20210120 Peilnota Afvalbeleidsplan Def
Tekst van het document
Peilnota Afvalinzameling Enkhuizen 2 maart 2021
Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Inleiding Waarom deze peilnotitie? Ontwikkelingen Nascheiding en Luierrecycling Scenario’s Binnenstad Scenario’s Noord Conclusie en advies
2 / 22
Afkortingen en definities Afkortingen -
ABS: Afvalbrengstation PBD: Plastic, blik en drinkpakken GFT/e: Groente-, fruit- en tuinafval + etensresten KCA: Klein Chemisch Afval VANG-doelstelling: Van Afval naar Grondstof; doelstelling om tot 100 kg per inwoner per jaar te komen met 75% afvalscheiding tegen maatschappelijk verantwoorde kosten.
Definities -
Bronscheiding: het scheiden van verschillende afvalstromen aan huis Nascheiding: het scheiden van restafval en PBD na inzameling Recycle-tarief: een tarief op restafval, bedoeld als prikkel om afval beter te scheiden. Een dergelijk tarief wordt ook wel Diftar genoemd.
3 / 22
1. Inleiding De raad heeft op 26 november 2019 de keuzenotitie Gemeentelijke Grondstoffenplan (GGP) behandeld en gekozen voor optimalisatie van het huidige systeem, kostenbeheersing en het behalen van de VANG-doelstelling. Met de huidige ontwikkelingen in de afvalmarkt (hogere verwerkingstarieven en minder opbrengsten, o.a. als gevolg van Corona), is het niet mogelijk om deze drie aspecten samen te brengen. In deze peilnota worden de ontwikkelingen in de afvalmarkt uiteengezet. Vervolgens worden per gebied, binnenstad en Noord, drie scenario’s uitgewerkt en beoordeeld, waarbij de raad gevraagd wordt welke van deze scenario’s zij uitgewerkt wil zien in het Afvalbeleidsplan.1 Het gekozen scenario wordt als richting gebruikt om het Afvalbeleidsplan op te stellen. De in deze peilnota voorliggende vragen zijn als volgt: 1. Is de raad geïnteresseerd om een pilotproject omtrent luierrecycling verder te inventariseren? 2. Welke scenario kiest de raad voor de binnenstad? 3. Bij keuze voor scenario 2 of 3, gaat de raad akkoord met nascheiding (restafval en PBD) voor de binnenstad? 4. Welk scenario kiest de raad voor Noord? 5. Gaat de raad akkoord met bronscheiding (restafval en PBD) voor Noord? 6. Welke opmerkingen en aandachtspunten geeft de raad mee voor de uitwerking van het Afvalbeleidsplan?
1
Om praktische redenen wordt de term Gemeentelijk Grondstoffenplan (GGP) niet meer gebruikt en wordt gesproken over het Afvalbeleidsplan (ABP)
4 / 22
2. Waarom deze peilnota? Met de behandeling van de keuzenotitie Gemeentelijk Grondstoffenplan (GGP) heeft de raad op 26 november 2019 gekozen voor optimalisatie van het huidige systeem, kostenbeheersing en het behalen van de VANG-doelstelling. Met de huidige ontwikkelingen in de afvalmarkt (o.a. als gevolg van Corona), waarin sprake is van hogere verwerkingstarieven, minder opbrengsten en vervuiling van stromen, is het niet mogelijk om deze drie aspecten op hetzelfde moment te realiseren. Om een consistent afvalbeleid op te stellen zijn nieuwe afwegingen en keuzes nodig. Om de ontwikkelingen te delen is de wethouder op 26 oktober 2020 met de raad in gesprek gegaan. Insteek was de raad te informeren over de huidige ontwikkelen en de ideeën en opvattingen van de raad over onder meer een recycle-tarief te horen. In het gesprek vroeg de raad eveneens extra aandacht voor nascheiding en de mogelijkheden voor luierrecycling. De uitdaging om in de aankomende jaren de kosten zoveel mogelijk te beheersen en tegelijkertijd tot zoveel mogelijk afvalscheiding te komen is complex. Om tot deze resultaten te komen is het belangrijk een consistent afvalbeleid te voeren, welke niet alleen rekening houdt met kosten en afvalscheiding, maar tevens rekening houdt met dienstverlening en de mogelijkheden in de openbare ruimte.
Het doel van deze peilnota is overzicht te bieden van de huidige situatie en te peilen welke kant de raad op wil met het afvalbeleid.
5 / 22
3. Ontwikkelingen Het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval brengen kosten met zich mee. Enkele stromen leveren ook weer inkomsten op. Door onder meer marktontwikkelingen, beleidsdoelstellingen en regelgeving is de afvalmarkt momenteel sterk in ontwikkeling. In deze paragraaf worden de belangrijkste ontwikkelingen uiteengezet. Verbrandingsbelasting De Rijksoverheid heeft per 2014 een verbrandingsbelasting ingesteld op restafval, waarmee de verwerkingskosten van restafval in de afgelopen zijn gestegen. Voor 2021 betekent dit dat er per ton verbrand restafval € 33,15 door de belastingdienst in rekening wordt gebracht GFT/e Aan de organische afvalstroom, bestaande uit groente-, fruit- en tuinafval + etensresten (GFT/e), zijn in de afgelopen jaren hogere eisen gesteld. Eveneens zien de afvalverwerkende bedrijven meer vervuiling in deze stroom ontstaan. Om een goed eindproduct te creëren dat voldoet aan de landelijk gestelde normen zijn onder meer filters geïnstalleerd. Dit maakt het verwerkingsproces duurder, waardoor het verwerkingstarief in de afgelopen jaren sterk gestegen is. Papier Mede door ontwikkelingen in Azië is de afzet van oud papier moeilijker geworden. Nieuwe afzetmarkten worden gevonden, maar de prijs is op het moment grillig en zorgt voor minder opbrengsten.
