Memo Parkeren Enkhuizen Anthea
Tekst van het document
Memo memonummer datum aan van kopie project projectnr. betreft
1 26 oktober 2021 Jacco Eenkoren gemeente Enkhuizen Job Drenth Antea Group Nico Veenstra Antea Group Ger Lindeman BügelHajema Parkeerregeling Enkhuizen 0xxxxxx.100 Toets parkeerbezetting/uitgiftepercentage vergunningen
In het kader van de parkeerproblematiek in het centrum van Enkhuzien is een globale analyse uitgevoerd van het maximaal uit te geven aantal vergunningen (voor bewoners). Bewoners zijn met in totaal ca. 2.800 vergunningen de grootste groep gebruikers van de vergunninghouderplaatsen, waarbij eventuele maatregelen voor deze groep de meeste impact hebben. Nader beschouwd is wat een redelijke grens voor het ‘bevriezen’ van het (maximaal) aantal uit te geven bewonersvergunningen is. Parkeercapaciteit Het aantal parkeerplaatsen in het centrum van Enkhuizen betreft 5.421, waarvan 500 vrije parkeerplaatsen, 950 parkeerplaatsen in een blauwe zone en in de vergunninghoudergebieden 2.250 parkeerplaatsen. De overige 1.750 parkeerplaatsen liggen op eigen terrein (bij woningen en bedrijven). De 500 vrije parkeerplaatsen en 950 parkeerplaatsen in de blauwe zone zijn met name bedoeld voor bezoekers en vormen tevens een overloop voor vergunninghouders. Uitgegeven vergunningen Voor de 2.250 vergunninghouderplaatsen zijn momenteel afgerond 3.500 vergunningen uitgegeven. Deels gaat het daarbij om vergunningen aan bewoners en bedrijven (bijna 3.000 / 84%) en deels om ‘functionele’ vergunningen (500 / 15%). Daarnaast is sprake van een beperkt aantal tijdelijke vergunningen (30 / 1%). Tabel: Aantal actieve vergunningen 2021 (bron P1) Type vergunning
Aantal
1e bewonersfunctie 2e bewonersvergunning
abs. 2187 590
Bedrijfsparkeervergunning
190
Dienstenparkeervergunning Mantelzorgparkeervergunning Zorgverlenersparkeervergunning
195 16 297
Tijdelijke parkeervergunning
29
proc. 62% 17% 2777
79% 5%
190
5% 6% 0% 8%
508
14% 1%
29 Totaal
Blad 1 van 3
3504
1% 100%
Dat het aantal uitgegeven vergunningen het aantal vergunninghouderplaatsen overstijgt hoeft geen probleem te vormen. Deels gaat het daarbij om in de tijd verschillend gebruik. Bewoners zijn vaak overdag niet aanwezig, kennen de verschillende centrumfuncties een over de dag en dagen van de week variërende vraag en is de vraag van bedrijven ’s avonds en ’s nachts beperkt. Daarnaast bestaat de mogelijkheid uit te wijken naar de vrije parkeerplaatsen en parkeerplaatsen in de blauwe zone. Aan de andere kant geven deze cijfers wel aan dat de parkeerdruk, met name ’s nachts (bewoners), hoog is. Gebruik parkeerplaatsen Uit eerdere onderzoeken (telling Goudappel 2016) blijkt de bezetting op ca. 55% (werkdagmiddag) tot 70% (zaterdagmiddag) te liggen. In de schil ligt op het drukste gemeten moment de parkeerdruk enigszins lager (ca. 65%) ten opzichte van het centrumgebied (ca. 80%). In zijn algemeenheid wordt een parkeerdruk van 85% tot 90% acceptabel geacht. Daarboven ontstaan wachtrijen bij de druk bezochte parkeerlocaties en neemt het aantal zoekbewegingen toe. In de huidige situatie treedt dat in enkele kleinere gebieden op, maar over het centrum gezien wordt dat punt -uitgezonderd topdagen- naar verwachting nog niet bereikt. Confrontatie parkeervraag en -aanbod In de huidige situatie lijkt het parkeeraanbod en de parkeervraag voor vergunninghouders redelijk in evenwicht te zijn.
Dit ondanks dat het huidige uitgiftepercentage op ca. 150% ligt van de beschikbare vergunninghouderplaatsen ligt. Daarin speelt uiteraard een rol dat de parkeervraag voor de gebruikersgroepen over de dag varieert en ook dat in de nachtelijke uren (met name bewoners) uitgeweken kan worden naar de vrije plaatsen en blauwe zone. Hiervoor is een aantal momenten nader beschouwd: Nacht Na aftrek van het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein, resteren in de centrum en schil ca. 3.670 parkeerplaatsen. Dit is toereikend voor afdekking van de vergunninghoudervraag van bewoners (1e en 2e vergunning samen, afgerond 2.800 parkeerplaatsen), op het moment dat de vraag maximaal is (werkdagnacht). Op de overige momenten van de dag is sprake van een lagere vraag (overdag ca. 50-60% aanwezigheid, ’s avonds 80 – 90%). -
Gemiddelde werkdag In een gemiddelde situatie overdag is sprake van ca. 1.400 bewonersplaatsen (50%), 100% van de bedrijven (200 pp) en een deel van de functionele parkeervergunninghouders (60%, 300 pp), en mogelijk enkele plaatsen voor tijdelijke vergunninghouders. Een deel van de parkeerplaatsen wordt daarnaast gevuld met bezoekers van de overige centrumfuncties (winkels, culturele voorzieningen enz.), wat leidt tot een redelijk vergelijkbaar beeld als destijds gemeten in het Goudappel onderzoek.
-
Zaterdagen Op de tegenwoordig qua parkeerdruk veelal maatgevende zaterdagen ligt het aandeel bewoners licht hoger (60%), is de parkeervraag van bedrijvenaanmerkelijke echter laag, maar is de vraag van de overige functies (centrumbezoek, detailhandel enz.) maximaal. Uit het eerdere Goudappel onderzoek blijkt dat dan weliswaar sprake van een hoge bezetting in en om het centrum, maar geldt daarvoor ook dat de rol van het aantal uitgegeven bewonersvergunningen daarin beperkt is.
Blad 2 van 3
Conclusie Op grond van bovenstaande globale analyse lijkt, vooruitlopend op een meer structurele aanpak van het parkeren en uitgaande van de huidige min of meer evenwichtige parkeersituatie, overuitgifte van het aantal vergunningen tot een maximaal percentage van 150% (het huidige percentage) verantwoord. Een hoger percentage leidt waarschijnlijk tot verstoring van het evenwicht, een lager percentage is op zich wenselijk, heeft echter consequenties voor bestaande vergunninghouders.
Blad 3 van 3