CConstaterende datEnkhuizen
Koppel je AI →
Document · PDF

Subsidieregeling pilot dagbesteding Enkhuizen

gemeenteraad 27 september 2022, gemeente EnkhuizenBij agendapunt: Dagbesteding als algemene voorziening3.691 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Subsidieregeling Pilot dagbesteding als algemene voorziening Enkhuizen Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Enkhuizen, Gelet op de Algemene subsidieverordening Enkhuizen 2016, Besluit vast te stellen de volgende regeling, Subsidieregeling Pilot dagbesteding als algemene voorziening Enkhuizen

Hoofdstuk 1 Inhoud en doel pilot 1.1 Pilot indicatievrije ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding De gemeente Enkhuizen wil tussen augustus 2022 en eind 2023 ervaring op doen met een pilot waarbinnen ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding (Wmo) wordt aangeboden als algemene, beschikkingsvrije (indicatievrije) voorziening. Dit heeft consequenties voor de toegang, financiering en verantwoording: - Toegang: Dagbesteding in de vorm van een algemene voorziening is direct toegankelijk voor deelnemers, zonder indicatie van de gemeente. Inwoners kunnen zichzelf melden bij de aanbieders van deze vorm van dagbesteding en hebben toegang tot de dagbesteding indien zij: o Zelfstandig wonen in Enkhuizen, o Ondersteuning nodig hebben bij zinvolle en gestructureerde dagbesteding o Niet (eer) kunnen werken of deelnemen aan onderwijs vanwege beperkingen. - Financiering: Aan aanbieders van ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding die deelnemen aan de pilot wordt op basis van deze regeling een subsidie verleend die het huidige regionale contract voor ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding vervangt. - Verantwoording: Op basis van de lopende regionale contracten kunnen aanbieders declareren als een cliënt een indicatie heeft. Binnen de pilot ontvangen aanbieders een vast lumpsum subsidiebedrag (zie paragraaf 2.9).

de aanbieder legt verantwoording (financieel, kwantitatief en kwalitatief) af aan de subsidieverlener (gemeente) over de besteding van de subsidie. Door de gemeenten in West-Friesland zijn regionale contracten afgesloten met aanbieders van dagbesteding. Aan de pilot ‘dagbesteding als algemene voorziening Enkhuizen’ kunnen alleen aanbieders deelnemen die een lopend regionaal contract hebben voor dagbesteding en ontwikkelings- en/of belevingsgerichte dagbesteding aanbieden in Enkhuizen. De ervaringen met de pilot betrekken we bij het (mogelijk) afsluiten van nieuwe contracten na 2023. 1.2 Doel en evaluatie pilot Met de omzetting van ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding naar een beschikkingsvrije voorziening beogen we: - Vermindering van bureaucratie door te stoppen met indicatiestelling, waardoor cliënten minder intakes hebben - Minder onrust en onzekerheid bij cliënten over de toekenning of verlenging van indicaties. - Meer flexibiliteit in de uitvoering van dagbesteding, omdat bij aanpassing van de behoefte aan dagbesteding de indicatie niet gewijzigd hoeft te worden. Deze doelen betrekken we bij de evaluatie van de pilot, om te bezien of de verwachtingen ten aanzien van indicatievrije dagbesteding uitkomen.

Om te bepalen of de pilot een succes is, wordt in het voorjaar van 2023 (met het oog op contractering vanaf 2024) een tussenevaluatie uitgevoerd om antwoord te krijgen op de volgende vragen:

-

Wat heeft indicatievrije dagbesteding opgeleverd voor deelnemers: wat is het ervaren verschil met deelname aan dagbesteding op basis van een indicatie; Zijn de bureaucratie en dubbele intakes verminderd; Is de flexibiliteit van de uitvoering van dagbesteding toegenomen; Zorgen aanbieders voor een warme overdracht naar een passende alternatieve plek als blijkt dat dagbesteding bij de betreffende aanbieder niet passend is; Hoe heeft de diversiteit in het aanbod voor dagbesteding zich ontwikkeld (meer/minder variatie in type activiteiten); Wat zijn de financiële consequenties?