PBD Inzameling en verwerking van de stroom plastic, blik en drinkpakken (PBD) is duur, maar wordt financieel mogelijk gemaakt door vergoedingen van het Afvalfonds aan gemeenten. Plastic producenten betalen een opslag per geproduceerde kilo plastic, waardoor deze inzamelvergoedingen beschikbaar komen. De gemeenten hebben geen invloed op de hoogte van de vergoeding. In 2020 was de inzamelvergoeding € 261 per ton; in 2021 is dit € 245. Vanaf 2021 is eveneens een vergoeding van € 8,90 beschikbaar voor nagescheiden PBD. Textiel Textiel brengt relatief veel op, maar wordt de laatste jaren vaker afgekeurd door vervuiling in de stroom. Ook heeft Corona voor een slechte afzetmarkt gezorgd, waardoor de opbrengsten lager zijn dan verwacht. VANG-doelstelling Inmiddels heeft een groot aantal gemeenten in Nederland de landelijke doelstelling op afvalscheiding (VANG doelstelling) onderschreven. Dit betekent een focus op afvalscheiding d.m.v. het terugdringen van restafval tot 100 kg per inwoner per jaar tegen maatschappelijk verantwoorde kosten. De gemiddelde hoeveelheid restafval per inwoner is tussen 2015 en 2018 met gemiddeld 70 kg/inwoner gedaald en de verwachting is dat deze verder zal dalen. Een aantal gemeenten (ruim 50) heeft de 100 kg/inwoner reeds gehaald. Een groot deel van de gemeenten halen deze doelstellingen echter niet.
De minister heeft aangegeven te kijken naar een haalbaar tijdspad richting de 100 kg. Voor een goede verwerking is de kwaliteit van de stroom belangrijk. Dat betekent dat er zo min mogelijk andere afvalstoffen in een bepaalde stroom terecht komen. Daarnaast wordt de afgelopen tijd meer gefocust op uiteindelijk hergebruik. Om deze reden zal in de aankomende jaren niet
6 / 22
alleen de kwantiteit van het restafval centraal staan, maar eveneens de kwaliteit van stromen zoals PBD, GFT/e en textiel. Nascheiding Er bestaan verschillende discussies rond bron- en nascheiding. We zien dat een aantal stedelijke gemeenten overgaan op nascheiding. Samengevat kan worden gesteld dat nascheiding alleen betrekking heeft op de stroom plastic, blik en drinkpakken (PBD) en de keuze voor nascheiding vooral afhankelijk is van de bebouwing in het betreffende gebied. In hoofdstuk 4 wordt hier verder op ingegaan. Ontwikkelingen Corona en thuiswerken Doordat mensen meer vanuit huis werken, wordt meer huishoudelijk afval geproduceerd. Dit betekent dat er meer huishoudelijk afval verwerkt moet worden. Daarnaast staan, door een gebrek aan afzetmarkten, verschillende marktprijzen onder druk.
Tabel 3.1 Ontwikkelingen in stromen en het financiële effect
Tabel 3.2 Algemene ontwikkelingen
Ontwikkeling Verbrandingsbelasting restafval GFT/e
Financieel effect Stijging verwerkingskosten restafval
Ontwikkeling VANGdoelstelling
Stijging verwerkingstarief GFT/e Lagere opbrengsten Lagere opbrengsten Lagere opbrengsten
Bron- en nascheiding
Papier PBD Textiel
Corona
Stand van zaken - Kg/inwoner restafval daalt - Niet alle gemeenten haalt doelstelling - Lopende discussie - Afhankelijk van bebouwing - Aantal stedelijke gebieden gaan over op nascheiding - Meer tonnages en volatiele afzetmarkt
Regio Niet alleen in Enkhuizen wordt gewerkt aan nieuw afvalbeleid. Ook in de andere CAW-gemeenten wordt gewerkt aan nieuwe maatregelen. Hierbij kunnen de verschillende gemeenten hun eigen keuzes maken om te komen tot een zo optimaal mogelijk beleid. De regio-gemeenten hebben op het moment van schrijven nog geen definitieve keuze gemaakt over welke richting zij op gaan.
7 / 22
4. Nascheiding en luierrecycling De raad heeft aangegeven geïnteresseerd te zijn in de mogelijkheden voor nascheiding en luierrecycling. In dit hoofdstuk gaan we dieper op deze onderwerpen in. 4.1 Nascheiding Nascheiding is de term die wordt gebruikt voor het nascheiden van de PBD-stroom uit de fijn huishoudelijke restafvalstroom. Nascheiding gaat dus niet over de stromen GFT/e, papier, textiel en glas. Dit zijn stromen die, bij nascheiding, alsnog bij de bron, separaat ingezameld worden. Over nascheiding tegenover bronscheiding lopen landelijk veel discussies. Een eenduidig verschil tussen de prestaties van brongescheiden systemen en nagescheiden systemen is er niet. De kwaliteit van nascheiding is lager, doordat voornamelijk organisch afval aan de PBD-fractie blijft kleven, maar eveneens afhankelijk van welke technieken worden gebruikt. Een goed presterend brongescheiden afvalsysteem presteert in theorie beter, maar kent beperkingen, omdat niet alle inwoners over de mogelijkheden, kennis en motivatie beschikken om goed te scheiden. De technologie van PBD nascheiding uit restafval is in ontwikkeling, waardoor er in de toekomst verbeterde technieken worden verwacht. Het belangrijkste voordeel van nascheiding is dat het de dienstverlening ten goede komt (het is voor inwoners eenvoudiger) en minder communicatie en interventies (zoals afvalcoaching) vraagt.
