BMC ONHN Dienstverleningsovereenkomst 2025 - 2031
Tekst van het document
DIENSTVERLENINGSOVEREENKOMST
Inhoud blz. Art. 1
-
Definities
5
Art. 2
-
Doel van samenwerking Partijen
7
Art. 3
-
Opdracht
7
Art. 4
-
Vergoeding Opdracht
8
Art. 5
-
Evaluatie van de samenwerking
9
Art. 6
-
Inwerkingtreding en beëindiging Dienstverleningsovereenkomst
10
Art. 7
-
Tekortkomingen
11
Art. 8
-
(On)voorziene omstandigheden; wijziging
12
Art. 9
-
Overige bepalingen
12
Art. 10
-
Toepasselijk recht en geschilbeslechting
13
Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 -
Lopende Plusopdrachten Format verantwoordingsverslag Opdracht Format overzicht en stand van zaken Plusopdrachten
De ondergetekenden: 1.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Alkmaar, met adres: (1815 AG) Alkmaar, Mallegatsplein 10, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 62255398;
2.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Bergen, met adres: (1817 MR) Alkmaar, Jan Ligthartstraat 4, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159392;
3.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Castricum, met adres: (1902 CA) Castricum, Raadhuisplein 1, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37158509;
4.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Den Helder, met adres: (1781 MS) Den Helder, Willemsoord 66, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37160613;
5.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Drechterland, met adres: (1616 AV) Hoogkarspel, Raadhuisplein 1, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159718;
6.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Enkhuizen, met adres: (1601 KA) Enkhuizen, Breedstraat 53, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159077;
7.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Dijk en Waard met adres: (1703 EZ) Heerhugowaard, Parelhof 1, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 85028827
8.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Heiloo, met adres: (1851 JL) Heiloo, Raadhuisplein 1, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159666;
9.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Hollands Kroon, met adres: (1761 VM) Anna Paulowna, De Verwachting 1, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 54477506;
10.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Hoorn, met adres: (1625 HV) Hoorn, Nieuwe Steen 1, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159084;
11.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Koggenland, met adres: (1648 JG) De Goorn, Middenhof 2, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 50582445;
12.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Medemblik, met adres: (1687 CD) Wognum, Dick Ketlaan 21, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159672;
13.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Opmeer, met adres: (1716 VS) Opmeer, Klaproos 1, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159195;
14.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Schagen, met adres: (1741 EA) Schagen, Laan 19, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 56838328;
15.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Stede Broec, met adres: (1611 KW) Bovenkarspel, De Middend 2, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159550;
16.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Gemeente Texel, met adres: (1791 AT) Den Burg, Emmalaan 15, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37159104;
17.
de publiekrechtelijke rechtspersoon: Provincie Noord-Holland, gevestigd te Haarlem, met adres: (2012 HR) Haarlem, Dreef 3, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 34362354 (de “Provincie”).
18.
de naamloze vennootschap: Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord N.V., statutair gevestigd te Alkmaar, met adres: (1817 MS) Alkmaar, Comeniusstraat 10, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 37123355 (hierna: “Ontwikkelingsbedrijf” of “Opdrachtnemer”);
De ondergetekenden zullen hierna gezamenlijk ook worden aangeduid als de “Partijen”, en individueel elk als “Partij”. De ondergetekenden sub 1 tot en met 17 zullen hierna gezamenlijk ook worden aangeduid als de “Opdrachtgevers”. het navolgende in aanmerking nemende: a.
Op 25 april 2013 is door diverse gemeenten uit Noord-Holland Noord, de Provincie NoordHolland en het Ontwikkelingsbedrijf een samenwerkingsovereenkomst getekend. Daarna is er op 7 december 2017 een dienstverleningsovereenkomst getekend. Ontwikkelingsbedrijf verricht activiteiten in het kader van deze dienstverleningsovereenkomst. Deze dienstverleningsovereenkomst loopt tot en met 31 december 2024.
b.
De Opdrachtgevers van het Ontwikkelingsbedrijf hebben in het Opdrachtgeversoverleg van 2 juni 2023 de evaluatie van de samenwerking op basis van de dienstverleningsovereenkomst vastgesteld. De evaluatie van de regionaal-economische samenwerking in Noord-Holland Noord en het Ontwikkelingsbedrijf is conform de vigerende dienstverleningsovereenkomst van 7 december 2017 uitgevoerd. De Opdrachtgevers hebben op 16 februari 2024 opdracht gegeven om een nieuwe DVO uit te werken op basis van het scenario “Economische Uitvoeringsorganisatie”.
c.
