6 C Accountantsverslag 2021 GR OD NHN
Tekst van het document
Accountantsverslag 2021 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst NoordHolland Noord
Aan het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord Postbus 2095 1620 EB Hoorn Onderwerp Accountantsverslag 2021 Datum 13 april 2022 Kenmerk 312018013.22.096
Geachte leden van het algemeen bestuur, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2021 van uw omgevingsdienst afgerond. De jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 22 maart 2022 hebben wij onze controlebevindingen reeds besproken met uw directeur en uw controller en op 13 april 2022 met het dagelijks bestuur. Bij de jaarrekening 2021 hebben wij op 13 april 2022 een goedkeurende controleverklaring afgegeven, zowel voor het aspect getrouwheid als voor het aspect rechtmatigheid. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2021. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en het management. Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V.
Was getekend:
ValidSigned door A. Booij RA op 13-04-2022
Op alle opdrachten verricht door Publieke Sector Accountants B.V. zijn de ‘Algemene Voorwaarden Publieke Sector Accountants’, gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel onder nummer 69411409, van toepassing. Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409. .
Inhoudsopgave
Contact De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag:
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij ....................... 1 2. Financiële positie en resultaat.................................................. 5 3. Bevindingen eindejaarscontrole ............................................... 9
Arie Booij
4. Interne beheersing ................................................................ 13
Tel: 06 – 1509 2689
5. Overige aangelegenheden ..................................................... 21
Charissa Burgers Tel: 06 – 3199 3295
1.
Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij
312018013.22.096 - 1
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Reikwijdte van de controle
Met de opdrachtbevestiging van 14 juli 2021 (kenmerk 312018013.21.233) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2021. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2021 voldoende voor de doelstelling van onze controle. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle wordt verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Controlestandaarden en de beleidsregels toepassing Wet normering topinkomens (WNT).
Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het Besluit accountantscontrole decentrale overheden en het vastgestelde controleprotocol
De maximaal toe te passen marges voor de accountantscontrole zijn vastgelegd in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (het Bado). Op 13 oktober 2021 heeft het algemeen bestuur het “Controleprotocol 2021 Omgevingsdienst Noord-Holland Noord” vastgesteld, waarin de goedkeuringstoleranties ook zijn bevestigd. In het accountantsprotocol heeft u geen lagere marges vastgesteld waardoor wij het wettelijke kader als uitgangspunt hebben gehanteerd. De bij onze controle van de jaarrekening 2021 toegepaste goedkeuringstoleranties bedragen derhalve:
Bron: jaarrekening 2021 Goedkeuringsmaterialiteit
Fouten
Onzekerheden € 208.000
€ 624.000
Het algemeen bestuur heeft in het controleprotocol de rapporteringstolerantie vastgesteld op € 50.000.
312018013.22.096 - 1
Onze aanpak is gericht op risico’s
Voor de jaarrekeningcontrole 2021 onderkennen wij een aantal risico’s en aandachtspunten, die een verhoogd (bruto) risico met zich mee (kunnen) brengen op een materiële fout in uw jaarrekening en die een mogelijke impact op de bedrijfsvoering kunnen hebben. De risico’s en aandachtspunten zijn hieronder weergegeven. Opname van een risicogebied of aandachtspunt in deze opsomming betekent niet dat daadwerkelijk sprake is van risico’s die zich daadwerkelijk voordoen, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed. Risico’s en aandachtspunten voor de controle van de jaarrekening 2021 ▪ De voortgang en status met betrekking tot de kwaliteit van de interne beheersing en de uitgevoerde interne controles. ▪ Management override of controls. Dit betreft de mogelijkheid die het management heeft om specifieke controlemaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen of het schattingsproces. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor uw gemeenschappelijke regeling. ▪ Opbrengstverantwoording van materiële opbrengstenstromen; dat zijn de bijdragen van de gemeenten, de projectbaten en de overige baten. ▪ (Financiële) voortgang van het Masterplan ICT ▪ Naleving van de (Europese) aanbestedingsregels. ▪ Betaalproces, vanwege de potentiële (fraude-)risico’s.
▪ Verantwoording WNT (vanwege de complexe wet- en regelgeving). ▪ Betaalproces, vanwege de potentiële (fraude-)risico’s. Het inschatten als significant risico is inherent aan deze posten en is niet direct een gevolg van verwachte leemten in de interne beheersing van uw omgevingsdienst. Ook is sprake van inschattingen van bruto risico’s, alvorens eventuele beheersmaatregelen zijn genomen. Ter voorkoming van een materiële fout in de jaarrekening heeft u voor bovenstaande risicogebieden beheersmaatregelen getroffen. Wij hebben ons bij de controle gericht op de opzet en het bestaan van de door u ingerichte beheersingsomgeving, die deze risico’s moeten verkleinen. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘belangrijke bevindingen’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.
De baten en lasten, alsmede Op basis van uw controleprotocol en normenkader, zoals vastgesteld door uw algemeen bestuur op 13 oktober 2021, hebben wij de naleving van het financieel rechtmatigheidskader voor uw gemeenschappelijke regeling gecontroleerd. Hierbij zijn geen materiële balansmutaties, zijn bijzonderheden geconstateerd. Op de programma’s Milieutaken en VTH Plustaken is tevens geen sprake van een overschrijding van de rechtmatig begroting (lasten). Onze conclusie is derhalve dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties, rechtmatig zijn weergegeven in de jaarrekening 2021.
