CConstaterende datEnkhuizen
Koppel je AI →
Document · PDF

B1 REGIOPLAN IN CONTROL OF ALCOHOL DRUGS 2023-2026 def (2-2-2023)

gemeenteraad 27 juni 2023, gemeente EnkhuizenBij agendapunt: Regioplan ICOAD 2023-20267.739 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Regioplan In Control of Alcohol & Drugs 2023 t/m 2026

Versie 28-2-2023

1

Inhoudsopgave 1.

Jarenlange samenwerking regio Westfriesland

blz. 3

2.

Doel van het regioplan

blz. 4

3.

Samenwerkingspartners

blz. 8

4.

Functie van gemeenten binnen ICOAD

blz. 10

5.

Denkrichtingen

blz. 13

6.

Financiën

blz. 18

Bijlagen

blz. 20

2

1. Samenwerking regio Westfriesland Sinds 2008 werken de regiogemeenten in Westfriesland met veel passie en daadkracht aan het terugdringen van het aantal jongeren dat op jonge leeftijd te veel en te vaak alcohol drinkt en/of drugs gebruikt. Aanleiding voor de regionale aanpak is de gemeentegrensoverschrijdende terugkerende problematiek die voortvloeit uit alcohol- en drugsmisbruik. De samenwerkingspartners bij deze aanpak zijn onder andere GGD Hollands Noorden en Brijder Jeugd. De gekozen ketenaanpak bestaat uit preventief beleid gericht op jongeren, ouders en hun sociale omgeving en het creëren van bewustwording als communicatiestrategie. Deze aanpak is effectief gebleken, werd lokaal ingezet en heeft veel kennis en ervaring opgeleverd.

1.1 Inleiding Sinds 2013 werken de inmiddels 16 gemeenten uit Noord-Holland Noord, GGD Hollands Noorden, Brijder, Veiligheidsregio Noord-Holland Noord, L!INK en GGZ Noord-Holland Noord daarom samen om het alcohol- en drugsgebruik onder jongeren verder terug te dringen en te voorkomen. Zij doen dat met het programma In control of alcohol & drugs (ICOAD). Op het gebied van gezondheid en communicatie is een aantal zaken in de samenwerking goed uitgepakt de afgelopen jaren. Het alcoholgebruik onder jongeren is gedaald en de startleeftijd waarop zij beginnen te drinken is verhoogd (zie bijlage 1: Cijfers en feiten). Vanuit 'In Control' is er een interventiekaart beschikbaar met allerlei verschillende interventies voor onder andere onderwijs, gezinnen, horeca, sportverenigingen en gemeenten (www.incontrolinterventies.nl).

1.2 Blijvende inzet is nodig Ondanks de resultaten die ICOAD de afgelopen 10 jaar in Westfriesland heeft bereikt, blijft het alcohol- en drugsgebruik door jongeren een onderwerp dat constante aandacht nodig heeft. Zo tonen de cijfers aan dat jongeren in Westfriesland nog steeds gemiddeld te vroeg drinken, te vaak drinken en te veel drinken met alle gevolgen van dien. Daarnaast tonen de cijfers aan dat oudertolerantie toeneemt (dit zijn ouders die het toestaan dat hun kind vóór hun 18e jaar drinkt). Verder wordt de NIX18-regeling niet door alle alcoholverstrekkers even nauw nageleefd. Ook is bingedrinken populair onder jongeren tot 25 jaar.

Drugsgebruik onder jongeren blijft ook een punt van zorg, met name omdat er trends opduiken zoals bijvoorbeeld lachgas, waar niet meteen een antwoord of remedie op is. Dat

3

vraagt om een goede afstemming tussen de ambtenaren, bestuurders en ketenpartners op lokaal en (boven)regionaal niveau.

Om het alcohol- en drugsgebruik onder Westfriese jongeren ook de komende jaren zoveel mogelijk terug te dringen, ligt het nieuwe beleidsinhoudelijke regioplan voor u. Deze zal van kracht zijn voor de jaren 2023 t/m 2026.

1.3 Kaders De kaders voor het plan zijn opgebouwd uit: • Nationaal Preventieakkoord • Landelijke nota gezondheidsbeleid • NIX18 • Alcoholwet • Convenant Veilige School Westfriesland • APV • Inspelen op actualiteiten/landelijke trends, soms gericht, soms regionaal • We volgen (boven)regionale en landelijke ontwikkelingen

2. Doel van het regioplan 2.1 Verminderen overmatig alcoholgebruik en drugsgebruik Door het programma ICOAD willen wij met preventie, handhaving en communicatie bijdragen aan het verminderen van het overmatig alcoholgebruik en drugsgebruik onder jongeren vanaf 11/12 jaar (groep 8) tot 23 jaar en daarnaast het vergroten van de sociale en maatschappelijke veiligheid en gezondheid. Om dit te realiseren, zetten we in op een bewust gekozen gezonde leefstijl met behulp van: • Hanteren van NIX18 voor jongeren onder de 18 jaar: geen alcohol en niet roken is de sociale en wettelijke norm. • Bewustzijn creëren bij ouders en opvoeders over hun voorbeeldfunctie en goed ouderschap. • Bewustzijn creëren en kennis/deskundigheid bevorderen bij volwassenen in het (professioneel) netwerk rondom de jongeren. • Versterken van de weerbaarheid van jongeren tot 23 jaar en hun ouders/opvoeders.

4

2.2 Overkoepelende visie ICOAD 2023-2026 In de jaren 2023-2026 zullen de 7 Westfriese gemeenten samen met de samenwerkingspartners vanuit ICOAD streven naar het realiseren van enkele concrete doelen. Ten eerste zullen zij proberen het alcohol- en drugsgebruik onder jongeren flink te verminderen. Ten tweede zal er worden gewerkt aan het verhogen van de startleeftijd voor alcoholgebruik en drugsgebruik. Dit om te realiseren dat, als jongeren alcohol en drugs willen gebruiken, zij dit zo laat mogelijk in hun leven doen. Verder zal er de komende jaren vanuit ICOAD strakker worden gemonitord om te kijken hoeveel effect de preventieve interventies/activiteiten vanuit de GGD en gemeenten daadwerkelijk hebben op de inwoners van Westfriesland.

Regionaal geharmoniseerde handhavingsaanpak Vanuit ICOAD zullen de 7 Westfriese burgemeesters worden gevraagd zich nauwer te betrekken bij ICOAD en zullen zij trachten een regionaal geharmoniseerde handhavingsaanpak omtrent alcohol- en drugsgebruik door jongeren te realiseren.

Uitganspunten van andere interventies Het zogeheten IJslands model en LEF zijn initiatieven die beide in de beleidsinhoudelijke uitvoering van ICOAD als uitgangspunten worden gehanteerd. Om een goed beeld te geven van wat het IJslands model en LEF inhouden, voegen wij hieronder een beschrijving van beide initiatieven toe en geven wij aan hoe wij het IJslands model en LEF in onze werkzaamheden doorvoeren.

IJslands preventiemodel Het IJslandse preventiemodel Youth in Iceland is een aanpak gebaseerd op wetenschappelijke inzichten om middelengebruik (alcohol, tabak en drugs) door jongeren te voorkomen. Het model is ontwikkeld door het Icelandic Centre for Social Research and Analysis (ICSRA) en richt zich op het implementeren van lokale interventies die bekende risicofactoren voor middelengebruik verminderen en beschermende factoren bij ouders, op scholen en in gemeenschappen versterken.