In het Opdrachtgeversoverleg van 2 juni 2023 is besloten de regionale samenwerking in Noord-Holland Noord voort te zetten na afloop van de dienstverleningsovereenkomst 20172024 met het Ontwikkelingsbedrijf. In dat kader is besloten de regionale economische samenwerking en de verhouding met het Ontwikkelingsbedrijf vorm te geven in een aandeelhoudersovereenkomst en de onderhavige Dienstverleningsovereenkomst.
d.
Partijen beogen met deze Aandeelhoudersovereenkomst en Dienstverleningsovereenkomst de geactualiseerde koers voor het Ontwikkelingsbedrijf en de onderlinge bestuurlijke samenwerking op niveau van Noord-Holland Noord vorm te geven.
e.
Eén en ander is zo vormgegeven dat de Gemeente en Provincie een beroep kunnen doen op de quasi-inbesteding voor de Opdracht en Plusopdrachten die zij aan het Ontwikkelingsbedrijf verlenen.
f.
De koers van het Ontwikkelingsbedrijf zal worden bepaald door de overwegingen van de Aandeelhouders van het Ontwikkelingsbedrijf.
komen het volgende overeen: Artikel 1 1.1.
Definities
In de Dienstverleningsovereenkomst hebben de volgende met een beginhoofdletter geschreven begrippen de volgende betekenis: "Aandeelhouder" is iedere houder van Aandelen afzonderlijk. "Aandeelhouders" zijn de houders van Aandelen gezamenlijk. "Aandeelhoudersovereenkomst" is de tussen Partijen gesloten aandeelhoudersovereenkomst. "Aandeelhoudersvergadering" is het orgaan binnen het Ontwikkelingsbedrijf waarin alle aandeelhouders zijn vertegenwoordigd en een stem hebben. “Activiteitenplan” driejaarlijks plan van Opdrachtnemer opgesteld in afstemming met Opdrachtgevers met een overzicht van uit te voeren activiteiten. “Ambtelijk Overleg Economie” is het overleg van ambtelijke vertegenwoordigers van Opdrachtgevers ter voorbereiding van het Bestuurlijk Overleg. "Artikel" is ieder artikel in deze Dienstverleningsovereenkomst. "Bestuur" is het statutair bestuur van het Ontwikkelingsbedrijf. "Bestuurlijk Overleg", thans belegd in Bestuurlijk Overleg Economie (BOE), waarvoor het Ambtelijk Overleg Economie voorbereidend en adviserend is. "Bijlage" is een bijlage bij de Dienstverleningsovereenkomst die overigens een integraal onderdeel van de Dienstverleningsovereenkomst vormt. "Dienstverleningsovereenkomst" is de onderhavige dienstverleningsovereenkomst.
“Format Plusopdrachten” is het verslag wat Opdrachtgever jaarlijks op basis van het in Bijlage 3 aangegeven format aan Opdrachtgevers doet. "Gemeenten" zijn de ondergetekenden sub 1 tot en met 16 gezamenlijk. “Jaarverslag” omvat de stukken die ONHN conform Titel 9, Boek 2 B.W moet opstellen.
"Meerjarenplan" is het meerjarenplan waarin de voorgenomen uitvoering van de Opdracht door het Ontwikkelingsbedrijf is beschreven. "Noord-Holland Noord" is de regio bestaande uit drie subregio’s: Regio Alkmaar, Regio Kop van Noord-Holland en Regio Westfriesland. “Opdracht” heeft de betekenis zoals daaraan in Artikel 3.1 is gegeven. "Opdrachtgevers" zijn de Gemeenten en Provincie die gezamenlijk de Opdracht voor het Ontwikkelingsbedrijf vormgeven, verenigd in het Opdrachtgeversoverleg “Opdrachtgeversoverleg” is het overleg waarin de Opdrachtgevers zijn verenigd en waarvoor het Ambtelijk Overleg Economie voorbereidend en adviserend is “Opdrachtgevers Plusopdrachten” zijn de verstrekkers van Plusopdrachten. “Ontwikkelingsbedrijf” is de naamloze vennootschap: Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord N.V., statutair gevestigd te Alkmaar, met adres: (1817 MS) Alkmaar, Comeniusstraat 10, ingeschreven in het handelsregister van de Kamers van Koophandel en Fabrieken onder nummer 37123355. "Partij" is één van de Partijen. "Partijen" zijn de partijen bij deze Dienstverleningsovereenkomst. “Plusopdracht” heeft de betekenis zoals daaraan in Artikel 4 is gegeven.