312018013.22.096 - 2
De jaarrekening voldoet aan Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord. Daarnaast vereisen zij van het dagelijks het BBV bestuur het toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn.
De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van de OD NHN zijn uiteengezet in hoofdstuk 4.2.1 van de jaarstukken ‘Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling’. In de jaarrekening 2021 hebben zich ten opzichte van 2020 geen wijzigingen van materieel belang voorgedaan in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen, die een aanzienlijke invloed hebben gehad op de baten en lasten en/of de financiële positie van de OD NHN. Wij hebben het door het dagelijks bestuur toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het BBV (Besluit begroting en verantwoording).
Geen geïdentificeerde materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken
Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole, resteren er geen van materieel belang zijnde ongecorrigeerde afwijkingen of onzekerheden. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn derhalve niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring), maar zijn naar onze mening vooral van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de niet materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.
Goedkeurende controleverklaring
Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2021 van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord een getrouw beeld geeft van het eigen vermogen op 31 december 2021 en het resultaat over 2021. Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2021 in alle van materieel belang zijnde aspecten tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader (vastgesteld door het algemeen bestuur op 13 oktober 2021). Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door het algemeen bestuur wordt vastgesteld. Wij verzoeken u derhalve ons een door de leden van het algemeen bestuur ondertekend exemplaar van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.
312018013.22.096 - 3
2.
Financiële positie en resultaat
312018013.22.096 - 4
2. Financiële positie en resultaat De vermogenspositie van uw omgevingsdienst neemt in absolute zin toe
In het BBV, de verslaggevingsregels voor gemeenschappelijke regelingen, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten 2021 bedraagt € 1.901.000 voordelig. Per saldo is tussentijds € 210.000 aan de reserves toegevoegd, zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2021 € 2.111.000 voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans. In het hiernavolgende overzicht hebben wij de ontwikkeling van het eigen vermogen opgenomen.
Eigen vermogen (in € 1.000)
Eigen vermogen per 1 januari Uitkering aan gemeenten/ resultaatbestemming
2021
5.766
2020
3.142
-/- 1.689
2018
2019
2017
2.595
2.114
902
-/- 312
-/- 480
-/- 174
Subtotaal
4.077
3.142
2.283
1.634
728
Tussentijdse resultaatbestemming
-/- 210
-/- 174
827
-/- 404
153
Gerealiseerd resultaat
2.111
2.797
32
1.365
1.233
Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’)
1.901
2.623
859
961
1.386
Eigen vermogen per 31 december
5.978
5.766
3.142
2.595
2.114
De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van uw algemeen bestuur.
312018013.22.096 - 5
De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2021 circa 52,9 % van het balanstotaal (2020: 37,9 % van het balanstotaal). In paragraaf 4.2.4 van de jaarrekening geeft het dagelijks bestuur een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2021. Wij verwijzen u naar deze toelichting.
Resultaat 2021 is beïnvloed door reservemutatie(s)
Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeenschappelijke regeling ook het gerealiseerde resultaat. Dit is het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse stortingen in reserves. De stortingen in dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van door u genomen besluiten. Het gerealiseerde resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeenschappelijke regeling het volgende: Exploitatieresultaat (in € 1.000) Totale baten
22.781
Totale lasten
20.880
Gerealiseerde saldo van baten en lasten Af: stortingen in reserves Bij: onttrekkingen aan reserves
1.901 0 210
Saldo mutaties reserves
210
Gerealiseerd resultaat
2.111
De exploitatie over 2021 laat een voordelig gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten van € 1,9 miljoen zien, ten opzichte van een begroot saldo van € 0,8 miljoen nadelig. Dit is een voordeel van € 2,7 miljoen. Het gerealiseerde voordelig resultaat ad € 2,1 miljoen is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting en de gerealiseerde baten en lasten verklaard (Inleiding en paragraaf 4.3 en 4.4). Wij verwijzen u naar deze toelichtingen.
312018013.22.096 - 6
Het voordelige exploitatieresultaat 2021 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is eveneens inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven (paragraaf 4.4.1). Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting.
Het dagelijks bestuur kwalificeert het weerstandsvermogen als voldoende om de onderkende risico’s af te kunnen dekken
Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico’s. De omvang van uw eigen vermogen bedraagt ultimo 2021 circa 52,9 % van het balanstotaal (2020 circa 37,9%). De directe weerstandscapaciteit van OD NHN is daarmee in 2021 relatief gezien toegenomen. In absolute zin is de beschikbare weerstandscapaciteit met circa € 210.000 toegenomen ten opzichte van 2020 (dit is gelijk aan de mutaties in de reserves in 2021). In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft u toegelicht dat het benodigde weerstandsvermogen € 330.000 is (2020: € 330.000). Dit bedrag is bepaald op basis van de actualisatie van de door het dagelijks bestuur onderkende risico’s. Door de inventarisatie en kwantificering van risico’s periodiek te actualiseren, houdt u goed zicht op de risico’s en kunt u een goede kwalitatieve beoordeling van uw vermogen maken. Op basis van de (actualisatie van de) risico’s en de beschikbare weerstandscapaciteit kwalificeert het dagelijks bestuur (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) het weerstandsvermogen als voldoende. Wij adviseren u om de risico-inventarisatie derhalve te blijven actualiseren en te kwantificeren en, gelet op het feit dat uiteindelijk de deelnemers “belast” worden met de risico’s, dit periodiek in het algemeen bestuur te bespreken.