Deze evaluatie wordt door de gemeente uitgevoerd bij deelnemers en aanbieders. Ter beantwoording van bovenstaande vragen stellen de gemeenten in overleg met de deelnemende aanbieders een onderzoeksopzet op. Van aanbieders wordt gevraagd medewerking te verlenen aan de evaluatie. Hiervoor levert de aanbieder in ieder geval de volgende gegevens aan de gemeenten: - naam deelnemer - contactgegevens deelnemer De gegevens worden aangeleverd via een beveiligde verbinding, zoals veilig mailen of het berichtenverkeer. Over de frequentie van aanleveren wordt nog een afspraak gemaakt. We gaan uit van minimaal 2 x en maximaal 4 x in de pilot periode. 1.3 Innovatie In de toekomst willen we stimuleren dat ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding zoveel mogelijk wordt geïntegreerd in of gecombineerd met inloop en ontmoeting, welzijnsactiviteiten en -voorzieningen en culturele activiteiten en voorzieningen. Gedurende de pilot wordt door deelnemende aanbieders een innovatieplan opgesteld, waarin dit toekomstbeeld geschetst wordt. Het innovatieplan is (in ieder geval) gericht op inclusie en kostenbesparing elders.

Hoofdstuk 2 Inhoudelijk en financieel kader 2.1 Missie en visie Een belangrijke opgave is het verbeteren van de ondersteuning en hulp aan kwetsbare inwoners. Dat kan efficiënter, beter en soms ook goedkoper. Daarbij willen we ook de samenwerking tussen gemeente, zorgpartijen en inwoners verbeteren. De leidende principes die de gemeente Enkhuizen hanteert voor het sociaal domein zijn: - Samen leven: er zijn voldoende voorzieningen en gelegenheden die ontmoeting en onderlinge verbinding stimuleren en versterken. Er is sprake van een levendige gemeente met inwoners die (naar eigen vermogen) meedoen. - Regie op eigen leven: Ondersteuning is zoveel mogelijk gericht op het bieden van (preventieve) tijdelijke hulp en handvatten, zodat er geen leunrelatie ontstaat en problemen waar mogelijk worden voorkomen. Het hebben van regie kan alleen als een persoon veerkrachtig, weerbaar en creatief is en ook zicht heeft op perspectief. - Kansen voor iedereen: onze inwoners kunnen meedoen aan de samenleving. De focus ligt daarbij altijd op iemands sterke kanten. Kwaliteiten, talenten en interesses worden benut en ontwikkeld. Daarnaast streven we ernaar dat iedereen een gepaste en zinvolle dag invulling heeft.

2.2 Doel dagbesteding De doelen van ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding zijn gericht op: - Een zinvolle invulling van de dag - Voorkomen van vereenzaming - Overnemen van toezicht en het bieden van ritme en regelmaat o Structuur bieden o Dagritme verkrijgen - Zelfstandigheid vergroten

2

-

Ontlasting van mantelzorgers

2.3 Doelgroep Indicatievrije dagbesteding die op basis van deze regeling wordt geboden, is bedoeld voor mensen die zelfstandig wonen in Enkhuizen, die ondersteuning nodig hebben bij zinvolle en gestructureerde dagbesteding en niet (meer) kunnen werken of deelnemen aan onderwijs vanwege beperkingen. Inwoners die een Wlz- of beschermd wonen Wmo-indicatie hebben of hiervoor in aanmerking komen behoren niet tot de doelgroep. De belangrijkste doelgroepen van ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding zijn volwassenen: - met psychosociale of psychische problematiek - met een licht verstandelijke beperking - met psychogeriatrische problematiek - met een lichamelijke beperking - met Niet-aangeboren hersenletsel De huidig ingekochte ondersteuning worden bekostigd binnen arrangementen. Wanneer iemand een indicatie voor dagbesteding heeft en in het arrangement geen andere maatwerkvoorziening heeft of alleen hulp bij het huishouden, dan kan deze persoon deelnemen aan de algemene voorziening dagbesteding. Alle andere combinaties binnen een arrangement sluiten deelname aan de pilot uit. 2.4 Aanbod De aanbieder zorgt voor een passend en gevarieerd aanbod dat recht doet aan de (culturele en seksuele) diversiteit en behoeften binnen de genoemde doelgroep.