"Provincie" is de publiekrechtelijke rechtspersoon: Provincie Noord-Holland, gevestigd te Haarlem, met adres: (2012 HR) Haarlem, Dreef 3, ingeschreven in het handelsregister van de Kamers van Koophandel en Fabrieken onder nummer 34362354, "Regio Alkmaar" is de regio die wordt gevormd door de gemeenten Alkmaar, Bergen, Castricum, Dijk en Waard, Heiloo en Uitgeest. "Regio Kop van Noord-Holland" is de regio die wordt gevormd door de gemeenten Den Helder, Hollands Kroon, Schagen en Texel. "Regio Westfriesland" is de regio die wordt gevormd door de gemeenten Drechterland, Enkhuizen, Hoorn, Koggenland, Medemblik, Opmeer en Stede Broec. “Verantwoordingsverslag” is het verslag wat Opdrachtgever jaarlijks op basis van het in Bijlage 2 aangegeven format aan Opdrachtgevers doet.
Artikel 2 2.1.
Doel van samenwerking Partijen
Partijen verklaren dat het Ontwikkelingsbedrijf een economische uitvoeringsorganisatie is met als doel het bevorderen van de economische ontwikkeling van Noord-Holland Noord vanuit het perspectief van brede welvaart.
2.2.
Partijen erkennen dat de inhoud van de Opdracht gedurende de looptijd van deze Dienstverleningsovereenkomst kan wijzigen. Partijen werken samen aan het waar nodig wijzigen van de opdrachtformulering voor het Ontwikkelingsbedrijf.
Artikel 3 3.1
Opdracht
Opdrachtgevers geven het Ontwikkelingsbedrijf de opdracht om gedurende de looptijd van deze Dienstverleningsovereenkomst activiteiten te verrichten ten dienste van de in Artikel 2.1 gestelde doelen. Deze activiteiten bestaan uit (‘Opdracht’): a.
Het ondersteunen van (de randvoorwaarden voor) een aantrekkelijk vestigingsklimaat;
b.
Het ondersteunen van bestaande MKB bedrijven;
c.
Het aantrekken en faciliteren van nieuwe bedrijven;
d.
Het betrekken van bedrijven uit de regio bij regionale en provinciale opgaven;
e.
Het faciliteren van STAK ROM.
Het Ontwikkelingsbedrijf aanvaardt deze Opdracht. 3.2
Het Ontwikkelingsbedrijf werkt de voorgenomen uitvoering van de Opdracht voor de periode 2025 tot en met 2031 uit in een Meerjarenplan. Het Meerjarenplan is gebaseerd op het doel en de Opdracht zoals vastgelegd in Artikel 2.1 en 3.1. Dit plan wordt opgesteld op basis van de ambities en beleidsdoelen van Noord-Holland Noord, economisch beleid van de Provincie en relevante agenda’s, visies of ambities ten aanzien van bepaalde kansrijke clusters. Het Meerjarenplan wordt in afstemming met Opdrachtgevers en het Ambtelijk Overleg Economie opgesteld door het Ontwikkelingsbedrijf. Het Meerjarenplan 2025-2031 is ter vaststelling voorgelegd aan het Opdrachtgeversoverleg.
3.3
Binnen de kaders van deze DVO en het Meerjarenplan stelt het Ontwikkelingsbedrijf in afstemming met Opdrachtgevers driejaarlijks een activiteitenplan en jaarlijks een begroting op. Hierin worden ten aanzien van de Opdracht en Plusopdrachten ten minste opgenomen: a.
Meetbare doelen per activiteit a. tot en met d. zoals in 3.1 onderscheiden, waaruit blijkt de bijdrage aan het doel zoals in 2.1 beschreven.
b.
De begrote uitvoeringskosten en fte’s en overhead per activiteit a. tot en met d. zoals in 3.1 onderscheiden.
3.4
Het Ontwikkelingsbedrijf mag inspelen op actuele ontwikkelingen die niet zijn voorzien in het Activiteitenplan, echter binnen de in Artikel 3.1 genoemde Opdracht, dan wel voor zover sprake is van een Plusopdracht zoals vervat in artikel 4.1 en na instemming van het Opdrachtgeversoverleg.
3.5
Het Ontwikkelingsbedrijf maakt via een jaarlijks Verantwoordingsverslag conform het
format opgenomen in bijlage 2 inzichtelijk in welke mate de Opdracht is uitgevoerd en hoe de uitvoering zicht verhoudt tot de begroting. In het Verantwoordingsverslag worden ten aanzien van de Opdracht ten minste opgenomen: a.
Meetbare doelen per activiteit a. tot en met d. zoals in 3.1 onderscheiden, waaruit blijkt de bijdrage aan het doel zoals in 2.1 beschreven.
b.
De begrote uitvoeringskosten en fte’s en overhead per activiteit a. tot en met d. zoals in 3.1 onderscheiden.
3.6
De werkwijze voor de Opdracht is als volgt: a.
Het Ontwikkelingsbedrijf voert de Opdracht uit.
b.