312018013.22.096 - 7
3.
Bevindingen eindejaarscontrole
312018013.22.096 - 8
3. Bevindingen eindejaarscontrole Er is geen sprake van begrotingsonrechtmatigheid die doorwerkt in ons oordeel
Naast de controle op de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening 2021, hebben wij de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen voor dit begrotingscriterium zijn gebaseerd op artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet en moet door het algemeen bestuur zelf nader worden ingevuld en geconcretiseerd. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan het algemeen bestuur, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan het algemeen bestuur van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat inbreuk wordt gemaakt op het budgetrecht van het algemeen bestuur. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota van de Commissie BBV. Een belangrijk uitgangspunt is dat het overschrijden van de begroting altijd onrechtmatig is, maar niet in alle gevallen hoeft te worden meegewogen in het accountantsoordeel.
Essentieel is dat het algemeen bestuur nadere regels kan stellen wanneer kostenoverschrijdingen die worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten (1), kostenoverschrijdingen passend binnen het beleid (2) en kostenoverschrijdingen bij openeinderegelingen (3) moeten meewegen bij het oordeel van de accountant. In die gevallen dat het algemeen bestuur geen nader beleid stelt, geldt het uitgangspunt dat deze kostenoverschrijdingen door de accountant niet worden betrokken bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende controleverklaring kan worden afgegeven. Deze kostenoverschrijdingen moeten dan wel goed herkenbaar in de jaarrekening zijn opgenomen. Daarnaast moet de accountant deze kostenoverschrijdingen – waarvan het dagelijks bestuur in de jaarrekening moet aangeven dat het algemeen bestuur deze nog dient te autoriseren – in het verslag van bevindingen aan de orde stellen. Extra lasten die zijn gemaakt omdat extra opbrengsten daarvoor de ruimte bieden, terwijl deze extra lasten niet direct zijn gerelateerd aan de extra opbrengsten en waarbij het algemeen bestuur nog geen besluit heeft genomen over de aanwending van deze extra opbrengsten, zijn onrechtmatig en tellen mee in het oordeel van de accountant. Dit is bij de OD NHN overigens niet aan de orde.
Begrotingsafwijkingen werken niet door in de controleverklaring In totaal heeft uw gemeenschappelijke regeling € 21.650.000 aan lasten begroot (na wijziging), tegenover € 20.880.000 aan werkelijke lasten in 2021. Dit is in totaal een onderschrijding van € 770.000 (3,6 %). Aan baten had uw gemeenschappelijke regeling een bedrag van € 20.866.000 begroot, tegenover € 22.781.000 aan werkelijke baten in 2021. In totaal gaat het om een hogere realisatie van baten van € 1.915.000 (9,2 %). Het gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten komt daarmee op € 1.901.000 voordelig. 312019006.21.049 - 9
In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moet gekeken worden naar de lastenoverschrijdingen op het niveau waarop het algemeen bestuur de begroting autoriseert. In uw geval is dat op programmaniveau, waarbij sprake is van 2 programma’s (Milieutaken en VTH-plustaken). Over het jaar 2021 is bij beide programma’s geen sprake van een overschrijding Naast overschrijdingen van lasten, zijn ook op onderdelen meer baten gerealiseerd dan begroot. Over de baten rapporteren wij in deze paragraaf niet, omdat dit geen onderdeel uitmaakt van het criterium begrotings-rechtmatigheid zoals de richtlijnen voorschrijven. De begrotingsrechtmatigheid omvat ook de overschrijdingen op investeringskredieten. Deze hebben zich in 2021 niet voorgedaan.
Geen sprake van te betalen vennootschapsbelasting
Uitgangspunt van het dagelijks bestuur is dat in uw jaarrekening geen sprake is van activiteiten die onder de vennootschapsbelastingplicht (Vpb) vallen. In de jaarrekening 2021 (paragraaf 4.6) heeft het dagelijks bestuur vermeld dat uw gemeenschappelijke regeling met het Bureau Belastingplicht Overheidsondernemingen overeengekomen is dat nagenoeg alle taken die door uw omgevingsdienst worden uitgevoerd, zijn voorgeschreven in de wet en daarom zijn vrijgesteld van Vpb. Wij adviseren de ontwikkelingen inzake Vpb voor overheidsbedrijven en uw eigen Vpb-positie te blijven monitoren, om tegenvallers inzake de Vpb te voorkomen dan wel tijdig te signaleren. Daarnaast adviseren wij u om uw Vpb-positie af te (blijven) stemmen met de belastingdienst.
WNT-verantwoording en anticumulatiebepaling WNT
De Wet normering topinkomens (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Met ingang van 1 januari 2013 is bij wet vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over 2021 van € 209.000 niet te boven gaat. Daarnaast dienen gemeenschappelijke regelingen het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. Met ingang van boekjaar 2018 dienen ook de ontvangen vergoedingen die bij andere WNT plichtige instellingen zijn ontvangen te worden verantwoord in de WNT-verantwoording. Aangezien het voor ons niet mogelijk is de volledigheid vast te stellen van de dienstbetrekkingen en de ontvangen vergoedingen, is in het WNT-controleprotocol opgenomen dat wij de anticumulatiebepaling niet hoeven te controleren.