De inhoudelijke uitgangspunten van het IJslands model zijn: •

Monitoring door ouders ‘ouders weten waar hun kinderen zijn, met wie en wat ze doen’.

•

Jongeren meer tijd laten doorbrengen met gezin.

5

•

Duidelijke regels vanuit ouders over middelengebruik door hun kinderen.

•

Voorbeeldgedrag van ouders: ‘Een kind kijkt naar je handel en je wandel’.

•

Ouders maken afspraken met ouders van andere jongeren over wat wel en niet mag op (huis)feestjes.

•

Betrokkenheid van school.

•

Meer activiteiten voor jongeren (georganiseerde vrijetijdsbesteding).

LEF LEF is een initiatief dat is ontwikkeld door gemeente Edam-Volendam met het hoofddoel om middelengebruik bij minderjarigen terug te dringen. LEF is gebaseerd op het IJslands model en is in samenwerking met universiteit Utrecht vormgegeven. LEF hanteert een integrale aanpak op het gebied van voorlichting in samenwerking met het onderwijs, het aanbieden van alternatieve activiteiten met focus op de vrijdag- en zaterdagavond, inzet op de sociale norm van ouders en handhaven.

De inhoudelijke uitgangspunten van LEF zijn: •

Alternatieve activiteiten jongeren: ➢

Activiteiten zoals sporten, kookworkshops, bowlen en escape rooms.

•

Ouders hanteren strikte regels en houden actief toezicht.

•

Gemeenten en andere betrokkenen hebben invloed via zichtbaarheid van de handhaving van het alcoholbeleid.

•

Toegankelijkheid alcohol buitenshuis.

Overlap en verschil tussen LEF en het IJslands model Zoals u terug kunt zien in de inhoudelijke uitgangspunten, zit er veel overlap tussen LEF en het IJslands model. Zo richten beide initiatieven zich op de rol van de ouders en onderstrepen beide initiatieven het belang van activiteiten voor jongeren. Er zijn echter ook verschillen. Zo heeft het IJslands model de betrokkenheid van scholen als uitgangspunt en wordt dat niet expliciet benoemd binnen LEF. LEF richt zich daarentegen weer op de toegankelijkheid van alcohol buitenshuis en heeft zichtbare handhaving door gemeente en politie op alcohol- en drugsgebruik bij jongeren hoog in het vaandel staan. Hieronder staan de verschillen en overeenkomsten van beide initiatieven schematisch weergegeven. Het groengekleurde en het blauwgekleurde toont aan waar de overlap tussen de twee initiatieven precies zit. Het roodgekleurde toont de verschillen aan.

6

IJslands model:

LEF: -

Alternatieve activiteiten jongeren: •

-

hun kinderen zijn, met wie en wat ze doen’.

Activiteiten zoals sporten, kookworkshops, bowlen en

-

escape rooms. -

Ouders hanteren strikte regels en Gemeenten en andere betrokkenen hebben invloed via zichtbaarheid van de handhaving van het alcoholbeleid.

-

Toegankelijkheid alcohol buitenshuis.

Jongeren meer tijd laten doorbrengen met gezin.

-

houden actief toezicht. -

Monitoring door ouders ‘ouders weten waar

Duidelijke regels vanuit ouders over middelengebruik door hun kinderen.

-

Voorbeeldgedrag van ouders: ‘Een kind kijkt naar je handel en je wandel’.

-

Ouders maken afspraken met ouders van andere jongeren over wat wel en niet mag op (huis)feestjes.

-

Betrokkenheid van school.

-

Meer activiteiten voor jongeren (georganiseerde vrijetijdsbesteding).

Welke elementen uit het IJslands model en LEF worden reeds vanuit uitgevoerd? Het merendeel van de elementen uit LEF en het IJslands model wordt reeds uitgevoerd vanuit ICOAD. Zo wordt er bijvoorbeeld in de webinars/voorlichtingen door de GGD en Brijder bij ouders van minderjarige kinderen bewustzijn gecreëerd en worden ouders aangemoedigd om hun kinderen meer tijd door te laten brengen in het gezin. Ook wordt ouders het belang van duidelijke regels over het middelengebruik door hun kinderen bijgebracht, worden ouders gewezen op hun voorbeeldfunctie en worden ouders aangespoord afspraken te maken met ouders van andere jongeren over wat er wel en niet mag op (huis)feestjes.

Binnen het IJslands model wordt een overkoepelende cyclus gehanteerd waarlangs alle elementen binnen het model geschieden. De cyclus bestaat uit: o

Monitoring

o

Terugkoppeling en dialoog

o

Beleidsvorming

o

Uitvoering

7

Ook deze cyclus wordt in de werkzaamheden van ICOAD gehanteerd. Zo wordt er qua monitoring vanuit ICOAD in Westfriesland elke vier jaar de Jeugdmonitor afgenomen bij leerlingen in leerjaar 2 en 4 van het voortgezet onderwijs (VO). Deze cijfers worden daarna aan de gemeenten ter beschikking gesteld. Ook vindt iedere 4 jaar vanuit ICOAD een nalevingsonderzoek/mysteryguest-onderzoek plaats, waarbij lokale horeca, supermarkten, sportkantines en andere alcoholverkopende gelegenheden worden gecontroleerd op het hanteren van de leeftijdsgrens voor de verkoop van alcohol.

Op basis van de cijfers uit de Jeugdmonitor en het nalevingsonderzoek/mysteryguestonderzoek wordt bekeken in hoeverre het beleid hierop moet worden aangepast. Daarmee wordt invulling gegeven aan de cyclusstappen terugkoppeling & dialoog én beleidsvorming. Vervolgens leidt dit aangepaste beleid op basis van de monitoringsgegevens tot aangepaste activiteiten en interventies in de uitvoering.

Voorbeeld: Het nalevingsonderzoek/mysteryguest-onderzoek toont aan dat er bij de verkoop van alcohol op sportverenigingen weinig op leeftijd wordt gecontroleerd. Op basis van deze monitoringsgegevens wordt het beleid aangepast naar strakkere handhaving op sportverenigingen. Dit vertaalt zich naar concrete handhavingsactiviteiten op de sportverenigingen in de praktijk. Dit is precies de cyclus van het IJslands model.

3. Samenwerkingspartners 3.1 Rol van de GGD bij ICOAD De GGD is een van de uitvoerende partners van ICOAD. Zij zijn dus ook betrokken bij de uitvoering van het nieuwe regioplan. Hieronder een beknopte weergave van enkele taken die zij (boven)regionaal uitvoeren. In bijlage 2 vindt u een uitgebreide beschrijving van alle GGDtaken.

• De GGD zorgt voor kwaliteit, beheer en beschikbaarheid van de interventiekaart. • De GGD verzamelt en verspreidt de bovenregionale intoxicatiecijfers (de cijfers komen vanuit Veiligheidsregio). • De GGD is ambassadeur van de Gezonde school aanpak. • De GGD zorgt voor de bovenregionale communicatie vanuit ICOAD. • De GGD organiseert voorlichtingen en webinars voor ouders en jongeren m.b.t. alcohol- en

8

drugspreventie in samenwerking met Brijder Jeugd en andere interventiehouders, zoals L!NK en PlayBack • De GGD is budgetbeheerder.

3.2 Rol van Brijder Jeugd De preventie-afdeling van Brijder Jeugd is een van de uitvoerende partners van ICOAD. Zij zijn dus ook betrokken bij de uitvoering van het nieuwe regioplan. Brijder Jeugd voert, eventueel in samenwerking met andere organisaties, preventie-interventies uit voor diverse doelgroepen. Denk hierbij aan ouders/opvoeders, jongeren maar ook barvrijwilligers of BOA’s binnen een gemeente.