Het Ontwikkelingsbedrijf stelt het Meerjarenplan, het driejaarlijks Activiteitenplan en de jaarlijkse begroting op in afstemming met het Opdrachtgeversoverleg.
c.
Het Ontwikkelingsbedrijf legt het Meerjarenplan, het Activiteitenplan en de begroting, ter advies voor aan het Bestuurlijk Overleg.
d.
Het Opdrachtgeversoverleg besluit tot goedkeuring van het Meerjarenplan, het Activiteitenplan, de begroting, afwijkingen ex artikel 3.4 en Plusopdrachten met een inzet van het Ontwikkelingsbedrijf groter dan € 50.000,--.
e.
Het Ontwikkelingsbedrijf adviseert het Opdrachtgeversoverleg gevraagd en ongevraagd over relevante ontwikkelingen en economisch beleid.
3.7
Het Opdrachtgeversoverleg heeft als taak de aan haar in artikel 3.6 toegekende bevoegdheden uit te oefenen. Daarbij gelden de volgende bepalingen: a.
Het Opdrachtgeversoverleg komt naar behoefte en in elk geval minimaal twee keer per jaar bij elkaar, bij voorkeur aansluitend aan de aandeelhoudersvergadering van het Ontwikkelingsbedrijf.
b.
Het Opdrachtgeversoverleg besluit bij meerderheid van stemmen. Iedere Opdrachtgever heeft één stem in het Opdrachtgeversoverleg.
c.
Oproeping voor het Opdrachtgeversoverleg vindt minimaal veertien dagen voor het Opdrachtgeversoverleg plaats. Het Opdrachtgeversoverleg wordt opgeroepen op initiatief van een of meerdere Opdrachtgevers of het Ontwikkelingsbedrijf. De oproeping bevat in ieder geval de agenda van het Opdrachtgeversoverleg.
3.8
Het Bestuurlijk Overleg overlegt periodiek ter bevordering van de in 2.1 benoemde doelen en heeft als taak Opdrachtgevers en Opdrachtnemer gevraagd en ongevraagd te adviseren over het Meerjarenplan, het Activiteitenplan, de begroting en voorgestelde tussentijdse aanpassingen van de Opdracht. Daarbij gelden de volgende bepalingen: a.
Het Bestuurlijk Overleg bestaat in elk geval uit twee wethouders (per regio), de gedeputeerden economische zaken en een afvaardiging vanuit het bedrijfsleven en het onderwijs.
b.
Het Bestuurlijk Overleg komt naar behoefte en in elk geval minimaal vier keer per jaar bij elkaar.
3.9
In aanvulling op de jaarverslagen informeert het Ontwikkelingsbedrijf halfjaarlijks Opdrachtgevers tussentijds over voortgang van activiteiten en andere relevante ontwikkelingen, met inzicht in bereikte resultaten relevant voor de Opdrachtgevers.
3.10
De Vennootschap bouwt de activiteiten in het kader van lobby en het faciliteren van overleggen in de regionale samenwerking af volgens een planning die met de Opdrachtgevers wordt afgestemd.
3.11
Het Ontwikkelingsbedrijf heeft voldoende aandacht, capaciteit en budget voor opleiding en ontwikkeling van de medewerkers en voor innovatie. Het budget wordt in de jaarlijkse begroting opgenomen en in het Jaarverslag verantwoord.
Artikel 4 4.1
Plusopdracht
Het Ontwikkelingsbedrijf kan op verzoek van één of meer Opdrachtgevers en/of rechtspersonen anders dan Opdrachtgevers activiteiten ontplooien buiten de Opdracht (‘Plusopdrachten’). Het Ontwikkelingsbedrijf kan alleen Plusopdrachten uitvoeren voor zover: a.
Ze passen bij het doel zoals omschreven in artikel 2.1 en de activiteiten zoals omschreven in artikel 3.1;
b.
Ze primair markt/ondernemers gestuurd zijn;
c.
Ze regionaal zijn of gestart worden als pilot in een deelgebied en kunnen worden opgeschaald;
d.
Ze projectmatig zijn (een ‘kop en een staart’ hebben);
e.
Ze voorzien zijn van een heldere opdrachtomschrijving;
f.
Over de vergoeding tussen de desbetreffende Opdrachtgever(s) en het Ontwikkelingsbedrijf afspraken zijn gemaakt;
g.
In afwijking van het onder a. t/m f. gestelde valt onder de Plusopdrachten ook het uitvoeren van de kassiersfunctie voor initiatieven zonder rechtsvorm die aansluiten bij de Opdracht. Opdrachtgevers maken over deze activiteit jaarlijks separate afspraken met het Ontwikkelingsbedrijf over inzet en vergoeding.
4.2.
Plusopdrachten voldoen verder aan de volgende randvoorwaarden: a.