In onze controleverklaring is dit ook als zodanig toegelicht. De naleving van de anticumulatiebepaling maakt derhalve geen onderdeel uit van de controle van de accountant. De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden. In 2021 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen. 312018013.22.096 - 10
Bij de controle van de WNT-verantwoording 2021 stelden wij wel vast dat geen sprake was van (zichtbare) interne controle op de opgestelde WNT-verantwoording. Wij adviseren u om in het vervolg voordat de WNT-verantwoording voor controle wordt aangeboden zichtbaar interne controle uit te laten voeren. In het kader van de WNT attenderen wij u erop dat u de plicht heeft om uiterlijk 1 juli 2022 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2021 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken. Indien op grond van andere op de verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking
Onrechtmatigheid aanbestedingen
Sinds 2013 maakt u gebruik van hetzelfde boekhoudpakket. Bij de aanbesteding destijds was rekening gehouden met een geraamde contractwaarde van € 137.000 voor de periode 2014-2017, waardoor destijds geen verplichting bestond om dit contract Europees aan te besteden. In het afgesloten contract was een (stilzwijgende) optie tot verlengen met één jaar overeengekomen. Het afgesloten contract loopt nog steeds door en inmiddels zijn de jaarlijkse kosten zodanig toegenomen dat geraamde waarde over de toekomstige 4 jaar meer bedraag dan het drempelbedrag voor Europees aanbesteden. Op basis van de werkelijke uitgaven over 2021 ad € 73.000 bedraagt de geraamde waarde voor de komende 4 jaar minimaal € 292.000. Op basis van de uitgaven over 2020 (€ 67.000) zou de geraamde contract waarde € 268.000 zijn geweest (voor 2021-2024). Het contract heeft geen einddatum en is in principe jaarlijks opzegbaar. Omdat de geraamde opdrachtwaarde inmiddels de grenswaarde voor EUA heeft overschreden, is het contract onrechtmatig geworden. Gelet op de jaarlijkse mogelijkheid tot opzeggen, is de rechtmatigheidsfout 2021 gelijk aan de werkelijke uitgaven over 2021 ad € 73.000. Deze fout hebben wij meegewogen in ons rechtmatigheidsoordeel. Zolang het contract niet opnieuw is aanbesteed, zal deze rechtmatigheidsfout blijven bestaan.
312018013.22.096 - 11
4.
Interne beheersing
312018013.22.096 - 12
4. Interne beheersing Kernboodschappen interim- Als onderdeel van de jaarrekeningcontrole hebben wij aandacht geschonken aan de opzet, het bestaan en de werking van maatregelen van administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB), voor zover van belang voor onze controle op de controle 2021
betrouwbaarheid van de in de jaarrekening opgenomen gegevens. Naar aanleiding van de controle 2021 hebben wij met onze brief van 1 november 2021 (kenmerk 312018013.21.358) onze bevindingen gedeeld met het dagelijks bestuur en de directie. De kernboodschappen die wij het dagelijks bestuur en directie hebben meegegeven uit onze interim-controle hebben wij hieronder opgenomen. Verbetermogelijkheden interne beheersing ▪
Blijf, op basis van een follow up-rapportage, de voortgang van de opvolging van adviezen uit interne controlerapportages en voorgaande accountantsrapportages bewaken, inclusief uw prioriteitsstelling en rapporteer hierover aan het bestuur. Een groot deel van de eerdere adviezen is overigens opgevolgd.
▪
De inrichting (opzet) van de financiële processen is in 2021 (ten opzichte van voorgaande jaren) niet (of nauwelijks) gewijzigd. Van een aantal processen heeft u dit jaar het bestaan vastgelegd. In het kader van de doorontwikkeling van uw (financieeladministratieve) organisatie en in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording vanaf 2022, is het belangrijk dit jaarlijks voor alle (materiële) processen te doen.
▪
Uw IT-omgeving heeft, gelet op de implementatie van het ICT-Masterplan, in 2021 geen onderdeel uitgemaakt van uw VIC (verbijzonderde interne controle). Gelet op uw afhankelijkheid van derden en de dominantie van IT op uw bedrijfsvoering vinden wij dit wel een belangrijk aandachtspunt voor de komende jaren.
▪
Borg dat alle onderdelen uit uw intern controleplan tijdig en verspreid over het jaar worden uitgevoerd.
▪
Blijf uw frauderisicoanalyse actualiseren. Voor 2021 is dit niet gerealiseerd, de meest recente dateert van 2020. Deze bevat 7 potentiële risico’s waarbij deels ook beheersmaatregelen, kans en impact zijn benoemd. In het MT van oktober 2021 is, op basis van een brainstormsessie, een aanzet gedaan om tot actualisatie van de FRA te komen. Deze wordt momenteel nader uitgewerkt. Ten opzichte van eerdere jaren is daarbij één additioneel frauderisico onderkend (privégebruik dienstauto's). Met de frauderisicoanalyse beschikt u in opzet over een stuurinstrument om de frauderisico’s te monitoren en te evalueren of beheersmaatregelen (nog) effectief zijn. Wij vinden het daarbij van belang dat deze ook regelmatig met de directie en bestuur wordt besproken. Dat vindt momenteel nog niet plaats. Ons advies is om deze periodiek te bespreken met directie en bestuur en de risico’s door te vertalen naar uw interne controle.
312018013.22.096 - 13
Bevindingen financiële processen ▪
Maak beleid rondom prestatielevering en draag zorg voor een duidelijke registratie van de prestatieverklaring voor echt risicovolle prestatieleveringen. Wij adviseren u hiervoor de notitie van de commissie BADO te gebruiken.