Er wordt zo min mogelijk onderscheid gemaakt tussen (sub)doelgroepen, zonder de aandacht voor de specifieke behoeften van deelnemers/bezoekers uit het oog te verliezen. De aanbieder waarborgt toegankelijkheid, bereikbaarheid en effectiviteit van de zorg voor inwoners ongeacht hun achtergrond (cultuur, gender, geloof, etniciteit, seksuele oriëntatie, etc.), ook als dat een aanpassingen vereist van de werkwijze. De aanbieder heeft een visie op diversiteit en cultuursensitief werken en deze is vastgelegd in beleid en personeelsbeleid. Dit beleid zorgt voor cultuurbewustzijn en cultuursensitief werken (de eigen normen en waarden gelden niet voor iedereen) door medewerkers. De subsidieontvanger heeft een acceptatieplicht als de dagbesteding passend is, tenzij er zwaarwegende redenen bestaan, verband houdend met de omstandigheden (beperkingen/ondersteuningsbehoefte) van de deelnemer, waardoor de subsidieontvanger aantoonbaar niet de juiste ondersteuning kan bieden. Als de dagbesteding niet passend is, zorgt de aanbieder via warme overdracht voor een passend alternatief. Warme overdracht houdt in dat de aanbieder meedenkt welke dagbesteding passend kan zijn voor de inwoner en ervoor zorgdraagt dat de inwoner en de alternatieve aanbieder met elkaar in contact worden gebracht.

Als dit complex is en/of er niet direct een ander passend aanbod gevonden wordt, kan het Wmo-loket van de gemeente worden ingeschakeld. De aanbieder is naar potentiële deelnemers open over eventuele wachttijden voor een bepaalde locatie. Zij bespreekt met de potentiële deelnemers of ze willen wachten of verwijst hen door naar een andere aanbieder van ontwikkelings- en belevingsgerichte dagbesteding (waar mogelijk indicatievrij). Als er sprake is van wachttijden dan brengt de aanbieder de gemeente op de hoogte. Er wordt zoveel mogelijk continuïteit geboden bij de inzet van professionals op de groepen. Dit houdt in dat personeelswisselingen zo beperkt mogelijk worden gehouden. 2.5 Toegankelijkheid De aanbieder beoordeelt in overleg met de inwoner of deelname aan de indicatievrije dagbesteding passend is zonder een uitgebreid intake- en besluitvormingstraject. Aanbieders hanteren hiervoor de Handreiking ‘lichte toets pilot dagbesteding als algemene voorziening Enkhuizen’. Dit is een afwegingskader, dat is gebaseerd op de criteria uit deze subsidieregeling ten aanzien van de doelgroep (paragraaf 2.3) en de kenmerken van de doelgroepen die beschreven staan in de ondersteuningsprofielen van de Wmo zorgarrangementen, zoals passende groepsgrootte. Ook is er afstemming met andere voorzieningen en integrale ondersteuning. 2.6 Afstemming met andere voorzieningen 3

-

-

Een inwoner wordt niet toegelaten tot de dagbesteding als hij of zij in staat is om zelfstandig te voorzien in passende daginvulling via werk, vrijwilligerswerk te doen en/of deelname aan 0e-lijnsvoorzieningen (welzijn, cultuur, sport, etc.). Als een inwoner gebaat is bij begeleiding dan verwijst de subsidieontvanger door naar het Wmo-loket van de gemeente. Als een inwoner beter gebaat is bij (dag)behandeling dan verwijst de subsidieontvanger door naar de Zvw of Wlz. Bij een (verdere) achteruitgang van de deelnemer wordt, indien noodzakelijk, tijdig een Wlz-indicatie (ten behoeve van 24 uurszorg en/of Wlz-behandeling) aangevraagd bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) door de deelnemer zelf of diens vertegenwoordiger. Bij twijfel wordt contact gezocht met het Wmoloket van de gemeente.

