b. Jaarstukken RSW 2020 (inclusief verklaring)
Tekst van het document
Jaarstukken 2020
Inhoudsopgave
Jaarverslag ........................................................................................................................................................ 3 Algemeen ..................................................................................................................................................... 4 Programmaverantwoording .......................................................................................................................... 6 Programma 1 – Recreatieterreinen ............................................................................................................ 6 Programma 2 - Recreatieve netwerken ...................................................................................................... 8 Programma 3 - Algemeen beheer en beleid ............................................................................................... 9 Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien .................................................................... 12 Paragrafen .................................................................................................................................................. 14 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..............................................................................................
14 Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................................................. 16 Financiering ............................................................................................................................................ 17 Bedrijfsvoering ........................................................................................................................................ 18 Jaarrekening ................................................................................................................................................... 20 Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting ........................................................ 21 Overzicht van baten en lasten ................................................................................................................. 21 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ................................................................................. 22 Onvoorzien ............................................................................................................................................. 23 Overzicht incidentele baten en lasten ......................................................................................................
24 Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves..................................................... 24 Rechtmatigheid ....................................................................................................................................... 25 Verantwoording Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 2020........................................................................................................................................................ 26 Vennootschapsbelasting (vpb) ................................................................................................................. 29 De balans en toelichting op de balans.......................................................................................................... 30 Balans ..................................................................................................................................................... 31 Toelichting op de balans .......................................................................................................................... 33 Bijlagen .......................................................................................................................................................
41 Bijdrage 2020 per deelnemer .................................................................................................................. 42 Overzicht van de onderlinge stemverhouding .......................................................................................... 42 Overzicht baten en lasten per taakveld .................................................................................................... 42 Ondertekening bestuur ............................................................................................................................... 43
2 / 43
Jaarverslag
3 / 43
Algemeen Ook het Recreatieschap Westfriesland kan er niet omheen. 2020 stond voor een groot deel in het teken van corona. Het virus had zowel invloed op de bedrijfsvoering als op het gebruik van de gebieden. Dat laatste uitte zich in een enorme toename van bezoekers die de gebieden en voorzieningen gebruikten. Niet gek natuurlijk want door sluiting van horeca, het niet doorgaan van evenementen, beperkte mogelijkheden voor bezoek aan pret- en attractieparken en negatief advies voor vakanties waren deze voorzieningen een van de weinige mogelijkheden van vertier. Op zonnige dagen werden de terreinen enorm goed bezocht en werd er goed gebruik gemaakt van de netwerken voor varen, fietsen en wandelen. Tijdens de hittegolf werd op de terreinen massaal de verkoeling van het water of bos opgezocht. Het Recreatieschap is trots dat het dit aan de bewoners kon bieden. Helaas maakte deze periode ook de kwetsbaarheid van onze natuur- en recreatiegebieden duidelijk. Soms konden de terreinen de drukte niet aan en moesten er, wanneer dit nodig was voor de veiligheid van onze bezoekers, in goed overleg met de gemeenten parkeerplaatsen (gedeeltelijk) gesloten worden om de toeloop te beperken. Deze grote drukte had haar impact op zowel de recreatieve als natuurwaarden van de gebieden. Voor Groen- en Recreatiebeheer lag de focus in 2020 meer dan anders op het dagelijks onderhoud.
(Zwerf)vuilverwerking en herstel van vandalisme vroegen op sommige momenten erg veel aandacht. Hierdoor moesten bepaalde werkzaamheden worden uitgesteld en doorgeschoven naar een later moment. Dit heeft overigens niet direct tot zichtbare gevolgen geleid. Ondanks dat er door corona anders gewerkt moest worden, heeft de bedrijfsvoering hier maar minimaal onder geleden. Het heeft op een aantal vlakken zelfs bijgedragen aan het doorvoeren van een verbeterslag. Het thuiswerken en de technologische mogelijkheden die daarvoor worden geboden, zullen ook in de toekomst gebruikt blijven worden. Het nieuwe bedrijfspand voor de afdeling Groen- en Recreatiebeheer waarvoor in 2020 de bouw is gestart en die in 2021 wordt afgerond , draagt daar ook aan bij. In 2020 is (door)gewerkt aan het ‘in control’ blijven van de organisatie. Dit draagt bij aan onze doorlopende opgaven om de (interne) bedrijfsprocessen te blijven optimaliseren en onze bedrijfsvoering toekomstbestendig te houden en waar mogelijk de efficiency te vergroten. Bij de programmaverantwoording zijn per programma de (financiële) gevolgen van corona uiteengezet. De uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland ging in 2020 ook ‘gewoon’ door. Het wandelnetwerk en het Streekpad Westfriese Omringdijk zijn - op de laatste puntjes op de ‘i’ na - afgerond en worden al goed gebruikt.
Ook is een aantal knelpunten in de vaarroutes opgelost. Wel zijn er veel projecten vertraagd die onderdeel zijn van een groter project of proces. De planningen van de initiatiefnemers moesten door de coronamaatregelen worden aangepast omdat verschillende bijeenkomsten geen doorgang konden vinden of de besluitvorming moest worden uitgesteld. Dit zijn bijvoorbeeld de Kustvisie IJsselmeerkust en de dijkverzwaring Hoorn-Amsterdam. Verschillende projecten en doelstellingen uit het Natuur- en Recreatieplan kunnen integraal worden gerealiseerd als onderdeel hiervan. Ook werkt het Recreatieschap mee aan kleinere lokale initiatieven zoals het Voedselbos in het Streekbos dat IVN daar wil realiseren. Tot slot was het Recreatieschap ook in 2020 een belangrijke partner van de Westfriese gemeenten voor regionale vraagstukken en opgaven op het gebied van recreatie, natuur en landschap. Vanuit deze rol hebben wij ook veelvuldig contact met verschillende partijen binnen de provincie. Zo is er samen met de andere terreinbeheerders in de provincie een onderzoek uitgevoerd naar de impact van corona op de natuur- en recreatiegebieden en is hiervoor aandacht gevraagd bij de provincie (persbericht zie hier).
