Bijlage 15 ENK Aanwijscriteria en bescherming per beleidsstatus
Tekst van het document
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS
GEMEENTE ENKHUIZEN
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Bescherming van bomen per beleidsstatus In deze bijlage is de bescherming van bomen in de gemeente Enkhuizen uitgewerkt. De beleidsstatus van de bomen is ingedeeld in 4 categorieën. Voor iedere categorie zijn aanwijscriteria opgesteld. De regels ten aanzien van bescherming tegen kap voor elk van deze 4 categorieën staan daarna uitgewerkt. Actualisatie Alle bomen en houtopstanden in eigendom van gemeente Enkhuizen zijn vastgelegd in het gemeentelijke boomgegevensbestand. Bij elke volgende inspectie van de bomen en houtopstanden wordt dit bestand geactualiseerd. Waardevolle bomen De waardevolle bomen en houtopstanden binnen gemeente Enkhuizen (zowel in eigendom van gemeente als particulieren en andere organisaties) worden daarnaast vastgelegd op de Groene Kaart1 en weergegeven op de ‘Lijst van waardevolle bomen’ die door het college van burgemeester en wethouders wordt vastgesteld en periodiek wordt geactualiseerd (minimaal elke 2e inspectiecyclus of elke 6 jaar). Structuurbomen De structuurbomen vormen in lijnen en vlakken de dragende groenstructuur, en de bomen binnen deze structuren die zijn aangewezen als structuurbomen worden vastgelegd op de Groene Kaart1. De waardevolle bomen en houtopstanden zullen eveneens op deze kaart worden weergegeven.
Ook de kaart wordt door het college van burgemeester en wethouders vastgesteld en periodiek geactualiseerd (minimaal elke 2e inspectiecyclus). Overige bomen De overige bomen in eigendom van de gemeente Enkhuizen worden als zodanig vastgelegd in het gemeentelijke boomgegevensbestand. Dit kunnen ook bomen buiten de bebouwde kom zijn, in welk geval de Wet natuurbescherming geldt. Bomen niet in eigendom van de gemeente, niet behorende tot één van de onderstaande beleidscategorieën, vallen buiten de gemeentelijke registratie en verantwoordelijkheid.
1
Zie GeoVisia online: https://bomenwacht.dataquint.nl/, Gebruikersnaam omgevingsprogramma@sed.nl, Wachtwoord: sed2021. Ga naar de legenda ‘Omgevingsprogramma – groene kaart’ Pagina 1 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Categorie 1: (potentieel) Waardevolle bomen In de eerste categorie vallen waardevolle en monumentale bomen en boomgroepen (beleidsstatus I van Handboek Bomen), en bomen die de potentie hebben om uit te groeien tot waardevolle bomen.
Subcategorie 1A: Waardevolle bomen Aanwijscriteria waardevolle bomen: De boom of houtopstand dient ten minste 1 van de volgende specifieke kenmerken te hebben. Dit zijn de redenen of specifieke kenmerken voor aanwijzing: 1. Beeldbepalendheid 2. Ecologische waarde 3. Cultuurhistorische waarde (solitair of als samenhangende groep) 4. Zeldzaamheid, uniciteit of dendrologie Randvoorwaarden De volgende randvoorwaarden voor aanwijzing bepalen of aangewezen bomen of houtopstanden ook daadwerkelijk op de bomenlijst kunnen worden opgenomen: a. Plantjaar en boomgrootte b. Technische levensduur Toelichting aanwijscriteria waardevolle bomen 1. Beeldbepalendheid Een boom is beeldbepalend indien deze voor de beeldkwaliteit van de leefomgeving van grote waarde is of indien de boom een belangrijke positieve bijdrage levert aan het karakter en de herkenbaarheid op straat-, wijk‐ of dorpsniveau. Bij particuliere terreinen gaat het veelal om bomen in voor‐ en zijtuinen, die in het straatbeeld van Stede Broec/Enkhuizen/Drechterland een grote rol spelen doordat de habitus (vorm van de boom) zichtbaar is vanuit openbaar toegankelijk gebied. In sommige gevallen gaat het om bomen in achtertuinen die een beeldbepalende bijdrage leveren aan het groene karakter van de wijk of straat.
