2024-11-29 Beantwoording Technische vragen D66 - Voorlopig ontwerp en aanvullend krediet voor nieuwbouw sportzaal
Tekst van het document
Technische vragen aan college van BenW Fractie
D66
Opsteller
R. Veltman
Commissie
BOEG
Onderwerp
Aanvullend krediet nieuwbouw sportzaal en verduurzaming Drecht
Agendapunt
8
Datum aanvraag
29 november 2024
Inleiding: Om de afweging van de investering in verduurzaming van de Drecht beter te kunnen maken hebben wij een aantal technische vragen. Met name om de ‘opbrengsten’ beter inzichtelijk te krijgen van de toenemende mate van verduurzamen. Vragen: 1. Wat zijn de huidige energielasten van de Drecht? 2. Wat zijn de te verwachten energielasten bij de verschillende scenario’s van verduurzamen? Hoeveel euro wordt er met de verduurzaming bespaart? 3. Is in het voorstel al gerekend met energiebesparing? Blijft de huur bv gelijk ook wanneer de lasten voor energiegebruik dalen waardoor de huurder feitelijk meer huur betaald zonder dat deze hier meer geld voor kwijt is en zo eigenlijk mee betaald aan de investering? 4. Wanneer energiekosten stijgen klopt dan de aanname dat dit steeds minder effect heeft naarmate het gebouw energie neutraler wordt? 5. Er wordt gesproken over een visie 2030 (betreft de 55%). Betekent dat wij als doelstelling hebben om in 2030 onze panden minimaal op deze verduurzamingsstap te hebben? Wat als wij hier niet aan voldoen? Stel dat wij er nu voor kiezen om niet tot dit niveau te verduurzamen zouden wij dan binnen nu en 5 jaar dit alsnog moeten doen om deze doelstelling te halen? 6. Er wordt gesproken over een visie 2040 (betreft de 100%).
Betekent dat wij als doelstelling hebben om in 2040 onze panden minimaal op deze verduurzamingsstap te hebben? Wat als wij hier niet aan voldoen? Stel dat wij er nu voor kiezen om niet tot dit niveau te verduurzamen zouden wij dan binnen nu en uiterlijk 15 jaar dit alsnog moeten doen om deze doelstelling te halen? 7. Wanneer wij zouden kiezen voor een situatie waarin wij nu het hoognodige zouden doen en later nogmaals zouden gaan verduurzamen om de norm te halen (met andere woorden niet alles in 1 keer maar in stapjes). Met welke dubbele lasten of extra kosten moeten we dan rekening houden en kan daar een grove inschatting van de kosten voor worden gegeven? Te denken valt aan bv twee keer stijgers huren, opbouwen en afbouwen.
Antwoorden Vraag 1: Wat zijn de huidige energielasten van de Drecht? Antwoord: In 2023 waren de energielasten € 75.000. Vraag 2: Wat zijn de te verwachten energielasten bij de verschillende scenario’s van verduurzamen? Hoeveel euro wordt er met de verduurzaming bespaart? Antwoord: Scenario 1b Gevel renovatie 3b Quick-win 4 55% reductie 5 Energie neutraal
Geschatte besparing per jaar €0 € 11.000 € 19.000 € 30.000
Vraag 3: Is in het voorstel al gerekend met energiebesparing? Blijft de huur bv gelijk ook wanneer de lasten voor energiegebruik dalen waardoor de huurder feitelijk meer huur betaald zonder dat deze hier meer geld voor kwijt is en zo eigenlijk mee betaald aan de investering? Antwoord: Nee, de (mogelijke) besparing van € 19.000 (scenario 4) is niet meegenomen in het huidige voorstel. De huur voor de verenigingen en het onderwijs blijft in beginsel gelijk. Mogelijk gaan de kosten voor het energiegebruik wel omlaag, maar overige kosten voor instandhouding van de zaal (gymmaterialen, onderhoud, kosten beheer etc.) stijgen in principe wel. Momenteel gelden voor de sporthal de onderstaande tarieven: Gehele zaal: € 45,26 per uur 2/3 van de zaal: € 30,17 per uur 1/3 van de zaal: € 15,09 per uur Vraag 4: Wanneer energiekosten stijgen klopt dan de aanname dat dit steeds minder effect heeft naarmate het gebouw energie neutraler wordt? Antwoord: Dat klopt. Vraag 5 Er wordt gesproken over een visie 2030 (betreft de 55%).