▪
Maak de controles van de mutaties in het crediteurenstambestand zichtbaar. Wanneer een zichtbare vastlegging in uw financiële systeem niet mogelijk is, kunt u door controles achteraf ook vaststellen dat de mutaties in het crediteurenstambestand juist hebben plaatsgevonden. Hiervoor kunt u bijvoorbeeld de logging gebruiken en hierop periodiek een zichtbare controle op uitvoeren.
▪
Uw controller en inkoopadviseur hebben bij de uitvoering van de interne controle geconstateerd dat de cumulatieve uitgaven voor het financieel pakket (Afas), door de jaarlijkse verlengingen van het contract, in 2021 boven het grensbedrag voor Europees Aanbesteden uit zijn gekomen. Omdat het contract destijds niet Europees is aanbesteed, zijn daardoor de uitgaven 2021 (en mogelijk latere jaren) onrechtmatig.
Inleiding RechtmatigheidsVerantwoording: (voorlopig) Het ministerie van BZK heeft via de nieuwsbrief IBI (nummer 103, juni 2021) aangegeven dat de introductie van de rechtmatigheidsverantwoording uitgesteld wordt tot in ieder geval de jaarrekening 2022. Dit betekent dat vanaf dan onze uitgesteld naar 2022 controleverklaring alleen een oordeel inzake de getrouwheid van de jaarrekening (inclusief de rechtmatigheidsverantwoording door het dagelijks bestuur, die in de jaarrekening wordt opgenomen) bevat. De Commissie BBV heeft inmiddels de herziene Kadernota uitgebracht (Kadernota rechtmatigheid 2022), waarin zij haar visie geeft over de invulling van het begrip rechtmatigheid in de rechtmatigheidsverantwoording. De Kadernota rechtmatigheid 2022 is daarmee vooral een belangrijk document voor het dagelijks bestuur van decentrale overheden geworden. Met de rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur beoogd de wetgever onder meer de volgende doelen te realiseren: ▪ ▪ ▪
Een expliciete rechtmatigheidsverantwoording benadrukt de politieke aanspreekbaarheid van het dagelijks bestuur; Het kan een kwaliteitsverhogend effect op de financiële bedrijfsvoering bij gemeenten en provincies hebben; De voorgestelde methodiek sluit bovendien aan bij een bredere maatschappelijke trend, waarbij het bestuur verantwoording aflegt over de rechtmatigheid.
Omdat het separate oordeel van de accountant over rechtmatigheid gaat verdwijnen, is de Kadernota rechtmatigheid 2022 niet (meer) gericht op de accountantscontrole. Dit laatst is in het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) geregeld. Hierna gaan wij op een aantal aspecten met betrekking tot de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording nader in en geven we aan, op basis van onze uitgevoerde interim controle, waar u momenteel staat. Wij adviseren u overigens om kennis te nemen van de Kadernota rechtmatigheid 2022. 312018013.22.096 - 14
Deze Kadernota kan ondersteunend zijn aan het verder vormgeven aan de invulling van de rol van verschillende actoren binnen uw gemeenschappelijke regeling. In paragraaf 1.4 van de Kadernota is een tiental stellige uitspraken gedaan en zeven aanbevelingen. Deze worden in de Kadernota verder uitgewerkt. Deze stellige uitspraken en aanbevelingen kunnen u helpen bij de verdere implementatie van de rechtmatigheidsverantwoording binnen uw gemeenschappelijke regeling. Verschuiving van rollen In navolging van een advies van de commissie Depla in 2015 over de vernieuwing van de begroting en verantwoording wordt naar verwachting met ingang van boekjaar 2022 een ‘rechtmatigheidsverantwoording’ voor gemeenten en gemeenschappelijke regelingen ingevoerd. Dit betekent dat vanaf dan onze controleverklaring alleen een oordeel inzake de getrouwheid van de jaarrekening bevat. In de jaarrekening is dan ook de rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur opgenomen. Nadere verduidelijkingen op de rechtmatigheidsverantwoording of aanvullende toelichtingen worden in de paragraaf Bedrijfsvoering opgenomen.
De invoering van de rechtmatigheidsverantwoording betekent ook een verschuiving van rollen in het kader van de accountantscontrole: Algemeen bestuur: ▪ Vaststelling normenkader, verantwoordingsgrens (tussen 0% en 3% van de lasten inclusief toevoegingen aan reserves) en rapporteringsgrens; ▪ Afstemming vooraf en verantwoordingsgesprek voeren met dagelijks bestuur (niet met accountant). Dagelijks bestuur: ▪ Organiseren van de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording; ▪ Opstellen van de verantwoording en opname in jaarstukken. Accountant: ▪ Controleert alleen nog de getrouwheid van de jaarrekening (inclusief de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording); ▪ Adviseren van dagelijks bestuur over aanpak. Het is van belang dat uw gemeenschappelijke regeling hier op een goede wijze invulling aan geeft. Hierbij is met name het investeren in de kwaliteit van de bedrijfsvoering, het verder professionaliseren van de interne controlefunctie, en het vergroten van bewustwording op het gebied van rechtmatigheid van belang. Een belangrijke wijziging met betrekking tot het normenkader is dat vanaf 2022, wanneer de wetswijziging wordt aangenomen, het normenkader expliciet door het Algemeen Bestuur moet worden vastgesteld. Wij adviseren u daar rekening mee te houden. Op de volgende pagina hebben wij de wijzigingen gevisualiseerd:
312018013.22.096 - 15
Waar staat u? In de afgelopen jaren hebben het dagelijks bestuur en de directie stappen gezet om zich voor te bereiden om tot een rechtmatigheidsverantwoording over boekjaar 2022 te komen. Onder meer beschikt u over een intern controle plan 2019-2022 (hierna: ICP). Het ICP vormt grotendeels de basis voor de toets op rechtmatigheid waarover het dagelijks bestuur aan het algemeen bestuur rapporteert. Wij (de accountant) toetsen vervolgens de getrouwheid van de rechtmatigheidsverklaring. Het ICP is de leidraad voor uw gemeenschappelijke regeling om te waarborgen dat financiële handelingen juist en door de daartoe bevoegde personen worden uitgevoerd. Het is dus van belang dat deze maatregelen zichtbaar worden vastgelegd. Daarmee wordt de accurate uitvoering van deze beheersmaatregelen intern (management) en extern (accountant) toetsbaar. Voor het verslagjaar 2022 moet het ICP nog wel worden geactualiseerd.