Een voordeel van bronscheiding is dat inwoners eveneens bemoedigd worden om de andere stromen (zoals GFT/e en papier) beter te scheiden, waardoor er minder restafval overblijft dan bij nascheiding. De keuze is met name afhankelijk van de bebouwing en/of het percentage meergezinswoningen. In gebieden waar er weinig mogelijkheid bestaat voor bronscheiding, zoals bij hoogbouw en wijken met huizen zonder tuin, kan nascheiding een logische keuze zijn. Waar goede mogelijkheden bestaan voor gescheiden inzameling, zoals in wijken met rijtjeshuizen, is bronscheiding veelal de logische keuze. Samengevat kan gesteld worden dat de keuze voor bron- of nascheiding afhankelijk is van het aandeel (%) woningen dat lastig kan deelnemen aan bronscheiding. 4.2 Luierrecycling Een aanzienlijk deel van het restafval bestaat uit luiers. In Nederland wordt naar schatting zeker 160 miljoen kilo aan luiers verbrand (de luiers zelf zijn circa ¼ van dit gewicht). In Enkhuizen is de schatting dat circa 8% van het fijn huishoudelijk restafvalgewicht uit luierafval bestaat. Er zijn meerdere luierrecyclingsprojecten ondernomen in het land, waarvan er weinig geslaagd zijn. Aangezien maar een relatief klein deel van deze stroom recyclebare materialen bezit (grootste deel is urine en feces) is recycling beperkt mogelijk en wordt vooral ingezet op het omzetten tot biogas. Probleem bij de verwerking is o.m.
de afzetmarkt van vrijkomende stoffen, de benodigde energie voor de hoge temperaturen voor het doden van ziekteverwekkers en medicijnresten en het organiseren van een aparte inzamelinfrastructuur. Er lopen verschillende initiatieven, waaronder bij ARN, Omrin en Renewi. Vanuit milieu- en kostenoogpunt (de kosten wegen niet op tegen de beperkte milieuopbrengst) is het (nog) niet wenselijk om over te gaan op luierrecycling. Momenteel is de gemeente in overleg met HVC voor een eventueel pilotproject.
8 / 22
4.3 Peilvragen Vraag: Is de raad geïnteresseerd om een pilotproject omtrent luierrecycling verder te inventariseren?
9 / 22
5. Scenario’s Binnenstad Het college wil peilen welk scenario zij als richtinggevend kan gebruiken voor uitwerking van het Afvalbeleidsplan. Omdat de aard van de bebouwing in de binnenstad anders is dan in Noord, worden de keuzes voor de twee gebieden opgesplitst. In dit hoofdstuk worden drie richtinggevende scenario’s voor de binnenstad uiteengezet en beoordeeld. 5.1 Scenario’s Zoals we hebben gezien in het vorige hoofdstuk is de afvalmarkt sterk in ontwikkeling. Om het afvalbeheer betaalbaar te houden en te komen tot zo veel mogelijk afvalscheiding is het belangrijk een consistent systeem te ontwikkelen. In dit hoofdstuk worden voor de binnenstad de mogelijkheden voor optimalisatie van het huidige systeem (scenario 1 & 2) en verdere optimalisatie met een recycletarief (scenario 3) uiteengezet en beoordeeld. De scenario’s zijn richtinggevend en nog geen definitieve keuzes voor het Afvalbeleidsplan. 5.2 Hoe ziet de inzameling er nu uit? In de binnenstad worden de stromen restafval en PBD overwegend met zakken ingezameld. Op de meeste locaties is het niet mogelijk om GFT/e apart aan te bieden. Papier wordt één keer in de twee weken ingezameld door verenigingen. Het glas wordt ingezameld in containers op wijkniveau. In Enkhuizen is sprake van een vlaktarief met een differentiatie in eenpersoons- en meerpersoonshuishoudens.
Tabel 5.1: Huidige inzameling binnenstad hoofdstromen fijn huishoudelijk afval Stroom Restafval GFT/e PBD Glas Papier
Inzameling Overwegend zakken Veelal niet Overwegend zakken Wijkcontainers Verenigingen
Frequentie 1 keer per week N.v.t. 1 keer per 4 weken Doorlopend 1 keer per 2 weken
5.3 Scenario 1: Huidige systeem voortzetten met lichte optimalisatie Het is mogelijk om een aantal lichte optimalisaties door te voeren in het huidige inzamelsysteem: 1. Verbeteren textielinzameling 2. Verbeteren glasinzameling 3. Communicatie en afvalcoaching Verbeteren textielinzameling Textiel is een waardevolle stroom; het genereert opbrengsten voor de gemeente. Ook vanuit milieuoogpunt is het een belangrijke stroom aangezien de textielproductie vervuilend is. We zien echter dat nog veel van het textiel in het restafval verdwijnt. Daarnaast is er eveneens sprake van vervuiling van het apart ingezamelde textiel, waardoor vrachten worden afgekeurd. Door te focussen op de kwantiteit en kwaliteit van deze stroom, wordt op milieugebied winst behaald. Verbeteren glasinzameling Een deel van het glas belandt nog in het restafval. Door op verschillende locaties (veelal winkelgebieden) extra glascontainers te plaatsen, wordt meer glas apart ingezameld en het restafval verminderd. Doordat de gemeente een vergoeding ontvangt voor de glasverwerking heeft dit een positief effect op de verwerkingskosten.