Brijder is voor o.a. de GGD, gemeenten of andere organisaties binnen de regio de sparringpartner als het gaat over de ontwikkelingen op het gebied van middelengebruik. In samenspraak met gemeente en GGD kan in gezamenlijkheid een preventiestrategie worden opgezet. Brijder Jeugd werkt daarbij zoveel mogelijk met interventies die wetenschappelijk zijn onderzocht en staan beschreven in de databases van het Loket Gezond Leven en het Nederlands Jeugd Instituut.

3.3 Rol van de VO-scholen bij ICOAD Hoewel de VO-scholen geen actieve rol hebben binnen ICOAD zijn zij wel een belangrijke partner en hebben zij een signaalfunctie. Jongeren brengen immers de meeste tijd van hun dagelijks bestaan door op VO-scholen. Leerkrachten en ander onderwijspersoneel hebben daarom het meest complete zicht op de fysieke en mentale gesteldheid van jongeren. Ook op het alcohol- en drugsgebruik onder jongeren hebben zij het beste beeld van alle samenwerkingspartners. Hoewel het merendeel van het alcohol- en drugsgebruik door jongeren weliswaar niet op en rondom het schoolterrein plaatsvindt, zien leerkrachten en onderwijspersoneel wel het effect van alcohol- en drugsgebruik in het gedrag van jongeren op school. Denk hierbij aan jongeren die stoned terugkomen in de klas nadat zij in de pauze zijn gaan blowen of jongeren die maandagochtend met een kater op school komen, omdat zij in het weekend te veel alcohol hebben gedronken. Gezien de signaalfunctie die de VO-scholen hebben, worden zij vanuit ICOAD terugkerend betrokken bij het inzichtelijk krijgen van nieuwe trends en ontwikkelingen op het gebied van alcohol- en drugsgebruik onder jongeren.

Dit gebeurt door regulier contact van ambtelijke collega’s met Brijder Jeugd die op haar beurt met vaste frequentie langsgaat bij Westfriese VO-scholen om actualiteiten op het gebied van alcohol- en drugsgebruik onder jongeren te

9

bespreken. De signalen die dan via Brijder Jeugd binnenkomen, worden vervolgens door de ambtelijke collega’s meegenomen in de beleidsvoering.

3.4 Rol van de sportverenigingen De Westfriese sportverenigingen zijn ook betrokken bij ICOAD. Zo worden de sportverenigingen betrokken bij verschillende campagnes vanuit GGD Hollands Noorden, zoals bijvoorbeeld de campagne NIX 18 in sportkantines. Daarnaast krijgen sportverenigingen elearnings aangeboden op het gebied van alcohol- en drugs en kunnen de sportverenigingen gebruik maken van een aanbod aan adviesgesprekken over alcohol- en drugspreventie vanuit de GGD. In het contact dat de GGD vanuit ICOAD met de gemeenten onderhoudt, wordt gerealiseerd dat het aanbod voor de sportverenigingen aansluit bij het lokale beleid.

4. Functie van gemeenten binnen ICOAD Naast de hierboven genoemde werkzaamheden die bijvoorbeeld GGD Hollands Noorden en Brijder Jeugd verrichten in het kader van ICOAD leveren de Westfriese gemeenten het beleidsinhoudelijk kader van de activiteiten en interventies die vanuit ICOAD worden uitgevoerd. Concreet houdt dit in dat de gemeenten voor de jaren 2023 t/m 2026 een regioplan opleveren en uitvoeren. Hierin staat de beschrijving en uitwerking van een aantal beleidsinhoudelijke denkrichtingen die het fundament vormen voor ICOAD.

De activiteiten en interventies binnen de geformuleerde denkrichtingen uit het voorgaande regioplan 2020 t/m 2022 zijn door de coronaperiode en bijkomende maatregelen/beperkingen niet volledig gerealiseerd. Om ervoor te zorgen dat de activiteiten en interventies in de komende periode een vervolg kunnen krijgen, zijn in afstemming met GGD en Brijder de bestaande denkrichtingen geëvalueerd en geactualiseerd. Tevens is er in samenwerking met GGD en Brijder een werkconferentie georganiseerd om nieuwe input voor deze denkrichtingen op te halen. De opgehaalde input uit deze werkconferentie is in de denkrichtingen verwerkt.

4.1 Organisatie Wijziging in werkgroepen Ten tijde van de uitvoering van het voorgaande regioplan werd er gewerkt met drie aparte ambtelijke werkgroepen: preventie, handhaving en communicatie. De afgelopen jaren is echter in de praktijk gebleken dat het bestaan van een aparte werkgroep communicatie de integraliteit niet bevorderd. Communicatie valt namelijk niet los te koppelen van de inhoud en

10

moet altijd bij de inhoud worden betrokken. Om die reden wordt voorgesteld om voor de jaren 2023 t/m 2026 de werkgroep communicatie op te heffen. In plaats daarvan zullen de communicatie collega’s structureel aanschuiven bij de bijeenkomsten van de werkgroepen OOV en Preventie.

Met het opheffen van de aparte werkgroep communicatie komen de pure communicatietaken vanuit ICOAD echter niet te vervallen. Dit betekent dat de taken die de werkgroep communicatie in het verleden vervulde nog steeds uitgevoerd moeten worden in de komende jaren. Het gaat hierbij om de volgende taken: - Het lokaal verspreiden/uitdragen van communicatietoolkits die bovenregionaal door de GGD ter beschikking worden gesteld. - Jaarlijkse publicaties rondom de alcoholintoxicatiecijfers (in afstemming met de GGD/Veiligheidsregio voor de juiste duiding van de cijfers) met aandacht voor de aanpak van Westfriesland. - Gedurende het jaar inspelen op actualiteiten m.b.t. alcohol en drugs voorzien van een Westfriese reactie om aandacht op de aanpak te vestigen. - Apart aandacht vragen voor de doelgroep ouders tijdens de verschillende thema’s die gedurende het jaar aan de orde komen (denk aan dry januari/Ik Pas, Zien drinken doen drinken, etc.).

Nieuwe overlegstructuur Met het opheffen van de werkgroep communicatie ziet de overlegstructuur van ICOAD er als volgt uit: • Er zijn twee inhoudelijke werkgroepen die regelmatig worden aangevuld met onze ketenpartners en waarbij communicatie nauw wordt betrokken. Het gaat om de werkgroepen Handhaving en Preventie. GGD en Brijder schuiven als partners aan bij de werkgroep Preventie. Politie en Veiligheidspartners kunnen te allen tijd worden gevraagd om aan te schuiven bij de Handhavingswerkgroep. Daarnaast zijn de communicatiecollega’s actief betrokken bij de werkzaamheden van de werkgroepen Handhaving en Preventie om te polsen of er nog iets naar buiten gecommuniceerd moet worden. Als er bovenregionale communicatie door de GGD wordt opgepakt voor de onderzoeken, intoxicatiecijfers en interventiekaart dan betrekt de GGD de communicatiecollega’s hierbij. Vergaderfrequentie van de werkgroep Preventie is 1x in de 3 weken en de vergaderfrequentie van de werkgroep Handhaving is 1 x per maand. Communicatie schuift bij de twee werkgroepen aan.

11

• De twee inhoudelijke werkgroepen komen 4x per jaar samen voor een Integrale werkgroep ICOAD. Daar worden agendapunten besproken die voor beide werkgroepen relevant zijn. Ook wordt daar een terugkoppeling gegeven vanuit het bovenregionale In Control en worden agendapunten voor de stuurgroep voorbereid en besproken. De coördinator is voorzitter van dit overleg.

• De stuurgroep bestaat uit vertegenwoordiging van alle 7 Westfriese gemeenten en vergadert met ingang van 2023 minstens 3x per jaar, waarbij de overlegfrequentie is gekoppeld aan de Commissie Zorg en Veiligheid. Iedere stuurgroep-editie zal dan 2 tot 3 weken vóór de Commissie Zorg en Veiligheid plaatsvinden. Een vierde stuurgroepbijeenkomst wordt ieder jaar ingepland, maar daarbij wordt t.z.t. gekeken of er gebruik van wordt gemaakt.

• De agenda van iedere stuurgroep-editie wordt van tevoren besproken door de ambtelijke coördinator, de voorzitter van de stuurgroep (burgemeester gemeente Stede Broec), wethouder gemeente Medemblik en wethouder gemeente Hoorn.

• De besluitvorming ligt in Westfriesland zelf en niet bij een Gemeenschappelijke Regeling.

4.2 Randvoorwaarden voor uitvoering Om tot een goede realisatie van het regioplan te komen, zijn de volgende randvoorwaarden van belang: • Er moet voldoende draagvlak zijn bij de betrokken partners (bestuur en ketenpartners); • Er moet gelijkwaardige inbreng zijn vanuit de 3 betrokken werkvelden: gezondheid/preventie, veiligheid/handhaving en communicatie.

4.3 Ketenpartners De gemeenten in Westfriesland werken regionaal onderling samen, maar bij het programma ICOAD is samenwerking met andere ketenpartners absoluut wenselijk en noodzakelijk.

Onze ketenpartners in dit traject zijn: • Brijder Jeugd • GGD HN, voor bijvoorbeeld onderzoeken, interventiekaart, intoxicatiecijfers • GGZ NHN • Dijklander ziekenhuis

12

• (Boven)regionaal werken we verder ook samen met: o Gemeenten NHN, uitwisselen kennis en best practices o Horecaondernemers o Jongerenwerk o Supermarkten o Sportkantines o Sportservice o Scholen o Politie o Veiligheidsregio NHN o Stichting Halt

4.4 Monitoring • In de werkgroep zijn de denkrichtingen een vast agendapunt. Hierdoor houden we vinger aan de pols over ontwikkelingen en stagnaties. • Er wordt in samenwerking met GGD Hollands Noorden een format ontwikkeld dat gedurende de looptijd van het regioplan (2023 t/m 2026) door de GGD kan worden gebruikt en waarin kan worden vermeld welke interventies/activiteiten door GGD tot dan toe zijn uitgevoerd vanuit ICOAD. Ook wordt de stand van zaken omtrent de financiën van ICOAD in dat format verwerkt. Dit format zal de GGD dan 3 of 4x per jaar naar de gemeenten sturen als voortgangsrapportages. De zes denkrichtingen van het regioplan zullen ook in deze voortgangsrapportages worden meegenomen om goed in beeld te krijgen wat er per denkrichting gebeurt. Deze voortgangsrapportages kunnen dan desgewenst geagendeerd worden voor de stuurgroepbijeenkomsten om zo voor de bestuurders inzichtelijk te krijgen welke activiteiten/interventies er in de (sociale) omgeving van jongeren plaatsvinden vanuit de zes denkrichtingen.

5. Denkrichtingen Zoals eerder aangegeven bestaat de beleidsinhoudelijke grondslag van ICOAD voor de jaren 2023 t/m 2026 uit een aantal denkrichtingen. Hieronder worden de denkrichtingen uiteen gezet en nader toegelicht. Alle denkrichtingen zijn even belangrijk.

De denkrichtingen zijn: 1. Hoe kunnen we alcohol- en drugsgebruik onder jongeren voorkomen?

13

2. Hoe zorgen we bij ouders en opvoeders voor meer kennis en inzicht over alcohol- en drugsgebruik door jongeren? 3. Hoe zorgen we voor meer bewustwording in de sociale leefomgeving van jongeren? 4. Hoe zorgen we voor weerbare jongeren en hun ouders/opvoeders? 5. Hoe creëren we een eenduidige en werkbare handhaving vanuit de gemeenten? 6. Regionale samenwerking jongerenwerkers

1. Alcohol en drugsgebruik voorkomen bij jongeren In haar beleidsvoering volgen de 7 Westfriese gemeenten het landelijk beleid. Dit bestaat enerzijds uit handhaving op wet- en regelgeving omtrent alcohol en drugs en anderzijds uit preventie van alcohol- en drugsgebruik bij jongeren tot 23 door middel van het creëren van bewustwording. In de praktijk komt dit neer op bijvoorbeeld het uitvoeren van nalevingsonderzoeken/mysteryguest-onderzoeken bij horecagelegenheden en het informeren van jongeren aan de voorkant over de gevaren en valkuilen bij het gebruik van alcohol en drugs door jongeren tot 23. Naast het nalevingsonderzoek/mysteryguest-onderzoek en het creëren van bewustwording bij jongeren zullen er, in navolging van het LEF-model, meer activiteiten voor jongeren worden georganiseerd. Dit om jongeren meer te doen te geven en zo te voorkomen dat zij uit verveling naar alcohol en drugs grijpen. Het uiteindelijke streven van deze bovengenoemde aanpak is om de startleeftijd van jongeren m.b.t. alcoholgebruik en drugsgebruik verder omhoog te krijgen en daarmee jongeren een gezondere en gelukkigere start van hun volwassen leven te bezorgen.

Omdat de laatste jaren drugsgebruik steeds ‘normaler’ wordt gevonden door jongeren zal de nadruk bij deze denkrichting komen te liggen op het voorkomen en terugdringen van drugsgebruik. Alcohol is uiteraard ook heel belangrijk, maar drugs zal net iets meer aandacht krijgen.

Bij onze beleidsvoering gebruiken wij de meest recente cijfers uit de GGDgezondheidsmonitoren. Daarin staat de meest actuele informatie over alcohol- en drugsgebruik bij Westfriese jongeren beschreven. Daarnaast zullen we in onze beleidsvoering zo dicht mogelijk bij de belevingswereld van jongeren blijven, zodat de boodschap daadwerkelijk overkomt. Om dit te realiseren zal er gedurende de looptijd van dit regioplan via de jongerenwerkers nauw contact plaatsvinden met Westfriese jongeren om gaandeweg te peilen wat er onder jongeren speelt op het gebied van alcohol en drugs.

14

2. Meer kennis en inzicht bij ouders/opvoeders over alcohol- en drugsgebruik door jongeren om beter grenzen te kunnen stellen Ouders beïnvloeden hun kinderen als het gaat om alcohol drinken en het gebruik van andere verslavende middelen (roken of drugs) in het bijzijn van kinderen. Zij hebben een voorbeeldfunctie. Het is belangrijk dat ouders grenzen stellen, dat ouders het gesprek met hun kind voeren en NEE kunnen zeggen. Uit onderzoek (landelijk en regionaal) blijkt echter dat ouders/opvoeders de laatste jaren toleranter worden voor alcoholgebruik door hun minderjarige kind(eren). Om ouders handvatten te bieden om weerbaarder te zijn ten opzichte van hun minderjarige kinderen als het gaat om alcohol- en drugsgebruik biedt het programma In Control of Alcohol & Drugs webinars en voorlichting voor ouders aan. Naast het benoemen van de effecten en risico’s van alcohol en drugs wordt in deze webinars/voorlichtingen aangegeven waar ouders terecht kunnen met hun hulpvragen en hoe zij het gesprek met hun kind aan kunnen gaan. Ook leren ouders in de webinars/voorlichtingen over nieuwe soorten drugs en welk effect deze drugs op een kind en zijn/haar omgeving kunnen hebben.