312018013.22.096 - 16
Verder zijn nog de begrippen verantwoordingsgrens, rapporteringsgrens en controletolerantie voor de interne controle relevant. Voor zover wij hebben kunnen nagaan is er door het algemeen bestuur nog geen verantwoordingsgrens en rapporteringsgrens vastgesteld. De verantwoordingsgrens betreft het bedrag waarboven afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording moeten worden gerapporteerd door het dagelijks bestuur. De rapporteringstolerantie kan gebruikt worden om geconstateerde fouten die onder de verantwoordingsgrens vallen toch inzichtelijk te maken voor het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur zou bijvoorbeeld kunnen bepalen dat deze afwijkingen door het dagelijks bestuur moeten worden vermeld in de paragraaf Bedrijfsvoering. Door deze laatste afwijkingen in de paragraaf Bedrijfsvoering te rapporteren, informeert u het algemeen bestuur over de kwaliteit van de interne beheersing en de uitkomsten daarvan. Het ICP biedt ons inziens een goede basis voor de controle op de rechtmatigheid. Op basis van dit plan, wat jaarlijks geactualiseerd dient te worden, kunt u borgen dat u in 2023 in staat bent om de rechtmatigheidsverantwoording voor het boekjaar 2022 op te stellen. Voor uw gemeenschappelijke regeling is het ICP vooral van belang omdat dit dient als kapstok voor de werkzaamheden op het gebied van rechtmatigheid die al eerder binnen uw organisatie werden uitgevoerd.
In de huidige situatie zijn wij van mening dat uw gemeenschappelijke regeling voldoende in staat zou moeten zijn om invulling te geven aan de rechtmatigheidsverantwoording. Verantwoordingscriteria rechtmatigheid in relatie tot de interne controle In de jaarrekening legt het dagelijks bestuur verantwoording af over negen criteria van rechtmatigheid. Zes criteria, die betrekking hebben op getrouwheid en óók onderdeel zijn van rechtmatigheid, komen tot uitdrukking in de balans en het overzicht van baten en lasten. De drie overige criteria die specifiek toezien op de rechtmatigheid komen tot uitdrukking in de rechtmatigheidsverantwoording. De negen criteria gelden ook als uitgangspunt vanuit de wetgever, waarbij de reikwijdte van de verantwoording niet wijzigt ten opzichte van de situatie tot en met boekjaar 2021, waarin de accountant het oordeel afgeeft. Omdat er zes criteria worden afgedekt door het getrouwe beeld hoeven deze om die reden niet afzonderlijk vermeld te worden in de rechtmatigheidsverantwoording. Vanzelfsprekend maken deze zes criteria wel onderdeel uit van de reguliere jaarrekeningcontrole. In het volgende schema is dit in beeld gebracht.
312018013.22.096 - 17
Overblijvende rechtmatigheidscriteria
Rechtmatigheidscriteria afgedekt door controle ‘getrouw beeld
NU: Toetsingscriteria die specifiek voor het rechtmatigheidsoordeel van de accountant. STRAKS: Scope van de door het dagelijks bestuur af te geven oordeel over de rechtmatigheid (rechtmatigheidsverantwoording). In artikel 11 van uw Financiële Verordening is het volgende opgenomen: “Het dagelijks bestuur zorgt voor de jaarlijkse interne toetsing van de getrouwheid van de informatieverstrekking en de rechtmatigheid van beheershandelingen. Bij afwijkingen neemt het dagelijks bestuur maatregelen tot herstel”. De scope zoals in uw financiële verordening beschreven gaat verder dan de interne controle op uitsluitend de criteria van rechtmatigheid, zoals in de Kadernota rechtmatigheid 2022 is beschreven. Bij de interne controle is het van belang goed onderscheid te maken tussen getrouwheidscontroles en rechtmatigheidscontroles. Uitsluitend de bevindingen uit rechtmatigheids-controles moeten worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. Overige bevindingen zijn relevant voor uw eigen beeld over de getrouwheid van het gevoerde financieel beheer. Wij adviseren u hier rekening mee te houden bij het plannen van controlewerkzaamheden, maar ook bij de evaluatie van bevindingen.