2.7 Integrale ondersteuning - Voor iedere deelnemer wordt de ondersteuningsbehoefte geïnventariseerd en gemonitord gedurende de periode dat hij deelneemt aan de dagbesteding. Wijzigingen in deze behoefte worden vastgelegd per deelnemer. Het is aan de zorgaanbieders hoe zij een dergelijk ondersteuningsplan /dossier/volgsysteem inrichten, maar ondersteuningsplannen bevatten minimaal persoonlijke doelen, aan welke vorm(en) van dagbesteding de inwoner deelneemt (inclusief de frequentie) en hoe de doelen worden gemonitord. Uitgangspunt hierbij is praten met de deelnemer en niet over of voor de deelnemer. De aanbieder betrekt de deelnemer bij beslissingen en behandelt de deelnemer als een gelijkwaardige gesprekspartner. - Er is oog voor de (overbelaste) mantelzorger en de thuissituatie van de deelnemer. Dit kan een reden zijn voor meer of minder dagbesteding. Signalen over (overbelaste) mantelzorg en/of de thuissituatie worden bespreekbaar gemaakt met de deelnemer. Bij signalen die om actie vragen, neemt de aanbieder met toestemming van de inwoner contact op de mantelzorger of met het Wmo-loket van de gemeente.

- Als een inwoner deelneemt aan dagbesteding, heeft de aanbieder bij meervoudige problematiek een signalerende functie en de verantwoordelijkheid om signalen bespreekbaar te maken en (met toestemming van de deelnemer) contact op te nemen met de mantelzorger of het Wmo-loket van de gemeente. 2.8 Vervoer De subsidieontvanger is verantwoordelijk voor (de organisatie van) het vervoer van deelnemers die niet zelf in vervoer kunnen voorzien (zie paragraaf 2.9). 2.9 Financieel kader De subsidie bestaat uit een totaalbedrag waar zowel de dagbesteding als het eventuele vervoer van en naar de dagbesteding uit bekostigd moeten worden. De hoogte van de subsidie wordt bepaald op basis van het aantal gedeclareerde cliënten (inclusief declaraties namens onderaannemers1) 2021 x het tarief 2021 en het aantal gedeclareerde cliënten voor vervoer x tarief 2021. 2.10 Overgang en deelnemersbijdrage - Cliënten met een nog geldige indicatie voor dagbesteding, binnen een arrangement zonder andere geïndiceerde maatwerkvoorziening behalve hulp bij het huishouden, worden per 1 juli 2022 omgezet naar een beschikkingsvrije/algemene voorziening met behoud van continuïteit van zorg. Voor hulp bij het huishouden moet arrangement 4a worden afgegeven. - Pgb-houders bij deelnemende aanbieders vallen buiten de pilot. - Er geldt geen deelnemersbijdrage of eigen bijdrage via het CAK.

Hoofdstuk 3 Kwaliteitseisen 3.1 Personeel en vrijwilligers - De subsidieontvanger zet professionals in die over de juiste expertise beschikken en vakbekwaam zijn in de werkzaamheden die zij moeten uitvoeren. Er wordt begeleiding geboden door minimaal één professional per 1 Behalve als een onderaannemer zelf een subsidiecontract voor indicatievrije dagbesteding krijgt; in dat geval worden de

declaraties van deze onderaannemer opgenomen in de ‘eigen’ subsidieaanvraag. 4

-

dagdeel per 10 deelnemers met een relevante opleiding op minimaal middelbaar beroepsonderwijs (mbo) niveau 3. Voor het opstellen van het ondersteuningsplan/dossier/volgsysteem en het realiseren en monitoren van de resultaten die in dit plan opgenomen zijn, dient een professional ingezet te worden met een mbo-opleiding op niveau 4. Aanvullend daarop kunnen afhankelijk van de grootte van de groep stagiaires en/of vrijwilligers ingezet bij de uitvoering van activiteiten. De subsidieontvanger belast vrijwilliger alleen met taken die passen bij vrijwilligerswerk en niet afdoen aan de kwaliteit van de te bieden ondersteuning. De subsidieontvanger beschikt over een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) van personen die beroepsmatig in contact komen met cliënten. De VOG mag niet ouder zijn dan drie maanden bij aanvang van de werkzaamheden. De subsidieontvanger verlangt van haar werknemers een nieuwe VOG op het moment dat redelijkerwijs het vermoeden bestaat dat daar aanleiding toe is. Voor vrijwilligers en stagiaires beschikt de subsidieontvanger over een VOG indien hij/zij langer dan 3 maanden actief is bij de organisatie.