De boom dient in ieder geval ofwel een zodanige omvang te hebben dat deze reeds vanuit 1 windrichting beeldbepalend is voor de omgeving, ofwel de boom is vanuit alle windrichtingen beeldbepalend, waarbij de omvang geen rol speelt. Een bijzondere, opvallende of aansprekende locatie van de boom kan mede bepalend zijn voor opname op de ‘Lijst van waardevolle bomen’. Een boom op een markante of verrassende plek, of op een locatie die uitnodigt tot recreatie, wordt eerder aangewezen dan eenzelfde boom op een achteraflocatie. Denk hierbij bijvoorbeeld aan bomen rond een kerk of op een plein.
Pagina 2 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN Soms is de manier waarop een boom is geplant of is gegroeid, bijvoorbeeld ten opzichte van andere bomen, van invloed op de manier waarop een boom zich manifesteert. Meestal hebben we te maken met solitaire beeldbepalende bomen, maar in specifieke gevallen geldt het ook voor bomen in groepen, waarbij niet zozeer de individuele boom maar de groep als geheel van beeldbepalende waarde is. Zoals bij een groep van 2 of 3 bomen die tezamen één kroon vormen. 2. Ecologische waarde Bomen kunnen een belangrijke functie hebben voor het voortbestaan van bepaalde flora en fauna. Het gaat hierbij om een structurele functie voor een bepaalde dier- of plantensoort. Een kolonieboom van blauwe reigers bijvoorbeeld die al jarenlang zo wordt gebruikt. Of een groeiplaats voor een bijzondere korstmossoort, maretak of andere bijzondere plantensoorten. Ook kunnen bomen als geleiding of verblijfplaats dienen voor vleermuizen, of zijn ze een belangrijk onderdeel van een ecologische verbindingsroute (zie daarvoor ook de structuurbomen). Daarnaast kunnen streekeigen, inheemse soorten van belang zijn vanwege de waarde als autochtoon plantmateriaal door hun genetische oorspronkelijkheid. Een dergelijke ecologische waarde kan worden vastgesteld door een ecoloog, of aan de hand van bestaande ecologische kaarten en/of gegevens. 3.
Cultuurhistorische waarde Bomen en bepaalde boomstructuren (lanen, groepjes) kunnen onderdeel zijn van de lokale geschiedenis of een bepaalde cultuurhistorische betekenis hebben. Het meest bekend zijn de herdenkingsbomen die ter gelegenheid van bijzondere gebeurtenissen zijn geplant. Maar ook kan gedacht worden aan groene elementen die essentieel zijn voor een bepaald landschapstype. Oude knotbomen of houtwallen in het bebouwde gebied bijvoorbeeld markeren vaak vroegere erf- en perceelgrenzen. Ook bomen die onderdeel zijn van een beschermd stadsgezicht, vallen hier onder vanwege de cultuurhistorische waarde. Onder cultuurhistorische eigenschappen vallen onder andere: Herdenkingsboom (een herdenkingsboom hoeft niet aan de randvoorwaarde “plantjaar” te voldoen om toch de status waardevol te krijgen) Grensboom Markeringsboom Bakenboom Ensemble met historisch pand Boom in historische houtwal Verzetsboom Buurtboom Karakteristieke snoeivorm Ooggetuigeboom Beschermd stadsgezicht
Pagina 3 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN 4. Zeldzaamheid, uniciteit of dendrologie Zeldzaamheid: Een boomsoort is voor de gemeente Stede Broec/Enkhuizen/Drechterland zeldzaam als er vermoedelijk minder dan 5 volwassen exemplaren van voorkomen binnen de gemeentegrenzen. Het gaat hierbij om boomsoorten en niet om variëteiten.