Raakvlakken met de interne beheersing De invoering van de rechtmatigheidsverantwoording heeft voor een belangrijk deel te maken met het feit dat het dagelijks bestuur verantwoordelijk is voor de rechtmatige uitvoering van de begroting. Het is daarom ook aan het dagelijks bestuur om daar verantwoording over af te leggen. Het is daarbij van belang dat de verantwoording over de rechtmatigheid efficiënt en effectief dient te worden vormgegeven en dat de administratieve- en controlelasten niet stijgen. Binnen uw gemeenschappelijke regeling 312018013.22.096 - 18
wordt de benodigde informatie om de rechtmatigheidsverantwoording op te kunnen stellen vooral verzameld op basis van de (verbijzonderde) interne controle die u uitvoert. Het is daarom van belang om de opzet en inrichting van de interne controle periodiek goed tegen het licht te (blijven) houden. Aandachtspunten daarbij zijn naar onze mening: ▪
▪ ▪ ▪ ▪ ▪
U beschikt over een ICP. Blijf dit plan jaarlijks evalueren en stel zo nodig bij. Maak goede keuzes aan de voorkant en stem deze af met de accountant. Bevindingen uit voorgaande controle, uitkomsten uit data-analyse en bijstellen van de risicoanalyse helpen u steeds om te komen tot de meest efficiënte en effectieve aanpak. Deze kan van jaar tot jaar verschillen. Stuur actief op de aanbevelingen uit de interne en externe controle. Werk risico-gericht en daarmee doelmatig. Zie ook de eerste bullet. Gemotiveerd iets niet of in mindere mate doen is immers ook controleren. Maak, waar mogelijk, gebruik van beheersmaatregelen in processen in plaats van (te) uitgebreide steekproeven achteraf. Voer de geplande werkzaamheden overeenkomstig uw planning (dus tijdig) uit. Evalueer bevindingen en aanpak, maak oorzaakanalyses bij afwijkingen en stel indien noodzakelijk bij.
312018013.22.096 - 19
5.
Overige aangelegenheden
312018013.22.096 - 20
5. Overige aangelegenheden Geen meningsverschil met het dagelijks bestuur
Er zijn geen meningsverschillen met het dagelijks bestuur geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door het dagelijks bestuur van uw gemeenschappelijke regeling de volledige medewerking verleend en hebben wij de volledige toegang tot de benodigde informatie gehad.
Wij hebben namens het dagelijks bestuur een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen. Bevestigingen van het dagelijks bestuur ontvangen
Naleving van wet- en regelgeving
Wij hebben geen kennis van te rapporteren omstandigheden in verband met het niet-naleven van wet- en regelgeving.
Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving
Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen.
Geen aanwijzingen van fraude
In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Wij merken op dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd met het controleteam en met het financieel management en de directie van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, waarbij wij de nadruk hebben gelegd op de vermoedens van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken. Van het management en directie hebben wij de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn geconstateerd waarbij het management of werknemers die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing of anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn op de jaarrekening, zijn betrokken.
312018013.22.096 - 21
Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die gericht waren op het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het management te detecteren. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en schattingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensanalyses onderzocht. Hoewel wij op grond van de controle- en overige standaarden een kritische houding moeten hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, merken wij op dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2021 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van materiële fraude.
Bevestiging onafhankelijkheid
Bevestiging onafhankelijkheid In overeenstemming met Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder de Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO) van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), dient de externe accountant mogelijke conflicten met betrekking tot zijn onafhankelijkheid, zowel in wezen als in schijn, onder de aandacht te brengen van het dagelijks en het algemeen bestuur. Wij bevestigen dat onze onafhankelijke positie ten opzichte van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord in overeenstemming met de Nederlandse wettelijke en beroepsvoorschriften is gewaarborgd. Wij zijn van mening dat onze objectiviteit gedurende het afgelopen jaar niet is aangetast. Stelsel van waarborgen om onafhankelijke positie te waarborgen Publieke Sector Accountants beschikt over een stelsel van maatregelen om onze onafhankelijke positie bij controlecliënten te waarborgen. Het stelsel van maatregelen is een integraal onderdeel van de bestuurlijke organisatie en van het voor de gehele organisatie van toepassing zijnde stelsel van kwaliteitsbeheersingsmaatregelen.
Bijgaande niet-limitatieve opsomming geeft u een indruk van de maatregelen die bijdragen aan het waarborgen van onze onafhankelijke positie: ▪ Schriftelijke onafhankelijkheidsbepalingen waarin alle bestaande onafhankelijkheidsvereisten en de risico’s ten aanzien van de bedreiging van de onafhankelijkheid en de daaraan gerelateerde waarborgen zijn verwerkt. ▪ Procedures voor tijdige bekendmaking van de voorschriften en de daarin aangebrachte wijzigingen aan alle partners en werknemers bij Publieke Sector Accountants. ▪ Procedures voor de organisatie van periodieke training inzake de toepassing van de onafhankelijkheidsvoorschriften. ▪ Procedures die erop gericht zijn dat onze gevolmachtigden en werknemers in specifieke casussen en omstandigheden de onafhankelijkheidsvoorschriften naleven. ▪ De benoeming van professionals op seniorniveau die verantwoordelijk zijn voor het continu actualiseren van de procedures en voorschriften, de tijdige bekendmaking ervan en het adequaat functioneren van het gehele stelsel van waarborgen.