4 / 43
Overzicht beleidsdoelen Het volgende schema bevat een overzicht van de beleidsdoelen uit de begroting 2020. Aangegeven is of deze doelen wel, niet of deels zijn behaald. Zo nodig is een toelichting gegeven. De beleidsdoelen van het Recreatieschap staan in de programma’s een tot en met drie. Beoogde beleidsdoelen
Behaald
Toelichting
Programma 1 - Recreatieterreinen Algemeen: Onderhoud en beheer van de openluchtrecreatieterreinen Onderhoud en beheer van stranden, speelWel en ligweiden Onderhoud en beheer van park- en Wel Er zijn tevens nieuwe toestellen op De Vooroever speelmeubilair geplaatst. Onderhoud van wegen, paden en openbare Wel parkeerterreinen Onderhoud van (toilet)gebouwen Wel Onderhoud en beheer van bruggen en Wel Aan verschillende bruggen is groot onderhoud steigers, duikers en trailerhellingen uitgevoerd. Bagger- en schouwwerkzaamheden in en Wel langs sloten Beheer van zwemwaterlocaties op eigen Wel terreinen en terreinen van derden (locatie in Hoorn en één in Enkhuizen) Programma 2 - Recreatieve netwerken Het beheer en onderhoud van de bebording Wel van het vaar-, fiets- en wandelnetwerk Uitbreiden en ontwikkelen van het Wel In 2020 is het project ‘Wandelroutenetwerk wandelnetwerk Westfriesland' afgerond. Uitbreiden en ontwikkelen van het Wel Er is geïnvesteerd in de vaarroute ‘Rustenburgvaarroutenetwerk Verlaat’ en in een deel van de vaarroute tussen Hoorn en Enkhuizen in Drechterland. Uitbreiden en ontwikkelen van het Wel Op trajectniveau zijn aanpassingen gedaan ten fietsroutenetwerk behoeve van de kwaliteit. Er is geparticipeerd in het project van het Fietsplatform om het netwerk van Landelijke Fietsroutes (LF-routes) op te waarden tot LF-icoonroutes.
Secretariaat en uitvoering van taken voor de Beheerstichting Fietsroutenetwerk NoordKennemerland en Westfriesland
Wel
Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Uitvoering Uitvoeringsprogramma Natuur- en Recreatieplan Westfriesland
Wel
Interne en externe communicatie
Wel
Daarnaast is geadviseerd ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwe fietspaden. Deze stichting heeft als doel de promotie van de recreatieve netwerken in de regio’s Alkmaar en Westfriesland. Door deze stichting is tevens bijgedragen aan het Streekpad Westfriese Omringdijk. Verschillende projecten zijn gerealiseerd of gestart. Voor uitgebreide informatie zie onze websitepagina. Interne communicatie en communicatie aan bestuur, raadsleden en zakelijke relaties middels
5 / 43
media als nieuwsbrieven en (pers)berichten. Maar ook middels RecreActief (dit jaar corona-proof, zie het videoverslag hier).
Nieuw bedrijfspand groen- en recreatiebeheer
Wel
Communicatie aan recreanten en via advertenties, artikelen, nieuwsbrieven, website en sociale media. Hierbij wordt samengewerkt met DMO Holland boven Amsterdam. De bouw is gestart en naar verwachting is het gebouw begin 2021 gereed.
Programmaverantwoording Programma 1 – Recreatieterreinen Wat hebben we bereikt? Het beheer en onderhoud van de terreinen is corebusiness van het Recreatieschap. Het beheer is primair gericht op de recreatie. Maar waar het kan, is dit zo natuurlijk en ecologisch mogelijk gedaan waardoor is bijgedragen aan de biodiversiteit in de regio. In de praktijk komt het erop neer dat de recreatieterreinen natuur-inclusieve recreatiegebieden zijn die extensief/natuurlijk zijn beheerd waar dat kon en intensief waar het moest. Op die manier heeft het Recreatieschap de terreinen zo efficiënt mogelijk beheerd en aantrekkelijke openbare openluchtrecreatieterreinen ontwikkeld en behouden voor de eigen inwoners, dagjesmensen, verblijfsrecreanten en toeristen van buiten de regio. De terreinen zijn gratis toegankelijk en bieden verschillende doelgroepen van inwoners de mogelijkheid om in de eigen regio op verschillende manieren te recreëren. Op een aantal terreinen is (seizoens)horeca aanwezig en worden activiteiten aangeboden door recreatieondernemers. De meest in het oog springende is het Klimpark in het Streekbos. Naast de recreatieve functie hebben natuur- en recreatieterreinen een positief effect op de gezondheid van de inwoners, dienen ze maatschappelijke doelen en dragen ze bij aan een prettig en gunstig woon- en vestigingsklimaat.
Wat hebben we daarvoor gedaan? Het Recreatieschap heeft in 2020 ruim 300 hectare aan recreatieterreinen beheerd. De terreinen bevatten vele kilometers wandel- en fietspaden, bruggen en steigers, parkmeubilair, waterlopen en open waterpartijen. Deze zijn alle beheerd en onderhouden om zo de kwaliteit op peil te houden. De terreinen worden intensief gebruikt. De inrichting sluit daar op aan waardoor het beheer intensief en veelomvattend is. Op de rustige delen van de terreinen is het beheer zo natuurlijk mogelijk uitgevoerd. Het beheer is onderhevig aan wet- en regelgeving. Dan gaat het om de algemene natuur- en milieuwetten, maar ook om wetten en regels specifiek voor recreatie. Om zwemstranden aan de regels van de Europese zwemwaterwetgeving te laten voldoen worden deze intensief beheerd en dagelijks gekeurd. Naast de zwemlocaties op onze eigen terreinen voert het Recreatieschap ook het zwemwaterbeheer op twee locaties van gemeenten. Maar er is bijvoorbeeld ook wetgeving voor de controle van speeltoestellen en ‘boomveiligheid’. Door de toename van ziekten als essentaksterfte en bastwoekerziekte vraagt boomveiligheid steeds meer beheerinspanning. Een nieuw fenomeen waar Westfriesland sinds 2019 mee te maken heeft is de eikenprocessierups. Ook in 2020 was deze aanwezig in onze terreinen en het zal een fenomeen zijn dat een vast onderdeel is van het beheer.
Afgelopen jaar zijn proeven gedaan met een natuurvriendelijke bestrijdingsmethode van de rupsen. Als het effect blijvend positief is zal deze methode worden voortgezet en de informatie worden gedeeld.
6 / 43
Waar in 2020 ook op is ingezet is de bestrijding van de Japanse duizendknoop. Hierdoor worden verdere verspreiding, overlast en schade voorkomen. Biodiversiteit In het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland heeft het Recreatieschap zichzelf als doel gesteld de biodiversiteit te willen bevorderen. Dit is gedaan door de natuur-inclusieve terreinen zo natuurlijk mogelijk te beheren en in de terreininrichting rekening te houden met de biodiversiteit of het beheer hiervoor aan te passen. Er is winst behaald voor de ecologie door slimme keuzes te maken in de soorten bij aan- en herplanten. Er is in het Egboetswater beheerd door een schaapskudde, wat zorgt voor een gevarieerdere samenstelling van de grasmat, hetgeen positief is voor de flora en fauna. Uiteraard streeft het Recreatieschap ernaar om alleen duurzame en natuur- en milieuvriendelijke materialen te gebruiken en geen chemische bestrijdingsmiddelen. Biodiversiteit is een integraal onderdeel van de dagelijkse werkzaamheden. Voorbeelden daarvan zijn het gefaseerd of later in het jaar maaien van terreinen, gebieden af te sluiten voor recreatie of zo in te richten dat alleen extensieve recreatie mogelijk is. De natuur krijgt daardoor meer ruimte. De uitdaging daarbij is om de natuur een meerwaarde te laten zijn voor de recreatie in plaats van deze er ten koste van te laten gaan.