Uniciteit: Bomen kunnen uniek zijn binnen Stede Broec/Enkhuizen/Drechterland vanwege hun grootte en/of groeivorm, bijvoorbeeld de grootste, dikste of scheefste boom van de wijk of het dorp.
Dendrologie: Bijzondere soorten kunnen boomkundig (dendrologisch) gezien waardevol zijn. Denk aan een exotische boomsoort of een bijzondere kweekvorm of variëteit. In ‘Dendrologie van de lage landen’ van J. de Koning en W. van den Broek (voorheen: ‘Nederlandse dendrologie’ van dr. B.K. Boom) staat aangegeven welke soorten en variëteiten voor Nederland zeldzaam zijn. Deze kunnen aangevuld worden met specifiek voor Stede Broec/Enkhuizen/Drechterland zeldzame en bijzondere boomsoorten.
Toelichting randvoorwaarden waardevolle bomen Plantjaar en boomgrootte Een aansprekende omvang of leeftijd vergroot de waarde van een boom of boomgroep. In eerste instantie geldt het plantjaar van de boom als criterium hiervoor. Van niet alle bomen is het plantjaar bekend, er is dan geselecteerd op basis van de stamdiameter en -omvang. Een boom wordt in de gemeente Enkhuizen waardevol genoemd als het plantjaar meer dan 80 jaar geleden is (vergelijkbaar met een stamdiameter van meer dan 80 centimeter op 1,3 meter boven maaiveld in geval van een onbekend plantjaar). Technische levensduur De boom dient een resterende technische levensduur te hebben van meer dan 10 jaar. Bomen met een zeer slechte levensverwachting komen niet in aanmerking voor aanwijzing. Bij historische structuren moet het grootste deel van de aan te wijzen structuur nog meer dan 10 jaar veilig kunnen staan. De technische levensduur dient op deskundige wijze te worden bepaald door een boomspecialist (European Tree Technician of gelijkwaardig niveau).
Voor het bepalen van de technische levensduur zijn de volgende aspecten van belang: De conditie van de boom in relatie tot het herstelvermogen van de boomsoort; De mate waarin er sprake is van mechanisch onherstelbare veiligheidsproblemen; De mate waarin er sprake is van parasitaire ziekten of aantastingen die het voortbestaan van de boom bedreigen; De mate waarin er sprake is van een afname in kwaliteit en/of kwantiteit van de ondergrondse groeiruimte.
Pagina 4 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Subcategorie 1B: Potentieel waardevolle bomen Aanwijscriteria potentieel waardevolle bomen: De boom of houtopstand heeft de potentie om in de toekomst aan een van de 4 aanwijscriteria voor een waardevolle boom te voldoen. Dit zijn de redenen of specifieke kenmerken voor aanwijzing: 1. Beeldbepalendheid 2. Ecologische waarde 3. Cultuurhistorische waarde (solitair of als samenhangende groep) 4. Zeldzaamheid, uniciteit of dendrologie Randvoorwaarden De volgende randvoorwaarden voor aanwijzing bepalen of aangewezen bomen of houtopstanden ook daadwerkelijk op de bomenlijst kunnen worden opgenomen: a. Gemeentelijke boom b. Duurzame groeiplaats c. Plantjaar en boomgrootte d. Technische levensduur Toelichting randvoorwaarden a. Gemeentelijke boom Alle bomen hebben de potentie uit te groeien tot een waardevolle boom. Door de status potentieel waardevol te verbinden aan een boom worden extra eisen opgelegd in onderhoud en beheer van de boom. b. Duurzame groeiplaats De groeiplaats van een boom is zeer bepalend voor de levensduurverwachting voor de boom. De groeiplaats van een potentieel waardevolle boom dient zo te zijn ingericht dat een de ambitieleeftijd van minimaal 80 jaar haalbaar is. De normen voor groeiplaatsen zoals gesteld in het Handboek Bomen 2018 zijn hierbij leidend.