10 / 22
Communicatie & afvalcoaching Door het inzetten van gerichte communicatie en afvalcoaching weten inwoners beter te scheiden en ontstaat minder afkeur van stromen zoals PBD en GFT/e. Hoe ziet het eruit? Met uitvoering van deze optimalisaties wijzigt er niets in de inzameling van de hoofdstromen. Tabel 5.2: Scenario 1 binnenstad inzameling hoofdstromen fijn huishoudelijk afval Stroom Restafval GFT/e PBD Glas Papier
Inzameling Overwegend zakken Veelal niet Overwegend zakken Wijkcontainers Verenigingen
Frequentie 1 keer per week N.v.t. 1 keer per 4 weken Doorlopend 1 keer per 2 weken
5.4 Scenario 2: optimalisaties in huidig systeem Om binnen het huidige systeem tot verdere afvalscheiding en kostenbeheersing te komen wordt in het tweede scenario een aantal verdere maatregelen toegepast. Allereerst worden de maatregelen uit het eerste scenario toegepast: 1. Verbeteren textielinzameling 2. Verbeteren glasinzameling 3. Communicatie en afvalcoaching In dit tweede scenario komen daarboven op: 4. 5. 6. 7.
Plaatsen ondergrondse containers voor restafval en PBD Verbeteren GFT/e inzameling Papierinzameling aanpassen Weren bedrijfsmatig afval (in combinatie met oc’s)
Plaatsen ondergrondse containers voor restafval en PBD In plaats van de zakkeninzameling worden de stromen restafval én PBD ingezameld via ondergrondse containers op wijkniveau. Het PBD wordt via nascheiding uit het restafval gehaald. Inwoners moeten verder lopen, maar kunnen altijd bij de voorziening terecht. Ook verdwijnt de aparte inzameling van PBD, zijn er minder vervoersbewegingen en verdwijnt de vuilniszak, met het daarbij behorende zwerfvuil, uit het straatbeeld. GFT/e inzameling verbeteren Het restafval bestaat nog uit een aanzienlijk deel GFT/e (65 kg, voornamelijk etensresten, per inwoner per jaar in 2019), waardoor er een goede stap gemaakt kan worden richting meer afvalscheiding. In de binnenstad zien we goede mogelijkheden om de GFT/e-inzameling te verbeteren, door onder meer voorzieningen op wijkniveau te plaatsen en de inzet van voorlichting en communicatie. Papierinzameling aanpassen Met het dalen van de papieropbrengsten (zie hoofdstuk 3) is de inzameling van papier een kostenpost geworden. Verkend wordt of het mogelijk is de inzameling één keer in de vier weken (nu één keer in de twee weken) plaats te laten vinden, de vergoeding te verbinden aan de
11 / 22
papierprijs en het invoeren van een ja/ja sticker. Keuzes m.b.t. dit onderwerp worden vóór behandeling van het uiteindelijke Afvalbeleidsplan apart aangeboden in een raadsvoorstel. Bedrijfsmatig afval weren In de binnenstad komt nog veel bedrijfsmatig afval terecht bij het huishoudelijk afval. Aangezien de gemeente per ton verwerkt afval betaalt, worden deze kosten doorberekend aan inwoners. Dit is niet wenselijk. Door het bedrijfsmatige afval te weren uit de huishoudelijk inzameling (geen toegang tot de ondergrondse containers en handhaving) worden kosten bespaard. Communicatie & afvalcoaching Door het inzetten van gerichte communicatie en afvalcoaching weten inwoners beter te scheiden en ontstaat minder afkeur van stromen zoals PBD en GFT/e. Hoe ziet het eruit? De inzameling van restafval en PBD vindt plaats met ondergrondse containers, waarmee de vuilniszak uit het straatbeeld verdwijnt en PBD niet meer gescheiden hoeft te worden. GFT/e wordt ingezameld via containers op wijkniveau. Voor oud papier gaan we er van uit dat deze wordt teruggebracht naar één keer in de vier weken. De glas inzameling blijft op wijkniveau. Door middel van communicatie en afvalcoaching wordt extra aandacht besteed aan de kwantiteit en kwaliteit van de verschillende afvalstromen.
De inzameling van de hoofdstromen ziet er uit als volgt uit: Tabel 5.3: Scenario 2 inzameling binnenstad hoofdstromen fijn huishoudelijk afval Stroom Restafval GFT/e PBD Glas Papier
Inzameling Ondergrondse containers Containers op wijkniveau Bij restafval Wijkcontainers Verenigingen
Frequentie Doorlopend* Doorlopend* Doorlopend* Doorlopend 1 keer per 4 weken**
* Wijziging ten opzichte van huidige inzameling ** Afhankelijk van keuzes (apart raadsvoorstel) 5.5 Scenario 3: Optimalisatie met recycle-tarief Het is mogelijk een stap verder te zetten in de kostenbeheersing en milieudoelstellingen door het invoeren van een recycle-tarief (prijsprikkel op restafval). Uit landelijke gegevens weten we dat dit leidt tot betere scheidingsresultaten en gemiddeld eveneens tot lagere afvalbeheerkosten. Inwoners betalen, net als bij nutsvoorzieningen, een vast deel per jaar en een variabel deel per aanbieding fijn huishoudelijk restafval en kunnen met beter scheiden hun kosten omlaag brengen. Daarmee krijgen inwoners zelf invloed op de hoogte van de afvalstoffenheffing.2 In de bijlage is meer informatie te vinden over het recycle-tarief. De optimalisaties van scenario 1 en 2 zijn hier eveneens van toepassing, te weten: 1. 2. 3. 4. 5.
Verbeteren textielinzameling Verbeteren glasinzameling Communicatie en afvalcoaching Plaatsen ondergrondse containers voor restafval en PBD Plaatsen GFT/e containers
2
We weten van andere gemeenten in het land dat een dergelijk recycle-tarief kan leiden tot meer dumpingen. Dit effect is doorgaans beperkt, maar om ontwijkgedrag te beheersen is zeker de eerste twee jaar extra inzet op het gebied van afvalcoaching en handhaving nodig.