Dat doen wij door de natuur beleef- en zichtbaar te maken. De opgave voor biodiversiteit is een gezamenlijke opgave waarbij het Recreatieschap graag de samenwerking zoekt met het maatschappelijk middenveld. Zo is er in 2020 een start gemaakt met de aanleg van een Voedselbos in het Streekbos. Dit bos gaat bijdragen aan de biodiversiteit, maar wordt ook ingezet om de bewustwording te vergroten en een bijdrage te geven aan de sociale cohesie. Belangrijk is dat dit project ook bijdraagt aan de beleefbaarheid van de natuur. Naast dat de terreinen ruimte bieden aan recreatie, worden er normaal gesproken ook evenementen en activiteiten gehouden. Jaarlijks gemiddeld zo’n 70 stuks. Door corona hebben de meeste daarvan geen doorgang kunnen vinden. De terreinen zijn ook het perfecte decor voor georganiseerd buitensporten door bootcampscholen en wandel- of hardloopclubs of voor individuele buitensporters. Waar het aantal evenementen enorm is afgenomen, was van deze activiteiten door corona juist een toename te zien. Ten behoeve van de werkzaamheden van de afdeling Groen- en Recreatiebeheer is in 2020 gestart met de bouw van een nieuw bedrijfspand. De aanleiding hiervoor was dat de huur van de oude locatie afliep en door de verhuurder niet werd verlengd. Er is gekozen om een perceel grond aan te kopen en nieuw te bouwen. Deze opgave is binnen de huidige begroting opgelost.
De locatie GRB wordt de eerste helft van 2021 opgeleverd. Impact corona Binnen dit programma heeft corona de meeste (directe) impact gehad. De grootste kostenposten ontstaan door gemiste inkomsten uit pachten en huren voor horeca en evenementen. Maar ook door benodigde extra inhuur bij topdrukte en uitval of quarantaine en kosten die zijn gemaakt voor extra borden, afzettingen en andere maatregelen. Deze kosten bedragen totaal circa € 35.000. Naast financiële gevolgen heeft corona ook invloed gehad op de medewerkers van Groen- en Recreatiebeheer. De langdurige structurele drukte op de terreinen vroeg veel van hen. Met name in de vakantieperiode en weekenden was de druk vele malen hoger dan normaal. Ook veranderde de aard van de werkzaamheden. (Te) veel tijd ging zitten in herstel van schade door vandalisme en (moedwillige) bevuiling van de terreinen. Ter illustratie: er is bijna 40% meer vuil opgehaald dan voorgaande jaren. Er is in totaal circa 200 uur besteed aan coronamaatregelen, dit vertegenwoordigt een waarde van circa € 10.000 à € 15.000. Dat is exclusief de vele extra uren die in de vuilrondes zijn gestoken. Dit alles is binnen de huidige personeelsbezetting opgevangen. Dat kon door andere werkzaamheden uit te stellen of te schrappen. Met name in het groot onderhoud aan
7 / 43
terreinen en beplanting. Dat kan één seizoen, maar als dat structureel wordt zal dat leiden tot achterstallig onderhoud, achteruitgang van kwaliteit en mogelijk gevaarlijke situaties.
Programma 2 - Recreatieve netwerken Wat hebben we bereikt? Het Recreatieschap heeft in 2020 de recreatieve netwerken voor het fietsen, varen en wandelen in Westfriesland beheerd en ontwikkeld. Daarbij ging het om ontwikkeling van de netwerken door nieuwe trajecten aan de netwerken toe te voegen of bestaande trajecten te verbeteren. Maar ook de plaatsing, beheer en onderhoud van de bebording. Het basisbeheer van borden is uitbesteed aan daarin gespecialiseerde aannemers. Maatwerk en urgente zaken zijn zelf opgepakt. Hiermee is aan de recreanten en toeristen een kwalitatief routenetwerk geboden, waar ontspannen, actief en veilig kan worden gewandeld, gevaren of gefietst. Wat hebben we daarvoor gedaan? Wandelnetwerk In 2020 is het Wandelnetwerk Westfriesland afgerond. Door dit project is een gebiedsdekkend wandelnetwerk Westfriesland gerealiseerd dat naadloos aansluit op de netwerken in de omliggende gebieden. Daardoor is een bijna provincie-dekkend wandelnetwerk Noord-Holland ontstaan. Als onderdeel van het project is het Streekpad Westfriese Omringdijk gerealiseerd. Het is uitgevoerd vanuit het Uitvoeringsprogramma voor het Natuur- en Recreatieplan. Door de Provincie Noord-Holland is een subsidie van € 343.500 beschikt. De financiële verantwoording van de ontvangen subsidie volgt voor 31-12-2021.
Voor de bestaande delen van het netwerk is het beheer gevoerd om het netwerk en de bewegwijzering in stand te houden. Fietsroutenetwerk Het Recreatieschap beheert het fietsroutenetwerk in Westfriesland. Het gevoerde beheer is gericht op instandhouding van de bewegwijzering. Op trajectniveau zijn er aanpassingen gedaan ten behoeve van de kwaliteit en veiligheid van het netwerk en is er meegewerkt aan het project van het Fietsplatform om de Landelijke Fietsroutes om te vormen tot icoonroutes. Voor Westfriesland betrof dat de realisatie van de LF Zuiderzeeroute. Daarnaast voerde het Recreatieschap het secretariaat van de Beheerstichting Fietsroutenetwerk Westfriesland en Noord-Kennemerland en heeft het de werkzaamheden van deze stichting uitgevoerd. De stichting beheert de middelen die bij de oplevering van het project beschikbaar zijn gesteld voor promotie van het fietsroutenetwerk. Bij de uitvoering wordt aangesloten bij (boven)regionale projecten en initiatieven. Vaarnetwerk Het vaarroutenetwerk in Westfriesland is bewegwijzerd volgens een methodiek die aansluit op, of onderdeel is van het sloepennetwerk en vaarroutenetwerk.