Ondergronds is er dan voldoende vocht, zuurstof, voeding, doorwortelbare ruimte en een lage verdichtingsgraad van de bodem. Bovengronds gaat het om voldoende ruimte voor het doorontwikkelen van de kroon, stam en stamvoet. c. Plantjaar en boomgrootte Een aansprekende omvang of leeftijd vergroot de waarde van een boom of boomgroep. In eerste instantie geldt het plantjaar van de boom als criterium hiervoor. Van niet alle bomen is het plantjaar bekend, er is dan geselecteerd op basis van de stamdiameter en -omvang. Een boom wordt in de gemeente Enkhuizen potentieel waardevol genoemd als het plantjaar meer dan 40 jaar geleden is (vergelijkbaar met een stamdiameter van meer dan 40 centimeter op 1,3 meter boven maaiveld in geval van een onbekend plantjaar).
Pagina 5 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN d. Technische levensduur De boom dient een resterende technische levensduur te hebben van meer dan 15 jaar. Bomen met een zeer slechte levensverwachting komen niet in aanmerking voor aanwijzing. Bij structuren moet het grootste deel van de aan te wijzen structuur nog meer dan 15 jaar veilig kunnen staan. De technische levensduur dient op deskundige wijze te worden bepaald door een boomspecialist (European Tree Technician of gelijkwaardig niveau). Voor het bepalen van de technische levensduur zijn de volgende aspecten van belang: De conditie van de boom in relatie tot het herstelvermogen van de boomsoort; De mate waarin er sprake is van mechanisch onherstelbare veiligheidsproblemen; De mate waarin er sprake is van parasitaire ziekten of aantastingen die het voortbestaan van de boom bedreigen; De mate waarin er sprake is van een afname in kwaliteit en/of kwantiteit van de ondergrondse groeiruimte.
Pagina 6 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Categorie 2: Structuurbomen Structuurbomen (beleidsstatus II van Handboek Bomen) hebben als samenhangende boomgroep of bomenrij een extra waarde voor de omgeving. Aanwijscriteria structuurbomen: 1. Ruimtelijke betekenis 2. Groene verbinding Randvoorwaarden structuurbomen: a. Duurzame groeiplaats Toelichting Aanwijscriteria 1. Ruimtelijke betekenis De gemeente streeft ernaar, in de geest van de Omgevingswet, bomen een belangrijker aandeel te geven in de leefomgeving. Bomen in structuren leveren een belangrijke bijdrage aan het karakter van de omgeving doordat ze stedenbouwkundige en landschappelijke structuren accentueren en versterken. In gemeente Enkhuizen begeleiden ze bijvoorbeeld wegen of wateren binnen de hoofdinfrastructuur. Dit kunnen ook particuliere bomen zijn. Een particuliere boom maakt onderdeel uit van een boomstructuur wanneer deze staat op het voorerf van een perceel dat grenst aan de weg of dijklichaam dat op de kaart is aangewezen als (boom)structuurlijn. Binnen de structuren wordt onderscheid gemaakt tussen lint- of lijnvormige structuren en parkstructuren. Lintstructuren kunnen ook particuliere bomen bevatten. Hieronder vallen bijvoorbeeld de dorpslinten. Particuliere bomen staande op erven waarvan de voor- of zijkant is gesitueerd aan een boomstructuur maken onderdeel uit van de boomstructuur.