3. Meer bewustwording in de sociale leefomgeving van jongeren Omdat de omgeving van 18-minners (minderjarigen) breder is dan alleen het gezin waarin zij wonen, wordt bij deze denkrichting ook aandacht besteed aan de omgeving van 18-minners buiten het gezin om. Denk hierbij aan VO-scholen, MBO, gecontracteerde zorgaanbieders, buurthuizen, (sport)verenigingen en het straatleven. In de praktijk houdt dit in dat er bijvoorbeeld concrete afspraken gemaakt kunnen worden met scholen en (sport)verenigingen over hun beleid omtrent alcohol- en drugs op en rondom school/vereniging. Ook gaan de ketenpartners met scholen in gesprek over hun rol van informatieverstrekking richting de ouders. Daarnaast kunnen er jongerenwerkers en vrijwilligers getraind worden in het signaleren (en doorverwijzen) van alcohol- en drugsgebruik door minderjarigen op straat. Verder hebben we de ambitie om in de komende jaren een reizende campagne te starten die verschillende plekken in de regio bezoekt om met inwoners in gesprek te gaan en meer bewustwording te creëren over ICOAD.

4. Weerbaarheid van jongeren en ouders Denkrichting 4 richt zich op het vergroten van de weerbaarheid van jongeren en hun ouders. Het programma In Control of Alcohol & Drugs draagt hieraan bij door webinars en voorlichtingen te organiseren voor ouders en jongeren om hen weerbaarder te maken tegen de verleiding en gevaren van overmatig alcohol- en drugsgebruik. Tijdens de webinars en

15

voorlichtingen is ook ruimte voor interactie, zodat er echt met jongeren het gesprek aan kan worden gegaan en het niet alleen maar zenden van informatie is. In Control of Alcohol & Drugs heeft verder regelmatig contact met scholen doordat samenwerkingspartner Brijder Jeugd terugkerend overleg heeft met verschillende VO-scholen in Westfriesland. In die overleggen worden casuïstiek en actualiteiten op het gebied van alcohol en drugs besproken en wordt bekeken hoe de mentale weerbaarheid van de betreffende jongere(n) kan worden versterkt. Afhankelijk van de behoefte kan dit worden ingevuld vanuit ICOAD met 1 uur per week consultatie & advies gericht op het versterken van de mentale weerbaarheid van de jongere(n) in kwestie. Tot slot wordt er, gezien de toenemende criminaliteit onder jongeren en omdat dit gevaar op de loer ligt bij (kwetsbare) jongeren, vanuit denkrichting 4 aandacht besteed aan het voorkomen van criminaliteit. Naast weerbaarheid is het ook van belang dat jongeren weten wat er onder criminaliteit wordt verstaan.

5. Eenduidig handhaven Afspraken maken is belangrijk, maar het verschil in strikte handhaving per gemeente maakt dat het mogelijk is dat er een verschuiving komt van problemen van de ene gemeente naar de andere gemeente. De jongeren gaan naar de plek waar de handhaving het meest soepel is. Daarom is eenduidigheid in regelgeving, uitvoering en in vergunningverlening op regionaal niveau belangrijk. Er kan lokaal maatwerk worden geleverd (denk bijvoorbeeld aan drugscontroles op VO-scholen), maar onderlinge afspraken over eenduidige handhaving en strikte naleving van de wet- en regelgeving in alle 7 Westfriese gemeenten is van belang. De komende jaren zal er worden ingezet op meer afstemming in de openbare orde en veiligheid van de verschillende gemeenten en zal er meer afstemming worden gezocht met horecagelegenheden en sportverenigingen inzake het handhaven van hun eigen regels omtrent alcohol- en drugsgebruik (bijvoorbeeld het hanteren van geleidende sluitingstijden waarbij jongeren na het verlaten van een horecagelegenheid en/of sportvereniging niet opnieuw naar binnen mogen).

Vanuit deze denkrichting organiseren de beleidscollega’s handhaving twee keer per jaar een regionale BOA-bijeenkomst. Tijdens deze bijeenkomsten kan vanuit In Control of Alcohol & Drugs Brijder Jeugd aanschuiven om specifieke vraagstukken op het gebied van alcohol en drugs te bespreken. Daarnaast kunnen er op verzoek van de BOA’s activiteiten zoals overleggen, bijeenkomsten en voorlichtingen over alcohol en drugs worden georganiseerd als zij daar behoefte aan hebben. Tot slot kan er vanuit het regionale In Control of Alcohol &

16

Drugs aandacht worden besteed aan de WhatsApp-groep van Westfriese BOA’s. Deze WhatsApp-groep is een goed middel voor BOA’s om actualiteiten en casuïstiek te bespreken en onderling expertise uit te wisselen. Deze WhatsApp-groep leent zich ook voor het delen van alcohol- en drugs-gerelateerde meldingen.

Omdat het handhavingselement van ICOAD de laatste jaren minder aandacht heeft gehad, zal dit onderwerp de komende jaren extra goed in de gaten worden gehouden. Hierbij zal ook aandacht zijn voor de alcohol-schenkende sportverenigingen. Uit de cijfers van het meest recente nalevingsonderzoek/mysteryguest-onderzoek blijkt namelijk dat er in de Westfriese sportverenigingen zeer slecht wordt gecontroleerd op leeftijd bij de verkoop van alcohol. Daarom zal er de komende jaren vooral ook bij sportverenigingen extra handhaving plaatsvinden.

6. Regionale samenwerking jongerenwerkers De jongerenwerkers en buurtsportcoaches hebben een belangrijke rol in het signaleren van het gebruik van middelen bij jongeren. Zij zijn de ogen en oren van de straat. Op een laagdrempelige manier gaan zij in gesprek met de jongeren. In de regio gaan we de aanpak van het ambulant jongerenwerk meer op elkaar afstemmen. De jongerenwerkers hebben een aantal keer per jaar een bijeenkomst, geven signalen van de straat door aan de gemeenten en sluiten desgewenst aan bij de ambtelijke werkgroepen van ICOAD. Zij delen kennis en ervaring en bespreken lastige casuïstiek. Preventiedeskundigen uit de keten kunnen aansluiten voor advies en ondersteuning. Op lokaal niveau sluiten jongerenwerkers aan bij overleggen van Jeugd en Veiligheid. Daar komen onderwerpen als alcohol- en drugsproblematiek ook aan de orde. Daarom zal door de ambtelijke preventiecollega’s ook met deze overleggen van Jeugd en Veiligheid nauwere afstemming worden gezocht door af en toe aan te schuiven.

De jongerenwerkers halen verder in de praktijk op waarom de 15-, 16- en 17-jarigen naar alcohol en drugs grijpen (is het bijvoorbeeld verveling, groepsdruk, stress, experimenteren, etc.?). Ook vragen zij dan aan jongeren wat er volgens hen aan deze zaken kan worden gedaan om hen te helpen.