Betekent dat wij als doelstelling hebben om in 2030 onze panden minimaal op deze verduurzamingsstap te hebben? Wat als wij hier niet aan voldoen? Stel dat wij er nu voor kiezen om niet tot dit niveau te verduurzamen zouden wij dan binnen nu en 5 jaar dit alsnog moeten doen om deze doelstelling te halen? Antwoord: Bij het opstellen van de stukken zijn we uitgegaan van de huidige klimaatafspraken van de EU-lidstaten en die van het kabinet. De volgende afspraken zijn gemaakt: • In 2030 55% minder CO2 uitstoot t.o.v.1990; • In 2050 klimaatneutraal. Op lokaal niveau hebben de raden van de 3 SED-gemeenten in september 2021 de gezamenlijk opgestelde Transitievisie Warmte vastgesteld. Hierin is de wijze hoe de overstap naar een aardgasvrije gebouwde omgeving (woonhuizen, kantoorgebouwen, sporthallen e.d.) gemaakt wordt opgenomen. De SED-gemeenten willen, net als alle andere gemeenten in Nederland, werken aan de warmtetransitie en daarmee hun bijdrage leveren aan de doelstellingen uit het Klimaatakkoord. Het terugdringen van het
aardgasgebruik is een belangrijk middel om de doelstellingen te halen en onze afhankelijkheid van aardgas uit het buitenland te beperken. Dat betekent dat uiterlijk in 2050 alle woningen en gebouwen over moeten stappen op een alternatieve, duurzame warmtebron. De SED gemeenten volgen hiermee het landelijke beleid. Verder zijn er binnen het Pact van Westfriesland 7.1 onder het thema “Energietransitie en Klimaatadaptatie” afspraken gemaakt over een energieneutraal Westfriesland in 2040 (wettelijk verplicht traject). Vraag 6: Er wordt gesproken over een visie 2040 (betreft de 100%). Betekent dat wij als doelstelling hebben om in 2040 onze panden minimaal op deze verduurzamingsstap te hebben? Wat als wij hier niet aan voldoen? Stel dat wij er nu voor kiezen om niet tot dit niveau te verduurzamen zouden wij dan binnen nu en uiterlijk 15 jaar dit alsnog moeten doen om deze doelstelling te halen? Antwoord: Zie antwoord vraag 5. Vraag 7: Wanneer wij zouden kiezen voor een situatie waarin wij nu het hoognodige zouden doen en later nogmaals zouden gaan verduurzamen om de norm te halen (met andere woorden niet alles in 1 keer maar in stapjes). Met welke dubbele lasten of extra kosten moeten we dan rekening houden en kan daar een grove inschatting van de kosten voor worden gegeven? Te denken valt aan bv twee keer stijgers huren, opbouwen en afbouwen.
Antwoord: De hoognodige maatregelen betreffen de werkzaamheden welke opgenomen zijn in de scenario’s: 1b. Gevelrenovatie bestaande sporthal 2. Werkzaamheden MJOP (2024 t/m 2028) 3a Werkzaamheden MJOP (2029 t/m 2023). Hierbij opgemerkt dat bij de gevelrenovatie de isolatie, met een zeer lage warmteweerstand, 1 op 1 vervangen wordt. Daar zitten ook de dubbele kosten in zoals steigerwerk, de- en her-monteren gevelbeplating voor aanbrengen isolatie met een hogere warmte weerstand, dakrand aanpassingen door extra dakisolatie, extra bouwplaats. Verder dient er ook rekening gehouden te worden met dubbele bouwdrukte in de bebouwde omgeving, extra overlast voor de buurt en misgelopen energiebesparing. Indien later de duurzaamheidsmaatregelen uitgevoerd moeten gaan worden dan betekend dat: Prijspeil september 2024 Extra kosten waaronder steiger = € 120.000. Investeringskosten bouwtechnisch (€ 217.157 + 120.000) = € 337.157 Investeringskosten installatietechnisch = € 1.443.564 Investeringskosten totaal = € 1.780.721 (prijspeil 2024) Energiebesparing = € 30.000/ jaar (zie vraag 2 Energie besparing Energie Neutraal) Index Prijsniveau 2034 Investeringskosten bouwtechnisch = € 453.111 Investeringskosten installatietechnisch = € 1.940.029 Investeringskosten totaal = € 2.393.140 Misgelopen energiebesparing circa € 320.000