Voor bomen met een diameter groter dan 40 cm geldt een kapvergunning. Onder parkstructuren vallen naast de parken ook de grotere plantsoenen en begraafplaatsen. Alleen gemeentelijke bomen krijgen de beleidsstatus van parkboom en hebben een ambitieleeftijd van 80 jaar. 2. Groene verbinding Structuren zijn van grotere betekenis wanneer er een onderlinge samenhang is. Dit houdt in dat de afzonderlijke lijnstructuren aansluiten op andere lijnstructuren of groengebieden. Tezamen vormen de lijnstructuren een aansluitend netwerk bijvoorbeeld als groene dooradering van het dorp. Parken en plantsoenen kunnen op eenzelfde wijze verbindende stapstenen vormen. Zo ontstaat er een natuurlijke migratieroute voor vogels en andere diersoorten. Ook kunnen structuurelementen een belangrijke rol vervullen in de verbinding tussen dorp en buitengebied. Toelichting randvoorwaarden a. Duurzame groeiplaats De groeiplaats van bomen in structuren is zo ingericht dat de ambitieleeftijd gesteld in de aanwijscriteria haalbaar is. De normen voor groeiplaatsen zoals gesteld in het Handboek Bomen 2018 zijn hierbij leidend.
Pagina 7 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN Ondergronds is er dan voldoende vocht, zuurstof, voeding, doorwortelbare ruimte en een lage verdichtingsgraad van de bodem. Bovengronds gaat het om voldoende ruimte voor het doorontwikkelen van de kroon, stam en stamvoet. Een aansprekende omvang of leeftijd vergroot de waarde van een bomenstructuur. In eerste instantie geldt het plantjaar van de bomenrij of -groep als criterium. Van niet alle bomen is het plantjaar bekend, er is dan geselecteerd op basis van de stamdiameter en -omvang. Een bestaande bomenrij of -groep kan in de gemeente Enkhuizen als nieuwe structuur worden aangewezen als de rij of groep inmiddels 60 of 80 jaar gezamenlijk een extra ruimtelijke betekenis voor de omgeving heeft..
Categorie 3: Functionele bomen Functionele bomen (beleidsstatus III in handboek Bomen) zijn aangeplant om ten minste 40 jaar te voorzien in reguliere, groene wijkaankleding en zo bij te dragen aan een goede leefomgeving. Aanwijscriteria functionele bomen Niet van toepassing, alle bomen komen in aanmerking voor de status functionele boom. Randvoorwaarden functionele bomen a. Groeiplaats b. Eigendom van gemeente Toelichting randvoorwaarden a. Groeiplaats voor 40 jaar Een boom dient in de gemeente Enkhuizen zodanig te worden aangeplant (groeiplaats, ondergrondse en bovengrondse ruimte) dat de ambitieleeftijd van 40 jaar redelijkerwijs haalbaar is. De normen voor groeiplaatsen zoals gesteld in het Handboek Bomen 2018 zijn hierbij leidend. b. Eigendom van gemeente Overige bomen zoals geregistreerd binnen de gemeente Enkhuizen zijn eigendom van de gemeente.
Pagina 8 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Categorie 4: Overige bomen Op locaties waar door ondergronds en/of bovengronds ruimtegebrek een duurzame standplaats niet mogelijk is, maar groene aankleding wel wenselijk is, worden bomen aangeplant met een beperkte levensverwachting. Deze overige bomen (beleidsstatus IV van Handboek Bomen) hebben een levensverwachting van circa 20 jaar. Aanwijscriteria overige bomen Niet van toepassing, alle bomen komen in aanmerking voor de status overige boom. Randvoorwaarden overige bomen a. Groeiplaats b. Eigendom van gemeente Toelichting randvoorwaarden overige bomen a. Groeiplaats voor 20 jaar Een boom dient in de gemeente Enkhuizen zodanig te worden aangeplant (groeiplaats, ondergrondse en bovengrondse ruimte) dat de ambitieleeftijd van 20 jaar redelijkerwijs haalbaar is. Deze bomen zijn aangeplant als aankleding van de leefomgeving. Deze bomen hebben een beperkte ambitieleeftijd en daarom minimale eisen voor de groeiplaats. Als niet aan de minimaal groeiplaatsomstandigheden kan worden voldaan, worden geen bomen geplant. b. Eigendom van gemeente Overige bomen zoals geregistreerd binnen de gemeente Enkhuizen zijn eigendom van de gemeente.
