de Klimaatwet in werking. Deze wet legt klimaatdoelstellingen vast. Nederland moet in 2050 95% minder CO2 uitstoten dan in 1990 het geval was. Bovendien streven we samen naar een volledige CO2-neutrale elektriciteitsproductie in 2050. Inmiddels ligt er ook een voorstel voor een Europese Klimaatwet op tafel. Dit voorstel gaat uit van klimaat neutraliteit in 2050.
De conclusie is onvermijdelijk: we worden klimaatneutraal. Het is echter onwaarschijnlijk dat Enschede die doelstelling op eigen kracht bereikt. Enschede kent een groot energieverbruik en beschikt over beperkte mogelijkheden om op een duurzame wijze in haar eigen energiebehoefte te voorzien, dan wel de uitstoot aan CO2 bij de verbranding van fossiele brandstoffen af te vangen en op slaan, of vast te leggen in bomen, struiken of gewassen. Klimaatneutraliteit kunnen we dus alleen bereiken door samen te werken met anderen, als onderdeel van een groter geheel.
83
Bouwstenen voor een klimaatneutrale samenleving De belangrijkste bouwstenen voor een klimaat neutrale samenleving bestaan uit een vermindering van de energievraag, inzet van biomassa, afvang en opslag van CO2 en elektriciteitsproductie zonder CO2-emissies (dus met: wind, zon en kernenergie) in combinatie met een hoger aandeel elektriciteit in het energiegebruik (elektrificatie). Hoe de energievoorziening er in 2050 er uitziet, is moeilijk te zeggen. In een studie uit 2017 noemt het Planbureau voor de Leefomgeving als robuuste (kosteneffectieve) beleidsopties: • Carbon Capture Storage (CCS), oftewel het afvangen en opslaan van koolstof, al dan niet in combinatie met biomassa, • energiebesparing, • de elektrificatie van de energievraag en • een grote inzet van windenergie, vooral op zee.8 Die toekomstige keuzes zullen echter, net als nu het geval is, niet alleen op basis van kosteneffectiviteit worden gemaakt, maar bijvoorbeeld ook ingegeven worden door overwegingen van ruimtelijke kwaliteit of maatschappelijke acceptatie. Zo stuit een groter gebruik van biomassa in de energiemix bijvoorbeeld op steeds meer weerstand.
Beelden voor de periode 2030-2050 Als we door onze oogharen naar het Klimaatakkoord kijken, dan geeft dat ook inzicht in de stappen die we na 2030 nog moeten zetten. Gebouwde omgeving In 2030 is de verduurzaming van de gebouwde omgeving op stoom gekomen, maar moeten we het
84
8
PBL (2017). Verkenning van klimaatdoelen. Den Haag: PBL
merendeel van de wijken nog aanpakken. Voor de gebouwde omgeving bestaat het meest waarschijn lijke scenario uit een intensivering of continuering van de hiervoor beschreven aanpak. Dat houdt in: het treffen van generieke maatregelen om energiebesparing te bevorderen, in combinatie met een gebieds gerichte aanpak, waarin we wijk na wijk gebouwen isoleren en de bestaande energie-infrastructuur verzwaren of aanpassen. Elektriciteit De vraag naar elektriciteit gaat in de periode 20212030 waarschijnlijk verder omhoog. In die behoefte kunnen we op verschillende manieren voorzien. Het is heel goed denkbaar dat het Rijk opnieuw een beroep op de regio’s doet om nieuwe locaties aan te dragen voor het opwekken van zonne- en windenergie. Mobiliteit Ook voor de sector mobiliteit ligt goeddeels een continuering van de huidige aanpak voor de hand. Dat betekent dat de koers ook na 2030 gericht is op het bevorderen van duurzame vormen van vervoer (lopen, fietsen, OV), op een beperking van het aantal (auto-)ritten en de beëindiging van de uitstoot van broeikasgassen door elektrificatie van voertuigen en de inzet van (groene) waterstof. Hierbij moeten we overigens wel de kanttekening maken dat in het Klimaatakkoord geen afspraken zijn vastgelegd over de vermindering van de CO2-uitstoot door de lucht- en (voor Enschede wat minder relevant) de zeevaart.
Luchtvaartbedrijven en kennisinstellingen hebben zich in het actieplan ‘Luchtvaart Nederland, Slim en duurzaam’ wel gecommitteerd aan het reduceren van de emissies in de (internationale) luchtvaart met 35% in 2030. Na 2030 zijn hier dus nog grote stappen te zetten.
Industrie en bedrijvigheid In 2030 hebben we een begin gemaakt met de gebiedsgerichte aanpak van onze werklocaties, maar voor het merendeel van de werklocaties moeten we dan nog een plan uitwerken voor de uitfasering van het gebruik van aardgas. Daarom voorzien we ook voor bedrijven een intensivering of voorzetting van het beleid. Daarbij investeert het bedrijfsleven in een duurzame toekomst en stimuleert en faciliteert de overheid dit gericht. Regelgeving van de Rijksoverheid zal daarbij belangrijk zijn, evenals onze rol als handhaver en als regisseur bij de warmtetransitie. Bedrijven die voor hun productieproces zijn aangewezen op hoge temperatuurwarmte, gaan de CO2 die vrijkomt bij de verbranding van fossiele brandstoffen afvangen en opslaan, of overstappen op groen gas of waterstof. Landbouw en grondgebruik In 2050 hebben we een balans bereikt tussen de onvermijdelijke uitstoot van broeikasgassen aan de ene kant en de vastlegging van broeikasgassen en productie van hernieuwbare energie én biomassa aan de andere kant. Ook dit vraagt om een voortzetting van het tot 2030 te voeren beleid.
ENERGIEVISIE
Colofon Uitgave van Gemeente Enschede I : www.enschede.nl T : 14 053 Tekst en samenstelling Gemeente Enschede Ontwerp en eindredactie Open Up communicatie i.s.m. Pepe Creatieve Communicatie Fotografie Beeldbank gemeente Enschede Geert Cox fotografie & design Shutterstock
Enschede, 21 december 2021
Overname van artikelen is alleen toegestaan mits de gemeente Enschede hier toestemming voor heeft gegeven. De gemeente Enschede is niet aansprakelijk voor fouten en/of omissies in dit document.
85
samen voor iedereen