CConstaterende datEnkhuizen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 8.3 ABWF Jaarstukken 2025

gemeenteraad 23 juni 2026, gemeente EnkhuizenBij agendapunt: Afvalbeheer Westfriesland (akkoordstuk)7.184 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Jaarstukken 2025 Afvalbeheer Westfriesland Bovenkarspel

Pagina 1 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Inhoudsopgave Algemeen

3

Jaarverslag

4

Programmaverantwoording

4

Inleiding

4

Omschrijving

4

Activiteiten

4

Overzicht van de gerealiseerde baten en lasten

4

Paragrafen

5

Inleiding

5

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

5

Paragraaf Financiering

8

Paragraaf Bedrijfsvoering

10

Paragraaf Openbaarheid

11

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen

12

Jaarrekening

13

Overzicht van baten en lasten

13

Incidentele baten en Lasten

14

Balans

14

Grondslagen van waardering en resultaatbepaling

16

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva

16

Toelichting op de balans

17

Gebeurtenissen na balansdatum

20

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen

20

Rechtmatigheidsverantwoording

20

Wet Normering Topinkomens (WNT)

21

Overzicht baten en lasten per taakveld

21

Overige gegevens

22

Bijlagen Gemeentelijke bijdragen

26

Pagina 2 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Algemeen De jaarstukken bestaan uit: - het jaarverslag met de programmaverantwoording en de paragrafen en - de jaarrekening met het overzicht van baten en lasten, de balans, de toelichting op het overzicht van baten en lasten en de balans, de rechtmatigheidsverantwoording en de bijlage met het overzicht van baten en lasten per taakveld.

Pagina 3 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Jaarverslag Programmaverantwoording Inleiding Dit hoofdstuk bevat de verantwoording over de realisatie. Binnen het Afvalbeheer Westfriesland (ABWF) onderscheiden we één programma. Omschrijving Het ABWF is de voortzetting van de gemeenschappelijke regeling Centraal afvalverwijderingsbedrijf Westfriesland (CAW), waarbinnen tot 2020 het afvalbeleid binnen de regio West-Friesland werd uitgevoerd. Door de wijzigingen binnen de regeling hebben de gemeenten de, voorheen aan het CAW gedelegeerde, verordende- en beleidsbevoegdheden terug en zijn de aandelen op 7 april 2022 overgedragen aan de individuele gemeenten. Dit heeft erin geresulteerd dat de gemeenschappelijke regeling nog maar een klein aantal verantwoordelijkheden kent. Doel Het ABWF is ingesteld ten behoeven van de intergemeentelijke afstemming op afvalbeleid, DVO- en aandeelhouderszaken, evenals het beheer van de voormalige stortplaats te Westwoud. Activiteiten De activiteiten zijn direct verbonden aan het beheer van de voormalige stortplaats en het zorgdragen voor intergemeentelijke afstemming met betrekking tot het afvalstoffenbeleid en –uitvoering, DVO- en aandeelhouderszaken. De onderstaande activiteiten zijn gevoerd. Intergemeentelijke voorbereiding algemene aandeelhoudersvergaderingen HVC. In 2025 hebben twee bestuurlijke vooroverleggen met HVC plaatsgevonden voor de aandeelhoudersvergadering.

Deze bestuurlijke vooroverleggen zijn in 2024 losgekoppeld van de AB overleggen, zodoende meer tijd en aandacht te geven aan de onderwerpen op de agenda van de aandeelhoudersvergadering HVC. Intergemeentelijke afstemming afvaltaken Er heeft intergemeentelijke afstemming plaatsgevonden m.b.t. het afvalbeleid en zaken omtrent de dienstverleningsovereenkomst met HVC (DVO). Beheer en nazorg Westwoud Het ABWF heeft i.s.m. Bodemzorg zorg gedragen voor het dagelijks beheer en nazorg voormalig stortplaats Westwoud. Traject toekomstig beheer Westwoud Op verzoek van het ABWF heeft Bodemzorg op 30 januari 2025 een afkoopvoorstel opgeleverd. Dit voorstel is besproken in het AB van 26 maart 2025. Het AB heeft in deze vergadering aangegeven in principe positief tegenover een eventuele afkoop te staan, maar behoefte te hebben aan aanvullende informatie. De gemeenteraden zijn hierover geïnformeerd middels de raadsbrief van 15 april 2025. In de opvolgende maanden is extra informatie ingewonnen bij externe partijen, zijn de implicaties van afkoop voor het ABWF uitgewerkt en is het vervolgproces in kaart gebracht. Op 26 november is het afkoopvoorstel, inclusief de aanvullende informatie, behandeld in het AB en is het principebesluit genomen om over te gaan tot afkoop. Begin 2026 ligt het principebesluit van Bodemzorg voor bij de deelnemende gemeenten voor zienswijzen.