Pagina 9 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Overzicht categorieën Categorie 1A
Status Waardevol
1B
Potentieel waardevol
2
Structuurbomen
3
Functionele bomen Overige bomen
4
Ambitie leeftijd 80 (minimale leeftijd bij aanwijzing 80 (waardevol) of 40 (potentieel waardevol) 60 (lanen) of 80 (parken/ plantsoenen)
40 20
Pagina 10 van 14
Kenmerken Bomen met grote waarde voor de omgeving (beleving, cultuurhistorie, dendrologie)
Eigenaar Gemeente of particulier/ derden
Bomen in samenhangende rijen of vlakken, met ruimtelijke betekening en/of als groene verbinding Verhoogde kwaliteit van de leefomgeving Groene aankleding leefomgeving
Gemeente of particulier/ derden
Gemeente Gemeente
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Bijzonderheden Bomen buiten de bebouwde kom Voor bomen in het gemeentelijke buitengebied (vastgelegd als buiten bebouwde kom Wegenverkeerswet) is de Wet natuurbescherming, hoofdstuk 4 van toepassing, tenzij sprake is van: a. houtopstanden binnen de bij besluit van de gemeenteraad vastgestelde grenzen van de bebouwde kom; b. houtopstanden op erven of in tuinen; c. fruitbomen en windschermen om boomgaarden; d. naaldbomen, kennelijk bedoeld om te dienen als kerstbomen, indien niet ouder dan 20 jaar; e. kweekgoed; f. uit populieren of wilgen bestaande: 1. wegbeplantingen; 2. beplantingen langs waterwegen, en 3. eenrijige beplantingen langs landbouwgronden; g. het dunnen van een houtopstand; h. uit populieren, wilgen, essen of elzen bestaande beplantingen die kennelijk zijn bedoeld voor de productie van houtige biomassa, indien zij: 1. ten minste eens per 10 jaar worden geoogst; 2. bestaan uit minstens 10.000 stoven per hectare per beplantingseenheid, zijnde een aaneengesloten beplanting die niet wordt doorsneden door onbeplante stroken breder dan 2 meter, en 3. zijn aangelegd na 1 januari 2013. Bomen buiten de bebouwde kom Wet natuurbescherming (voorheen bebouwde kom Boswet), die vallen onder 1 van bovenstaande uitzonderingen, kunnen een gemeentelijke beleidsstatus toegewezen krijgen.
Het gaat dan met name om de bomen op erven of in tuinen die als waardevolle boom aangemerkt kunnen worden, en (oude) fruitbomen en windschermen om boomgaarden, en specifieke rijen populieren of wilgen, die een cultuurhistorische waarde hebben of deel uitmaken van een aangewezen boomstructuur.
Snelgroeiende boomsoorten Voor een aantal boomsoorten gelden strengere eisen voor aanwijzing. Het gaat hier om bomen die snel groeien en zeer algemeen zijn. Door deze eigenschappen verdringen zij andere bomen. Bovendien hebben zij vaak ook een beperktere levensduur en raken ze sneller in verval. Ook wijkt de diktegroei bij deze soorten af, en kan deze niet gebruikt worden als leeftijdsindicatie. Aanwijzing van deze snelgroeiende soorten op basis van dezelfde criteria als die gelden voor andere soorten moet met enige terughoudendheid gebeuren. De boomsoorten die in dit document gelden als snelgroeiend zijn: Populier Wilg
Pagina 11 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Vergunning en compensatie Voor het kappen, verplanten, rigoureus snoeien waardoor de groeivorm verandert (zoals het voor de eerste keer knotten of kandelaberen, of het snoeien van meer dan 40 procent van de kroon) of het op een andere manier in gevaar brengen van het voortbestaan van een monumentale of (potentieel) waardevolle boom of aantasten van een structuur dient een vergunning te worden aangevraagd. Deze vergunningsplicht vervalt voor bomen zonder status van (potentieel) waardevolle of structuurboom.