Inzetten van interventies Op basis van de bovengenoemde denkrichtingen worden verschillende interventies uitgevoerd. Deze worden voornamelijk uitgevoerd door ketenpartners GGD Hollands Noorden en Brijder Jeugd. De interventies worden aangeboden binnen het netwerk rondom de jongeren, denk

17

aan het onderwijs, de sportverenigingen, jongerenwerk en in de buurt. Daarnaast zijn er ook interventies en campagnes gericht op ouders/opvoeders en verstrekkers van alcohol. We sluiten daarbij zoveel mogelijk aan bij de landelijke campagnes en dragen zorg voor verschillende vormen van communicatie-uitingen in onze regio.

6. Financiën Omschrijving van huidige regeling Van de 50 cent per inwoner die te besteden is, wordt 30 cent uitgegeven aan de werkzaamheden die door de GGD voor ICOAD wordt uitgevoerd. Uit deze 30 cent worden de volgende zaken bekostigd: -

De personele kosten (3 functies: de functie ambassadeur, een communicatiemedewerker en een aandachtsfunctionaris). (Goed om hierbij nog te vermelden: De functie van ambassadeur is 16 uur per week, waarvan slechts 4 uur uit de 30 cent wordt betaald. De overige 12 uur worden vanuit de Gemeenschappelijke Regeling (GR) betaald.)

-

De website met de aangeboden interventies en campagnes zoals ‘NIX18’.

-

De tweejaarlijkse onderzoeken voor de Jongvolwassenmonitor en het nalevingsonderzoek/mysteryguest-onderzoek.

Uit de 20 cent worden de volgende zaken betaald: -

Regionale activiteiten en interventies in Westfriesland.

-

Administratieve ondersteuning

Mocht er in een jaar door omstandigheden het budget niet op zijn gemaakt, dan zal aan de stuurgroep worden voorgesteld om dat resterend (deel) budget over te hevelen naar het volgende jaar, mits daar een bestemming voor is. Mocht overgebleven budget niet worden overgeheveld, dan wordt het verrekend met de gemeenten.

Ophoging van financiën voor ICOAD Hieronder staat schematisch weergegeven om hoeveel geld het precies gaat per gemeente en in totaal voor de regio. Ook hebben wij een kolom voor € 0,60 opgenomen. Reden hiervoor is dat de steeds duurder wordende interventies/activiteiten vanuit de gemeenten voor ICOAD lastiger zijn te bekostigen vanuit de huidige regeling met € 0,50. Daarom heeft de Westfriese stuurgroep besloten om dit bedrag met ingang van 2024 te verhogen naar € 0,60 om zo meer interventies/activiteiten vanuit de gemeenten op te kunnen pakken. Hoeveel extra geld er

18

vanaf 2024 jaarlijks beschikbaar komt voor de gemeenten door de verhoging van € 0,50 naar € 0,60 ziet u in de tabel. In bijlage 3 vindt u drie interventies/activiteiten die alle drie uitgevoerd kunnen worden door de verhoging van € 0,50 naar € 0,60. Ook de eerder in dit regioplan benoemde activiteiten voor jongeren om hen af te leiden van alcohol en drugs kunnen uit deze financiële ophoging worden bekostigd.

Belangrijk om te melden bij deze ophoging is dat het absolute bedrag dat GGD Hollands Noorden krijgt voor ICOAD hetzelfde zal blijven. Dus van de € 0,60 zal er € 0,30 naar de gemeenten gaan en € 0,30 naar de GGD.

Tabel met bijdrage per jaar

Gemeente Inwoners per 01-01-2022 Drechterland Enkhuizen Hoorn Koggenland Medemblik Opmeer Stede Broec Totaal Westfriesland

19.956 18.657 74.024 23.045 45.348 12.072 21.867 214.969

Verschil Totale bijdrage Totale bijdrage tussen € 0,50 € 0,50 € 0,60 en € 0,60 € 9.978,00 € 9.328,50 € 37.012,00 € 11.522,50 € 22.674,00 € 6.036,00 € 10.933,50 € 107.484,50

€ 11.973,60 € 11.194,20 € 44.414,40 € 13.827,00 € 27.208,80 € 7.243,20 € 13.120,20 € 128.981,40

€1.995,60 €1.865,70 €7.402,40 €2.304,50 €4.534,80 €1.207,20 €2.186,70 €21.496,90

19

Bijlagen Bijlage 1: Cijfers en feiten op basis van de meest recente monitoronderzoeken •

Alcoholgebruik scholieren en jongvolwassenen

Alcoholgebruik (%)

West-Friesland

Nederland

2019

2021

2019

2021

Ooit alcohol

36,8

37,2

31,5

31,0

Afgelopen maand

30,7

33,3

26,4

29,0

Binge drinken

22,1

23,4

18,4

19,7

Afgelopen maand

15,4

17,6

13,0

14,5

Weleens alcohol

86,4

81,2

Afgelopen maand

82,2

78,6

Binge drinken

66,6

59,9

Afgelopen maand

63,6

53,2

2e en 4e klassers (1316 jaar)

alcohol

dronken

Jongvolwassenen (16 t/m 25 jr)

alcohol

dronken

In West-Friesland is het alcoholgebruik onder scholieren (2e en 4e klassers) vrijwel gelijk gebleven, alleen het percentage jongeren dat afgelopen maand dronken is geweest is significant gestegen. Landelijk is het gebruik van alcohol onder scholieren gestegen, met uitzondering van het percentage jongeren dat ooit alcohol heeft gedronken. Onder jongvolwassenen is tussen 2019 en 2021 het alcoholgebruik significant gedaald; dit geldt voor zowel alcoholgebruik ooit en afgelopen maand als overmatig gebruik (bingedrinken, minstens 1x 5 alcoholische drankjes bij één gelegenheid in de afgelopen maand) en dronkenschap. Er zijn geen vergelijkbare gegevens beschikbaar voor Nederland.

20

•

Startleeftijd alcoholgebruik in WF

Van de jongeren uit de 2e en 4e klas voortgezet onderwijs die ooit alcohol gebruikten was de gemiddelde startleeftijd 13,1 jaar bij de peiling in 2021. Jongvolwassenen (16 t/m 25 jarigen) uit WF die (weleens) alcohol gebruiken gaven aan dat de leeftijd waarop zij voor het eerst alcohol gebruikten gemiddeld 15,2 jaar was (peildatum 2021). In 2017 was de startleeftijd van jongvolwassenen in WF 14,6 jaar en in 2019 13,1 jaar. Het is onduidelijk wat de invloed van de coronacrisis is op de startleeftijd van jongeren.

•

Alcoholgebruik onder verschillende groepen scholieren en jongvolwassenen

Geslacht: Onder scholieren is nauwelijks verschil in alcoholgebruik tussen jongens en meisjes. Onder jongvolwassenen (16 t/m 25 jaar) is het verschil tussen jonge mannen en vrouwen klein wat betreft weleens alcoholgebruik en recent alcoholgebruik (afgelopen maand). Jongvolwassen mannen drinken wel vaker dan jongvolwassen vrouwen overmatig alcohol en zijn vaker aangeschoten of dronken.

Leeftijd: 4e klassers (15/16 jarigen) gebruiken veel vaker alcohol dan 2e klassers (13/14 jarigen). Uit de Jongvolwassenenmonitor (2021) blijkt verder dat van de minderjarigen van 16 en 17 jaar 63% alcohol drinkt en van de meerderjarigen (18 t/m 25 jarigen) 86%.