Pagina 4 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Overzicht van de gerealiseerde baten en lasten

Totaal lasten

N

155.400

Totaal baten

V

145.500

Saldo van baten en lasten

N

9.900

Toevoeging aan reserves

0

Onttrekking aan reserves

0

Saldo mutaties reserves

0

Resultaat na mutaties reserves

N

9.900

Overhead In het totaal van de lasten zijn de lasten voor overhead opgenomen. De overhead bestaat uit de bijdrage aan de SED organisatie voor de ondersteunende taken. Dit is een bedrag van € 51.200. Algemene dekkingsmiddelen In het totaal van de baten zijn algemene dekkingsmiddelen opgenomen. Dit is de bijdrage van de deelnemende gemeenten. Dit is een bedrag van € 74.500. Vennootschapsbelasting Er is geen vennootschapsbelasting verschuldigd.

Paragrafen Inleiding De paragrafen geven inzicht in het beleid met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten. In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) staat een opsomming van de verplichte paragrafen. De verplichte paragrafen Lokale heffingen, Verbonden partijen en Grondbeleid zijn niet van toepassing. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf geven we inzicht in de risico’s en de middelen om niet begrote kosten te dekken. De vrij aanwendbare middelen zijn: Algemene reserve

46.400

Bestemmingsreserve nazorg stortplaats

1.467.400

Totaal

1.513.800

Risico’s De voormalige stortplaats is vóór 1996 gesloten, waarmee er geen wettelijke nazorgplicht volgens de Wet Milieubeheer bestaat. Het primaire juridische kader voor de nazorg is geregeld middels de Wet Bodembescherming (Wbb), waarbij uitgangspunt is dat op de locatie veilig kan worden gerecreëerd, contactmogelijkheden met stortmateriaal en percolaat voorkomen wordt, en de activiteiten niet leiden tot een bodemverontreiniging. Voor het lozen op de persleiding zijn een meetbeschikking en een Watervergunning afgegeven. In overleg met het Hoogheemraadschap zal worden besloten of een watervergunning nodig is voor de lozing van het water uit de ringsloot op het oppervlaktewater of dat er andere beheersmaatregelen getroffen moeten worden. Zie ook onder onderzoek HHNK op de volgende pagina.

Pagina 5 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Ontwikkelingen In 2023 heeft het ABWF opdracht gegeven om alle onderzoeken samen te voegen, op basis hiervan een nazorgplan en herberekening van het doelvermogen te maken en een aantal toekomstscenario’s uit te werken (waaronder een eventuele afkoop van de locatie). In 2024 heeft Syntraal een tussenrapportage opgeleverd, waarin zij aangeeft dat er nog een aantal kwesties openstaan. In 2024 heeft het ABWF de voorkeursrichting uitgesproken om over te gaan tot afkoop. Medio 2024 heeft het ABWF Bodemzorg opdracht gegeven om een afkoopvoorstel uit te werken. Eind januari 2025 heeft Bodemzorg het afkoopvoorstel opgeleverd. Na het inwinnen van extra informatie heeft het AB op 26 november 2025 een principebesluit genomen om over te gaan tot afkoop. Het principebesluit is vervolgens naar de deelnemende gemeente gestuurd om voor 1 maart 2026 te voorzien van een zienswijze. In 2024 heeft de accountant gevraagd om de voorziening verder te onderbouwen. Volgens de BBV moet een voorziening onderbouwd worden met de verplichtingen en risico’s waarvan de omvang redelijkerwijs in te schatten zijn. Gezien de benodigde besluitvorming omtrent de keuzes in de nazorg, de onduidelijkheden over de toekomstige normen m.b.t. de waterkwaliteit, en het traject omtrent bovengenoemd afkoopvoorstel was het niet mogelijk om de voorziening op deze wijze te onderbouwen.

Om deze reden is besloten de voorziening vrij te laten vallen ten gunste van het resultaat en toe te voegen aan een nieuw gevormde bestemmingsreserve nazorg. Deze bestemmingsreserve nazorg kan worden ingezet om (een deel van) de afkoop te dekken. Mocht worden besloten niet over te gaan tot afkoop dan kan de bestemmingsreserve worden gebruikt voor dekking van de toekomstige lasten voor de nazorg van de stortplaats Westwoud. Claim Pfas Op 24 april 2024 heeft een advocatenkantoor, namens elf belangenorganisaties, de Staat der Nederlanden gedagvaard vanwege de schadelijke gevolgen van PFAS. Eén van deze belangenorganisaties was Stichting Ouderennetwerking Westfriesland. In de dagvaarding wordt ook de voormalige stortlocatie vermeld. Op 12 maart 2025 heeft een vonnis plaatsgevonden, waarbij de rechter heeft bepaald dat de procedure niet ontvankelijk was, en voortgezet kon worden als enerzijds een algemeen belang actie, anderzijds als gezamenlijke groepsacties. In beide gevallen was de stichting Ouderennetwerk Westfriesland niet ontvankelijk. De procedure is vervolgens voortgezet als een collectieve procedure. Op 11 februari 2026 heeft de rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in deze procedure. De rechtbank wijst alle vorderingen af. Zij acht de maatregelen die de Staat in dit verband treft, met de kennis die er nu van PFAS is, geschikt en voldoende.