In onze regio onderscheiden we drie netwerken: het netwerk in de gemeente Koggenland en de westkant van de gemeente Hoorn, het netwerk in Westfriesland-oost dat tevens doorloopt tot in de gemeente Opmeer en tot slot de BRTN-routes die door het boezemwater aan de west- en zuidgrens van ons lopen. De laatste twee genoemde netwerken sluiten aan of zijn onderdeel van het provinciaal vaarroutenetwerk voor sloepen en de kleine recreatievaart. Het Recreatieschap beheert voor deze netwerken de bewegwijzering. Ook wordt in samenwerking met partijen als gemeenten, hoogheemraadschap en provincie structureel gewerkt aan het oplossen van bestaande knelpunten in het netwerk en het voorkomen van nieuwe knelpunten. Hierdoor zijn in 2020 knelpunten
8 / 43
opgelost in de route tussen Enkhuizen en Hoorn en is het knelpunt ‘brug Veenhuizen’ in de route RustenburgVerlaat opgelost. Tot slot voert het Recreatieschap als pilot in samenwerking met het HHNK het maaibeheer uit op de vaarroutes waar plantengroei de doorvaart belemmert. Algemeen Het Recreatieschap is dé partij die de regio vertegenwoordigt in provinciale en landelijke overleggen over de routenetwerken. In 2020 heeft het de regio vertegenwoordigd in verschillende overleggen waarbij de inzet is om onderwerpen te agenderen die van belang zijn om de recreatieve routenetwerken in de regio minimaal op niveau te houden maar waar mogelijk de kwaliteit te verbeteren en de netwerken uit te breiden. En om optimaal te kunnen aansluiten bij landelijke ontwikkelingen op het gebied van routes. Daarnaast is het Recreatieschap samen met Recreatie Noord-Holland initiatiefnemer van een provinciebreed overleg over de recreatieve routenetwerken in Noord-Holland. Doel van dit overleg is de samenhang en samenwerking binnen dit onderwerp te verbeteren met als doel de kwali- en kwantiteit te verbeteren in de breedste zin van het woord. Impact corona De gevolgen van corona voor dit programma waren vooral te zien in een grote toename van gebruik. Veel meer recreanten maakten gebruik van de netwerken. Vooral wandelen en fietsen werden gezien als dé vorm van recreatie die mogelijk was in coronatijd.
Zelfs minister De Jonge riep op tot wandelen. De drukte was zichtbaar in het veld maar blijkt ook uit het gebruik van de website van het wandelnetwerk in Noord-Holland dat in vergelijking met vorig jaar een verdubbeling zag van het aantal kliks: in 2020 waren er 526.000 websitebezoeken, in 2019 waren het er 234.000. Ook de bezoekduur aan de website nam toe: van 27.000 uur in 2019 naar 60.000 uur dit jaar. De financiële gevolgen waren beperkt. Er was een lichte toename van vandalisme en er kwamen voor het vaarroutenetwerk meer klachten binnen over waterplantenoverlast. Er voeren meer mensen op meer trajecten in het netwerk waardoor meer overlast werd ervaren. De kosten voor het maaibeheer zijn daardoor met circa € 4.000 toegenomen.
Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Wat hebben we bereikt? Een kerntaak van het Recreatieschap is de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland en het bijbehorende Uitvoeringsprogramma. In 2020 is door het Recreatieschap gewerkt aan verschillende projecten uit het plan. Enkele daarvan zijn in 2020 afgerond. Het Natuur- en Recreatieplan heeft een duidelijke link met het Pact van Westfriesland en de daarin genoemde doelen en ambities. De uitvoering is en zal worden opgepakt met de gemeenten en andere (beherende) partijen in de regio. Ook is er ingezet op communicatie en informatievoorziening over de recreatiemogelijkheden. In 2020 was die voor een groot deel corona-gerelateerd. Daarbij ging het om het informeren van recreanten, hoe er op een verantwoorde wijze gerecreëerd kon worden, van welke recreatieve faciliteiten gebruik kon worden gemaakt maar ook om de bezoekers van de gebieden te bewegen deze na bezoek netjes achter te laten. Tot slot is er ingezet op communicatie en informatievoorziening naar de politieke achterban: het bestuur en de gemeenteraden, provincie en andere partners.
9 / 43
Wat hebben we daarvoor gedaan? In het Uitvoeringsprogramma van het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland staan verschillende projecten. Alle met hun eigen dynamiek. De dynamiek in het Uitvoeringsprogramma ontstaat onder andere door invloed van projectpartners als gemeenten en provincie of door subsidiemogelijkheden of omdat andere projecten of werkzaamheden prioriteit kregen of vroegen. Hierdoor is het onvermijdelijk dat het plan regelmatig moet worden bijgesteld en geactualiseerd. De uitgaven van deze projecten komen grotendeels ten laste van de programma’s 1 en 2 en worden gedekt via de voor de uitvoering ingestelde reserve Natuur- en Recreatieplan. Mutaties met financiële gevolgen zijn verwerkt in de Voor- en Eindejaarsrapportage. De projecten zijn ingedeeld in verschillende categorieën: algemeen, routes en recreatieterreinen. Hieronder wordt een aantal projecten en activiteiten uitgelicht. Algemeen Het gaat hier om projecten niet-specifiek gericht op terreinen of routes. Bijvoorbeeld structureel overleg met andere beheerders en partijen in het werkveld en overleg met ondernemers over kansen voor samenwerking en nieuwe initiatieven. Maar ook over projecten om bij te dragen aan het vergroten van de biodiversiteit in de regio. Deze werkzaamheden zijn voornamelijk in programma 1 verantwoord.
Routes De projecten in dit thema sluiten aan of komen overeen met de genoemde in programma 2. Daar zijn de projecten 'Afronding wandelnetwerk Westfriesland', Streekpad Westfriese Omringdijk, het oplossen van de knelpunten in de vaarroute tussen Hoorn en Enkhuizen en de vaarroute Rustenburg-Verlaat en de daaraan gekoppelde passantenhaven in de gemeente Opmeer al genoemd. Op het gebied van vaarroutes is gewerkt aan de ambitie om een doorvaarbaar vaarnetwerk Westfriesland te krijgen. Er is daarvoor bijgedragen aan het in 2018 ingezette traject om het regionale vaarnetwerk in Westfriesland in (ruimtelijk) beleid vast te leggen en het beheer te borgen. Dit is een proces dat zowel op regionaal als provinciaal niveau in gang is gezet. Op provinciaal niveau gaat het erom de netwerken voor de kleine recreatievaart op te laten nemen in de BRTN, onder de zogenoemde ‘E&F-categorie’. Op regionaal niveau is de pilot voortgezet om trajecten in het regionale netwerk, waar hinder is van waterplantenoverlast, te maaien. Recreatieterreinen In 2020 is op een aantal terreinen geïnvesteerd in de afvalinzameling. Dit eerste jaar is deze meteen op de proef gesteld door de coronadrukte. De resultaten zijn zeer positief.