Beoordeling kapaanvraag waardevolle en (potentieel) waardevolle bomen en boomgroepen (categorie 1A en 1B) Waardevolle bomen worden alleen gekapt als er sprake is van een veiligheidsrisico (voor omgeving en/of verkeer) dat niet met boomsparende maatregelen weggenomen kan worden of bij een besmettelijke ziekte. Ook als een boom niet meer voldoet aan de aanwijscriteria (tevens weigeringsgronden) en dit met beheermaatregelen ook niet meer mogelijk gemaakt kan worden, kan dat een reden zijn om de boom te kappen. Het verantwoord en veilig omvormen naar een ecologisch beheerde boom kan als boomsparende maatregel worden toegepast op daarvoor geschikte locaties. Potentieel waardevolle bomen worden alleen gekapt als er sprake is van een veiligheidsrisico (voor omgeving en/of verkeer) dat niet met boomsparende maatregelen weggenomen kan worden, bij besmettelijke ziekten, of bij een groot maatschappelijk belang.
Beoordeling kapaanvraag structuurbomen (categorie 2) Deze bomen worden alleen gekapt als dit geen of een positief effect heeft op de beeldkwaliteit van de gehele structuur, tenzij sprake is van een veiligheidsrisico (voor omgeving en/of verkeer) dat niet met boomsparende maatregelen weggenomen kan worden, of bij een particulier of maatschappelijk belang (bouw woning, school, bedrijfsgebouw et cetera). Het duurzaam verleggen van de structuur kan ook een oplossing zijn. Gemeentelijke bomen met een stamdiameter kleiner dan 40 cm binnen een vastgestelde structuur, hebben op basis van hun status wel een vergunningsplicht, maar kunnen wat minder streng beoordeeld worden. Wel geldt dat na kap, door middel van herplant, de structuur weer hersteld moet worden (zie ook onderdeel Herplant na kap). Voor particuliere bomen binnen een vastgestelde structuur met een stamdiameter kleiner dan 40 cm geldt geen kapvergunnings- en herplantplicht
Pagina 12 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN
Cumulatieve beoordeling Bij meerdere vergunningaanvragen voor kappen van bomen uit 1 rij of vlak (cumulatief gerekend) binnen 1 groeiseizoen, inclusief verplanten/verplaatsen, rigoureus snoeien of het op een andere manier aantasten van de samenhang en/of aanzicht van een als samenhangende eenheid te herkennen boomstructuur dienen deze in samenhang te worden beoordeeld. Dit betekent ook dat als in eerste instantie 1 of enkele bomen zijn gekapt en vervangen (inboet), en vervolgens in datzelfde groeiseizoen weer een aantal bomen moeten worden vervangen, en daarmee het totaal aan vervangen of anderszins aantasten van de structuur op meer dan 30 procent uitkomt, daarvoor alsnog alle verrichtingen binnen dat groeiseizoen samen meegenomen moeten worden in de overweging. Daarnaast wordt, indien delen van of een hele structuur gekapt moeten worden, ook gekeken of in het gebied daar omheen ook (delen van) structuren gekapt worden, en welke weerslag dit heeft op het geheel aan bomen in dat gebied. Uitgangspunt is dat niet binnen korte tijd een kaalslag mag plaatsvinden. Om dat te voorkomen wordt waar nodig en mogelijk de kap en herplant gefaseerd uitgevoerd.