Opleidingsniveau: Onder scholieren is er een duidelijk verband tussen opleidingsniveau en alcoholgebruik: scholieren op het vmbo drinken vaker alcohol, zijn vaker binge drinkers en zijn vaker dronken of aangeschoten geweest dan havo/vwo-scholieren. Onder jongvolwassen is het verband tussen alcoholgebruik en opleidingsniveau minder duidelijk. Jongvolwassenen met een vmbo/mbo-opleiding lijken vaker veel te drinken (10 glazen of meer per keer) dan jongeren met havo/hbo-opleiding of vwo/wo-opleiding. Havo/hbo-opgeleide jongvolwassenen lijken vaker weleens alcohol te drinken of afgelopen maand alcohol te hebben gedronken, zijn vaker binge drinkers en zijn vaker dronken (geweest); de verschillen met jongvolwassenen met een vmbo/mbo-opleiding en vwo/wo-opleiding zijn echter klein.

Oudertolerantie t.a.v. alcoholgebruik Uit de Gezondheidsmonitors Jeugd onder scholieren in West-Friesland blijkt dat tussen 2019 en 2021 het percentage ouders dat alcoholgebruik van hun kind vóór hun 18e verbiedt is

21

gedaald van 42% naar 39%. In dezelfde periode is het percentage ouders dat het alcoholgebruik van hun kind goedkeurt of er niks van zegt ongeveer gelijk gebleven; bijna de helft van de ouders van drinkende scholieren (46%) keurt het alcoholgebruik goed of zegt er niets van. Ouders van leerlingen uit klas 2 verbieden alcohol onder de 18 vaker dan ouders van leerlingen uit klas 4, namelijk 49% versus 30%. Bij 10% van alle scholieren uit de 2e en 4e klas in West-Friesland hebben ouders geen regels omtrent het gebruik van alcohol van hun minderjarige kind. Van de minderjarige jongvolwassenen (16/17 jarigen) die alcohol drinken vond in 2021 58% van de ouders het goed dat hun kind dronk. Minderjarige jongvolwassenen die alcohol drinken krijgen deze alcohol het vaakst via vrienden (73%) en hun ouders (58%).

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat het hanteren van regels over alcoholgebruik door ouders hangt samen met het drinken van minder glazen alcohol door het kind en tevens met een verlaagd risico op probleemdrinken twee jaar later.

•

Drugsgebruik scholieren en jongvolwassenen

Drugsgebruik (%)

West-Friesland

Nederland

2019

2021

2019

2021

Ooit softdrugs

7,8

7,6

8,6

8,2

Afgelopen maand

3,4

3,7

4,1

4,4

Ooit lachgas

6,1

4,8

Afgelopen maand

1,6

1,9

1,8

2,1

Ooit softdrugs

39,2

38,8

Afgelopen maand

14,0

11,7

27,6

22,7

2e en 4e klassers (13-16 jaar)

softdrugs

lachgas Ooit harddrugs

Jongvolwassenen (16 t/m 25 jr)

softdrugs Ooit lachgas

22

Afgelopen maand

6,0

1,6

21,8

22,4

8,7

6,9

lachgas Ooit partydrugs/harddrugs Afgelopen maand partydrugs/harddrugs

In West-Friesland is het gebruik van drugs en lachgas onder scholieren van de 2e en 4e klas tussen 2019 en 2021 vrijwel gelijk gebleven. Ongeveer 1 op de 12 scholieren heeft weleens geblowd (8%). Het percentage scholieren dat ooit harddrugs heeft gebruikt ligt rond de 2% en is de afgelopen jaren vrijwel gelijk gebleven. Het gebruik van lachgas onder scholieren is de laatste jaren ongeveer gelijk gebleven. Onder jongvolwassenen van 16 t/m 25 jaar in West-Friesland is de laatste jaren wel enige verandering opgetreden in het gebruik van softdrugs, lachgas en (party)drugs. 39% van alle jongvolwassenen heeft weleens softdrugs gebruikt (blowen) en 12% deed dit de afgelopen maand. Het recente gebruik van softdrugs is gedaald; mogelijk is dit een effect van de coronacrisis. Het gebruik van lachgas onder jongvolwassenen is gedaald; in 2021 gebruikte in de voorafgaande maand minder dan 2% lachgas. Het gebruik van (party)drugs in de afgelopen maand is gedaald tussen 2019 en 2021; 7% van de jongvolwassenen gebruikte afgelopen maand. Bijna 1 op de 4 jongvolwassenen heeft ooit (party)drugs gebruikt. De meest gebruikte drugs zijn: XTC, cocaïne, ketamine en amfetamine (zoals pep en speed).

•

Startleeftijd drugsgebruik in WF

De gemiddelde leeftijd waarop jongeren in West-Friesland voor het eerst softdrugs zijn gaan gebruiken was in 2021 16,3 jaar.

•

Drugsgebruik onder verschillende groepen scholieren en jongvolwassenen

Geslacht: Jongens op het voortgezet onderwijs hebben iets vaker ooit softdrugs, lachgas en harddrugs gebruikt dan meisjes, maar de verschillen zijn klein. Bij de jongvolwassenen is het verschil tussen jonge mannen en vrouwen groter; jonge mannen hebben vaker ooit softdrugs gebruikt dan jonge vrouwen en hebben ook vaker in de afgelopen maand gebruikt. Van de jongvolwassen mannen heeft bijna de helft ooit softdrugs gebruikt en van de vrouwen een derde. Ook het gebruik van lachgas en (party)drugs is hoger onder mannen van 16 t/m 25 jaar dan onder vrouwen.

23

Leeftijd: Het gebruik van softdrugs, lachgas en party- of harddrugs neemt sterkt toe met de leeftijd. Van de 2e klassers uit West-Friesland had in 2021 3% ooit softdrugs gebruikt en van de 4e klassers 6%; van de 16/17 jarige jongvolwassenen uit Noord-Holland Noord had 28% ooit softdrugs gebruikt en van de 18 t/m 25 jarigen 46%. Bij het gebruik van party- of harddrugs onder jongvolwassenen is de grootste stijging zichtbaar vanaf de leeftijd 18+: van de jongvolwassenen uit Noord-Holland Noord van 16 of 17 jaar heeft 8% ooit party- of harddrugs gebruikt en van de 18 t/m 25 jarigen is dit 28%. Van de 18 t/m 25 jarigen gebruikte bijna 1 op de 12 afgelopen maand harddrugs (9%) en van de 16/17 jarigen 1 op de 38 (3%).

Opleidingsniveau: Onder scholieren in West-Friesland is het ooit gebruik van softdrugs en lachgas hoger onder vmbo-scholieren dan onder havo/vwo-scholieren. Er is geen verschil in opleidingsniveau bij het ooit gebruik van harddrugs. Het gebruik van softdrugs in de afgelopen maand is vrijwel gelijk onder vmbo-leerlingen en havo/vwo-leerlingen. Leerlingen van het vmbo hebben wel vaker lachgas gebruikt in de afgelopen maand. Onder jongvolwassenen wordt vaker softdrugs gebruik onder jongvolwassenen met een vmbo/mbo-opleiding. Het gebruik van party- of harddrugs laat een wisselend beeld zien: vwo/wo-opgeleide jongvolwassenen lijken iets vaker ooit gebruikt te hebben en het gebruik in de afgelopen maand lijkt iets minder vaak voor te komen onder vwo/wo-opgeleide jongvolwassenen.