De uitvoering van Plusopdrachten gaat niet ten koste van de uitvoering van activiteiten in het kader van de Opdracht op het gebied van capaciteit, kwaliteit en voortgang;
b.
Het totale volume van Plusopdrachten bedraagt per jaar niet meer dan 30% van het totale budget van de Opdracht van dat jaar;
c.
Plusopdrachten met een inzet van het Ontwikkelingsbedrijf groter dan € 50.000,-worden vooraf ter instemming voorgelegd aan het Opdrachtgeversoverleg;
d.
Niet meer dan 20% van de activiteiten van het Ontwikkelingsbedrijf is ten behoeve van partijen anders dan de Opdrachtgevers, te bepalen op basis van accountantsverklaringen;
e.
Het Opdrachtgeversoverleg kan met tweederde meerderheid van stemmen (hoofdelijk) besluiten af te wijken van het gestelde onder 4.2.b.
4.3
Het Ontwikkelingsbedrijf rapporteert via een jaarlijks verslag aan het Opdrachtgeversoverleg over de uitvoering van de Plusopdrachten conform het format opgenomen in bijlage 3.
Artikel 5 5.1.
Vergoeding Opdracht
Partijen gaan deze meerjarige Dienstverleningsovereenkomst aan. Voor de uitvoering van de Opdracht betalen de Opdrachtgevers jaarlijks een bijdrage.
5.2.
Overal waar in de Dienstverleningsovereenkomst sprake is van een financiële bijdrage, dient gelezen te worden dat deze bijdragen exclusief BTW zijn.
5.3.
De bijdrage per inwoner voor uitvoering van de Opdracht is €2,18 (basisjaar: 2024)
5.4.
De Gemeenten betalen een bijdrage per inwoner voor de uitvoering van de Opdracht
5.5.
De Provincie verstrekt een jaarlijkse financiële bijdrage, die gelijk is aan de totale financiële bijdragen van de Gemeenten voor die opdracht.
5.6.
Per 1 januari van elk jaar, voor het eerst per 1 januari 2025, wordt de in Artikel 5.3 genoemde bijdrage per inwoner geïndexeerd op basis van de Financiële Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen (FUGR) NHN, met dien verstande dat: a.
In afwijking van de FUGR zal het aantal inwoners gelijk worden verondersteld voor de gehele duur van deze Dienstverleningsovereenkomt, namelijk het aantal op 1 januari 2024 (CBS, gehele bevolking).
b.
Het Opdrachtgeversoverleg kan hiervan afwijken op basis van een tweederde meerderheid van door de aandeelhouders uitgebrachte stemmen.
c. 5.7.
De bijdrage per inwoner zal worden afgerond op hele centen.
De Opdrachtgevers betalen ieder kalenderjaar, doch uiterlijk 31 januari, de financiële bijdragen (100% van de bijdrage) aan het Ontwikkelingsbedrijf.
5.8.
Indien in rechte een deel van de financiële bijdragen wordt aangemerkt als een subsidie, zeggen de Opdrachtgevers reeds nu toe dat zij dat deel van de bijdrage in de vorm van een subsidie aan het Ontwikkelingsbedrijf zullen uitkeren en dat zij daartoe de vereiste (subsidie)besluiten zullen nemen.
Artikel 6 6.1.
Evaluatie van de samenwerking
Partijen hebben uiterlijk in mei 2028 de samenwerking en voortgang op basis van de Dienstverleningsovereenkomst tussentijds geëvalueerd, teneinde de Dienstverleningsovereenkomst (deels) aan te kunnen passen.
6.2.
Bij de voortgangsevaluatie genoemd in Artikel 6.1. wordt geëvalueerd hoe het Ontwikkelingsbedrijf de Opdracht heeft uitgevoerd en wat het Ontwikkelingsbedrijf heeft bijgedragen aan de doelen zoals gesteld in Artikel 2.1.
6.3.
De bedoelde voortgangsevaluatie wordt uitgevoerd door een door de Opdrachtgevers aan te wijzen organisatie voor rekening van het Ontwikkelingsbedrijf.
6.4
Het Ontwikkelingsbedrijf is verplicht desgevraagd onverwijld actief alle medewerking te verlenen aan de desbetreffende organisatie die de evaluatie uitvoert. De resultaten van de
evaluatie worden aan het Bestuurlijk Overleg ter beschikking gesteld. Op basis van de resultaten van de evaluatie geeft het Bestuurlijk Overleg advies aan de Opdrachtgevers over de wijze van continuering van de samenwerking op basis van de Dienstverleningsovereenkomst. 6.5.