12 / 22
6. Papierinzameling aanpassen 7. Weren bedrijfsmatig afval (in combinatie met oc’s) Verbreding openingstijden ABS & ophaal grof afval tegen betaling Bij dit scenario past tevens een wijziging in de ophaal van grof afval. Grof afval kan in de huidige situatie gratis opgehaald worden. Dit is echter niet gratis, omdat de kosten worden opgenomen in de afvalstoffenheffing. Daarnaast wordt grof afval niet gescheiden opgehaald. Een tarief wordt ingevoerd voor het aan huis ophalen van grof vuil en de openingstijden van het afvalbrengstation verruimd. Bovenop de genoemde maatregelen komen dus de eveneens volgende: 8. Recycletarief invoeren 9. Verbreding openingstijden ABS & ophaal grof afval tegen betaling Hoe ziet het er uit? De inzameling van restafval en PBD vindt plaats met ondergrondse containers, waarmee de vuilniszak uit het straatbeeld verdwijnt en PBD niet meer gescheiden ingezameld hoeft te worden. Het GFT/e wordt via verzamelcontainers op wijkniveau ingezameld. Het papier wordt één keer in de vier weken ingezameld en het glas in containers op wijkniveau. De afvalstoffenheffing bestaat uit een vast en een variabel deel. Het variabele deel is afhankelijk van hoe vaak restafval wordt aangeboden. Tabel 5.4: Scenario 3 inzameling binnenstad hoofdstromen fijn huishoudelijk afval Stroom Restafval GFT/e PBD Glas Papier
Inzameling Ondergrondse containers Containers op wijkniveau Bij restafval Wijkcontainers Verenigingen
Frequentie Doorlopend* Doorlopend* Doorlopend* Doorlopend 1 keer per 4 weken**
* Wijziging ten opzichte van huidige inzameling ** Afhankelijk van keuzes (apart raadsvoorstel) 5.6 Beoordeling scenario’s In deze paragraaf worden de drie scenario’s voor de binnenstad beoordeeld. Zie bijlage voor verdere onderbouwing van de maatregelen (pagina 5, 6 en 7), de ingeschatte effecten van de scenario’s (pagina 14 en 15), bron- en nascheiding (pagina 16 en 17) ende bijbehorende beslisboom (pagina 3). De beoordelingen zijn gebaseerd op een globale inschatting o.b.v. expertise van HVC. Scenario 1: Huidige systeem voortzetten met lichte optimalisaties Scenario 1: Huidige systeem voortzetten met lichte optimalisaties In dit scenario wordt uitgegaan van aparte inzameling van restafval en PBD (bronscheiding). Ervan uitgaande dat in Noord hetzelfde scenario wordt gekozen stijgen de kosten voor het afvalbeheer met € 20 - € 25 per woonhuisaansluiting door algemene ontwikkelingen (zie hoofdstuk 3) en blijft het restafval op 215 kg per inwoner per jaar. Dit scenario past binnen de optimalisatie van het huidige systeem, zoals eerder besloten door de raad. De kostenbeheersing wordt beperkt behaald, de VANG-doelstelling niet.
13 / 22
Tabel 5.5: Beoordeling scenario 1 binnenstad Aanpassing 1. Verbeteren textielinzameling 2. Verbeteren glasinzameling 3. Communicatie en afvalcoaching
Milieu (VANGDoelstelling) 0/+ + +
Kosten 0 0
- - = veel lager, - = lager, 0 = neutraal, + hoger, ++ veel hoger * Een ‘-’ betekent hier dat het positief is voor de kostenbeheersing (goedkoper); een ‘+‘ betekent negatief (duurder) Scenario 2: optimalisaties in huidig systeem In dit scenario wordt uitgegaan van nascheiding van PBD uit het restafval (zie toelichting in de bijlage). Ervan uitgaande dat in Noord hetzelfde scenario wordt gekozen stijgen de kosten voor het afvalbeheer met € 20 - € 25 per woonhuisaansluiting door algemene ontwikkelingen (zie hoofdstuk 3) plus een extra € 20 - € 25 per woonhuisaansluiting voor de maatregelen. Het restafval daalt licht naar 205 kg per inwoner per jaar. Bij dit scenario wordt aangesloten op eerdere besluitvorming van de raad. Kostenbeheersing en VANG-doelstelling worden niet gehaald. Tabel 5.6: Beoordeling scenario 2 binnenstad Aanpassing 4. Plaatsen ondergrondse containers voor restafval en PBD 5. Plaatsen GFT/e containers 6. Papierinzameling aanpassen 7. Weren bedrijfsmatig afval (in combinatie met oc’s)
Milieu (VANGDoelstelling) 0
Kosten
+ 0 +
++ 0/0/-
0/-
- - = veel lager, - = lager, 0 = neutraal, + hoger, ++ veel hoger * Een ‘-’ betekent hier dat het positief is voor de kostenbeheersing (goedkoper); een ‘+‘ betekent negatief (duurder) Scenario 3: Optimalisatie met recycle-tarief In dit scenario wordt uitgegaan van nascheiding van PBD uit het restafval (zie toelichting in de bijlage). Ten opzichte van huidige systeem voortzetten (stijging van € 20 tot € 25) dalen de kosten met € 5 tot € 10 per woonhuisaansluiting. Het restafval daalt tot circa 120 kg per inwoner per jaar. Bij dit scenario wordt afgeweken van eerdere besluitvorming van de raad. Kostenbeheersing en VANG-doelstelling worden gehaald.
14 / 22
Tabel 5.7: Beoordeling scenario 3 binnenstad Aanpassing 8. Recycletarief invoeren 9. Grof vuil tegen betaling / openingstijden ABS verruimen
Milieu (VANGDoelstelling) ++
Kosten
+
-
0/-
- - = veel lager, - = lager, 0 = neutraal, + hoger, ++ veel hoger * Een ‘-’ betekent hier dat het positief is voor de kostenbeheersing (goedkoper); een ‘+‘ betekent negatief (duurder) 5.7 Peilvragen Vraag: Welk scenario kiest de raad voor de binnenstad? Vraag: Bij keuze voor scenario 2 of 3, gaat de raad akkoord met nascheiding (restafval en PBD)?