Beoordeling kapaanvraag functionele en overige bomen (categorie 3 en 4) Overige gemeentelijke en particuliere bomen moeten vooral zorgen voor een passende, groene aankleding. Op het moment dat een boom daar niet meer aan kan voldoen (veiligheid, overlast, ernstig teruglopende conditie, maatschappelijk belang) kan dat al snel een reden zijn om de boom te verwijderen en (uiteindelijk) te vervangen voor een boom die (beter) past. Voor dergelijke bomen is geen omgevingsvergunning nodig. Ook geldt hier geen meldingsplicht. Voor gemeentelijke bomen geldt een informatie-inspanning richting inwoners.
Beoordeling kapaanvraag particuliere bomen Particuliere bomen zijn vrij van kapvergunning tenzij de boom deel uitmaakt van een gemeentelijke structuur of is aangemerkt als waardevolle boom. Deze bomen mogen zonder vergunning of melding gekapt worden.
Dunning Onder dunnen wordt verstaan het verwijderen van boomvormers uit een houtopstand als onderhoudsmaatregel ter bevordering van de groei van de overblijvende houtopstand, waarbij geen oppervlakte van de betreffende houtopstand verloren gaat. Dunning in een bosplantsoen geldt daarmee als onderhoudsmaatregel, waar geen vergunning of melding voor nodig is. Wel worden voorafgaand aan de uitvoering van deze onderhoudsmaatregel de inwoners actief geïnformeerd.
Herplant na kap Na het verwijderen van een gemeentelijke boom naar aanleiding van een verleende vergunning of als geen vergunning nodig was, is herplant verplicht. Bij de herplant krijgt de Pagina 13 van 14
BIJLAGE 15 AANWIJSCRITERIA EN BOOMBESCHERMING PER BELEIDSSTATUS ENKHUIZEN vervangende boom dezelfde ambitieleeftijd als de verwijderde boom. Ook vindt vervanging plaats met een boom van minstens dezelfde boomgrootteklasse. Onderdeel van deze herplantplicht is een passende groeiplaatsinrichting conform de richtlijnen van Handboek Bomen, en ten minste 3 jaar nazorg. Als de jonge aanplant tussentijds uitvalt, is inboet (vervangende aanplant) verplicht. De nazorgperiode gaat dan opnieuw in. Als de vervangende boom goed ontwikkelt en vanuit de nazorg wordt overgedragen naar de begeleidingsfase, kan een beleidsstatus worden toegekend. In het geval een particuliere boom in ensemble met een (Rijks)monument, of een particuliere boom in een waardevolle structuur als onderdeel van een beschermd stadsgezicht gekapt moet worden, zullen specifieke eisen aan de herplant gesteld worden. Vervangingsladder bomen Bij het verwijderen van een vergunningsplichtige boom of een gemeentelijke boom dient herplant plaats te vinden: 1. Op dezelfde plek (1:1). Is dit niet mogelijk, dan volgt: 2. Binnen dezelfde locatie/perceel. Is dit niet mogelijk, dan volgt: 3. Grenzend aan de locatie. Is dit niet mogelijk, dan volgt: 4. Elders in het dorp of gemeente.
Bij verwijderen van bomen uit een bosplantsoenvak (dunning) is geen sprake van kap maar van een onderhoudsmaatregel, en daarom geldt ook geen herplantplicht. Indien een deel van een bosplantsoenvak verwijderd wordt, dient wel gekeken te worden of dit elders gecompenseerd kan worden met een zelfde aantal m2. Voor bomen die vallen onder de regelgeving van de Wet natuurbescherming (buiten de bebouwde kom) geldt conform deze wet dat na kap binnen 3 jaar herplant moet plaatsvinden.
Onrechtmatige snoei en illegale kap Indien een vergunningsplichtige boom zonder vergunning wordt gekapt of rigoureus wordt gesnoeid, dan wordt daar op gehandhaafd. Dit kan resulteren in het opleggen van een boete en/of een herplantplicht. Hetzelfde geldt ook voor illegale snoei door particulieren aan gemeentelijke bomen.
Pagina 14 van 14