Partijen hebben uiterlijk in mei 2030 de samenwerking geëvalueerd (eindevaluatie), teneinde een besluit te kunnen nemen ten aanzien van de verlenging van de Dienstverleningsovereenkomst.
6.6.
De bedoelde eindevaluatie wordt uitgevoerd door een door het Opdrachtgeversoverleg aan te wijzen organisatie voor rekening van het Ontwikkelingsbedrijf. Het Ontwikkelingsbedrijf is verplicht desgevraagd onverwijld actief alle medewerking te verlenen aan de desbetreffende organisatie die de evaluatie uitvoert. De resultaten van de evaluatie worden aan het Bestuurlijk Overleg ter beschikking gesteld. Op basis van de resultaten van de evaluatie geeft het Bestuurlijk Overleg advies aan de Opdrachtgevers over of de Dienstverleningsovereenkomst wel of niet verlengd moet worden.
Artikel 7 7.1.
Inwerkingtreding en beëindiging Dienstverleningsovereenkomst
Deze Dienstverleningsovereenkomst treedt in werking met ingang van 1 januari 2025 en eindigt ultimo 31 december 2031. Partijen kunnen tot uiterlijk zes maanden voor het einde van de looptijd van deze overeenkomst besluiten om de Dienstverleningsovereenkomst te verlengen.
7.2.
Indien een Partij zijn gebondenheid aan deze overeenkomst wenst te beëindigen, kan die Partij dat voornemen bekend maken aan het Opdrachtgeversoverleg. Deze voorgenomen beëindiging moet schriftelijk aan het Opdrachtgeversoverleg gedaan worden en bevat in ieder geval een onderbouwde beschrijving van de redenen voor de gewenste beëindiging. Het Opdrachtgeversoverleg hanteert een minimale opzegtermijn van twee boekjaren volgend op het jaar van ontvangst van de voorgenomen beëindiging. Het Opdrachtgeversoverleg regelt bij een besluit, dat zij met meerderheid van de uitgebrachte stemmen neemt, de gevolgen van de beëindiging.
7.3.
In geval van beëindiging van de Aandeelhoudersovereenkomst, zal de onderhavige Dienstverleningsovereenkomst jegens die Partij(en) van rechtswege eindigen tegen dezelfde dag als waarop de Aandeelhoudersovereenkomst eindigt.
7.4.
Partijen doen onherroepelijk en onvoorwaardelijk afstand van hun recht om deze Dienstverleningsovereenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden dan wel te vernietigen, op grond van dwaling en/of de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid.
Artikel 8 8.1.
Tekortkomingen
Indien één van de Partijen tekortschiet in de nakoming van de Dienstverleningsovereenkomst, treedt het verzuim in nadat deze Partij door een van de overige Partijen schriftelijk in gebreke is gesteld waarbij hem een termijn van 8 dagen voor de nakoming is gesteld en nakoming binnen deze termijn uitblijft.
Artikel 9 9.1.
(On)voorziene omstandigheden; wijziging
Partijen geven zich er rekenschap van dat zij een langjarige samenwerking aangaan, waaraan inherent is dat omstandigheden die ten tijde van het aangaan van de Dienstverleningsovereenkomst bestaan of worden verondersteld te bestaan, kunnen wijzigen. Partijen zullen rekening houden met gewijzigde omstandigheden, zodanig dat het doel van de Dienstverleningsovereenkomst optimaal wordt nagestreefd, waarbij zij rekening zullen houden met elkaars gerechtvaardigde belangen.
9.2.
Partijen stellen vast dat op voorhand enkele omstandigheden zijn te benoemen die niet in de Dienstverleningsovereenkomst als zodanig zijn verdisconteerd en die, indien zij intreden, voor één of meer Partijen zodanig verregaande gevolgen kunnen hebben dat een herziening of beëindiging van de Dienstverleningsovereenkomst aan de orde kan zijn. Dat betreft in elk geval de navolgende omstandigheden: a.
Een wijziging van regelgeving van dien aard dat van een Partij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet mag worden verwacht dat zij de Dienstverleningsovereenkomst nakomt, althans onverkort nakomt.
b.
Dat redelijkerwijze kan worden vastgesteld dat uitvoering van de Dienstverleningsovereenkomst in één of meer opzichten in strijd moet worden geacht met (Europese) wet- en regelgeving.
c.
Een wijziging van economische omstandigheden van dien aard dat van een Partij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van de voorwaarden van de Dienstverleningsovereenkomst niet mag worden verwacht.
d.
Als onderdeel van de onder 3.1b genoemde activiteit ondersteunt het Ontwikkelingsbedrijf MKB bedrijven bij het internationaliseren van hun activiteiten. Indien nationale ontwikkelingen daar aanleiding toe geven kunnen opdrachtgevers de inzet van het Ontwikkelingsbedrijf op het onderdeel internationaliseren heroverwegen.