15 / 22
6. Scenario’s Noord Zoals eerder aangegeven is de bebouwing in Noord anders dan in de binnenstad. Het college wil daarom apart voor Noord peilen welk scenario uitgewerkt moeten worden in het Afvalbeleidsplan. In dit hoofdstuk worden de drie scenario’s, optimalisaties in het huidige systeem (scenario 1 en 2) en optimalisatie met een recycle-tarief (scenario 3) voor Noord, uiteengezet en beoordeeld. Het college gebruikt het gekozen scenario als richting voor de uitwerking van het Afvalbeleidsplan. 6.1 Scenario’s Zoals we in hoofdstuk 3 hebben gezien is de afvalmarkt sterk in ontwikkeling. Om het afvalbeheer betaalbaar te houden en te komen tot zo veel mogelijk afvalscheiding is het belangrijk een consistent systeem te ontwikkelen. In dit hoofdstuk worden voor Noord de mogelijkheden voor optimalisaties in het huidige systeem (scenario 1 en 2) en optimalisaties met een recycle-tarief (scenario 3) uiteengezet en beoordeeld. De verschillende optimalisaties zijn in het vorige hoofdstuk toegelicht, maar voor de leesbaarheid en helderheid worden de toelichtingen in dit hoofdstuk herhaald en, waar van toepassing, toegespitst op Noord. 6.2 Hoe ziet de inzameling er nu uit? In Noord wordt het restafval, PBD en GFT/e overwegend met containers huis-aan-huis opgehaald. Papier wordt één keer in de twee weken ingezameld door verenigingen. Het glas wordt ingezameld in containers op wijkniveau.
In Enkhuizen is sprake van een vlaktarief met een differentiatie in eenpersoons- en meerpersoonshuishoudens. Tabel 6.1: Huidige inzameling Noord hoofdstromen fijn huishoudelijk afval Stroom Restafval GFT/e PBD Glas Papier
Inzameling Overwegend rolcontainers aan huis Overwegend rolcontainers aan huis Overwegend rolcontainers aan huis Containers op wijkniveau Verenigingen
Frequentie 1 keer per 4 weken 1 keer per 2 weken 1 keer per 4 weken Doorlopend 1 keer per 2 weken
6.3 Scenario 1: Huidige systeem voortzetten met lichte optimalisatie Het is mogelijk om een aantal optimalisaties door te voeren in de huidige inzameling: 1. 2. 3. 4.
Verbeteren GFT/e inzameling Verbeteren textielinzameling Verbeteren glasinzameling Communicatie en afvalcoaching
GFT/e inzameling verbeteren Het restafval bestaat nog uit een aanzienlijk deel GFT/e (65 kg, voornamelijk etensresten, per inwoner per jaar in 2019), waardoor er met deze stroom een goede stap gemaakt kan worden richting meer afvalscheiding. In Noord zien we mogelijkheden om de GFT/e-inzameling te verbeteren door onder meer bij appartementencomplexen containers te plaatsen, wegbrengen van tuinafval naar het afvalbrengstation te promoten en de inzet van voorlichting en communicatie.
16 / 22
Verbeteren textielinzameling Textiel is waardevolle stroom; het genereert opbrengsten voor de gemeente. Ook vanuit milieuoogpunt is het een belangrijke stroom aangezien de textielproductie vervuilend is. We zien echter dat nog veel van het textiel in het restafval verdwijnt. Daarnaast is er eveneens sprake van vervuiling van het apart ingezamelde textiel, waardoor vrachten worden afgekeurd. Door te focussen op de kwantiteit en kwaliteit van deze stroom, wordt op milieugebied winst behaald. Verbeteren glasinzameling Een deel van het glas belandt nog in het restafval. Door op verschillende locaties (veelal winkelgebieden) extra glascontainers te plaatsen, wordt meer glas apart ingezameld. Doordat de gemeente een vergoeding ontvangt voor de glasverwerking heeft dit een positief effect op de verwerkingskosten. Communicatie & afvalcoaching Door het inzetten van gerichte communicatie en afvalcoaching weten inwoners beter te scheiden en ontstaat minder afkeur van stromen zoals PBD en GFT/e. Hoe ziet het eruit? Met uitvoering van deze optimalisaties wijzigen de hoofdlijnen van de inzameling niet. Tabel 6.2: Scenario 1 Noord hoofdstromen fijn huishoudelijk afval Stroom Restafval GFT/e PBD Glas Papier
Inzameling Overwegend rolcontainers aan huis Overwegend rolcontainers aan huis Overwegend rolcontainers aan huis Containers op wijkniveau Verenigingen
Frequentie 1 keer per 4 weken 1 keer per 2 weken 1 keer per 4 weken Doorlopend 1 keer per 2 weken
6.4 Scenario 2: optimalisaties in huidig systeem Om binnen het huidige systeem tot verdere afvalscheiding en kostenbeheersing te komen wordt in het tweede scenario een aantal verdere maatregelen toegepast. Allereerst de maatregelen uit het eerste scenario: 1. 2. 3. 4.
GFT/e inzameling verbeteren Verbeteren textielinzameling Verbeteren glasinzameling Communicatie en afvalcoaching
In dit tweede scenario komen daarboven op: 5. Weren bedrijfsmatig afval 6. Papierinzameling aanpassen Bedrijfsmatig afval weren We zien nog veel bedrijfsmatig afval bij het huishoudelijk afval. Aangezien de gemeente per ton verwerkt afval betaalt, worden deze kosten doorberekend aan inwoners. Dit is niet wenselijk. Door het bedrijfsmatige afval te weren, onder meer door restafvalcontainers te chippen en handhaving, worden kosten bespaard.