De uitspraak leidt niet tot aanpassing in het beheer en de nazorg van de voormalige stortplaats te Westwoud. Het ABWF blijft de nationale en Europese ontwikkelingen volgen. Onderzoek HHNK In het kader van de Kaderrichtlijn Water (KRW), heeft het HHNK onderzoek uitgevoerd bij 46 voormalige stortplaatsen naar de uitloging van ammonium, PFOS en PFOA. In lijn met hetgeen bekend uit eerdere onderzoek van Bodemzorg en Tauw, ziet het HHNK verhoogde concentraties, met name in de als beheersmaatregel aangelegde ringsloot. In overleg met het ABWF voert het HHNK nader onderzoek uit naar de concentraties in het ontvangende oppervlaktewater benedenstrooms van de stortplaats. Over het uitgevoerde onderzoek en het vervolgonderzoek hebben inmiddels verschillende gesprekken plaatsgevonden tussen het HHNK, Bodemzorg en het ABWF. Het HHNK neemt op verzoek van het ABWF nog enkele extra meetpunten mee om een zo volledig mogelijk beeld te krijgen. Op basis van het vervolgonderzoek beoordeelt het HHNK of de noodzaak bestaat om maatregelen te treffen. Het treffen van extra maatregelen om het oppervlaktewater te laten voldoen aan de KRW normen is meegenomen in het afkoopvoorstel van Bodemzorg.

Pagina 6 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Financiële kengetallen 2025

2024

-95%

-82%

verstrekte leningen

-95%

-82%

2

Solvabiliteitsrisico

100%

95%

3

Structurele exploitatieruimte

4%

4%

1a 1b

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle

De kengetallen Grondexploitatie en Belastingcapaciteit zijn niet opgenomen in bovenstaand overzicht, omdat deze kengetallen niet van toepassing zijn op de gemeenschappelijke regeling ABWF. Toelichting bij de kengetallen: 1. a. De netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Doordat het saldo van de voorziening nazorg stortplaats vrijvalt wordt het saldo verantwoord onder het eigen vermogen. Hierdoor is het eigen vermogen flink hoger dan het vreemd vermogen. Het ABWF valt in de categorie ‘minst risicovol’. b. Zie bovenstaande. 2. Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeenschappelijke regeling bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Ook hier stijgt het percentage doordat het eigen vermogen stijgt door de vrijval van de voorziening nazorg stortplaats. Het ABWF valt in de categorie ‘gemiddeld’. 3.

Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeenschappelijke regeling heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Het ABWF valt in de categorie ‘minst risicovol’. Samenhang kengetallen: Door de vrijval van de voorziening nazorg stortplaats neemt het vreemd vermogen af en het eigen vermogen toe. Maar het ABWF verzorgt nog steeds het beheer van de stortplaats. Dus de percentages van de kengetallen wijzigen, maar het doel van de gemeenschappelijke regeling niet. De kosten van het beheer van de stortplaats werden gedekt door de voorziening. Nu de voorziening is vrijgevallen worden de kosten verantwoord in het overzicht van baten en lasten.

Pagina 7 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Paragraaf Financiering De Treasuryfunctie omvat de financiering van het beleid en het uitzetten van geldmiddelen die niet direct nodig zijn. Het beleid is vastgelegd in het Treasurystatuut. Het ABWF heeft geen langlopende leningen opgenomen en na de invoering van de Wet verplicht schatkistbankieren in december 2013 kan het ABWF zijn 'overtollige' gelden alleen nog bij het ministerie van Financiën uitzetten. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft de maximale toegestane omvang van de kortlopende schuld (met een looptijd korter dan één jaar) weer. Er zijn geen kortlopende leningen afgesloten dus zijn we binnen de limiet gebleven. Renterisiconorm De renterisiconorm bepaalt dat jaarlijks maximaal 20% van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening en herfinanciering. Dit heeft niet plaatsgevonden. Er zijn geen langlopende leningen afgesloten. Dus blijven we binnen de norm.

Paragraaf Bedrijfsvoering Bestuurlijke organisatie Het ABWF volgt de verordeningen van de gemeente Stede Broec, maar past deze aan specifiek voor het ABWF waar nodig. Ambtelijke organisatie Het ABWF heeft geen personeel in dienst. Ondersteuning (secretariaat en financiële administratie) wordt geleverd door de SED organisatie. Rechtmatigheid In deze paragraaf bedrijfsvoering geeft het dagelijks bestuur een toelichting ten aanzien van onderwerpen die de rechtmatigheid raken. Er wordt aangegeven hoe de beheersing is vormgegeven en er is een nadere toelichting op alle afwijkingen die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen voor zover deze de rapportagegrens overschrijden. Ook wordt aangegeven welke maatregelen zijn of worden genomen om verbeteringen aan te brengen om het rechtmatig handelen in de toekomst afdoende in processen te waarborgen. Verantwoordingsgrens en rapportagegrens In de financiële verordening heeft het Algemeen Bestuur de verantwoordingsgrens vastgesteld op 2% van de totale lasten. In de rechtmatigheidsverantwoording rapporteert het dagelijks bestuur over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten van het ABWF. Voor 2025 is deze grens € 3.108. Organisatie Om tot een rechtmatigheidsverantwoording te komen onderzoekt het Dagelijks Bestuur onder meer de opzet, bestaan en werking van de processen.