Het vorenstaande laat onverlet dat zich ook andere onvoorziene omstandigheden voor kunnen doen die een wijziging van de Dienstverleningsovereenkomst rechtvaardigen. 9.3.
Partijen kunnen elkaar een voorstel doen tot wijziging van de Dienstverleningsovereenkomst op grond van onvoorziene omstandigheden. Dit voorstel dient een Partij schriftelijk aan ieder van de andere Partijen te doen en bevat – naar beste kunnen – in ieder geval een transparante, gedetailleerde, beschrijving van de desbetreffende onvoorziene omstandigheden, de voorgestelde wijziging en de gevolgen van die voorgestelde wijziging voor de Partijen.
9.4.
Na ontvangst van een voorstel tot wijziging zullen Partijen met elkaar in overleg treden waarbij ieder van Partijen elkaars gerechtvaardigde belangen in acht dient te nemen, teneinde te bezien of zodanige afspraken kunnen worden gemaakt dat het doel van de Dienstverleningsovereenkomst kan worden bereikt, zo nodig en zo mogelijk door de voorgestelde wijziging van de Dienstverleningsovereenkomst dan wel een andere wijziging van de Dienstverleningsovereenkomst.
9.5.
Indien niet alle Partijen het voorstel tot wijziging hebben aanvaard conform het vorige lid, zullen Partijen deze overeenkomst beëindigen met inachtneming van een redelijke
opzegtermijn. De Opdrachtgevers vergoeden de kosten die samenhangen met de beëindiging van de Dienstverleningsovereenkomst. Artikel 10 10.1.
Overige bepalingen
Ieder van de Partijen verklaart dat zij de in de Dienstverleningsovereenkomst opgenomen verplichtingen onverkort nakomt en dat zij zich er voor zal inspannen dat alle voor nakoming van deze verplichtingen vereiste goedkeuringen van haar organen alsmede overige vereiste goedkeuringen zullen worden verleend.
10.2.
Partijen zullen al hetgeen verrichten wat in verband met de bevordering van de tenuitvoerlegging van de bepalingen van de Dienstverleningsovereenkomst redelijkerwijs van hen verlangd kan worden.
10.3.
Iedere Partij draagt haar eigen kosten ter zake van de wijziging van deze Dienstverleningsovereenkomst (inclusief kosten van adviseurs). De Partij die een wijziging van de Dienstverleningsovereenkomst wenst, draagt naast haar eigen kosten tevens de kosten die het Ontwikkelingsbedrijf redelijkerwijs heeft gemaakt met betrekking tot de voorgestelde wijziging van de Dienstverleningsovereenkomst, waaronder, maar niet beperkt tot ingewonnen advies en het (laten) toetsen van wijzigingen, het opstellen van een gewijzigde overeenkomst.
10.4.
Elk recht dat een van de Partijen aan de Dienstverleningsovereenkomst ontleent, komt haar toe onverminderd alle andere rechten en vorderingen uit de Dienstverleningsovereenkomst en alle rechten en vorderingen uit de wet.
10.5.
Geen enkel recht van een van de Partijen uit de Dienstverleningsovereenkomst of de wet wordt aangetast door het achterwege blijven van een beroep op dat recht of van een protest tegen een tekortkoming in de nakoming van een verplichting door de andere Partij.
10.6.
Tenzij in deze Dienstverleningsovereenkomst uitdrukkelijk anders is overeengekomen, kunnen derden die geen partij zijn bij deze Dienstverleningsovereenkomst geen rechten ontlenen aan deze Dienstverleningsovereenkomst en bevat deze Dienstverleningsovereenkomst derhalve geen derdenbeding in de zin van de artikelen 6:253 en 6:254 Burgerlijk Wetboek.
10.7.
Onderhavige Dienstverleningsovereenkomst en de Aandeelhoudersovereenkomst vormen in gezamenlijkheid en met elke bijlage daarbij, de volledige overeenkomst tussen Partijen met betrekking tot de in genoemde overeenkomsten beschreven samenwerking en vervangt alle voorafgaande overeenkomsten (zowel mondeling als schriftelijk).
10.8.
Indien één of meer bepalingen van de Dienstverleningsovereenkomst onverbindend dan wel ongeldig zijn of worden, blijven de overige bepalingen van de Dienstverleningsovereenkomst van kracht.
10.9.
Partijen vervangen in het geval bedoeld in het voorgaande artikellid de niet-verbindende of niet-geldige bepalingen door bepalingen die wel verbindend respectievelijk geldig zijn en die zo min mogelijk (gelet op doel en strekking van de Dienstverleningsovereenkomst) afwijken van de niet-verbindende of niet-geldige bepalingen.