17 / 22
Papierinzameling aanpassen Met het dalen van de papieropbrengsten is de inzameling van papier een kostenpost geworden. Verkend wordt of het mogelijk is de inzameling één keer in de vier weken (nu één keer in de twee weken) plaats te laten vinden, de vergoeding te verbinden aan de papierprijs en het plaatsen van containers op wijkniveau. Keuzes m.b.t. dit onderwerp worden u apart aangeboden in een raadsvoorstel. Hoe ziet het eruit? De inzameling van restafval, GFT/e en PBD via minicontainers wordt gecontinueerd. Voor het oud papier gaan we er van uit dat deze wordt teruggebracht naar één keer in de vier weken. De glas inzameling blijft op wijkniveau ingezameld. Door middel van communicatie en afvalcoaching wordt extra aandacht besteed aan de kwantiteit en kwaliteit van de verschillende afvalstromen. De inzameling van de hoofdstromen ziet er uit als volgt uit: Tabel 6.3: Scenario 2 Noord hoofdstromen fijn huishoudelijk afval Stroom Restafval GFT/e PBD Glas Papier
Inzameling Overwegend rolcontainers aan huis Overwegend rolcontainers aan huis Overwegend rolcontainers aan huis Containers op wijkniveau Verenigingen
Frequentie 1 keer per 4 weken 1 keer per 2 weken 1 keer per 4 weken Doorlopend 1 keer per 4 weken*/**
* Wijziging ten opzichte van huidige inzameling ** Afhankelijke van latere keuzes 6.5 Scenario 3: Optimalisatie met recycle-tarief Het is mogelijk een stap verder te zetten in de kostenbeheersing en milieudoelstellingen door het invoeren van een recycle-tarief. Uit landelijke gegevens weten we dat dit leidt tot betere scheidingsresultaten en gemiddeld eveneens tot lagere afvalbeheerkosten. Inwoners betalen, net als bij nutsvoorzieningen, een vast deel per jaar en een variabel deel per aanbieding fijn huishoudelijk restafval en kunnen met beter scheiden hun kosten omlaag brengen. Daarmee krijgen inwoners zelf invloed op de hoogte van de afvalstoffenheffing.3 Rolcontainers Omdat in Noord een goede inzamelstructuur bestaat wordt in dit scenario, in tegenstelling tot de binnenstad, het recycletarief ingevoerd met rolcontainers. Hiervoor worden de containers gechipt. Het is eventueel ook mogelijk om ondergrondse containers te plaatsen, zie voor toelichting en effecten de bijlage. De optimalisaties van scenario 1 en 2 zijn hier eveneens van toepassing, te weten: 1. GFT/e inzameling verbeteren 2. Verbeteren textielinzameling 3. Verbeteren glasinzameling 3
We weten van andere gemeenten in het land dat een dergelijk recycle-tarief kan leiden tot meer dumpingen. Dit effect is doorgaans beperkt, maar om ontwijkgedrag te beheersen is zeker de eerste twee jaar extra inzet op het gebied van afvalcoaching en handhaving nodig.
18 / 22
4. Communicatie en afvalcoaching 5. Weren bedrijfsmatig afval 6. Papierinzameling aanpassen Verbreding openingstijden ABS & ophaal grof afval tegen betaling In dit scenario is het ook logisch om een extra focus te leggen op grof afval. Grof afval kan in de huidige situatie gratis opgehaald worden. Dit is echter niet gratis, omdat de kosten vervolgens worden opgenomen in de afvalstoffenheffing. Daarnaast wordt grof afval niet gescheiden opgehaald. Een tarief wordt ingevoerd voor het aan huis ophalen van grof vuil en de openingstijden van het afvalbrengstation worden verruimd. Hiermee komen we op de volgende maatregelen: 7. Recycletarief invoeren 8. Verbreding openingstijden ABS & ophaal grof afval tegen betaling Hoe ziet het er uit? De inzameling van restafval, GFT/e en PBD via minicontainers wordt gecontinueerd. De inzameling van oud papier is afhankelijk van latere keuzes. Voor de beoordeling gaan we er van uit dat deze wordt teruggebracht naar één keer in de vier weken. De glas inzameling blijft op wijkniveau ingezameld. Door middel van communicatie en afvalcoaching wordt extra aandacht besteed aan de kwantiteit en kwaliteit van de verschillende afvalstromen. De afvalstoffenheffing bestaat uit een vast en een variabel deel. Het variabele deel is afhankelijk van hoe vaak restafval wordt aangeboden.
De inzameling van de hoofdstromen ziet er uit als volgt uit: Tabel 6.4: Scenario 3 Noord hoofdstromen fijn huishoudelijk afval Stroom Restafval GFT/e PBD Glas Papier
Inzameling Overwegend rolcontainers aan huis Overwegend rolcontainers aan huis Overwegend rolcontainers aan huis Wijkcontainers Verenigingen
Frequentie 1 keer per 4 weken 1 keer per 2 weken 1 keer per 4 weken Doorlopend 1 keer per 4 weken**
* Wijziging ten opzichte van huidige inzameling ** Afhankelijke van latere keuzes 6.6 Beoordeling In deze paragraaf worden de drie scenario’s voor Noord beoordeeld. Zie bijlage voor verdere onderbouwing van de maatregelen (pagina 8 t/m 13), de ingeschatte effecten van de scenario’s (pagina 14 en 15), bron- en nascheiding (pagina 16 en 17) en een bijbehorende beslisboom (pagina 4). De beoordelingen zijn gebaseerd op een globale inschatting o.b.v. expertise van HVC. Scenario 1: Huidige systeem voortzetten met lichte optimalisatie In dit scenario wordt uitgegaan van aparte inzameling van restafval en PBD (bronscheiding). Ervan uitgaande dat in de binnenstad hetzelfde scenario wordt gekozen stijgen de kosten voor het afvalbeheer met € 20 - € 25 per woonhuisaansluiting door algemene ontwikkelingen (zie hoofdstuk 3) en blijft het restafval op 215 kg per inwoners per jaar. Dit scenario past binnen de optimalisatie van het huidige systeem, zoals eerder besloten door de raad. De kostenbeheersing wordt beperkt behaald, de VANG-doelstelling niet.