De manier waarop dit onderzoek wordt uitgevoerd wordt jaarlijks beschreven in het IC-VIC-plan (waarbij IC staat voor Interne Controle en VIC voor Verbijzonderde Interne Controle). De beheersing van de bedrijfsvoering is ingericht langs het model van de ‘three lines of defence’: 1. Interne controlemaatregelen worden belegd in de lijnorganisatie. Dit zijn interne beheers/controlemaatregelen die zijn ingericht in processen; 2. Interne controlefuncties/functionarissen die het lijnmanagement ondersteunen; 3. Verbijzonderde interne controle die de werking van de eerste en tweede lijn controleert (team concern control).

Pagina 8 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

De verbijzonderde interne controle (3e verdedigingslinie) is een aanvulling op de reguliere interne controle (2e verdedigingslinie), in die zin dat een objectief oordeel gegeven wordt over de opzet, het bestaan en de werking van de interne controles en beheersingsmaatregelen (1 e verdedigingslinie). De focus ligt hierbij op de processen met de grootste (financiële en maatschappelijke) risico’s, zoals opgenomen in het IC-VIC plan. Het IC-VIC plan is in 2025 uitgevoerd en de resultaten van de werkzaamheden zijn aangeboden voor het controledossier van de accountant. Uitkomsten van het onderzoek Begrotingscriterium Bij de toetsing op het begrotingscriterium wordt vastgesteld of alle begrotingsafwijkingen passen binnen het kader van de door het AB vastgestelde begroting. Er is sprake van begrotingsonrechtmatigheden wanneer: • • • • •

de door het AB vastgestelde budgetten voor wat betreft de lasten zijn overschreden de door het AB vastgestelde budgetten voor wat betreft de investeringsbudgetten zijn overschreden toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves niet door het AB zijn vastgesteld bij onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten de begroting niet tijdig met begrotingswijzigingen is aangepast en niet tijdig gemeld bij lagere of hogere baten dan begroot deze mutaties niet tijdig met begrotingswijzigingen is aangepast en niet tijdig gemeld.

In de vastgestelde financiële verordening is vastgelegd dat onderschrijding en overschrijding van de baten alsmede onderschrijding van de lasten die zich voordoen na de laatste bestuursrapportage nader worden toegelicht in de verschillenverklaring van de jaarrekening. Daarmee wordt het AB bij de jaarrekening tijdig geïnformeerd over deze afwijkingen. Bevindingen De volgende afwijkingen groter dan de rapportagegrens zijn geconstateerd:

Pagina 9 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Toelichting op het resterend saldo aan begrotingsonrechtmatigheden Voorwaardencriterium Bij het voorwaardencriterium wordt onderzocht of de wijze van besteding en inning van gelden voldoet aan de financiële regels zoals opgenomen in de regelgeving die is opgenomen in het normenkader. In 2025 zijn er geen geconstateerde afwijkingen geweest voor inkoop en aanbesteding, Wet Fido, Wet Normering Topinkomens en er hebben geen transacties voor onroerende zaken en of staatssteun plaatsgevonden. M&O criterium In de notitie Beleid Misbruik & Oneigenlijk gebruik staan de uitgangspunten om het risico op misbruik en oneigenlijk gebruik zo laag mogelijk te hebben, te voorkomen, te bestrijden of te detecteren. De notitie beschrijft de waarborgen ter voorkoming of vermindering van het risico op misbruik en oneigenlijk gebruik, de uitgangspunten voor het M&O beleid en de verantwoordelijkheden binnen de organisatie. Vervolgens gaat de notitie in op de risicogebieden in de verschillende domeinen. Deze risico’s worden door middel van een periodieke inventarisatie geactualiseerd en er wordt geïnventariseerd of een risico zich heeft voorgedaan.

De notitie gaat verder in op de maatregelen die genomen zijn in het kader van de Algemene verordening Gegevensbescherming, de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), ondermijning en de Wet bevordering Integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (BIBOB). Bevindingen Tijdens het uitvoeren van de interne controles en verbijzonderde interne controles over 2025 zijn de betrokken processen getoetst. Deze toetsing heeft niet geleid tot feitelijke constateringen wat betreft misbruik, oneigenlijk gebruik of fraude met betrekking tot de inzet en aanwending van gemeentelijke middelen.

Monitor Rechtmatigheidsverantwoording

A B C

Bedrag €0 €0 €0

Resterend saldo begrotingsonrechtmatigheden Saldo onrechtmatigheden voorwaarden criterium Saldo onrechtmatigheden Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Totaal rechtmatigheidsfouten (A+B+C) Verantwoordinggrens: 2% van € 155.400

€0 €

3.108

Frauderisico Er zijn geen concrete aanwijzingen of vermoedens dat zich fraudes hebben voorgedaan in het afgelopen boekjaar.

Pagina 10 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Paragraaf Openbaarheid Op 1 mei 2022 trad de Wet Open Overheid (Woo) in werking. De Woo vervangt de Wet openbaarheid bestuur (Wob), maar gaat verder dan de Wob. De Woo verplicht tot het: • • • •

passief openbaar maken van informatie via het afhandelen van Woo-verzoeken actief openbaar maken van elf informatiecategorieën aanstellen van een Contactfunctionaris Woo op orde brengen van de Informatiehuishouding.