10.10. Alle in deze Dienstverleningsovereenkomst aangegane verplichtingen gelden binnen de beperkingen van de bevoegdheden van de Opdrachtgevers en hun onderscheidenlijke bestuursorganen en laten hun publiekrechtelijke verantwoordelijkheden en de uitoefening van hun publiekrechtelijke bevoegdheden onverlet. 10.11
Om een goede overgang naar deze Dienstverleningsovereenkomst te borgen, komen Partijen overeen dat Plusopdrachten uit de Bijlage conform hun opdrachtverstrekking worden afgerond.
Artikel 11
Toepasselijk recht en geschilbeslechting
11.1.
Deze Dienstverleningsovereenkomst is uitsluitend onderworpen aan Nederlands recht.
11.2.
Er is sprake van een geschil in verband met deze Dienstverleningsovereenkomst en voortvloeiende dan wel daarmee verband houdende overeenkomsten, zodra een van Partijen dat aan een of meer andere Partijen schriftelijk gemotiveerd bericht.
11.3.
Alle geschillen die in verband met de Dienstverleningsovereenkomst ontstaan zullen in eerste instantie worden beslecht door de desbetreffende Partijen in onderling overleg en bij gebreke van een oplossing op eerste verzoek van een Partij zullen Partijen trachten door middel van mediation tot een gezamenlijke oplossing van hun geschil te komen. Indien binnen zes maanden na het ontstaan van het geschil geen gezamenlijke oplossing is bereikt, kan ieder van de betrokken Partijen het geschil ter beslechting aan de burgerlijke rechter voorleggen.
ten bewijze waarvan: de Dienstverleningsovereenkomst overeenkomstig het hieronder bepaalde is ondertekend
______________________
______________________
Gemeente Alkmaar
Gemeente Bergen
Door: wethouder C. Peetoom
Door: wethouder M. Wiesehahn-Vrijman
Op:
Op:
______________________
______________________
Gemeente Castricum
Gemeente Den Helder
Door: wethouder R. Beems
Door: wethouder T. Augustijn/ P. Bais
Op:
Op:
______________________
______________________
Gemeente Drechterland
Gemeente Enkhuizen
Door: wethouder I. Brouwer
Door: wethouder W. Bijman
Op:
Op:
____________________
______________________
Gemeente Dijk en Waard
Gemeente Heiloo
Door: wethouder F. Ruiten
Door: wethouder M.R. Opdam
Op:
Op:
______________________
______________________
Gemeente Hollands Kroon
Gemeente Hoorn
Door: wethouder R. Leever
Door: wethouder A. Helling
Op:
Op:
______________________
_____________________
Gemeente Koggenland
Gemeente Medemblik
Door: burgemeester M. Bonsen-Lemmers
Door: wethouder H.N. Nederpelt
Op:
Op:
______________________
______________________
Gemeente Opmeer
Gemeente Schagen
Door: wethouder V. Buis
Door: wethouder S. Kruijer
Op:
Op:
______________________
______________________
Gemeente Stede Broec
Gemeente Texel
Door: wethouder N. Slagter
Door: wethouder C. Hooijschuur
Op:
Op:
______________________
______________________
Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord N.V.
Provincie Noord-Holland
Door: E. Zijl, directeur
Door: gedeputeerde E. Rommel
Op:
Op:
Bijlage 1: Lopende Plusopdrachten
Bijlage 2: Format verantwoordingsverslag Opdracht
VERANTWOORDINGSVERSLAG ONHN (art 3.5 Dienstverleningsovereenkomst) Datum: DOELBEREIK (art 3.5a): meetbare doelen Begroot
Gerealiseerd
a. Het ondersteunen van (de randvoorwaarden voor) een aantrekkelijk vestigingsklimaat 1. 2. 3. b. Het ondersteunen van bestaande MKB bedrijven 1. 2. 3. c. Het aantrekken en faciliteren van nieuwe bedrijven 1. 2. 3. d. Het betrekken van bedrijven uit de regio bij regionale en provinciale opgaven 1. 2. 3. KOSTEN (art 3.5b) Begroot
Gerealiseerd
a. Het ondersteunen van (de randvoorwaarden voor) een aantrekkelijk vestigingsklimaat Capaciteit (fte) Uitvoeringskosten Overhead b. Het ondersteunen van bestaande MKB bedrijven Capaciteit (fte) Uitvoeringskosten Overhead c. Het aantrekken en faciliteren van nieuwe bedrijven Capaciteit (fte) Uitvoeringskosten Overhead d. Het betrekken van bedrijven uit de regio bij regionale en provinciale opgaven Capaciteit (fte) Uitvoeringskosten Overhead
Bijlage 3: Format verantwoordingsverslag Plusopdrachten