Bronnen: •

Jongvolwassenmonitor 2021 West-Friesland. Onderzoeksbureau Noord-Holland Noord, december 2021

•

Corona Gezondheidsmonitor Jeugd Regiorapport West-Friesland. Team epidemiologie GGD Hollands Noorden, juni 2022

24

Bijlage 2: Vraag en antwoord GGD Aan de GGD zijn enkele vragen gesteld om meer vat te krijgen op de verwachtingen over en weer en op de financiën. Maar omdat we ook de samenwerking willen verbeteren en we kansen zien door kennis te delen vragen we ook naar kansen voor een betere aansluiting. De gestelde vragen zijn: 1. Welke taken behoren toe aan de GGD die vallen onder de GR? 2. Welke taken behoren toe aan de GGD vallend binnen de taken/doelen van ICOAD?

Het antwoord van de GGD is: Ad 1: Welke taken behoren toe aan de GGD die vallen onder de GR? Met andere woorden: welke taken voert de GGD uit op het gebied van alcohol- en drugspreventie als In Control of Alcohol en Drugs niet zou bestaan?

Onder de Gemeenschappelijke Regeling (GR) behoort het werk van het team van Gezondheidsbevordering waarbij er aandacht is voor diverse thema’s zoals voeding en bewegen, psychosociaal welbevinden, genotmiddelen, seksualiteit etc. Bovenregionale activiteiten als de actie “30 dagen gezonder” horen hier ook bij. Onderdeel vanuit de GR m.b.t. alcohol- en drugspreventie zijn 12 uren van ambassadeur en ondersteuning vanuit financiële afdeling voor boekhouding In Control en P&O.

Ad 2: Welke taken behoren toe aan de GGD vallend binnen de taken/doelen van ICOAD? A. Interventiekaart (menukaart) -1. Promoten van de interventies, adviseren en ondersteunen van scholen, gemeenten en sport (ambassadeur voor 4 uur per week vanuit In Control) - 2. Beheren van de kaart/website -3. Toetsen van de interventies/toetsingscommissie (punt 2 en 3 door medewerker In Control voor 16 uur per week, inclusief bovenregionale communicatie en coördinatie onderzoeken)

B. Communicatie - Bovenregionale communicatie incl. leesmap (door medewerker In Control)

25

C. Onderzoeken - Jongvolwassenenmonitor (JVM) (coördinatie door medewerker In Control) - Nalevingsonderzoek/mysteryguest-onderzoek (coördinatie door medewerker In Control)

Bovenstaande bovenregionale onderzoeken worden uitgevoerd en grotendeels gefinancierd vanuit In Control. Hieronder valt aanbesteding, voorbereiding en uitvoering i.s.m. gemeenten en partnerorganisaties. Een deel van de kosten vanuit het jongvolwassenenmonitor wordt betaald vanuit de basisformatie epidemiologie.

Vanuit de GR wordt het onderzoek ‘Gezond Leven? Check het even!’ en Jeugdmonitor uitgevoerd en gefinancierd. Het Panelonderzoek Houding ten aanzien van alcoholgebruik is gefinancierd vanuit de basisformatie epidemiologie. Er zijn voor In Control geen kosten verbonden aan de intoxicatierapportages.

D. Procesbewaking De verbinding behouden tussen gemeenten, partnerorganisaties en bestuur m.b.t. de ontwikkeling van bovengenoemde taken en lokale/regionale activiteiten. Verder het zorgdragen voor ondersteuning aan de Commissie Zorg & Veiligheid.

26

Bijlage 3: Activiteiten die zullen worden gedaan door ophoging financiële middelen van jaarlijks €0,50 naar jaarlijks € 0,60 per inwoner met ingang van 2024

Interventie 1 Interventie

Wat gaan we doen?

Planning

Kostenindicatie

Uitleg/beschrijving uitvoering interventie Reizende

Betrokken partijen: jongeren,

Q1 2023

Een volledige

campagne

ouders/opvoeders, docenten, politie,

campagne

volwaardige campagne

langs de 7

handhaving, jongerenwerkers en

bedenken.

met campagnebus,

Westfriese

ketenpartners waaronder Brijder Jeugd,

gemeenten

bureau LINK en GGD Hollands Noorden.

promotiemateriaal, In 2023,

bijbehorende campagne

2024,

in lokale media en op

2025 en

social media kost

Gebruik resultaten uit meest recente

2026

maximaal €15.000,-

campagnebus)

jongvolwassenenmonitor en meest

campagne

voor een jaar. Met de

om in gesprek

recente jeugdmonitor.

uitvoeren.

ophoging van €0,50 naar

(met bijvoorbeeld een

Ideeën campagne: -

te gaan met

-

inwoners

-

-

Vloggen/interview/interactie met

€0,60 per inwoner

jongeren op plekken waar veel

realiseren we jaarlijks

jongeren komen.

regionaal €21.496,90,-

Misschien bekend persoon of rolmodel

meer en is er dus ieder

inzetten.

jaar ruim voldoende

In afstemming met St. Netwerk en

budget om deze

andere jeugdwerkorganisaties de

interventie aan te

campagne vormgeven.

bieden.

Interventie 2 Interventie

Wat gaan we doen?

Planning

Kostenindicatie

Uitleg/beschrijving uitvoering interventie In het

Afhankelijk van de behoefte kunnen er

Ieder kwartaal

Omdat de

terugkerend

extra docententrainingen gepland worden

wordt contact

docententrainingen

opgenomen met

worden bekostigd

contact van

27

Brijder Jeugd

op VO-scholen. Vorm en inhoud kan nader

Brijder Jeugd

door partners met

met VO-scholen

besproken worden.

(en voor de

wie wij als

zekerheid ook

gemeenten een

controleren of er extra

Ambtelijk zal er 1x per kwartaal contact op

met de

structurele

docententraining

worden genomen met Brijder Jeugd. Brijder

ambassadeur

subsidierelatie

nodig is voor het

Jeugd heeft namelijk terugkerend contact

van de GGD) om

hebben, zullen

signaleren van

met de VO-scholen omtrent alcohol en

te checken of

deze eventuele

drugsgebruik

drugs en kan daarom polsen of er extra

een extra

extra

(en

docententraining nodig is op een VO-school.

docententraining

docententrainingen

alcoholgebruik)

noodzakelijk is

geen extra geld

onder jongeren.

op een VO-

kosten voor de

school.

gemeenten.

Planning

Kostenindicatie

Interventie 3 Interventie

Wat gaan we doen?

Uitleg/beschrijving uitvoering interventie Verbinding

Betrokken partners: Westfriese

Na de zomer

Het leggen van

leggen met

beleidsmedewerkers van ICOAD, Westfriese

van 2023

deze verbindingen

andere thema’s

beleidsmedewerkers Jeugd, GGD Hollands

gebeurt allemaal

(NPO-gelden,

Noorden, Brijder Jeugd, GGZ NHN en

vanuit bestaande

Jeugdzorg)

onderwijs.

ambtelijke capaciteit van de

Ideeën:

gemeenten. Dit

Afstemmen, zowel ambtelijk als met

kost de gemeenten

externen, om te kijken waar we elkaar

dus geen extra

kunnen versterken en om overlap te

geld.

voorkomen.

Zoals reeds aangegeven in de hoofdtekst: Naast de bovengenoemde drie interventies uit deze bijlage zullen er dus vanuit de ophoging van €0,50 naar € 0,60 (geheel in lijn met LEF en het IJslands model) ook meer activiteiten voor jongeren worden georganiseerd om te voorkomen dat zij uit verveling naar alcohol en drugs grijpen.

28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12790286/1