Het passief openbaar maken, oftewel het afhandelen van Woo-verzoeken, is per 1 mei 2022 met de inwerkingtreding van de Woo reeds geïmplementeerd. In 2024 is de nieuwe werkwijze geïmplementeerd. Er is een Woo-medewerker bij de SED organisatie aangesteld. In 2024 is door de SED organisatie ook software aangeschaft en in gebruik genomen om documenten te anonimiseren. De SED organisatie pakt de implementatie van de Woo projectmatig op met kort cyclische deelprojecten via zogeheten ‘W00ts’ (Woo-teams). De uitrol loopt in de pas met landelijke planning. Naast de Woots heeft het projectteam van de SED organisatie zich gericht op interne voorlichting en bewustwording. Hiervoor is de Woo-waaier ontwikkeld en was er een postercampagne. Op 1 november is de verplichting voor het actief publiceren van documenten en gegevens ingegaan voor de volgende informatiecategorieën: • • • •

Wetten en andere algemeen verbindende voorschriften Overige besluiten van algemene strekking Informatie van organisatie en werkwijze Bereikbaarheidsgegevens

Eind 2025 heeft de gemeente Drechterland een Woo verzoek aan het ABWF doorgestuurd. In overleg met de gemeente Drechterland en de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, heeft laatstgenoemde partij het Woo verzoek opgepakt en de gevraagde documenten beschikbaar gesteld. Omdat de aanvrager de documenten naar tevreden heeft ontvangen, is het Woo verzoek aan het ABWF begin 2026 ingetrokken.

Pagina 11 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen De verkoop van activa en passiva aan HVC in 2004 zorgde ervoor dat het ABWF een aanzienlijk beperktere hoeveelheid kapitaalgoederen in bezit heeft dan een gemeente. De kapitaalgoederen bestaan uit de gronden en een pompgebouw op de locatie van de voormalige stortplaats te Westwoud. De boekwaarde van de grond bedraagt ultimo 2025 € 55.000, de overige activa zijn volledig afgeschreven. Overige activa: - twee VOPO-pompen, - twee terreinpompen, - persleiding en - een perspomp. De lasten van de nazorg werden voorheen gedekt uit de voorziening, met het wegvallen van die voorziening in 2024 dienen deze lasten nu vanuit de exploitatie te worden gedekt. De totale onderhoudslasten in 2025 zijn €56.400.

Pagina 12 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Jaarrekening Dit hoofdstuk bevat het overzicht van baten en lasten en een toelichting en de balans en een toelichting.

Overzicht van baten en lasten Begroting Begroting na wijziging

Werkelijk

Lasten - DVO SED organisatie

51.200

51.200

51.200

- Nazorg stortplaats

49.900

40.100

56.400

- Waterschapsbelasting

5.600

39.300

32.900

- Overige lasten

21.400

8.800

14.900

128.100

139.400

155.400

- Bijdrage gemeenten

74.500

74.500

74.500

- Verhuur gebouw golfterrein

28.100

28.100

28.800

0

35.200

42.200

102.600

137.800

145.500

0

0

0

-/- 25.500

-/- 1.600

-/- 9.900

Totaal lasten Baten

- Rentebaten Totaal baten Mutaties in reserves

Gerealiseerde resultaat

Toelichting afwijking begroting na wijziging en realisatie De begroting is op totaalniveau vastgesteld. De analyse is ook op totaalniveau. Het verwachte resultaat is -/- € 1.600 en het gerealiseerde resultaat is -/- € 9.900. Het verschil is -/- € 8.300. Dat verschil wordt verklaard door: Rentebaten Nazorg stortplaats Waterschapsbelasting Overige verschillen Totaal:

+/+ -/+/+ -/-/-

€ 7.000 € 16.300 € 6.400 € 5.400 € 8.300

Toelichting op de oorzaken • Over het saldo van het schatkistbankieren ontvangen we rente, de rente over het vierde kwartaal was in de eindejaarsnota nog niet meegenomen; • Voor de nazorg van de stortplaats bleek nog een achterstallige factuur over het eerste halfjaar verschuldigd aan Bodemzorg, deze factuur werd niet meegenomen in de eindejaarsnota; • Van het waterschap werd een correctie op de eerdere aanslag ontvangen, deze bleek uiteindelijk voor 2025 lager uit te vallen.

Pagina 13 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Incidentele baten en Lasten omschrijving lasten Second opnion Sweco Nederland Second opinion Sweco Nederland bodemonderzoek Advies risico 's Vijverberg Advocaten Advies stortplaats Buiten Organisatie advies bv omschrijving baten afrekening waterschapsbelasting 2024

bedrag 5.400 5.400 2.300 3.800 16.900 -10.400

Balans (bedragen in €’s) ACTIVA

31-12-2025

31-12-2024

Vaste activa Materiële vaste activa - investeringen met economisch nut

55.000

55.000

Totaal vaste activa

55.000

55.000

7.000 1.412.000

0 1.377.000

Liquide middelen: - Banksaldi

26.000

139.000

Overlopende activa: - Vooruitbetaalde en nog te ontvangen bedragen

7.000

23.000

Totaal vlottende activa

1.452.000

1.539.000

TOTAAL ACTIVA

1.507.000

1.593.000

Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar: - Vorderingen op openbare lichamen - Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rent typische looptijd korter dan één jaar