3.2 Medezeggenschap, cliëntparticipatie, klachtenregeling en rechtspositie - Er is een medezeggingsregeling voor cliënten. Cliënten hebben een stem in de programmering van hun dagbesteding. Daarnaast zijn cliënten betrokken bij het opstellen en evalueren van het kwaliteitsbeleid ten aanzien van de zorg- en dienstverlening. - De subsidieontvanger hanteert een klachtenregeling conform Wmo die voorziet in bemiddeling bij en afhandeling van klachten van cliënten, mantelzorgers of andere directbetrokkenen van de deelnemer. Subsidieontvanger geeft de gemeente inzicht in de actuele regeling. Per jaar geeft de subsidieontvanger terugkoppeling over het aantal klachten, de aard van de klachten, of de klachten gegrond of ongegrond zijn, en welke vervolgacties zijn ondernomen. - Deelnemers hebben toegang tot een cliëntvertrouwenspersoon. - We willen de Participatieraad Enkhuizen betrekken bij de monitoring en evaluatie van de pilot. 3.3 Kwaliteitssysteem Subsidieontvanger moet de kwaliteit van de geboden ondersteuning systematisch bewaken, beheersen en verbeteren. Opdrachtnemer moet daarnaast gegevens over de kwaliteit van ondersteuning systematisch verzamelen en registreren. 3.4 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling De subsidieontvanger voldoet aan de Wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling.

Hiertoe moet zij in ieder geval een meldcode hanteren en het gebruik en de kennis van de meldcode onder degenen die voor hem werkzaam zijn bevorderen. 3.5 Privacy De subsidieontvanger is voor de uitvoering van deze subsidieregeling zelfstandig Verwerkingsverantwoordelijke zoals bedoeld in de Algemene Verordening Gegevensbescherming. En houdt zich aan de hierbij behorende regels uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming. 3.6 Wmo-toezicht De kwaliteit van de dagbesteding kan onderzocht worden door de gemeente zelf dan wel in opdracht van de gemeente door het Wmo-Toezicht. Calamiteiten dienen te worden gemeld bij het Wmo-toezicht, zie: https://zorginregiowestfriesland.nl/meldpunt-wmo. Het Wmo-toezicht is er ook voor vragen en signalen. 3.7 Beëindigen van subsidierelatie Als de gemeente constateert dat de subsidieontvanger niet voldoet aan de gestelde eisen of anderszins in gebreke blijft krijgt de subsidieontvanger drie maanden om weer te voldoen aan de kwaliteitseisen. Constateert de gemeente dat de subsidieontvanger nog steeds in gebreke blijft dan wordt de subsidierelatie beëindigd.

5

Hoofdstuk 4 Aanvraag en verantwoording 4.1 Indiening en besluit aanvraag - De aanbieders die deelnemen aan de pilot dienen conform de bijlage uiterlijk 1 augustus 2022 een subsidieaanvraag in inclusief begroting, voor de periode augustus 2022 tot en met 31 december 2023, op basis van de in dit document beschreven kaders en kwaliteitseisen. - De subsidie bestaat uit een totaalbedrag per gemeente waar zowel de dagbesteding als het vervoer voor de cliënten als eventuele overige kosten uit bekostigd moeten worden. - Na een besluit van het college van B&W van gemeente Enkhuizen ontvangt de aanbieder een subsidiebeschikking voor de periode van 1 augustus 2022 tot en met 31 december 2023. - De Algemene subsidieverordening Enkhuizen 2016 en de Algemene wet bestuursrecht zijn van toepassing op de subsidieverlening. 4.2 Verantwoording Tijdens de subsidieperiode is er een aantal momenten waarop de subsidieontvanger zich moet verantwoorden. In onderstaand overzicht staat wat de subsidieontvanger wanneer moet aanleveren. Insturen vóór: Maart 2023 Mei 2024

Wat insturen? Halfjaar rapportage en inhoudelijk verslag over augustus-december 2022 Financieel verslag over de totale pilotperiode