Het vernieuwde systeem heeft een positief effect op het tegengaan van zwerfafval, vandalisme en ongedierte en draagt daarnaast bij aan het milieu en vergroot de efficiëntie van het beheer. In 2021 wordt dit systeem op de overige terreinen doorgevoerd. Op het Uitvoeringsprogramma staan ook projecten op de eigen terreinen van het Recreatieschap. Projecten die het toevoegen van voorzieningen betreft, maar ook (her)ontwikkeling van recreatieterreinen. Onder laatstgenoemde valt de Koopmanspolder. In plaats van weinig effectief baggeren is besloten om te kijken naar een herinrichting van het gebied. Een vernieuwde inrichting moet leiden tot meer kwaliteit, koppelen van functies en betere combinatie van natuur en de beleving ervan. Dit project is al enige tijd in voorbereiding. In samenwerking met de gemeente Medemblik is een traject opgestart om dit project aan te laten sluiten bij de Agenda IJsselmeergebied 2050 en het project Wieringerhoek. Mede hiervoor is door de provincie, gemeenten en andere betrokkenen een samenwerkingsintentie getekend en is gestart met het opstellen van een Kustvisie IJsselmeergebied. Het doel hiervan is om alle belangen nauwkeurig af te wegen en op basis daarvan tot een breed gedragen visie te komen voor de kustzone. De Koopmanspolder wordt als integraal onderdeel hiervan meegenomen. 10 / 43
Durfsport is in opkomst. Suppen, openwaterzwemmen, wind- en kitesurfen in hun vele verschijningen worden steeds meer gedaan. Op het Nesbos en Schellinkhout zijn speciale zones ingericht. In 2020 zijn we de voorbereidingen gestart om op Schellinkhout een speciaal kitesurfstrand aan te leggen. Doel van dit strand is de kite- en windsurfers een veilige plek te bieden. Door de verplaatsing van de kitezone zijn ook veiligheid en kwaliteit voor de zwemmers gewaarborgd. In deze voorbereidingen is afstemming met gebruikers en de omgeving een belangrijk onderdeel. Door vertraging in het vergunningsproces is de planning aangepast en wordt het strand naar verwachting in 2021 aangelegd. In 2020 is gestart met de plannen om het terrein De Hulk op te waarderen. Doel van de opwaardering is onder andere om de natuurwaarden van het gebied te verhogen, verschillende functies toe te voegen en de routestructuren te verbeteren waarbij nadrukkelijk wordt gezocht naar aansluiting op aangrenzende gebieden en projecten. Een van die projecten is de dijkverzwaring van de dijk tussen Hoorn en Amsterdam waar de Alliantie Markermeerdijken aan werkt. Als onderdeel van deze werkzaamheden wordt het doorgaande fiets-/wandelpad gerealiseerd. Vanuit De Hulk wordt een verbinding gelegd met dit pad en het buitendijkse deel van De Hulk wordt opgewaardeerd.
Dit laatste gebeurt in samenwerking met de gemeente Koggenland. Het Recreatieschap is namens de regio vertegenwoordigd in overleggen over de dijkverzwaring en is lid van de provinciale stuurgroep Ambitieprogramma Ruimtelijke Kwaliteit Kustzone Hoorn-Amsterdam. Vanuit dit programma wordt (financieel) bijgedragen aan projecten die gerealiseerd worden, gekoppeld aan de dijkverzwaring. Communicatie De externe communicatie aan recreanten en toeristen verloopt via de Destinatie Marketing Organisatie (DMO) Holland boven Amsterdam. Nieuws dat van belang is voor de Westfriese inwoners loopt via de regionale en lokale kranten en de website van het Recreatieschap. Op de website is toeristische, recreatieve en organisatorische informatie te vinden. Uiteraard worden ook sociale media ingezet. De voornaamste PR-activiteit is RecreActief Westfriesland, een dag waarop het Recreatieschap aan bestuurders, raadsleden en andere belanghebbenden laat zien wat het schap doet. In 2020 heeft dit door corona in klein gezelschap plaatsgevonden. Om toch een breed publiek te kunnen bereiken, is een videoverslag gemaakt van deze dag. Beleids- en projectmatige werkzaamheden Vanzelfsprekend voert het Recreatieschap zijn dagelijkse beleids- en projectmatige taken uit. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om gevraagde en ongevraagde advisering en belangenbehartiging ten behoeve van de recreatie in Westfriesland.
Zo is het Recreatieschap nauw betrokken bij de realisatie van het stadsstrand in Hoorn en adviseert het gemeenten op het gebied van recreatie, natuur en landschap en vertegenwoordigt het de regio in verschillende overleggen en projecten op regionaal en provinciaal niveau. Door het algemeen bestuur is er in 2020 een (kern)takendiscussie gevoerd. Hiervoor heeft de organisatie verschillende onderzoeken uitgevoerd naar inverdienmogelijkheden, efficiency en een marktverkenning uitgevoerd naar collega-terreinbeheerders. Het bestuur heeft in die discussie besloten dat het huidige takenpakket het juiste is. Ook is besloten dat het Recreatieschap een nadere verkenning gaat uitvoeren naar eventuele inverdienmogelijkheden en (maatschappelijke) meerwaarde van samenwerkingskansen. Deze verkenning zal in 2021 door de organisatie worden uitgevoerd.
11 / 43
Impact corona De impact van corona binnen dit programma had niet zozeer een groot financieel effect. De financiële gevolgen lagen vooral in het eerste programma. Wel had het veel invloed op de planningen van werkzaamheden en projecten. Overleggen en vergaderingen moesten van de ene op de andere dag digitaal worden gehouden. Met name waar (burger)participatie onderdeel was van het proces vroeg dat om andere werkwijzen en veelal tot verschuiving van de planning. Ook vroegen de maatregelen en de gevolgen daarvan om verschillende inspanningen vanuit de organisatie. Dat ging van het maken van afspraken en regelingen treffen met evenementenorganisatoren en horecapachters tot afstemmen van beleid over het wel of niet sluiten van openbare toiletgebouwen. Maar ook had het thuiswerken grote impact op het personeel. Met name de eerste periode waarin thuiswerkplekken niet altijd optimaal waren ingericht en van alle faciliteiten voorzien. Gelukkig heeft dit niet geleid tot langdurig uitval of ziekteverzuim.
Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien U vindt in dit programma geen toelichting over ‘wat hebben we bereikt’ en ‘wat hebben we daarvoor gedaan’. Dit programma bevat enkel de ramingen en verantwoordingen voor het budget onvoorzien, rentebaten van de uitgezette geldlening en de bijdragen van de deelnemende gemeenten. Wat heeft het gekost? Programma
Primitieve begroting 2020
Begroting na wijziging 2020
Werkelijk 2020
Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting Totaal lasten
972.000 38.000 214.000 25.000 225.000 0 1.474.000
924.000 231.000 243.000 10.000 225.000 0 1.633.000
838.000 356.000 112.000 0 447.000 1.754.000
Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting Totaal baten
185.000 0 0 1.205.000 0 0 1.390.000
145.000 0 13.000 1.205.000 0 0 1.363.000
144.000 213.000 13.000 1.206.000 0 0 1.576.000
Saldo van baten en lasten
-84.000
-270.000
-178.000
Toevoeging reserves Onttrekking reserves
45.000 161.000
49.000 331.000
0 183.000
Saldo mutaties reserves
116.000
282.000
183.000
Gerealiseerde resultaat
32.000
12.000
5.000
Voordelig
Voordelig
Voordelig
12 / 43
Toelichting afwijking begroting na wijziging en realisatie Programma 1 - Recreatieterreinen ● Personeel van derden ● Pilot maaibeheer ● Afvalverweking ● Onderhoud materieel ● Onderhoud terreinen
102.000 V -4.000 N 5.000 V -7.000 N -11.000 N
Programma 2 - Recreatieve netwerken ● Projecten NRP ● Subsidie en bijdragen projecten Wandelroutenetwerk en Rustenburg-Verlaat ● Maaikosten vaarroute
-116.000 N 213.000 V -7.000 N
Programma 3 - Algemene beheer en beleid ● Voorlichting ● Voorbereidingskosten locatie GRB ● Personeel van derden
5.000 V 7.000 V 119.000 V
Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien ● Budget onvoorzien
10.000 V
Overhead ● Personeel van derden Mutaties in reserves ● Geen storting in de Reserve afschrijvingslasten NRP voor de projecten Kwaliteitsimpuls afvalverwerking en Borden Wandelroutenetwerk ● Lagere onttrekking aan de Reserve uitvoering NRP door subsidies en bijdragen van derden Totaal verschil tussen werkelijk en verwacht resultaat
-222.000 N
49.000 V -148.000 N 7.000 N
Impact corona De directe financiële gevolgen van corona bedragen voor het Recreatieschap circa € 35.000. Dat zijn kosten die ontstaan door gemiste inkomsten uit pachten en huren, toestemmingskosten voor evenementen en (materiaal)kosten voor maatregelen als terreinafsluitingen, bebording en dergelijke. Deze kosten zijn ten laste van programma 1 gekomen. Naast de directe kosten zijn er ook indirecte kosten. Dit zijn ‘verborgen’ kosten die binnen de bestaande budgetten zijn opgevangen. Dat komt omdat corona vooral invloed had op werkzaamheden die liggen in het verlengde van de reguliere werkzaamheden. Vooral vandalisme, (extreme) zwerfvuiloverlast (38 procent meer vuilaanbod dan in 2019) , werkzaamheden voor maatregelen en verzuim (quarantaine) namen veel tijd in beslag. Wij schatten dit in op circa 200 uur. Dit vertegenwoordigt een waarde van circa € 10.000 à € 15.000. Daarnaast is gedurende de zomer-/ vakantieperiode een groot aantal uren besteed aan de reguliere werkzaamheden.
13 / 43
Paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Aanleiding en achtergrond Met weerstandsvermogen wordt de mate bedoeld waarin het Recreatieschap in staat is om substantiële tegenvallers op te vangen zonder dat de continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar komt. Voor een beoordeling van het weerstandsvermogen van het Recreatieschap moet de weerstandscapaciteit worden bezien in relatie tot mogelijke risico’s. Volgens artikel 3.4 van de Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen geldt 2,5% van de lasten als richtlijn voor de hoogte van de Algemene reserve. Bij zwaarwegende argumenten kan afgeweken worden van dit bedrag. Voor 2020 betekende dit uitgangspunt een hoogte van de Algemene reserve van € 44.000. Op 31 december bedraagt de Algemene reserve € 40.000. Dit blijft binnen de kaders. De weerstandscapaciteit bestaat uit vrij aanwendbare middelen, onbenutte inkomstenbronnen en bezuinigingsmogelijkheden. De vrij aanwendbare middelen zijn de reserves en onvoorzien. De reserves maken deel uit van het eigen vermogen. Tot de vrij aanwendbare reserves worden de reserves gerekend die van het algemeen bestuur nog geen specifieke bestemming hebben gekregen. Hieronder een overzicht van de vrij aanwendbare middelen: Overzicht vrij aanwendbare middelen Algemene reserve Resultaat 2020 Reserve uitvoering Natuur- en Recreatieplan
31-12-2020 40.000 5.000 1.357.000
Totaal
1.402.000
Risico's Het Recreatieschap voert een actief beleid op de beheersing van de risico’s. Door inzicht in de actuele risico’s worden de betrokken partijen in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen. Het Recreatieschap onderkent het belang van het in beeld brengen van risico’s en het treffen van eventuele beheersmaatregelen. Het is een dynamisch proces.
14 / 43
Maximaal risico
Kans op optreden
Impact
Bedrag * kans
Langdurige afwezigheid van Continuering van goed een werknemer door ziekte. personeelsbeleid.
€ 50.000
2=30%
3
€ 15.000
Beëindigen overeenkomst door verhuurders en/of verpachters
€ 80.000
2=30%
3
€ 24.000
Het uittreden van één van de Door proactief te handelen € 100.000 gemeenten uit zorgen dat het gemeenschappelijke regeling Recreatieschap als meerwaarde wordt gezien voor de regio/gemeenten. Alle (potentiële) gebruikers en € 10.000 Imagoschade
1=10%
4
€ 10.000
5=90%
1
€ 9.000
Beschrijving van het risico
Gewenste beheersmaatregel(en)
Tijdige verlenging van overeenkomsten en contact onderhouden met de huurders en pachters.
bezoekers tijdig betrekken bij en informeren over werkzaamheden, incidenten en calamiteiten.
Totaal
€ 58.000
Benodigde weerstandscapaciteit Uit bovenstaand overzicht blijkt dat het totaalbedrag aan risico’s € 58.000 bedraagt. Dit is de benodigde weerstandscapaciteit. Wij willen opmerken dat de inventarisatie van risico’s een dynamisch proces is. De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt per 31 december 2020 € 1.402.000. De benodigde weerstandscapaciteit is € 58.000. Daarmee beschikken wij over een ratio weerstandsvermogen van 24 (beschikbaar in relatie tot benodigd). Er zijn daarmee voldoende middelen om de risico’s af te dekken. Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen is er een normtabel (zie onderstaande tabel) ontwikkeld door het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van de berekende ratio. Ons weerstandsvermogen valt in de klasse A “uitstekend”. Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A B C D E F
>2,0 1,4 - 2,0 1,0 - 1,4 0,8 - 1,0 0,6 - 0,8 <0,6
Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
15 / 43
Financiële kengetallen Het is verplicht om in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing te rapporteren over financiële kengetallen. Dit wordt middels de onderstaande tabel gedaan. Jaarverslag Kengetallen
Verloop van de kengetallen Werkelijk 2019
Begroting 2020
Werkelijk 2020
1. a. netto schuldquote b. netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
-18% -41%
82% 58%
25% 4%
2.
solvabiliteitsrisico
50%
37%
51%
3.
structurele exploitatieruimte
0%
0%
0%
4.
grondexploitatie
nvt
nvt
nvt
5.
belastingcapaciteit
nvt
nvt
nvt
Toelichting kengetallen 1. a. De netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Als kritische grens wordt 100% aangehouden (bron: VNG). De gemeenschappelijke regeling zit hier onder. b. Zie bovenstaande. 2. Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeenschappelijke regeling bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. De gemiddelde solvabiliteit voor alle gemeenten is circa 40% (bron: CBS). Het Recreatieschap zit hier boven. 3. Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeenschappelijke regeling heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten.