Pagina 14 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen: - Algemene reserve - Bestemmingsreserve Nazorg stortplaats Westwoud - Resultaat

46.000 1.467.000 - -/-10.000

46.000 0 1.467.000

Totaal vaste passiva

1.503.000

1.513.000

0

68.000

Overlopende passiva: - Nog te betalen bedragen

4.000

12.000

Totaal vlottende passiva

1.507.000

80.000

TOTAAL PASSIVA

1.507.000

1.593.000

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar: - Overige schulden

Pagina 15 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Algemene grondslagen voor de opstelling van de jaarrekening Inleiding De jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften, die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daar voor geeft. Algemene grondslagen De waardering en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders wordt vermeld, worden activa en passiva opgenomen tegen verkrijgingsprijs (activa) of nominale waarde. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's, die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva Materiële vaste activa met economisch nut Materiële vaste activa zijn gewaardeerd op aanschaffingswaarde verminderd met de cumulatieve afschrijvingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van de lineaire methode, rekening houdend met een eventuele residuwaarde. Op grond wordt niet meer afgeschreven. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde gewaardeerd. De liquide middelen staan ter vrije beschikking. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Overzicht van baten en lasten Presentatie van het structureel saldo: Saldo baten en lasten Saldo toevoegingen en onttrekkingen

-/- 10.000 0

Saldo

-/- 10.000

Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)

-/- 6.500

Structureel saldo

-/- 3.500

Overzicht structurele mutaties reserves

Pagina 16 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Het ABWF heeft naast de algemene reserve sinds 2024 ook een bestemmingsreserve nazorg stortplaats, het volledige resultaat over 2024 werd vanwege de vrijval van de voorziening nazorg stortplaats aan die bestemmingsreserve nazorg toegevoegd. Er worden geen structurele mutaties vanuit de reserves gedaan. In 2025 is het resultaat 2024 ad € 1.467.000 toegevoegd aan de algemene reserve en vanuit de algemene reserve bestemd naar de bestemmingsreserve nazorg.

Toelichting op de balans Materiële vaste activa; investeringen met economisch nut

Omschrijving Gronden en terreinen

Boekwaarde Investeringen 31-12-2024 55.000

Desinves- AfschrijvinBoekwaarde Afwaarderingen teringen gen 31-12-2025

0

0

0

0

55.000

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

Omschrijving Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar Overige vorderingen

Boekwaarde Voorziening 31-12-2025 oninbaarheid

Balanswaarde Balanswaarde 31-12-2025 31-12-2024

1.412.000

0

1.412.000

1.377.000

7.000

0

7.000

0

1.419.000

0

1.419.000

1.377.000

Liquide middelen Omschrijving Banksaldi

31-12-2025

31-12-2024

26.000

139.000

Pagina 17 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Overlopende activa Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2025 31-12-2024

Omschrijving Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van de volgende begrotingsjaren komen

7.000

23.000

Het saldo betreft de nog te ontvangen rente over het 4e kwartaal. Eigen vermogen Omschrijving Algemene reserve Bestemmingsreserve Nazorg stortplaats Westwoud Gerealiseerd resultaat

Boekwaarde 31-12-2025

Boekwaarde 31-12-2024

46.000

46.000

1.467.000 Totaal

-/- 10.000

1.467.000

1.503.000

1.513.000

Pagina 18 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Bestemming gerealiseerd jaarresultaat 2024 Het positieve jaarresultaat 2024 van € 1.467.000 is gestort in de daarvoor gevormde bestemmingsreserve nazorg Westwoud met als doel de nazorg van de stortplaats te dekken. Dit is besloten in de vergadering van het algemeen bestuur van 2 juli 2025. Op basis van de afspraken in de regio mag het saldo van de algemene reserve 2,5% van het lastentotaal zijn. De algemene reserve is hoger, maar gezien het risico voor de nazorg van de stortplaats wordt het saldo gehandhaafd. Het verloop van de reserves is als volgt: Omschrijving

Boekwaarde 31-12-2024

Toevoeging

46.000

0

Algemene reserve Bestemmings reserve Nazorg stortplaats Westwoud Bestemming resultaat vorig boekjaar Totaal

Vermindering Bestemming ter dekking van resultaat 2024 afschrijvingen

Onttrekking

0

0

Boekwaarde 31-12-2025

0

1.467.000

46.000 1.467.000

1.467.000

0

0

-1.467.000

0

0

1.513.000

0

0

0

0

1.513.000

Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Omschrijving Overige schulden

Boekwaarde 31-12-2025

Boekwaarde 31-12-2024

0

68.000

Overlopende passiva Omschrijving Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume

Boekwaarde 31-12-2025

Boekwaarde 31-12-2024

4.000

12.000

Pagina 19 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Gebeurtenissen na balansdatum Op 26 november 2025 heeft het AB ABWF een principebesluit genomen om over te gaan tot afkoop van het beheer en nazorg van de voormalige vuilstort. Het principebesluit heeft zij naar de deelnemende gemeenten gestuurd om voor 1 maart 2026 te voorzien van een zienswijze. Het AB heeft met inachtneming van deze zienswijzen op 22 april 2026 besloten om, onder voorbehoud van vaststelling van de begroting ABWF 2027, akkoord te gaan met het definitieve afkoopvoorstel van Bodemzorg d.d. 23 maart 2026 voor de overdracht van nazorg en beheer van de voormalige stortplaats te Westwoud voor een periode van 30 jaar (1 januari 2027 t/m 31 december 2056), tegen een afkoopsom van € 7.164.247 ex btw. De eigen liquiditeit van de GR wordt ingezet en het overige deel wordt vooruitbetaald door de gemeenten en verdeeld op basis van de meest recente bevolkingscijfers. Op 16 januari 2026 hebben de provincie, het HHNK, ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de gemeente Drechterland, en de Inspectie Leefomgeving en Transport en handhavingsverzoek ontvangen op de indirecte lozing van het afgepompte water van de vuilstort op het IJsselmeer. Voor het aanbieden van het afvalwater via de persleiding op de RWZI van het HHNK beschikt het ABWF over een vergunning en meetbeschikking. Het ABWF is van mening dat zij hiermee binnen de bestaande wet- en regelgeving handelt.

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Het ABWF heeft een verhuurcontract met de Stichting Golfbaan Westwoud voor een terrein, zijnde golfbaan en recht van opstal op dit terrein. De looptijd van de overeenkomst eindigt op 31 december 2056 met een jaarlijkse indexering volgens CPI van het CBS met als basisjaar 1988. De originele overeenkomst is aangegaan in 1988 en verlengd in 2009. Voor de komende 31 jaar bedraagt de omvang daarvan (zonder indexatie) € 893.000. Conform artikel 24 van de gemeenschappelijke regeling zijn de deelnemende gemeenten ieder afzonderlijk verplicht het lichaam zodanige financiële voorschotten te verstrekken dat het lichaam te allen tijde aan zijn financiële verplichtingen kan voldoen. De gemeenten hebben een aanzuiveringsplicht voor de tekorten jegens ABWF. Met betrekking tot de nazorg Westwoud geldt dit ook voor de reeds uitgetreden gemeente Hollands Kroon (verantwoordelijk en aansprakelijk voor 5,7%).

Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur Baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 3.108.

De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025. Bevinding Het algemeen bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten en ook de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 16.069 bedraagt. Dit is € 12.961 hoger dan de daarvoor gestelde grens van € 3.108. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten Pagina 20 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

en ook de balansmutaties is volgens het dagelijks bestuur overigens een bedrag van € 16.069 acceptabel op basis van door het algemeen bestuur vastgestelde afspraken.

Wet Normering Topinkomens (WNT) Conform de Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen Publieke en Semi-publieke sector dienen van onderstaande functies de volgende gegevens gepubliceerd te worden. Geen van de bestuursleden ontvangt een vergoeding. Er is geen personeel in dienst of vergoedingen aan anderen betaald in 2025. Topfunctionarissen in het kader van de Wet Normering Topinkomens (WNT) bij de gemeenschappelijke regeling VVI zijn de leden van het algemeen- en dagelijks bestuur. 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 1.900 of minder Gegevens 2025 Naam topfunctionaris D. Bennis

Functie Voorzitter dagelijks en algemeen bestuur van 01/01 t/m 31/12

H.P.F. Nederpelt

Lid dagelijks en algemeen bestuur van 01/01 t/m 31/12 Lid dagelijks en algemeen bestuur van 01/01 t/m 31/12 Lid algemeen bestuur van 01/01 t/m 31/12

T. Visser

Lid algemeen bestuur van 01/01 t/m 31/12

V.B. Buis

Lid algemeen bestuur van 01/01 t/m 31/12

W. Bijman

Lid algemeen bestuur van 01/01 t/m 31/12

J. Schilder J.C.N Wagenaar

Overzicht baten en lasten per taakveld Lasten

Baten

0. Bestuur en ondersteuning 0.4

Overhead

€ 54.600

€0

0.5

Treasury

€0

€ 42.200

0.8

Overige baten en lasten

€ 11.500

€ 103.300

0.11

Resultaat van de rekening van baten en lasten

€0

€ 9.900

€ 89.300

€0

€ 155.400

€ 155.400

7.0 Volksgezondheid en milieu 7.3 Totaal

Afval

Pagina 21 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Overige gegevens Controleverklaring accountant CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT

Aan: het Algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Afvalbeheer Westfriesland Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2025 Ons oordeel Wij hebben de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2025 van de gemeenschappelijke regeling Afvalbeheer Westfriesland gecontroleerd. Naar ons oordeel geeft de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en samenstelling van de baten en lasten en van het vermogen van Afvalbeheer Westfriesland op 31 december 2025, alsmede van de financiële rechtmatigheid over 2025 in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de begroting en de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder de verordeningen, opgenomen bepalingen zoals opgenomen in het normenkader dat bij besluit van 22 april 2026 door het Algemeen bestuur is vastgesteld. De jaarrekening bestaat uit: • het overzicht van baten, lasten en balansmutaties over 2025; • de rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur; • de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving; • de balans per 31 december 2025; • het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld over 2025; • de WNT-verantwoording; • de overige gegevens.

De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het Controleprotocol 2025 Afvalbeheer Westfriesland dat is vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 22 april 2026, het normenkader voor de financiële rechtmatigheid die is vastgesteld door het Algemeen bestuur op 22 april 2026 en het Controleprotocol Wet normering topinkomens (Wnt) 2025 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van de gemeenschappelijke regeling Afvalbeheer Westfriesland zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Paragraaf ter benadrukking van bepaalde aangelegenheden – rechtmatigheidsverantwoording Wij vestigen de aandacht op het onderdeel Rechtmatigheidsverantwoording in de toelichting op de jaarrekening op pagina 23.

Het dagelijks bestuur heeft in deze rechtmatigheidsverantwoording toegelicht dat een deel van de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties niet rechtmatig tot stand is gekomen. Het totaal aan geconstateerde afwijkingen (rechtmatigheidsfouten), voor een bedrag van in totaal € 16.069 ligt boven de door het algemeen bestuur vastgestelde verantwoordingsgrens. Ons oordeel is niet aangepast als gevolg van deze aangelegenheid Pagina 22 van 26

Informatie ter ondersteuning van ons oordeel Wij hebben onze controlewerkzaamheden bepaald in het kader van de controle van de jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover. Onderstaande informatie ter ondersteuning van ons oordeel en onze bevindingen moeten in het kader worden bezien en niet als afzonderlijke onderdelen of conclusies. Materialiteit Op basis van onze professionele oordeelsvorming hebben wij de materialiteit voor de jaarrekening als geheel bepaald op € 3.108. De bij onze controle toegepaste goedkeuringstolerantie bedraagt voor fouten en onzekerheden 2% van de totale lasten exclusief de toevoegingen aan reserves, zoals voorgeschreven in artikel 2 lid 1 Bado. Daarbij zijn voor de controle van de in de jaarrekening opgenomen WNT-informatie de materialiteitsvoorschriften gehanteerd zoals vastgelegd in het Controleprotocol WNT 2025. Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening voor de gebruikers van de jaarrekening om kwalitatieve redenen materieel zijn, zoals ook bedoeld in artikel 3 Bado. Wij zijn met het Algemeen bestuur overeengekomen dat wij aan het bestuur tijdens onze controle alle geconstateerde kwantitatieve afwijkingen rapporteren, alsmede afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve, of WNTredenen relevant zijn.

Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2025 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, eerste lid, onderdelen n en o, Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNTplichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is. Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen andere informatie De jaarstukken omvatten andere informatie, naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening.

Het Dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het jaarverslag in overeenstemming met het BBV.

Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening Verantwoordelijkheden van het Dagelijks bestuur en Algemeen bestuur voor de jaarrekening Het Dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met het BBV. Het Dagelijks bestuur is ook verantwoordelijk voor de financiële rechtmatigheid van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder de in verordeningen opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het Normenkader 2025 van Afvalbeheer Westfriesland, dat is vastgesteld door het Algemeen bestuur op 22 april 2026.

Pagina 23 van 26

In dit kader is het Dagelijks bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het Dagelijks bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die relevante weten regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Bij het opmaken van de jaarrekening moet het Dagelijks bestuur de veronderstellingen inzake de financiële risico’s in relatie tot de financiële positie onderbouwen en afwegen of de organisatie in staat is om de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder. Het Dagelijks bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of financiële risico’s kunnen worden opgevangen toelichten in de jaarrekening. Het Algemeen bestuur is verantwoordelijk voor het vaststellen van het normenkader voor de financiële rechtmatigheid en het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van het recreatieschap.

Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel. Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Bado, het Controleprotocol 2025 Afvalbeheer Westfriesland dat is vastgesteld door het Algemeen bestuur op 22 april 2026, het Controleprotocol WNT 2025, de ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen.

Onze controle bestond onder andere uit: • het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing; • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden.

Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de organisatie; • het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving, de gebruikte financiële rechtmatigheidscriteria en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het Dagelijks Bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan; • het vaststellen dat de door het Dagelijks Bestuur gehanteerde veronderstellingen aanvaardbaar zijn inzake de afweging dat de gemeenschappelijke regeling in staat is de financiële risico’s vanuit de reguliere exploitatie en onverwachte tegenvallers financieel op te vangen zonder tussenkomst van de toezichthouder. Tevens het op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan omtrent de financiële positie. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te Pagina 24 van 26

vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter van materiele betekenis zijn voor de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling; • het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen; en • het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen.

Wij communiceren met het Algemeen bestuur onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing.

Hoofddorp, 24 april 2026 ETL Assurance & Overheidsaccountants B.V.

drs. J.J. van de Velde RA

Pagina 25 van 26

Bijlagen Gemeentelijke bijdragen

Aantal inwoners 1-1-2024

Bijdrage

Gemeente Drechterland

20.498

6.969

Gemeente Enkhuizen

18.901

6.426

Gemeente Hoorn

75.621

25.711

Gemeente Koggenland

23.580

8.017

Gemeente Medemblik

46.005

15.642

Gemeente Opmeer

12.222

4.155

Gemeente Stede Broec

22.216

7.553

219.043

74.473

Deelnemers

Totaal

Pagina 26 van 26

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17070990/1