4.3 Inhoudelijk verslag Het inhoudelijk verslag over 2022 dient uiterlijk 1 maart van het volgend jaar ingediend te zijn. Het eerste inhoudelijk verslag wordt betrokken bij de tussentijdse evaluatie van de pilot. - Aantal locaties, beschikbare plekken (capaciteit), openstelling (aantal dagdelen open) en aantal deelnemers/bezetting (per locatie, per kwartaal en in totaal); - Ondersteuningsbehoefte – (belangrijkste type beperking (psychisch, verstandelijk, psychogeriatrisch, NAH of lichamelijk) - In- en uitstroomcijfers + reden uitstroom; - Een korte beschrijving van de belangrijkste ontwikkelingen per locatie (o.a. type activiteiten); - Wijze waarop de kwaliteit van de dienstverlening is geborgd; - Samenwerking en afstemming, met name met: loket, andere zorgaanbieders, ziekenhuizen, vrijwilligersorganisaties en welzijns- en culturele organisaties; - Clientervaring (tevredenheid); - Terugkoppeling eventuele klachten. 4.4 Financiële verantwoording Voor 1 mei 2024 moet u de financiële verantwoording over de subsidieperiode augustus 2022 - december 2023 insturen. Aan de hand van deze verantwoording wordt het definitieve subsidiebedrag vastgesteld. De volgende stukken moeten door het bestuur worden ondertekend en ingediend: - Een verslag van de gerealiseerde activiteiten met daarin een beschrijving van de werkwijze en het resultaat – niet uitgesplitst per gemeente m.u.v.

het aantal deelnemers; - Een financieel overzicht waaruit blijkt hoe de subsidie is besteed; - Een jaarrekening over de subsidieperiode met daarin minimaal een staat van baten en lasten, een balans en een toelichting. Voor exploitatieoverschotten en -tekorten, die verband houden met het gemeentelijk subsidiedeel, geldt dat deze voor rekening komen van de aanbieder. 4.5 Overleg - De subsidieontvanger treedt in overleg met de gemeente als zij op een andere of extra locatie of met een andere onderaannemer dagbesteding wil geven dan is afgesproken bij aanvang van de subsidie. - Er vindt elk kwartaal overleg plaats tussen de gemeente en de subsidieontvangers over ontwikkelingen, voortgang. - De subsidieontvanger treedt in overleg met de gemeente als er zich wijzigingen voordoen die van invloed zijn op de gesubsidieerde dagbesteding. - De subsidieontvanger treedt na maximaal 1 maand in overleg met de gemeente indien het aantal deelnemers tot 75% van de opgegeven bezetting daalt.

6

4.6 Meldingsplicht Op het moment dat duidelijk is dat u niet of niet geheel aan de subsidieverplichtingen kunt voldoen moet u dat schriftelijk melden bij: College van Burgemeester en wethouders Gemeente Enkhuizen Postbus 11 1600 AA Enkhuizen Ondertekening Partijen ondertekenen dit document en voegen dit bij hun subsidieaanvraag. Subsidieaanvrager gaat onvoorwaardelijk akkoord met de voorwaarden in de subsidieregeling Organisatie: Naam: Datum: Handtekening: 4.7 Inwerkingtreding en citeertitel Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 augustus 2022, heeft een tijdelijk karakter en is van kracht tot en met 31 december 2023, onder voorbehoud van het besluit van de raad over het doen plaatsvinden van de pilot en de subsidieregeling. Deze beleidsregels worden aangehaald als: ”Subsidieregeling Pilot dagbesteding als algemene voorziening Enkhuizen“. Aldus vastgesteld in de collegevergadering van: 5 juli 2022. de gemeentesecretaris A. Hellingman de burgemeester E.A. van Zuijlen

7

Bijlage Subsidieaanvraag Aanbieders die deelnemen aan de pilot indicatievrije dagbesteding dienen voor 1 augustus 2022 een subsidieaanvraag in, waarin onderstaande onderdelen zijn opgenomen. Wij vragen u in de aanvraag een toelichting te geven op de wijze waarop u een bijdrage levert aan de hieronder benoemde voorwaarden. Voeg voor onderdeel A en B een beschrijving van maximaal 1 A4 toe en voor onderdeel C en D maximaal 2 ’A4 per onderdeel: in totaal maximaal 6 A4. A Contactgegevens