▪ Procedures voor een schriftelijke rapportage per controlecliënt waarin is vastgelegd of sprake is van omstandigheden die de onafhankelijkheid van de accountant die de controleopdracht uitvoert bedreigen, op welke wijze met potentiële bedreigingen is omgegaan en indien er bedreigingen zijn gesignaleerd, welke maatregelen dan zijn genomen om deze bedreiging voor de onafhankelijkheid weg te nemen. De vastlegging van deze beoordeling inclusief een gemotiveerde conclusie (de zogenoemde onafhankelijkheidsevaluatie) wordt in het dossier opgenomen.
312018013.22.096 - 22
▪
▪
Procedures die vereisen dat een daartoe geëigende afdeling binnen Publieke Sector Accountants wordt geconsulteerd, als sprake is van een mogelijke aantasting van de onafhankelijkheid in relatie tot een specifieke cliënt. Wij zullen dan ook overwegen het algemeen bestuur of de auditcommissie te raadplegen. Procedures voor het interne toezicht in relatie tot de toetsing en bewaking van de naleving van de onafhankelijkheidsvoorschriften.
De opzet en werking van ons stelsel van maatregelen worden periodiek door de externe toezichthouder getoetst. Interne roulatie Een te grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen kan een bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountant wanneer bepaalde leden van het controleteam geregeld en voor lange tijd aan de wettelijke controle van een controlecliënt meewerken. Wij beoordelen de bedreiging voor de onafhankelijkheid die kan voortvloeien uit de langdurige betrokkenheid van andere leden van het controleteam bij de controleopdracht. Waar nodig nemen wij maatregelen om de bedreiging weg te nemen. Wij merken op dat er in het kader van onze controleopdracht geen sprake is geweest van een dergelijke bedreiging. Persoonlijke, zakelijke of financiële relaties Wij hebben een evaluatie gemaakt van persoonlijke, zakelijke en financiële relaties tussen Publieke Sector Accountants, haar partners en haar medewerkers en de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, die van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. Bij deze evaluatie zijn ons geen zaken gebleken welke aan u gerapporteerd dienen te worden.
Geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid De Nederlandse onafhankelijkheidsregels vereisen dat de eindverantwoordelijke accountant de met governance belaste organen informeert over geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid die Publieke Sector Accountants, een bestuurder of interne toezichthouder van Publieke Sector Accountants of een lid van het controleteam heeft ontvangen van of verstrekt aan de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord of een bij de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord betrokken persoon. Hierbij is een drempel van € 100 opgenomen in de regels. Wij zijn van mening dat de verstrekte en ontvangen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid gepast zijn en derhalve niet tot een bedreiging voor de onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht hebben geleid. Volledigheidshalve merken wij op dat wij geen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid hebben verstrekt/ontvangen die een (geschatte) waarde van meer dan € 100 hebben. Aanvullende dienstverlening Een overzicht van de aanvullende dienstverlening hebben wij hieronder opgenomen.
312018013.22.096 - 23
Aanvullende dienstverlening Geen
Conclusie onafhankelijkheid De voorschriften in het kader van onafhankelijkheid zijn binnen de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (de NBA) opgenomen in de ‘Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO)’ en vormen een belangrijk onderdeel van het ‘normenkader’ waaraan een accountant moet voldoen. De naleving van de ViO is binnen Publieke Sector Accountants ingebed. Op basis van onze toetsing concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord in 2021 voldoende is gewaarborgd.
Controleverschillen
Overzicht van de controleverschillen: Aard van de fouten en onzekerheden (x € 1.000)
Rechtmatigheid
Getrouwheid
Fouten Onrechtmatige uitgaven als gevolg van onjuiste toepassing (Europese) aanbestedingsregels Totaal fouten
73.000
N.v.t
73.000
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Totaal onzekerheden
N.v.t
N.v.t
Onzekerheden
Wij hebben van het dagelijks bestuur een schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen, waarin het dagelijks bestuur bevestigt dat de niet-gecorrigeerde fouten, zowel individueel als in totaal, in het kader van de jaarrekening niet materieel zijn. Daarnaast is in de jaarrekening een aantal correcties doorgevoerd naar aanleiding van onze controle. Uw organisatie beschikt over een overzicht van deze correcties.
312018013.22.096 - 24
Disclaimer en beperking in gebruik
Dit verslag is alleen bestemd voor het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur en mag niet in zijn geheel of gedeeltelijk worden verstrekt of aangehaald zonder onze schriftelijke toestemming vooraf. Er wordt geen verantwoordelijkheid aan een derde partij geaccepteerd, omdat dit verslag daar niet voor opgesteld en bedoeld is. Dientengevolge nemen wij geen enkele verplichting of plicht van zorg aan ieder ander persoon aan wie dit verslag getoond of in zijn handen komt, op ons. De in dit verslag aan de orde gestelde onderwerpen zijn door ons geconstateerd gedurende onze controleopdracht waarvan wij van mening zijn dat zij uw aandacht behoeven. Het is geen allesomvattend verslag van alle geconstateerde zaken en in het bijzonder kunnen wij niet verantwoordelijk worden gesteld voor het rapporteren van alle bedrijfsrisico’s of tekortkomingen in het systeem van interne beheersing. Elke conclusie, opinie of opmerking in dit verslag is verstrekt in de context van onze controleverklaring over de jaarrekening als geheel. Evenzo geldt dat de opmerkingen, bevindingen en aanbevelingen met betrekking tot het systeem van interne beheersing niet gelezen dienen te worden als een afzonderlijke opinie van het systeem van interne beheersing en haar werking.
312018013.22.096 - 25
312018013.22.096 - 26