De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. De gemeenschappelijke regeling heeft structureel lagere lasten dan baten in 2020. Hierdoor is het percentage positief. 4. Niet van toepassing. 5. Niet van toepassing.
Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de realisatie van de uitvoering van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties. Voor de dekking van de kosten voor groot onderhoud aan de kapitaalgoederen is een Voorziening gevormd welke is gebaseerd op het Beheerplan 2019-2023. In 2020 is € 15.000 minder onttrokken aan de Voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen dan begroot.
16 / 43
Ontwikkeling Voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen Omschrijving Werkelijk 2020 Begroot 2021 Stand per 1 januari Vermeerderingen (storting) Verminderingen (aanwending) Stand per 31 december
219.000 50.000 53.000 216.000
Begroot 2022
Begroot 2023
197.000 50.000 66.000 181.000
181.000 50.000 52.000 179.000
216.000 50.000 69.000 197.000
Totaal
Financiering Het Recreatieschap hanteert het treasurybeleid van de gemeente Stede Broec. Eind 2013 is het verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden ingevoerd. Overtollige middelen moeten worden aangehouden in de schatkist. Kasgeldlimiet De begrenzing van de renterisico’s op de kortlopende middelen (< 1 jaar) vindt plaats door het vaststellen van een kasgeldlimiet. Deze limiet is door de minister van Financiën vastgesteld op 8,2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 300.000. Voor 2020 dient de gemiddelde netto-vlottende schuld onder de door het ministerie gestelde minimum van € 300.000 te blijven. Dit bedrag is in 2020 niet overschreden. Renterisiconorm De begrenzing van de renterisico’s op de gemeentelijke langlopende middelen (> 1 jaar) vindt plaats door het vaststellen van een renterisiconorm. Deze norm is door de minister van Financiën vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal met een minimum van € 2.500.000. Doelstelling van de renterisiconorm is dat de leningenportefeuille zo moet worden gespreid dat de renterisico’s die gelopen worden, gelijkmatig over de jaren worden gespreid. In 2020 is de norm niet overschreden. In 2020 is er alleen afgelost en zijn er geen nieuwe leningen afgesloten.
17 / 43
Rentetoerekening De paragraaf financiering moet inzicht geven in: - De rentelasten; - Het renteresultaat; - De wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen en projecten. Onderstaand schema geeft hier invulling aan. De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem)
44.272 15.225 -/-
Totaal door te rekenen externe rente De rente die aan de grondexploitatie moet worden toegerekend
29.047 0 -/-
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
9.755 -/-
De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
15.225 +/+
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen
5.470 0 0
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
34.516 34.121
Renteresultaat op het taakveld Treasury
395
Bedrijfsvoering Personeelsformatie en organisatieopbouw In 2020 was de formatie van het Recreatieschap 9,15 fte, ingevuld door elf medewerkers. De toegestane formatie is 9,63 fte. Daarnaast is er een budget van € 21.000 voor flexibele inhuur. Vanuit dit budget wordt er voor de afdeling Groen- en Recreatiebeheer ingehuurd om de pieken in het hoogseizoen op te vangen. De inhuur gebeurt (onder andere) bij WerkSaam. Het personeel van het Recreatieschap is formeel in dienst van gemeente Stede Broec. Het dagelijks bestuur heeft in november van 2020 een strategisch personeelsplan vastgesteld. Het organogram op de volgende bladzijde geeft een beeld van de personeelsformatie en organisatieopbouw ultimo 2020.
18 / 43
Facilitaire organisatie De SED-organisatie verzorgt voor de organisatie de facilitaire ondersteuning. Onder de facilitaire ondersteuning vallen alle zogenaamde PIOFAH-taken (personeel, inkoop, organisatie, financiën, automatisering en huisvesting). Deze afspraken over de facilitaire ondersteuning door de SED aan het Recreatieschap zijn vastgelegd in een dienstverleningsovereenkomst met een producten- en dienstencatalogus. Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage over 2020 is 2,1%. In de begroting 2020 is gemeld dat er wordt gestreefd naar een ziekteverzuimpercentage dat niet hoger is dan 4%.
19 / 43
Jaarrekening Dit hoofdstuk bevat de jaarrekening met het overzicht van baten en lasten en een toelichting op deze cijfers. Ook bevat dit hoofdstuk de balans en de toelichting daarop.
20 / 43
Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting Overzicht van baten en lasten In dit onderdeel treft u een financiële verantwoording aan, waarbij is opgenomen: • de geraamde lasten en de werkelijke lasten per programma; • de geraamde baten en de werkelijke baten per programma; • de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves; • het gerealiseerde resultaat; • een analyse van de verschillen tussen geraamde cijfers en werkelijke cijfers welke is opgenomen in het jaarverslag. Programma
Primitieve begroting 2020
Begroting na wijziging 2020
Werkelijk 2020
Programma 1 - Recreatieterreinen
972.000
924.000
838.000
Programma 2 - Recreatieve netwerken
38.000
231.000
356.000
Programma 3 - Algemeen beheer en beleid
214.000
243.000
112.000
Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
25.000
10.000
0
Overhead
225.000
225.000
447.000
0
0
1.474.000
1.633.000
1.754.00
185.000
145.000
144.000
Programma 2 - Recreatieve netwerken
0
0
213.000
Programma 3 - Algemeen beheer en beleid
0
13.000
13.000
1.205.000
1.205.000
1.206.000
Overhead
0
0
0
Vennootschapsbelasting
0
0
0
1.390.000
1.363.000
1.576.000
Saldo van baten en lasten
-84.000
-270.000
-178.000
Toevoeging reserves
45.000
49.000
0
Onttrekking reserves
161.000
331.000
183.000
Saldo mutaties reserves
116.000
282.000
183.000
Gerealiseerde resultaat
32.000
12.000
5.000
Voordelig
Voordelig
Voordelig
Vennootschapsbelasting Totaal lasten Programma 1 - Recreatieterreinen
Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
Totaal baten
21 / 43
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De grens van activeren is in de Voorjaarsrapportage vastgesteld op € 10.000. Vaste activa Investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden.
De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Afschrijvingstermijnen Investeringen met economisch nut Afschrijvingstermijnen Automatiseringsproducten 3 t/m 5 jaar Inventaris 10 jaar Straatwerk, beschoeiing en speeltoestellen 10 jaar Schuren en steigers 10 t/m 15 jaar Renovatie gebouwen 20 jaar Nieuwbouw gebouwen 40 jaar Technische installaties in gebouwen 15 jaar Voertuigen, gereedschappen en overige materiaal Gangbare ervaringsnormen * In de nota Activabeleid van de gemeente Stede Broec is opgenomen dat voor het vaststellen van de afschrijvingstermijnen van voertuigen, gereedschappen en overige materiaal de op dat moment gangbare ervaringsnormen worden gehanteerd. Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden vanaf het jaar volgend op het jaar van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden.