Locaties Activiteitenaanbod Aantal plekken

B

C Cliëntregie

Cliëntpositie

Ondersteuningsplan

Activering

Integrale ondersteuning Diversiteit Personeel

Informatie over het aanbod Naw gegevens van de subsidieaanvrager, inclusief de naam van de gevolmachtigde binnen de organisatie, die de aanvraag doet. Beschrijving locaties waarvoor subsidie wordt aangevraagd Beschrijving van het activiteitenaanbod en beschikbaarheid (openstelling) van de dagbesteding Groepsgrootte van de locaties / minimale en maximale bandbreedte van het aantal deelnemers per groep. Toelichting van specifieke kenmerken. Begroting Bedrag waarvoor subsidie wordt aangevraagd

Cliënt en kwaliteit De regie op de ondersteuning ligt bij de deelnemer, al dan niet samen met familieleden, buren of vrienden uit het eigen netwerk. De subsidieontvanger sluit aan bij de regiemogelijkheden die de deelnemers of zijn sociaal netwerk hebben. Medezeggenschap, cliëntvertrouwenspersoon en klachtenregeling

In het ondersteuningsplan staat hoe wordt gewerkt aan de persoonlijke doelen van de deelnemer, aan welke vorm(en) van dagbesteding de inwoner deelneemt inclusief de frequentie en hoe de doelen worden gemonitord. Het is aan de subsidieontvangers hoe zij een dergelijk ondersteuningsplan / dossier / volgsysteem inricht. Een aantal deelnemers komt minder naar de dagbesteding dan gewenst is en mogelijk is op basis van de indicatie (lage verzilvering). De subsidieontvanger dient te komen tot een goede samenwerking en een goede afstemming met het sociale netwerk van de cliënt en andere professionals. Visie en beleid op inclusie en cultuur- en LHBTQI sensitief werken door medewerkers. De subsidieontvanger zet professionals in die over de juiste expertise beschikken en vakbekwaam zijn in de werkzaamheden die zij moeten uitvoeren. Voor het

Geef een beschrijving

Geef een beschrijving Geef een beschrijving Geef het aantal beschikbare plekken en het aantal beoogde deelnemers aan.

Voeg een begroting bij voor de organisatie en bemensing van de dagbesteding, huisvesting en vervoer

Geef een beschrijving

Beschrijf hoe de medezeggenschap en toegang tot een cliëntvertrouwenspersoon is georganiseerd en welke klachtenregeling u hanteert. Geef beschrijving hoe u de persoonlijke doelen in beeld brengt en hoe u daaraan invulling geeft.

Geef een beschrijving van de wijze waarop u deelnemers stimuleert om naar de dagbesteding te komen. Geef een beschrijving over hoe u dat gaat doen. Geef een beschrijving Geef aan hoeveel (fte) professionele medewerkers u

8

Vrijwilligersbeleid

Deelnemersbijdrage

opstellen van het ondersteuningsplan / dossier / volgsysteem en het realiseren en monitoren van de resultaten die in dit plan opgenomen zijn, wordt een professional ingezet met een mbo opleiding op niveau 4. Er wordt op de groep begeleiding geboden door een professional met een relevante opleiding op minimaal niveau 3. Er is minimaal één professional per dagdeel aanwezig per 10 deelnemers (let op de bandbreedte). Aanvullend daarop worden afhankelijk van de grootte van de groep stagiaires en/of vrijwilligers in gezet bij de uitvoering van activiteiten. De subsidieontvanger draagt zorg voor een actueel vrijwilligersbeleid. De subsidieontvanger is vrij om zelf te bepalen of zij een deelnemersbijdrage per dagdeel / per week, vraagt aan de deelnemer voor bijvoorbeeld een maaltijd of vervoer.

inzet en welke opleiding deze medewerkers hebben.

Geef een beschrijving van het vrijwilligersbeleid.

Geef aan of en waarvoor een deelnemersbijdrage wordt gevraagd en hoe hoog de deelnemersbijdrage is.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11839888/1