19 / 22
Tabel 6.5: Beoordeling scenario 1 Noord Aanpassing
Kosten
1. GFT/e inzameling verbeteren
Milieu (VANGDoelstelling) 0/+
2. Verbeteren textielinzameling 3. Verbeteren glasinzameling 4. Communicatie en afvalcoaching
0/+ + +
0
0/-
- - = veel lager, - = lager, 0 = neutraal, + hoger, ++ veel hoger * Een ‘-’ betekent hier dat het positief is voor de kostenbeheersing (goedkoper); een ‘+‘ betekent negatief (duurder) Scenario 2: optimalisaties in huidig systeem In dit scenario wordt uitgegaan van het continueren van de inzameling met rolcontainers (zie bijlage voor beoordeling met ondergrondse containers). Ervan uitgaande dat in de binnenstad eveneens voor scenario 2 wordt gekozen, stijgen de kosten voor het afvalbeheer met € 20 - € 25 per woonhuisaansluiting door algemene ontwikkelingen (zie hoofdstuk 3) plus een extra € 20 - € 25 per woonhuisaansluiting voor de maatregelen. Het restafval daalt licht naar 205 kg per inwoner per jaar. Bij dit scenario wordt aangesloten op eerdere besluitvorming van de raad. Kostenbeheersing en VANG-doelstelling worden niet gehaald. Tabel 6.6: Beoordeling scenario 2 Noord Aanpassing 5. Weren bedrijfsmatig afval (in combinatie met oc’s) 6. Papierinzameling aanpassen
Milieu (VANGDoelstelling) 0
Kosten
0/+
0/+
+
- - = veel lager, - = lager, 0 = neutraal, + hoger, ++ veel hoger * Een ‘-’ betekent hier dat het positief is voor de kostenbeheersing (goedkoper); een ‘+‘ betekent negatief (duurder) Scenario 3: Optimalisatie met recycle-tarief In dit scenario wordt uitgegaan van het continueren van de inzameling met rolcontainers (zie bijlage voor beoordeling met ondergrondse containers). Ten opzichte van het huidige systeem voortzetten dalen de kosten met € 5 tot € 10 per woonhuisaansluiting. Het restafval daalt tot circa 120 kg per inwoner per jaar. Bij dit scenario wordt afgeweken van eerdere besluitvorming van de raad. Kostenbeheersing en VANG-doelstelling worden gehaald.
20 / 22
Tabel 6.7: Beoordeling scenario 3 Noord Aanpassing 7. Recycletarief invoeren 8. Grof vuil tegen betaling / openingstijden ABS verruimen
Milieu (VANGDoelstelling) ++ +
Kosten 0/0/-
- - = veel lager, - = lager, 0 = neutraal, + hoger, ++ veel hoger * Een ‘-’ betekent hier dat het positief is voor de kostenbeheersing (goedkoper); een ‘+‘ betekent negatief (duurder) 6.7 Peilvragen Vraag: Welk scenario kiest de raad voor Noord? Vraag: Gaat de raad akkoord met bronscheiding (restafval en PBD) voor Noord?
21 / 22
7. Conclusie en advies De raad wordt gevraagd om, door middel van het beantwoorden van de vragen, richting te geven aan het Afvalbeleidsplan. Hierbij vindt het college het eveneens van belang welke opmerkingen en aandachtspunten de raad meegeeft voor de uitwerking. De voorliggende vragen zijn als volgt: 1. Is de raad geïnteresseerd om een pilotproject omtrent luierrecycling verder te inventariseren? 2. Welke scenario kiest de raad voor de binnenstad? 3. Gaat de raad akkoord met nascheiding (restafval en PBD) voor de binnenstad? 4. Welk scenario kiest de raad voor Noord? 5. Gaat de raad akkoord met bronscheiding (restafval en PBD) voor Noord? 6. Welke opmerkingen en aandachtspunten geeft de raad mee voor de uitwerking van het Afvalbeleidsplan? Daarbij worden de volgende adviezen gegeven: Samenhang De keuzes in scenario’s voor de binnenstad en Noord kunnen los van elkaar gemaakt worden. Wel is het wenselijk de afvalstoffenheffing op dezelfde wijze in rekening te brengen. Dit betekent in binnenstad en Noord een recycle-tarief (flexibel tarief) of beide wijken zonder recycle-tarief (vlak tarief). Regio Niet alleen in Enkhuizen wordt gewerkt aan nieuw afvalbeleid. Ook in de omliggende gemeenten wordt momenteel gewerkt aan nieuwe maatregelen. Hierbij kunnen de verschillende gemeenten hun eigen keuzes maken om te komen tot een zo optimaal mogelijk beleid.
Bij een eventuele keuze voor een recycletarief is het wenselijk dit in samenwerking met de regio gemeenten te doen. Planning Afhankelijk van welke beleidskeuzes worden gemaakt, wordt een planning opgesteld. De maatregelen vanuit de scenario 1 kunnen direct ingezet worden. Wordt gekozen voor scenario 2, dan kan uitgegaan worden van 1,5 jaar doorlooptijd. Wordt gekozen voor scenario 3, dan moet rekening gehouden worden met een doorlooptijd van circa 2 jaar.
22 / 22