De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Afschrijvingstermijnen Investeringen met maatschappelijk nut Straatwerk en beschoeiing Bruggen en overige grote kunstwerken
Afschrijvingstermijnen 10 jaar 20 jaar
22 / 43
Financiële vaste activa Leningen aan openbare lichamen zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Vlottende activa Voorraden De handelsgoederen worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume worden geen voorzieningen getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting worden opgenomen.
Onvoorzien In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in het gebruik van het geraamde bedrag voor onvoorzien. Deze post is bedoeld om kosten die bij het opstellen van de begroting niet voorzienbaar waren maar toch zijn ontstaan, op te vangen. In de begroting 2020 is een post opgenomen van € 25.000. Verloop post Onvoorzien Datum vergadering algemeen bestuur 9 december 2020
Omschrijving Post Onvoorzien 1 januari 2020 Dekking baggeren Haven Wijdenes Post Onvoorzien 31 december 2020
bedrag 25.000 -15.000 10.000
23 / 43
Overzicht incidentele baten en lasten De incidentele lasten en baten worden in onderstaand overzicht weergegeven. Incidentele budgetten Begroting na wijziging
Werkelijk
Voorbereidingskosten nieuwbouw locatie GRB
20.000
13.000
Projecten NRP: Pilot Maaibeheer Uitbreiding kwaliteitsimpuls routenetwerken Knelpunt vaarverbinding regionaal netwerk Voorzieningen langs vaarroutes Afronden wandelnetwerk Westfriesland Rustenburg-Verlaat, brug Veenhuizen Tijdelijke inhuur
5.000 5.000 80.000 0 91.000 15.000 41.000
10.000 0 0 3.000 188.000 123.000 43.000
0 0
106.000 108.000
0
2.000
10.000 5.000 191.000 41.000
10.000 10.000 106.000 43.000
Programma
Omschrijving
Incidentele lasten Programma 3
Programma 1 Programma 2 Programma 2 Programma 2 Programma 2 Programma 2 Programma 3 Incidentele baten Programma 1 Programma 2 Programma 2 Programma 3
Verlaging huur horeca-ondernemers (corona) Subsidie provincie voor project Wandelroutenetwerk Subsidie en bijdragen van derden voor project RustenburgVerlaat, brug Veenhuizen Inruil ruigterreinmaaier
Mutaties reserves Programma 2 Programma 1 Programma 2 Programma 3
Onttr. Algemene reserve – Kosten locatie GRB Onttr. Reserve uitvoering NRP - Projecten NRP recreatieterreinen Onttr. Reserve uitvoering NRP – projecten NRP netwerken Onttr. Reserve uitvoering NRP - projecten NRP algemeen
Voor de projecten Wandelroutenetwerk en Rustenburg-Verlaat is alleen het verschil tussen de verwachte kosten en de verwachte subsidie en bijdragen begroot. Dit verklaart het verschil tussen de werkelijke en de begrote bedragen. Presentatie van het structureel exploitatiesaldo Saldo baten en lasten
-178.000
Saldo toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
183.000
Saldo
5.000
Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)
5.000
Structureel saldo
0
Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves Structurele onttrekkingen De structurele onttrekkingen zijn ter dekking van de afschrijvingslasten van het Streekbos Paviljoen, dekking van de afschrijvingslasten van de aanlegvoorzieningen Drachterveld,
24 / 43
dekking van de afschrijvingslasten van het fietspad Vooroever, dekking van de afschrijvingslasten van het toiletgebouw Streekbos en dekking van de afschrijvingslasten Kwaliteitsimpuls afvalinzameling. Raming begrotingsjaar na wijziging
Onttrekking aan de reserves
Waarvan structureel
Realisatie begrotingsjaar
Waarvan structureel
Reserve kapitaallasten Paviljoen Streekbos
1.000
1.000
1.000
1.000
Reserve dekking afschrijvingslasten Natuuren Recreatieplan Totaal
35.000 36.000
35.000 36.000
19.000 20.000
19.000 20.000
Rechtmatigheid Analyse begrotingsrechtmatigheid In het volgende overzicht staan de programma’s waarbij de werkelijke lasten hoger zijn dan de geraamde lasten: Gewijzigde Realisatie Verschil begroting Recreatieve 231.000 355.000 -124.000 netwerken
Oorzaak overschrijding Project RustenburgVerlaat
Overhead
Personeel van derden
Programma
225.000
447.000
-222.000
Opmerking Past binnen bestaand beleid. De budgetoverschrijding wordt gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten. Telt niet mee voor het oordeel. Past binnen het bestaand beleid. Compensatie op andere programma’s. Kosten personeel van derden wordt op totaal niet overschreden. Begroting is op totaal geautoriseerd. Telt niet mee voor het oordeel.
Op programma 2 wordt het budget door het project Rustenburg-Verlaat overschreden. Dit wordt gecompenseerd door een subsidie van de provincie en bijdragen van derden. Het budget voor personeel van derden wordt niet overschreden, maar hiervan is meer aangemerkt als overhead dan is begroot. Hierdoor is er een onderschrijding op de programma’s Recreatieve netwerken en Algemeen beheer en beleid. Doordat de lasten voor de projecten van het NRP lager zijn dan begroot is de onttrekking aan de Reserve uitvoering natuur- en recreatieplan ook lager. De afwijkingen tellen niet mee voor het oordeel wat resulteert in een rechtmatig oordeel.
25 / 43
Verantwoording Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 2020 Voor de uitvoering van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de (semi)publieke sector (WNT) heeft de gemeenschappelijke regeling zich gehouden aan de beleidsregel toepassing WNT. 1.
Bezoldiging topfunctionarissen
1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling Gegevens 2020 (bedragen x € 1) K.G.J. Schoenaker Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
Directeur 01/01 – 31/12 1,00 nee
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2019
N.v.t.
96.089 201.000 N.v.t. 96.089 N.v.t.
K.G.J. Schoenaker Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2019 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking? Bezoldiging
01/01 – 31/12 0,11 nee
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
9.693 21.556
Bezoldiging
9.693
1b. Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 De betreffende categorie was in 2020 niet van toepassing voor de instelling.
26 / 43
1c. Toezichthoudende topfunctionarissen Gegevens 2020 (bedragen x € 1) M. Pijl
H.P.F. Nederpelt
A.H.M Kalthoff
Lid 01/01 – 31/12
Lid 01/01 – 31/12
Lid 01/01 – 31/05
0
0
0
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
20.100
20.100
8.348
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
0 N.v.t.
0 N.v.t.
0 N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling