2023-03-06 Technische vragen Florapark - HEA - Beantwoording
Tekst van het document
Technische vragen aan burgemeester en wethouders Fractie
Het Enkhuizer Alternatief
Opsteller
Freek Jans
Commissie
Boeg
Onderwerp
Voorbereidingskrediet Florapark/Westeinde
Agendapunt
6
Datum aanvraag
6 maart 2023
Inleiding: Uiteraard gaan de kosten voor de Baet uit, maar onduidelijk is hoe groot de Baet is/wordt. En het is een project samen met Stedebroec!
Vragen: 1. Graag een inschatting van de opbrengsten voor ons, rekeninghoudend met feit dat vlgs mij Enkhuizen geen grondpositie heeft en de inrchtingskosten niet gering zijn (ontsluiting) 2. Juiste verdeling opbrengsten rekeninghoudend met grondpositie Stedebroec 3. Waaruit kunnen wij de aangehoduen verdeling 74/26 halen? 4. Is er bij bovenstaande voldoende rekening gehouden hoe de ontsluiting plaats gaat vinden?
Antwoorden 1. De Gemeente Enkhuizen heeft inderdaad geen grondposities in deze ontwikkeling. De rol van de gemeente Enkhuizen (en qua opzet vervolgens die van Stede Broec ook) is slechts facilitair, dat wil zeggen kaderstellen en meewerkend. Hiervoor maakt de gemeente uiteraard kosten (met name personele inzet en onderzoeken), welke vervolgens voor het grootste deel verhaald moeten en kunnen worden op de ontwikkelaar via een Anterieure Overeenkomst (AO). Als de gemeente ook andere kosten, b.v. civiele, moet maken voor dit plan dan komt de verrekening hiervan ook in de AO te staan. In dit stadium van het project/op dit moment, is het lastig/nog niet mogelijk een nauwkeurigere raming te maken van deze kosten en inkomsten. Straks richting de AO wel. Vertrekpunt in de ontwikkeling en huidige proefberekeningen is dat de benodigde (dure) wegontsluitingen vanuit de ontwikkeling worden betaald, al dan niet met nog nader uit te werken subsidies. 2. De gemeente Enkhuizen heeft inderdaad geen grondpositie om inkomsten uit te kunnen genereren. Aan de andere kant heeft Enkhuizen hier ook geen kosten en of risico’s aan. De gemeente Stede Broec heeft inderdaad vanuit het verleden wel een grondpositie, echter welke zij wel bereid is in te brengen bij de ontwikkelaar om een ‘’gelijk speelveld’ tussen
beide gemeenten en tussen ontwikkelaars te creëren. Aan deze verkoop zal de gemeente Stede Broec zoals het er nu naar uitziet wel iets verdienen. Dit is echter ook niet meer dan terecht voor de investering en risico dat deze gemeente hier vroeger in heeft genomen. Voor het gelijke speelveld zal deze grond op eenzelfde manier (waarde) in de ontwikkeling ingebracht worden als de gronden van de ontwikkelaar. Door de gronden in te brengen heeft de gemeente Stede Broec vervolgens ook geen kans meer om (aanvullend) te verdienen op de grondexploitatie, maar ook geen exploitatierisico’s meer. 3. De aangehouden verdeling van de voorbereidingskosten tussen Stede Broec en Enkhuizen van 26 % om 74% is gebeerd op de verhouding/oppervlak van het plangebied tussen beide gemeenten:
4. Bovenstaande verdeling is in eerste alleen nog van toepassing op de kostenverdeling van de plankosten tot de AO, maar zou ook een basis kunnen zijn voor de verdeling van de plankosten (met name ureninzet) voor de fasen erna; notk. Als ook al aangegeven beogen we een integrale gebiedsontwikkeling waarvan de kosten van alle ontsluitingen onderdeel maken. Hoe de ontwikkelaars later en zelf de kosten en opbrengsten onderling verdelen in echter aan hun. Samengevat betalen alle ontwikkelaars dus mee aan de benodigde ontsluitingen, waarvan de duurste naar verwachting die in Enkhuizen zal zijn.
⃰ Dit vragenformulier z.s.m. toezenden aan griffie@gemeenteraad-enkhuizen.nl